RIS313878 Luchthavenbesluit Rotterdam The Haque Airport
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Saskia Bruines Wethouder van Financiën, Cultuur en Economie
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Bestuur
DSO/10436986 RIS313878 Contactpersoon
Mark Marshall Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Economie Telefoonnummer
14070 Datum
Bijlagen
6 december 2022
5
Onderwerp
Luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport
Geachte voorzitter, In het najaar van 2020 is het traject “Luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport” (RTHA) gestart. Het Luchthavenbesluit is een wettelijke vergunning, noodzakelijk voor de luchthavenexploitatie. In het besluit staan onder andere bepalingen over de openingstijden van de luchthaven, de omvang van het vliegverkeer en de normering voor geluidsbelasting. Tijdens het proces om te komen tot een nieuw luchthavenbesluit zijn een aantal door de wet bepaalde momenten waarbij een zienswijze kan worden ingediend. Zowel de notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) als ook het Milieueffectrapport (MER) en concept Luchthavenbesluit worden, op verschillende momenten, ter inzage gelegd en staan open voor indiening van zienswijzen. Hieraan voorafgaand heeft een participatietraject plaatsgevonden. Dat traject is recentelijk afgerond. In de afgelopen twee jaar is de commissie bestuur op de hoogte gebracht van de processtappen in dit traject. (Brief luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport, RIS310200, 12 oktober 2021). In februari van dit jaar heeft er ook een technische sessie plaatsgevonden.
Tijdens uw commissievergaderingen van 1 september en 23 november heb ik toegezegd u met een brief te informeren over de volgende punten: het participatietraject; vervolgproces; naamswijziging RTHA; duiding moties gemeente Rotterdam en Provincie Zuid-Holland; reactie op het eindproduct participatie. Het participatietraject In het participatietraject werd toegewerkt naar een voorkeursscenario waarin de belangen van alle partijen terugkomen. Het vormt de basis voor onderzoeken, zoals een Milieueffectenrapportage, die onderbouwing moeten geven voor de aanvraag van een luchthavenbesluit door Rotterdam The Hague Airport bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat in 2023.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10436986
Inmiddels is met de oplevering van het Eind Productie Participatie (EPP) het participatietraject afgerond. Hierbij moest geconcludeerd worden dat op een aantal punten de tegengestelde belangen onverenigbaar waren met elkaar. Er werd daarom gezamenlijk geconcludeerd dat een voorkeursscenario op basis van consensus niet meer haalbaar was en dus ook niet meer nagestreefd zou worden. Groepsbreed werd wel de wens uitgesproken om door te gaan met het proces omdat wel degelijk wat bereikt was. De participanten besloten daarop gezamenlijk om het traject af te maken door vooral goed te documenteren waarover men het eens was, maar ook vast te leggen waar de meningen uiteen lagen. De bakens werden verzet van een voorkeursscenario naar een eindproduct participatietraject (EPP), waarin de diverse voorstellen en maatregelen zijn samengebracht. Hoewel men geen akkoord heeft bereikt is er wel een eindrapport opgeleverd dat door de participanten zelf is opgesteld, waarin het resultaat van de dialoog te lezen is. Dit wordt het Definitieve Eind Product Participatie (EPP) genoemd. Het Eind Product Participatie (EPP) is het resultaat van een twee jaar durende intensieve dialoog tussen belanghebbenden over het toekomstig gebruik van de luchthaven, het vliegverkeer en de impact in de regio.
In het proces is op een aantal punten consensus bereikt en biedt het EPP wat de deelnemers betreft een duidelijke meerwaarde ten opzichte van de huidige situatie. In het EPP is gedocumenteerd waarover men het eens was, maar ook waarover de meningen uiteen lagen. Een aantal deelnemers heeft ervoor gekozen om via een reflectie de individuele waardering van het eindproduct te beschrijven. RHTA zal voor de aanvraag daar waar consensus is het EPP gebruiken en daar waar overeenstemming ontbreekt een geïnformeerde afweging maken. In hoofdlijnen is in het Eindproduct Participatietraject opgenomen dat de deelnemers het eens zijn over de volgende uitgangspunten: minder hinder voor omwonenden; ongewijzigde openingstijden van de luchthaven; krimp van de ruimtelijke geluidscontour waardoor de omliggende gemeenten niet in hun woningbouwopgave beperkt worden; gescheiden gebruiksruimte voor maatschappelijk verkeer en overig verkeer; verminderen van nachtvluchten en minder ruimte voor positievluchten; beschermen van de ‘randen van de dag’: het aantal starts en landingen bevriezen en het gebruik van oudere vliegtuigtypes verder ontmoedigen; mogelijke ontwikkelruimte zou verdiend moeten worden door hinderreductie middels vlootvernieuwing van groot handelsverkeer en zou alleen kunnen plaatsvinden mits overige emissies niet toenemen en alleen tussen 09:00-21:00u.
Alle bijlagen behorende bij het EPP worden als bijlage op deze brief bijgevoegd. Inhoudelijk zijn er door het college (RIS310200 en RIS310199, oktober 2021) en door een zienwijze van de raad op de luchtvaartnota (RIS305758, 2020) standpunten vastgesteld die ingebracht zijn in het participatietraject. Dit waren de volgende punten: een goede toegankelijkheid via luchtverkeer is noodzakelijk voor Den Haag als internationale (residentie) stad met vele diplomatieke posten en internationale organisaties, maar ook als toeristisch centrum en stad met vele internationale congressen; RTHA is de thuisbasis voor de helikopters van hulpdiensten die ook de Haagse regio bedienen; Den Haag vindt dat de huidige geluidsnormen moet worden behouden en streeft niet naar uitbreiding hiervan; om de CO2 doelstellingen te behalen moet worden ingezet op duurzame innovatie van de luchtvaart. Voor korte afstanden is ook de trein een goed alternatief.
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10436986
De gemeente Den Haag heeft in het participatietraject een terughoudende rol gekend en heeft door middel van ambtelijke vertegenwoordiging haar input geleverd aan de klankbordgroep. Wij zijn geen lid geweest van de centrale werkgroep. Het college ziet dat het participatietraject zoals dat oorspronkelijk bedoeld was, niet eenvoudig was en ziet ook dat het heeft geleid tot een andere uitkomst dan was beoogd. De op deze omgevingswet-achtige manier participeren blijkt in de uitvoering bij complexe dossiers nog best ingewikkeld. Van tevoren zijn met alle participanten duidelijke afspraken gemaakt over de manier van communiceren en hoe met elkaar om te gaan. Tussentijds zijn er helaas twee participanten uitgestapt.. Vervolgproces Rotterdam The Hague Airport start met een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) als eerste stap om vervolgens een Milieueffecten Rapport (MER) en andere onderzoeken uit te laten voeren. Zowel de NRD als ook het MER en een concept Luchthavenbesluit worden, op verschillende momenten, door het bevoegd gezag ter inzage gelegd en staan dan open voor indiening van zienswijzen. RHTA zal voor de aanvraag daar waar consensus is het EPP gebruiken en daar waar overeenstemming ontbreekt een geïnformeerde afweging maken. Uw raad heeft tijdens de commissiebehandeling van september 2022 aangegeven verder meegenomen te willen worden in het vervolgproces.
Het staat ook de gemeente Den Haag vrij om op het EPP een reflectie in te dienen. Gezien het feit dat de uitgangspunten zoals ze door de gemeente Den Haag zijn geformuleerd (zie hierboven), naar het oordeel van het college aansluiten bij het gestelde in de EPP, stelt het college u niet voor om nu een reflectie in te dienen. Nu de luchthaven start met het formele traject biedt het college in het eerste kwartaal van 2023 een werksessie aan om de raad verder mee te nemen in het traject en met elkaar de komende stappen en de rol en inbreng van de gemeente Den Haag daarin te bespreken. Naamswijziging Rotterdam- The Hague Airport Tijdens de raadscommissie bestuur van 1 september is gevraagd wat de mogelijkheden zijn om de naam van Rotterdam The Hague Airport te wijzigen. Het is voor de gemeente Den Haag niet mogelijk om de naam van de luchthaven te wijzigen. Daar gaat de luchthaven zelf over. Het college zou wel aan de luchthaven kunnen verzoeken of voorstellen om de naam te wijzigen. Echter ziet het college dit als onwenselijk. In 2009 heeft het college expliciet gevraagd en een lobby gevoerd om de naam van onze stad op te nemen in de naam van de luchthaven. De argumenten daarvoor gelden voor het college nog steeds.
Een van de redenen is geweest dat het een kansrijke en effectieve manier is om Den Haag bij de luchthaven te betrekken en op die manier ook bij te dragen aan het internationale vestigingsklimaat van de Rotterdams-Haagse regio. Naast het internationale vestigingsklimaat levert het ook een belangrijke bijdrage aan de werkgelegenheid. Ook fungeert de luchthaven als “regeringsluchthaven” van Nederland. Nadat de naam in 2010 is gewijzigd is er een ruim budget vrijgemaakt voor marketing door de diverse partners. Het opnieuw wijzigen van de naam zal die investering teniet doen en tevens vragen om een nieuwe investering in marketing. Duiding moties gemeenteraad Rotterdam en Provinciale Staten Zuid-Holland Op 2 juni 2022 heeft de gemeenteraad van Rotterdam een motie aangenomen waarin het college werd opgeroepen het voorkeursscenario niet te ondertekenen als deelnemende partij, omdat de inbreng van de omwonenden onvoldoende tot haar recht komt. Rotterdam wil zo een onafhankelijke afweging kunnen maken bij de indiening van de zienswijze voor de MER en concept-luchthavenbesluit.
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10436986
Op 6 juli 2022 hebben de Provinciale Staten van Zuid-Holland een motie aangenomen waarin men het volgende uitspreekt: het participatieproces rond RTHA als mislukt beschouwd zou moeten worden; het participatieproces rond RTHA geen plaats zou moeten hebben in besluitvorming over RTHA; een gedegen participatieproject waar inwoners gelijkwaardig in betrokken worden noodzakelijk is voorafgaand aan besluitvorming rond RTHA. U heeft tijdens de raadscommissie bestuur van 1 september gevraagd wat er gebeurt met de moties die zijn aangenomen in Rotterdam en de Provinciale Staten van Zuid-Holland. De provincie is formeel gezien niet uit het participatietraject gestapt. Provinciale Staten heeft zich doormiddel van een motie uitgesproken over het onvoldoende verklaren van het participatieproces en dit kenbaar gemaakt aan de minister. De inbreng van de provincie was vooral gericht op vermindering van hinder voor de omgeving. Andere belangen als klimaat, stikstof, woningbouw, economie en innovatie spelen voor de provincie ook. Nu het participatietraject is afgerond zal de provincie zich richten op inbreng gedurende de wettelijke procedures voor een nieuw te nemen Luchthavenbesluit. Het onvoldoende verklaren door Provinciale Staten van Zuid Holland heeft gezien het stadium waarin het participatietraject zich bevond en ook de oplevering van het EPP geen gevolgen gehad.
De motie van de gemeente Rotterdam riep vooral op om geen handtekening te zetten onder het akkoord. Deze ging niet over het terugtrekken uit de participatie. Daarnaast is in Rotterdam ook een motie aangenomen die juist opriep in gesprek te blijven met de luchthaven om zo de Rotterdamse belangen goed te vertegenwoordigen. Als toehoorder heeft Rotterdam aan tafel gezeten. Zoals aan het begin van deze brief aangegeven heeft geen van de deelnemende partijen uiteindelijk getekend en is er geen sprake meer van een voorkeursscenario. Beantwoording commissie bestuur d.d. 23-11-2022 Tijdens de commissie bestuur heb ik aangegeven uw vragen schriftelijke te beantwoorden. Dat doe ik in deze brief. Op de vraag hoe het college kijkt naar het participatietraject, is reeds ingegaan . De overige zal ik hierbij beantwoorden. De huidige omzettingsregeling geeft al ruimte voor meer vliegtuigbewegingen door stiller wordende vliegtuigen. Daarin is het EPP dus niet nieuw/uniek. Sterker nog; het is in de huidige vergunning mogelijk om een veelvoud van het in EPP genoemde aantal vluchten te accommoderen. Er zijn nu geen andere grenswaarden en er is geen maximum plafond. Het EPP is stringenter, transparanter, objectiever en beter handhaafbaar dan de huidige vergunning.
U heeft gevraagd of het college het eens is met de Partij voor de Dieren dat de getrokken conclusies gebaseerd zijn op foutieve aannames en daarmee onjuist zijn en of het college afstand wil nemen van het EPP. Het EPP stelt dat ontwikkelruimte voor extra vluchten alleen mogelijk is als de berekende hinder afneemt en overige grenswaarden niet worden overschreden. Zaken als geluid, emissies en andere hinder zijn onderdeel van het maximeren van vliegtuigverkeer. Aan deze stellingname liggen een gezamenlijk joint fact finding proces, de inzet van verschillende kennishouders en input van participanten aan ten grondslag. Het Adecs rapport, EPP zelf en de procesverslaglegging van afgelopen twee jaar geven naar de mening van het college een goed en feitelijk beeld. Het college is het daarmee niet met de Partij voor de Dieren eens dat er sprake is van foutieve aannames.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10436986
Verder heeft u gevraagd wat het college ervan vindt dat er geen krimpscenario is onderzocht. Het college ziet dat in de voorgestelde uitgaanspunten in het EPP, de contour, het maximaal aantal vluchten, het aantal gehinderde mensen en woningen, het aantal nachtelijke vluchten en de hinder in de randen van de dag krimpen. Ook hier onderschrijft het college de stelling van de Partij voor de Dieren niet. Als laatste heeft u nog vragen gesteld over het natura2000 gebied en de gevolgen daarvoor. In de MER procedure die door de luchthaven wordt gestart wordt dit zoals gebruikelijk meegenomen. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, de wethouder van Financiën, Cultuur en Economie Saskia Bruines
5/5