RIS314650 Beantwoording SV Slechte verwarmingen
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
11 april 2023
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Martinez van Andel, luidend: ‘Slechte verwarmingen’
DSO/10492737 RIS314650
Het raadslid de heer Martinez van Andel heeft op 23 februari 2023 een brief met daarin zes vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met problemen omtrent niet of slecht werkende verwarmingssystemen bij diverse huurcomplexen in de stad?
Het college ontvangt inderdaad een enkel bericht uit de stad in dit kader. 2.
Kan het college aangeven welke inspanningen zij verricht om verhuurders aan te sporen deze problemen snel te verhelpen?
Als bij het college dergelijke berichten binnenkomen adviseert zij huurders om met verhuurders in gesprek te treden als dat nog niet gebeurd is. Als dat gesprek niet op gang komt, kan de gemeente helpen dat gesprek tussen huurders en verhuurders op gang te brengen. Daarvoor kan ook de huurbalie ingeschakeld worden. De doorontwikkeling van de huurbalie beschrijft het college in haar reactie op het initiatiefvoorstel ‘help huurders uit de kou’ (RIS313269). Mogelijke vervolgstappen, oplossingsrichtingen en de rol die het college daarbij kan innemen hangen af van de specifieke situatie. Daarna kunnen partijen als het Huurteam, de Huurcommissie of, in het geval van corporatiewoningen, de Klachtencommissie Wonen Zuid-Holland in beeld komen. Voor collectieve warmtesystemen is onder bepaalde omstandigheden de ACM (Autoriteit Consument en Markt) de te benaderen partij. 3.
Is het college het met Hart voor Den Haag eens dat het onacceptabel is dat mensen noodgedwongen in de kou zitten door problemen met niet-werkende verwarmingssystemen?
Ja, iedere huurder in Den Haag zou een goede woning met functionerende installaties mogen verwachten van de verhuurder. 4.
Welke prestatieafspraken heeft het college met woningcorporaties aangaande de zorgplicht voor goedwerkende verwarmingssystemen?
Het functioneren van installaties van woningen is in de regel een basisvoorziening en een verantwoordelijkheid van de verhuurder. De gemeente houdt daar geen dagelijks toezicht op, en maakt er ook geen aparte prestatieafspraken over.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10492737
5.
Wat is volgens het college de maximale termijn waarbinnen problemen met verwarmingssystemen van huurders opgelost dienen te zijn?
Naar mening van het college zijn problemen met verwarmingssystemen van huurders gelijkwaardig aan andere type problemen die een huurder met de woning kan ervaren. Daarbij horen dan ook gelijkwaardige termijnen. Voor collectieve warmtesystemen gelden de termijnen zoals vastgesteld door de ACM. 6.
Is het college bereid op te treden als bemiddelingspartij tussen huurder en verhuurder indien een probleem met verwarmingssystemen niet binnen een acceptabele termijn is opgelost?
Ja, daar is het college toe bereid en dat doet zij ook, zoals rondom de WKO (Warmte Koude Opslag)installatie in Transvaal-Midden. Ook daarbij is het goed de rollen en verantwoordelijkheden te onderscheiden. Een update van de stand van zaken geeft het college binnenkort in de beantwoording van schriftelijke vragen ‘stop de storingen in Transvaal-Midden (RIS314590)’. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2