CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS314483 Bijlage 1 evaluatie Taalnota 2021 2022

Gemeenteraad 30 maart 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Evaluatie Taalnota ‘De taal van meedoen’ (RIS314483)3.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie Taalnota ‘De taal van meedoen’ 2021-2022 Inleiding In juni 2021 is de Taalnota ‘De taal van meedoen’ gepresenteerd. Met de Taalnota is door de gemeente Den Haag, samen met de taalpartners in de stad, gewerkt aan vier doelstellingen om laaggeletterdheid onder volwassenen in Den Haag terug te dringen: Doelstelling A. We bereiken meer laaggeletterde Hagenaars Doelstelling B. Meer Hagenaars krijgen in 1 keer een passend traject Doelstelling C. Betere samenwerking binnen de Haagse Taalketen Doelstelling D. Betere samenwerking binnen de gemeente Hieronder leest u eerst over het aanbod volwasseneneducatie in Den Haag met cijfers in beeld en de impact hiervan in de periode van juni 2021 tot eind 2022. Daarna volgen per doelstelling de acties die we namen en leest u welke resultaten dit opleverden. Met de gemeenten in de arbeidsmarktregio Haaglanden is aan vergelijkbare doelstellingen gewerkt, vastgelegd in het Regionaal Programma Laaggeletterdheid 2021-2024 (RIS309469). De acties onder het Regionaal Programma komen in deze rapportage ook aan bod. Op 18 november 2021 heeft de commissie samenleving in een tweeminutendebat over het Regionaal Programma laaggeletterdheid verzocht om meer inzicht op drie onderwerpen: vindplaatsen, best practices en werkgeversbenadering. Als toegezegd komen deze hieronder ook aan bod.

Taalaanbod in Den Haag 2021-2022 In 2021-2022 was er uitgebreid aanbod in Den Haag in lessen taal, rekenen en digitale vaardigheden (zie de cijfers op p.2). Het non-formele aanbod (gestructureerd lesaanbod door een beroepskracht) werd verzorgd door de taal+ school van ROC Mondriaan. Informeel aanbod (lesaanbod verzorgd door vrijwilligers, met name gericht op meedoen in de samenleving) is aangeboden door stichtingen, welzijnsorganisaties en de bibliotheek. Lessen vonden plaats op centrale locaties en in de wijken (middels de taalketenaanpak). De taalketenpartners hebben in de Haagse Taalketen nauw samengewerkt om te zorgen dat taalvragers bereikt werden en passend lesaanbod kregen. Begin 2021 was het aantal aanmeldingen en deelname aan taaltrajecten door corona sterk verminderd. Waar mogelijk is – in aangepaste vorm, zoals online lessen en kleinere groepen – doorgegaan met de lessen. Door de kleinere groepen en doordat trajecten daardoor langer duurden, konden minder mensen instromen. De instroom van deelnemers, vooral voor NT2-trajecten, is na het opheffen van de coronamaatregelen en met de instroom van Oekraïense vluchtelingen en andere nieuwkomers zeer sterk gestegen. Het aantal deelnemers aan groepslessen eind 2022 was weer bijna gelijk aan het aantal deelnemers pre-corona (zie p.2). Sinds voorjaar 2022 is de vraag groter dan het aanbod.

In samenspraak met de taalaanbieders werd binnen de bestaande middelen voortdurend gekeken hoe zoveel mogelijk mensen geplaatst konden worden in een passend taaltraject.

Resultaten in beeld Non-formeel aanbod 2021 en 2022 (in vergelijking met 2019 en 2020) Non-formeel aanbod zijn gestructureerde trajecten alfabetisering en taalniveauverhoging (en ook rekenen en digitale vaardigheden) door een beroepskracht

aantal deelnemers 7000 6286

6186

6000 5000

5214

5059

4716 4283

4000

3454

3233

3000 2000

1760

1705

2020

2021

1903

1227 1000 0

2019

Centrale locatie

In de wijk

Kenmerken deelnemers non-formeel aanbod 2021 o o o o o

2022

Totaal

40 cursisten volgden een taalstage in 2021

65% vrouw en 35% man; 10% jongvolwassen tot 25 jaar en circa 10% vanaf 55 jaar; 80% NT2 en 20% NT1; Deelnemers uit 154 landen, met name Turkije (14%), Bulgarije (11%), Polen (8%) 47% werkenden, 53% niet-werkenden

Slagingspercentage 2021 0-A1: 76% A1-A2: 74% A2-B1: 40%* B1-B2: 84% *de stap van niveau A2 naar niveau B1 is groter en moeilijker te bereiken dan de andere niveaus

Informeel aanbod in 2021 Onder informeel aanbod valt: taalles (en les in digitale vaardigheden) in groepsverband door een vrijwilliger, taalmaatjes projecten (1 op 1 taalvaardigheid oefenen met vrijwilligers, vaak in combinatie met een andere activiteit) en inlooples in de bibliotheek onder begeleiding van een vrijwilliger. Aanbieders van informeel aanbod zijn stichtingen (o.a. Taal aan Zee, Vluchtelingenwerk, Gilde Den Haag), welzijnsorganisaties (Xtra) en de bibliotheek. Ook het programma Taal in de Buurt valt hieronder. Aantal deelnemers 2021* Activiteit Aantal deelnemers Taalles door vrijwilligers in groepsverband Circa 1300 Taalmaatjes Circa 470 Inlooples in de bibliotheek Circa 300 per week *de cijfers van 2022 zijn nog niet bekend, maar zijn – met name voor taalles in groepsverband - naar verwachting aanzienlijk hoger (post-corona)

Impactmeting Trajecten basisvaardigheden hebben positieve impact op verschillende levensaspecten Tussen het najaar 2021 tot en met het voorjaar 2022 is de impactmeting Volwasseneneducatie op het sociaal domein uitgevoerd (zie bijlage I) in de regio Haaglanden. De monitor laat zien dat de trajecten volwasseneneducatie impact hebben op verschillende levensdomeinen van de doelgroep. Uit het onderzoek bleek dat: o o o o o

deelnemers na een traject beter zijn of haar taalvaardigheden kunnen toepassen in de praktijk (bijna 76%). bijna 49% van de deelnemers assertiever en bijna 46% ondernemender is geworden. ruim 60% van de deelnemers meer aan natuur- en sportactiviteiten is gaan doen. 16% van de deelnemers beter is gaan functioneren op de werkvloer of een betaalde baan heeft gekregen. Ruim 35% van de deelnemers een baan is gaan zoeken of (meer) vrijwilligerswerk is gaan doen (ruim 29%) of stage is gaan lopen (22%). (corona heeft effect gehad op de arbeidsmarktpositie).

De investering in volwasseneneducatie zorgt ervoor dat deelnemers niet alleen hun taalvaardigheden beter kunnen toepassen in de praktijk, maar dat zij op meerdere levensdomeinen een betere plek in de samenleving en de arbeidsmarkt krijgen. Daarnaast wil meer dan de helft van de deelnemers doorstromen naar een vervolgopleiding.

Doelstelling A. We bereiken meer laaggeletterde Hagenaars Onder deze doelstelling is ingezet op het bereiken van meer laaggeletterde Hagenaars. 1. Extra aandacht ging naar vier doelgroepen Deze doelgroepen zijn op volgorde van prioriteit: 1. Ouders van jonge kinderen 2. Jongvolwassenen 3. Mensen met een uitkering, die niet voldoen aan de taaleis 4. EU-arbeidsmigranten De vier doelgroepen kregen voorrang bij het volgen van een cursus. Daarnaast is ingezet op het bieden van aanbod dat aansluit op de behoeften van deze doelgroepen. Er zijn sinds de lockdowns meer online lesmogelijkheden aangeboden, die ook na de lockdowns zijn blijven bestaan. Ouders van jonge kinderen Voor ouders van jonge kinderen zijn in 2021-2022 meer plekken voor laagdrempelig taalaanbod in de wijk gerealiseerd. Naast basisscholen werd ingezet op taalles bij meer voorschoolse educatie (ve)plekken en locaties van Centrum voor Jeugd en Gezin. Zo kunnen ouders steeds meer de leerlijn van het kind volgen: starten met les via een online platform in de kraamtijd –> les met kind op schoot bij het CJG in de wijk -> met het kind mee naar les op een locatie van voorschoolse educatie of basisschool. Of ze stromen door naar regulier aanbod op de centrale locatie van ROC Mondriaan.

Jongvolwassenen In 2021 hebben circa 450 jongvolwassenen een taaltraject gevolgd binnen 10 mbo-opleidingen en VAVO zodat deze groep het benodigde taalniveau heeft om mee te kunnen komen binnen de opleiding en om schooluitval te voorkomen vanwege taalproblematiek. Daarnaast heeft een groep jongvolwassenen met een complexe rugzak die opnieuw naar school wilden extra (individuele) ondersteuning gekregen met lessen Nederlandse taal, rekenen en beroepenoriëntatie. Binnen de regio Haaglanden (in de gemeenten Delft en Rijswijk) is in 2022 een verkennend onderzoek gedaan naar hoe jongvolwassenen (18-27 jaar) gestimuleerd kunnen worden zich te blijven ontwikkelen, ook na de leerplichtige leeftijd. Hieruit kwamen een aantal aanbevelingen naar voren hoe aanbod in de toekomst het beste vormgegeven kan worden: met aandacht voor het perspectief van jongeren, inzet van sleutelfiguren (bijvoorbeeld een sportcoach, influencer, decaan) en het bieden van makkelijk toegankelijke informatie over verschillende diensten met een aantrekkelijke, digitale toepassing. Mensen met een uitkering, die niet voldoen aan de taaleis Uitkeringsgerechtigden die niet voldoen aan de taaleis (taalniveau A2/1F) werden in 2021-2022 wanneer passend vanuit de afdeling Participatie van de gemeente aangemeld voor een taaltraject of doorverwezen naar non-formeel aanbod in de wijk.

Ook uitkeringsgerechtigden die wel voldoen aan de taaleis, maar toch over onvoldoende taalvaardigheden beschikken, kregen taalles aangeboden. In 2021 namen circa 360 uitkeringsgerechtigden deel aan non-formeel lesaanbod. In 2021 is een pilot uitgevoerd waarin uitkeringsgerechtigden die onvoldoende mobiel waren online konden oefenen met begeleiding op afstand. De pilot was succesvol en is voortgezet als regulier aanbod. EU-arbeidsmigranten Circa 46% van de deelnemers van formele taaltrajecten in Den Haag in 2021-2022 had een EUachtergrond. Dit zijn met name partners van arbeidsmigranten uit onder meer Polen, Bulgarije,

Spanje en Italië en de arbeidsmigranten zelf. De lessen waren gericht op het leren van de taal binnen verschillende leefgebieden zoals werk, opleiding, school (van de kinderen) of het dagelijks leven. In de wijk Transvaal is specifiek ingezet op taalaanbod in de avond en in het weekend voor werkende arbeidsmigranten en hun partners met het doel hun arbeidsmarktpositie te verbeteren. Toch bleek taalles voor deze doelgroep vaak moeilijk te combineren met lange werkdagen, onregelmatige werktijden of de zorg voor jonge kinderen en werden cursussen niet afgemaakt. Met de taalpartners worden alternatieven verkend om deze doelgroep te bereiken, zoals taaloefenplekken waar deelnemers (vrijwilligers)werk combineren met taalvaardigheid. 2. Aanbod basisvaardigheden voor werknemers Naast de vier bovengenoemde doelgroepen was er aandacht voor het bereiken van (potentiële) werknemers. Specifiek gericht op werkenden en werkgevers zijn er in 2021 en 2022 voor circa 300 deelnemers trajecten ‘Taal op de Werkvloer’ gegeven, onder andere op de locatie van een werkgever. Met deze trajecten werken deelnemers aan het verbeteren van hun taalvaardigheid op de werkvloer om door te groeien in hun beroep of zich te oriënteren op een beroep. Er was met name veel animo voor de taaltrajecten ‘Taal voor de zorg’ voor (potentiële) zorgmedewerkers. 3.

Proactieve benadering van werkgevers gestart en verder uitgewerkt Met het Regionaal Programma zet de regio Haaglanden onder andere in op het bereiken van werkgevers. We streven niet naar een regionaal taalakkoord, maar willen werkgevers betrekken bij en bewustmaken van hun rol bij het verminderen van laaggeletterdheid. De regionale wervingscampagne Doe Weer Mee van ROC Mondriaan benadert werkgevers proactief met een gericht aanbod van training, taalles en advies over de inzet van hulpmiddelen (bijvoorbeeld om laaggeletterdheid makkelijk te kunnen indiceren). Doe Weer Mee rijkt jaarlijks de Doe Weer Mee Pluim! uit aan een organisatie die zich heeft onderscheiden in het bereiken of scholen van laaggeletterden. In september 2022 werd de Pluim uitgereikt aan het Haags Werkbedrijf, omdat ze het mogelijk maakte dat een groep straatvegers in werktijd een cursus Nederlands op de werkvloer heeft kunnen volgen. De wervingsaanpak richting werkgevers wordt de komende tijd nader uitgewerkt in samenwerking met Doe Weer Mee, Stichting Lezen en Schrijven, de gemeenten, taalaanbieders en andere relevante organisaties in de regio. 4.Werving - vindplaatsen in beeld Locaties van een groot aantal verschillende organisaties dienden ook in 2021-2022 als ‘vindplaats’ om laaggeletterde Hagenaars te bereiken.

Dit zijn onder andere buurthuizen en wijkcentra, servicepunten, welzijnsorganisaties, basisscholen, voorschoollocaties, het Centrum voor Jeugd en Gezin, gemeentelijke dienstverlening, (wijk)bibliotheken en werkgevers. Doe Weer Mee en de taalen welzijnsorganisaties hebben veel vindplaatsen in beeld, onderhielden daar contact mee en breidden de vindplaatsen uit met wervingsactiviteiten. Werving vanuit Doe Weer Mee verliep lokaal en regionaal, met o.a. (online) campagnes en het benaderen van toeleiders bij vindplaatsen, vaak met de inzet van taalambassadeurs. Doe Weer Mee bood ook trainingen aan professionals in het herkennen van laaggeletterdheid en het doorverwijzen naar taalaanbod. In september 2022 tijdens de Week van Lezen en Schrijven voor de vijf gemeenten een Glazen Radiohuis georganiseerd om aandacht te vragen voor laaggeletterdheid. Het Radiohuis verzorgde een week lang radio-uitzendingen met optredens en interviews met lokale, regionale en landelijke

spelers uit het taalveld, taalambassadeurs, experts en bestuurders. Mensen zijn met name via de radio en de website van het Glazen Radiohuis bereikt. De website telde circa 27.000 views. De komende periode zetten de vijf regiogemeenten verder in op strategische inzet van bestaande kennis en overzichten van vindplaatsen in de regio om nog gerichter en effectiever doelgroepen te bereiken. De regionale adviseurs van Doe Weer Mee en Stichting Lezen en Schrijven trekken hierin gezamenlijk op, in overleg met de taalketens in de gemeenten in de regio Haaglanden. 5. NT1 doelgroep doelgerichter bereiken De NT1 doelgroep is moeilijker bereikbaar dan andere doelgroepen, met name door schaamte voor de lage basisvaardigheden. In regionaal verband werden daarom in opdracht van de gemeenten in de arbeidsmarktregio Haaglanden diverse wervingsactiviteiten met een focus op de NT1-doelgroep uitgevoerd door de regionale wervingscampagne Doe Weer Mee en (in samenwerking met) de landelijke ‘Ik wil leren’-campagne van de Stichting Lezen en Schrijven. De website ikwilleren.nl biedt allerlei leervragen, die doorgeleiden naar een passend aanbod in de betreffende gemeente van de inwoner. De ‘Ik wil leren’- publiciteitscampagne werd voor de regio op maat gemaakt om herkenbaarheid te vergroten en eind 2021 uitgerold in de regio.

Voor de NT1 groep werden ook andersoortige cursussen aangeboden, zoals cursussen digitale vaardigheden en het programma ‘Voel je Goed’ met les in gezonde leefstijl gecombineerd met les in taalvaardigheid. Deelname aan dit soort cursussen kan een opstap zijn naar een intensievere cursus basisvaardigheden.

Doelstelling B. Meer Hagenaars krijgen in 1 keer een passend traject Onder deze doelstelling zijn onderstaande initiatieven genomen om aanbod beter te laten aansluiten op de behoeften van deelnemers. Daarnaast hebben de verschillende taalaanbieders zich ingezet het aanbod beter op elkaar aan te laten sluiten. 1. Taalketenpartners gestart met een persoonlijk leerplan In overleg met de taalketenpartners is het Taalhuis in 2021-2022 gestart met de ontwikkeling van een persoonlijk leerplan voor deelnemers van formeel en non-formeel aanbod. In deze fysieke map komt een visualisatie van de mogelijke trajecten die de taalvrager kan doorlopen. En verzamelt de deelnemer in de map informatie over gevolgde trajecten en behaalde certificaten. Hiermee krijgen taalaanbieders inzicht in wat de taalvrager al heeft gedaan en wat passend vervolgaanbod is. 2. Veertig cursisten van formeel aanbod volgden een taalstage In 2021 is door de Taal+ school van ROC Mondriaan een pilot gestart voor het stimuleren van deelname aan taalstages door cursisten. Dit zijn plekken bij bijvoorbeeld werkplaatsen, scholen en winkels waar cursisten hun taal in de praktijk kunnen oefenen door gemiddeld 1 of 2 dagdelen per week gedurende 10 of 20 weken ‘stage’ te lopen. Dit bevordert het (vasthouden of verbeteren van het) taalniveau, participatie of toegang naar werk of vervolgopleiding.

Taalstages worden daarom in de komende jaren voortgezet. 3. Pilot taalles in combinatie met kinderopvang Voor de doelgroep ‘ouders met jonge kinderen’ heeft de gemeente in 2021-2022 in Moerwijk een pilot laten uitvoeren waarin taalles werd gecombineerd met kinderopvang. Doelstellingen waren het verhogen van het taalniveau van de ouders om doorstroom naar (vrijwilligers)werk of

vervolgopleiding te stimuleren en het stimuleren van de taalontwikkeling van hun kinderen door deel te nemen aan de kinderopvang. De ouders hebben in het traject hun taalniveau verhoogd. Positieve bijvangst was dat kinderen door de pilot werden aangemeld voor voorschoolse educatie. Sinds de pilot zet de Taal+ school van ROC Mondriaan pro-actiever in op lessen op voorschoolse educatieplekken en doorlopende leerlijnen voor ouders van jonge kinderen. 4. Meer aandacht voor digitale vaardigheden Door de coronamaatregelen zijn blijvende nieuwe lesvormen ontstaan, zoals online taalplatforms. Deze platforms bleken voor sommige deelnemers een goede manier van (beginnen met) leren. De online lessen en digitale methoden hebben zich ontwikkeld en er is hybride aanbod. In al het aanbod is er aandacht voor digitale vaardigheden als onderdeel van taallessen. Hierdoor kunnen deelnemers makkelijker thuis oefenen, op een computer of mobiele telefoon. Ook docenten en vrijwilligers zijn beter getraind in het digitaal lesgeven. De vraag naar online oefen-accounts is het afgelopen jaar sterk gestegen, enerzijds door de toenemende bekendheid ervan en anderzijds vanwege de effecten van de coronamaatregelen. Het platform Oefenen.nl biedt via accounts online oefenmateriaal en een volgsysteem waarmee de docent de vorderingen van de deelnemers kan volgen.

In 2021 is gebruik gemaakt van 3676 online oefen-accounts, door 51 organisaties. Team Online Leren van ROC Mondriaan stimuleerde het gebruik van het platform door organisaties en ondersteunde deze hierbij. 5. Monitoring van activiteiten De gemeente is in 2021-2022 de gesubsidieerde activiteiten intensiever gaan monitoren. Over het aanbod volwasseneneducatie werd halfjaarlijks of jaarlijks schriftelijk (subsidie)verantwoording afgelegd. Daarnaast werd de voortgang besproken en bijgestuurd in regulier en tussentijds overleg met de betrokken aanbieders. De impactmeting (zie vooraan in deze rapportage) van 2021-2022 geeft een beeld over de ‘outcome' van inzet op volwasseneneducatie. Daarnaast is vanuit het Rijk in 2021 gestart met een pilot over de ‘output’ van de rijksmiddelen voor educatie. Doel hiervan is het krijgen van een landelijk beeld van deelname aan cursusaanbod laaggeletterdheid in het kader van Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB). In deze monitor werden gegevens van deelnemers gemonitord, zoals leeftijd, geslacht, moedertaal (NT1 of NT2), woonplaats, type cursus (formeel of non-formeel) en cursusvorm (welke vaardigheid). Gemeente Den Haag maakte onderdeel uit van deze pilot, die landelijk verder wordt uitgerold.

Doelstelling C. Betere samenwerking binnen de Haagse Taalketen Onder deze doelstelling is ingezet op versterkte samenwerking binnen de Haagse Taalketen. 1. In 2021 en 2022 hebben 1700 resp. 1900 deelnemers laagdrempelig les gevolgd op wijklocaties In de wijken Moerwijk, Morgenstond, Bouwlust-Vrederust, Rustenburg- Oostbroek, Leyenburg, Schilderswijk, Transvaal, Mariahoeve en Laak werd laagdrempelige les verzorgd bij buurtcentra, (voor)scholen en CJG-locaties. Daarnaast deden wekelijks circa 300 mensen mee aan een inlooples in de wijkbibliotheken. De bibliotheek heeft via DigiTaalpunten en spreekuren in de wijk en in de centrale bibliotheek in 2021 ruim 1700 mensen te woord gestaan en doorverwezen naar aanbod in basisvaardigheden (minder dan voorgaande jaren vanwege de corona lockdowns). In Q1 en Q2 van 2022 was dit aantal alweer circa 1200.

Via taalplatforms hebben de organisaties gewerkt aan betere doorverwijzing en doorstroom naar vervolg- of intensievere lessen. In deze taalplatforms kwamen taalaanbieders, welzijn, bibliotheek en andere betrokken organisaties bijeen om taalaanbod en taalvragen op elkaar af te stemmen en kennis te delen. De taalketenaanpak wordt in 2023 voortgezet. Daarbij zal de gemeente in nauw contact blijven met de taalketenpartners om ervoor te zorgen dat passend aanbod wordt verzorgd en dat met doorverwijzing wordt voorzien in doorlopende leerlijnen. 2. De Taalketen werkte aan inzichtelijker aanbod Om het aanbod nog beter vindbaar te maken is de website van het Taalhuis, het centrale punt voor informatie en advies, in 2022 aangepast en uitgebreid met een beslisboom ofwel stappenplan. Via het stappenplan kunnen mensen gemakkelijk de les vinden die voldoet aan hun behoeften en contact opnemen met de taalschool die de les aanbiedt. De Taalhuiswebsite blijft in ontwikkeling om de informatie up to date te houden en duidelijk en goed vindbaar te maken. 3. Verkenning naar problemen en oplossingen bij taalaanbod In de periode 2019-2021 zijn in zes wijken werksessies met wijkbewoners en taalketenpartners georganiseerd, zogenaamde Change Labs. Doel van de Change Labs was het inzichtelijk maken van problemen of hiaten in het taalaanbod op wijkniveau.

Uit de werksessies bleek dat de doelgroepen en de bijbehorende wensen sterk verschillen van wijk tot wijk. Dit vraagt om zoveel mogelijk maatwerk. Daarnaast kwamen uit de werksessies een aantal algemene punten naar voren: behoefte aan praktijkplekken in de wijk om de Nederlandse taal te oefenen, behoefte aan meer taalaanbod in de wijk op een hoger niveau (van A2 naar B1) en behoefte aan kinderopvang tijdens de taalles en/of een koppeling tussen hun eigen taallessen en de voorschoolse educatie van hun kinderen. Deze punten zijn opgepakt en verwerkt in het aanbod. In 2022-2023 wordt een vervolg gegeven aan de Change Labs om te zien hoe kan worden voorzien in de specifieke behoeften in een wijk, gekoppeld aan wat er in de wijk al aanwezig is aan infrastructuur. We leerden van elkaar door het delen van kennis en best practices Naast uitwisseling met de Haagse taalketenspelers wisselde de gemeente ook kennis en ervaringen uit met collega's van andere (G4) gemeenten. Het in 2021 gestarte landelijke Expertisecentrum Basisvaardigheden ondersteunt gemeenten bij de aanpak van laaggeletterdheid door het delen van kennis, handreikingen en best practices. Daarnaast leerden de gemeente en taalpartners van uitgevoerde pilots, zoals genoemd in deze evaluatie, en onderzoeken.

Daarbij speelde de regionale inzet van Stichting Lezen en Schrijven in veel gevallen een faciliterende rol, mede door het ontsluiten van kennis en goede voorbeelden. Zo organiseerde Lezen en Schrijven in 2022 in opdracht van de regiogemeenten ook sessies voor de Taalhuizen in de regio met als doel de samenwerking en kennisdeling tussen de Taalhuizen in de regio te stimuleren.

Doelstelling D. Betere samenwerking binnen de gemeente Onder deze doelstelling richtte de gemeente zich op betere samenwerking tussen de verschillende diensten binnen de gemeente die betrokken zijn bij taalaanbod voor Hagenaars. Sinds 2021 zijn de diensten volwasseneneducatie, participatie, Den Haag Werkt, inburgering en de bibliotheek intensiever gaan samenwerken om beleid beter af te stemmen en kennis te delen. Op deze manier werd het beleid versterkt en is er vanuit de gemeente meer eenduidigheid richting de taalpartners in de stad. Ook de samenwerking met andere onderdelen van de gemeente die in

contact staan met Hagenaars is geïntensiveerd: de stadsdelen zijn betrokken bij de Change labs in de wijken, het Centrum van Jeugd en Gezin speelt een rol met het oog op bereiken van ouders en van jonge kinderen (doelgroepkinderen voor voorschoolse educatie en Jongerenpunt070 in het bereiken van jongvolwassenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12401124/2