RIS315197 Bijlage 4 Minima-effectrapportage Den Haag 2022 - inschatting 2023
Tekst van het document
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 Gemeente Den Haag Corinne van Gaalen, Sanne Lamers
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 Gemeente Den Haag
Auteurs Corinne van Gaalen, Sanne Lamers
Nibud, december 2022 In opdracht van de gemeente Den Haag
Inhoud
1.
Inleiding ..................................................................................................... 3
2. 2.1 2.2 2.3
Belangrijkste wijzigingen voor 2023 ........................................................... 4 Beleid ........................................................................................................... 4 Prijzen .......................................................................................................... 5 Lonen ........................................................................................................... 6
3. 3.1 3.2 3.3
Resultaten .................................................................................................. 7 Bestedingsruimte na uitgaven basispakket en uitgaven sociale participatie ............................................................................ 7 Armoedeval ................................................................................................... 8 Hogere energielasten ................................................................................... 10
4.
Conclusie .................................................................................................. 11
Bijlage 1 | Begrotingen .......................................................................................... 13
1. Inleiding In september 2022 heeft het Nibud het effect in kaart gebracht van het minimabeleid op het huishoudbudget van inwoners van de gemeente Den Haag met een laag inkomen. Ondertussen is er veel gebeurd dat de koopkracht van huishoudens beïnvloedt. Zo zijn de prijzen van energie en daarvan afgeleide producten en diensten zoals voeding aanhoudend sterk blijven stijgen. Op Prinsjesdag is een miljardenpakket aan lastenverlichting aangekondigd voor 2023. De gemeente Den Haag wenst gedetailleerd inzicht in de effecten van deze lastenverlichtingen om hier vroegtijdig op in te kunnen spelen. Daarom hebben we de huishoudbudgetten die we eerder dit jaar voor de gemeente Den Haag hebben opgesteld geactualiseerd met de plannen voor volgend jaar. We hebben het volgende gedaan: De hoogte van de uitkeringen geïndexeerd naar het niveau 2023, waarbij rekening is gehouden met de extra verhoging van het minimumloon; Rekening gehouden met een lager tarief voor de inkomstenbelasting en hogere heffingskortingen; Rekening gehouden met aangepaste parameters voor de landelijke toeslagen; De uitgaven van huishoudens geïndexeerd met de verwachte prijsstijging; Rekening gehouden met de invoering van een prijsplafond voor energie; De tegemoetkomingen vanuit het minimabeleid van de gemeente Den Haag gehandhaafd op het niveau van 2022.
Een uitgebreide beschrijving van de veranderingen voor 2023 staat in hoofdstuk 2. De veranderingen hebben we in kaart gebracht voor de situaties uit de minimaeffectrapportage van eerder dit jaar. De saldi van de huishoudbudgetten staan weergegeven in hoofdstuk 3. Er is een vergelijking gemaakt met de situatie uit de eerdere minima-effectrapportage. Omdat de plannen niet de definitieve situatie voor 2023 weergeven, is het beeld dat we schetsen met de nodige onzekerheden omgeven.
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 3
2. Belangrijkste wijzigingen voor 2023 In het vorige rapport werd gekeken naar de bestedingsruimte van verschillende huishoudtypen in het jaar 2022. Voor het jaar 2023 staan een aantal veranderingen op de planning. Hieronder wordt toegelicht welke veranderingen in beleid, prijzen en lonen in 2023 een rol zullen spelen.
2.1 Beleid Het belastingtarief in de eerste belastingschijf daalt licht en bijna alle heffingskortingen stijgen. Ook de huurtoeslag, de zorgtoeslag, de kinderbijslag en het kindgebonden budget gaan omhoog. Voor de hoogste inkomens en de zelfstandigen daalt het aantal aftrekposten. Specifiek gaat het om de volgende veranderingen per 1 januari 2023: Tarief eerste belastingschijf daalt en heffingskortingen stijgen Het tarief voor de inkomstenbelasting in de eerste schijf daalt van 37,07 procent naar 36,93 procent. Huishoudens gaan dus minder belasting betalen. De algemene heffingskorting stijgt met € 182 naar € 3.070 euro. Het percentage waarmee deze wordt afgebouwd blijft nagenoeg gelijk. Vanaf een inkomen van € 22.660 wordt de algemene heffingskorting afgebouwd. De maximale arbeidskorting stijgt met € 792 naar € 5.052. Ook hier blijft het percentage waarmee deze wordt afgebouwd nagenoeg gelijk. Na de grens € 41.895 wordt de arbeidskorting afgebouwd. De inkomensafhankelijke combinatiekorting stijgt, met € 160 naar € 2.694. Vanaf 2023 kunnen de algemene heffingskorting, arbeidskorting en inkomensafhankelijke combinatiekorting niet meer uitbetaald worden aan de minstverdienende partner als die geboren is na 1962. Bij AOW-huishoudens kan dit nog wel. De ouderenkorting voor stellen stijgt met € 109 naar € 1.835 en de alleenstaande ouderenkorting stijgt met € 29 naar € 478.
De bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (bijdrage Zvw) voor gepensioneerden en zelfstandigen blijft nagenoeg gelijk. Deze maatregelen zijn direct merkbaar op de loonstrook of de betaalspecificatie van de uitkering of het aanvullend pensioen. Aftrekposten nadeliger voor hoogste inkomens en zzp’ers Het maximale tarief voor aftrekposten zoals de hypotheekrente, de ondernemersaftrek, de zorgkosten, etc., gaat omlaag naar het tarief van de eerste schijf (36,93 procent). De zelfstandigenaftrek wordt met € 1.278 verlaagd naar € 5.033. Weinig veranderingen voor woningeigenaren Het eigenwoningforfait daalt van 0,45 procent naar 0,35 procent De bijtelling bij geen of geringe eigenwoningschuld stijgt van 13,3 procent naar 16,67 procent. Deze maatregelen zijn merkbaar bij de belastingaangifte over 2023 in 2024, of via de voorlopige aanslag.
4 | Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023
De toeslagen stijgen Het kindgebonden budget voor het eerste en het tweede kind stijgt met € 36 per maand. Vanaf het derde kind gaat het omhoog met € 44 per kind per maand. Het extra bedrag voor alleenstaande ouders (de alleenstaande ouderkop) stijgt met € 47 per maand. Ook de inkomensgrens voor het kindgebonden budget gaat omhoog. De kinderbijslag gaat per kwartaal met € 21 tot € 30 omhoog afhankelijk van de leeftijd van het kind. De huurtoeslag stijgt, omdat het deel van de huur wat huishoudens zelf moeten betalen, lager wordt. Ook gaat de maximale huurgrens met € 45 omhoog naar € 808. De zorgtoeslag gaat € 40 tot € 60 per maand omhoog, afhankelijk van het inkomen. Ook voor de zorgtoeslag geldt dat de inkomensgrens omhooggaat. Hierdoor krijgen meer mensen recht op zorgtoeslag. Financieel kwetsbare huishoudens (met een inkomen van maximaal 120 procent van de bijstandsnorm) ontvangen ook in 2023 de energietoeslag van € 1.300. Minimumloon en uitkeringen stijgen Het minimumloon gaat op 1 januari 2023 met 10 procent omhoog. Deze stijging komt boven op de reguliere indexatie. De uitkeringen die aan het minimumloon zijn gekoppeld, zoals de bijstand, de Wajong en de AOW, stijgen daardoor ook met 10 procent. Voor de netto bijstandsuitkering betekent dat een stijging van € 134 per maand voor gehuwden/samenwonenden en € 94 per maand voor alleenstaanden.
De aanvullende pensioenen worden voor het eerst in jaren weer geïndexeerd. Overige veranderingen Vanaf het schooljaar 2023-2024 hebben studenten weer recht op een basisbeurs. Vanwege de hoge inflatie wordt het bedrag voor uitwonende studenten extra verhoogd. Zij krijgen er elke maand € 165 bij. Er komt een prijsplafond om de stijging van de energierekening te compenseren. De collectiviteitskorting voor de basiszorgverzekering (maximaal 5 procent) verdwijnt per 1 januari. Voor de aanvullende zorgverzekering blijft de collectiviteitskorting wel bestaan. Huurders met een inkomen tot 120 procent van het sociaal minimum en een huur boven de € 550 (prijspeil 2020) krijgen per 1 juli 2023 een verlaging tot dat bedrag. Hier hebben we in deze berekeningen nog geen rekening mee gehouden.
2.2 Prijzen Het overheidsbeleid is niet het enige dat verandert. In de koopkracht wordt ook rekening gehouden met prijsstijgingen. Dit zijn verwachtingen. Het is immers vooraf niet zeker hoe hoog de prijzen zullen stijgen. De premie voor de zorgverzekering De premie voor de basiszorgverzekering stijgt naar verwachting gemiddeld met € 11 per maand. De overige prijzen stijgen met 5,5 procent Het CPB verwacht dat de prijzen volgend jaar met gemiddeld 2,6 procent zullen stijgen. Dit is veel lager dan de prijsstijging zoals we die dit jaar zien. Of de inflatie daadwerkelijk zo zal uitpakken is erg onzeker. Er moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de prijzen ook volgend jaar nog sterk blijven stijgen.
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 5
Naast de verwachte stijging van 2,6 procent heeft het CPB ook een scenario uitgewerkt waarbij de prijzen met gemiddeld 5,5 procent stijgen. Dat is het geval wanneer de gasprijzen aanhoudend hoog blijven. Voorzichtigheidshalve gaan we in deze berekeningen uit van het hoge scenario met een inflatie van 5,5 procent. Prijsplafond energie Inmiddels heeft het kabinet vanaf 1 januari 2023 een prijsplafond voor energie ingesteld. Voor gas wordt het maximale tarief € 1,45 per kuub tot een verbruik van 1.200 kuub. Voor elektriciteit wordt het maximale tarief verlaagd tot € 0,40 per kWh tot een verbruik van 2.900 kWh. Voor het energieverbruik boven het plafond betalen huishoudens en andere kleinverbruikers het tarief zoals opgenomen in het energiecontract. Voor november en december 2022 ontvangen huishoudens een vaste korting op de energierekening van € 190 per maand. In deze berekeningen rekenen we met een gemiddeld gasverbruik van 800 m3 in een flatwoning (huishoudens zonder kinderen) en 1.120 m3 in een tussenwoning (huishoudens met kinderen). Het stroomverbruik bedraagt: 1-persoonshuishouden: 1.800 kWh; 2-persoonshuishouden: 2.810 kWh; 3-persoonshuishouden: 3.370 kWh; 4-persoonshuishouden: 3.940 kWh. Voor het energieverbruik boven het plafond van 2.900 kWh, gaan we uit van een tarief van € 0,90 per kWh.
Momenteel wordt er nog naar oplossingen gezocht voor huishoudens die niet in aanmerking komen voor het prijsplafond, bijvoorbeeld huishoudens met blok/stadsverwarming.
2.3 Lonen De meeste mensen die in loondienst werken, profiteren volgend jaar waarschijnlijk van de verhoging van het cao-loon. De verwachting van het CPB is dat de lonen volgend jaar gemiddeld met 3,7 procent zullen stijgen. Net als de prijsstijgingen is dit een gemiddelde. Niet iedereen krijgt evenveel, en ook niet direct vanaf de maand januari. Er zijn ook groepen waar het cao-loon niet stijgt. Zelfstandigen moeten zelf een tarief vaststellen.
6 | Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023
3. Resultaten In dit hoofdstuk worden de resultaten van het onderzoek weergegeven. In de tabel kijken we achtereenvolgens naar het saldo van de inkomsten en uitgaven aan het basispakket met minimaal onvermijdbare uitgaven en naar het saldo van de inkomsten en uitgaven aan het basispakket aangevuld met uitgaven aan sociale participatie. Voor beide pakketten wordt ook het verschil tussen 2022 en de verwachtingen voor 2023 weergegeven. Een beschrijving van de uitgangspunten van de uitgavenpakketten staat in de eerdere minima-effectrapportage.
3.1
Bestedingsruimte na uitgaven basispakket en uitgaven sociale participatie
Alleenstaanden Een alleenstaande tot de AOW-leeftijd houdt elke maand ruim € 121 meer over, oplopend naar € 177. Bij de alleenstaanden vanaf de AOW-leeftijd zien we een stijging tussen de € 135 en € 180 per maand. Op 110 procent is het verschil iets lager. Dat komt doordat er bij 110 procent geen recht meer is op volledige kwijtschelding, waar dat dit jaar nog wel het geval is. Dit wordt weer veroorzaakt doordat de huur- en zorgtoeslag flink stijgen, waardoor de betalingscapaciteit voor de kwijtschelding toeneemt.
Alleenstaande ouders De grote verhoging van het kindgebonden budget en de kinderbijslag zorgt ervoor dat het saldo voor de alleenstaanden met twee jonge kinderen fors toeneemt met gemiddeld ruim € 250 per maand. Hierbij is echter nog geen rekening gehouden met de hogere tarieven voor kinderopvang. Diverse kinderopvangorganisaties hebben aangekondigd dat hun tarieven volgend jaar fors stijgen. Als we rekening houden met een tariefstijging van 10 procent, dan zal de gemiddelde vooruitgang rond de € 200 per maand liggen. Voor alleenstaanden met twee oudere kinderen neemt het saldo met gemiddeld € 240 toe. De prijsstijging voor voeding komt harder aan voor huishoudens met oudere kinderen dan voor huishoudens met jongere kinderen, doordat oudere kinderen meer eten dan jongere kinderen. Ook voor alleenstaande ouders geldt dat zij komend jaar bij een inkomen van 110 procent van de norm meer betalingscapaciteit hebben voor lokale heffingen dan dit jaar het geval is (vanwege de hogere huur- en zorgtoeslag). Hierdoor is het verschil in bestedingsruimte tussen 2023 en 2022 kleiner dan op de andere inkomensniveaus.
Paren zonder kinderen Bij de paren zonder kinderen zien we een vergelijkbaar patroon als bij de alleenstaanden zonder kinderen. De paren zonder kinderen gaan er gemiddeld € 155 per maand op vooruit. Ook hier is het verschil op 110 procent iets lager vanwege de kwijtschelding van lokale lasten.
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 7
Het oudere echtpaar gaat er iets meer op vooruit, gemiddeld € 170 per maand. Vanwege het hogere normbedrag is er in 2023 ook op 110 procent nog recht op kwijtschelding van lokale lasten.
Paren met kinderen Het paar met twee jonge kinderen gaat er gemiddeld ruim € 200 per maand op vooruit. Ook het paar met twee oudere kinderen ziet de bestedingsruimte volgend jaar met ruim € 200 per maand stijgen. Het paar met twee oudere kinderen kan in 2022 op bijstandsniveau en op 150 procent van de norm niet alle uitgaven inclusief sociale participatie betalen. Dat is volgend jaar naar verwachting wel het geval.
Alleenstaanden met een zorgvraag Alleenstaanden en alleenstaande ouderen met een zorgvraag gaan er in gelijke mate op vooruit als alleenstaanden zonder zorgvraag. Hierbij hebben we de aanname gedaan dat de zorgkosten in gelijke mate zullen stijgen als de overige uitgaven.
3.2 Armoedeval In 2023 doen zicht iets minder armoedevallen voor dan in 2022: • Alleenstaanden en oudere paren hebben dit jaar op 150 procent minder bestedingsruimte dan op 130 procent als zij naast het basispakket ook de uitgaven voor sociale participatie moeten bekostigen. Volgend jaar is dat niet meer zo. • De alleenstaande met een zorgvraag heeft volgend jaar niet meer met een armoedeval te maken op 150 procent van de norm, na alleen de invulling van het basispakket. Het zijn de relatief kleine armoedevallen, van slechts enkele euro’s, die zich volgend jaar niet meer voor zullen doen. Dit heeft te maken met de verhoging van het minimumloon en de daaraan gekoppelde verhoging van de bijstandsuitkeringen. Het absolute verschil in euro’s tussen 130 procent en 150 procent wordt hierdoor groter, waarmee een armoedeval (net) voorkomen kan worden. Verder zien we dat het paar met twee oudere kinderen in 2022 op 150 procent minder bestedingsruimte heeft dan op bijstandsniveau. In 2023 is de bestedingsruimte op 150 procent wel lager dan op 130 procent en zelfs lager dan op 110 procent, maar hoger dan op bijstandsniveau. Ook hier is de oorzaak het absolute verschil in euro’s tussen bijstandsniveau en 150 procent van deze norm. Omdat dit verschil in 2023 groter is, komt de uiteindelijke bestedingsruimte op 150 procent hoger uit dan op 100 procent.
8 | Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023
Tabel 1: Saldo inkomsten en uitgaven 2022 - 2023
a. Alleenstaande
jul-22 saldo na basispakket 175 182 369 382
saldo na basispakket en participatie € 90 € 97 € 284 € 279
saldo na basispakket 409 430 579 531
saldo na basispakket en participatie € 324 € 345 € 494 € 427
saldo na basispakket 445 459 613 685
saldo na basispakket en participatie € 308 € 322 € 476 € 485
saldo na basispakket 254 268 466 489
saldo na basispakket en participatie € 124 € 139 € 336 € 259
100% € 110% € 130% € 150% €
saldo na basispakket 137 203 300 273
saldo na basispakket en participatie € 8 € 74 € 171 € 106
100% € 110% € 130% € 150% €
saldo na basispakket 413 418 602 629
saldo na basispakket en participatie € 283 € 289 € 472 € 462
100% € 110% € 130% € 150% €
saldo na basispakket 275 342 436 382
saldo na basispakket en participatie € 94 € 160 € 255 € 119
saldo na basispakket 108 175 269 176
saldo na basispakket en participatie € -66 € 1 € 95 € -117
100% € 110% € 130% € 150% €
€ € € €
jan-23 saldo na basispakket 300 308 530 565
saldo na basispakket en participatie € 211 € 219 € 440 € 456
€ € € €
saldo na basispakket 548 567 739 717
saldo na basispakket en participatie € 459 € 477 € 650 € 607
€ € € €
saldo na basispakket 695 705 878 969
saldo na basispakket en participatie € 549 € 560 € 733 € 758
€ € € €
saldo na basispakket 493 494 723 765
saldo na basispakket en participatie € 355 € 356 € 585 € 522
€ € € €
saldo na basispakket 271 327 492 473
saldo na basispakket en participatie € 135 € 190 € 355 € 297
€ € € €
saldo na basispakket 554 595 788 836
saldo na basispakket en participatie € 417 € 459 € 651 € 660
€ € € €
saldo na basispakket 473 525 689 645
saldo na basispakket en participatie € 269 € 321 € 484 € 368
€ € € €
saldo na basispakket 296 348 512 429
saldo na basispakket en participatie € 111 € 163 € 327 € 120
€ € € €
verschil na basispakket 126 126 161 183
Verschil 2023-2022 verschil na basispakket en participatie € 121 € 121 € 156 € 177
€ € € €
verschil na basispakket 140 137 160 186
verschil na basispakket en participatie € 135 € 132 € 155 € 180
€ € € €
verschil na basispakket 250 246 265 284
verschil na basispakket en participatie € 242 € 238 € 257 € 273
€ € € €
verschil na basispakket 240 226 258 276
verschil na basispakket en participatie € 231 € 217 € 249 € 263
€ € € €
verschil na basispakket 135 124 191 201
verschil na basispakket en participatie € 127 € 116 € 184 € 192
€ € € €
verschil na basispakket 141 178 186 207
verschil na basispakket en participatie € 134 € 170 € 179 € 198
€ € € €
verschil na basispakket 197 183 252 263
verschil na basispakket en participatie € 175 € 160 € 230 € 249
€ € € €
verschil na basispakket 188 174 243 253
verschil na basispakket en participatie € 177 € 162 € 232 € 237
b. Alleenstaande oudere
100% € 110% € 130% € 150% € c. Eenoudergezin met 2 jonge kinderen
100% € 110% € 130% € 150% € d. Eenoudergezin met 2 oudere kinderen
100% € 110% € 130% € 150% € e. Paar zonder kinderen
f. Ouder paar
g. Paar met 2 jonge kinderen (3 &5 jaar)
h. Paar met 2 oudere kinderen (14 & 16 jaar)
100% € 110% € 130% € 150% €
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 9
i. Alleenstaande met zorgvraag
100% € 110% € 130% € 150% €
saldo na basispakket 215 290 441 438
saldo na basispakket en participatie € 130 € 205 € 356 € 335
saldo na basispakket 408 429 544 438
saldo na basispakket en participatie € 323 € 344 € 459 € 334
€ € € €
saldo na basispakket 341 420 606 624
saldo na basispakket en participatie € 252 € 331 € 517 € 515
€ € € €
saldo na basispakket 548 566 704 625
saldo na basispakket en participatie € 458 € 477 € 615 € 516
€ € € €
verschil na basispakket 126 130 165 186
verschil na basispakket en participatie € 122 € 126 € 160 € 180
€ € € €
verschil na basispakket 140 137 160 188
verschil na basispakket en participatie € 136 € 133 € 156 € 182
j. Alleenstaande oudere met zorgvraag
100% € 110% € 130% € 150% €
3.3 Hogere energielasten In dit onderzoek is uitgegaan van een woning met energielabel C. Huishoudens in een woning met een ongunstiger energielabel, bijvoorbeeld F of G, kunnen met hogere energielasten te maken krijgen, wat resulteert in een lager saldo. Het prijsplafond zoals dat vanaf januari 2023 ingaat, geldt tot een verbruik van 1.200 m3 gas en 2.900 kWh stroom per jaar. Voor het energieverbruik boven het plafond betalen huishoudens het tarief zoals opgenomen in het energiecontract. Gemiddeld komt het gasverbruik van een flatwoning met label F of G niet boven het plafond uit. Voor een tussenwoning gebouwd vóór het jaar 2000 is dat wel het geval. Het gemiddelde verbruik bedraagt dan 1.329 m3 in plaats van 1.120 m3 met label C. Dat betekent € 10 hogere kosten per maand tot het plafond, namelijk (1.200 - 1.120) * 1,45/12. Daarboven hangt het af van het markttarief. Het gemiddelde tarief van diverse energiemaatschappijen ligt momenteel rond € 3 voor gas. Voor het deel boven het plafond betaalt deze klant dan € 32, namelijk (1.329 – 1.200) * 3/12. Een huishouden in een tussenwoning met label F of G is dan zo’n € 42 per maand duurder uit dan in een woning met label C. De lastenverlichting in 2023 zorgt ervoor dat alle voorbeeldhuishoudens dat kunnen betalen. Knelpunten kunnen blijven bestaan voor huishoudens die een extreem hoog energieverbruik hebben.
Zo berichtte het NRC begin oktober over de situatie van Hayat Afkyr1. Vanwege haar chronische ziekte verbruikt zij drie keer zoveel als een gemiddelde alleenstaande: meer dan 6.000 kWh per jaar. Zij zal er door het prijsplafond weliswaar op vooruitgaan, maar blijft alsnog flink meer betalen dan een gemiddeld huishouden.
_______________ 1
“Chronisch zieken hebben weinig baat bij prijsplafond”, NRC, 5 oktober 2022
10 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
4. Conclusie In deze analyse hebben we gekeken naar het effect van de maatregelen uit het Belastingplan 2023 dat het kabinet met Prinsjesdag heeft bekendgemaakt. We hebben de Minima-effectrapportage die we in de tweede helft van dit jaar hebben uitgevoerd voor de gemeente Den Haag geüpdatet. We hebben hierbij rekening gehouden met een verwachtte prijsstijging in 2023 van 5,5 procent zoals het CPB dat inschat in hun negatieve scenario. De regelingen uit het minimabeleid van de gemeente Den Haag hebben we gelijk gehouden aan 2022. Omdat de plannen niet de definitieve situatie voor 2023 weergeven, is het beeld dat we schetsen met de nodige onzekerheden omgeven. De belangrijkste onzekerheid betreft de prijsontwikkeling. Alhoewel we met een gemiddelde prijsstijging van 5,5 procent aan de hoge kant zitten, moeten we afwachten hoe de inflatie zich uiteindelijke ontwikkelt. We zien dat de meeste huishoudens zonder kinderen met een inkomen tot 150 procent van het minimum er volgend jaar tussen de € 116 en € 207 per maand op vooruitgaan. Huishoudens met twee kinderen gaan er naar verwachting € 162 tot € 284 per maand op vooruit. De vooruitgang komt vooral door de extra verhoging van het minimumloon wat doorwerkt in de bijstandsnorm en de AOW-uitkering. Daarnaast gaan de heffingskortingen vrij fors omhoog en stijgen de toeslagen.
Hierdoor komt geen van de onderzochte situaties meer tekort en kunnen zij allemaal de minimale uitgaven betalen. De alleenstaande tot de AOW-leeftijd houdt in 2023 op bijstandsniveau € 211 per maand over nadat alle minimale uitgaven inclusief sociale participatie zijn gedaan. Dit loopt op tot € 456 bij een inkomen van 150 procent. Voor het paar zonder kinderen tot de AOWleeftijd is dat respectievelijk € 135 en € 297. Vanaf de AOW-leeftijd blijft er veel meer over. Dat komt doordat de AOW-uitkering en de bijstandsnorm vanaf de AOW-leeftijd hoger is dan de bijstandsuitkering tot de AOWleeftijd. De alleenstaande ouder met twee kinderen heeft meer bestedingsruimte dan de alleenstaande zonder kinderen. Dat komt doordat het kindgebonden budget een substantieel bedrag is dat stijgt in 2023. Het paar met twee jonge kinderen heeft meer bestedingsruimte dan het paar zonder kinderen (net zoals de alleenstaande met kinderen meer bestedingsruimte heeft als de alleenstaande zonder kinderen). Ook dit komt door de kinderbijslag en het kindgebonden budget. Het paar met twee oudere minderjarige kinderen heeft weliswaar minder bestedingsruimte dan het paar met twee jonge kinderen, maar door de lastenverlichting is er volgend jaar geen tekort meer op de begroting.
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 11
Ten slotte hebben we gekeken naar het effect van het prijsplafond op energie. Dat betekent een verbetering voor de meeste huishoudens. Huishoudens die boven het plafond uitkomen, zullen voor het meerdere het markttarief betalen. Huishoudens in een energie-onzuinige flatwoning met label F of G zullen met een gemiddeld gasverbruik niet boven het plafond uitkomen. Voor huishoudens in een wat oudere tussenwoning kan dat wel het geval zijn. Een voorbeeldberekening laat zien dat zij gemiddeld genomen € 42 per maand meer betalen dan in een woning met label C. Door de lastenverlichting in 2023 kunnen de voorbeeldhuishoudens dit extra bedrag betalen. Huishoudens die door bijvoorbeeld een chronische ziekte een zeer hoog energieverbruik hebben, zullen ondanks de lastenverlichting en het prijsplafond de hoge marktprijzen niet zonder meer kunnen betalen.
Hoewel de uitkomsten van dit onderzoek laten zien dat de meeste onderzochte huishoudens hun maandbegroting rond kunnen krijgen, wil dat niet zeggen dat alle huishoudens in Den Haag gemakkelijk rond kunnen komen. In deze rapportage gaan we uit van een aantal voorwaarden aan de begrotingen: 1. Men moet zeer goed met geld kunnen omgaan; 2. Men moet alle inkomensondersteuning aanvragen waar men recht op heeft; 3. Men moet geen of zeer beperkt te maken hebben met persoonlijk onvermijdbare uitgaven. Dit geldt voor bijvoorbeeld mensen met een hogere huur dan hier opgenomen, en nu ook zeker voor mensen met een noodgedwongen hogere energierekening, bijvoorbeeld omdat er sprake is van een slecht geïsoleerde woning. Kijkend naar deze voorwaarden kan gesteld worden dat er heel veel verwacht wordt van huishoudens met een laag inkomen. Daar komt bij dat een aantal regelingen, die in dit onderzoek zijn meegenomen, tijdelijk van aard zijn. Dit geldt voor het prijsplafond voor energie en voor de energietoeslag. Ook de stijging van het kindgebonden budget is niet structureel. Het vooruitzicht voor huishoudens met een laag inkomen is daarom nog met de nodige onzekerheid omgeven.
12 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
Bijlage 1 | Begrotingen In de volgende tabellen zijn de begrotingen van de verschillende voorbeeldhuishoudens opgenomen. Bovenaan staan de inkomsten en daaronder de uitgaven aan het basispakket en aan sociale participatie. Het basispakket is verdeeld in vaste lasten, reserveringsuitgaven en huishoudelijke uitgaven. In de begrotingen zijn landelijke en lokale inkomensondersteunende maatregelen van de gemeente verwerkt. De uitgavenposten waar lokale tegemoetkomingen tegenover staan zijn aangeduid. De bedragen worden weergegeven in hele euro’s, waardoor optellingen een euro te laag of te hoog kunnen lijken.
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 13
a. Alleenstaande 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1196 154 271 0 0 0 0 0 1621
1315 154 271 0 0 0 0 0 1740
1554 154 263 0 0 0 0 0 1971
1793 154 191 0 0 0 0 0 2138
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
521 15 •• 4 •• 10 0 • 8 • 69 197 •• 23 0 0 2 18 * 0 868
521 15 •• 4 •• 10 31 18 69 197 •• 23 0 0 2 18 * 70 980
521 15 •• 4 •• 10 31 18 69 207 •• 23 0 0 2 18 * 70 990
521 132 9 10 31 18 69 217 23 0 0 2 18 * 70 1122
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
58 77 26 6 0 •• 0 * 167
58 77 26 6 0 •• 0 * 167
58 77 26 6 0 •• 0 * 167
58 77 26 6 0 •• 0 * 167
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
250 7 22 0 * * 5 285
250 7 22 0 * * 5 285
250 7 22 0 * * 5 285
250 7 22 0 * * 5 285
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
1320
1432
1442
1573
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
300
308
530
565
SOCIALE PARTICIPATIE
90 ••
90 ••
90 ••
110
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
211
219
440
456
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
14 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
b. Alleenstaande oudere 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1430 154 273 0 0 0 0 0 1857
1464 154 273 0 0 0 0 0 1891
1730 154 225 0 0 0 0 0 2109
1996 135 93 0 0 0 0 0 2224
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
521 30 •• 5 •• 11 0 • 8 • 69 187 •• 13 0 0 2 10 •• * 0 856
521 30 •• 5 •• 11 8 • 16 • 69 187 •• 13 0 0 2 10 •• * 0 872
521 30 •• 5 •• 11 31 18 69 207 •• 13 0 0 2 10 •• * 0 918
521 147 10 11 31 18 69 217 13 0 0 2 15 * 0 1055
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
58 77 26 9 0 •• 0 * 170
58 77 26 9 0 •• 0 * 170
58 77 26 9 0 •• 0 * 170
58 77 26 9 0 •• 0 * 170
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
249 7 21 0 * * 5 282
249 7 21 0 * * 5 282
249 7 21 0 * * 5 282
249 7 21 0 * * 5 282
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
1308
1324
1370
1507
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
548
567
739
717
SOCIALE PARTICIPATIE
90 ••
90 ••
90 ••
110
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
459
477
650
607
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 15
c. Eenoudergezin met 2 jonge kinderen (3 &5 jaar) 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1196 154 311 179 586 0 0 0 2426
1255 154 311 179 586 746 60 0 3292
1472 154 311 179 586 1119 82 0 3904
1689 154 311 179 586 1119 104 0 4143
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
582 50 •• 69 •• 18 0 • 25 • 69 197 •• 29 7 •• 0 2 29 * 0 1077
582 50 •• 69 •• 18 4 • 29 • 69 197 •• 29 7 •• 777 2 29 * 70 1933
582 50 •• 69 •• 18 38 35 69 207 •• 29 7 •• 1166 2 29 * 70 2372
582 167 74 18 38 35 69 217 29 11 1166 2 29 * 70 2507
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
104 •• 95 26 6 0 •• 0 * 233
104 •• 95 26 6 0 •• 0 * 233
104 •• 95 26 6 0 •• 0 * 233
115 95 26 6 0 •• 0 * 243
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
350 11 52 0 * * 9 •• 422
350 11 52 0 * * 9 •• 422
350 11 52 0 * * 9 •• 422
350 11 52 0 * * 11 424
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
1731
2587
3026
3174
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
695
705
878
969
SOCIALE PARTICIPATIE
145 ••
145 ••
145 ••
211
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
549
560
733
758
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
16 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
d. Eenoudergezin met 2 oudere kinderen (14 & 16 jaar) 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1196 154 311 256 648 0 0 0 2565
1315 154 311 256 648 0 0 0 2684
1554 154 311 256 648 0 0 0 2923
1793 154 311 256 648 0 0 0 3162
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
582 50 •• 69 •• 18 0 • 25 • 79 197 •• 29 80 •• 0 2 38 •• * 0 1170
582 50 •• 69 •• 18 38 35 79 197 •• 29 80 •• 0 2 38 •• * 70 1288
582 50 •• 69 •• 18 38 35 79 207 •• 29 80 •• 0 2 38 •• * 70 1298
582 167 74 18 38 35 79 217 29 105 0 2 55 * 70 1472
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
130 •• 104 26 6 0 •• 0 * 267
130 •• 104 26 6 0 •• 0 * 267
130 •• 104 26 6 0 •• 0 * 267
154 104 26 6 0 •• 0 * 291
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
545 11 67 0 * * 11 634
545 11 67 0 * * 11 634
545 11 67 0 * * 11 634
545 11 67 0 * * 11 634
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
2071
2190
2200
2397
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
493
494
723
765
SOCIALE PARTICIPATIE
138 ••
138 ••
138 ••
243
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
355
356
585
522
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 17
e. Paar zonder kinderen 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1708 263 353 0 0 0 0 0 2324
1879 263 353 0 0 0 0 0 2495
2221 200 259 0 0 0 0 0 2680
2562 122 119 0 0 0 0 0 2803
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
650 15 •• 34 •• 14 0 • 25 • 79 394 •• 37 0 0 8 37 * 0 1294
650 15 •• 34 •• 14 35 35 79 394 •• 37 0 0 8 37 * 70 1409
650 15 •• 34 •• 14 35 35 79 414 •• 37 0 0 8 37 * 70 1429
650 132 39 14 35 35 79 434 37 0 0 8 37 * 70 1571
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
115 91 26 11 0 •• 0 * 243
115 91 26 11 0 •• 0 * 243
115 91 26 11 0 •• 0 * 243
115 91 26 11 0 •• 0 * 243
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
454 9 45 0 * * 8 516
454 9 45 0 * * 8 516
454 9 45 0 * * 8 516
454 9 45 0 * * 8 516
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
2053
2168
2188
2330
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
271
327
492
473
SOCIALE PARTICIPATIE
136 ••
136 ••
136 ••
176
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
135
190
355
297
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
18 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
f. Ouder paar 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1946 263 358 0 0 0 0 0 2567
1988 263 358 0 0 0 0 0 2609
2349 217 320 0 0 0 0 0 2886
2711 165 212 0 0 0 0 0 3088
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
650 30 •• 39 •• 16 0 • 25 • 79 374 •• 17 0 0 8 19 •• * 0 1257
650 30 •• 39 •• 16 0 • 25 • 79 374 •• 17 0 0 8 19 •• * 0 1257
650 30 •• 39 •• 16 35 35 79 414 •• 17 0 0 8 19 •• * 0 1342
650 147 44 16 35 35 79 434 17 0 0 8 31 * 0 1495
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
115 91 26 14 0 •• 0 * 245
115 91 26 14 0 •• 0 * 245
115 91 26 14 0 •• 0 * 245
115 91 26 14 0 •• 0 * 245
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
452 9 42 0 * * 8 512
452 9 42 0 * * 8 512
452 9 42 0 * * 8 512
452 9 42 0 * * 8 512
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
2014
2014
2099
2252
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
554
595
788
836
SOCIALE PARTICIPATIE
136 ••
136 ••
136 ••
176
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
417
459
651
660
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 19
g. Paar met 2 jonge kinderen (3 &5 jaar) 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1708 263 355 179 265 0 0 0 2770
1879 263 355 179 265 0 0 0 2941
2221 200 260 179 265 0 0 0 3125
2562 122 121 179 265 0 0 0 3249
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
650 50 •• 107 •• 21 0 • 25 • 79 394 •• 41 7 •• 0 8 47 * 0 1429
650 50 •• 107 •• 21 38 35 79 394 •• 41 7 •• 0 8 47 * 70 1548
650 50 •• 107 •• 21 38 35 79 414 •• 41 7 •• 0 8 47 * 70 1568
650 167 112 21 38 35 79 434 41 11 10 8 47 * 70 1723
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
156 •• 112 26 11 0 •• 0 * 304
156 •• 112 26 11 0 •• 0 * 304
156 •• 112 26 11 0 •• 0 * 304
166 112 26 11 0 •• 0 * 315
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
465 13 74 0 * * 12 •• 564
465 13 74 0 * * 12 •• 564
465 13 74 0 * * 12 •• 564
465 13 74 0 * * 14 566
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
2297
2416
2436
2604
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
473
525
689
645
SOCIALE PARTICIPATIE
204 ••
204 ••
204 ••
277
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
269
321
484
368
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
20 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
h. Paar met 2 oudere kinderen (14 & 16 jaar) 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1708 263 355 256 327 0 0 0 2909
1879 263 355 256 327 0 0 0 3080
2221 200 260 256 327 0 0 0 3264
2562 122 121 256 327 0 0 0 3388
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
650 50 •• 107 •• 21 0 • 25 • 89 394 •• 41 80 •• 0 8 56 •• * 0 1522
650 50 •• 107 •• 21 38 35 89 394 •• 41 80 •• 0 8 56 •• * 70 1640
650 50 •• 107 •• 21 38 35 89 414 •• 41 80 •• 0 8 56 •• * 70 1660
650 167 112 21 38 35 89 434 41 105 0 8 74 * 70 1844
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
181 •• 120 26 11 0 •• 0 * 339
181 •• 120 26 11 0 •• 0 * 339
181 •• 120 26 11 0 •• 0 * 339
205 120 26 11 0 •• 0 * 362
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
636 13 89 0 * * 14 752
636 13 89 0 * * 14 752
636 13 89 0 * * 14 752
636 13 89 0 * * 14 752
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
2613
2732
2752
2959
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
296
348
512
429
SOCIALE PARTICIPATIE
185 ••
185 ••
185 ••
309
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
111
163
327
120
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 21
i. Alleenstaande met zorgvraag 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1196 154 271 0 0 0 32 10 1663
1315 154 271 0 0 0 33 10 1784
1554 154 263 0 0 0 31 10 2013
1793 154 191 0 0 0 30 10 2179
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
521 15 •• 4 •• 10 0 • 8 • 69 197 •• 23 0 0 2 2 •• * 0 852
521 15 •• 4 •• 10 31 18 69 197 •• 23 0 0 2 2 •• * 0 894
521 15 •• 4 •• 10 31 18 69 207 •• 23 0 0 2 2 •• * 0 904
521 132 9 10 31 18 69 217 23 0 0 2 18 * 0 1051
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
58 77 26 6 0 •• 18 •• * 185
58 77 26 6 0 •• 18 •• * 185
58 77 26 6 0 •• 18 •• * 185
58 77 26 6 0 •• 18 •• * 185
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
250 •• 7 22 0 * * 5 285
250 •• 7 22 0 * * 5 285
283 •• 7 22 0 * * 5 318
283 •• 7 22 0 * * 5 318
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
1322
1363
1407
1555
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
341
420
606
624
SOCIALE PARTICIPATIE
90 ••
90 ••
90 ••
110
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
252
331
517
515
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
22 Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023 |
j. Alleenstaande oudere met zorgvraag 100%
110%
130%
150%
INKOMSTEN netto loon/uitkering zorgtoeslag huurtoeslag kinderbijslag kindgebonden budget kinderopvangtoeslag voorlopige aanslag forfaitaire vergoeding totaal inkomsten
1430 154 273 0 0 0 23 10 1890
1464 154 273 0 0 0 23 10 1924
1730 154 225 0 0 0 22 10 2141
1996 135 93 0 0 0 21 10 2255
VASTE LASTEN huur gas elektriciteit water gemeentelijke heffingen waterschapsheffingen telefoon, televisie, internet zorgverzekering overige verzekeringen onderwijs kinderopvang contributies en abonnementen vervoer levensonderhoud anderen/betalingsverplichtingen werkgerelateerde kosten totaal vaste lasten
521 30 •• 5 •• 11 0 • 8 • 69 187 •• 13 0 0 2 2 •• * 0 849
521 30 •• 5 •• 11 8 • 16 • 69 187 •• 13 0 0 2 2 •• * 0 864
521 30 •• 5 •• 11 31 18 69 207 •• 13 0 0 2 2 •• * 0 910
521 147 10 11 31 18 69 217 13 0 0 2 15 * 0 1055
RESERVERINGSUITGAVEN kleding en schoenen inboedel onderhoud huis en tuin zelfzorgmiddelen eigen risico zorgverzekering eigen bijdragen/betalingen zorg vrijetijdsuitgaven totaal reserveringsuitgaven
58 77 26 9 0 •• 18 •• * 188
58 77 26 9 0 •• 18 •• * 188
58 77 26 9 0 •• 18 •• * 188
58 77 26 9 0 •• 18 •• * 188
Huishoudelijke uitgaven voeding was- en schoonmaakmiddelen persoonlijke verzorging huishoudelijke dienstverlening huisdieren roken diversen totaal huishoudelijke uitgaven
261 •• 17 •• 22 0 * * 5 306
261 •• 17 •• 22 0 * * 5 306
294 •• 17 •• 22 0 * * 5 339
342 •• 17 •• 22 0 * * 5 387
TOTAAL UITGAVEN BASISPAKKET
1342
1358
1437
1630
BESCHIKBAAR NA BASISPAKKET
548
566
704
625
SOCIALE PARTICIPATIE
90 ••
90 ••
90 ••
110
BESCHIKBAAR NA BASIS- EN PARTICIPATIE
458
477
615
516
* Deze posten vallen onder het restpakket Vet en cursief Afhankelijk van gemeentelijke tarieven • Verminderd met de kwijtschelding •• Lokale tegemoetkomingen en/of meerkosten
Update Minima-effectrapportage 2022: een doorkijk naar 2023| 23