RIS316662 Beantwoording SV Haagse huisjes
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
12 december 2023
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de heren Noorlander en Groenewold, luidend: ‘Haagse huisjes’
DSO/10655343 RIS316662
De raadsleden de heren Noorlander en Groenewold hebben op 29 september 2023 een brief met daarin zes vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. De energietransitie en nieuwbouwprojecten gaan ook effect hebben op de buitenruimte. Er zullen veel installaties in de buitenruimte worden neergezet, zoals transformatorhuisjes en -kastjes om de stroomvoorziening op peil te houden, net als dat dit in andere regio’s al gebeurt of gaat gebeuren. 1 Wanneer deze transformatorstations zomaar in de buitenruimte worden geplaatst kan dit het straatbeeld rommeliger maken. D66 ziet graag dat met deze noodzakelijke ingrepen tegelijkertijd wordt gedacht over een mooie buitenruimte. Het kiezen voor een karakteristieke stijl van nieuwe transformatorhuisjes en -kastjes kan hieraan bijdragen. 1.
Deelt het college met D66 de verwachting dat in de komende jaren het aantal transformatorstations aanzienlijk zal toenemen in Den Haag?
Het college is bekend met de grote opgave die er ten aanzien van de verzwaring van het elektriciteitsnetwerk de komende jaren nodig is. Als gevolg van de snel en sterk groeiende vraag naar elektriciteit moet het hele Haagse netwerk, van hoogspanning tot laagspanning, worden uitgebreid en verzwaard. Netbeheerder Stedin heeft contact met de gemeente gezocht om deze opgave gezamenlijk op te pakken. De uitbreiding en verzwaring van het netwerk heeft een grote impact op de openbare ruimte. Daarvoor wordt zoveel mogelijk gezocht naar inpandige ruimte. Echter is de verwachting dat dit niet overal zal lukken, waardoor in iedere wijk ook openbare ruimte nodig zal zijn om de transformatorstations te kunnen plaatsen. 2.
Hoeveel transformatorstations zullen er naar verwachting bij komen in Den Haag de komende jaren?
Het gaat over de periode tot 2050 om de toevoeging van ruim 500 nieuwe trafostations in de bestaande stad. Dit is naast de benodigde uitbreiding van het netwerk met middenspanningsstations. De komende 3 jaar zullen hiervoor verschillende projecten van start gaan. 3.
Vindt het college het net als D66 belangrijk dat deze stations passend gemaakt worden voor de Haagse buitenruimte?
Het college is van mening dat de ruimtelijke kwaliteit van de stad zeer belangrijk is en vindt dat voor deze stations een goede ruimtelijke inpassing uitgangspunt moet zijn waarbij de bestaande situatie, de landschappelijke of stedenbouwkundige positionering en aspecten van leefbaarheid meewegen.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10655343
Een passende uitstraling is hierbij van belang. Ook is het van belang dat de stedelijke groene hoofdstructuur niet wordt aangetast. 4.
Welke afspraken zijn er nu met Stedin over het uiterlijk van transformatorstations in Den Haag?
Op dit moment zijn er geen afspraken gemaakt met Stedin over het uiterlijk van de transformatorstations. De inpassing van nieuwe transformatorstations vindt nu in goed overleg en afstemming plaats. Het geldende uitgangspunt is dat de stations eerst inpandig wordt gerealiseerd en als dit niet lukt goed ingepast worden in de openbare ruimte. Stedin heeft aangegeven dat voor de grote uitrol van nieuwe transformatorstations in principe gebruik te willen maken van een standaardmodel. Het gaat om een uniform standaardmodel dat binnen het gehele verzorgingsgebied van Stedin wordt gebruikt. 5.
Ziet het college kansen om voor nieuwe transformatorstations een ‘Haagse huisstijl’ te ontwikkelen, die zorgt voor uiterlijke kenmerken die bijdragen aan de uitstraling van de buitenruimte?
We gaan met Stedin in gesprek om de transformatorstations op een gepaste wijze in Den Haag geplaatst te krijgen. Een eenduidige huisstijl voor de hele stad ligt niet voor de hand vanwege het verschil in karakter van verschillende gebieden want inpassing in bijvoorbeeld historisch stedelijk gebied, de wederopbouwwijken of meer landschappelijke situaties vraagt om een eigen antwoord. Waarbij ook de herkenbaarheid van de functie van de stations ook een onderdeel van een “eigen stijl” is. 6.
Is het college bereid om uiterlijk Q1 2024 met een voorstel aan de raad hiervoor te komen?
Het college is bereid om op korte termijn met een voorstel te komen waarin de verschillende aspecten, zoals capaciteit en middelen zijn opgenomen. Het plaatsen van trafostations staat niet op zichzelf. Ook voor drinkwater en warmtesystemen komen steeds meer ruimtevragen naar de gemeente. In lijn met de gewenste en noodzakelijke regie op de ondergrond en het stadsbeeld zijn ambtelijk de eerste gesprekken met Stedin en andere netbeheerders hierover gevoerd. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de locoburgemeester, Ilma Merx
Robert van Asten