CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS314509 Versnellen realisatie warmtenetten

Commissie Leefomgeving 7 februari 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief van wethouder Energietransitie, Mobiliteit en Grondstoffen inzake Werkagenda Energietransitie2.329 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Arjen Kapteijns Wethouder van Duurzaamheid, Energietransitie en Klimaatadaptatie

040

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving

DSO/10469871 RIS314509 Contactpersoon

Johan Noordhoek Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

Energietransitie Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

10 februari 2023

-

Onderwerp

Versnellen realisatie warmtenetten

Geachte voorzitter, In het coalitieakkoord is afgesproken dat we onverminderd inzetten op het ontwikkelen van lokale duurzame warmtebronnen en is de verwachting uitgesproken dat in deze raadsperiode er één geothermiebron bij komt. Op 19 januari 2023 heeft de gemeenteraad de transitievisie warmte (RIS313867) vastgesteld. Zoals aangekondigd tijdens de bespreking in de commissie Leefomgeving van de transitievisie warmte, informeert het college u met deze commissiebrief over het realiseren van lokale bronnen op het De Constant Rebecqueplein en over het aansluiten van woningen en andere gebouwen om die bronnen te benutten. Daarbij hoort het voornemen om de vraag naar duurzame warmte te stimuleren en de partij te zoeken die tegen de beste voorwaarden de warmte kan leveren aan de inwoners van en bedrijven in Den Haag. Concreet betekent dit een aanbesteding van twee of meer concessies om in delen van de stad een warmteaanbod te mogen doen. Dit is een uitgelezen moment om uitvoering te geven aan de transitievisie warmte en de afspraken in het coalitieakkoord. De warmtetransitie bestaat uit verschillende deeloplossingen die van elkaar afhankelijk zijn. Woningen moeten worden geïsoleerd en warmtesystemen moeten worden aangepast, zodat de gebouwen met 70°C kunnen worden verwarmd. Warmtenetten kunnen worden aangelegd zodra voldoende woningen kunnen worden aangesloten.

Bronnen worden gerealiseerd als er voldoende zekerheid is over de mogelijkheden om warmte te leveren. De aanpak van de gemeente die in deze brief wordt beschreven zorgt ervoor dat deze onderdelen niet op elkaar wachten, maar juist gelijktijdig en in samenhang worden opgepakt. Kansen op het De Constant Rebecqueplein Gemeente Den Haag heeft samen met Uniper, Eneco, GasUnie en Haagse Aardwarmte de mogelijkheden verkend om op het terrein van de Uniper stadcentrale op het De Constant Rebecqueplein een grote stap in de energietransitie te zetten. Op dit terrein is het mogelijk om twee nieuwe lokale duurzame warmtebronnen te ontwikkelen, namelijk geothermie en grootschalige hoge temperatuur aquathermie. Dit laatste betreft een voor Nederland nieuwe ontwikkeling, waar warmte uit oppervlaktewater wordt gewonnen en met een elektrische warmtepomp wordt opgewaardeerd naar temperaturen van rond 90°C. Ook landt hier aan de warmtetransportleiding WarmtelinQ VlaardingenDen Haag.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10469871

Het De Constant Rebecqueplein kan dé energie-hub van Den Haag worden en ook een startmotor om woningen in de stad versneld te verduurzamen. Uniper, Eneco, GasUnie en Haagse Aardwarmte hebben onder regie van de gemeente Den Haag het initiatief genomen om een plan te maken waarin de lokale schone warmtebronnen die op het De Constant Rebecqueplein mogelijk zijn, ook daadwerkelijk worden gerealiseerd. Gemeente Den Haag biedt ondersteuning bij de uitwerking van dit plan. In de transitievisie warmte is beschreven dat we in Den Haag alle schone warmtebronnen nodig hebben. Met onderstaande aanpak maken we het mogelijk dat naast de al geplande WarmtelinQ ook een geothermiebron en een aquathermiebron worden gerealiseerd. Warmteaanbod en warmtevraag Met deze nieuwe warmtebronnen komt voldoende warmte beschikbaar voor het huidige gebruik van het bestaande stadsverwarmingsnet, aangevuld met het warmteverbruik van 40.000 tot 55.000 woningen. De enorme kans die zich nu voordoet om grote duurzame warmtebronnen te realiseren, wordt alleen verzilverd als er zicht is op voldoende warmtevraag die aansluit bij de capaciteit van de bronnen.

De gemeente wil vanuit haar regiefunctie bijdragen aan het bij elkaar brengen van de warmteaanbod en vraag door enerzijds warmtenetten mogelijk te maken en anderzijds bij te dragen aan afspraken over gebouwaanpassingen met onder andere woningbouwcorporaties en de aanpak om woningen te isoleren. Hiermee komt voor een grote groep bewoners de overstap naar een toekomstvast en betaalbaar warmtesysteem binnen handbereik. De meest geschikte aanpak hiervoor op dit moment is om aanbestedingsprocedures te starten, waarmee een partij een concessie krijgt voor een vaste periode in een gebied. Op deze manier kunnen de warmteleveranciers worden geselecteerd die het beste aanbod doen voor de bewoners en gebouweigenaren in onze stad. Daarbij wordt onder andere beoordeeld op duurzaamheid, betaalbaarheid en realisatie. Dat is de beste manier om zo snel mogelijk de warmtetransitie in de zogenoemde groene wijken van de transitievisie warmte te versnellen. Het moet voor iedere gebouweigenaar in het gebied een passend aanbod opleveren. Anderzijds is het belangrijk dat de gemeente gezamenlijk met de geselecteerde warmteleverancier via communicatie en participatie gebouweigenaren stimuleert om aan te sluiten. Maar het staat gebouweigenaren vrij om een andere duurzame warmteoplossing te kiezen. Deze aanpak en dit moment zijn om meerdere redenen urgent.

Realisatie van lokale bronnen en de bijbehorende warmtenetten en de aanpassing van gebouwen kosten samen meerdere jaren. Het college heeft als doel om een klimaatneutrale warmtevoorziening te realiseren, met zoveel mogelijk lokale bronnen. Om in 2030 een aanzienlijk deel van de stad van duurzame warmte te voorzien, moet nu worden doorgepakt. Daar komt bij dat zich nu een kans voordoet om naast de WarmtelinQ ook een geothermiebron en een aquathermiebron te realiseren. Voor de geothermiebron is ook subsidie vanuit het Rijk toegekend. Het is nu veel minder ingewikkeld om de werkzaamheden goed op elkaar af te stemmen en te combineren, als ze in een korte periode worden gerealiseerd. Een dergelijke kans doet zich de komende jaren waarschijnlijk niet meer voor. Als we deze kans nu niet pakken wordt het in de toekomst moeilijk om op deze plek een geothermiebron te realiseren. Bewoners en participatie Bewoners en gebouweigenaren zullen met de aanleg van warmtenetten te maken krijgen. Dan gaat het over werkzaamheden in de straat, een aanbod om aan te sluiten en eventueel aanpassingen aan de installatie in het gebouw en isolatiemaatregelen.

2/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10469871

In de transitievisie warmte zijn uitgangspunten vastgelegd voor de warmtetransitie, bijvoorbeeld over betaalbaarheid, lokaal bezit, verminderen overlast van werkzaamheden, koppeling aan natuurlijke momenten en de sociale aspecten van de transitie. In de aanbesteding van het warmtesysteem in Laakhavens West is vooruitlopend op de transitievisie warmte al ervaring opgedaan met het borgen van dergelijke uitgangspunten. In de komende aanbesteding worden de uitgangspunten uit de transitievisie warmte geborgd en op de ervaringen uit Laakhavens-West voortgebouwd. De ‘stad’ zal bij deze plannen worden betrokken. Bij de totstandkoming van deze concessies wordt geborgd dat een passend participatietraject wordt gevolgd. Dit zal ook in de selectie van de warmteleverancier een belangrijke rol spelen. Gemeente Den Haag houdt zelf regie op de participatie, zoals ook nu al in diverse trajecten wordt gedaan en zal dat ook in uitvoeringsplannen concreet maken. De beoogde bronnen gaan warmte leveren aan bestaande en aan nieuw aan te leggen warmtenetten. Een specifiek aandachtspunt bij warmtenetten en bronnen is het temperatuurniveau. Duurzame bronnen leveren vaak rond de 70°C. Daarom is het wenselijk om woningen zo te isoleren en de installatie zo aan te passen dat 70°C warm genoeg is om het gebouw te verwarmen. Het zal enkele jaren duren tot de benodigde aanpassingen zijn doorgevoerd.

Nieuw aan te leggen warmtenetten moeten geschikt zijn om op termijntemperaturen rond de 70°C af te leveren (en op langere termijn zo mogelijk nog lagere temperatuur). Zoals aangegeven in de afdoening van de motie “afspraken over energiebesparing woningcorporaties” (RIS304751) is de volgorde volgens het college dan ook: eerst isoleren naar energielabel B/C of hoger (transitieklaar) en daarna aansluiten op schone energie. De transitievisie warmte (RIS313867) geeft aan: “In buurten waar nog onvoldoende is geïsoleerd, kan een start met een warmtenet op hoge temperatuur een goed begin zijn […] Zodra de woningen en gebouwen voldoende zijn geïsoleerd, wordt de temperatuur op het warmtenet verlaagd.” Gemeente Den Haag zal met deze aanpak sterk sturen op het snel overschakelen naar 70°C. Wetgeving in ontwikkeling De minister voor Energie en Klimaat heeft aangekondigd binnenkort met een nieuw wetsvoorstel voor de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) te komen. Kern is dat meer overheidsinvloed mogelijk wordt gemaakt. Met de Wcw wordt in hoofdzaak invulling gegeven aan: a. de taak en bevoegdheid van gemeenten om te bepalen door wie, waar en wanneer er een collectieve warmtevoorziening wordt aangelegd; b. meer transparantie rondom de tarieven en tariefregulering op basis van de werkelijke kosten; c. betere borging van de duurzaamheid en leveringszekerheid; d.

het in publieke handen brengen van warmtenetten. Het is belangrijk om rekening te houden met toekomstige wetgeving. Het college zoekt daarom een concessievorm die zoveel mogelijk aansluit bij de toekomstige Wcw, maar wacht niet tot deze over enkele jaren van kracht wordt. Hierdoor zou het momentum verloren gaan om nu de bronnen mogelijk te maken. Naast de Wcw is de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) in ontwikkeling. Deze wet bevat onder meer de vereisten aan de warmtetransitie (transitievisie warmte) en het omgevingsplan onder de Omgevingswet. Deze wet geeft gemeenten straks meer instrumentarium om regie te voeren op de warmtetransitie. Het college hanteert als voorwaarde bij de concessieverlening dat niemand wordt gedwongen om op een warmtenet aan te sluiten. Het is daarbij de inzet dat iedereen een goed aanbod krijgt. Om dat vooraf zelf te kunnen beoordelen, zal de gemeente vooraf een eigen (marktconforme) business case opstellen.

3/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10469871

Aanbestedingen in diverse gebieden. Op basis van het bovenstaande wordt in stappen voor meerdere gebieden een aanbesteding voorbereid. Dat proces begint met een verdiepingsslag, waarin de gemeente informatie verzamelt, een inschatting van financiële consequenties maakt en gebieden nauwkeurig definieert. Op basis van deze verdiepingsslag kan de gemeente in een volgende stap een goede aanbesteding in de markt zetten. Uitgangspunten uit de transitievisie warmte worden hierin meegenomen. Bij de aanbestedingen worden gebieden met woningen met E, F en G-labels meegenomen. Hiermee wordt tevens een structurele bijdrage geleverd aan de bestrijding van energiearmoede. Vooralsnog wordt breed in de stad gekeken naar aantrekkelijke gebieden die vanaf het De Constant Rebecqueplein kostenefficiënt van duurzame warmte kunnen worden voorzien. Dit komt overeen met gebieden die in de transitievisie warmte zijn aangegeven als warmtenetgebieden (licht- en donkergroen). Individuele en klein-collectieve oplossingen. Een aanbesteding zal zo worden vormgegeven dat alle ruimte blijft bestaan voor kleinschalige collectieve en/of individuele oplossingen, ook in gebieden die als concessie worden uitgegeven. Ook dit soort oplossingen worden aangemoedigd en ondersteund. In het ideale geval kan een combinatie van klein collectieve oplossing en een warmtenet een smart-grid oplossing vormen.

Aandachtspunten De voorgestelde aanpak en het momentum bieden een uitgelezen kans om als stad een enorme stap naar een duurzame warmtevoorziening te zetten. Om zover te komen, moeten wel enkele drempels genomen worden en zullen we ongetwijfeld nog moeilijke keuzes moeten maken. Het college wil uw commissie daarom ook wijzen op enkele punten die we tegen kunnen komen. Uit de haalbaarheidsstudie kan blijken dat betaalbaarheid voor de eindgebruiker niet samengaat met een rendabele investering van marktpartijen. Indien er sprake is van een onrendabele top volgt een gesprek met marktpartijen hoe hiermee wordt omgegaan. Aanbestedingen kunnen meerdere, een enkele of soms ook geen geschikte voorstellen opleveren. Het risico bestaat dus dat er aan het eind van de aanbesteding niet kan worden gegund. Gelukkig hebben we met de aanbesteding van Laakhavens goede ervaringen opgedaan, die we zeker ook voor deze aanbestedingen kunnen gebruiken. Relatie met ander beleid Deze brief heeft een nauwe samenhang met het isolatiebeleid om van E, F en G-labels af te komen. Het is waarschijnlijk dat het aansluiten op warmtenetten in gebieden gebeurt waar ook veel panden aan de beurt zijn voor verdere isolatie. Deze aanpakken zullen elkaar versterken. Verder is er een sterke relatie met de woningcorporaties.

Zij hebben aangegeven veel van hun bezit via warmtenetten te willen verduurzamen door aan te sluiten op schone bronnen. Deze wens versterkt de gemeentelijke aanpak en is ook als zodanig afgesproken in de Raamovereenkomst Wonen 2019-2024 (RIS303208) tussen huurdersorganisaties, corporaties en de gemeente. Vooruitlopend daarop is geïnventariseerd waar kansen liggen in de stad. Dit betreft ongeveer 20 (combinaties van) buurten. De lijst met gebieden die inde inventarisatie zijn meegenomen is als bijlage 1 opgenomen. Er zijn 3 categorieën: • Volledig aangesloten op warmtenet, maar nog geen duurzame bron (voorbeeld Wateringseveld). • Deels aangesloten op warmtenet (voorbeeld Centrum). • Nog nauwelijks warmtenetaansluitingen (voorbeeld Schilderswijk).

4/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10469871

De inventarisatie levert op dat het voor 57.000 woningen aantrekkelijk is om op een warmtenet aan te sluiten. Daarvan zijn 21.600 woningen bezit van woningcorporaties, waarvan de woningcorporaties voorzien dat zij voor 2030 willen aansluiten. Veel van de woningen hebben E, F of G-labels. In het coalitieakkoord is de ambitie opgenomen om per jaar 10.000 woningen te isoleren, met voorrang voor E, F en G-labels. Een verkenning naar de utiliteitsbouw vindt nog plaats. Een voorlopige conclusie is dat de inventarisatie meer potentiële warmtevraag laat zien dan de bronnen op het De Constant Rebecqueplein kunnen leveren. Dat is gunstig, omdat dit het inzicht oplevert dat de bronnen volledig benut kunnen worden. Vervolgstappen Deze versnelling van de energietransitie in Den Haag is veelomvattend. Daarom biedt het college aan om een werkbespreking te organiseren om uw commissie verder te informeren over deze aanpak. Daarnaast zal de raad betrokken worden bij het uitgeven van concessies, bijvoorbeeld in een wensenen bedenkingenprocedure voorafgaand aan de aanbesteding, zoals ook bij de aanbesteding van het warmtesysteem Laakhavens West is gebeurd. Met vriendelijke groet, de wethouder van Duurzaamheid, Energietransitie en Klimaatadaptatie Arjen Kapteijns

5/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10469871

Bijlage 1 Overzicht zoekgebieden In onderstaande gebieden zijn veel woningen die geschikt zijn om aan te sluiten op een nieuw aan te leggen warmtenet of al aangesloten zijn op een warmtenet. Er zijn ook meer aansluitingen mogelijk in gebieden waar al een warmtenet ligt. • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Zuidwest Leyenburg Centrum-Kortenbos Centrum-Zuidwal Centrum Uilenbomen Centrum Rivierenbuurt Zuid en Noord Centrum Huygenspark Schildersbuurt Transvaalkwartier Bohemen, Meer en Bos Waldeck Loosduinen en Waldeck Mariahoeve en Marlot Moerwijk Morgenstond Oost Morgenstond Zuid Groente- en Fruitmarkt Wateringse Veld Ypenburg

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12396127/2