RIS314384 Bijlage 3 Procesverslag burgerberaad Laakkwartier
Tekst van het document
Procesverslag Burgerberaad Laakkwartier en Spoorwijk
Bijlage bij ‘Adviesrapport burgerberaad Laakkwartier en Spoorwijk december 2022’
Inleiding De afdeling Energietransitie van de gemeente Den Haag heeft in 2022 twee burgerberaden over de energietransitie en klimaatverandering uitgevoerd. De opdracht hiervoor kwam voort uit een motie van de gemeenteraad (RIS 309649). De burgerberaden vonden plaats in twee wijken die van elkaar verschillen als het gaat om ‘woningbezit versus huur’ en ‘sociaaleconomisch profiel’. De gekozen wijken waren het Statenkwartier en Laakkwartier & Spoorwijk. De opzet van de twee burgerberaden was in grote lijnen gelijk aan elkaar. Doordat er twee burgerberaden vlak na elkaar werden georganiseerd was er de mogelijkheid om het proces aan te passen op basis van de geleerde lessen. Daarom zijn de programma’s per bijeenkomst verschillend en is er bij het burgerberaad Laakkwartier en Spoorwijk een extra bijeenkomst georganiseerd. In deze procesomschrijving wordt de opzet, samenstelling van de deelnemersgroep en het verloop van het burgerberaad in het Laakkwartier en Spoorwijk uiteengezet. De uitkomst van het burgerberaad is een rapport met 17 adviezen om de effecten van klimaatverandering te op te vangen en vorm te geven aan de energietransitie in de wijk. Het adviesstuk is door de deelnemers zelf samengesteld, zonder tussenkomst van de gemeente. De gemeenteraad beslist wat er met de adviezen gebeurt.
Wat is een burgerberaad? Een burgerberaad is een vernieuwende participatiemethode waarbij een gelote, representatieve deelnemersgroep (het beraad) op basis van brede inhoudelijke informatie met elkaar ruim de tijd krijgt om van gedachten te wisselen over een vooraf vastgesteld onderwerp of een vooraf vastgestelde vraag. De uitkomst van het burgerberaad is een uitgewerkt advies waarover de gemeenteraad beslist. Voor een goed burgerberaad zijn een aantal randvoorwaarden erg belangrijk, zoals: een heldere vraagstelling en mandaat, een zorgvuldig samengestelde deelnemersgroep en een inclusief en transparant proces.
2
Inhoudsopgave: 1.
De opzet van het burgerberaad 1.1. Doelstelling 1.2. De vraagstelling 1.3. Het ontwerp van het burgerberaad 1.4. Tijdsduur 1.5. Het mandaat 1.6. Betrokken partijen 1.7. Gespreksbegeleiding 1.8. Vergoeding 1.9. Communicatie
4 4 4 4 5 5 6 7 7 7
2.
De samenstelling van de deelnemersgroep 2.1. Selectiecriteria 2.2. De lotingen 2.3. Betrokkenheid van niet ingelote bewoners uit de wijk
9 9 9 10
3.
Het verloop van het burgerberaad 3.1. Twee fases 3.2. De bijeenkomsten 3.3. Eigenaarschap over het proces 3.4. Vervolg: uitwerken van het adviesrapport
12 12 12 18 18
3
1. De opzet van het burgerberaad 1.1. Doelstelling Met het burgerberaad beoogden we meerdere doelen te bereiken: -
betrokkenheid en eigenaarschap creëren van inwoners bij de energietransitie; het horen van inwoners die via andere bestaande kanalen minder gehoord worden; betere besluitvorming door het horen van verschillende perspectieven en belangen; een groter draagvlak voor besluiten en legitimiteit van besluitprocedures creëren; het versterken van politieke betrokkenheid; het experimenteren met een nieuwe participatiemethode in twee verschillende wijken. “Met een burgerberaad willen we bewoners invloed geven op hoe de energietransitie in hun eigen wijk wordt aangepakt. Het is belangrijk dat de plannen en uitvoering op draagvlak en betrokkenheid kunnen rekenen; maatregelen die door een representatief samengesteld burgerberaad voorgesteld worden dragen hieraan bij.” ( RIS310946)
1.2. De vraagstelling De deelnemers van het burgerberaad Laakkwartier en Spoorwijk zijn gevraagd om de gemeente te adviseren op het volgende vraagstuk: “U heeft vast gehoord dat ons klimaat verandert. Dat de zomers heter worden en de winters minder koud, dat er meer droogte is en meer plotselinge heftige regen. Dat komt onder andere door de energie die we gebruiken. Gas, kolen en olie geven CO2 uitstoot en daar wordt de wereld steeds warmer van. Help de gemeente door maatregelen te bedenken die helpen om klimaatverandering te verminderen.”
1.3. Het ontwerp van het burgerberaad Het procesontwerp van het burgerberaad bestond uit twee fases. Fase 1: • Ongeveer 90 gelote deelnemers, verdeeld over twee gelijke bijeenkomsten. • Doel: thema’s te bepalen waar het burgerberaad uiteindelijk advies over uitbrengt aan de gemeenteraad. Fase 2: • Ongeveer 30 gelote deelnemers uit fase 1 kwamen samen in vier intensieve avondbijeenkomsten. • Doel: op basis van informatie en uitgebreide uitwisseling adviezen schrijven. 4
De precieze invulling van de bijeenkomsten in de twee fasen wordt toegelicht in hoofdstuk 3.
Figuur 1. Uitleg voor deelnemers over het proces in de uitnodiging
1.4. Tijdsduur Het burgerberaad had een doorlooptijd van 20 weken, waarin 6 bijeenkomsten plaatsvonden. Tussen fase 1 en fase 2 viel het zomerreces. De bijeenkomsten konden allemaal fysiek plaatsvinden. Alle bijeenkomsten vonden plaats bij Trefpunt Laakhage in Laak.
1.5. Het mandaat De wethouder heeft toezegging gedaan dat de adviezen waardenvrij en zonder oordeel worden doorgeleid naar de gemeenteraad. De adviezen zijn écht van het burgerberaad. Het is aan de gemeenteraad om er een definitief besluit over te nemen.
5
Om het burgerberaad toch te helpen hierbij, heeft de gemeente het burgerberaad geadviseerd rekening te houden met een aantal haalbaarheidsaspecten, namelijk: 1. het huidige klimaatbeleid van de gemeente Den Haag; 2. beleid en domeinen waar de gemeente over gaat; 3. de gemeentelijke budgetten. Dit betekent niet dat het burgerberaad verplicht was om adviezen te bedenken die voldeden aan de haalbaarheidsaspecten; het burgerberaad mocht dat zelf beslissen. Daarnaast is er afgesproken dat de adviezen steun moeten krijgen van 75% van de aanwezige deelnemers van het burgerberaad, om opgenomen te worden in het adviesrapport en te worden voorgelegd aan de gemeenteraad.
1.6. Betrokken partijen Het burgerberaad werd georganiseerd door de afdeling Energietransitie van de gemeente Den Haag. Een extern Bureau (EMMA) is ingehuurd om uitvoering te geven aan het burgerberaad. Zij verzorgden samen met de gemeente onder andere het procesontwerp en de procesbegeleiding. Er was een kernteam bestaande uit een projectleider en communicatieadviseur van de afdeling Energietransitie en een projectleider, procesontwerper en procesbegeleider van bureau EMMA. Zij zorgden gezamenlijk voor de uitvoering van het burgerberaad. In deze procesomschrijving wordt hiernaar verwezen met de term ‘organisatie’. Er waren bij het beraad diverse externe experts betrokken die informatie gaven en kennis deelden met de deelnemers van het beraad. Daarnaast waren er vakinhoudelijke ambtenaren betrokken die (mogelijke) vragen van deelnemers konden beantwoorden. Dit waren o.a. ambtenaren vanuit de afdelingen Energietransitie en Wonen en ambtenaren uit het stadsdeel Laak (DPZ). Sommigen op suggestie van de organisatie en anderen op aanvraag van de deelnemers van het beraad. Bram Heijkers was de voorzitter tijdens de bijeenkomsten van fase 1, hij is directeur van Platform STAD. Dit platform organiseert het onafhankelijke & publiekprofessionele gesprek over de stedelijke ontwikkeling en architectuur van Den Haag.
Tijdens fase 2 van het beraad was Jonneke Stans van bureau EMMA de voorzitter. Er is bewust gekozen voor onafhankelijke voorzitters. De Haagse Hogeschool voert een evaluatie en klein onderzoek uit over het burgerberaad. Het doel van het onderzoek is inzicht krijgen in de aanpak zoals die door de gemeente Den Haag is ontwikkeld en wat deze aanpak oplevert. Daarnaast wordt er inzicht verkregen in de verwachtingen en ervaringen van deelnemers aan het burgerberaad. Op basis van de resultaten van het onderzoek kan de gemeente leren over bijvoorbeeld: wat zijn de (on)mogelijkheden van dit participatie instrument en in welke context(en) kun je het goed toepassen? Begin 2023 is het onderzoeksrapport gereed. Er zullen naar aanleiding daarvan kennissessies worden georganiseerd in samenwerking met de Haagse Hogeschool.
6
1.7. Gespreksbegeleiding Om ervoor te zorgen dat álle deelnemers van het burgerberaad goed mee konden doen tijdens de gesprekken, is er gekozen om tafelbegeleiders in te zetten. Bewust is de naam veranderd van ‘gespreksleider’ naar ‘tafelbegeleider’ om meer de nadruk te leggen op de enkel ondersteunende en niet sturende rol. De tafelbegeleiders waren medewerkers van bureau EMMA of ambtenaren van de gemeente Den Haag. Zij hadden voornamelijk als taak ervoor te zorgen dat iedereen de ruimte kreeg om input te leveren. Een notulist maakte aantekeningen voor verslaggeving van de bijeenkomst. Ook de verslaglegging werd verzorgd door medewerkers van EMMA en van de gemeente Den Haag. Voorafgaand aan het burgerberaad kregen de tafelbegeleiders een training om zich voor te bereiden op hun rol. In de sessie werd uitleg gegeven over het burgerberaad, de wijk waarin het zich afspeelt en het doel van de bijeenkomsten. Ook werd de rol van tafelbegeleider toegelicht en is er geoefend in een rollenspel. Er werd benadrukt dat de tafelbegeleiders niet inhoudelijk meepraten tijdens de gesprekken. Voorafgaand aan elke bijeenkomst vond voor de gespreksleiders een korte briefing van ongeveer een half uur plaats.
1.8. Vergoeding Voor deelnemers aan de eerste fase van het beraad werd een bedankje beschikbaar gesteld in de vorm van een waardebon voor een activiteit naar keuze: karten, klimmen of een bioscoopbon voor twee personen. De deelnemers die zijn doorgegaan naar fase 2 ontvingen daarnaast een VVVwaardebon van 115 euro. Dit bedrag stond gelijk aan tenminste een dagje Drievliet of een dagje Madurodam voor vier personen.
1.9. Communicatie De communicatie is in twee sporen ingericht: 1. communicatie voor deelnemers van het burgerberaad 2. communicatie voor breed geïnteresseerden. ad 1. Communicatie voor deelnemers -
-
Voor de communicatie met de deelnemers is er een apart e-mailadres aangemaakt: burgerberaden@denhaag.nl. Tussen sessies door ontvingen de deelnemers via dit adres verslagen, presentaties en documenten. Als deelnemers hulp nodig hadden, konden ze via dit mailadres contact opnemen. De gemeente heeft een speciale website voor het burgerberaad van het Laakkwartier en Spoorwijk ingericht. Hier konden deelnemers aan het beraad alle informatie terugvinden die ze nodig hadden voor het beraad: verslagen, opbrengsten van bijeenkomsten, Q&A’s, documenten en presentaties.
7
ad 2. Communicatie voor geïnteresseerden -
-
De gemeente heeft een informatiepagina op de website van de gemeente Den Haag ingericht voor geïnteresseerden in het burgerberaad: https://www.duurzamestad.denhaag.nl/. Hier is informatie te vinden voor deelnemers en buitenstaanders. Op de website staat onder andere uitleg over het burgerberaad, meer informatie over het onderwerp klimaatverandering en veel gestelde vragen. Daarnaast zorgt de gemeente voor publieke communicatie over het burgerberaad. Tijdens de eerste sessie van fase 2 (8 september) is er door het burgerberaad gestemd over of het beraad wel of niet wilde communiceren naar de rest van de wijk of stad. Het burgerberaad heeft ervoor gekozen om wél te communiceren over het burgerberaad. Het burgerberaad vond het namelijk belangrijk om andere inwoners – bijvoorbeeld mensen die niet zijn ingeloot voor het burgerberaad maar wel geïnteresseerd zijn – mee te nemen in het proces, zodat zij weten wat er speelt. Er zijn tussentijds artikelen geplaatst o.a. in de Stadskrant en verschillende pagina’s van de gemeente Den Haag. Ook is er gepost op het sociale media kanaal van Duurzame Stad Den Haag Na verzending van het adviesrapport aan de gemeenteraad zal er uitgebreid gecommuniceerd worden over de uitkomsten van het beraad.
8
2. De samenstelling van de deelnemersgroep 2.1. Selectiecriteria De deelnemers van het burgerberaad zijn geselecteerd op basis van drie gewogen lotingen, met als doel om tot een diverse groep en goede afspiegeling van de wijk te komen. Bij de lotingen zijn er een aantal selectiecriteria gehanteerd, namelijk: 1. Leeftijd 2. Geslacht 3. Woonsituatie (koop, huur of sociale huur) 4. Postcode Het derde selectiecriterium is relevant voor het onderwerp van het beraad omdat de woonsituatie van invloed kan zijn op iemands perspectief op de energietransitie.
2.2. De lotingen De eerste loting De eerste loting is gedaan op basis van gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Deze registratie bevat persoonsgegevens van iedereen die in Den Haag geregistreerd staat als inwoner. Bij de loting werden de volgende selectiecriteria gehanteerd: leeftijd, geslacht en postcode. Er kon in deze loting nog geen rekening worden gehouden met de woonsituatie van inwoners, omdat deze gegevens niet beschikbaar zijn via het BRP. Binnen de groep genodigden werden jongeren oversampled, omdat uit ervaring is gebleken dat het responsepercentage onder jongeren over het algemeen lager ligt dan bij andere leeftijdsgroepen. De ingelote groep inwoners uit het BRP ontving een persoonlijke brief met een code waarmee zij zich konden aanmelden op een speciale aanmeldwebsite voor het burgerberaad. Er zijn in totaal 6.525 uitnodigingen verzonden. Er zijn 150 aanmeldingen binnengekomen. De tweede loting Uit de aanmeldingen na loting 1 is er een tweede loting getrokken. Hierbij werden de deelnemers voor fase 1 van het beraad geselecteerd. Bij deze loting werd naast de selectiecriteria van leeftijd, postcode en geslacht ook gelet op de woonsituatie (verdeling tussen huiseigenaren, huurders, en sociale huurders). Er werden in totaal 109 mensen ingeloot. Uiteindelijk hebben er 75 deelnemers meegedaan aan deze fase van het beraad.
Aan het einde van fase 1 konden deelnemers zich opgeven voor fase 2 van het beraad. Dit hebben ongeveer 60 mensen gedaan. De derde loting Voorafgaand aan fase 2 van het beraad is er voor een derde en laatste keer een gewogen loting gedaan uit de aanmeldingen. Er werd hierbij gelet op dezelfde selectiecriteria als bij fase 1. Er werden 40 mensen ingeloot. Uiteindelijk hebben er 20 deelnemers meegedaan aan 3 of meer bijeenkomsten van fase 2 van het beraad. Op de eerste bijeenkomst waren er 27 deelnemers.
9
Door het doen van een tweede en derde loting kon de deelnemersgroep gecorrigeerd worden, zodat er een zo goed mogelijke afspiegeling van de wijk ontstond. Er werd zo voorkomen dat bepaalde groepen over vertegenwoordigd waren. In de onderstaande tabel staat weergegeven wat de gewenste percentages waren voor een goede afspiegeling en wat de werkelijke opkomst was.
Man Vrouw Anders
Aanmeldingen na Uitkomst loting 2** Opkomst fase 1 Uitkomst loting 3** Opkomst fase 2 eerste loting (totaal is 109 personen) (75 aanwezigen) (totaal is 40 personen) (20 aanwezigen) 50% 48% 42% 44% 55% 45% 50% 48% 57% 55% 45% 55% 0% 3% 1% 1% 0%
16-24 25-35 35-49 50-64 65+
20% 25% 25% 20% 10%
18% 35% 32% 9% 6%
19% 31% 30% 12% 8%
21% 28% 31% 11% 9%
20% 25% 28% 18% 10%
10% 25% 25% 30% 10%
2522 2523 2524
48% 24% 28%
47% 21% 26%
45% 23% 32%
43% 29% 28%
45% 25% 30%
40% 35% 25%
Sociale huur Huur Koop
15% 41% 44%
7% 41% 52%
12% 39% 49%
11% 37% 52%
20%* 38% 43%
15% 25% 60%
Gwenste percentages
*** Geen wijkspecifieke gegevens beschikbaar in dezelfde leeftijdsindeling als aangehouden door de DCC. We zijn daarom uitgegaan van landelijke gemiddelden. ** gecompenseerd voor ervaring met lagere opkomst vrouwen * gecompenseerd door ervaring lagere opkomst sociale huurders
Gegevens Laakkwartier en Spoorwijk *** Man Vrouw Sociale huur Huur Koop
50 50 15% 41% 44%
In fase 1 kwam de groep goed overeen met de gewenste percentages. Het meest opvallend is dat er meer vrouwen waren dan mannen en dat de groepen 50-64 jaar en 65+ jaar ondervertegenwoordigd waren. Gezien er in Laakkwartier en Spoorwijk relatief veel mensen wonen uit de leeftijdscategorie 16 – 35 jaar, waren deze groepen wat groter. In fase 2 is te zien dat de werkelijke percentages wat vaker afwijken van de gewenste percentages. Dit komt o.a. door de kleine groepsgrootte van 20 deelnemers. Als een deelnemer besluit om niet mee te doen, heeft dit een groter effect dan bij een grotere groepsgrootte. Het meest opvallend het hoge percentage van kopers in de groep.
2.3. Betrokkenheid van niet ingelote bewoners uit de wijk Alle inwoners van Laakkwartier en Spoorwijk hebben voorafgaand aan het proces per post een flyer ontvangen waarin het burgerberaad in hun wijk werd aangekondigd. Zo was de hele wijk geïnformeerd over het burgerberaad. We
10
hoopten hiermee ook de kans te vergroten dat de inwoners die werden ingeloot zich daadwerkelijk zouden opgeven. Voor inwoners die wél interesse hadden in deelname aan het beraad of het onderwerp maar niet waren ingeloot of niet konden meedoen, stond er een QR-code in de flyer die leidde naar een online vragenlijst. In deze vragenlijst werden 6 vragen gesteld over klimaatverandering. De antwoorden op deze vragen werden ter voorbereiding aan de ingelote deelnemers van het burgerberaad meegestuurd. Hierdoor kregen zij alvast een beeld van de houding van hun wijkgenoten ten aanzien van het onderwerp ‘klimaatverandering’. Deze vragenlijst is 24 keer ingevuld. Hierbij is nadrukkelijk uitgelegd dat deze uitkomsten geen representatieve weergave boden van de wijk. De uitkomsten gaven de deelnemers van het beraad wel een beeld van de verscheidenheid van meningen van buurtbewoners uit de wijk. Vragen uit de vragenlijst: 1. Als u denkt aan het tegengaan van klimaatverandering in uw wijk, waar denkt u dan aan? 2. Wat zou u zelf kunnen en willen doen om klimaatverandering tegen te gaan? 3. Wat heeft u daarvoor nodig? 4. Wat verwacht u van de gemeente? 5. Wat wilt u dat het u oplevert? 6.
Welk advies zou u meegeven aan de gemeente Den Haag? Omdat de deelnemers van het burgerberaad zelf eigenaarschap hadden over het proces en de communicatie, is aan hen gevraagd of zij de wijk wilden informeren over het burgerberaad gedurende het proces. Na goedkeuring van het beraad is artikel geplaatst in o.a. de Stadskrant en op de Stadsdeel website Scheveningen. Zie meer hierover onder ‘1.9 communicatie’.
11
3. Het verloop van het burgerberaad 3.1. Twee fases In totaal bestond het burgerberaad uit zes bijeenkomsten. Deze bijeenkomsten waren verdeeld over twee fases: -
Fase 1: Kennismaken en thema’s bepalen (109 mensen uitgenodigd) – eerste twee bijeenkomsten Fase 2: Verdieping en adviesvorming (40 mensen uitgenodigd) – volgende vier bijeenkomsten Het burgerberaad in Laakkwartier en Spoorwijk had een extra (vierde) bijeenkomst in fase 2 ten opzichte van het burgerberaad in het Statenkwartier. Deze extra bijeenkomst gaf meer ruimte om uitgebreidere gesprekken te voeren, ook over onderwerpen waarover de meningen verdeeld zijn, adviezen te schrijven en een extra keer te stemmen over de adviezen. Er is gekozen om het beraad te organiseren in 2 fases vanwege drie redenen: 1. In de motie stond aangegeven dat burgers zelf inspraak moeten hebben op de uiteindelijke thema’s van het burgerberaad. In fase 1 werden deze thema’s in dialoog bepaald. 2. Een trechtereffect: Door deze onderverdeling kon een grotere groep bewoners van het Laakkwartier en Spoorwijk hun input geven over de thema’s van het burgerberaad. Omdat het moeilijker is om met 90 mensen in korte tijd een goede dialoog te voeren, bestond fase 2 uit een kleinere groep. 3. Drempels verlagen tot deelname: bewoners direct voor 6 avonden uit te nodigen kan afschrikkend werken. Door te beginnen met een uitnodiging voor één avond verlaagden we de drempel tot deelname.
De hoop hierbij was dat zij tijdens deze avond enthousiast zouden worden en zich zouden inschrijven voor de drie bijeenkomsten van fase 2. Deze opzet lukte: er waren meer aanmeldingen voor fase 2 dan plaatsen in het beraad.
3.2. De bijeenkomsten Alle bijeenkomsten van het burgerberaad vonden plaats in Trefpunt Laakhage. Elke keer zijn we gestart met het diner om 17:30 uur. Behalve op de laatste avond, toen is er om 19:00 uur gestart. De avonden werden tussen 21:30 uur en 22:00 uur afgesloten. Fase 1 – 7 en 9 juni – Trefpunt Laakhage Fase 1 bestond uit twee gelijke bijeenkomsten in opzet, maar met verschillende deelnemersgroepen. Deze bijeenkomsten stonden in het teken van kennismaken met elkaar tijdens een diner, korte informatieoverdracht en een eerste gesprek over het vraagstuk voor het beraad. Met als doel om met elkaar in gesprek te gaan over wat
12
belangrijk is bij het onderwerp en om thema’s te bepalen waarop het beraad uiteindelijk advies uitbrengt aan de gemeente. Op 7 juni werd de avond geopend door toenmalig wethouder Van Tongeren. Op 9 juni werd dit door een manager van de afdeling energietransitie gedaan. Vervolgens was er een diner waarbij de deelnemers in kleine groepen kennis maakten met elkaar. Na het diner gaf een ambtenaar van de afdeling Energietransitie die veel kennis over het onderwerp had, een korte presentatie ter introductie. Daarna gingen de deelnemers met elkaar in gesprek over het onderwerp. Ze kregen daarbij zes vragen: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Waar denkt u aan bij het tegengaan van klimaatverandering in uw wijk? Wat zou u zelf kunnen doen om klimaatverandering tegen te gaan? Wat heeft u daarvoor nodig? Wat wilt u dat het oplevert? Wat verwacht u van de gemeente? Advies voor de gemeente Den Haag?
Het gesprek hoefde nog niet tot consensus te leiden. Iedere deelnemer bracht aan het einde van de avond een persoonlijk advies uit door een formulier in te vullen met een antwoord op de zes vragen. Deze persoonlijke adviezen zijn verzameld en door de organisatie van het beraad verwerkt. De organisatie heeft de persoonlijke adviezen geanalyseerd en er een aantal thema’s uitgehaald. De deelnemers kozen zelf welke thema’s door gingen naar fase 2. Dit deden zij door middel van het invullen van een online vragenlijst na afloop van de bijeenkomsten. De thema’s die zijn gekozen zijn: 1. Verduurzamen woningen 2. Alternatieve energiebronnen 3. Rol huiseigenaren en huurders Fase 2 – Bijeenkomst 1 – 8 september – Trefpunt Laakhage Op 8 september vond de eerste sessie van fase 2 plaats. In deze fase was plaats voor een kleiner gezelschap. Het doel van deze bijeenkomst was verder kennismaken en het creëren van een ‘gelijk kennisniveau’. Er waren twee experts uitgenodigd die vanuit hun deskundigheid vertelden over het klimaatvraagstuk: 1. Margit Heine van Royal Haskoning DHV over de energietransitie, verduurzamen van woningen; 2. Bastiaan van Perlo van Woonbond Nederland over de rechten en mogelijkheden van huurders binnen de energietransitie. De verhalen van deze sprekers sloten aan bij de gekozen thema’s uit fase 1.
Na opnieuw een gezamenlijk diner in kleine groepen om elkaar beter te leren kennen, werden de twee presentaties door de experts gegeven. Na iedere presentatie was er tijd om vragen te stellen. Vragen waar tijdens de sessie geen tijd voor was, werden opgeschreven en achteraf in een Q&A beantwoord die op de website werden geplaatst voor de deelnemers.
13
Na de presentaties gingen de deelnemers met elkaar in gesprek in verschillende gespreksrondes over de thema’s. Dit deden ze aan de hand van een aantal vragen. In de eerste gespreksronde werd gevraagd wat de ideaalbeelden waren per thema. De focus werd gelegd bij het ‘wat’ en niet het ‘hoe’. In de tweede gespreksronde werden de ideaalbeelden uitgewerkt tot ‘hoe kunnen we’ vragen. Bijvoorbeeld aan de hand van vragen als: ‘wat staat er nu in de weg van jouw ideaalbeeld?’ ‘Of wat is ervoor nodig?’ Het was mogelijk om vragen te stellen aan de experts tijdens deze gesprekken. Aan het einde van de avond is er een korte terugkoppeling per tafel gegeven. De organisatie werkte na de bijeenkomst de opbrengst uit ter voorbereiding van de volgende bijeenkomst. Dit werd op de webpagina voor het burgerberaad geplaatst. De opbrengst bestond uit zes idealen, namelijk: 1. Een duidelijke en betaalbare route naar een duurzaam huis 2. Informatie is toegankelijk en compleet 3. We doen het samen 4. Er wordt gebruik gemaakt van collectieve technische oplossingen 5. Verhouding tussen huurders en verhuurders in balans brengen 6. Een groene wijk
14
Fase 2 – Bijeenkomst 2 – 22 september – Trefpunt Laakhage Op 22 september vond de tweede bijeenkomst van de tweede fase van het burgerberaad plaats. Het doel van deze bijeenkomst was het verder informeren, uitwisselen van perspectieven en het bedenken van ideeën. Ook deze bijeenkomst waren er een aantal experts aanwezig om de deelnemers informatie te geven. Dit waren: •
• • •
Wesley Kisters, gemeente Den Haag, afdeling Energietransitie: Wat staat er in de Transitievisie Warmte over het Laakkwartier en Spoorwijk? Waarom is er nog geen collectieve warmteoplossing en wat kunnen bewoners nu al wel doen? Josh Geuze, gemeente Den Haag, afdeling Wonen: Informatie over subsidies en wat er bij de gemeente al allemaal mogelijk is voor bewoners. Anouk van Santen, Duurzaam Den Haag: Over de regelingen die Duurzaam Den Haag heeft opgezet in Den Haag en over het verduurzamen van je huis. Hierbij focus op wat werkt wel en wat niet? Caroline Keijzer, gemeente Den Haag, stadsdeel Laak: Energiearmoede en inzet energiecoaches. Wat is er al mogelijk in Laakkwartier en Spoorwijk? Wat zijn de huidige regelingen?
Tijdens het diner werden de meeste presentaties gegeven. Na iedere presentatie was er ruimte voor het stellen van vragen. Na het diner en de presentaties waren er verschillende gespreksrondes met als doel om eerste ideeën te bedenken ter voorbereiding op het formuleren van adviezen. Omdat er onvoldoende tijd was voor iedereen om over alle thema’s met elkaar de diepte in te gaan werd er een keuze gemaakt. Iedere deelnemer kon twee thema’s kiezen, voor iedere gespreksronde 1. Op de tafels lagen de idealen en de ‘hoe kunnen we’-vragen, de opbrengst van de vorige bijeenkomst. De deelnemers konden hierop voortborduren. Tijdens de gesprekken werden er eerste antwoorden geformuleerd op de ‘hoe kunnen we’vragen. Na de bijeenkomst is de opbrengst uitgewerkt door de organisatie ter voorbereiding voor de volgende bijeenkomst. Deze opbrengst werd op de webpagina van het burgerberaad geplaatst en gemaild. Fase 2 – Bijeenkomst 3 – 6 oktober – Trefpunt Laakhage Op 6 oktober vond de derde bijeenkomst van fase 2 van het burgerberaad plaats. Het doel van deze bijeenkomst was om de ideeën om te zetten in adviezen. En om een eerste stemming te doen over welke adviezen uiteindelijk zouden worden opgenomen in het adviesrapport. Tijdens het diner gaf de host een korte samenvatting van de opbrengst van de vorige bijeenkomst, zodat de deelnemers er deze bijeenkomst weer mee verder konden gaan.
Daarnaast verzorgde de host een korte ‘crash course’ over het schrijven van een goed advies.
15
Na het eten was het tijd voor gespreksronde 1, waarin er gewerkt zou worden aan de adviezen. Alle deelnemers konden deze bijeenkomst 1 van de zes idealen kiezen om aan te werken. Op tafel lag wederom de opbrengst van de vorige bijeenkomst. De tafelbegeleider beschikte over een laptop met een template voor de adviezen. Het template had een opbouw van drie vragen: 1. Wat zien we? 2. Wat willen we?, en 3. Hoe kunnen we dat bereiken?. Dit format hielp om een volledig advies te schrijven. Na gespreksronde 1 was er de feedbackronde. De deelnemers werden door de organisatie ingedeeld in drie groepen, waarin zo veel mogelijk alle adviezen van elk ideaal werden besproken. Elk advies werd kort gepresenteerd door een deelnemer die gewerkt had aan het schrijven van het advies. De andere deelnemers werd gevraagd om feedback te geven. Daarvoor waren een aantal vragen opgesteld: 1. Mis je iets in het advies? 2. Zou je voor dit advies stemmen? Waarom wel/niet? 3. Zijn er andere adviezen waarmee je overlap ziet? 4. Heb je nog vragen? Of is het advies duidelijk genoeg geformuleerd? De deelnemer die presenteerde schreef ook zelf de feedback op. Tijdens de derde gespreksronde kwamen de groepen van ronde 1 weer in dezelfde samenstelling bij elkaar. Bij elk van de adviezen werd de opgehaalde feedback besproken. Aan de hand daarvan konden de deelnemers het advies verbeteren of wijzigen.
Daarnaast moest de groep beslissen of het advies die avond in stemming gebracht zou worden. Als laatste onderdeel van de avond werd er gestemd over de adviezen die klaar waren om in stemming te brengen. Iedere deelnemer had drie stembriefjes: • Groen = eens/voor • Geel = ik ben er er wel mee eens, maar ik zie een mogelijkheid tot aanpassing/verbetering • Rood = oneens/tegen Het stemmen werd als volgt beoordeeld: • Groen: Adviezen waarbij 75% van de deelnemers groen stemt, nemen we aan. Het wordt opgenomen in het uiteindelijke adviesrapport. • Rood: Adviezen waarbij 75% rood stemt, vallen af. • Geel: Adviezen waarbij minder dan 75% groen stemt, nemen we mee naar bijeenkomst 4. Er wordt deze bijeenkomst niet besproken waarom er groen, geel of rood wordt gestemd. Dat gebeurt de volgende keer. Er zijn deze avond vijf adviezen aangenomen. Er is geen enkel advies afgewezen. De andere adviezen gingen allemaal mee naar de volgende bijeenkomst. Na de bijeenkomst heeft de organisatie alle adviezen in een overzicht geplaatst. Deze zijn gedeeld met de deelnemers. Tussen de derde en de vierde bijeenkomst was er de mogelijkheid voor deelnemers om een advies verder uit te werken of een nieuw advies in te dienen. Er is gevraagd aan de deelnemers om in ieder geval te kijken naar de adviezen waar zij geel of rood op stemden en hun verbeterpunten of zorgen bij het advies aan te geven.
Ook deze aanpassingen en nieuwe adviezen zijn vooraf aan alle deelnemers gemaild, zodat iedereen op de hoogte was van de actuele lijst van adviezen waar tijdens de laatste bijeenkomst aan gewerkt zou worden.
16
Fase 2 – Bijeenkomst 4 – 20 oktober – Trefpunt Laakhage Op 20 oktober vond de vierde en laatste bijeenkomst van fase 2 van het burgerberaad plaats. Het doel van deze bijeenkomst was om de adviezen verder uit te werken tot definitieve adviezen. En om definitieve stemming te doen over welke adviezen uiteindelijk zouden worden opgenomen in het adviesrapport. Deze bijeenkomst startte na het diner, in tegenstelling tot de andere bijeenkomsten. De bijeenkomst begon met een korte samenvatting van de host over wat een goed advies is. En een kleine samenvatting van de uitkomsten van de vorige bijeenkomst. Tijdens de eerste gespreksronde was er tijd om in groepjes van ongeveer 6 deelnemers de adviezen van twee idealen door te nemen. Aan de tafels werd besproken wat er beter aan kon, zodat het advies wel zou worden aangenomen. De feedback en/of aanpassingen die werd gegeven tussen de bijeenkomsten door waren beschikbaar. Dit lag geprint op de tafels klaar. Er waren voor ieder groepje twee gespreksbegeleiders. Eén die de adviezen voorlas en het gesprek begeleidde en de ander kon de genoemde verbeterpunten noteren. In de volgende gespreksronde splitste iedere groep in tweeën. Er waren nu ongeveer 3 deelnemers per tafel en 1 gespreksbegeleider. Zij hadden samen de tijd om een deel van de adviezen definitief te maken op basis van wat er in de ronde daarvoor gezegd was.
Na de gespreksronden werden de adviezen voor een laatste keer in stemming gebracht. Deze keer kon er enkel groen (= voor) of rood (= tegen) gestemd worden. Er zijn uiteindelijk 17 adviezen aangenomen. En er zijn7 adviezen afgewezen. Er zijn 2 adviezen niet in stemming gebracht omdat ze niet zijn afgemaakt. Er staat voor elk ideaal minimaal één advies in het adviesrapport. Na de stemming nam de voorzitter weer het woord. Zij lichtte toe wat het vervolgproces zou zijn en er was ruimte voor de deelnemers om aan te geven wat zij nog belangrijk vonden. Er is uitgebreid gesproken over hoe het adviesrapport zou worden afgerond. Negen deelnemers gaven aan dat zij graag samen een inleiding voor het adviesrapport en een brief aan de gemeenteraad wilden schrijven. Daarnaast gaven de deelnemers duidelijk aan dat zij het belangrijk vonden om met de gemeenteraad in gesprek te kunnen gaan over de adviezen. Er is toegelicht dat de gemeenteraad beslist over haar eigen agenda, maar dat dit verzoek plaats kan krijgen in de brief aan de gemeenteraad. Na dit gesprek was het burgerberaad afgerond. Dit werd gevierd met een glas prosecco.
17
3.3. Eigenaarschap over het proces Een belangrijk kenmerk van een burgerberaad is dat de deelnemers zo veel mogelijk eigenaarschap hebben over het proces. Daarom zijn er tussentijds belangrijke procesvragen voorgelegd aan de deelnemers. Er werd onder andere gestemd of gesproken over: - De programma-opzet van de bijeenkomsten - Communicatie tussen organisatie en deelnemers - Externe communicatie naar wijk en/of stad - De afronding van het proces De deelnemers stemden hierover met dezelfde groene, gele of rode briefjes als tijdens de stemrondes. Groen betekende dat je het ermee eens bent. Rood betekende dat je het er niet mee eens bent. Geel betekende dat je er wel achter kunt staan maar een aanvullende zorg of een idee hebt. Ook hierbij gold dat alle voorstellen die op 75% of meer steun (groen) van het beraad konden rekenen werden aangenomen. Als er veel geel werd gestemd werd er gevraagd naar de zorgen of ideeën van deelnemers. Indien mogelijk werd het op basis daarvan werd het voorstel bijgesteld, zodat het wel op steun 75% of meer deelnemers van het beraad kon rekenen.
3.4. Vervolg: uitwerken van het adviesrapport Aan het einde van de laatste bijeenkomst van het burgerberaad stelden deelnemers voor om een ‘schrijversgroep’ te vormen. Deze deelnemers wilden samen zorgen voor een goed en compleet adviesstuk dat aangeboden zou worden aan de gemeenteraad. Met goedkeuring van de andere deelnemers hebben 9 deelnemers zich opgegeven. Zij zijn hiermee in november en december aan de slag gegaan. De organisatie heeft hen ondersteund door een locatie te organiseren waar zij konden overleggen over het adviesrapport. De projectleider was hier telkens bij aanwezig, maar heeft geen aandeel gehad in de totstandkoming van het adviesrapport. Tekst en vormgeving zijn door het schrijversteam zelf verzorgd. In totaal is de groep 3 keer bijeengekomen. De schrijversgroep heeft het resultaat – het adviesrapport – ter goedkeuring voorgelegd aan de andere deelnemers van het beraad. Het resultaat is het uiteindelijke adviesrapport dat is voorgelegd aan de gemeenteraad.
18