CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS316291 Beantwoording SV Obstakels op voetpaden

Commissie Leefomgeving 26 oktober 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken1.346 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

12 september 2023

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Faïd, luidend: ‘Obstakels op voetpaden’

DSB/10599788 RIS316291

Raadslid mevrouw Faïd heeft op 7 augustus 2023 een brief met daarin elf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Naar aanleiding van een toenemend aantal signalen over obstakels op voetpaden en het artikel van Ruimte voor Lopen ‘’ Obstakels op voetpaden, doe er wat aan’’ heeft de Haagse Stadspartij enkele vragen met betrekking tot obstakels op voetbaden en de oplossingen hiervan binnen Den Haag. 1.

Herkent het college de zorgen van vele Haagse inwoners en Ruimte voor Lopen over het toenemend aantal obstakels op de voetpaden? Zo ja, wat is de reactie van het college hierop? Zo nee, waarom niet?

Het college herkent het aantal toenemende obstakelsop de voetpaden. 2.

Is het college zich bewust van de ernst van deze obstakels voor mensen die slecht ter been zijn, voetgangers met hulpwielen (kinderwagen, rolstoel, rollator) en mensen met een visuele beperking? Zo ja, wil het college er zo veel mogelijk aan doen dat ook deze mensen toegankelijke voetpaden krijgen?

Het college onderschrijft het belang van een toegankelijke inrichting van de buitenruimte. Het gebruik van de openbare ruimte, waaronder de voetpaden, neemt toe, wat soms ten koste gaat van de toegankelijkheid. Het college is zich ervan bewust dat objecten, zoals een verkeerd geplaatste (deel)fiets of scooter, reclameborden, containers of overhangend groen, een obstakel kan vormen voor mensen met een beperking. 3.

Welke maatregelen heeft de gemeente tot op heden genomen om het aantal obstakels op voetpaden te beperken en te voorkomen dat voetpaden dichtslibben?

De uitgangspunten voor de inrichting van de openbare ruimte zijn uitgewerkt in het handboek openbare ruimte, zo ook voor de inrichting van een voetpad als onderdeel van het straatprofiel. Met de in het handboek opgenomen ontwerprichtlijnen worden obstakelvrije voetpaden in het ontwerpproces integraal meegenomen. De ACOR en het VOV beoordelen de ruimtelijke en verkeersveilige kwaliteit van een ontwerpvoorstel voor de (her)inrichting van de openbare ruimte, zoals de aanleg van een nieuw park, straatprofiel of voetpad. Het uitgangspunt is dat er 1,5 m vrije ruimte is op voetpaden.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSB/10599788

4.

Kan het college aangeven of en hoe zij de voetpaden controleert op obstakels? Hoe vaak in de maand vinden controles plaats?

Via de reguliere surveillance controleren handhavers van de Handhavingsorganisatie op obstakels in de openbare ruimte waarmee regelgeving wordt overtreden. Ook wordt er gecontroleerd na meldingen of klachten. 5.

Is het college het met de Haagse Stadspartij eens dat voetpaden bedoeld zijn voor voetgangers en niet voor obstakels als laadpalen, geparkeerde fietsen, terrasstoelen en reclameborden? Zo ja, gaat het college dan inzetten op het verwijderen en verwijderd laten van obstakels op voetpaden? Zo nee, waarom niet?

Een voetpad maakt onderdeel uit van het straatprofiel en heeft een primaire functie voor de voetganger. Het voetpad wordt, daar waar mogelijk en noodzakelijk, gedeeld met permanente en tijdelijke andere gebruiksfuncties en ruimtevragers. Denk hierbij aan objecten zoals straatbomen, afvalcontainers, laadpalen, verkeersborden, terrassen en straatverlichting. Een voetpad is zodanig ingericht dat het in de basis toegankelijk is voor iedereen. Voorzieningen worden zoveel als mogelijk in een voorzieningenstrook geplaatst waarbij het uitgangspunt is dat er 1,5 m vrije doorloopbare ruimte is. Er doen zich situaties voor waarbij door het overtreden van regels de vrije ruimte beperkt wordt. Door de Handhavingsorganisatie wordt daar tijdens de reguliere surveillance op gelet. Ook wordt er gecontroleerd na klachten of meldingen. Handhaving is echter een schaars goed, in hoeverre dit onderwerp prioriteit krijgt wordt bepaald in het veiligheidsoverleg met het stadsdeel, politie, de afdeling Veiligheid en de Handhavingsorganisatie. 6.

Wat is de reactie van het college op het bijgevoegde rapport van het kennisplatform voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer CROW *genaamd ‘’Obstakels op voetpaden, verkenning van problemen en oplossingen’’? Welke aanknopingspunten ziet het college in het rapport om de problematiek in Den Haag mee aan te pakken?

Het college heeft kennis genomen van het rapport en herkent de hierin geschetste problematiek. Het college wil dat Den Haag een toegankelijke stad is en dat bij projecten in de openbare ruimte kansen worden benut om de toegankelijkheid te verbeteren. 7.

Kan het college aangeven of er momenteel voldoende juridische kaders zijn om de plaatsing en verwijdering van obstakels op voetpaden te reguleren en handhaven? Zo ja, hoe wordt hierop toegezien? Zo nee, welke stappen worden ondernomen om dit te verbeteren?

Vanuit de wet- en regelgeving mogen er voorwerpen of objecten, veelal onder voorwaarden, op voetpaden worden geplaatst. Voor voorwerpen of objecten die daar niet onder vallen of niet aan de voorwaarden volden is een vergunning nodig. Bij het beoordelen van een vergunningsaanvraag worden de belangen van andere gebruikers van het voetpad meegewogen. Toegankelijkheid van het voetpad is daarbij een zeer belangrijk criterium. Wanneer op een voetpad een obstakel is geplaatst en hiermee de doorgang wordt belemmerd, kunnen de handhavers, onder andere op basis van de Algemene plaatselijke verordening, artikel 2.10: Bruikbaarheid en aanzien van de weg, van de gemeente Den Haag, handhavend optreden.

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSB/10599788

8.

In het rapport wordt als een van de redenen van de problematiek het te lage bewustzijn van betrokken actoren genoemd. Welke acties worden ondernomen om het bewustzijn te vergroten bij bewoners, ondernemers maar ook bij de gemeente en het college zelf?

Het college vindt het belangrijk dat bewoners en ondernemers zich bewust zijn van een toegankelijke stad voor iedereen. De komende jaren zal de gemeente op diverse manieren aandacht vragen voor de positie van mensen met een functiebeperking. Hierbij zal zoveel mogelijk worden aangesloten bij reeds geplande (landelijke) campagnes, die gericht zijn op het vergroten van de bewustwording. Het college

beseft dat het toegankelijk maken van de stad geen eenvoudige zaak is en tijd kost. 9.

In het rapport worden verschillende oplossingsrichtingen genoemd, zoals het inruimen van voldoende ruimte voor voetgangers en objecten in ontwerpen, het opstellen van duidelijke richtlijnen en het vergroten van handhaving. Kan het college aangeven welke van deze oplossingsrichtingen reeds worden toegepast en welke nog niet? Wat zijn de redenen voor het eventueel niet toepassen van bepaalde oplossingen?

Het college heeft op 4 juli 2023 de ‘richtlijn toegankelijkheid in openbare ruimte‘ (RIS-316007) vastgesteld. Deze richtlijn bestaat uit een overzicht van functionele ontwerprichtlijnen en maatvoeringen die bij elkaar genomen duidelijk maken hoe een toegankelijke openbare ruimte er idealiter uitziet. Deze richtlijn is het uitgangspunt bij inrichting en onderhoud, en een hulpmiddel bij beheer van de openbare ruimte. Verder wil de gemeente zo helder en duidelijk mogelijk communiceren over de regels voor een toegankelijke openbare ruimte. Voor bijzondere doelgroepen kijkt de gemeente naar maatwerk. Als sluitstuk wordt bij overtredingen handhavend opgetreden, of er prioriteit aan wordt gegeven wordt bepaald in het veiligheidsoverleg in elk stadsdeel. 10. Welke concrete stappen gaat het college op korte termijn zetten om grip te krijgen op de problemen met obstakels op voetpaden? Wat is het tijdschema voor de uitvoering van deze stappen? Een deel van deze vraag is al beantwoord bij vraag 9. Verder kunnen binnenkort (naar verwachting begin 2024) bij het Meldpunt Openbare Ruimte (MOR) niet-toegankelijke plekken gemeld worden. Toegankelijkheid wordt dan als aparte categorie in het systeem opgenomen. Tevens kan contact worden opgenomen met 14070, het algemene telefoonnummer van de gemeente Den Haag. Er wordt contact opgenomen met de indiener van de klacht. 11.

Kan het college aangeven op welke manier zij buiten de geijkte belangenorganisaties contact heeft met de mensen in de stad die deze problemen ervaren? Op welke manier worden zij betrokken en meegenomen in de besluitvorming?

Bij de planvorming van een (her)inrichting of vervangingsopgave in de openbare ruimte wordt gebruik gemaakt van het reguliere participatieproces. Tijdens dat proces betrekt de gemeente, waar nodig, diverse groepen bewoners, ervaringsdeskundigen en belangenverenigingen, die voorzien in advies op onder andere toegankelijkheid. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13127830/1