RIS316101 Toezeggingen burgemeester commissie Bestuur bij behandeling evaluatie WK voetbal en softdrugs-, alcohol- en bedelverboden
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Jan van Zanen Burgemeester
001
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Bestuur
BSD/10545219 RIS316101 Contactpersoon
Thari Esser Dienst
Bestuursdienst Afdeling
Directie Veiligheid Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
4 juli 2023
thari.esser@denhaag.nl
Onderwerp
Toezeggingen burgemeester commissie Bestuur bij behandeling evaluatie WK voetbal en softdrugs-, alcohol-, en bedelverboden
Geachte voorzitter, Bij de bespreking van de evaluatie WK voetbal (RIS314923) en softdrugs-, alcohol- en bedelverboden (RIS314621) op 12 april 2023 in uw commissie deed ik een aantal toezeggingen. Tevens is in de vergadering van 26 januari 2023 toegezegd dat de politie met een nadere toelichting zou komen van verschillende maatregelen om de politie-inzet bij voetbalwedstrijden te verminderen. In deze brief wordt ingegaan op deze toezeggingen en kort terugkomen op toezeggingen uit eerdere commissievergaderingen. Toezeggingen Commissie Bestuur 12 april 2023 Evaluatie WK: informatie omtrent aanhoudingen en vervolging Meerdere fracties vroegen mij om nadere informatie omtrent de strafrechtelijke vervolging van de 30 aangehouden verdachten. Uit navraag bij het Openbaar Ministerie (OM) blijkt dat in alle binnengekomen zaken een vervolgingsbeslissing is genomen. Dit betekent dat in een aantal zaken het OM een strafbeschikking heeft opgelegd en in een aantal andere zaken de rechter uitspraak heeft gedaan. Hierbij zijn werkstraffen opgelegd. Eénmaal heeft dit geleid tot een vrijspraak. Een aantal verdachten moet zich nog voor de rechter verantwoorden. De fractie van DENK vroeg mij om nadere informatie omtrent de woonplaats van de aangehouden personen. Het OM geeft aan dat zij de berichtgeving niet verder zal specificeren.
Bedelverbod De fractie van de PvdA vroeg mij nader in te gaan op het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in relatie tot het ingestelde bedelverbod in Den Haag. Hierover kan ik u als volgt informeren: Op 19 januari 2021 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) met het zogenaamde Lactatus-arrest uitspraak gedaan over de geldigheid van bedelverboden (EHRM 19 januari 2021, Lactatus t. Zwitserland, nr. 14065/15). In deze zaak lag de rechtmatigheid voor van een algeheel bedelverbod in het kanton Genève in Zwitserland.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10545219
Het Hof oordeelde dat dit verbod de menselijke waardigheid aantast en daarom in strijd is met het recht op de eerbiediging van het privéleven. Dit recht kan worden beperkt mits dit een legitiem doel dient, noodzakelijk is en een wettelijke basis heeft. Het verbod uit Zwitserland is volgens het Hof echter te algemeen geformuleerd. In Den Haag is het op grond van artikel 2:52 van de APV verboden om op een openbare plaats te bedelen om geld of andere zaken in door de burgemeester ter voorkoming of beëindiging van overlast aangewezen gebieden. Dit betreft dus expliciet geen algeheel bedelverbod, zoals dat nog wel geldt in andere gemeenten. Een bedelverbod wordt slechts ingevoerd op plekken waar aantoonbaar sprake is van hinder/overlast. Indien een handhaver in die gebieden constateert dat er sprake is van bedelen, zal deze eerste beoordelen of er sprake is van hinder/overlast alvorens op basis van het geldende verbod tot handhaving over te gaan. In de APV van Den Haag is dus reeds opgenomen dat sprake moet zijn van hinder/overlast. Het huidige artikel in de APV van Den Haag is naar mijn oordeel niet in strijd met de uitspraak van het EHRM. Hiernaast hebben wij in Den Haag afgesproken dat dak- en thuisloze mensen die bedelen om geld eerst worden toegeleid naar hulpverlening. Indien de overlast aanhoudt, wordt handhavend opgetreden.
Kenbaarheid verbodsgebieden De fracties van Hart voor Den Haag en ChristenUnie/SGP vroegen mij naar de kenbaarheid van de verbodsgebieden en de communicatie hierover. De besluiten zijn gepubliceerd in het Gemeenteblad en op de website van de gemeente. Op de website zijn de gebieden gemarkeerd om deze zo duidelijk mogelijk te maken. In de nieuw aangewezen gebieden is een waarschuwingsperiode van twee weken gehanteerd om mensen te wijzen op de nieuwe regels in het gebied. In een aantal gebieden, zoals de Koekamp, hangen borden van de verboden. In de commissie van 12 april jl. is toegezegd opnieuw te kijken naar het plaatsen van borden op relevante plekken. Dat is inmiddels gebeurd. Een aantal borden is verouderd of weggehaald. Deze borden worden vervangen en opnieuw geplaatst. Zoals tijdens de vergadering van de Commissie Bestuur reeds aangegeven, is het ondoenlijk en onwenselijk de hele stad vol te hangen met verbodsborden, naast alle andere borden die er al zijn. Wel plaatsen we (extra) borden in gebieden waar veel bezoekers komen, zoals de binnenstad en de kuststrook. Om de verboden extra onder de aandacht te brengen, informeren we voor de zomer van dit jaar via de Stadskrant en via sociale media kanalen mensen die in een verbodsgebied komen dan wel in deze gebieden woonachtig zijn.
Politie-advies verbodsgebieden Escamp De fracties van de SP en ChristenUnie/SGP vroegen mij waarom het politie-advies voor Escamp niet een-op-een is overgenomen. Specifiek wordt in het politie-advies aangegeven het alcoholverbod in Moerwijk te verlengen. Dit is niet overgenomen in het Aanwijzingsbesluit. Het advies van de politie over de verbodsgebieden in Escamp is wel een-op-een overgenomen. Er is wellicht verwarring ontstaan doordat het gebied van het Heeswijkplein e.o. onder de alinea “voorstel” Moerwijk is genoemd. Dit betreft één en hetzelfde gebied en het advies van de politie hierover is ongewijzigd overgenomen. Overlast in hotspotgebieden Rustenburg-Oostbroek en Centrum De fractie van de Haagse VVD vroeg mij om terug te komen op de overlast in de hotspotgebieden Rustenburg-Oostbroek en Centrum. Nadere toelichting Centrum Stadsdeel Centrum kent meerdere hotspots. De meeste hiervan zijn zo concreet mogelijk genoemd in de evaluatie van het blow-, alcohol- en bedelverbod (RIS314621).
2/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10545219
Bij hotspots gaat het om gebieden waar veel mensen samenkomen en aandachtsgebieden waar regelmatig overlast plaatsvindt, zoals: horeca en winkels: in het centrum o.a. de binnenstad, Paul Krugerlaan en Hobbemastraat; trekpleisters: in het centrum o.a. de Haagse markt, stationsgebieden HS en CS, en de sekswerkstraten; pleinen en parken. Tot slot kent het Centrum uiteenlopende voorzieningen voor kwetsbare doelgroepen met verslavingsproblematiek. De voorzieningen zijn bedoeld om een passende opvang en begeleiding te bieden. In de omgeving van deze voorzieningen is soms sprake van overlast door bedelen, alcohol- of softdrugsgebruik. Om excessen en overlast zo veel als mogelijk te voorkomen zijn de verboden in deze gebieden van belang. Er is kritisch gekeken naar het advies van de politie en de Handhavingsorganisatie en de omvang van de gebieden zijn in mijn ogen passend bij de genoemde hotspots. Nadere toelichting Rustenburg-Oostbroek Uit informatie van de politie en de Handhavingsorganisatie komt naar voren dat in RustenburgOostbroek incidenteel sprake is van overlast door bedelen of softdrugsgebruik. Er is (nog) geen sprake van excessen. Dit betekent dat de politie en de Handhavingsorganisatie voldoende instrumenten heeft om op te treden. Het is op dit moment niet proportioneel om Rustenburg-Oostbroek aan te wijzen voor een bedel- en softdrugsverbod.
Preventieve aanpak en communicatie over geld geven aan bedelaars De fractie van het CDA vroeg mij naar de preventieve aanpak van bedelaars en een communicatiecampagne over het effect van het geven van geld aan bedelaars. De blow-, alcohol- en bedelverboden zijn bevoegdheden die worden ingezet ten behoeve van het voorkomen en bestrijden van overlast. De evaluatie en de besluiten zijn hierop toegespitst. Het college neemt uiteenlopende preventieve maatregelen en biedt diverse voorzieningen aan kwetsbaren (zoals bedelaars) voor passende hulp. Dat is een speerpunt van beleid en hier wordt vanuit het sociale domein stevig op ingezet. Zoals eerder is aangegeven, worden mensen geïnformeerd over de verschillende verboden in de gebieden. De informatie hierover geldt voor de overlastpleger, als ook voor bewoners, ondernemers en bezoekers van een gebied. Het is niet verboden om op straat iets aan iemand te geven en het college ziet geen aanleiding hier een aanpak op te starten. Betrokkenheid bewoners bij opvangvoorzieningen Meerdere fracties vroegen mij naar de betrokkenheid van bewoners bij het aanwijzen van opvanglocaties voor kwetsbare doelgroepen. Het college heeft een uitdagende opgave in de opvang van en voorzieningen voor kwetsbare doelgroepen.
Wanneer het college het besluit neemt een opvangvoorziening ergens (tijdelijk) te vestigen, worden omwonenden altijd per brief geïnformeerd over het besluit. Daarnaast wordt er een bewonersbijeenkomst georganiseerd. Tijdens deze bijeenkomsten wordt het besluit toegelicht en kunnen aanwezig hun vragen stellen of eventuele zorgen uiten. Op basis van deze gesprekken wordt vervolgens gekeken of de al genomen maatregelen voldoende zijn of dat eventueel nog extra maatregelen moeten worden genomen. Toezeggingen uit eerdere commissievergaderingen Maatregelen verminderen politie inzet bij voetbalwedstrijden Onder andere de fracties van de Haagse VVD en de ChristenUnie/SGP hebben gevraagd in hoeverre het niet toelaten van supporters van bezoekende clubs bij wedstrijden van ADO Den Haag politiecapaciteit bespaart.
3/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10545219
Algemeen De minister van Justitie en Veiligheid is in haar brief van 17 april 2023 aan de voorzitter van de Tweede Kamer uitgebreid ingegaan op de problematiek rond het al dan niet weren van uitpubliek. De minister schrijft: “Uitsupporters horen onlosmakelijk bij het voetbal. Ik zou het dan ook een nederlaag vinden als het zover komt dat uitsupporters overal structureel zouden worden geweerd. Tegelijkertijd sluit ik mijn ogen niet voor de oproep van de Nederlandse Politiebond. Relschoppers leggen een zware belasting op de politiecapaciteit en onze politiemensen. Samen met partners binnen de Regiegroep Voetbal en Veiligheid en supportersafvaardigingen werk ik aan een veilig en gastvrij betaald voetbal, waarbij de inzet van de politie zoveel mogelijk wordt beperkt. Veilig en gastvrij betaald voetbal vraagt nadrukkelijk om verantwoordelijkheid en inzet van alle bij het voetbal betrokken partijen. Alle partijen zijn zich hier zeer van bewust en zetten alles op alles om tot normalisatie in het voetbal te komen. De afweging over het wel of niet toelaten van uitsupporters en onder welke voorwaarden is aan het lokaal gezag. En vereist iedere keer maatwerk. Per wedstrijd wordt bekeken wat nodig is aan maatregelen en inzet van politiecapaciteit.
Duidelijk is dat het beter moet.” Specifiek voor de eenheid Den Haag De politie geeft desgevraagd aan dat het weren van uitsupporters in het meest positieve geval een minimale reductie van de politie-inzet oplevert. Bij een reguliere verkoop voor uitsupporters ligt de regie op de ontvangst bij de thuisclub en/of de lokale politie. Als de thuisclub geen bezoekende supporters ontvangt, komt deze vorm van noodzakelijke regie te vervallen. De praktijk leert dat uitsupporters in dat geval op zoek gaan naar alternatieve wijzen om aan toegangskaarten te komen en kunnen dan in vakken voor thuissupporters terecht komen. Dit is een zeer onwenselijke situatie. Ook ziet de politie dat bij wedstrijden waar géén uitpubliek welkom is, supporters elkaar treffen op andere locaties en tijdstippen (bijvoorbeeld de dag voor de wedstrijd). Dit laatste genereert vaak politie-inzet op meerdere momenten. Vooralsnog sta ik achter de landelijke lijn waarbij we niet inzetten op het structureel buitensluiten van uitsupporters. Samen met ADO Den Haag en de supporters werken we aan een veilig en gastvrij betaald voetbal, waarbij de inzet van de politie zoveel mogelijk wordt beperkt.
Discriminatiemeldingen en correct afhandelen In de commissie Bestuur van 13 januari 2021 deed ik de toezegging om in de Driehoek aandacht te vragen voor de toename van het aantal discriminatiemeldingen en het correct afhandelen daarvan. Inmiddels is hier in de Driehoek meermaals aandacht voor gevraagd. Ook in de werkbespreking veiligheid is dit thema behandeld. Om hier blijvend aandacht voor te hebben, is de politie gevraagd om in de komende werkbespreking hier nogmaals op in te gaan. Crimineel pandbezit in Den Haag De fractie van de Haagse VVD vroeg mij in de commissievergadering van 14 december 2022 of crimineel pandbezit een groot probleem is in Den Haag. Dit naar aanleiding van de RTL-rapportage uit december 2022 over de ‘Onderwereldkaart’. Ik heb toegezegd hierop terug te komen. In de 'Onderwereldkaart’ van RTL is overigens in belangrijke mate geput uit inzichten afkomstig uit het dataproject ‘Zicht op Ondermijning’, een project waaraan onze stad actief samen met Rijkspartners en andere gemeenten meewerkt (RIS310378). Een nadere analyse van ‘Zicht op ondermijning’ leert dat we in Den Haag weliswaar een relatief groot aantal verblijfsobjecten kennen dat in handen is van een eigenaar met een veroordeling voor enig strafbaar feit.
4/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10545219
Echter is er sinds 2018 sprake van een dalende trend in het aantal verblijfsobjecten in handen van eigenaren met een veroordeling op naam. Daarnaast is de populatie eigenaren divers: het gaat om de gehele bandbreedte van veroordelingen (van bijvoorbeeld het plegen van zware en ondermijnende criminaliteit tot verkeersmisdrijven en vernielingen). Ook kunnen eigenaren hun leven inmiddels hebben gebeterd. De fractie van de VVD vroeg mij verder of de vergunningplicht zoals die toegepast wordt in de Weimarstraat en de Jan Luykenlaan ook kan worden ingezet ten aanzien van de eigenaar van een pand (en niet alleen ten aanzien van een exploitant). Hierover heb ik in eerste mondelinge reactie al aangegeven dat de vergunningplicht zich primair op de exploitant richt. Een Bibob-toets kan (als onderdeel van de vergunningplicht) een pandeigenaar/verhuurder onderzoeken op antecedenten als de relatie met de exploitant/huurder verder gaat dan een klassieke huurrelatie en sprake is van een vorm van samenwerking of financiering. In deze gevallen kunnen criminele antecedenten van de pandeigenaar leiden tot het weigeren of intrekken van de vergunning van de exploitant. Hetzelfde geldt uiteraard ook voor de BIBOB-toets voor seksbedrijven, horeca en coffeeshops.
De aanpak van ondermijning met vastgoed vraagt om nadere aandacht, mede omdat de rol en de interventiemogelijkheden van de gemeente hierbij scherper in beeld moeten komen. Daarom is het belangrijk dat we als gemeente Den Haag gaan meedoen aan de nieuwe ‘City Deal transformatie binnensteden’. Eén van de ontwikkelthema’s binnen deze City Deal betreft namelijk het signaleren, voorkomen en aanpakken van ondermijnende criminaliteit in relatie tot vastgoed. Het is hierbij de bedoeling dat we door samenwerking met andere steden en experimenteren tot een betere informatiepositie en interventiestrategieën komen. Separaat wordt door RIEC Den Haag een vastgoedscan voor gemeenten ontwikkeld. Met deze vastgoedscan kan de gemeente Den Haag vervolgens zelf een analyse uitvoeren naar mogelijke onregelmatigheden. Mogelijk kan na de zomer van 2023 gestart worden met het maken van een scan in bijvoorbeeld onze binnenstad. Aan de hand van het beeld dat deze scan oplevert in combinatie met de eerste resultaten uit de City Deal, kunnen we bepalen welke rol de gemeente op zich kan nemen, welk instrumentarium daarbij past en waar welke (integrale) aanpak succesvol kan zijn. Verder kan ik u mededelen dat de gemeente Den Haag in samenwerking met Stichting Meld Misdaad Anoniem in september een informatiecampagne start die zich richt op professionals in de vastgoedsector.
De bedoeling is om het herkennen van signalen en risico’s van ondermijning te bevorderen en om de meldingsbereidheid te vergroten, door het bieden van een veilig handelingsperspectief bij het melden van signalen. Straatintimidatie In de commissievergadering van 11 januari 2023 deed ik naar aanleiding van een vraag van de fractie van D66 over straatintimidatie de toezegging om te bekijken of dit onderwerp toegevoegd kan worden aan de Veiligheidsmonitor. De vragen over straatintimidatie zijn opgestuurd naar het CBS. Het CBS beoordeelt vervolgens of de vragen daadwerkelijk opgenomen kunnen worden in de z.g.n. ‘vrije ruimte’. Hier kunnen gemeenten enkele vragen aanleveren specifiek voor hun gemeente. In deze beoordeling wordt o.a. gekeken naar de begrijpelijkheid en geschiktheid van de vraag én de totale lengte van de vragenlijst. Wat betreft dat laatste punt beoordeelt het CBS de vragenlijst vanuit het oogpunt van de respondent; bij een te lange vragenlijst haken immers veel respondenten af, wat de kwaliteit van de Veiligheidsmonitor geen goed doet. Inmiddels heeft het CBS laten weten dat de vragen over straatintimidatie opgenomen worden in de Veiligheidsmonitor. Inhoudelijke resultaten worden verwacht in de loop van 2024.
5/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10545219
Lik op Stuk weken De fractie van de Haagse VVD vroeg mij in de commissievergadering van 11 januari 2023 om terug te komen op het idee van Lik op Stuk weken. Zoals u weet ben ik groot voorstander van het samenwerken met partners om de veiligheid en leefbaarheid in de stad te verbeteren. Naast de dagelijkse samenwerking op casuïstiek doen we dit specifiek tijdens de gebiedsgerichte Integrale Handhavingsacties. Tijdens deze acties pakken we overtredingen en misstanden aan en dit hebben we recent uitgebreid naar 15 per jaar. We richten ons hierbij op de gebieden waar de leefbaarheid en veiligheid het meest onder druk staan. Dit is het maximale aantal dat haalbaar is qua capaciteit van de partners. In 2022 is in stadsdeel Escamp een pilot gestart waarin zogenaamde Integrale Leefbaarheidsacties (ILA’s) worden gehouden. Hierin participeren onder andere de Handhavingsorganisatie, de Haagse Straatorganisatie en het stadsdeel. Daarnaast is er gestart met een ILA die zich richt op het groen (onder andere in het Zuiderpark) waarin onder andere de boswachters van de Handhavingsorganisatie, de groenbeheerders en het Groenbedrijf participeren. Alhoewel het aantal ILA’s beperkt is, lijken zij een positief effect te hebben op de leefbaarheid waarbij de schaarse capaciteit in gezamenlijkheid effectief wordt ingezet.
In het licht van de schaarse handhavingscapaciteit wordt bezien hoe er vervolg kan worden gegeven aan de ILA’s. Indicator daling jeugdcriminaliteit en ondermijning Bij de bespreking van het Integraal Veiligheidsplan op 11 januari 2023 in uw commissie deed ik de toezegging om te bekijken of een indicator opgenomen kan worden in de Veiligheidskaart of Programmarekening om de daling van jeugdcriminaliteit en ondermijning te toetsen. Cijfers over jeugdcriminaliteit betreffen enkel landelijke cijfers, hier heeft het college geen invloed op. Het is daarom niet mogelijk om deze cijfers op te nemen in de Veiligheidskaart, die vooral ingaat op cijfers per stadsdeel. Ondermijning is een breed begrip dat niet met enkele indicatoren te meten valt en niet altijd in cijfers is terug te zien. Op de aanpak van ondermijning wordt regelmatig teruggekomen, onder andere in de stand van zaken brieven. Vanzelfsprekend wordt uw Raad geïnformeerd over jeugdcriminaliteit en ondermijning middels de Programmarekening en Veiligheidskaart. Ondermijning in beeld De fractie van het CDA vroeg mij tijdens de commissievergadering van 11 januari 2023 terug te komen op het idee om Ondermijning in Beeld ook in andere delen van de stad terug te laten komen, een zogenoemde ‘roadshow’. Ik zie dit idee als een mooie kans om op lokaal niveau aandacht te vragen voor de problematiek.
Zo is recentelijk in Scheveningen-Haven een campagne gestart. Ik blijf actief zoeken naar mogelijkheden om dit op meerdere plekken in de stad op te zetten. Hierbij lijkt het logisch om aansluiting te zoeken bij een lokaal evenement, zoals dat bij Scheveningen-Haven ook gedaan is bij de opening van het strandseizoen. Leeftijd jongeren in criminaliteit In de commissie Bestuur van 11 januari 2023 vroeg de fractie van GroenLinks naar de mogelijke daling van de leeftijd van jongeren in de criminaliteit. Het aantal wetenschappelijke onderzoeken naar de verjonging en verharding van jeugdcriminaliteit is beperkt, vooral als het gaat over criminaliteit gepleegd door twaalf-minners.1
1
Van der Laan, A. M., Beerthuizen, M. G. C. J., & Boot, N. C. (2021). Monitor Jeugdcriminaliteit 2020: Ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in de eerste twee
decennia van deze eeuw. Cahiers 2021-09. Den Haag: Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum Weijers, I. Ferwerda, H. & Roks, R. (2021a). Te groot voor de wijkagent, te klein voor de recherche. Een vergeten groep: jonge doorgroeiers in de criminaliteit,
6/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10545219
Uit een verkenning van (wetenschappelijk) onderzoek komt het algemene beeld naar voren dat de criminaliteit onder jongeren in Nederland sinds 2007 daalt en geen sprake is van een algemene verjonging inzake jeugdcriminaliteit. Wel is het aandeel minderjarige delinquenten binnen het totaal van High Impact Crimes -delinquenten (hierna: HIC) gestegen. Het gaat hierbij om een kleine groep jonge daders die zich veelvoudig schuldig maakt aan HIC- en geweldsdelicten, al dan niet met gebruik van een wapen. Deze groep is de afgelopen jaren in omvang niet afgenomen en de ontwikkelingen geven reden tot zorg. met vriendelijke groet, Jan van Zanen
100 (5),264-275. 10.5553/PROCES/016500762021100005002 Piersma, T.W., Kros, M. & Beijersbergen, K.A. (2021). Criminele carrières van daders van high impact crimes. Cahiers 2021-15. Den Haag: Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum.
7/7