RIS315943 Bijlage 2 Gespreksverslag D66
Tekst van het document
Onderwerp Datum Fractie Fractievoorzitter Aanwezig
Gesprek met gespreksleider Bruno Bruins n.a.v. motie F.3 “Aanstellen gespreksleider” d.d. 11 mei 2023 Vrijdag 16 juni 12.45 uur D66 Marieke van Doorn Bruno Bruins (gespreksleider), Lilianne Blankwaard-Rombouts (griffier), Jochem Hoogenboom (verslaglegging), Marieke van Doorn (fractievoorzitter D66) en Yousef Assad (vicefractievoorzitter D66)
Het gesprek is opgebouwd uit vier elementen die voortkomen uit de motie F.3 “Aanstellen gespreksleider” d.d. 11 mei 2023, te weten: 1. Het grijze gebied; 2. De verhoudingen en het vertrouwen tussen partijen; 3. De verschillen in partijfinanciering (ongelijk speelveld en transparantie); 4. De samenstelling van het college van B&W. De fractie D66 Den Haag (hierna: “D66”) heeft de motie F.3 “Aanstellen gespreksleider” d.d. 11 mei 2023 niet ingediend, maar wel gesteund. Het is voor D66 van belang dat er een stap vooruit wordt gezet in de Haagse politiek. Naar aanleiding van het vonnis inhoudende de vrijspraak van De Mos ligt er een opdracht aan de landelijke en lokale politiek. 1.
Het grijze gebied
D66 wenst met de raad te spreken over het algemeen belang vs. het belang van de achterban. Het gesprek daarover kan volgens D66 aan de hand van diverse dilemma’s. Doordat de rechtszaak nog hangende was, heeft de raad niet eerder kunnen gesproken over dergelijke dilemma’s. Volgens D66 is het noodzakelijk de dialoog te voeren over hoe men in de raad denkt over het opkomen voor belangen, met als doel om daar een gedeeld beeld bij te hebben. D66 hoopt dat er meer ruimte zal zijn voor reflectie. Een ander thema in het ‘grijze gebied’ is voor D66 de rolvastheid van raadslid en wethouder. Het is volgens D66 niet zo dat het college daar zit voor hun eigen achterban. Volgens D66 zit een wethouder in het college voor de gehele stad. D66 ziet nog veel ruimte voor de verbetering in de samenwerking tussen de coalitie en oppositie. Het beeld dat is ontstaan dat de oppositie alleen steun krijgt van coalitiepartijen wanneer de wethouder akkoord is, daarover wil D66 het gesprek aangaan met de oppositie. D66 is in dit kader blij met de motie van de SP over informatievoorziening. 2.
De verhoudingen en het vertrouwen tussen partijen
De verhoudingen in de gemeenteraad zijn volgens D66 beschadigd. Het gaat er hard aan toe, ook via de media en sociale media. Volgens D66 bestaat er veel oud zeer bij alle partijen. De afgelopen jaren is volgens de partij te weinig gepraat met elkaar; daar bestaat nu pas ruimte voor. Er bestaat een gedragscode voor de raadsleden, maar volgens D66 leven de gemaakte afspraken onvoldoende in de raad. D66 wil graag naar een sfeer waarin mensen zich veilig voelen tijdens de raadsvergaderingen en daarbuiten. Hoewel de borrel na de raadsvergaderingen redelijk goed gaat, constateert D66 dat de sfeer in debatten soms te persoonlijk en hard wordt.
In dit verband speelt volgens D66 ook het dualisme een rol. De coalitie dacht stappen te hebben gemaakt in de verhoudingen en het vertrouwen tussen partijen. De oppositie heeft daar een ander beeld bij. D66 wenst daarover het gesprek te voeren en steekt een hand uit in de richting van de oppositie. Als voorbeeld wil D66 met de raad tezamen kijken naar het geld dat over is bij de begrotingsbehandeling. Dit om alle geluiden uit de stad beter te laten doorklinken. Gezamenlijke activiteiten met bewoners, zoals Raad in de Stad, dragen wat D66 betreft bij aan het verbeteren van professionele werkverhoudingen, de frequentie van dergelijke bijeenkomsten mogen omhoog.
3.
De verschillen in partijfinanciering (ongelijk speelveld en transparantie)
De afdelingsvoorzitter van D66 heeft initiatief genomen om met zijn collega’s van andere partijen in overleg te treden. Dit om elkaar te leren kennen en te spreken over hoe de partijen het doen. Hoewel het bestuur onafhankelijk is van de fractie, is D66 van mening dat de lokale politiek de grenzen moet stellen waarbinnen het bestuur van de lokale afdeling kan opereren. Vooruitlopend op landelijke wetgeving, kan de lokale politiek volgens D66 kaders stellen waarbinnen de afdelingen moeten opereren. D66 wenst lokaal afspraken te maken over de maximering van de hoogte van donaties en het aantal donaties van één donateur. Volgens D66 moet er een manier zijn waarop dit onderling bespreekbaar gemaakt kan worden. Op dit moment constateert D66 grote verschillen in de verslaglegging tussen de partijen. D66 is van mening dat transparant moet zijn van wie het geld komt. Transparantie helpt volgens D66 om de stad te laten zien dat de gemeente handelt in het algemeen belang. D66 benadrukt dat dit geldt voor alle partijen en niet alleen voor Hart voor Den Haag. D66 wil graag toewerken naar een omgeving waarin de raadsleden dit veilig bespreekbaar kunnen maken, zonder dat iemand zich aangevallen voelt. D66 heeft de motie Bos over partijfinanciering gesteund en opgevolgd. Zij verwachten dat alle andere partijen dit ook doen. 4.
De samenstelling van het college van B&W
De handtekening van D66 staat onder het coalitieakkoord en D66 staat voor het huidige college, dat na lange periode van onderhandelingen tot stand is gekomen. D66 staat open voor een gesprek in coalitieverband met Hart voor Den Haag en sluit niets op voorhand uit. Op dit moment is de situatie dat twee partijen (GroenLinks en PvdA) hebben aangegeven dit niet te willen. D66 wil rekening houden met de andere partijen en bestuurlijk betrouwbaar zijn. D66 hoopt dat er ruimte ontstaat als gewerkt wordt aan eerder benoemde punten. Voor D66 zijn : het wegwerken van achterstallig onderhoud (in de verhoudingen en het vertrouwen tussen partijen), transparantie in de partijfinanciën en het grijze gebied belangrijke voorwaarden waaraan gewerkt moet worden, alvorens D66 eventueel wil samenwerken in een college. Agendavoorstel voor Raadsconferenties D66 staat tijdens de raadsconferentie graag stil bij transparantie over donaties, en andere eerder genoemde zaken uit het grijze gebied en het achterstallig onderhoud in de raadsinstrumenten. Volgens D66 zijn de raadsinstrumenten uitgehold, is de vergaderhygiëne zoek en loopt de werkdruk op. Het presidium is nog niet toegekomen aan deze onderwerpen, dus het zouden thema’s voor de raadsconferentie kunnen zijn.