RIS313649 Beantwoording technische vragen Ruimzicht en Steenzicht
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Martijn Balster Wethouder van Volkshuisvesting, Welzijn en Zuidwest
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Ruimte
DSO/10420393 RIS313649 Contactpersoon
Roland de Groot Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Zuidwest Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
9 november 2022
roland.degroot@denhaag.nl
Onderwerp
Schriftelijke beantwoording technisch vragen bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht n.a.v. de commissie Ruimte.
Geachte voorzitter, Op 2 november 2022 zijn in de vergadering van de commissie Ruimte nog een aantal technische vragen gesteld waarvoor ter vergadering geen tijd meer was om deze te beantwoorden. Zoals toegezegd geef ik daar schriftelijk antwoord op. 1.
Flitsbezorging Op basis van het voorliggend bestemmingsplan is flitsbezorging niet uitgesloten in de bestemming Gemengd (Ruimzicht). Het totale bruto-vloeroppervlak ten behoeve van detailhandel mag niet meer bedragen dan 400 m2. Met Staedion als samenwerkingspartner en eigenaar en gelet op de ambities die gezamenlijk geformuleerd zijn, verwachten wij niet dat hier vestigingen van flitsbezorgers komen.
2.
Binnenterrein Ruimzicht Betreft de inrichting van de bouwblokken in Ruimzicht alleen bomen of ook ander groen en hoe is dit verankerd in het bestemmingsplan? Het binnenterrein van Ruimzicht mag volgens het voorliggende bestemmingsplan bebouwd worden met economische en maatschappelijke voorzieningen. De bedrijvigheid in de plint kan gefaseerd uitgebreid worden. Uiteindelijk mag maximaal 80% bebouwd worden. De drie grote bomen moeten behouden blijven. Deze uitgangspunten zijn opgenomen in artikel 3.2.1, lid e van de bestemmingsplanregels.
3.
MER Wat is de stand van zaken rond de MER Dreven, Gaarden, Zichten? Als eerste dient opgemerkt te worden dat dit niet relevant is voor het bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht. Ten behoeve van het voorliggende bestemmingsplan is als afzonderlijk document een aanmeldnotitie vormvrije MER opgesteld, die als bijlage 2 bij de toelichting is opgenomen. Voor het bestemmingsplan hoeft daarom geen PlanMER of ProjectMER te worden opgesteld.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10420393
De MER Zuidwest is met de ontwerp-Structuurvisie ter inzage gelegd. De MER heeft naast een planMER bij de Structuurvisie Zuidwest, een deel (Deel C) dat specifiek betrekking heeft op de ontwikkeling Dreven, Gaarden en Zichten. Steenzicht en Ruimzicht zijn hierin meegenomen als autonome ontwikkelingen. 4.
Melding staatssteun Staatssteun. Wat zijn de effecten als de Europese commissie toch mocht besluiten dat er een melding noodzakelijk is? Zorgt dit voor vertraging? De gemeente is al een procedure gestart om naleving van het staatssteunrecht te verzekeren (zie RIS313573). Hiervoor is een memorandum gestuurd naar het Coördinatiepunt Staatssteun van BZK. De Europese Commissie gaat het memorandum bestuderen en zal in overleg met de gemeente en het Coördinatiepunt hun eerste staatssteunrechtelijke waardering geven. Op basis van deze informatie kan de Europese Commissie aangeven of zij het starten van een formeel aanmeldingstraject nodig acht of dat zij geen aanleiding ziet om het proces richting een formeel goedkeuringsbesluit verder te doorlopen. Binnen het planproces kunnen alle stappen die nu doorlopen moeten worden doorgang vinden vooruitlopend op een oordeel van de Europese Commissie. Op basis van de nu beschikbare informatie verwachten wij binnen circa één maand aan te kunnen geven of de Europese Commissie het starten van een aanmeldingstraject nodig acht. Als dit nodig blijkt verwachten we dat deze procedure te doorlopen is voor de uitgifte van de eerste gronden.
5.
Wie is verantwoordelijk voor een eventueel tekort? Vraag: Mochten de kosten en gerealiseerde opbrengsten achterblijven? Wie is er dan verantwoordelijk voor de tekorten. Steenzicht en Ruimzicht zijn onderdeel van de samenwerkingsovereenkomst Dreven-GaardenZichten. De ontwikkelende partijen zijn verantwoordelijk voor het risico op de vastgoedexploitatie. De gemeente is verantwoordelijk voor het risico op de gemeentelijke grondexploitatie. Om deze risico’s in een dergelijke langjarige gebiedsontwikkeling te beperken is de ontwikkeling opgedeeld in deelplannen. De gebiedsontwikkeling is een proces van continu bijsturen met de ontwikkelingen van de markt, wetgeving en maatschappij binnen de daartoe door de gemeenteraad vastgestelde kaders. Om tijdig in te spelen op risico’s is in het projectdocument de nodige flexibiliteit ingebouwd om tussen deelplannen te kunnen schuiven of uitwisselen met programma’s en zijn niet alle bouwplannen al volledig uitgewerkt. Per deelplan wordt een deelovereenkomst gesloten waarin partijen harde afspraken maken over het programma, de condities waaronder grond wordt ingebracht en de condities waaronder wordt uitgegeven (waaronder een vaste uitgifteprijs). Er wordt dus nooit grond in de grondexploitatie gebracht voordat de gemeente zekerheid heeft over de opbrengsten.
Hiermee wordt de investering waarover de gemeente risico loopt tot een minimum beperkt. Bij het sluiten van elke deelovereenkomst kan opnieuw herijkt worden in hoeverre de resultaten van dit deelplan het totale project zowel financieel als programmatisch op koers houden voor het gewenste eindresultaat. Als dit bijsturen raakt aan de kaders van het projectdocument of de grondexploitatie, zal dit eerst moeten worden voorgelegd aan de gemeenteraad.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10420393
6.
Wordt de projectrealisatie ook nog toegestuurd voor de behandeling in de raad? Zolang deelplanovereenkomsten binnen de door de gemeenteraad vastgestelde kaders blijven worden deze niet apart met de raad gewisseld. Wel zal de raad hierover geïnformeerd worden via de voortgangsrapportage.
Met vriendelijke groet, de wethouder van Volkshuisvesting, Welzijn en Zuidwest Martijn Balster
3/3