RIS315170 Beantwoording SV Duidelijkheid over Haags kioskenbeleid
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
15 mei 2023
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Sluijs, luidend: ‘Duidelijkheid over Haags kioskenbeleid’
BSD/10515638 RIS315170
Het raadslid de heer Sluijs heeft op 4 april 2023 een brief met daarin elf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met het artikel ‘Toekomst van kiosk is plotseling onzeker’ van AD Haagsche Courant?
Ja. 2.
De eigenaresse van de genoemde kiosk staat met haar bloemenkiosk op een paginagrote foto in het Haagse coalitieakkoord, bij een passage waarin onder meer het belang voor midden- en kleinbedrijven wordt benadrukt. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat de bijna zeventig jaar oude kiosk ook voor de komende jaren behouden blijft?
Voor het beleid en de regelgeving met betrekking tot ambulante handel is het van belang om onderscheid te maken tussen een kiosk en een standplaats. In deze casus gaat het om een standplaats voor ambulante handel. De locatie van de standplaats is aangewezen door middel van een aanwijzingsbesluit (RIS311544). Het beleid en de regelgeving zijn er niet op gericht om de rechten van de bestaande standplaatsvergunninghouders in te perken. Het aanwijzingsbesluit is er juist op gericht om de locaties van standplaatsen voor de komende jaren vast te hebben gesteld. Het college is niet voornemens om de standplaats locatie te wijzigen. Het blijft daarom mogelijk om na het aflopen van de vergunning termijn een nieuwe vergunning aan te vragen voor deze locatie. 3.
In november 2021 kwam de gemeente Den Haag vertellen dat de standplaatsvergunning op 1 januari 2022 afliep en dat de genoemde ondernemer een nieuwe moest aanvragen. Waarom kan dit alleen voor een termijn van maximaal vijf jaar?
Uit de Europese Dienstenrichtlijn volgt dat schaarse vergunningen, zoals de standplaatsvergunning, slechts voor een passende beperkte duur mogen worden verleend. Het idee hierachter is dat alle gegadigden een gelijke kans op een vergunning verdienen en de markt open moet blijven. Uit de jurisprudentie blijkt dat de gemeente bij het bepalen van de zogenaamde “passende beperkte duur” van de beleidsmatige schaarse vergunningen in ieder geval rekening moet houden met de terugverdientijd voor noodzakelijke investeringen. In de Verordening straathandel Den Haag 2017 (RIS295091) is deze termijn gesteld op 5 jaar.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10515638
4.
Is het college het met Hart voor Den Haag eens dat een bedrijf er ongeveer vijf jaar over doet om overeind te staan, de investeringen terugverdiend te hebben en echt rendabel is en het dan niet eerlijk is om na deze periode de kans te lopen dat men de plek verliest waar deze inspanningen geleverd zijn? Zo nee, waarom niet?
Nee. Zie vraag 3. Daarnaast is er in deze casus geen sprake van het verlies van de standplaats voor de betreffende ondernemer. Het blijft voor de ondernemer mogelijk om na het aflopen van de vergunning termijn een nieuwe vergunning aan te vragen voor de genoemde locatie. 5.
Een ondernemer die echt iets toevoegt aan een buurt en al jaren bewezen succes heeft, moet een streepje voor krijgen. Is het college dat met Hart voor Den Haag eens? Zo nee, waarom niet?
Nee, of een ondernemer iets toevoegt aan een buurt of al jaren bewezen heeft succesvol te zijn, zijn geen argumenten om een exclusief recht aan een bepaalde ondernemer te verlenen. De Europese regelgeving verzet zich hiertegen. Zie daartoe ook het antwoord op vraag 3. 6.
Kan het college aangeven of het mogelijk is om het binnen het beleid mogelijk te maken dat ondernemers, die zich vijf jaar lang bewezen hebben, een vaste standplaats te vergunnen op de plek waar ze die toegevoegde waarde hebben laten zien? Zo nee, waarom niet?
Nee, zie antwoord op vraag 5. 7.
De vergunningen worden ook 'ambulant'. Dat houdt in dat ondernemers de plek na elke verkoopdag schoon en leeg moet achterlaten. Het gevolg van nieuwe EU-regels. Wat zijn de gevolgen voor Den Haag van deze regelgeving?
Voor deze locatie is indertijd een vergunning aangevraagd voor een ambulante standplaats. Een voorwaarde die hoort bij een dergelijke vergunning is dat de verkooplocaties na verkoop leeg moeten zijn zodat de openbare ruimte weer als zodanig gebruikt kan worden. Dit is geen nieuwe regel en vloeit ook niet voort uit Europese regelgeving. 8.
Op welke wijze gaat het college zich ervoor inspannen dat deze regelgeving geen negatieve invloed heeft op de Haagse kiosken?
Zie vraag 2. 9.
Hoe zou de gemeente de communicatie beoordelen zoals die naar voren gebracht is in het artikel?
De gemeente heeft de afgelopen jaren breed aandacht besteed aan het bekendmaken van de nieuwe regels en verordening (RIS295091) door middel van nieuwsfolders en brieven aan de doelgroep. Het college betreurt het dat de berichtgeving de betreffende ondernemer kennelijk niet heeft bereikt, ondanks de brede aandacht voor het onderwerp in de pers en de gemeentelijke website. Feit is dat de vergunning, welke is verleend in 2017, afliep en dat er door de ondernemer een nieuwe vergunning aangevraagd diende te worden. Voordat de vergunning verliep is er een brief gestuurd naar de vergunninghouders met aankondiging van het nieuwe beleid. De vergunninghouder op de Melis Stokelaan heeft het eerste recht op deze vergunning, zie vraag 2 en 4. De vergunning is weer verleend voor 5 jaar. Voordat deze vergunning verloopt worden de vergunninghouders een jaar voor afloop van de vergunning per brief wederom geïnformeerd.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10515638
10. Hoe gaat het college de communicatie richting kioskhouders en ambulante handelaren verbeteren? Het beleid rond ambulante handel en kiosken is in 2016 aangepast en vastgesteld. Vanaf dat moment heeft de gemeente over de wijzigingen in beleid en regelgeving gecommuniceerd. Inmiddels is dit staand beleid. In 2021 verliepen de vergunningen en zijn de vergunninghouders geïnformeerd dat zij hun vergunning konden verlengen. Het college is van mening dat er de afgelopen jaren genoeg is gedaan aan de communicatie over het in 2016 gewijzigde beleid. Naast de verspreide nieuwsfolders en brieven is alle informatie terug te vinden op de website van de gemeente Den Haag. 11.
Kan het college een helder overzicht verschaffen van het Haagse kioskenbeleid?
In de Nota Markten, Straathandel en Kiosken (RIS283882) staan alle uitgangspunten van het beleid uitgelegd. In de Verordening straathandel Den Haag 2017 (RIS295091) is het beleid uitgewerkt in regelgeving. De Nota Markten, Straathandel en Kiosken is als bijlage I bij deze beantwoording gevoegd. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3