RIS316298 Beantwoording SV Inkomensafhankelijke boetes herzien
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
22 september 2023
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de dames Faid, Holman, Arp, Butt en de heer Smit, luidend: ‘Inkomensafhankelijke boetes’
DSB/10598116 RIS316298
De raadsleden de dames Faid, Holman, Arp, Butt en de heer Smit hebben op 7 augustus 2023 een brief met daarin vijf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Naar aanleiding van het artikel van het Parool over inkomensafhankelijke boetes heeft de Haagse Stadspartij enkele vragen met betrekking tot inkomensafhankelijke boetes in Den Haag. 1.
Is het college bekend met het artikel van het Parool over inkomensafhankelijke boetes?
Ja, het college is hiermee bekend. 2.
Is het college op de hoogte van het onderzoek van hoogleraar Giuseppe Dari-Mattiacci en zijn bevindingen over het boetesysteem en ongelijkheid? Zo ja, hoe kijkt het college hiernaar?
Het college is bekend met het gepubliceerde artikel van hoogleraar Giuseppe Dari-Mattiacci. Het college is zich ervan bewust dat een systeem met inkomensafhankelijke boetes ervoor zorgt dat het straffend effect van boetes voor iedereen gelijk is. Het college is zich er ook van bewust dat boetes naast financiële gevolgen ook grote(re) mentale gevolgen kunnen hebben voor mensen met een lager inkomen in vergelijking met mensen met een hoger inkomen. Op dit moment zijn er verschillende mogelijkheden voor mensen die moeite hebben hun boete te betalen. Zo kunnen mensen een betalingsregeling treffen of mensen die door schulden hun boetes niet kunnen betalen, kunnen in aanmerking komen voor een noodstop. En als mensen een minnelijk schuldhulpverlening traject succesvol doorlopen, worden restanten van eventuele verkeersboetes na afloop niet meer geïnd. 3.
Is het college bekend met de dagboete die in verschillende Europese landen wordt gehanteerd? Zo ja, wat is het standpunt van het college omtrent het invoeren van de dagboetes in Den Haag?
Ja, het college is hiermee bekend. Het college ziet op dit moment geen reden om af te wijken van het huidige landelijke beleid, gelet op de rechtszekerheid en rechtsgelijkheid die gelden voor een betrokkene of verdachte die een overtreding of strafbare feit (misdrijf) heeft gepleegd. Als college gaan we ervan uit dat er bewust en om goede redenen gekozen is om verkeersovertredingen uit het strafrecht te halen en met de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften bestuursrechtelijk af te doen. Het introduceren van een ander type sancties zou om een fundamentele wijziging van het landelijksysteem door de Rijksoverheid vragen. 4.
Overweegt het college om het huidige bestuurlijke boetesysteem te herzien en de mogelijkheid van bestuurlijke dagboetes in overweging te nemen, om zo een meer rechtvaardig systeem te creëren en ongelijkheid te verminderen? Zo nee, waarom niet?
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10598116
Nee, het college overweegt niet om het huidige bestuurlijke boetesysteem te herzien naar een bestuurlijke dagboete. Het college ziet geen mogelijkheid om het huidige bestuurlijke boetesysteem te herzien en om hierdoor de mogelijkheid van bestuurlijke dagboetes in overweging te nemen. Het college is gebonden aan de landelijke wet- en regelgeving. De bestuurlijke boetebedragen die gehanteerd worden in Den Haag, zijn door de minister van Justitie en Veiligheid opgenomen in een algemene maatregel van bestuur. Het college heeft niet de bevoegdheid om de bestuurlijke boetebedragen zelf te bepalen, die bevoegdheid ligt bij de minister van Justitie en Veiligheid. 5.
Is het college bereid om de invoering van dagboetes te bespreken met andere gemeenten en of de landelijke overheid, om gezamenlijk te werken aan een mogelijke implementatie en uniforme aanpak in Nederland? Zo nee, waarom niet
Nee, het college is van mening dat het een bevoegdheid van de minister van Justitie en Veiligheid betreft om de verschillende boetestelsels te herzien en/of te veranderen. Zie verder het antwoord op vraag 3. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2