CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS315969 Bijlage 1

Commissie Ruimte 8 februari 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Hoorzitting Ontwerp-bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 133.607 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

120 alinea's met “ontwerp”: 1 3 24 59 75 78 80 83 85 97 100 108 113 122 124 131 141 148 157 164 169 174 175 177 180 186 191 193 200 204 208 209 211 212 214 216 217 222 233 244 …

Bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 Ontwerp

Juliana van Stolberglaan 1

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Inhoudsopgave

Samenvatting

5

Toelichting

7

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding voor het bestemmingsplan 1.2 Doel van het bestemmingsplan 1.3 Begrenzing van het plangebied 1.4 Geldende planologische regelingen 1.5 Crisis en herstelwet 1.6 Leeswijzer

9 9 9 9 11 13 13

Hoofdstuk 2 Bestaande en toekomstige situatie 2.1 Positie in de stad 2.2 Kwaliteiten 2.3 Knelpunten 2.4 Visie en ambitie

15 15 16 17 18

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1 Inleiding 3.2 Programma 3.3 Buitenruimte 3.4 Ontsluiting en parkeren 3.5 Duurzaamheid 3.6 Beeldkwaliteit

21 21 23 24 25 26 28

Hoofdstuk 4 Beleidskaders 4.1 Rijksbeleid 4.2 Provinciaal beleid 4.3 Gemeentelijk beleid

31 31 32 34

Hoofdstuk 5 Omgevingsaspecten 5.1 Milieueffectrapportage 5.2 Externe veiligheid 5.3 Geluid 5.4 Bedrijven en milieuzonering 5.5 Luchtkwaliteit 5.6 Trillingen 5.7 Natuurbescherming 5.8 Bodem 5.9 Windhinder en bezonning

53 53 54 60 60 61 63 64 72 74

Hoofdstuk 6 Overige aspecten 6.1 Archeologie en cultuurhistorie 6.2 Niet gesprongen explosieven 6.3 Kabels, leidingen en riolering 6.4 Ladder voor duurzame verstedelijking 6.5 Waterparagraaf 6.6 Verkeer en parkeren

87 87 87 90 91 95 110

Hoofdstuk 7 Toelichting op de regels 7.1 Algemeen

125 125

2

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

7.2 7.3 7.4 7.5

Inleidende regels Bestemmingsregels Algemene regels Overgangs- en slotregels

Hoofdstuk 8

125 125 125 126

Economische uitvoerbaarheid

127

Hoofdstuk 9 Overleg en inspraak 9.1 Artikel 3.1.1 Bro-overleg

129 129

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11 Bijlage 12 Bijlage 13 Bijlage 14 Bijlage 15 Bijlage 16 Bijlage 17 Bijlage 18 Bijlage 19

139 140 144 1156 1158 1233 1578 1923 1930 1938 1954 1974 1983 1997 2079 2094 2367 2399 2452 2514

Plintenvisie vormvrije m.e.r.-beoordeling 150523 Watersleutel 101022 rapport bouwput en bemaling 290822 Externe veiligheid 120922 Notitie EV Peutz 211022 Advies VRH 080922 Notitie luchtkwaliteit 160622 Trilling railverkeer Concept 010622 Quickscan flora en fauna 090821 Vleermuizen (tussenrapport) 141221 Aanvullend ecologisch onderzoek 150822 stikstofdepositieberekening 110523 notitie bomeninventarisatie 110822 Bodemonderzoek IDDS 100622 windklimaatonderzoek 211022 Bezonningsonderzoek 290922 Niet gesprongen explosieven Mobiliteitsplan 030523

Regels

2551

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

2553 2553 2561

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5

Bestemmingsregels Groen Kantoor Verkeer - Hoofdverkeersweg

2563 2563 2564 2566

Hoofdstuk 3 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene aanduidingsregels Overige regels

2569 2569 2570 2571 2572 2573 2574

Hoofdstuk 4 Artikel 12 Artikel 13

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

2575 2575 2576

Bijlagen bij regels

2577

Bijlage 1

Staat van horeca-categorieën

2578

Bijlage 2

Staat van bedrijfsactiviteiten bij functiemenging

2583

3

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Bijlage 3

Staat van bedrijfsactiviteiten op bedrijventerreinen

2589

Bijlage 4

Nota Parkeernormen CID en Binckhorst Den Haag 2020

2610

Bijlage 5

Fietsparkeernormen

2630

Bijlage 6

Rooilijnen

2632

Vaststellingsbesluit

2635

4

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Samenvatting Begin 2022 is het Koninklijk Conservatorium verhuisd naar Amare. Hiermee is de locatie van het huidige Koninklijk Conservatorium (KC-locatie) aan de Juliana van Stolberglaan 1 beschikbaar gekomen voor een herontwikkeling. De ANWB en het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) zijn voornemens een kantoorontwikkeling te realiseren van circa 61.000 m2 Bruto Vloer Opperlvak (BVO), waarvan circa 25.000 m2 BVO voor de ANWB en circa 36.000 m2 BVO voor het RVB. De ontwikkeling bevat een stedelijk economisch programma van werken en voorzieningen. De ontwikkeling omvat tevens een levendig (deels) publiek en maatschappelijk toegankelijk programma met onder andere een ANWB winkel, cafe's/ restaurants en dienstverlenende functies. De locatie zal zich onderscheiden door de kwaliteit van de openbaar toegankelijke plinten, het groen van het pocket park en hoge kwaliteit van architectuur en duurzaamheid van de gebouwen zelf. De voorgenomen ontwikkeling past niet in het ter plaatse geldende bestemmingsplan, waardoor er een nieuw bestemmingsplan wordt opgesteld. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin.

5

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

6

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Toelichting

7

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

8

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding voor het bestemmingsplan

Begin 2022 is het Koninklijk Conservatorium verhuisd naar Amare. Hiermee is de locatie van het huidige Koninklijk Conservatorium (KC-locatie) aan de Juliana van Stolberglaan 1 beschikbaar gekomen voor een herontwikkeling. Vanwege de strategische ligging in het CID biedt de KC-locatie veel potentie voor een hoogwaardige ontwikkeling. In 2019 hebben de gemeente Den Haag en het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) in een bestuursovereenkomst afspraken gemaakt om de kantoorbehoefte van het Rijk deels op de KC-locatie te accommoderen. Daarnaast heeft de gemeente in 2021 met de ANWB een intentieovereenkomst gesloten om ANWB de mogelijkheid te bieden om te komen tot een haalbaar plan voor de ontwikkeling van een nieuw hoofdkantoor op deze locatie. De herontwikkeling van de kavel past echter niet binnen de kaders van het vigerende bestemmingsplan. Zodoende is het nodig een nieuw juridisch planologisch kader vast te stellen. Het voorliggende bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 voorziet hierin.

1.2

Doel van het bestemmingsplan

Het doel van bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 is het mogelijk maken van de voorgenomen herontwikkeling in het plangebied.

1.3

Begrenzing van het plangebied

Het plangebied ligt in het stadsdeel Bezuidenhout.

9

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

kaart 1: ligging van het plangebied Juliana van Stolberglaan 1 in de stad Het plangebied wordt door de volgende straten begrensd: Juliana van Stolberglaan; Prinses Beatrixlaan; Utrechtsebaan.

10

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

kaart 2. begrenzing plangebied

1.4

Geldende planologische regelingen

1.4.1

Vigerend bestemmingsplan

Het bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 vervangt gedeeltelijk het bestemmingsplan Bezuidenhout, vastgesteld op 24 april 2014, onherroepelijk op 18 augustus 2014. Onderstaande afbeelding bevat een uitsnede van de verbeelding van dit bestemmingsplan ter plaatse van de locatie Juliana van Stolberglaan 1.

11

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

kaart 3: vigerende stedenbouwkundige regelingen Het plangebied omvat naast de locatie Juliana van Stolberglaan 1 (bestemming Maatschappelijk) ook de aangrenzende groenbestemming tussen de huidige bebouwing en de Utrechtsebaan. Binnen de bestemming 'Maatschappelijk' varieert de maximale bouwhoogte van 4 meter tot 37 meter. Ondergronds zijn parkeervoorzieningen toegestaan. Op de naastgelegen bestemming Groen mogen gebouwen van maximaal 3 meter hoog worden gebouwd. Over een deel van het plangebied ligt de gebiedsaanduiding 'Vrijwaringszone- straalpad'. Hier binnen is het niet toegestaan bebouwing op te richten die hoger is dan 60 meter. 1.4.2

Parapluherzieningen

Naast bestemmingsplannen die op een specifiek plangebied van toepassing zijn, kent de gemeente Den Haag een aantal parapluherzieningen die op heel het gemeentelijke grondgebied van toepassing zijn en die door dit bestemmingsplan voor wat betreft het plangebied worden vervangen: a. Parapluherziening (fiets) parkeren, vastgesteld 20 september 2018, geheel onherroepelijk 16 december 2018, waardoor actuele (fiets)parkeernormen in vigerende plannen worden gehanteerd. b. Parapluherziening Staat van Bedrijfsactiviteiten, is beroep ingediend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Er is gedurende deze termijn geen voorlopige voorziening aangevraagd. Hierdoor is het vastgestelde bestemmingsplan op 21 februari 2019 in

12

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

werking getreden en vervolgens onherroepelijk geworden.

1.5

Crisis en herstelwet

Het plangebied van onderhavig bestemmingsplan maakt deel uit van het Central Innovation District (CID). Het CID is middels de 7e tranche van de Regeling Crisis- en herstelwet opgenomen in artikel 7c Besluit uitvoering Crisis en herstelwet (Bchw). Dit artikel biedt gemeenten mogelijkheden om te experimenteren met een bredere reikwijdte van bestemmingsplannen en vooruit te lopen op de komst van de Omgevingswet. De verbreding van de reikwijdte betekent onder meer dat milieuaspecten in het plan kunnen worden gereguleerd en dat maatregelen voor omgevingsaspecten zoals natuur, verkeer, cultuurhistorie rechtstreeks in het plan kunnen worden opgenomen (voor zover die al niet op Rijks- of provinciaal niveau wordt gereguleerd). Ook biedt de verbrede reikwijdte mogelijkheden tot opname van lokale verordeningen in het bestemmingsplan. Een bestemmingsplan verbrede reikwijdte kan functies aan locaties toedelen, waarbij globaal onderzoek kan worden uitgevoerd. Pas wanneer zich een concreet initiatief voordoet dient onderzoek plaats te vinden naar de precieze invulling.

1.6

Leeswijzer

In hoofdstuk 1 Inleiding is de aanleiding voor het opstellen van een bestemmingsplan voor het plangebied Juliana van Stolberglaan 1 aangegeven. Ook zijn de doelen die met het bestemmingsplan worden beoogd, omschreven. Om deze doelen in een bestemmingsplan gestalte te geven wordt in hoofdstuk 2 de Bestaande en toekomstige situatie beschreven. Hoofdstuk 3 betreft de Planbeschrijving. In hoofdstuk 4 Beleidskaders is een selectie gemaakt van de relevante beleidsnota's die op dit plangebied van toepassing zijn. In hoofdstuk 5 Omgevingsaspecten en hoofdstuk 6 Overige aspecten zijn de relevante milieuthema's en omgevingsaspecten inzichtelijk gemaakt. Bij de keuze van bestemmingen in hoofdstuk 7 Toelichting op de regels, is aangeven welke bestemmingen en bestemmingsregelingen uit deze beleidsuitspraken zijn afgeleid voor de bestaande (en de te ontwikkelen) situatie. In dit hoofdstuk worden de gekozen bestemmingen en bestemmingsregelingen globaal beschreven. Op de economische uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan wordt in hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid ingegaan. In hoofdstuk 9 Overleg en inspraak wordt verslag gedaan van het overleg en de inspraak.

13

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

14

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Hoofdstuk 2 2.1

Bestaande en toekomstige situatie

Positie in de stad

De KC-locatie is gelegen in het Beatrixkwartier, het Haagse businessdistrict ten oosten van de sporen, en maakt onderdeel uit van het Central Innovation District (CID), het 'economische hart van Den Haag'. Het CID karakteriseert zich als een innovatief en bedrijvig kennisecosysteem. De locatie is een belangrijke schakel tussen CS-Oost en het Beatrixkwartier en een van de vier hoekpunten van de vierkante ruggengraat van het CID.

Afbeelding 2.1: positie van de KC-locatie in de stad Aan de westzijde wordt het plot begrensd door de Utrechtsebaan, aan de noordzijde door de Juliana van Stolberglaan, aan de oostzijde door de Prinses Beatrixlaan en aan de zuidzijde door de naastgelegen Monarch-plot. De KC-locatie ligt op 600 meter afstand van Den Haag Centraal, heeft voor de deur diverse lightrail, tram- en bus aansluitingen en ligt op slechts 1 minuut van de aansluiting met de Utrechtsebaan en het Rijkswegennet.

15

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Afbeelding 2.2: Het Koninklijk Conservatorium en omgeving De komende 20 jaar komt een enorme hoeveelheid aan ontwikkelingen in het CID samen. Het stationsgebied Den Haag Centraal, waar de KC-locatie aan grenst, is volop in ontwikkeling. Ook wordt er rondom Den Haag Laan van NOI verdicht en geïntensiveerd, waarbij er zowel meer kantoor- als woonprogramma en voorzieningen aan het hele gebied worden toegevoegd.

2.2

Kwaliteiten

2.2.1

Positie in het CID

Het Beatrixkwartier, waar het plangebied in is gelegen, ligt tussen de Policy Campus rondom Den Haag Centraal Station (met Campusboulevard als onderdeel hiervan) en de ICT-Security Campus rondom Den Haag Laan van NOI. De KC-locatie is een belangrijke schakel in het gebied tussen Den Haag Centraal en Laan van Nieuw Oost Indië (het CSNOI gebied). Het is bij uitstek de locatie die verbinding legt tussen de Policy Campus op CS-Oost en het Beatrixkwartier. Daarnaast markeert het een van de hoekpunten van het CID; de plekken waar de vierkante ruggengraat van het CID van richting verandert. Als zodanig neemt het een prominente plek in in het CID. 2.2.2

Cultuurhistorische waarden bestaand gebouw

De cultuurhistorische waarde van het huidige Koninklijk Conservatorium is onderzocht (SteenhuisMeurs 2021). Geconcludeerd is dat het pand vanuit cultuurhistorisch perspectief waarde heeft: Het gebouw is van betekenis in het oeuvre van de architect Leo Waterman. Het gebouw is een van zijn grotere nog bestaande werken en is vrijwel intact gebleven. In architectuur is het een krachtig voorbeeld van Post 65-architectuur. In functie weerspiegelt het gebouw de veranderingen die het (muziek)onderwijs in de jaren zestig en zeventig onderging. Het gebouw is van stedenbouwkundige waarde als schakel tussen twee stedelijke systemen en als poortwachter aan de kop van het Prinses Beatrixkwartier.

16

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Het Koninklijk Conservatorium heeft als ensemble bijzondere waarde. Dit ensemble bestaat uit: 1. de hoofdopzet van het gebouw, bestaande uit een aantal bouwvolumes rond twee groene binnenhoven, met in het hart een centrale ontmoetingsruimte. 2. De sterke geleding en de zorgvuldig afgestemde compositie van volumes, met veel hoogte- en maatverschillen. Verschillende aspecten van het Koninklijk Conservatorium geven het gebouw een architectonische waarde, zoals de kubische vormgeving, rechtlijnigheid en tegelijkertijd speelsheid van de architectuur.

2.3

Knelpunten

Het grootste aandachtspunt voor het Beatrixkwartier en het naastgelegen CS-Oost zijn de vele barrières die zich in het gebied bevinden. Ook wordt het gebied gedomineerd door een overmaat aan infrastructuur. De KC-locatie, ingeklemd tussen drie grote wegen, heeft hier last van. Dit zorgt voor een slechte aansluiting tussen de gebouwen en de openbare ruimte en maakt dat de openbare ruimte in het gebied zeer weinig verblijfskwaliteit heeft. De vele barrières en de grote blokmaten maken het Beatrixkwartier en de directe omgeving slecht doorwaadbaar, wat lopen ontmoedigd. De vele autokruisingen maken het ook voor fietsers een lastig gebied om doorheen te bewegen. De verouderde gebouwvoorraad toont nog veel gesloten plinten op maaiveld en entrees met weinig interactie met de straat, zo ook het voormalige gebouw van het Koninklijk Conservatorium dat nog op de KC-locatie staat. De buitenruimte is zeer stenig ingericht, zonder groen, met weinig aandacht voor de verblijfskwaliteit en het gebied staat daarmee voor een grote klimaatopgave omdat er veel wateroverlast en hittestress is. Specifiek gelden voor de KC-locatie de volgende knelpunten: Slecht ter voet bereikbaar vanaf Den Haag CS Door de positie van de KC-locatie te midden van grote infrastructuren is de locatie slecht bereikbaar voor voetgangers vanaf Den Haag Centraal. Ook is de route van CS-Oost onaantrekkelijk.

Grote mate van verharding De locatie is in de huidige situatie bijna compleet bebouwd en stenig ingericht, met uitzondering van het binnenhof. De buitenruimte van de KC-locatie is bijna volledig verhard vanwege het aanwezige parkeerterrein en fietsenstallingen. Groen is beperkt aanwezig in de vorm van een bomenrij en planten gevangen in betonnen bakken. Hierdoor is er sprake van weinig verblijfswaarde en veel klimaatproblematiek door onvoldoende oppervlak voor waterinfiltratie en - retentie en te weinig groen om hittestress-effecten te verminderen. Anoniem bouwblok met grote blokmaat en onaantrekkelijke plinten Het gebouw is gebouwd in een modernistische stijl en is door de geluidseisen die het Koninklijk Conservatorium stelde aan haar binnenruimtes zeer naar binnen gericht. De gevel aan de Juliana van Stolberglaan is anoniem met kleine ramen en dichte gevels. De gevel aan de Beatrixlaan heeft meer openheid door de glazen gevel, maar heeft geen entree en weinig levendigheid achter de plint. De uitstraling naar de Utrechtsebaan is vrijwel volledig anoniem. Tevens is het een blok met een grote blokmaat zonder enige doorkijk of doorwaadbaarheid.

17

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Afbeelding 2.3: de KC-locatie gezien vanaf de Utrechtsebaan

2.4

Visie en ambitie

2.4.1

KC-locatie als onderdeel van de grotere gebiedsontwikkeling

Het Beatrixkwartier, waar de KC-locatie een onderdeel van uitmaakt, ontwikkelt zich verder als economische toplocatie met veel ruimte voor kantoren en aanverwante functies. Het Beatrixkwartier wordt een levendig, gemengd zakendistrict waar wonen, werken en voorzieningen elkaar versterken. In het hele gebied wordt ingezet op het verzilveren van de belangrijkste kansen om te vergroenen en verduurzamen om daarmee de aantrekkelijkheid en toekomstbestendigheid van het gebied te vergroten. De herontwikkeling van de KC-locatie biedt kansen om bij te dragen aan de ontwikkeling van het Beatrixkwartier. De KC-locatie maakt een onderdeel uit van de vergroeningsambitie van het gebied. 1. Vergroenen op plotniveau (korte termijn) Op het laagste schaalniveau wordt er gezocht naar extra ruimte voor vergroening op de verschillende ontwikkelplots in het gebied, waar de KC-locatie er een van is. Het is dan ook van belang om op alle ontwikkellocaties, waaronder de KC-locatie, ruimte te creëren voor vergroening. Dit kan gedaan worden in de vorm van pocketparken en/of publiek toegankelijke groene binnenhoven. Deze vergroening kan op korte termijn gerealiseerd worden. Op de korte termijn draagt deze vergroening bij aan een betere leef- en verblijfskwaliteit van de omgeving. In de verdere toekomst zullen deze plekken een belangrijke schakel gaan vormen in het grotere stedelijke groennetwerk. 2.

Vergroenen Prinses Beatrixlaan (korte - middellange termijn) Op een hoger schaalniveau wordt gezocht naar het toevoegen van groen op de Prinses Beatrixlaan. Het accent ligt op het creëren van een gebied waar ontmoetingen, levendigheid en een hoge verblijfskwaliteit

18

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

centraal staan, met veel interactie, mensen op straat en verblijfsmogelijkheden. Het aanpassen van het profiel van de Prinses Beatrixlaan door het verminderen van het aandeel infrastructuur laat ruimte vrij voor de voetganger, verblijf en vergroening. Het toevoegen van groen draagt bij aan de klimaatadaptatie van het gebied en het vergroten van de biodiversiteit. Hierbij is voor de ontwikkeling van de KC-locatie van belang dat een nieuwe ontwikkeling niet alleen in de huidige situatie leidt tot een goede ruimtelijke kwaliteit, maar ook kan anticiperen op de aanpassingen aan de Prinses Beatrixlaan. 3. Groen-blauwe Schenkzone (middellange termijn) Op een nog iets hoger schaalniveau wordt er gezocht naar het toevoegen van groen door de ecologische Schenkzone uit te breiden. Dit kan worden gerealiseerd door de Schenkzone door te trekken vanaf de Prinses Beatrixlaan richting het spoor en te verstevigen door er een lineair park van te maken. Hiermee kan de historische continuïteit van de Schenk weer worden ervaren en wordt deze interessant voor wandelaars en fietsers als route tussen landgoed Ten Horsten en het Zuiderpark. Het realiseren van deze ambitie is mogelijk wanneer het Schenkviaduct wordt vervangen of getransformeerd. 4.

Toekomstambitie park op de Utrechtsebaan Op het hoogste schaalniveau wordt er gezocht naar het toevoegen van groen op de Utrechtsebaan door deze te vertunnelen en te verparken. Middels dubbel ruimtegebruik kan er openbare ruimte worden toegevoegd aan de stad. Door in te zetten op een groene aantrekkelijke openbare ruimte ontstaat de mogelijkheid om rondom de randen van de parkzone te verdichten. Bovendien kan een park op de Utrechtse baan midden in het CID een robuuste verbinding maken tussen de Schenkzone en het Haagse Bos. Dit is een onzekere ambitie. 2.4.2

Sloop- nieuwbouw ontwikkeling

Ondanks de cultuurhistorische waarde van het bestaande pand gaat de herontwikkeling uit van een sloop-nieuwbouw scenario. Dit heeft meerdere redenen. Uit onderzoek naar de technische staat van het gebouw blijkt dat de technische staat matig tot redelijk is. Om het pand aan te passen aan de eisen van deze tijd met betrekking tot duurzaamheid, veiligheid, functionaliteit, comfort en toegankelijkheid) zijn meerdere grootschalige, kostbare ingrepen nodig. Bij transformatie van het bestaande pand wordt er ingeleverd op belangrijke gebiedsambities uit de Structuurvisie CID. Onder andere op de ambitie om de groei van de stad gestalte te geven door intensivering van het gebied, waarbij er sprake is van een combinatie van verdichting, kwalitatieve openbare ruimte, vergroening, verduurzaming en hoogwaardige mobiliteit. Indien het huidige gebouw behouden dient te blijven leidt dit zeer waarschijnlijk tot een kleiner ontwikkelvolume dan bij een sloop-nieuwbouw variant. Bij volledig behoud van het gebouw is er geen tot minimale mogelijkheid voor de aanleg van een ondergrondse parkeergarage en logistieke oplossing. Bij gedeeltelijk behoud ontstaan er mogelijkheden voor een parkeeroplossing op eigen terrein, maar met onvoldoende capaciteit om te kunnen voldoen aan de gemeentelijke parkeernormen. Het behoud van het bestaande gebouw past niet in de ontwikkelstrategie.

Er wordt met het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) en de ANWB samengewerkt aan een gecoördineerde ontwikkeling. Partijen realiseren hierbij, in nauwe onderlinge afstemming, ieder een eigen ontwikkeling boven op een ondergrondse parkeergarage. Het huidige gebouw is ontworpen voor de huidige functies met zeer specifieke eisen. Dat maakt een efficiënte en financieel gezonde exploitatie voor toekomstige functies zeer complex. Het is onzeker of de kosten voor renovatie en modernisatie terugverdiend kunnen worden.

19

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

2.4.3

Economische toplocatie

De KC-locatie is een belangrijke locatie voor nieuw kantorenprogramma. De ligging biedt kansen om de relatie te verbeteren tussen het Rijkskantorendistrict rondom CS/ CS-Oost en het zakelijke kantorendistrict in het Beatrixkwartier. De gemeente zet daarom in op het realiseren van nieuwe kantoren op de KC-locatie. Om tot een goede economische toplocatie te komen wordt er ingezet op het toevoegen van (economische) voorzieningen in de plint zodat het maaiveldniveau verlevendigd en er een bruisende omgeving kan ontstaan. Zichtbare, royale entrees aan zowel de Juliana van Stolberglaan en de Prinses Beatrixlaan / pocketpark dragen hier aan bij. Daarnaast wordt er ingezet op het creëren van verblijfsplekken op de plot zelf voor werknemers en bewoners van de aanpalende woonwijken, door middel van het realiseren van een pocketpark. Hierbij wordt er zorg gedragen voor een goede relatie tussen de gebouwen en het pocketpark, zodat deze zowel als entree voor die nieuwe kantoren als verblijfplek voor de buurt kan dienen. Door de belangrijke positie in het CID wordt er ingezet op een alzijdig karakter van de ontwikkeling, waarin mede wordt geanticipeerd op de mogelijke ambitie om op de Utrechtsebaan een park te ontwikkelen.

20

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Hoofdstuk 3 3.1

Planbeschrijving

Inleiding

De KC-locatie ligt in het Central Innovation District. De gemeente wenst de ANWB als belangrijke werkgever voor Den Haag te behouden. Zodoende wordt er op de KC-locatie ingezet op nieuwe huisvesting van de ANWB. Gezien de centrale ligging tussen CS-Oost en het Beatrixkwartier en de nabijheid van de Utrechtsebaan heeft de ANWB voor deze locatie gekozen. De ANWB heeft een uitgesproken idee over haar nieuwe huisvesting; het wordt een compact en 'clubhuis-achtig' concept met een herkenbare identiteit, grote vloeren en omvangrijke atria. De andere helft van de kavel is gereserveerd voor het Rijksvastgoedbedrijf (RVB), die hier een nieuw Rijkskantoor zal realiseren voor een nog nader te bepalen gebruiker. De impact van corona en als gevolg daarvan thuiswerken is nog niet geheel duidelijk. Onbekend is of dit leidt naar een behoefte tot minder meters. Het hybride werken vraagt om andere gebouwen en tot andere invullingen, denk aan functies om elkaar te ontmoeten. Daarnaast kent het Rijk de afgelopen jaren een groei aan arbeidsplaatsen die niet opgevangen kan worden in de huidige portefeuille en is er dus behoefte aan extra huisvesting. Het Rijk werkt aan de verduurzaming van haar portefeuille en houdt haar bestaande voorraad op orde door te renoveren waar dat noodzakelijk is. Bij nieuwbouw en renovatie maakt het RVB gebruik van de mogelijkheid om kantoren te verduurzamen.

Om de portefeuille te verduurzamen en te renoveren is schuifruimte noodzakelijk. Ook dat geeft een extra huisvestingsbehoefte. Een deel van de portefeuille bestaat uit huurpanden en het is de strategische wens van het Rijk om daar minder afhankelijk van te zijn. Het Rijk heeft daarom nog steeds behoefte aan kantoren in Den Haag. Voor het Rijk is de nabijheid van het OV en de centrale ligging van belang. Gezien de gebondenheid van het Rijk aan Den Haag en beperkte mogelijkheden om te kunnen ontwikkelen heeft het RVB samen met de gemeente onderzocht of ze kan landen op de voormalige KC locatie. Totaal komt er circa 61.000 m2 BVO op deze locatie (metrages worden definitief na afronding van ontwerpfase). Op de nieuwe locatie krijgen de kenmerkende bedrijfsonderdelen van de ANWB een prominente plek. Het RVB onderzoekt de mogelijkheden van een nieuw Rijkskantoor op de KC-locatie. Het streven is om, vergelijkbaar als bij het ANWB kantoor, ook bij dit kantoor de plinten openbaar toegankelijk te maken met een invulling met diverse, deels publieke, functies die bijdragen aan de attractiviteit van de locatie. Door de realisatie van de KC-locatie met aandacht voor de openbare ruimte en openbaar toegankelijke plinten ontstaat een aangenaam verblijfsgebied voor de werknemers, externe gasten, omwonenden, passanten en maatschappelijke groepen.

De KC-locatie zorgt voor een logische verbinding met zowel CS-Oost als het Beatrixkwartier, waar de laatste jaren ook de nodige hoogwaardige kantoor- en woongebouwen zijn gerealiseerd en in de toekomst nog meer kantoor- en woongebouwen zullen worden gerealiseerd. De KC-locatie is een belangrijke 'aanjager' waar het gaat om het realiseren van werkgelegenheid, kwaliteit, duurzaamheid en 'placemaking' van het gebied, vooruitlopend op de verdere gebiedsontwikkeling. De KC-locatie zal zich tot een 'hoeksteen' binnen het CID ontwikkelen en zich onderscheiden door de kwaliteit van de openbaar toegankelijke plinten, het groen van het 'pocket park', de hoge kwaliteit van architectuur en de duurzaamheid van de gebouwen zelf. Een deel van de ondergrondse parkeergarage kan voorts gaan fungeren als een strategisch gelegen 'mobility hub' voor het centrum van Den Haag. De ANWB onderzoekt hiervoor of hun parkeergarage openbaar toegankelijk kan worden. Afbeelding 3.1 toont het plangebied van de KC-locatie. Afbeelding 3.2 toont een ontwerpschets van beide kantoorgebouwen, gezien vanuit de Beatrixlaan.

21

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Afbeelding 3.1: plangebied KC-locatie inclusief footprint beoogde kantoren (bron: Witteveen + Bos)

22

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Afbeelding 3.2: aanzicht beoogde ontwikkeling gezien vanuit de Juliana van Stolberglaan (bron: Peutz) De hoogte van het RVB kantoor is in dit model 76 meter.

3.2

Programma

De ontwikkeling bestaat uit circa 61.000 m2 BVO (bovengronds) op de KC-locatie, waarvan circa 25.000 m2 BVO voor de ANWB en circa 36.000 m2 BVO voor het RVB. De ontwikkeling bevat een stedelijk economisch programma van werken en voorzieningen. Het toekomstige programma omvat: ANWB Een kantoorgebouw ten behoeve van ANWB van circa 25.000 m² BVO bovengronds programma bestaande uit een: Levendige (deels) publieke & maatschappelijke begane grond en 1e verdieping met onder andere een ANWB winkel, ANWB café/ espressobar, bedrijfsrestaurant, theater, (kinder-)fietsenwerkplaats, restaurant, diverse bijzondere thema / innovatie ruimten en opleidings- en trainingsruimtes. Overige verdiepingen met verschillende functies zoals kantoorruimtes, ANWB alarmcentrale, het leden service center en andere ANWB kantoor gelieerde functies voor eigen gebruik. De dienstverlenende activiteiten van de ANWB zijn hoofdzakelijk gericht op: dienstverlening op het gebied van verkeer en vervoer; dienstverlening op het gebied van toerisme, uitstapjes en outdooractiviteiten. De dienstverlening bestaat onder andere uit het verlenen van informatie, praktische en juridische hulp.

23

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

RVB Een kantoorgebouw ten behoeve van de Rijksoverheid van 36.000 m² BVO bovengronds programma, waarvan: 1.500 m2 tot 5.000 m2 voor een (geheel of gedeeltelijk) publiek toegankelijke stadslobby gecombineerd met het entreegebied van de kantoren: 0 tot maximaal 1.500 m2 voor commerciële plinten (lichte horeca en/ of dienstverlening): tot maximaal 34.500 m2 kantoorruimte (afhankelijk van bovenstaande inpassingen). Het ondergronds programma voor beide ontwikkelingen voorziet in een 2-laagse parkeergarage voor autoparkeren, fietsparkeren en logistieke afhandeling (circa 8.500 m2 BVO kelderruimte ANWB, circa 8.000 m2 BVO kelderruimte RVB). Plintenvisie De zogenoemde ‘plint’ is het deel van het gebouw dat vanaf de straat het meest zichtbaar is voor de langslopende voorbijganger en waar interactie plaatsvindt tussen de straat en het gebouw. Dit is de plek waar bedrijvigheid, voorzieningen en woningen zich presenteren aan de stad en waar de dynamiek en levendigheid het meest tot uiting komt. Een goede invulling en vormgeving van de plint is daarom van groot belang voor de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de stad. In de bijlage Plintenvisie wordt nader ingegaan op de plintenvisie voor deze locatie.

Om het gewenste programma en kwaliteit te bereiken, maakt de gemeente gebruik van verschillende instrumenten: richting geven in de gesprekken met de ontwikkelende partijen en regulering door middel van de planregels van het bestemmingsplan en via het beeldkwaliteitsplan.

3.3

Buitenruimte

Agenda vanzelfsprekend toegankelijk Nederland heeft in 2016 het VN-verdrag Handicap ondertekend. Dit betekent inzet op extra bovenwettelijke eisen op het gebied van toegankelijkheid. In de Agenda vanzelfsprekend toegankelijk Den Haag 2020-2022 (RIS306623, 2020) is vastgesteld dat de gemeente een voorbeeldfunctie voor de toegankelijkheid heeft. Hierbij gaat het om toegankelijkheid voor iedereen met of zonder beperking van openbare gebouwen, maar ook van de openbare ruimte. Toegankelijkheid is daarom norm in de ontwerp-, uitvoerings- en beheerprocessen. Van belang is in dit kader onder meer dat hellingbaan voldoende ruimte heeft voor fietsers en qua hellingsgraad ook voor minder vitale werknemers te gebruiken is. Pocketpark Op het kavel wordt een kwalitatief hoogwaardig en publiek, voor iedereen toegankelijk, groen pocketpark gerealiseerd. Er komen goede, toegankelijke aansluitingen vanaf dit pocketpark op het omliggende maaiveld en de naastgelegen Monarch-kavel. Het betreft een kwalitatief groene invulling die een bijdrage levert aan de biodiversiteit en klimaatadaptatie (water en hitte). De eisen voor toegankelijkheid, die getoetst worden, zijn tevens de normen voor mindervaliden.

24

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Afbeelding 3.3 Ligging pocketpark en verbindingen voor voetgangers

3.4

Ontsluiting en parkeren

Mobiliteit De KC-locatie is onderdeel van het Beatrixkwartier. De huidige openbare ruimte van het Beatrixkwartier is voor een groot deel vormgegeven met de auto als uitgangspunt. Het meest in het oog springende voorbeeld hiervan is de Utrechtsebaan met de aansluitingen op Schenkkade en de Juliana van Stolberglaan. Maar ook elders in het gebied, zoals in het straatbeeld van de Prinses Beatrixlaan is de auto nadrukkelijk aanwezig. Meer ruimte voor de fietser en de voetganger De ontwikkeling van het Beatrixkwartier moet gepaard gaan met het verminderen van de barrièrewerking van de huidige auto infrastructuur voor de fietser en voetganger, hierdoor wordt het Beatrixkwartier aantrekkelijker voor deze groep gebruikers. Samen met het nabijgelegen OV voorziet de nieuwe mobiliteitsstructuur voor langzaam verkeer in de behoefte die gepaard gaat met het geplande kantoor en woonprogramma. Niet alleen wordt het prettiger om in het gebied te verblijven, ook kan de dan nog aanwezige infrastructuur makkelijker en sneller overgestoken worden. Er ontstaan veilige routes en oversteekplekken, waarbij conflicten tussen verkeersstromen worden vermeden. Ook een goede aansluiting van entrees en ingangen op de buitenruimte draagt hieraan bij.

De transformatie van de Beatrixlaan en mogelijk ook de Utrechtsebaan naar meer een verblijfsgebied en aanpassingen in de verkeerscirculatie scheppen de randvoorwaarde voor meer lopen en fietsen als mobiliteitskeuze en verbeteren tegelijk de kwaliteit van de leefomgeving. Door het vergroenen en mogelijk versmallen van de Prinses Beatrixlaan krijgt deze de kwaliteit die past bij een hoofdfietsroute en wordt ze onderdeel van het fietssternetwerk. De fietsroute langs de Schenkkade wordt verbeterd en krijgt het profiel en de uitstraling die bij een hoofdfietsroute past. Ontwikkelingen in het gebied dragen zorg voor voldoende en kwalitatief goede inpandige fietsvoorzieningen. De KC-locatie grenst aan de Utrechtsebaan, de regionale hoofdweg voor het autoverkeer, en de Juliana van Stolberglaan en prinses Beatrixlaan, beide als wijkontsluitingsweg aangemerkt in de Straten Wegen Lanen (RIS280303) voor het autoverkeer. Naast een belangrijke functie voor het autoverkeer, hebben zowel de Juliana van Stolberglaan als de prinses Beatrixlaan een belangrijke functie in het fietsroutenetwerk, respectievelijk als onderdeel van een sterfietsroute en als stedelijke hoofdfietsroute. Door de nabijheid van zowel de treinstations Laan van NOI als Den Haag Centraal, Randstadrail, tram en bus, en daarmee de aanwezigheid van voldoende (hoogwaardig) openbaar vervoer, is de KC-locatie

25

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

uitermate goed bereikbaar met het openbaar vervoer.

3.5

Duurzaamheid

Algemeen Den Haag wil in 2030 een klimaat neutrale stad zijn. Ontwikkelingen zoals de KC-locatie bieden kansen om een toekomstbestendige energievoorziening en een gezond (woon- en) werkklimaat te realiseren en zo de CO2 uitstoot van de stad te beperken. Ook biedt dit project kansen voor een klimaatbestendig en natuurinclusief ontwerp, hergebruik van materialen en bouwtechnieken waarmee elementen en grondstoffen in de toekomst eenvoudiger hergebruikt kunnen worden. Onderstaand worden de verschillende duurzaamheidsthema's uitgewerkt. Een algemeen uitgangspunt dat kan helpen om duurzaamheid te borgen is het toepassen van integrale presentatie-instrumenten GPR of BREEAM. Bij het behalen van een GPR-score van 8,5 voor toekomstwaarde en een 8 voor de overige thema's maakt een aanvrager aanspraak op groene legeskorting. Daarnaast helpen deze instrumenten om duurzaam te bouwen met een maximale vrijheid voor ontwikkelaars. Veel nieuwbouw in Den Haag en Nederland laat ziet dat dit goed haalbaar is. Energie De visie van gemeente Den Haag op de energietransitie is opgenomen in het Stedelijk Energie Plan (RIS306869). Vervolgens heeft de gemeente Transitievisie Warmte (RIS311707) opgesteld welke voor in januari 2022 is vastgesteld door de Raad. Vanuit deze twee visiedocumenten van de gemeente wordt uitvoering gegeven aan de energietransitie in Den Haag. Daaruit volgt het onderstaande.

De transitie van aardgas als energiebron naar hernieuwbare energiebronnen is een belangrijke beleidsdoelstelling van de gemeente Den Haag. Energie uit hernieuwbare bronnen is schaars. Dit betekent dat we de energie uit alle duurzame bronnen in de stad zo efficiënt mogelijk moeten verdelen over de stad. Dat begint bij het verminderen van de energievraag door te isoleren en andere manieren om energie te besparen. Voor de verwarming van gebouwen moeten dus andere duurzame energiebronnen worden ingezet, om de doelstellingen te realiseren. Verder gaat de gemeente Den Haag er van uit dat de komende decennia groen gas en groene waterstof niet betaalbaar en in voldoende mate beschikbaar zullen zijn voor het verwarmen van gebouwen. Duurzame warmtebronnen zijn echter beperkt beschikbaar. Dat geldt met name voor warmte uit duurzame bronnen op een aanlevertemperatuur vanaf 70 °C (midden temperatuur 70 °C en hoge temperatuur 90 °C). In het Stedelijk Energie Plan en de Transitievisie Warmte is aangegeven dat de bestaande bouw moeilijk kan worden verwarmd met lage temperaturen. Voor de bestaande bouw is daarom alle beschikbare warmte met hogere aanlevertemperaturen (vanaf 70°C) nodig als alternatief voor het huidige aardgas. De gemeente wil de nieuwbouw niet (doen) aansluiten op hoge- of midden temperatuur warmtenetten, omdat deze warmtebronnen nodig zijn voor de bestaande bouw.

Nieuwbouw moet aan strenge isolatiewaarden voldoen, waardoor deze gebouwen met veel lagere temperaturen verwarmd kunnen worden. Voor deze lage temperaturen zijn meerdere energiebronnen beschikbaar, zoals duurzame elektriciteit opgewekt met wind en zon, warmte uit zonlicht, bodem, oppervlaktewater, riolering, en drinkwater. Het verwarmen en koelen van nieuwbouw met deze bronnen kan met bestaande en bewezen technieken. Zo voert de gemeente regie op de energietransitie in de stad en draagt bij aan de aardgasvrije doelstellingen van Den Haag en het landelijk Klimaatakkoord. Daarnaast gelden landelijke BENG normen voor het energiegebruik van het gebouw en de TO-juli normering voor de koeltevraag. Daken dienen gebruikt te worden voor klimaatadaptieve maatregelen (groen dak, wateropvang) in combinatie met het opwekken van duurzame energie (elektriciteit, warm water). Voor het bouwplan is het uitgangspunt dat wordt aangesloten op een lokale duurzame bron, waarbij geen interferentie optreedt met de bronnen van de nabijgelegen Monarch. Het bouwplan moet aansluiten op het strokenpatroon van het naast gelegen bodemenergieplan voor het Beatrixkwartier. Uitgangspunt is gebruik van doubletten in een open systeem, een mono bron heeft niet de voorkeur.

26

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Grondstoffen De beste vorm van materiaalbesparing, en daarmee CO2 uitstoot te voorkomen, is om een gebouw te laten staan en daarmee de levensduur te verlengen. Een slim ontwerp kan het mogelijk maken om de functie van een gebouw aan te passen zonder dat daarbij ingrijpende bouwprocessen komen kijken. Mocht het gebouw toch aan vervanging toe zijn, is het van belang dat gebouwdelen (bijvoorbeeld gevels, vloeren, daken of draagbalken) in zijn geheel opnieuw kunnen worden gebruikt. Het is van belang om zoveel mogelijk van ‘droge verbindingen’ (schroeven) gebruik te maken in plaats van ‘natte verbindingen’ (lijmen en storten). In de toekomst kunnen deze gebouwdelen dienen als herbruikbare materialen om zo een zeer lage MPG te behalen. Inventariseer in een vroeg stadium welke bestaande bouwmaterialen geschikt zijn voor hergebruik. De lijst met herbruikbare materialen kan dienen als input voor het nieuwbouwproces om zo een lagere MPG-score te behalen. Voor nieuwe bouwmaterialen kunnen materiaalpaspoorten worden opgesteld, zodat deze in de toekomst hergebruikt kunnen worden. Zet in op gebruik van materialen met een zo laag mogelijke CO2-uitstoot of zelfs klimaatneutraal of –positief zijn (bijvoorbeeld duurzaam hout).

Daarnaast dient er gekozen te worden voor materialen en producten met een lage CO2-uitstoot, zoals hergebruikt materiaal, biobased materiaal en groen/CEM III beton (betonakkoord 2018). Houd rekening met veranderingen, aanpassingen, onderhoud en vervanging van verschillende bouwonderdelen. Het toepassen van overmaat in de verdiepingshoogte waardoor flexibiliteit ontstaat om in de toekomst meerdere functies op te vangen is wenselijk. Voorafgaand aan de sloop is een inventarisatie gedaan van materialen die hergebruikt kunnen worden. Door hergebruik van materialen zal CO2 worden gereduceerd. Daarnaast zal door inzet van elektrisch materieel bij de sloop de schadelijke emissie worden gereduceerd. Het werk wat niet elektrisch kan worden uitgevoerd zal door energiezuinig materieel worden uitgevoerd. Afval Om als de stad te kunnen groeien en ontwikkelen op een manier waarbij we ook in de toekomst de aantrekkelijke leefomgeving kunnen blijven gebruiken en beheren, zal bij elk ontwikkelvoorstel en bouwproject de volwaardige uitwerking van het verzamelen en aanbieden van afval door middel van vooraf vastgestelde ontwikkelvoorwaarden, getoetst [moeten] worden in het vergunningsproces. Uitgangspunt hierbij is telkens systemen en middelen zo effectief mogelijk in te zetten en het bewoners zo makkelijk mogelijk te maken hun afval te scheiden en kwijt te kunnen.

De inzamelmiddelen voor bedrijfsafval mogen niet in de openbare ruimte worden geplaatst anders dan voor de inzameling door de afvalinzamelaar. Omdat binnen de bestaande grenzen van de stad meer bewoners en gebruikers komen terwijl de omvang en gerelateerde problemen van (huishoudelijke) afvalstromen de laatste decennia sterk zijn toegenomen, is het urgent om de opgave van en faciliteiten voor het verzamelen, scheiden en aanbieden van afval expliciet bij de gebiedsontwikkelingen en ook in de programmeer-, ontwerp- en ontwikkelproces van middelhoge en hoge bouwprojecten als ontwikkelvoorwaarde vast te stellen. Deze ontwikkelvoorwaarden betreffen drie aspecten: 1.Het maximaliseren van het hergebruik van grondstoffen door middel van het scheiden van afval in hoogwaardige fracties. Inzameling van afval dient zo circulair mogelijk te gebeuren: dicht bij de bron en op basis van hergebruik in de wijk, bijvoorbeeld composteren van GFT-afval in de binnentuinen, reparatie van apparaten, het weggeven van spullen, ect. Dit principe moet zo goed mogelijk in de bouwblokken, stempel of in de buurt worden gefaciliteerd.

2.De afstemming van een gekozen afvalscheiding- en verzameloplossing met de Haagse Milieu Services (HMS) als gecontracteerde, waarbij oplossingen onder meer getoetst worden op onder meer fysieke veiligheid en hanteerbaarheid in de logistieke keten van het woongebouw tot en met het centrale afvaloverslagstation in de stad. De toets bij HMS verloopt via de dienst Stadsbeheer, de opdrachtgever. 3.De nadrukkelijke aandacht voor de verblijfskwaliteit in de omgeving door het minimaliseren van de druk op de openbare ruimte met inpandige afval voorzieningen - ook verticaal - en een goede inpassing van opstelplekken in het ontwerp waarbij de ophaalbewegingen en verkeersstromen minder druk op de stad uitoefenen.

27

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

In het bouwplan wordt afvalinzameling inpandig dan wel ondergronds opgelost. Duurzame bouwlogistiek Bij bouwactiviteiten wordt gekeken naar duurzame bouwlogistiek om zo het effect op de stikstofdepositie in nabijgelegen natuurgebieden en de overlast in de omgeving te beperken. In principe geen gebruik van diesel aggregaten op de bouwplaats tijdens de sloop en de bouw (Actieplan Maatschappelijk verantwoord Inkopen (RIS299397)). Stedelijk groen De ontwikkeling van de KC-locatie kan een belangrijke bijdrage leveren aan de ambities op het gebied van de stedelijke groenstructuur, stadsbomen en stadsnatuur. Vanwege de beoogde belevings- en verblijfskwaliteit, het beperken van hittestress, de waterbergingsopgave en de bijdrage voor de ecologie, voegt het pocketpark essentiële kwaliteit toe aan de locatie en draagt het bij aan het invullen van de duurzaamheidsopgaven. Daarnaast kan het een schakel zijn in het netwerk van pocketparken tussen de nabijgelegen hoogbouw. De aanleg van het pocketpark kan bovendien gebruikt worden om meer bomen toe te voegen dan momenteel aanwezig zijn. Aangezien de gemeente de ambitie heeft om 5% meer kroonoppervlak te realiseren in 2030 is het noodzakelijk om te verkennen of de aanwezige bomen, zoals die op de binnentuin van het huidige KC-gebouw, behouden kunnen blijven.

Ook in de stedelijke laag zijn er kansen voor vergroening door de aanleg van groene daktuinen. Zie ook 4.3.5 Agenda Groen voor de stad en verder. Klimaatadaptatie Vergroening is een van de meest effectieve maatregelen op het gebied van klimaatadaptatie. Door het ontwerpprincipe 'groen, tenzij' te hanteren ontstaan veel infiltratiemogelijkheden om overlast van extreme neerslag en droogte tegen te gaan. Het voorkomt opwarming door de aanwezigheid van meer schaduwplekken door bomen en verdamping. Daarom is het zoveel mogelijk vergroenen van de buitenruimte op de KC-locatie een effectieve maatregel die meerdere doelen dient. Zie ook paragraaf 6.5.7 Klimaatadaptatie Gezondheid Een gezonde leefomgeving is een leefomgeving die als prettig wordt ervaren, waar gezonde keuzes gemakkelijk en logisch zijn en waar negatieve invloed op gezondheid zo klein mogelijk is. Belangrijke elementen voor een gezonde leefomgeving zijn: elkaar ontmoeten, ontspannen, uitnodigen tot bewegen (wandelen, fietsen, spelen, sporten), een goede milieukwaliteit (lucht, geluid), klimaatbestendigheid (hittestress en wateroverlast) en een goede toegang tot voorzieningen zoals een gezond voedselaanbod. Het pocketpark zorgt voor meer ruimte voor ontmoeting in de openbare ruimte. De aansluiting van het bouwensemble op omliggende wandel- en fietsroutes zorgt er voor dat lopen en fietsen gestimuleerd wordt.

Ook op gebouwniveau kunnen er maatregelen getroffen worden om gezond gedrag te bevorderen, bijvoorbeeld door de routing door het gebouw zo te ontwerpen dat de trap een logischere keuze is dan de lift en ook hier ruimte voor ontmoeting en ontspanning van werknemers te bieden. Mobiliteit In het CID gebied wordt ontworpen volgens het zogenaamde STOMP principe (in volgorde van belangrijkheid: Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Maas oplossingen en de Privé auto). Hierbij wordt zoveel als mogelijk ruimte gemaakt om langzaam verkeer te stimuleren, zoals de verbetering van de wandel- en fietsroute richting Centraal Station en Laan van NOI. Ook de aanwezigheid van kwalitatief hoogwaardig OV op loop- en fietsafstand draagt bij aan het verminderen van autobewegingen als gevolg van deze ontwikkeling. Voor de parkeeroplossing wordt onderzocht of deze een rol kan spelen in de mobiliteit van de omliggende wijken.

3.6

Beeldkwaliteit

Er wordt een apart Beeldkwaliteitdocument (BKD) opgesteld voor de KC-locatie. Dit BKD volgt de indeling van het Concept Kwaliteitsplan Central Innovation District (CID) dat de overkoepelende ambities voor het CID beschrijft. Het BKD zal door Welstand worden gebruikt voor de formele beoordeling van bouwplannen en wordt daarvoor apart door de gemeenteraad vastgesteld. Het BKD bevat een reeks uitgangspunten en eisen.

28

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

3.6.1

Herkenbaar Haags

De stad Den Haag kent niet een overheersend architectuurbeeld, of een overheersende materiaaltoepassing. De KC-locatie bevindt zich in een zone van het Beatrixkwartier waar met name kantoorgebouwen staan met een sterke horizontale geleding en vliesgevel architectuur. Het ensemble op de KC plot (RVB en ANWB) is een integrale ontwikkeling die aansluiting zoekt bij de karakteristieken van de bestaande gebouwen in de omgeving, maar tegelijkertijd ook invulling geeft aan de toekomstambitie van het gebied. Het ensemble sluit aan op de horizontale geleding van de omringende bebouwing en sterk reliëf en dieptewerking in de gevels. Daarnaast wordt er aangesloten op de warmgrijze aardetinten in de omgeving. Ook voor het materiaal wordt er gezocht naar aansluiting op de omgeving middels hout dan wel biobased materialen in lichte bruin- / grijstinten. Het uitgangspunt voor de herontwikkeling is een ensemble van twee gebouwen die samen een 'L-compositie' op de plot vormen met een nieuwe verblijfsplek, een pocketpark, in de oksel van de 'L'. Tussen beide bouwvolumes in komt een doorgang welke de schaal en maat van het perceel verkleind en deze doorwaadbaar maakt voor voetgangers. De afstand tussen beide volumes is minimaal 10 meter op het smalste punt. Beide volumes zijn alzijdig georiënteerd en krijgen entrees aan zowel de Juliana van Stolberglaan als aan de Prinses Beatrixlaan (i.e.

het pocketpark). De karakteristieken en de noodzakelijkheid van een goede aansluiting met de omliggende bebouwing zijn het uitgangspunt voor de architectuur van de KC-locatie. Om er zorg voor te dragen dat dit plot een uitstraling als ensemble krijgt, zullen de bouwvolumes samenhang vertonen in hun volumeopbouw en architectuur met behoud van eigen identiteit. Dit geldt m.n. voor de bouwdelen tot +/- 42 meter. De toren kan een sterkere expressie krijgen binnen de architectonische uitstraling van het ensemble. 3.6.2

Verblijfskwaliteit

De kwaliteit van de openbare ruimte is bepalend voor het bereiken van het beoogde centrummilieu voor het CID. Een hoge verblijfskwaliteit is de sleutel tot succes van het CID als plek voor ontmoetingen en uitwisseling van kennis. Om dit te bereiken is substantiële ruimte voor stads- en wijkparken, buurt (pocket)parken en groene pleinen nodig. De openbare ruimte rond het gebouw moet als uitnodigend ervaren worden en ook na werktijd en in het weekend levendig en actief zijn. Te allen tijde staat de beleving van de voetganger en ander langzaam verkeer (de fietser) voorop. Gemotoriseerd verkeer, zowel bewegend als stilstaand, wordt zoveel als mogelijk beperkt op maaiveld. Zowel parkeren als expeditie en bijbehorende bewegingen wordt ondergronds opgelost. Incidentele expeditie met grote voertuigen op maaiveld wordt tot een minimum beperkt. Als belangrijke schakel tussen CS-Oost en het Beatrixkwartier wordt het maaiveld maximaal doorwaadbaar en voor iedereen toegankelijk vanaf de Juliana van Stolberglaan en de Prinses Beatrixlaan. Hiertoe komen op de begane grond van de gebouwen grote, publiek toegankelijke, binnenruimtes met publiekfuncties en zichtbare entrees. De buitenruimte op de plot wordt ingevuld als kwalitatief hoogwaardig en publiek, voor iedereen toegankelijk, groen pocketpark.

Dit pocketpark zoekt aansluiting op de bestaande en toekomstige groenstructuren in de omgeving en gaat bijdragen aan de kwalitatieve vergroening van het Beatrixkwartier en het CID. In het pocketpark komt ruimte voor recreatie en er komen plekken voor verblijf. Ook langs de Utrechtsebaan wordt ingezet op een aantrekkelijk beeld. De programmatische invulling van de begane grond langs deze gevel is grotendeels (semi) publiek van aard en zal ook in de toekomst een levendige plint vormen aan het stadspark. 3.6.3

Lange Lijnen

De ruimtelijke visie voor het CID is gebaseerd op het idee dat er vanuit drie spoorwegstations en het historisch centrum langs de lange lijnen die de stad verbinden een hechte ruimtelijke samenhang en een herldere verbindingsstructuur ontwikkeld wordt.

29

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Het plot van de KC-locatie ligt op een belangrijk kruispunt van deze lange lijnen in het CID. Het plot ligt tegelijkertijd op een positie waar verschillende buurten en delen van de stad elkaar ontmoeten: het Beatrixkwartier, Den Haag Centraal en de omgeving van CS-Oost, het Bezuidenhout en net iets ten noorden van de plot het Haagse Bos. Het is belangrijk dat de plot aansluit bij de ambities om de Prinses Beatrixlaan en de Utrechtsbaan in te zetten om de stad te vergroenen en een landschappelijk netwerk te creëren langs de lange lijnen. 3.6.4

Voor iedereen

De ambitie van Den Haag is om het CID te ontwikkelen tot een gebied dat kansen biedt voor iedereen: toegankelijk en doorwaadbaar, veilig, gezond, inclusief en gebruiksvriendelijk. De gebouwen sluiten aan bij de CID ambitie om in het gebied banen, ruimtes voor werken, overleggen en bijeenkomsten en overige voorzieningen toe te voegen. Beide gebouwen hebben een hoofdfunctie als kantoor. Naast kantoorfuncties wordt maximaal ingezet op een divers programma aan kantoor gerelateerde functies en overige voorzieningen in de plinten en (delen van) de stedelijke laag die publiek toegankelijk zijn. Een deel van deze voorzieningen zullen buiten werktijd en in het weekend open zijn. Daarnaast wordt er een kwalitatief hoogwaardig pocketpark gerealiseerd. Onder het pocketpark bevindt zich een parkeergarage, waarvan een deel publiek toegankelijk is, zodat bezoekers en mensen uit de buurt daar ook gebruik van kunnen maken. Het pocketpark wordt in co-creatie met de buurt ontworpen en zo ingericht dat het voor iedereen aantrekkelijk is om er doorheen te wandelen of te verblijven. 3.6.5

Mix

Het CID wordt een gemengd en gedifferentieerd (hoog)stedelijk gebied dat wordt gekenmerkt door een hoge concentratie van woningen, ruimtes voor werk, winkels en andere voorzieningen. Deze mix van functies levert niet alleen een levendig en aantrekkelijk straatbeeld op, maar zorgt er ook voor dat verschillende functies van elkaar kunnen profiteren. De combinatie van kantoren met een divers en toegankelijk aanbod van voorzieningen zijn de voorwaarde om hier een ontwikkeling te realiseren die voor bewoners, omwonenden, en de gehele stad betekenis en waarde heeft. 3.6.6

Haal er meer uit dan er in zit

Naast aandacht voor de impact van de verhoogde druk op de omgeving dient ook nagedacht te worden over de toekomstwaarde van een project. Flexibiliteit en veranderbaarheid is belangrijk voor de toekomstwaarde van een gebouw. 3.6.7

Natuurlijk

Groen wordt een essentieel onderdeel van de opgave bij nieuwbouw. Voor een gezond leefklimaat is een natuurlijke groene omgeving die klimaat adaptief is van belang. De gebouwen dienen ingebed te zijn in een maximaal groene maaiveldinrichting, waarbij er ingespeeld wordt op de verschillende karakteristieken van het plot. Verdichting gaat hier gelijk op met vergroening en verduurzaming. Ook voor de groene inrichting geldt: steeds gedacht vanuit de beleving van de voetganger.

30

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Hoofdstuk 4

Beleidskaders

4.1

Rijksbeleid

4.1.1

Nationale omgevingsvisie (NOVI)

Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet hoort een rijksbrede visie op de leefomgeving; de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), die de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte uit 2012 vervangt. De ontwerp-NOVI heeft ter inzage gelegen van 20 augustus tot en met 30 september 2019. Op 11 september 2020 is de NOVI vastgesteld. In de NOVI zijn 21 nationale belangen en opgaven benoemd, waarbij de volgende 4 prioriteiten worden onderscheiden: Ruimte voor Klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Bij het kiezen tussen strijdige ruimtelijke belangen worden drie afwegingsprincipes gehanteerd: combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies; kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; afwentelen wordt voorkomen. Samen met de regio's wil het rijk samenwerkingsafspraken opnemen in Gebiedsagenda's. De NOVI raakt geen van de belangen die in het bestemmingsplan "Juliana van Stolberglaan 1" worden afgewogen. Ladder voor duurzame verstedelijking De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro).

Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoeften en ontwikkelingen in de omgeving. De ladder geeft daarmee invulling aan het nationale ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten Bij besluit van 28 augustus 2012 is de Ladder voor duurzame verstedelijking toegevoegd aan artikel 3.1.6 Besluit ruimtelijke ordening. Op 1 juli 2017 is de gewijzigde ladder inwerking getreden. In paragraaf 6.4 Ladder voor duurzame verstedelijking wordt hier nader op ingegaan. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De Wet ruimtelijke ordening geeft aan de regering de mogelijkheid om bij algemene maatregel van bestuur (AmvB) regels te geven waarmee gemeenten bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening moeten houden. Het gaat daarbij niet alleen om procedureregels maar ook om de inhoud van bestemmingsplannen. Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden (Stb. 2011, 391). Bij het vaststellen van bestemmingsplannen, wijzigings- of uitwerkingsplannen maar ook bij projectuitvoeringsbesluiten (Crisis- en herstelwet) moeten gemeenten rekening houden met het Barro.

Een aantal projecten dat de regering van Rijksbelang vindt, wordt met het Barro dwingend geborgd in bestemmingsplannen of in andere ruimtelijke plannen van lagere overheden. De projecten worden benoemd en middels digitale kaarten ingekaderd. Per project worden regels gegeven waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Voor Den Haag zijn de binnen de gemeente gelegen militaire terreinen met de daarbij behorende zenden ontvangstinstallaties, en het Kustfundament van belang. In 2016 is een Besluit tot wijziging van het

31

bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 (ontwerp)

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening in verband met de herziening van de Beleidslijn kust en enige andere wijzigingen van kracht geworden. De locatie Juliana van Stolberglaan 1 heeft geen betrekking op een zend- en ontvangstinstallatie buiten een militair luchtvaartterrein, zoals aangewezen in artikel 2.6.2. zesde lid Barro en nader benoemd in bijlage 6 behorend bij artikel 2.1, zesde lid Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro). Volgens het Barro zijn er in het bestemmingsplan Juliana van Stolberglaan 1 geen projecten van Rijksbelang aanwezig waarmee bij de vaststelling van dit plan rekening moet worden gehouden.

4.2

Provinciaal beleid

4.2.1

Omgevingsvisie Zuid-Holland

Met het oog op de invoering van de Omgevingswet heeft de provincie Zuid-Holland al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving gebundeld in een Omgevingsvisie, Omgevingsverordening en bijbehorende programma's. De Omgevingsvisie is op 1 april 2019 in werking getreden en geldt als structuurvisie. Naast de beleidskeuzes bevat de visie een beschrijving van de ruimtelijke hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland en de omgevingskwaliteit. De Omgevingsvisie omvat de volgende wettelijk verplichte plannen: de provinciale ruimtelijke structuurvisie, artikel 2.2 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro); het milieubeleidsplan, artikel 4.9 van de Wet milieubeheer (Wm); het regionale waterplan, artikel 4.4 van de Waterwet (Ww); het verkeers- en vervoersplan, artikel 5 van de Planwet verkeer en vervoer; de natuurvisie, artikel 1.7 van de Wet natuurbescherming (Wnb). De provincie wil met haar omgevingsvisie een uitnodigend perspectief bieden, zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. Daarom omvat de Omgevingsvisie geen eindbeeld voor 2030 of 2050, maar wel ambities die voortkomen uit actuele maatschappelijke opgaven. De provincie ziet zes richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving.

Deze zijn: Naar een klimaatbestendige delta Naar een nieuwe economie: the next level Naar een levendige meerkernige metropool Energievernieuwing Best bereikbare provincie Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving De Omgevingsvisie Zuid-Holland raakt geen van de belangen die in het bestemmingsplan "Juliana van Stolberglaan 1" worden afgewogen. 4.2.2

Omgevingsverordening Zuid-Holland

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12932173/1