CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS313916 Beantwoording SV Zorg voor mantelzorgers

Commissie Samenleving 7 maart 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Commissiebrief: Halfjaarrapportage 2023 Wmo2.438 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

19 april 2023

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Thepass, luidend: ‘Zorg voor mantelzorgers’

OCW/10495297 RIS313916

Het raadslid de heer Thepass heeft op 24 november 2022 een brief met daarin 12 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Den Haag kent naar schatting ruim 120.000 mantelzorgers. Zij vervullen een onmisbare, onbetaalde zorgrol voor hun naasten. In 2021 schatte Ecorys in opdracht van Mantelzorg NL dat deze zorg landelijk1 32-44 miljard euro en in Den Haag 1 tot 1,4 miljard euro zou kosten als het door professionals gedaan zou worden. De druk op de mantelzorg is echter groot, in het bijzonder sinds de invoering van de WMO. Veel mantelzorgers lopen aan tegen problemen rondom werk, inkomen, huisvesting, sociaal netwerk en de eigen gezondheid. Dit leidt niet alleen tot een onhoudbare situatie voor de mantelzorger zelf. Het is ook een kwetsbaarheid van ons zorgstelsel dat te sterk op hen leunt, en het leidt tot veel indirecte maatschappelijke kosten door uitval, baanverlies of gezondheid. In haar Pamflet Mantelzorg draagt Platform Belangenbehartiging Mantelzorg Den Haag 10 punten aan waarop Haagse mantelzorgers beter kunnen worden ondersteund. 1.

Is het college bekend met het pamflet mantelzorg? Kan het hier een uitgebreide reactie op geven?

Het college is bekend met het pamflet mantelzorg. De gemeente onderhoudt regelmatig contact met mantelzorgorganisaties en belangenorganisaties zoals bijvoorbeeld Platform Mantelzorgbelang. De grote maatschappelijke waarde van mantelzorg wordt des te belangrijker door vergrijzing. Zoals het Platform Mantelzorgbelang stelt, moeten mantelzorgers hun zorg kunnen uitvoeren op een manier die bij hen past. Voor alle mantelzorgers geldt dan ook dat zij aanspraak kunnen maken op waardering van de gemeente. Er werd in 2022 ruimschoots gebruik gemaakt van het aanbod van cadeaubonnen door ca. 7.500 mantelzorgers. Het aanbod voor mantelzorgers is zeer divers. Het college stelt een groot aantal partijen in staat om activiteiten voor mantelzorgers aan te bieden. De verschillende aandachtsgebieden die genoemd worden in het pamflet krijgen daarbij aandacht: persoonlijke begeleiding, informatie en advies, educatie, emotionele steun, praktische hulp, respijtzorg en financiële en materiële hulp. Denk bijvoorbeeld aan maatjesprojecten, de locaties van Haags Ontmoeten, lotgenotencontact, etc. Het college herkent de punten die door het platform zijn aangedragen. De punten zullen meegenomen worden in beleid op het gebied van mantelzorg voor de periode 2023-2026, samen met de input van mantelzorgers en andere partijen.

Op dit moment wordt de input in de stad opgehaald bij mantelzorgers en organisaties. Het college zal een uitgebreide inhoudelijke reactie geven op de punten uit het pamflet middels het beleidsplan voor deze collegeperiode.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10495297

2.

Deelt het college de mening van GroenLinks en het platform belangenbehartiging mantelzorgers Den Haag dat (de druk op) mantelzorg brede maatschappelijke en beleidsmatige implicaties heeft, en hier daarom integraal beleid op ontwikkeld moet worden? Graag een toelichting.

Het college deelt de mening dat integraal beleid nodig is om mantelzorgers te ondersteunen, gezien de grote druk op mantelzorgers en de brede maatschappelijke gevolgen van de druk op de zorg en mantelzorgers. In het genoemde beleidsplan zal een integrale aanpak toegelicht worden, waarbij het aanbod voor mantelzorgers vanuit verschillende beleidsterreinen en invalshoeken wordt weergegeven. 3.

Is het college voornemens om een Actieplan Mantelzorg 2023 - 2026 te ontwikkelen? Zo ja, kan het de mantelzorgers zelf bij de ontwikkeling hiervan meenemen? Zo nee, waarom niet?

Ja. Mantelzorgers worden bij de ontwikkeling van het nieuwe beleid meegenomen. Er zijn gesprekken georganiseerd met mantelzorgers en mantelzorgorganisaties om input op te halen. Bovendien gaat het college ook gedurende de implementatie in gesprek met mantelzorgorganisaties en mantelzorgers. 4.

Onder mantelzorgorganisaties bestaat het beeld dat het Haagse ondersteuningsaanbod richting mantelzorgers meer gefragmenteerd is geworden sinds de invoering van de WMO. Deelt het college deze mening? We nodigen het college uit om een wat uitgebreider en onderbouwd antwoord te geven.

Uit verschillende landelijke en lokale onderzoeken blijkt inderdaad het belang van duidelijke en herkenbare informatie over de beschikbare ondersteuning. Doordat mantelzorgers per gemeente op andere ondersteuning kunnen rekenen en ook vanuit verschillende wetgevende kaders recht hebben op ondersteuning bij de zorg voor diegenen voor wie zij zorgen, is fragmentering een risico. Dat maakt het belang van een duidelijk ondersteuningsaanbod richting mantelzorgers des te belangrijker. Dat wil zeggen dat het onder andere belangrijk is dat het duidelijk is voor mantelzorgers waar zij terecht kunnen en wat hun eerste aanspreekpunt is. Bij het antwoord op vraag 11 wordt hier verder op in gegaan. 5.

Op welke manier wordt de vraag naar passende woonvormen voor mantelzorgers meegenomen in woonbeleid, bijvoorbeeld als het gaat om de prestatieafspraken met corporaties en steun voor innovatieve woonvormen zoals groepswonen? Op welke manier worden mantelzorgers en hun belangenorganisaties betrokken bij woonbeleid?

Het college steunt innovatieve woonvormen. In Den Haag zijn bijvoorbeeld al aanleuningwoningen en kangoeroewoningen voor mantelzorgers beschikbaar bij een aantal aanbieders. In gevallen waar de mantelzorgrelatie onder druk staat doordat mantelzorgontvanger en verlener ver uit elkaar wonen, kan er een mantelzorgurgentie aangevraagd worden. Deze kan ook voor bewoners in andere gemeenten worden aangevraagd. Het college onderzoekt hoe dit beleid verder ontwikkeld kan worden. Hierbij zullen ook mantelzorgers en hun belangenorganisaties worden betrokken. 6. Is het college het met GroenLinks eens dat de zorgverlening van mantelzorgers een vrije keuze moet zijn van de mantelzorger en cliënt zelf, niet iets wat opgelegd moet worden omwille van de financiële besparingen door middel van een lagere WMO-indicering? Met andere woorden, dat het belang van de mantelzorger, de cliënt en de houdbaarheid van de zorgverlening voorop dient te staan in de keuze van de mantelzorger? Zie het antwoord op vraag 7.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10495297

7.

Deelt het college de mening van GroenLinks dat de gemeente bij WMO-indicaties geen weloverwogen beroep kan doen op het eigen netwerk van cliënten, als er geen beeld is over de persoonlijke omstandigheden (en daarmee draagkracht om mantelzorg te kunnen verlenen) van de personen in dat eigen netwerk?

De Wmo is bedoeld voor mensen die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn. De persoonlijke situatie van mensen en in hoeverre zij een beroep kunnen doen op mantelzorgers, bepalen in hoeverre zij dergelijke ondersteuning nodig hebben. Een maatwerkvoorziening is afgestemd op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon. Wanneer een hulpvrager zich met een vraag bij de gemeente meldt, wordt er een gesprek met hem gevoerd en wordt er onderzoek gedaan. In het onderzoek van de Wmo-casemanager wordt het sociale netwerk en de omstandigheden van het sociale netwerk ook meegewogen. 8.

Kan het college toelichten op welke manier de persoonlijke situatie van mantelzorgers nu wordt meegenomen bij het opstellen van de WMO-indicatie? Hoe wordt hun positie op werk, in het gezin en op gebied van gezondheid (en daarmee de draagkracht om mantelzorg te verlenen) bijvoorbeeld concreet in de weging en vraagstelling meegenomen? Kan het college specifieke beleidsregels of instructies delen die hier betrekking toe hebben?

Het onderzoek naar aanleiding van een Wmo-melding kent verschillende stappen. Die komen terug in de gespreksvoering en verslaglegging. De eerste stappen zijn: 1) vaststellen van de precieze hulpvraag; 2) vaststellen van de problemen in de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie; en 3) bepalen welke ondersteuning naar aard en omvang nodig is om een passende bijdrage te leveren. De vierde stap is 4) onderzoeken in hoeverre eigen mogelijkheden, gebruikelijke hulp, mantelzorg, hulp vanuit sociaal netwerk, algemene voorzieningen, andere wettelijke voorzieningen hulp en ondersteuning kunnen bieden. De situatie van de aanvrager, met inbegrip van de hulp die wordt of kan worden geleverd door de mantelzorger en diens behoefte aan ondersteuning, moet dus integraal worden onderzocht om maatwerk te kunnen leveren. Bij dat onderzoek wordt betrokken de hulp die het sociale netwerk aan cliënt en mantelzorger kan bieden. Het sociale netwerk verwijst naar de sociale context waarin de hulpvrager leeft. Het beslaat het gezin, familie, vrienden, de buurt waarin iemand woont, zijn werkomgeving en de sociale groepen waartoe hij behoort. Het netwerk is vaak bereid om een deel van de ondersteuning te bieden of voor de hulpvrager te organiseren. Deze ondersteuning geboden vanuit het sociale netwerk wordt in sommige gevallen ‘mantelzorg’ genoemd.

Om overbelasting te voorkomen, wordt vanuit de gemeente ondersteuning geboden aan mantelzorgers. Datgene wat nodig is om de mantelzorger te ontlasten in een situatie van dreigende overbelasting, kan onderdeel uitmaken van een maatwerkvoorziening. Denk bijvoorbeeld aan dagbesteding. Een cliënt kan ook in aanmerking komen voor dagbesteding als daarmee overbelasting van mantelzorgers wordt voorkomen. Ook kan de cliënt kortdurend bij een aanbieder verblijven zodat de mantelzorger wordt ontlast, als een vorm van respijtzorg. De Wmo-leidraad biedt een genormeerd afwegingskader die Wmo-consulenten gebruiken in hun professionele afwegingen1. Mantelzorg komt onder andere terug bij de belangenafweging en het onderzoek. Het beroep op mantelzorg is geen automatisme. Ook bij de uitwerking van maatwerkarrangementen komt mantelzorg op grote schaal terug. Bijvoorbeeld is het uitgangspunt dat er extra aandacht is voor thuiswonende kinderen van 18 t/m 23 jaar. Hier bekijkt de Wmo-

1

Den Haag - Wat is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10495297

casemanager per situatie in hoeverre er sprake is van gebruikelijke hulp, mantelzorg en of er behoefte is aan extra ondersteuning voor de mantelzorger. Verder is er aandacht voor het onverwachts uitvallen van een mantelzorger. Bij persoonlijke omstandigheden van de mantelzorger kan het nodig zijn om een indicatie op te schalen. Daarnaast hebben veel resultaatgebieden een resultaat dat zich richt op het ontlasten of voorkomen van overbelasting van de mantelzorger. Denk aan recreatieve vormen van dagbesteding, bedoeld om de mantelzorger te ontlasten zodat de mantelzorger de zorg langer kan volhouden, en de cliënt zo lang mogelijk thuis kan blijven wonen. Ook bij dagbesteding geldt expliciet dat dit (intensiever) ingezet kan worden als dat nodig is om een mantelzorger te ontlasten. 9.

Op welke manier wordt er nu bij het bieden van WMO-zorg rekening gehouden met samenwerking tussen WMO-professional en mantelzorger? Is het college bereid om het investeren in specialisatie in goede samenwerking met mantelzorgers door aanbieders een harde voorwaarde te maken bij de inkoop van WMO-zorg?

De gemeente Den Haag besteedt bij de inkoop van de Wmo-maatwerkarrangementen op verschillende plekken aandacht aan mantelzorgers. Denk daarbij aan de volgende punten: • Het ondersteuningsplan wordt besproken met de betrokken mantelzorger. • De aanbieder werkt bij de uitvoering van de ondersteuning samen met mantelzorgers. • De aanbieder evalueert regelmatig samen met de cliënt en de betrokken mantelzorger of de ondersteuning nog is afgestemd op de wensen, behoeften en mogelijkheden van de cliënt. • De aanbieder signaleert zorgwekkende veranderingen ten aanzien van de leefomgeving en de sociale omgeving van de cliënt, bijvoorbeeld overbelasting van de mantelzorger en meldt deze tijdig bij de gemeente. In de praktijk blijkt middels een steekproefsgewijze uitvraag dat aanbieders deze verplichtingen serieus nemen en binnen hun taakstelling ook ruimte hebben om de aandacht voor de mantelzorger te waarborgen. 10. Voorafgaand aan de invoering van de WMO had Den Haag mantelzorgconsulenten. Is het college het met GroenLinks eens dat deze expertise nodig is, en is het bereid om te onderzoeken of deze weer opnieuw geïntroduceerd kunnen worden? Graag een toelichting. Zie het antwoord op vraag 11. 11.

In sommige andere steden, zoals Rotterdam, is er een speciaal telefoonnummer voor mantelzorgers met hulpvragen. Is het college bereid te onderzoeken of deze ook ingevoerd kan worden?

In Den Haag zijn de Servicepunten XL de aangewezen plek voor inwoners voor al hun vragen en voor advies, informatie en hulp bij hun persoonlijke situatie. Zij kunnen hier terecht voor hulp bij Wmomeldingen, het zoeken naar ondersteunende activiteiten en hulp bij administratieve zaken. Ook mantelzorg wordt bij de Servicepunten XL als een specifiek aandachtsgebied opgenomen. Om fragmentering in het ondersteuningsaanbod te voorkomen en juist integraliteit in het ondersteuningsaanbod te bevorderen, kiest het college ervoor om in de mantelzorgondersteuning bij de Servicepunten XL te investeren. Ook ziet het college net als Platform Mantelzorgbelang het belang van mantelzorgondersteuning op een duidelijk herkenbaar punt. Het college zorgt er daarom voor dat mantelzorg-specifieke informatie

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10495297

duidelijk vindbaar is op de online en offline kanalen van de gemeente. Hier wordt ook deze collegeperiode een verbeterslag in gemaakt. Tenslotte is er bij bovengenoemde investering in de Servicepunten aandacht voor informatie voor mantelzorgers en de vindbaarheid daarvan. In het beleid van deze collegeperiode zal de ambitie op het gebied van informatievoorziening en vindbaarheid van het ondersteuningsaanbod opgenomen worden. Mantelzorgers vormen een uiteenlopende groep met uiteenlopende uitdagingen. Zo zijn er grote verschillen tussen mantelzorgers qua intensiteit van de zorgvraag en zijn er specifieke uitdagingen voor bijvoorbeeld Hagenaars met een migratieachtergrond, jongeren en mantelzorgers die zorg bieden aan iemand met een GGZ-achtergrond. 12. Hoe wordt er in het Haagse mantelzorgbeleid en het bieden van gerichte ondersteuning rekening gehouden met deze grote verschillen tussen doelgroepen? Hoe worden ervaringsdeskundigen daarbij ingezet? Zoals door het Platform Mantelzorgbelang wordt opgemerkt in het pamflet vraagt ondersteuning van mantelzorgers een integrale aanpak. Dat betekent voor iedere doelgroep iets anders. Het college beseft zich terdege dat dit aandacht vraagt.

Om ervoor te zorgen dat iedere groep ondersteund wordt, moet er continu aandacht zijn voor verschillende doelgroepen in de ontwikkeling van bestaande en nieuwe ondersteuning voor mantelzorgers en bij de partijen die deze ondersteuning uitvoeren. Zowel bij de ontwikkeling van de waardering voor mantelzorgers, ondersteuningsactiviteiten voor mantelzorgers die de gemeente mogelijk maakt en de informatievoorziening voor mantelzorgers, is steeds aandacht voor inclusiviteit en gerichte ondersteuning. Denk bijvoorbeeld aan de mogelijkheden voor respijtzorg. Dat betekent in sommige gevallen aandacht voor leeftijdsgroepen, voor mensen met een migratieachtergrond, of mantelzorgers die zorgen voor mensen met een specifieke problematiek. Voor bepaalde groepen mantelzorgers, die bijvoorbeeld zorgen voor mensen met dementie of met een GGZ-achtergrond, financiert de gemeente specifieke activiteiten. In sommige gevallen, zoals met name bij de ondersteuning van jonge mantelzorgers, is het belangrijk om ervoor te zorgen dat mantelzorg als aandachtsgebied opgenomen wordt in de bestaande ondersteuning van deze doelgroepen. De gemeente heeft daarom de afgelopen jaren ook extra geïnvesteerd in campagnes om mantelzorg onder de aandacht te brengen bij professionals in het onderwijs en jeugdwerk.

In de ontwikkeling en uitvoering van deze trajecten is continu samengewerkt met ervaren professionals maar ook jonge mantelzorgers. Ook bij de ontwikkeling van beleid wil de gemeente verschillende groepen mantelzorgers betrekken (ervaringsdeskundigen). De gemeente zal bij uitvoerende partijen die betrokken zijn bij de belangenbehartiging voor mantelzorgers expliciet aandacht vragen voor verschillende doelgroepen. Ook in het beleidsplan zal het college aandacht hebben voor verschillende doelgroepen. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12643995/1