CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS314545 Voortgangsbericht aanpak voortijdig schooluitval en thuiszitters

Gemeenteraad 20 april 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voortgangsbericht aanpak voortijdig schooluitval en thuiszitters (RIS314545)3.531 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Hilbert Bredemeijer Wethouder van Onderwijs, Sport en Buitenruimte

060

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Samenleving

OCW/10450328 RIS314545 Contactpersoon

Ibtissam Benmoussa Dienst

Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

Stad en Bestuur Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

14 maart 2023

ibtissam.benmoussa@denhaag.nl Bijlage

1

Onderwerp

Voortgangsbericht aanpak voortijdig schooluitval en thuiszitten

Geachte voorzitter, Elk jaar wordt u geïnformeerd over het jaarverslag Leerlingzaken. Hierin staat de aanpak op voortijdig schoolverlaten (vsv) en thuiszitten en de resultaten daarbij beschreven. In deze brief worden de belangrijkste punten uit het jaarverslag benoemd en wordt de beleidsmatige context van de resultaten gegeven. Met deze brief ontvangt u dan ook als bijlage het jaarverslag Leerlingzaken 2021-2022. Voortgang op de ambities Onze ambitie is dat alle Haagse leerlingen een gelijke kans op een duurzame plek op de arbeidsmarkt en in de samenleving verdienen. Hiervoor is het van belang dat jongeren het onderwijs verlaten met minimaal een startkwalificatie1. Jongeren zonder een startkwalificatie hebben namelijk aanzienlijk meer moeite een plek op de arbeidsmarkt te vinden en ontvangen tenminste twee keer zo vaak een uitkering als jongeren mét een startkwalificatie.2 Om ervoor te zorgen dat alle Haagse leerlingen het onderwijs krijgen dat hen helpt het beste uit zichzelf te halen zijn eerder drie ambities geformuleerd: • • •

terugdringen van voortijdig schoolverlaten (vsv) naar minder dan 2,5% in 2022; alle jongeren in een kwetsbare positie zijn in beeld en worden waar nodig begeleid; iedere thuiszitter heeft binnen drie maanden een passend aanbod.

In deze brief wordt per ambitie stilgestaan bij de voortgang en de behaalde resultaten. De gevolgen van de coronacrisis spelen hierbij uiteraard een grote rol. Terugblik schooljaar 2021-2022 Het afgelopen schooljaar was een inspannend en tegelijk opgewekt jaar. Gelukkig was er dit jaar alleen een verlengde kerstvakantie in het onderwijs noodzakelijk als gevolg van corona. Hoewel het fysieke onderwijs weer opgepakt werd, werden de gevolgen van de voorgaande periode van afwisselend thuis, digitaal en fysiek onderwijs nog meer zichtbaar. De coronaperiode lijkt voor een deel van de leerlingen en studenten dan ook langer door te werken. 1

Een diploma havo, vwo, mbo-niveau 2 of hoger;

2

Waarde van een startkwalificatie op de arbeidsmarkt | CPB.nl (2018).

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10450328

Zij zagen het niet meer zitten op school of hadden psychische of andere problemen met dreigend verzuim of uitval als gevolg. Ook bij scholen en ouders was er spanning te zien. Het lerarentekort, personeelstekorten in het onderwijs en de jeugdhulp, de oorlog in Oekraïne en de daarmee gepaard gaande instroom van Oekraïense leerlingen en de energiecrisis hebben allemaal effect gehad op de mogelijkheden die scholen en ouders aan kinderen en jongeren konden bieden. Dankzij de extra inzet van alle (onderwijs)professionals en ondersteunende activiteiten, zoals vanuit de Haagse Educatieve Agenda (HEA) en het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) kon de juiste ondersteuning geboden worden en de opgelopen achterstanden teruggedrongen worden. Door nauw samengewerkt te hebben met alle betrokkenen voor de leerlingen en door er vroeg bij te zijn wanneer problemen ontstonden, kon ook Leerlingzaken steun bieden. Zo wordt ervoor gezorgd dat alle leerlingen de aandacht en begeleiding krijgen die zij nodig hebben om onderwijs te blijven volgen en zich voor te bereiden op hun toekomst.

Ambitie 1: Terugdringen en behouden van vsv naar minder dan 2,5% in 2022 Het schooljaar 2021-2022 is afgesloten met 1.098 vsv’ers (2,9% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar die bij de start van het schooljaar een schoolinschrijving hadden).3 Dit is een stijging ten opzichte van vorig jaar (2,34%), maar die wel werd verwacht na de coronaperiode. De verschillende externe factoren die hier van invloed op waren: •

•

•

tijdens de coronaperiode hielden mbo-scholen studenten die er niet goed voor stonden vaak langer binnen het onderwijs dan voorheen, mede door de moeilijke arbeidsmarkt. Dit is afgezwakt; door de aantrekking van de arbeidsmarkt na de coronaperiode is de arbeidsmarkt een heel aantrekkelijk alternatief geworden voor studenten. Hierdoor stroomden zij meer dan voorgaande jaren uit naar de arbeidsmarkt, voordat zij hun diploma hadden; verschillende soorten problematiek bij jongeren laat zich nu meer dan anders zien als gevolg van de coronaperiode, zoals sociaal-emotionele problematiek en stress in gezinnen.

Scholen en Leerlingzaken spannen zich in en werken samen om jongeren tijdig ondersteuning te bieden als zij (dreigen) uit (te) vallen. Daarnaast is er een breed aanbod van ondersteuning. In het Jaarverslag is dit terug te lezen en met deze brief wordt een verdere toelichting gegeven op de inzet van het afgelopen jaar. Inzet vanuit het Jongerenpunt070 Het Jongerenpunt070 draagt bij in de aanpak van vsv. Hier wordt op een laagdrempelige manier integraal en multidisciplinair samengewerkt door de diensten OCW, SZW en andere partners, zoals ROC Mondriaan, om jongeren naar onderwijs en werk te begeleiden en passende ondersteuning te bieden. Leerlingzaken heeft in het schooljaar 2021-2022 vanuit het Jongerenpunt070 4.249 jongeren benaderd, ten opzichte van 4.390 in schooljaar 2020-2021. Vanwege het wegvallen van de coronarestricties zijn er meer face-to-face gesprekken gevoerd (1.347 in 2021-2022 t.o.v. 1.013 in 2020-2021). Vanwege de aantrekkelijke arbeidsmarkt zijn er vanuit het JongerenPunt070 in totaal meer jongeren dan vorig jaar uitgestroomd naar werk (751 in 2021-2022 t.o.v. 513 in 2020-2021) en minder naar onderwijs (826 in 2021-2022 t.o.v. 1.047 in 2020-2021).

3

DUO levert de definitieve cijfers in het najaar van 2022.

2/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10450328

Ondersteuning vanuit de Haagse Educatieve Agenda, het Nationaal Programma Onderwijs en het Sociaal Economisch Herstelplan Om onze ambitie te bereiken wordt vanuit de HEA structureel ingezet op een breed pakket aan vsvmaatregelen, zoals coaching, begeleiding, leerwerk-, dagbestedings- en maatwerktrajecten. De inzet van deze maatregelen hebben als doel jongeren terug te leiden naar school, of als school geen optie (meer) is naar de arbeidsmarkt. De uitvoering van deze trajecten vindt zowel plaats vanuit de scholen als vanuit Leerlingzaken en het Jongerenpunt070. Ook is er een aanbod beschikbaar voor studiekeuzebegeleiding en loopbaanoriëntatie om leerlingen te helpen bij het maken van hun studiekeuze, om zo een latere studieswitch of zelfs schooluitval te voorkomen. In de Uitvoeringsrapportage HEA 2021 (RIS313611) is de verantwoording van de HEA terug te vinden. Met het Sociaal Economisch Herstelplan (SEH) en het NPO wordt extra ondersteuning geboden aan de leerlingen die dat nodig hebben en om opgelopen achterstanden terug te dringen. Door het vorig jaar ontstane tekort aan stageplaatsen en leerbanen zijn een aantal jongeren hun baan of stage kwijtgeraakt, wat soms leidde tot studievertraging en/of uitval.

Hoewel de ernst van de situatie in Den Haag beperkter was dan in de andere grote steden4 is er met het SEH extra aandacht geweest voor begeleiding naar stageplekken, zelfstudieplekken en loopbaanoriëntatie. De latere landelijke versoepelingen en de extra activiteiten van het SEH zorgden voor een positieve ontwikkeling met betrekking tot het aantal stagetekorten. Daarnaast wordt met het NPO een impuls gegeven aan de aanpak van vsv en verzuim. In 2021-2022 is een start gemaakt om verzuim aan te pakken op 11 voscholen op in totaal 16 schoollocaties. De scholen zijn aan de slag gegaan om de aanpak van verzuim te herijken op basis van ieders behoefte en er werd aandacht besteed aan het welbevinden van leerlingen. Zo werkten er coaches die ouders betrekken bij verzuim, zijn er trainingen aangeboden voor leerkrachten op het gebied van verzuim en werd het welbevinden van leerlingen in kaart gebracht, gevolgd door een plan van aanpak om het welbevinden van de leerlingen te versterken. Daarnaast wordt in het primair en voortgezet onderwijs de preventieve verzuimaanpak uitgevoerd op 36 scholen. De focus in deze aanpak ligt op het voeren van preventieve gesprekken met leerlingen die verzuimen, voordat het verzuim wettelijk bij leerplicht moet worden gemeld. Daarnaast geven leerplichtambtenaren bijvoorbeeld voorlichting aan ouders en denken zij met scholen mee over het verzuimbeleid.

Op korte termijn volgt ook een brief aan de commissie Samenleving over de stand van zaken en de voortgang van het NPO waar deze maatregelen ook in beschreven staan. Ambitie 2: Alle jongeren in een kwetsbare positie zijn in beeld en worden waar nodig begeleid Via de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC) zijn gemeenten verplicht om jongeren in een kwetsbare positie te volgen.5 Als blijkt dat deze jongeren niet werken, geen onderwijs volgen en geen andere vorm van dagbesteding hebben gaat de gemeente na wat er aan de hand is. Dit gebeurt in principe op dezelfde manier als bij vsv’ers, met het besef dat het halen van een startkwalificatie voor deze jongeren niet altijd reëel is en dat voor hen een ander pad passender kan zijn. Afgelopen schooljaar hebben in de gemeente Den Haag 1.488 jongeren tot 23 jaar ‘een kwetsbare overstap’ gemaakt. De meeste van deze jongeren maakten de overstap naar mbo niveau 2. In totaal bleven 1.126 jongeren binnen het onderwijs en stroomden 362 jongeren uit het onderwijs. De uitstroom uit het onderwijs komt hiermee op 24%, net als vorig jaar.

4

SBB Voortgangsrapportage Actieplan (s-bb.nl) (2021).

5

Het gaat om jongeren die uitstromen of doorstromen vanuit het praktijkonderwijs, voortgezet speciaal onderwijs, vmbo

basisberoepsgerichte leerweg en de entreeopleiding.

3/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10450328

De gemeente werkt samen met onderwijsinstellingen en werkgevers om deze groep jongeren voor te bereiden op hun overstap naar vervolgonderwijs of de arbeidsmarkt. De ondersteuning hiervoor vindt onder andere plaats vanuit Den Haag Werkt, het team Jongeren en Participatie en het Jongerenpunt070. Als gemeente bieden we jongeren die het nu moeilijk hebben extra ondersteuning (zie ook RIS306618). Wij hebben inmiddels 3242 jongeren vanuit de Jongeren Buiten Beeld aanpak/Oud VSV aanpak bereikt en in beeld gebracht of zij een hulpvraag hadden. 799 jongeren zijn na 3 huisbezoeken echter nog niet bereikt, wat een andere aanpak vraagt om hen alsnog te bereiken. We ontwikkelen deze aanpak in 2023 verder. Met hybride vormen van onderwijs wordt er daarnaast voor gezorgd dat deze jongeren op de juiste plek terechtkomen. De lokale en regionale TOP Academies zijn hiervan een voorbeeld. TOP Academies zijn vormen van duaal leren voor het praktijk- en voortgezet speciaal onderwijs waarbij leerlingen al in het laatste jaar van hun opleiding aan de slag gaan bij een werkgever. Dit brengt met zich mee dat bij goed functioneren de leerling een arbeidscontract door de werkgever aangeboden kan krijgen. De leerlingen waarbij dit niet het geval is worden begeleid met een uitplaatsing bij een werkgever in een andere branche of sector.

Ambitie 3: Iedere thuiszitter heeft binnen drie maanden een passend aanbod Het aantal door Leerlingzaken geregistreerde thuiszitters6 in 2021-2022 was 588 en is iets meer dan vorig jaar (540). Dit komt vooral door het stijgende aantal kinderen zonder schoolinschrijving. Het grootste gedeelte hiervan zijn kinderen afkomstig uit het buitenland. Zij hadden meestal binnen 3 maanden een school. Voor de thuiszitters die langer dan 3 maanden thuiszaten, is het vinden van passende plekken de grootste uitdaging. Het aantal thuiszitters dat aan het eind van het schooljaar was opgelost ligt lager dan vorig jaar: 429 in 2021-2022 ten opzichte van 449 in 2020-2021. Dit zijn kinderen die in de loop van het schooljaar weer naar school gingen, een vrijstelling van schoolinschrijving kregen of bijvoorbeeld verhuisden. In de meeste gevallen lukte dit binnen drie maanden. De meeste thuiszitters die aan het eind van het schooljaar nog niet naar school gingen, wachtten op een passend aanbod. Het aantal thuiszitters aan het eind van het schooljaar is hiermee toegenomen van 91 in schooljaar 2020-2021 naar 159 in schooljaar 2021-2022. Om onze ambitie te bereiken wordt actief ingezet op samenwerking tussen partijen, met als doel kinderen de juiste ondersteuning te bieden en terug naar school te krijgen.

Dit gebeurde onder andere via inzet op samenwerking tussen onderwijs- en zorgprofessionals en een dekkend aanbod van onderwijs en zorg, wat over het algemeen vanuit de HEA werd gefaciliteerd. In de Uitvoeringsrapportage HEA 2021 (RIS313611) is de verantwoording van de HEA terug te vinden. Daarnaast ging er speciale aandacht naar de instroom van Oekraïense vluchtelingen. De inzet specifiek voor de aanpak van thuiszitters wordt hieronder verder toegelicht. Daarnaast is via het NPO een impuls gegeven aan het Programma Samenwerking Passend Onderwijs en Jeugd door de gemeente en het onderwijs. Er zijn activiteiten vormgegeven om de zorgstructuur te versterken door de samenwerking tussen professionals en ouders in de wijken Duindorp, Bouwlust, Moerwijk en Transvaal te bevorderen. De activiteiten zijn met name gericht om de school neer te zetten als vind- en werkplaats voor ondersteunings- en zorgvragen en de thema’s ouderbetrokkenheid en taal. Het elkaar verstaan en begrijpen zijn dan ook randvoorwaarden voor een effectieve aanpak in de zorgstructuur.

6

Een leerling die langer dan vier weken geen onderwijs volgt, is een thuiszitter. Het gaat zowel om leerlingen zonder schoolinschrijving als

om leerlingen met een schoolinschrijving die langer dan vier weken verzuimen. Leerlingzaken registreert op grond van de Leerplichtwet alleen thuiszitters die ongeoorloofd verzuimen.

4/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10450328

Daarnaast zijn enkele algemene activiteiten opgepakt, zoals de ontwikkeling van een online tool en een evaluatiemethode die bijdragen aan de verbetering van het multidisciplinair overleg tussen alle ketenpartners. Op korte termijn volgt ook een brief aan de commissie Samenleving over de stand van zaken en de voortgang van het NPO waar deze maatregelen ook in beschreven staan. Betere samenwerking tussen onderwijs- en zorgprofessionals In 2021 is samen met de samenwerkingsverbanden passend onderwijs en de gemeenten Den Haag, Rijswijk en Leidschendam-Voorburg de nieuwe gezamenlijke ambitie ‘Ieder kind ontwikkelt zich veilig en optimaal in de eigen context’ afgesproken. Dit met als doel om verzuim en thuiszitten terug te dringen door meer in te zetten op vroegsignalering, preventie en samenwerking tussen alle betrokken partijen. Vanuit deze ambitie is in 2021-2022 het Routeboek Verzuim en Thuiszitters (routeboek) primair onderwijs doorontwikkeld en is ook het routeboek voor het voortgezet onderwijs geïmplementeerd. Ook is het Driehoeksoverleg ingevoerd om ervoor te zorgen dat voor ieder kind overwogen is wat zijn ontwikkelpotentieel is, voordat een onderwijsvrijstelling wordt afgegeven én daar met ouders, onderwijs- en zorgpartners en leerplicht overeenstemming over is.

Afgelopen schooljaar is het aantal afgegeven vrijstellingen van onderwijs op basis van lichamelijke of psychische gronden gedaald, wat een gevolg kan zijn van het Driehoeksoverleg. Tot slot is er een Ouder- en Jeugdsteunpunt ingericht samen met de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Hier kunnen ouders en leerlingen terecht voor vragen op het gebied van passend onderwijs. Passend aanbod van onderwijs en zorg Het samenwerkingsverband primair onderwijs (SPPOH) heeft op dit moment niet voor iedere leerling met extra ondersteuningsbehoefte een passende onderwijsplek. Daardoor zitten leerlingen soms langer dan gewenst op een school die hen niet het optimale onderwijs kan bieden. De Inspectie van het Onderwijs gaf SPPOH een herstelopdracht om een dekkend aanbod te realiseren. Met de inrichting van een centrale aanmelding gaat SPPOH meer zicht geven in de omvang van de wachtlijst. Van de groep kinderen die vanuit het reguliere onderwijs komt is de ondersteuningsbehoefte vanuit onderwijsperspectief al in beeld. Deze groep kan dan ook direct worden geplaatst. Daarnaast is er voor de wachtlijsten in kinderdagcentra en het cluster 3 onderwijs een project gestart om een gezamenlijke screening op de aanmeldlijst te zetten.

Voor deze screening worden uitgangspunten gedefinieerd en wordt de uitslag van de screening in een multidisciplinair overleg besproken en gezamenlijk bepaald wat de vervolgstappen zijn om leerlingen op een passende plek te krijgen. Met de samenwerkingsverbanden passend onderwijs is afgesproken dat de deskundigheid van het onderwijs op het pedagogisch-didactische gebied ligt en die van de jeugdhulp op psychosociaal en medisch gebied. Dit principe toont in de dagelijkse praktijk echter een grijs gebied aan: soms is onduidelijk of het gaat om jeugdhulp die geregeld moet worden via de gemeente of dat het om hulp gaat die vanuit het onderwijs moet worden ingezet. Dit leidt tot knelpunten voor leerlingen, ouders en scholen. Daarom zijn er voor jeugdigen met behoefte aan een combinatie van onderwijsondersteuning én jeugdhulp op speciaal onderwijs scholen 4 verschillende Onderwijs Jeugdhulp Arrangementen (OJA) ontwikkeld. Op 1 april 2022 zijn de eerste OJA’s van start gegaan. Wanneer een leerling extra ondersteuning nodig heeft op school, wordt deze ondersteuning nu middels een OJA geleverd. Daarnaast wordt aanvullende ondersteuning soms geboden in de vorm van gedrags- of opvoedondersteuning of specifieke dagopvang. Oekraïense vluchtelingen Door de oorlogssituatie in Oekraïne zijn er Oekraïense vluchtelingen naar Nederland gekomen.

In september 2022 waren er 555 Oekraïense vluchtelingen met een schoolinschrijving: 299 kinderen in het primair onderwijs en 256 kinderen in het voortgezet onderwijs. Omdat er meer Oekraïense kinderen en andere nieuwkomers zijn dan plekken op nieuwkomersscholen is er een wachtlijst.

5/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10450328

Het onderwijs en de gemeente doen er alles aan om alle nieuwkomers een plek te bieden. In brief Stand van zaken opvang vluchtelingen uit Oekraïne (RIS313064) is hier eerder over gecommuniceerd. Nieuwkomersonderwijs Het aantal kinderen op de wachtlijst voor nieuwkomersonderwijs neemt sinds begin 2022 nog altijd met gemiddeld 20 - 25 kinderen per week toe. Dit zijn kinderen van asielzoekers, statushouders, arbeids- en kennismigranten. Net als ieder ander kind hebben zij recht op onderwijs. Vooral vanwege het lerarentekort zijn de Haagse schoolbesturen niet toegerust om op korte termijn deze kinderen volwaardig nieuwkomersonderwijs te bieden. Eind november 2022 heeft gemeente Den haag met de schoolbesturen een noodbrief naar de minister verstuurd waar onze zorgen over de wachtlijst worden verwoord en eventuele oplossingen worden aangedragen. De minister heeft toegezegd te zoeken naar ruimte in de wetgeving voor de grote steden. In januari 2023 is er nog geen oplossing vanuit het Rijk aangedragen. Gemeente heeft samen met het Haagse scholenveld besloten dat Den Haag niet gaat wachten op de oplossing van het Rijk. Om die reden is er half januari gestart met het aanbieden van 6 landingsplaatsgroepen voor 120 kinderen.

Het gaat om een tijdelijke voorziening tot de zomer 2023 in afwachting op nieuw beleid vanuit het Rijk De landingsplaatsen zijn een mooie opstap naar het nieuwkomers onderwijs. Onder regie van school kunnen kinderen zich sociaal en emotioneel verder ontwikkelen, leeftijdgenootjes ontmoeten en werken aan taalbeheersing. Op 1 februari bezoeken 52 kinderen de landingsplaatsen. De openstaande plekken (tot max 120) zullen binnen nu en een paar weken volledig benut worden. Op de wachtlijst staan nog altijd kinderen. Voor het primair onderwijs wachten op 1 februari nog 232 kinderen op onderwijs of een landingsplaats. Voor het voortgezet onderwijs staan 52 kinderen op de wachtlijst. Inzet van schoolmaatschappelijk werk Als er problemen ontstaan op onder meer sociaal-emotioneel gebied of ‘met het op school zijn’ kan schoolmaatschappelijk werk (smw+) als eerste hulpverlener veel situaties ondervangen. Wanneer er meer of meer intensieve zorg of ondersteuning nodig is, verwijst schoolmaatschappelijk werk door naar onder andere het Centrum voor Jeugd en Gezin en jeugdhulp. Ook heeft schoolmaatschappelijk werk een rol in het versterken van ouders in opvoedsituaties en maakt het gebruik van preventief voorliggend aanbod in de wijk waarin ouders en/ of leerling wonen inzichtelijk.

Het smw+ wordt aangeboden aan alle locaties voorschoolse educatie, het primair en voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs. In de voorschoolse educatie (ve) en het primair onderwijs zijn in het schooljaar 2021-2022 81% van de dossiers door het smw+ zelf, of met behulp van het voorliggend veld of de 1e lijn opgelost. In 19% van de dossiers is doorverwijzing naar de 2e of 3e lijn nodig geweest. In het voortgezet onderwijs zijn 55% van de dossiers door smw+ opgelost en is 29% van de leerlingen verwezen naar hulpverlening, waaronder ook 0e-lijns verwijzingen, zoals bijvoorbeeld een coach. In het middelbaar beroepsonderwijs wordt de meeste hulp geboden in de vorm van consultatie en advies. Er wordt daarnaast meer dan voorheen ingezet op ‘budgetdenken’ in combinatie met het oplossen van financiële problemen bij studenten. Ook dit jaar had corona voor het smw+ zijn weerslag in het kunnen bereiken van alle leerlingen en ouders. Desondanks zijn de aanbieders van smw in staat gebleken de hulp en ondersteuning naar behoren uit te voeren. Hierbij viel het op dat bij de ve-kinderen veel vaker van gedragsproblematiek sprake was dan in de voorgaande jaren. Er is dan ook sprake van een verzwaring van het probleemgedrag dat jonge kinderen in een groep laten zien. Hierdoor dekt sociaal-emotionele problematiek de lading niet meer, gedragsproblematiek wel.

6/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10450328

De problematiek is dezelfde, de heftigheid verschilt. Dit lijkt te wijten te zijn aan gestreste gezinssituaties door corona, uitval op de ve-locaties, thuiswerkende ouders en financiële problemen. Het smw+ wordt op een aantal ve-locaties uitgebreid om hier extra op in te zetten. Tot slot Het schooljaar 2021-2022 was mede door de nasleep van de coronacrisis en de situatie in Oekraïne een veelbewogen jaar. Ondanks deze uitdagingen hebben leerlingen en (onderwijs)professionals de schouders eronder gezet en er samen het beste van gemaakt. Zoals u in deze brief heeft kunnen lezen zijn er positieve resultaten geboekt, maar zijn er ook nog verbeterpunten waar de gemeente samen met partners werk van maakt. Met vriendelijke groet, de wethouder van Onderwijs, Jeugd en Sport Hilbert Bredemeijer

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12420839/2