RIS316131 Beantwoording SV Hernoem Paul Krugerplein tot Lala Rookhplein
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
29 augustus 2023
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Sewtahal luidend: ‘Hernoem Paul Krugerplein tot Lala Rookhplein’
DSO/10571903 RIS316131
Het raadslid de heer Sewtahal heeft op 5 juli 2023 een brief met daarin vier vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1)
Is het college het met de PvdA eens dat geschiedenis van Brits-Indiase immigranten, en de band van de Surinaams-Hindoestaanse gemeenschap met Den Haag een verankering verdient in het Haagse straatbeeld?
In de Uitvoeringsvoorschriften met betrekking tot naamgeving 2022 (RIS311854) staat opgenomen dat met straatnaamgeving de geschiedenis levend kan worden gehouden (artikel 1 lid 7), maar dat dit geen doel op zich is. Dit is ook in de Uitvoeringsvoorschriften met betrekking tot naamgeving 2022 opgenomen, waarin wordt benadrukt dat een straatnaam alleen in uiterste noodzaak wordt veranderd (artikel 1 lid 13) in het kader van vindbaarheid en veiligheid, vanwege de gevolgen die een dergelijke wijziging met zich meebrengt. Wanneer er een persoon, object, gebeurtenis of dergelijke voor vernoeming wordt aangedragen, wordt er een onderzoek ingesteld. Naar aanleiding van dit onderzoek wordt de naam al dan niet op de Lijst voor vernoemingen geplaatst. De lijst is opgebouwd uit thema’s. Bij een verzoek tot naamgeving moet de naam bij het bijhorende thema passen. Wanneer er een verzoek tot naamgeving komt wordt deze lijst als eerst geraadpleegd. Hoewel het behouden van historische context via straatnamen een waardevol streven is, moet dit in lijn zijn met de huidige situatie en bijdragen aan de vindbaarheid en veiligheid. Het college is, zoals ook in de beantwoording van vraag 4 gesteld wordt, bereid om in gesprek te gaan met de initiatiefnemers. 2)
Wat vindt het college van het initiatief van de organisaties?
Het college vindt het een waardevol initiatief van de organisaties. Het is belangrijk om op te merken dat een straatnaam enkel volgens de Uitvoeringsvoorschriften met betrekking tot naamgeving (RIS311854) wordt gewijzigd wanneer dit strikt noodzakelijk is voor vindbaarheid en veiligheid, vanwege de ingrijpende gevolgen van een dergelijke verandering. Hierbij moeten we rekening houden met de administratieve verhuizing van alle objecten met huisnummers in de betreffende straat. Dit kan aanzienlijke kosten met zich meebrengen, gepaard gaan met administratieve complexiteit en mogelijk bezwaren oproepen bij direct betrokkenen.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10571903
3)
Welke procedure is ervoor nodig om een straatnaam te veranderen, op welke manier is dit bijvoorbeeld gebeurd met de hernoeming van het Boerenplein tot Mandelaplein?
Een straatnaam wordt conform artikel 1 lid 13 van de Uitvoeringsvoorschriften over de naamgeving (RIS311854) alleen in uiterste noodzaak gewijzigd. Als er geen dringende reden is op basis van vindbaarheid en veiligheid, blijft de naam onveranderd. In Den Haag is in 1987 een deel van de Boerenstraat (in de volksmond) bekend als Boerenplein vernoemd naar Mandelaplein. Het verzoek werd destijds ingediend door de Werkgroep AntiApartheid ‘s- Gravenhage. Deze werkgroep was opgericht om het college te adviseren over het antiapartheidsbeleid. Het voorstel van de werkgroep werd voorgelegd aan de Commissie van Advies inzake het geven van straatnamen, die het voorstel steunde. De aan het Boerenplein gelegen adressen van een school en het buurthuis ondersteunden het verzoek en hadden geen bezwaar tegen de hernoeming. Een straatnaam moet volgens het beleid namelijk ook bij te dragen aan het bindingsgevoel van de burgers. Op grond van de Uitvoeringsvoorschriften dient een vernoeming naar levende personen worden vermeden met uitzondering van de leden van het Koninklijk Huis. Hier is alleen van afgeweken bij de vernoeming van het Willem Dreespark in 1968 naar Willem Drees (1886- 1988). In het geval van de vernoeming naar Mandela is er een bewuste afwijking van deze richtlijnen geweest, vanwege de symbolische betekenis die de naam Mandela heeft verworven in het kader van verzet.
Deze afwijking werd gemaakt in uitzonderlijke omstandigheden en in lijn met de geldende principes en richtlijnen. 4)
Is het college bereid om met de initiatiefnemers in gesprek te gaan over dit initiatief, en de hernoeming van het Paul Krugerplein tot Lala Rookhplein in gang te zetten?
Het college is bereid om in gesprek te gaan met de initiatiefnemers, maar beschouwt de hernoeming van het ‘Paul Krugerplein’ tot ‘Lala Rookhplein’ niet als een noodzaak in het kader van vindbaarheid en veiligheid. Het college hecht eraan om een welgemeende erkenning uit te spreken voor het mogelijke leed dat mensen destijds hebben ervaren. Het historische leed blijft bovendien in onze hedendaagse samenleving nog steeds actueel en relevant. Om die reden verwijzen wij ook naar het eerder genoemde lid 13 van de Uitvoeringsvoorschriften, waarin staat dat een straatnaam alleen in uiterste noodzaak gewijzigd wordt. Gezien er voor het hernoemen van het Paul Krugerplein geen dringende reden is op basis van vindbaarheid en veiligheid, houden wij het bestaande beleid aan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2