CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS314482 Bijlage Technische vragen-Halfjaarrapportage 2022 Wmo-RIS313783-iv

Commissie Samenleving 23 februari 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken4.847 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen

Nr.

Partij 1 DENK

Blz.

Halfjaarrapportage 2022 Wmo (RIS313783)

Vraag Antwoord Is onder alle betrokkenen voldoende bekend wat er gaat gebeuren en is De gestelde vraag is algemeen geformuleerd. Het is daardoor niet duidelijk op welk onderdeel of grafiek van de het afdoende? halfjaarrapportage deze betrekking heeft.

2 DENK

Welke problemen zijn opgelost en tegen welke onmogelijkheden lopen we op?

De gestelde vraag is algemeen geformuleerd. Het is daardoor niet duidelijk op welk onderdeel of grafiek van de halfjaarrapportage deze betrekking heeft.

3 DENK

In hoeverre zijn papier en praktijk goed op elkaar afgestemd?

De gestelde vraag is algemeen geformuleerd. Het is daardoor niet duidelijk op welk onderdeel of grafiek van de halfjaarrapportage deze betrekking heeft.

4 DENK

In hoeverre hebben de ingezette maatregelen effect laten zien?

De gestelde vraag is algemeen geformuleerd. Het is daardoor niet duidelijk op welk onderdeel of grafiek van de halfjaarrapportage deze betrekking heeft.

5 VVD

3

Wordt er gecontroleerd op fraude bij aanvragen van WMO-vervoer? Zo ja, is hier een onderscheid in preventieve en repressieve maatregelen?

De aanvragen voor Wmo-vervoer worden door de Wmo-wijkteams onderzocht en beoordeeld. Er wordt gecontroleerd op rechtmatigheid (bijv. identiteit en inschrijving in de gemeente Den Haag). Ook wordt geoordeeld op de noodzaak van het verstrekken van deze voorziening. Als iemand geen recht op deze voorziening heeft wordt de aanvraag afgewezen.

6 VVD

2

Wat is de reden dat de fraudeaanpak binnen de WMO-rapportage niet geëvalueerd of benoemd wordt?

Over de aanpak 'Misbruik en oneigenlijk gebruik' wordt gerapporteerd in de Voortgangsraportages kostenbeheersing Wmo en Jeugd. Zie bijv. RIS311905.

7 VVD

8

Is de wens van de aanvrager of het oordeel van de aanbieder leidend in het toezeggen van WMO-voorzieningen? Graag een toelichting op deze verhoudingen.

Tijdens het onderzoek brengt het Wmo-wijkteam de hulpvraag en de ondersteuningsbehoefte van de aanvrager in kaart. Hierbij wordt eerst gekeken of de hulpvraag kan worden opgelost met de eigen kracht van de aanvrager, met de mogelijkheden van het sociale netwerk en het voorliggende veld. Als niet op andere wijze kan worden voorzien in de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning, wordt een maatwerkvoorziening toegekend. De wens van de aanvrager is hierin wel belangrijk, maar niet doorslaggevend. Het oordeel van de aanbieder speelt hierin geen rol. Het is aan de cliënt zelf om, nadat een Wmo-voorziening is toegekend, een aanbieder te kiezen. In het ondersteuningsplan worden door de cliënt en aanbieder samen afspraken vastgelegd over de te behalen doelen, resultaten, activiteiten en de duur en frequentie van de ondersteuning.

8 VVD

10

Hoe houdt de gemeente zicht op dat er voor de PGB’s juist gedeclareerd De systematiek van het "trekkingsrecht" voorkomt fraude met besteding van het PGB. Er wordt geen bedrag is en het geld terecht komt bij de mensen waar het voor bedoeld is? rechtstreeks aan de cliënt uitgekeerd waaruit hij zelf betalingen kan doen; er wordt hem een bedrag ter besteding beschikbaar gesteld. Namens het college worden door de Sociale Verzekerings Bank (SVB) betalingen verricht. Zo wordt gewaarborgd dat het PGB slechts wordt besteed om diensten, activiteiten, roerende zaken of woningaanpassingen in te kopen die in de maatwerkvoorziening zijn opgenomen. In aanvulling daarop gebruikt de afdeling Misbruik & Oneigenljk gebruik (M&O) datamanagement bij o.a. de declaraties en de betalingen aan aanbieders. Er wordt onderzocht of de declaraties juist en volledig zijn ingevuld. Ook wordt gecontroleerd of het rekeningnummer van de aanbieder is, van de cliënt of van een derde. Zo wordt met datamanagement en vervolgonderzoeken zicht gehouden op de rechtmatigheid.

9 VVD

10

Hoe wordt de rechtmatigheid van het beroep dat mensen doen op WMO-vervoer gecontroleerd?

De meldingen voor Wmo-vervoer worden door de Wmo-wijkteams onderzocht en beoordeeld. Deze medewerkers beschikken over expertise over het vaststellen van de hulpvraag, bepalen van de ondersteuning en het aanbod en de relevante wet- en regelgeving. Er wordt geoordeeld op de noodzaak van het verstrekken van deze voorziening. Als iemand geen recht heeft, dan wordt deze voorziening niet verstrekt. Wanneer een indicatie wordt afgegeven voor het collectief aanvullend vervoer, dan krijgt de cliënt een op naam gestelde pas waar de chauffeur naar kan vragen. De besteding van een PGB Vervoersvergoeding wordt op dezelfde wijze gemonitord als ieder ander PGB. Zie hiervoor het antwoord bij vraag 8.

10 VVD

10

Welke vervoersmogelijkheden worden onderzocht bij de aanvraag voor WMO-vervoer? Hoe gaat dit traject in zijn werk?

Het Wmo-wijkteam onderzoekt samen met de aanvrager wat de mogelijkheden zijn. Dit is maatwerk, conform de wet. Het onderzoek richt zich op de vervoersbehoefte en de vervoersmiddelen (bijv. auto, scooter, fiets en e-bike, Zonnebloemauto) die beschikbaar zijn voor de hulpvrager. Verder wordt de toegankelijkheid van het openbaar vervoer onderzocht en de mogelijkheden van het sociaal netwerk. Ook wordt verkend welke wijkvoorzieningen (bijv. deelauto, wijkbus, boodschappen begeleidingsdienst, scootmobiel pool) mogelijk een oplossing zijn. Als niet op andere wijze kan worden voorzien in de behoefte van de aanvrager, kan een pas voor AV070 of een PGB voor vervoerskosten worden verstrekt.

11 VVD

10

Hoe wordt er bepaald hoeveel kilometers iemand toegezegd krijgt voor WMO-vervoer?

Er geldt in Den Haag geen maximum aantal kilometers voor het gebruik van AV070. Voor de PGB Vervoerskosten wordt een gemiddelde kilometerberekening gemaakt op basis van de meest voorkomende ritten van de cliënt.

12 VVD

10

Hoe verhoudt het aantal kilometers dat iemand toegezegd kan krijgen voor het WMO-vervoer in Den Haag zich tot de andere G4 steden?

In Den Haag geldt geen maximum aantal kilometers en geen ritbijdrage. In Amsterdam geldt maximaal 1.500 kilometer per jaar, en een ritbijdrage met een opstaptarief van €1,08 en vervolgens €0,20 per kilometer. In Rotterdam geldt maximaal 1.500 kilometer, en een ritbijdrage op basis van zones en strippen. Dit zijn verschillende tarieven per leeftijdscategorie. Tussen 12-65 jaar is dit €0,70 per strip. Een rit van 2 zones kost 3 strippen. In Utrecht wordt een kilometermaximering voorbereid. Dan kan in een maximumbudget afgegeven worden bij een indicatie. Er geldt een ritbijdrage met een opstarief van €1,07 en vervolgens €0,27 per kilometer.

13 VVD

11

Op deze pagina wordt een afname benoemd in de wachtlijsten voor beschermd wonen, hoe groot was deze afname?

De wachtlijst is in deze periode afgenomen met 121 personen.

14 VVD

12

Hoe wordt er gecontroleerd dat aanpassingen in huis toereikend zijn voor het probleem en tegelijkertijd spaarzaam zijn en niet luxer dan strikt noodzakelijk?

De gemeente onderzoekt de aard, de omvang en de behoefte van ondersteuning in gesprek met de hulpvrager. Dit is gericht op het vinden van de goedkoopst adequate oplossing. De specialist woningaanpassingen beoordeelt welke aanpassing of voorziening noodzakelijk is om de belemmering, als gevolg van de beperking van de hulpvrager, in de woning op te heffen. Hierbij wordt rekening gehouden met algemeen gebruikelijke oplossingen die verkrijgbaar zijn in de reguliere handel. Ook wordt gekeken of een herschikking mogelijk is van de inrichting van de woning. Voor veel voorkomende woningaanpassingen is een lijst samengesteld met genormeerde bedragen. Die is tot stand gekomen door een berekening toe te passen op materiaal, aantal arbeidsuren, opslagpercentage en uurloon.

15 VVD

13 Wordt in de klantentevredenheidsonderzoek meegenomen hoe efficiënt Het klanttevredenheidsonderzoek (KTO) bevat geen directe vraag over efficiënte besteding. Wel wordt gevraagd of de de klant de besteding van het gemeenschapsgeld vond? cliënt de ondersteuning passend vindt.

16 VVD

15

Hoeveel belangenorganisaties krijgen subsidie van de gemeente en vallen deze in categorie A of B?

Vanuit de subsidieregeling 'Belangenbehartiging mantelzorgers en senioren' krijgen twee belangenbehartigingsorganisaties subsidie, waarvan één in categorie A (mantelzorgers) en één in categorie B (senioren).

17 VVD

15

Is het bouwproject de Vroon volgens planning eind 2022 nu opgeleverd? De Vroon is eind 2022 volgens planning opgeleverd. Het groepsvormingsproces zal gemonitord worden door Team de En hoe wordt het groepsvormingsproces van de Vroon geëvalueerd? Vroon. Dit is het team van initiatiefnemers voor de ontwikkeling van dit woonzorgconcept waar o.a. projectontwikkelaars en het Centrum Groepswonen onderdeel van zijn. Zij zullen de nieuwe bewoners begeleiden in het groepsvormingsproces en het benutten van de collectieve ruimtes en zullen hierna betrokken blijven voor monitoring.

18 Hart voor Den Haag

7 (werkvoorraad)

Er is de eerste helft 2022 sprake van een doorlooptijd van gemiddeld 59,7 dagen, bijna een kwart meer dan de wettelijke termijn van 42 dagen. Wat is de doorlooptijd nu en wat is de huidige werkvoorraad? Kan er ingezet gaan worden op een doorlooptijd van maximaal 28 dagen?

19 Hart voor Den Haag

7 (casemanagers)

Hoeveel casemanagers heeft de gemeente? Is bekend hoe lang een De Wmo-wijkteams hebben 178 FTE aan medewerkers die meldingen afhandelen (stand per 15 november 2022). Er casemanager een zaak behandel[t]? In hoeveel gevallen wordt een wordt niet geregistreerd hoeveel tijd wordt besteed aan de afhandeling. Evenmin wordt geregistreerd hoe vaak een casemanager tijdens een traject van de zaak gehaald? Wat is daarvan de casemanager “van de zaak gehaald” wordt, of waarom een melding wordt overgedragen. Het uitgangspunt is dat reden? Is er beleid om een casemanager van begin tot einde een casus meldingen zoveel mogelijk op de juiste plek en bij de juiste persoon worden ingedeeld. De zorgregelaars beoordelen te laten doen? Graag een reden waarom dat wel/niet het geval is. eenvoudige Wmo-meldingen. Zij hebben contact met de hulpvrager en adviseren over het welzijnsaanbod in de wijk. En waar nodig verwijzen zij door naar de juiste plek. De Wmo-casemanagers beoordelen meer complexe zaken waarvoor uitgebreid onderzoek nodig is, en waarvoor op huisbezoek kan worden gegaan. Tenslotte zijn er een aantal gespecialiseerde teams die stadsbreed werken (Daklozenloket, team Wonen, Specialisten Woonaanpassingen).

De doorlooptijd is gemiddeld 65,2 dagen (1 januari t/m 31 december 2022). De werkvoorraad is 4.955 Wmo-meldingen (stand per 31 december 2022). Het college zet in op het terugbrengen van de gemiddelde doorlooptijd. Wel wordt in par. 2.2 van de commissiebrief benadrukt dat het voorspellen van dergelijke trends lastig is vanwege de vele onzekerheden. Zoals het effect van een mogelijke terugkeer van corona en de invloed daarvan op het ziekteverzuim, het inwerken van nieuwe medewerkers, en de implementatie van het nieuwe systeem CVS.

Pagina 1 van 3

Beantwoording technische vragen

Halfjaarrapportage 2022 Wmo (RIS313783)

20 Hart voor Den Haag

11 (Doelgroepenvervoer/AV070)

Zijn de klachten die de cliënten rechtstreeks aan Noot doen ook meegenomen in de aantallen? Wordt er bij de loosmeldingen gekeken naar de reden? Hoe snel rijdt een chauffeur na aanbellen weer weg? Is daar een tijdmeting van? Is bij het aantal ritten ook het leerlingenvervoer meegenomen? Uit hoeveel ritten bestaat het leerlingenvervoer per dag? Komt door het leerlingenvervoer het vervoer van WMO cliënten niet in het gedrang? Hoeveel WMO ritten worden er niet uitgevoerd vanwege het leerlingenvervoer? Wat zijn de criteria om tot een gunning over te gaan?

Klachten die rechtstreeks bij Noot binnenkomen worden meteen gedeeld met de gemeente. Deze zijn dus meegenomen in de cijfers. Chauffeurs moeten een reden opgeven voor een loosmelding. Na gebruik van de belservice (waarbij reizigers 5-15 minuten van tevoren gebeld worden dat de chauffeur eraan komt) wachten chauffeurs 3 minuten, daarna wordt de rit loosgemeld. Bij niet gebruik van de belservice bedraagt de wachttijd 5 minuten. Het aantal ritten is exclusief het leerlingenvervoer. Leerlingenvervoer bedraagt gemiddeld 850 ritten per dag (tijdens vakanties ligt dit lager en tijdens schoolmaanden hoger). Het uitvoeren van leerlingenvervoer, in combinatie met het chauffeurstekort, zorgt voor een grotere druk op het Wmo-vervoer. Er wordt niet geregistreerd welke ritten niet geboekt kunnen worden omdat het tijdsvak vol is. Criteria voor gunning is deels kwaliteit (uitvoering van de opdracht, hoe wordt vorm gegeven aan het programma van eisen en communicatie/klanttevredenheid) en deels prijs.

21 Hart voor Den Haag

6 (Informatievoorziening)

De wachttijden aan de telefoon zijn vaak er[g] lang. Kan er ingezet worden op het gratis maken van nummer 14070? Is er naast de digitale informatie, ook informatie op papier beschikbaar? Is deze papieren informatie dan ook beschikbaar op ieder (XL) servicepunt?

14070 is het algemene telefoonnummer van de gemeente Den Haag. Inwoners die vragen hebben over de Wmo (zoals huishoudelijke hulp, aangepast vervoer of begeleiding) of een (spoed)melding willen doen, kunnen bellen met de Klantenservice SZW op (070) 353 75 00. Wij informeren over dit rechtstreekse telefoonnummer op de Wmo-pagina’s van de gemeentesite, in Wmo-folders en in beschikkingen en brieven. De gemeente stelt factsheets en brochures beschikbaar bij de Servicepunten XL. Bijvoorbeeld over mantelzorg, cliëntondersteuning, scootmobielen, persoonsgebonden budget en schuldenproblematiek. Schriftelijke informatie is ook beschikbaar bij de wijkteams.

22 Hart voor Den Haag

7 (Hulp)

Wanneer worden MEE medewerkers ingeschakeld door een WMOwijkteam? Welke criteria worden er gehanteerd?

Bij meldingen waarbij sprake is van mensen met een (licht) verstandelijke beperking, lichamelijke beperking, chronische ziekte, niet aangeboren hersenletsel of een vorm van autisme worden MEE-medewerkers, die meedraaien in de Wmowijkteams, als onafhankelijke cliëntondersteuners betrokken. Met hen wordt overlegd en, wanneer gepast, gaan de MEE-medewerkers mee op huisbezoek met de Wmo-casemanager. Wmo-meldingen die passend lijken voor ondersteuning vanuit MEE, kunnen direct door MEE-medewerkers worden opgepakt.

23 Hart voor Den Haag

11 (Woonvoorzieningen en hulpmiddelen)

Er wordt gesproken over 3624 inwoners die gebruik maken van een hulpmiddel en 294 inwoners die een woningaanpassing ontvingen. Wat is het aantal aanvragen? Wat zijn de criteria om aanvragen af te wijzen? Is de toename in de verstrekking van scootmobiel en andere hulpmiddelen toe te schrijven aan de vergrijzing? Is er een verdeling in leeftijd en stadsdeel beschikbaar?

De procedure van melding en onderzoek is erop gericht de situatie van de cliënt in kaart te brengen en een beroep op een maatwerkvoorziening te beoordelen. Dit leidt altijd tot een onderbouwd advies, maar hoeft niet te leiden tot een aanvraag. De wetgever beoogt dat de cliënt naar aanleiding van de melding wordt geïnformeerd over de (on)mogelijkheden zonder direct het formele traject van een aanvraag in te gaan. De gemeente onderzoekt de aard, de omvang en de behoefte van ondersteuning in gesprek met de hulpvrager. De Wmo-casemanagers of specialisten woningaanpassingen komen tot een advies en een (maatwerk) oplossing. De specialist woningaanpassingen beoordeelt welke aanpassing of voorziening noodzakelijk is om de belemmering, als gevolg van de beperking van de hulpvrager, in de woning op te heffen. Hierbij wordt ook rekening gehouden met algemeen gebruikelijke oplossingen die verkrijgbaar in de reguliere handel, of bijvoorbeeld een herschikking van de inrichting van de woning. Er is geen sprake van een toename in de verstrekking van scootmobielen en hulpmiddelen. De definitie bij de wijze van registreren is veranderd. Hierdoor valt het aantal hulpmiddelen hoger uit en het aantal woningapassingen lager. Een verdeling in leeftijd en stadsdeel is niet beschikbaar.

24 Hart voor Den Haag

12 (Beschermd en begeleid wonen)

Uit de rapportage blijkt dat op 30 juni 2022 alle 1212 inwoners met een Nee, dat klopt niet. Mensen hebben vrijwel altijd langer dan een jaar een indicatie wonen en staan doorgaans ook indicatie geholpen zijn. In het volgende paragraafje wordt gesproken langer op de wachtlijst dan één jaar. Bovendien leidt niet elke melding tot een indicatie. In de 1e helft van 2022 waren over 251 cliënten die op de wachtlijst staan. Klopt het dat er in totaal er 1.212 mensen die op enig moment in die periode een indicatie wonen hadden. Dit zegt niets over het aantal dus 1463 aanvragen gedaan zijn? Is hier ook een verdeling van leeftijd en aanvragen in die periode. stadsdeel beschikbaar? Een verdeling naar leeftijd staat hieronder. Een verdeling naar stadsdeel is niet beschikbaar.

25 Hart voor Den Haag

13 (Cliëntenervaring WMO)

Hoe is de klachtenbehandeling WMO ingericht? Kan men hier makkelijk terecht? Door wie worden deze klachten behandeld? Doet de gemeente “zaken” met alle mogelijke thuiszorgaanbieders of wordt er op basis van bepaalde criteria een selectie gemaakt?

26 Hart voor Den Haag

12 (Maatschappelijke Hoe wordt het tekort aan opvangplekken voor dakloze mensen opvang) weggewerkt? Op welke termijn krijgen we meer opvangplaatsen? Wordt er gekeken of een MOElander via een baan rechten heeft opgebouwd of wordt er alleen afgewezen op basis van paspoort? Kan er een inzicht gegeven worden van het aantal aanmeldingen van dakloze arbeidsmigranten en het aantal arbeidsmigranten dat opgevangen wordt? Vanaf welk moment wordt de buurt geïnformeerd over de komst van een “daklozenopvang” en hoe vindt deze informatie plaats? Kan er een OV pas gegeven worden aan geregistreerde dakloze mensen die dan overdag gratis kunnen reizen naar en van diverse instanties?

27 Hart voor Den Haag

15 (Bijlage: Sociale basis)

In welke mate wordt er ingespeeld op de wens van groepswonen? Er zijn Er wordt ingespeeld op de wens van groepswonen. Het Centrum Groepswonen stimuleert de ontwikkeling van nieuwe 2000 belangstellenden. Welke projecten, behalve De Vroon, worden collectieve woonvormen in Den Haag. De gemeente Den Haag financiert het Centrum Groepswonen en werkt hiervoor nog meer ingericht? structureel samen om kansrijke initiatieven te verkennen. Naast de Vroon is op de locaties Pegasus in de Binckhorst en Hoe wordt er gehandhaafd op fout geparkeerde auto’s die op hoeken de Symfonie in Loosduinen groepswonen aanwezig in de inrichting. Verschillende andere locaties worden verkend. Het van straten staan en zo de doorgang voor mensen met een beperking college streeft naar de ontwikkeling van 100 innovatieve woonvormen per jaar in de programmering voor middeldure belemmeren? huur en betaalbare koop. Hier valt ook groepswonen onder. Wanneer wordt onze raadzaal goed toegankelijk voor mensen met een beperking? De vragen en ideeën over de inrichting van de raadszaal zijn geen technische vragen naar aanleiding van de Kan er voor mensen met een beperking een eigen zitgedeelte zonder halfjaarrapportage. Deze behoren tot de portefeuille van de coördinerend wethouder Toegankelijkheid. traptreden gecreëerd worden? Kan er gekeken worden naar een in hoogte verstelbaar katheder?

28 D66

16

Toegankelijkheidsenquete onder inwoners: wanneer kan de raad de resultaten van de enquete tegemoet zien (verwacht werd laatste kwartaal 2022)?

Die enquête behoort tot de portefeuille van de coördinerend wethouder Toegankelijkheid.

29 D66

6 (Service en Ondersteuning)

Is de afname van ingediende meldingen via de website t.o.v. 2021 te wijten aan de afname/afwezigheid van corona?

Het aantal webformulieren (grafiek 2) is weliswaar flink gedaald (-16,2%), maar het totaal aantal Wmo-meldingen (grafiek 5) daalde veel minder (-2,7%). Dat wordt verklaard doordat de overige meldingenswijzen (bijv. telefonisch, via Servicepunten XL, tijdens een gesprek met een Wmo-casemanager) juist fors stegen (+52,2%). Het is niet bekend in hoeverre dit verklaard wordt door corona.

30 D66

6 (Service en Ondersteuning)

Is bekend wat de oorzaak is van de toename van ontvangen telefoontjes Dit wordt deels veroorzaakt door de stijgende doorlooptijden. Hierdoor belden cliënten vaker met de Klantenservice t.o.v. 2021? om te informeren naar de status van hun Wmo-melding. Ook vermelden brieven en beschikkingen niet meer het telefoonnummer van een vaste Wmo-contactpersoon maar in plaats daarvan het telefoonnummer van de Klantenservice.

31 D66

7 (Hulp)

Wanneer verwacht het college de afhandeling van meldingen rond de 42 In par. 2.2 van de commissiebrief wordt benadrukt dat het voorspellen van dergelijke trends lastig is vanwege de vele dagen te kunnen afhandelen en aldus met 16 dagen (t.o.v. 2022) te onzekerheden. Zoals het effect van een mogelijke terugkeer van corona en de invloed daarvan op het ziekteverzuim, verlagen? het inwerken van nieuwe medewerkers, en de implementatie van het nieuwe systeem CVS.

Een klacht kan op verschillende manieren worden ingediend: online (met en zonder DigiD), met een brief of e-mail, via de telefoon of aan een balie. De Wmo-klachten die de gemeente ontvangt worden ambtelijk beoordeeld door de onafhankelijke klachtcoördinatoren. Zij kijken naar alle klachtonderdelen die zijn benoemd. De klachtcoördinator vraagt de betrokken afdeling om een reactie. De verantwoordelijke (team- of contract en relatie-)manager neemt contact op met de cliënt, en doet daarvan verslag. De klachtcoördinator doet dossieronderzoek, komt tot een beoordeling, en handelt de klacht schriftelijk af. De gemeente doet alleen zaken met thuiszorgaanbieders met wie een contract is afgesloten. Door in te zetten op het toevoegen van extra woningen in het ‘Doorbraakplan huisvesting zorgdoelgroepen en statushouders’ (RIS 310115). Parallel kijken we binnen het bestaand vastgoed naar mogelijkheden om meer woonplekken te organiseren. Bijvoorbeeld door het project 'Kamers met Kansen.' Het tekort aan opvangplekken is namelijk vooral veroorzaakt doordat mensen aan het eind van het traject niet kunnen uitstromen naar een eigen woonplek. Met de PWO zijn in 2022 ruim 100 tijdelijke plekken gerealiseerd. In de voortgangsrapportages maatschappelijke opvang blijven we u informeren over de voortgang.

Ja, het is onderdeel van de normale Wmo-procedure om te onderzoeken of iemand in aanmerking komt voor ondersteuning. Paspoort en werkhistorie zijn daarin criteria. Deze categorie “dakloze arbeidsmigrant” wordt niet apart geregistreerd. Op basis van schattingen gaat het om 50-60 personen. De buurt wordt zo snel mogelijk geïnformeerd zodra er volledige zekerheid is over beschikbaarheid, betaalbaarheid, noodzakelijke verbouwactiviteiten etc. Dat is maatwerk. Dat is onderdeel van een bredere afweging over gratis openbaar vervoer die momenteel plaatsvindt (RIS311346 ‘Doorrekening gratis openbaar vervoer voor doelgroepen’).

Pagina 2 van 3

Beantwoording technische vragen

Halfjaarrapportage 2022 Wmo (RIS313783)

32 D66

7 (Hulp)

Welke factoren dragen eraan bij dat 40% van de aanvragers het redelijk moeilijk vond om de hulpvraag te stellen en welke conclusies worden hieruit getrokken?

33 D66

7

Het maken van kwart[i]elgrafieken mbt wachttijden voor Ja, dat is technisch mogelijk. Iedere (half)jaarrapportage vermeldt al zo'n boxplotgrafiek van de Wmo-meldingen. Voor woningaanpassingen, hulpmiddelen en beschermd wonen kost veel het samenstellen van zo'n grafiek van wachttijden voor specifieke voorzieningen moeten aparte databestanden worden capaciteit en tijd. Desondanks is die informatie nodig om beleid te gemaakt. Die data-verzamelingen worden gesorteerd per voorziening, verrijkt (met o.a. betaalde declaraties, geleverde kunnen beoordelen. Kunnen dergelijke grafieken, daar waar nodig, in de producten, start-zorg) en geanalyseerd (wat pgb, wat bruikleen). Zie ook RIS313315 (antwoord bij vraag 30). toekomst wel opgenomen worden in de halfjaarrapportages?

34 D66

12

Destijds zijn op verzoek van de raad cijfers over de Maatschappelijke In de uitgebreide halfjaarsrapportages over het tienpuntenplan maatschappelijke opvang (RIS312662) is een toelichting opvang opgenomen in de WMO-rapportage. De in de rapportage op de cijfers opgenomen. We ontwikkelen voor de zomer van 2023 een nieuw format voor de rapportages. opgenomen cijfers zijn echter zeer summier. Zijn er meer gegevens bekend en kan de raad deze ontvangen over de maatschappelijke opvang? Dit hoeft niet persé in deze rapportage maar kan wellicht in een aparte rapportage over maatschappelijke opvang. (bijv. leeftijden van mensen die in de opvang verblijven, aantal mensen dat doorstroomt naar begeleid wonen danwel zelfstandig wonen. Aantal mensen dat in de opvang wacht op doorstroom maar door gebrek aan doorstroomvoorzieningen nog in de opvang een plaats bezet houden, etc.).

35 GroenLinks

Hoe zijn clientenraden en mantelzorgorganisaties betrokken bij het opstellen van deze rapportage?

Het is niet duidelijk waar het genoemde percentage van 40% vandaan komt. Uit figuur 9 blijkt dat 7% van de cliënten het moeilijk vond en 5% het erg moeilijk vond een hulpvraag te stellen (samen 12%). In de reacties kwam naar voren dat de taal, de gezondheidssituatie, het (telefonisch) bespreken en het afhankelijk zijn allemaal factoren zijn die het stellen van de hulpvraag moeilijk maakten.

De genoemde organisaties zijn niet betrokken bij het opstellen van deze rapportage. De (half)jaarrapportages worden steeds langs dezelfde lijnen opgesteld. Dat is eerder met uw raad afgesproken (RIS302326).

36 GroenLinks

Par. 2.2 van de Commissiebrief

Wat is de personeelsontwikkeling (ontwikkeling in aantal (1) FTE (2) In heel 2022 is vanuit de Wmo-formatie 10 FTE uitgestroomd vanuit de gemeente, is 10 FTE doorgestroomd naar een personeelsleden (3) openstaande vacatures) plaatsen? Hoe hoog is de andere plek binnen de gemeente, en is 35 FTE aangenomen. De Wmo-wijkteams hebben 178 FTE aan medewerkers die uitstroom van medewerkers ten opzichte van de instroom? Is het daarbij Wmo-meldingen afhandelen en geen openstaande vacatures (stand per 15 november 2022). Informatie over werkzame mogelijk om gegevens op te splitsen op aantal werkzame jaren, en op jaren en doorstroom binnen of buiten de gemeentelijke sector wordt niet geregistreerd. doorstroom binnen- of buiten de sector?

37 GroenLinks

Par. 2.2 van de Commissiebrief

Wat zijn de verklaringen voor het hoge ziekteverzuim van personeel, naast de coronaperiode? Zijn er gegevens (bijvoorbeeld in de vorm van uitgezette enquetes of output van exitgesprekken indien mensen uiteindelijk vertrekken)?

Verklaringen over de oorzaak van ziekteverzuim zijn niet beschikbaar. Het arbeidsrecht waarborgt dat een werknemer bij ziekte niet hoeft te vertellen wat er medisch aan de hand is. Om privacyredenen mag een werkgever daar ook niet naar vragen.

38 GroenLinks

Par. 2.3 van de Commissiebrief

Hoe wordt er bij de aanbesteding doelgroepenvervoer rekening gehouden met de hoge werkdruk (en daarnaast arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden in het algemeen) voor chauffeurs, met het oog op de hoge uitstroom in de sector? Hoe wordt de begeleiding van clienten zoals senioren met dementie gewaardeerd als onderdeel van het werk van chauffeurs dat ook tijd kost?

Voor het professionele zorgvervoer geldt een landelijke CAO. Vervoerders dienen zich hieraan te houden. Hiervoor is recentelijk een nieuw CAO-akkoord gekomen, waarbij de lonen stijgen met 12% in 2 jaar. Verder zijn er maandelijks contractgesprekken met de vervoerder. Personele aangelegenheden zijn de verantwoordelijkheid van de vervoerder als werkgever. Mochten er problemen zijn dan wordt dit besproken in de contractoverleggen en wordt gezamenlijk gezocht naar oplossingen, zoals het zoeken naar nieuwe potentiële chauffeurs. Voor begeleiding van senioren (waaronder mensen met dementie) worden chauffeurs opgeleid voordat zij mogen rijden als Wmo-chauffeur.

39 GroenLinks

Par. 2.3 van de Commissiebrief

Hoe wordt er bij de aanbesteding doelgroepenvervoer rekening gehouden met de verschillen tussen leerlingenvervoer en wmo doelgroepenvervoer, bijvoorbeeld van senioren naar de dagbesteding?

De vervoerder is verplicht om de chauffeurs op te leiden voordat zij mogen rijden. Er zijn verschillende opleidingen, en daarmee specialisaties mogelijk, voor chauffeurs zoals leerlingenvervoer en Wmo-vervoer. Het Programma van Eisen is in juni 2021 gedeeld met de commissie Samenleving.

40 GroenLinks

6

Hoe wordt er bij de informatievoorziening en dienstverlening rekening gehouden met laaggeletterdheid en/of anderstaligheid van clienten en andere kwetsbare bewoners? Wordt er hierbij samengewerkt met zelforganisaties, buurthuizen en sleutelfiguren?

De dienstverlening op de Servicepunten XL is erop ingericht om kwetsbare en veelal laaggeletterde en/of anderstalige cliënten te informeren en ondersteunen. Er wordt door welzijnsprofessionals een brede uitvraag gedaan waarbij tijd wordt vrijgemaakt voor een uitgebreide vraagverheldering. De ondersteuning en in te zetten interventies zijn afgestemd op wat de cliënt nodig heeft om zelf verder te kunnen. De cliëntondersteuners werkzaam op de Servicepunten XL zijn ervaren in intercultureel werken en het bieden van ondersteuning aan anderstalige cliënten. Samenwerking met relevante (zelf)organisaties in de keten die hierbij (zo nodig) behulpzaam kunnen zijn, maakt deel uit van de werkwijze op de Servicepunten XL.

41 GroenLinks

7

Is er een bepaald type WMO-aanvraag dat relatief meer afnam in de eerste helft van 2022?

Nee. De afname in de eerste helft van 2022 vond plaats over de hele breedte van de Wmo.

42 GroenLinks

10

Bij welk percentage van de indicaties huishoudelijke hulp van maximaal Indicaties worden niet standaard voor korte duur afgegeven aan mensen met een niet-tijdelijke, levenslange beperking. 2 jaar is er sprake van een herindicatie? In hoeveel gevallen ging het om De chronische aard van de beperking en de verwachte ontwikkeling leidt immers tot langdurig noodzakelijk gebruik van mensen met een chronische ziekte of een blijvende handicap? die voorziengen. Daarom werd 72% van de indicaties afgegeven voor langer dan 2 jaar. Wanneer ingeschat wordt dat er geen chronische beperking is en de ondersteuningsbehoefte kan veranderen, dan wordt kortdurend geïndiceerd. Dat was het geval bij 28% van die indicaties, zodat na afloop kan worden beoordeeld in hoeverre de ondersteuning wordt voortgezet (ongewijzigd, minder of meer ondersteuning). Bij 85% van alle cliënten met huishoudelijke hulp was sprake van een herindicatie, zodat gekeken kan worden of in die situatie omstandigheden ongewijzigd zijn gebleven. Indien niet ongewijzigd, wordt er gekeken of er meer of minder ondersteuning nodig is.

43 GroenLinks

11

Hoe verklaart het college de afname van 1168 pashouders AV070 ten opzichte van 1e helft 2021? Wat is de ontwikkeling in het aantal aanvragen en afwijzingen van ten opzichte van 1e helft 2021?

In de eerste helft van 2021 werden 683 indicaties toegekend, en was de uitstroom 877. In de eerste helft van 2022 werden 678 indicaties toegekend, en was de uitstroom 908. Het aantal afwijzingen wordt niet bijgehouden. Het komt voor dat mensen vanwege de inning van de eigen bijdrage de voorziening stopzetten omdat zij niet langer gebruik maken van de voorziening. Ook is er uitstroom vanwege bijvoorbeeld overlijden of verhuizing buiten de gemeente.

44 GroenLinks

11

Hoe lang moesten clienten gemiddeld vooruit reserveren voor een AV070-rit?

Het hangt sterk af van de dag en tijd waarop een rit geboekt wordt. Tijdens spitstijden moet vaak eerder van tevoren geboekt worden.

45 GroenLinks

12

Hoeveel aanvragen voor indicaties wonen waren er in 1e helft 2022 ten opzichte van 1e helft 2021?

Het aantal meldingen bij Team Wonen was 1.031 in de eerste helft van 2021 en was 1.243 in de eerste helft van 2022.

46 GroenLinks

12

Kan er bij de wachtlijst wonen een toesplitsing gemaakt worden op leeftijdscategorien?

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12401172/1