RIS315627 Staat van de Haagse Economie
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de Commissie Bestuur
DSO/10538396 RIS315627 Contactpersoon
Martijn van den Berge Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Economie Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
30 mei 2023
martijn.vandenberge@denhaag.nl
Onderwerp
Staat van den Haagse Economie 2022
Geachte voorzitter, Hierbij bied ik u ter informatie de derde editie van de Staat van de Haagse economie aan. De Haagse economie is hersteld van de coronacrisis en de positieve koers van pre-corona zet zich voort. Ook zien we een geconcentreerde ontwikkeling van startupactiviteiten rond de Haagse economische profielen van Impact, Recht (en overheid), (cyber)veiligheid en IT. Samen met de groei van onderwijsinstellingen ontstaat een steeds sterker totaalsysteem van ondernemerschap in Den Haag. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de robuustheid van dit positieve economische verhaal: er is een groot tekort aan bedrijfsruimte en arbeidskrachten, de groei drijft voor een groot deel op ZZP-ers en de arbeidsproductiviteit blijft achter. Aanleiding, doel en opzet van de monitor In 2020 is de Economische Visie door de Haagse gemeenteraad vastgesteld (kadernota “RIS303550 Economische Visie Den Haag+ 2030: Brede economische bloei in een stad zonder grenzen”). Hierin zijn de ambities en beleidskaders van het economiebeleid van Den Haag voor 2030 geformuleerd. Ook is vastgelegd dat er elk jaar een monitor verschijnt over de trends en ontwikkelingen in de Haagse economie. Zo kunnen we zien of de Haagse economie op koers ligt en of er knelpunten zijn1.
De monitor brengt dus niet de inspanningen en resultaten van beleid in beeld; dat gebeurt in de jaarlijkse voortgangsrapportage (“RIS313230 Economische uitvoeringsagenda Den Haag: voortgangsrapportage 2022”). Na het verschijnen van de nulmeting in 2020 (eerste editie), en een tweede editie (2021), volgt nu de derde editie (2022). Net als in de vorige edities staan de vier strategische doelen die in de Economische Visie zijn benoemd centraal: (1) attractiviteit stad voor bewoners, bezoekers en bedrijven, (2) veerkrachtige economische structuur, (3) excellent ondernemingsklimaat, (4) voldoende ruimte voor bedrijvigheid. Hoe staat Den Haag er op deze doelen voor? Het betreft een onafhankelijke rapportage die is opgesteld door de Haagse Hogeschool. De totstandkoming van de monitoring is wederom begeleid door een externe klankbordgroep 2. 1
Voorliggende is daarmee geen beleidseffectmeting.
2
Bestaande uit inhoudelijke vertegenwoordiging vanuit VNO/NCW, MKB-Nederland, UWV, Economic Board, Universiteit Leiden en CBS.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10538396
Inhoud derde editie De eerste editie kon worden gezien als een nulmeting van de in de Economische Visie geformuleerde ambitie van brede economische bloei. De tweede editie was wat betreft structuur en inhoud compacter en toegankelijker en was gebaseerd op beschikbare cijfers en onderzoeksgegevens uit 2020. Deze derde editie borduurt hierop voort en laat op basis van beschikbare onderzoeksgegevens de meest recente ontwikkelingen in 2021 zien (en daar waar mogelijk in 2022). Recentere data zijn niet beschikbaar. Daar waar mogelijk worden trends gesignaleerd op landelijk niveau, waarvoor de statistieken vaak eerder verschijnen. Bij iedere editie wordt een actueel thema uitgediept (special): in de eerste editie was dit de gevolgen van de coronacrisis, in de tweede was dit de toename en kenmerken van ZZP-ers en in deze derde editie is dat de energietransitie. Daarnaast kijkt de monitor verder terug op de periode 2010-2022. Dit maakt het mogelijk om de Haagse economie over een lange periode te analyseren en aanwezige trends uit te lichten. Ook worden de ontwikkelingen in Den Haag in vergelijking geplaatst met de ontwikkelingen in andere grote steden. Bevindingen De Haagse Hogeschool komt onder meer tot de volgende conclusies: De Haagse economie is hersteld van de coronacrisis: de economie van het stadsgewest ‘s-Gravenhage is in 2021 met 3,5 procent gegroeid.
Hiermee zet de groei van precorona door, alsook de relatief positievere trend vanaf 2019 ten opzichte van de 10 jaar daarvoor. De banengroei was met 3% eveneens weer hoog, waarmee de historische achterstand in groei met andere grote steden kleiner wordt.3 De economie toont veerkracht, maar de productiviteit blijft achter: de Haagse economie laat een positief verhaal zien en is veerkrachtig gebleken. Tegelijkertijd blijft de arbeidsproductiviteit al langer achter en is het laagst onder de G4. Met name de productiviteit in de bouw, industrie en logistiek blijft een punt van zorg. Daarnaast is de quartaire sector (overheid, zorg en onderwijs) relatief groot in Den Haag. Hoe relevant ook, dit zijn geen stuwende, exporterende en daarmee hoogproductieve sectoren. De nationale economie koelde recentelijk af: als gevolg van stijgende energie-, materiaal- en voedselprijzen (inflatie) kromp de Nederlandse economie in het derde kwartaal van 2022 met -0,2%. Hoewel een recessie werd voorspeld, was er weer een bescheiden groei in het vierde kwartaal (0,6%). Er is veel onzekerheid, maar de landelijke verwachting is dat de groei op een lager niveau zal liggen in 2023. Groot tekort aan kantoor- en bedrijfsruimte: het tekort aan voldoende en hoogkwalitatieve kantoorruimte op centrale locaties (CID en Binckhorst) blijft een aandachtspunt.
Door het hybride werken is het directe ruimtegebruik per werknemer gedaald, er is echter juist meer ruimte nodig voor ontmoeten en samenwerken. Het precieze kantorengebruik zullen wij blijven monitoren. Ook het tekort aan bedrijfsruimte blijft zeer urgent: 99% van de ruimte op bedrijventerreinen is uitgegeven en er zijn maar weinig concrete uitbreidingslocaties vastgelegd4. Het realiseren van (extra) bedrijfsruimte binnen de bestaande gebiedsontwikkelingen is complex en er is veel concurrentie van andere functies zoals wonen. Bovendien is het duur. Daarmee staat de beschikbaarheid en betaalbaarheid van ruimte voor werken onder druk.
3
Het is sinds 2007 geleden dat de Haagse Economie in 2019 (pre-corona) en in 2021 (post-corona) zo hard groeide. Het verschil in groei
met andere grote steden en Nederland gemiddeld is veel kleiner dan ervoor: de gehele periode tussen 2010 tot en met 2018 lag de groei in Den Haag onder die van de andere drie grote steden en het Nederlandse gemiddelde, met soms wel 6 procentpunt verschil met Amsterdam en Utrecht en 4 procentpunt verschil met het Nederlands gemiddelde. Inmiddels lag de groei in 2019 boven die van Rotterdam en het Nederlands gemiddelde en was het verschil met Amsterdam en Utrecht nog respectievelijk -2 en -1,5 procentpunt. En ook de impact van corona was kleiner in Den Haag. Het herstel is daardoor weliswaar ook kleiner; maar de verschillen lopen niet meer zo hoog op. Alleen het verschil met het sterke (en uitzonderlijke) herstel van Amsterdam bedroeg in 2021 nog 3 procentpunt. 4
Er zijn veel ideeën en “zachte” plannen, maar veel minder “harde”.
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10538396
-
-
-
-
-
Veel startupactiviteit in Haagse economische profielen: Den Haag heeft zich ten opzichte van de andere grote steden gespecialiseerd rond de thema’s Impact, (cyber)Veiligheid en Recht (en overheid). Dit sluit aan bij het doel om het profiel van Vrede en Recht te verdiepen: met inzet op een betere (Impact5),waaronder ook circulaire economie, veilige (Security) en rechtvaardige (Recht en overheid) wereld. Daarnaast is in absolute aantallen startups de IT-sector het grootst binnen Den Haag en de MRDH, met gerelateerd hieraan een specialisatie in financiële technologie (Fintech6). Den Haag scoort op veel elementen van het ecosysteem voor ondernemerschap 7 hoger dan het Nederlands gemiddelde. Kennis, leiderschap en toegang tot financiering zijn aandachtspunten gezien het verschil met het de andere grote steden en het Nederlands gemiddelde8. De banengroei drijft op ZZP-ers: veruit het grootste deel van de banengroei komt voort uit het stijgende aantal ZZP-ers. Dit jaar valt op dat het aantal banen bij MKB-bers (exclusief eenmanszaken) per saldo niet groeide (-0,2%). Bij het grootbedrijf was er wel groei. Krapte op de arbeidsmarkt én een lage arbeidsparticipatie: de krapte op de arbeidsmarkt houdt aan.
Bijna 45 procent van de ondernemers in Den Haag ervaart het vinden van passend personeel als een belemmering in het voortzetten van de onderneming, dit is hoger dan de andere drie grote steden (verschil is ongeveer 10%-punt met Rotterdam tot 4%-punt met Utrecht)9. Kenmerkend voor Den Haag is de laag blijvende arbeidsparticipatie, ondanks de krapte. De stad trekt veel nieuwe inwoners: Den Haag behoort nog steeds tot de meest aantrekkelijke plekken in Nederland om te wonen (plek 6 op de woonaantrekkelijkheidsindex). Dit sluit aan bij het strategische doel uit de economische visie van attractieve stad voor bewoners, bezoekers en bedrijven. De stad trekt veel studenten en immigranten aan. De energietransitie leeft steeds meer bij het bedrijfsleven: de uitdagingen om te verduurzamen zullen steeds vaker voelbaar zijn voor bedrijvigheid in de stad. Het aardgasverbruik in de gebouwde omgeving is hoger dan die in de andere drie grote steden. Ook is het verbruik van hernieuwbare energie relatief laag. Wel worden steeds meer bedrijfspanden verduurzaamd. Het college herkent deze conclusies en is van mening dat er extra stappen nodig zijn om het aardgasverbruik naar beneden te krijgen. Rond de zomer verschijnt er daarom een werkagenda energietransitie (naast een werkagenda leefomgeving, duurzame mobiliteit en grondstoffen/circulaire economie).
Het aantal klimaatgerelateerde vacatures en beroepen stijgt en zal gezien de opgave waarschijnlijk verder stijgen.
Aanknopingspunten ingezette beleidslijnen Met de nieuwe Economische Uitvoeringsagenda 2023-2026 (in behandeling) wordt het huidige beleid voortgezet en aangescherpt en zijn nieuwe accenten gelegd. Veel van de geconstateerde ontwikkelingen zijn hiermee reeds geagendeerd en opgepakt. Zo zijn er de volgende accenten in de uitvoeringsagenda die een relatie hebben met bovenstaande conclusies uit de Staat van de Haagse economie: Ruimte voor bedrijven: doel is een doorbraak in de realisatie van meer en goede werklocaties, door bestaande ruimte beter te benutten en nieuwe plekken te realiseren. Eerder verscheen de Urgentiebrief Bedrijfshuisvesting (RIS311819) en momenteel is het Programma Ruimte voor Werk in de maak met een concrete inzet van instrumentarium. 5
Zie impactcity.nl
6
Technologie gericht op het vernieuwen van financiële diensten; bijv. digitaliseren, versleutelen en beveiligen van diensten met IT.
7
Het geheel van actoren en factoren, zodanig gecoördineerd dat ondernemerschap floreert. Factoren zijn toegang tot kennis, financiering
en netwerken; het bestaan van een ondernemerschapscultuur en voldoende vraag; goede fysieke infrastructuur en voldoende ruimte; ondersteunende maar geen belemmerende regelgeving, innovatie-activiteit en leiderschap. 8
De investeringen in R&D liggen lager in Den Haag dan in de andere grote steden en Nederland gemiddeld (kennis). Er zijn ten opzichte
van het Nederlands gemiddelde relatief minder penvoerende organisaties in innovatieprojecten (leiderschap) en ontvangen minder bedrijven investeringen en/of zijn deze investeringen kleiner in omvang (financiering). 9
Groot-Rijnmond = 35%, Groot-Amsterdam =38%, regio Utrecht = 41%.
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10538396
-
-
-
-
-
Krappe arbeidsmarkt: streven is een betere aansluiting tussen onderwijs, arbeidsmarkt en economie. Met de aanpak aansluiting onderwijs, arbeidsmarkt en bedrijfsleven (RIS 314887) presenteerde het college de eerste beelden om samen met de partijen in de stad te komen tot een ‘doe-aanpak’ op dit onderwerp. De krapte in klimaatgerelateerde beroepen maakt onderdeel uit van deze aanpak. Ontwikkeling van het bedrijfsleven in kansrijke sectoren: het college kiest ervoor om door te pakken op het verdiepen van Haagse profielen: voor een betere (Impact City), veilige (Cyberveiligheid) en rechtvaardige (Recht en overheid) wereld. Het ontwikkelen van nieuwe sectoren vergt een lange adem. Het ecosysteem in kansrijke sectoren en clusters rond Impact, Veiligheid, Recht/overheid IT & Tech, Maak, Zorg, Bouw en Circulaire economie krijgt steeds meer vorm, inclusief de groei van de onderwijsinstellingen, zo blijkt uit de monitor. De komende jaren faciliteert en investeert de gemeente in de uitbreiding van de TU Delft en de Universiteit Leiden onderhoudt zij een netwerk van innovatiehubs met bedrijfsverzamelgebouwen10. Een beter ondernemingsklimaat voor het MKB: de gemeente zet in op de verbetering van de gemeentebrede dienstverlening. Die richt zich bijvoorbeeld op het verkrijgen van financiële ondersteuning of vergunningen en ontheffingen.
Onderdeel is ook de energiecrisis en -transitie: hulp bij hoge energiekosten en het bieden van een overzicht en stappenplan bij energiebesparingsmaatregelen en bijhorende regelingen11. Daarnaast initieert de gemeente informatie- en ophaalsessies met ZZP-ers. Dit biedt een netwerk waarin zij van elkaar kunnen leren en de gemeente kan ondersteunen bij het ontwikkelen van goede ondernemerschapsvaardigheden. Nieuwe energie en impuls circulaire economie: binnen het Impact City programma wordt extra inzet gepleegd op het aantrekken en begeleiden van start- en scale-ups in nieuwe, duurzame energiesectoren en de circulaire economie. Het programma heeft al een mooi portfolio in deze richtingen maar er is veel potentie voor impact op de energie- en circulaire transitie. Meer algemeen krijgt de circulaire economie een belangrijke plek in het economische beleid. Constatering ZZP-ers groeien en MKB stagneert: de omvang en toename van ZZP-ers is een punt van aandacht. Enerzijds duidt dit op veel ondernemerszin en kansen om via deze weg een goed inkomen te vergaren, anderzijds is een groot deel hiervan meer “zelfstandig werknemer” dan ondernemer. Dit kan zorgen voor een disbalans op de arbeidsmarkt. Zo wordt er vaak geen pensioen opgebouwd. Ook is er veelal geen sociaal vangnet en krijgen ZZPers als eerste de rekening gepresenteerd in mindere economische tijden.
Daarnaast raakt het aan de lage arbeidsproductiviteit die in verband wordt gebracht met ZZP-schap12. Het stagneren van de groei bij het MKB (exclusief eenmanszaken) blijkt daarnaast een landelijk fenomeen13. Recentelijke berichtgeving wijst in de richting van een stapeling aan problemen die de groei belemmert14.
10
Zoals Apollo14, HSD Campus, Humanity Hub, de Titaan, The Hague Tech
11
Denk aan energiescans, isolatie bedrijfspanden, duurzame terrasverwarming, milieubarometer (online monitoringstool) en
duurzaamheidskringen (bundeling ondernemers uit dezelfde branche voor een collectieve aanpak). 12
Erik Stam (2021) over lage productiviteit van ZZP-ers: ‘Zet in op ondernemende werkenden in plaats van zzp’ers’
13
Zie ook de landelijke Staat van het MKB 2022
14
Zie bijvoorbeeld AD 12 april 2023: Bijltjesdag dreigt voor tienduizenden ondernemers.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10538396
We stellen medio 2023 een memo op met een analyse van de situatie en de (on)mogelijkheden en (on)wenslijkheden die de gemeente heeft om ZZP-beleid te voeren en in hoeverre dit relateert aan de stagnatie in arbeidsproductiviteit en banengroei bij het MKB. De resultaten hiervan worden in de volgende editie van de Staat van de Haagse Economie gerapporteerd. Tot slot Met de Economische visie Den Haag+ 2030 streeft de gemeente brede economische bloei na. Sinds het verschijnen van de visie zijn met de Economische Uitvoeringsagenda 2019-2022 (RIS303548) belangrijke stappen gezet. Met de nieuwe Uitvoeringsagenda 2023-2026 (in behandeling) wordt doorgepakt en zijn nieuwe accenten gelegd. Veel van deze accenten sluiten aan bij de trends en ontwikkelingen zoals die in de monitor naar voren komen. Andere vraagstukken lenen zich voor verdieping en reflectie. Door tijdig signaleren en bijsturen dragen we bij aan een weerbare economie15. De Staat van de Haagse Economie wordt gepubliceerd op de site van de Haagse Hogeschool en op de site van Den Haag in cijfers. Met vriendelijke groet, Saskia Bruines Wethouder Financiën, Cultuur en Economie
15
Voorliggende is geen beleidseffectmeting. De inspanningen en resultaten van beleid worden in de jaarlijkse voortgangsrapportage in
beeld gebracht, deze wordt in het derde kwartaal van 2023 verwacht (zie voor de versie van vorig jaar: “RIS313230 Economische uitvoeringsagenda Den Haag: voortgangsrapportage 2022”).
5/5