RIS313564 Beantwoording SV Rol Omgevingsdienst Haaglanden bij de energiebesparingsplicht
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
6 december 2022
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Thepass, luidend: ‘Rol Omgevingsdienst Haaglanden bij de energiebesparingsplicht’
DSB/10429890 RIS313564
Het raadslid de heer Thepass heeft op 27 oktober 2022 een brief met daarin achttien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met de nieuwe aanscherping van de energiebesparingsplicht?
Ja, het college is bekend met de voorgenomen wijzigingen op het gebied van energiebesparingsplicht. Echter, door het uitstel van de Omgevingswet is ook het moment van de invoering van deze voorgenomen wijzigingen onzeker. De aanscherping van de energiebesparingsplicht houdt in dat ook vergunningsplichtige bedrijven gaan vallen onder de energiebesparingsplicht en de informatieplicht. Dit is momenteel nog in de individuele omgevingsvergunningen gereguleerd. Daarnaast komt er een onderzoeksplicht voor de grote energieverbruikers. Dit zijn bedrijven met een gasverbruik >170.000 m³ gas en/of 10 miljoen kWh elektraverbruik. Naast de wijzigingen in de energiebesparingsplicht wordt tevens de zogenaamde lijst met erkende maatregelen geactualiseerd. Belangrijkste wijziging is dat na van kracht worden van de nieuwe lijst tevens energieopwekkende maatregelen onderdeel zijn van het maatregelenpakket. Verder wordt er onderscheid gemaakt in gebouw gebonden, proces gebonden of utiliteit gebonden maatregelen. 2.
Deelt het college de mening van GroenLinks dat juist met de huidige energiecrisis belangrijk is dat ook Haagse ondernemers waar mogelijk energie besparen? In hoeverre ziet het college een taak voor zichzelf bij het ondersteunen hierbij?
Ja, het college deelt deze mening. Ondernemers worden op verschillende manieren ondersteund door de gemeente. 3.
Deelt het college daarnaast de mening van GroenLinks Den Haag dat een goede naleving van de informatieplicht onmisbaar is om goed energietransitiebeleid te maken, met betrekking tot (1) de geschatte vraag(-ontwikkeling) naar elektriciteit en warmte; en (2) onderhoud en ontwikkeling van een (voldoende omvangrijke en passende) elektriciteits- en warmteinfrastructuur?
Ja. Goede informatie is onderdeel van goed lokaal energietransitiebeleid.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10429890
4.
Kan het college aangeven wanneer het Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) het nieuwe programma duurzaamheid van ODH presenteert, waarvan het huidige programma in 2022 afloopt?
De afgelopen maanden heeft de Omgevingsdienst Haaglanden (hierna te noemen: ODH) in samenspraak met al haar opdrachtgevers ambtelijk en bestuurlijk overleg gevoerd over een nieuw duurzaamheidsprogramma 2023 – 2026. Momenteel is het nieuwe programma in concept aangeboden aan het dagelijks bestuur van de ODH waar deze na vaststelling zal worden aangeboden aan de opdrachtgevers van de ODH. Het duurzaamheidsprogramma kan de basis zijn voor maatwerkafspraken op het gebied van duurzaamheid tussen de gemeente Den Haag en de ODH, waar dit bovenwettelijke taken betreft, aanvullend op de reeds gefinancierde basistaken. 5.
Kan het college toelichten op welke manier het college de rol van ODH rondom naleving, controle en handhaving van de energiebesparingsplicht momenteel meeneemt in het Haagse instrumentarium rondom de energiecrisis en het toewerken naar een klimaatneutraal Den Haag in 2030? Hoe wordt de besparing (of uitblijvende besparing) als gevolg van deze plicht meegenomen in de Haagse uitstoot- en reductiecijfers? Graag een toelichting.
De ODH draagt zorg voor het naleven van de energiebesparingsplicht en de informatieplicht en waar nodig wordt er handhavend en strafrechtelijk opgetreden door de ODH. Energiebesparingsmaatregelen zijn zichtbaar in een lager verbruik van gas en elektriciteit door bedrijven. Echter, energiebedrijven/netbeheerders zijn niet bereid om energieverbruiksgegevens van klanten/aansluitingen te delen met bevoegde gezagen dan wel omgevingsdiensten. Een vertaling naar Haagse uitstoot- en reductiecijfers is daarmee helaas niet mogelijk. 6.
Is het college bekend met deze informatieachterstand van ODH en het gebrek aan animo onder netbeheerders om relevante informatie te delen?
Het college heeft kennis genomen van de inhoud van de artikelen die hierover zijn opgesteld o.a. door Investico. De ODH voert haar toezichthoudende taken uit op basis van informatie die in beginsel vanuit het RVO (Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland) is aangeleverd richting alle omgevingsdiensten. In de praktijk blijkt deze informatie vaak achterhaald en/of onjuist. De ODH heeft deze informatie waar mogelijk verrijkt met eigen gegevens en gebruikt dit om het toezicht te plannen en uit te voeren. Het klopt dat energiebedrijven/netbeheerders niet bereid zijn om energieverbruiksgegevens van hun klanten/aansluitingen te delen met bevoegde gezagen cq. omgevingsdiensten. Met een beroep op de AVG wordt hier geen medewerking aan verleend. Vanuit het Rijk wordt onderzocht of met het invoeren van de Omgevingswet een mogelijkheid kan worden gecreëerd om deze verbruiksinformatie wel opvraagbaar te maken. Met het uitstel van de Omgevingswet is echter een snelle verbetering op inzage in verbruiksgegevens op korte termijn niet te verwachten. 7.
Welke mogelijkheden ziet het college om haar positie als aandeelhouder van de Stedin Groep (16,55% aandelen) in te zetten om Stedin te bewegen tot betere informatiedeling tussen Stedin en de ODH met betrekking tot elektriciteits- en gasverbruik van bedrijven? Graag een toelichting.
Het college ziet geen mogelijkheden. Het klopt dat energiebedrijven/netbeheerders niet bereid zijn om energieverbruiksgegevens van hun klanten/aansluitingen te delen met bevoegde gezagen cq. omgevingsdiensten. Tot op heden is het niet gelukt ondanks vele verzoeken ook vanuit de rijksoverheid om deze gegevens te verkrijgen.
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10429890
8.
Hoeveel fte inspecteurs en ander personeel heeft het ODH op het gebied van energiebesparing van ondernemingen? Met hoeveel is dat aantal fte toegenomen sinds de extra gelden hiervoor vanuit het rijk?
De huidige formatie bij de afdeling toezicht & handhaving voor specifiek energiebesparingsplicht is 3 fte. De ODH is momenteel bezig met het indienen van de aanvraag voor de zogenaamde Specifieke Uitkering toezicht en handhaving energiebesparingsplicht 2022 – 2026 (SPUK THE 2022-2026). De te ontvangen uitkering wordt ingezet voor het intensiveren van toezicht op de energiebesparingsplicht bij alle 10 de opdrachtgevers van de ODH. Vooruitlopend op toekenning van de SPUK uitkering is de ODH gestart met het werven van additionele capaciteit voor het uitvoeren van toezicht en handhaving energiebesparingsplicht. Vooralsnog beschikt de ODH vanaf 1 januari 2023 over 2 fte additionele capaciteit voor de uitvoering van toezicht en 1 fte additionele capaciteit voor beoordelen van energieonderzoeken en advisering. Vanuit de SPUK regeling is de ODH verplicht minimaal 1 fte additionele capaciteit te werven. Aan deze verplichting wordt inmiddels voldaan. 9.
Kan het college aangeven hoeveel controles de ODH sinds 2018 op jaarbasis heeft gehouden rondom de energiebesparingsplicht?
De ODH voert toezicht op verschillende wijzen uit. Periodiek worden inrichtingen integraal gecontroleerd op milieu wet- en regelgeving. Bij deze controles wordt ook gekeken naar energiebesparing, maar dit vindt plaats naast controle op deugdelijk opslag gevaarlijke stoffen, afval, keuringsplichten, geuremissie en/of geluidsproductie. Daarnaast voert de ODH specifiek toezicht uit op energiebesparingsplicht en/of informatieplicht. Bij dergelijke controles wordt in beginsel alleen toezicht gehouden op energiebesparingsplicht en/of informatieplicht. De zogenaamde periodieke controles zijn zoals gezegd breed en vinden plaats bij alle bedrijven conform de vastgestelde risicomethodiek. Het totaal aantal van de controles is hoog, maar omvat ook controles bij bedrijven die momenteel niet vallen onder de energiebesparingsplicht en informatieplicht.
Soort toezicht EED controles (t/m juli 2019) Controle Energie/Duurzaamheid Toezicht informatieplicht Toezicht milieu regulier integraal
Aantal 1e controles sinds 01-01-2018* 462 261 905 ca. 3400
*
In de tabel is aangegeven het aantal 1e controles van bepaalde soorten toezicht. Indien nodig volgen uit de 1e controle noodzakelijke hercontroles en sanctietrajecten.
10.
Kan het college aangeven hoeveel Haagse bedrijven (in absolute en relatieve zin) aan hun informatieplicht hebben voldaan?
Den Haag kent (bron website Den Haag) ca. 66.000 bedrijven/instellingen. Niet alle bedrijven/instellingen vallen onder de wet- en regelgeving waarvoor de ODH het mandaat heeft om toezicht uit te voeren. In totaal houdt de ODH toezicht op circa 17.000 bedrijven, die vallen onder de milieuwet en -regelgeving. Van deze 17.000 bedrijven blijken volgens de huidige gegevens circa 2.250 bedrijven te vallen onder de energiebesparingsplicht en informatieplicht. Van deze bedrijven is op dit moment vastgesteld dat 1448 (stand 7 november 2022) voldoen aan de informatieplicht, dat is ca. 64%. Omdat 2250 bedrijven moeten voldoen aan energiebesparingsplicht zijn er dus 14.750 bedrijven die niet formeel verplicht zijn te voldoen aan de energiebesparingsplicht als milieu-inrichting.
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10429890
Daarnaast zijn er ca 49.000 bedrijven/instellingen waar de ODH geheel geen toezichthoudende taken heeft, omdat ze niet onder de milieuwet en-regelgeving vallen. Samengevat zijn er ca. 63.750 bedrijven die niet verplicht zijn maatregelen te treffen tegenover circa 2.250 bedrijven waar dit wel het geval is. 11.
Ziet het college ook de noodzaak om de capaciteit van de ODH rondom de energiebesparingsplicht verder op te schalen, met het oog op de energiecrisis en de energietransitie? Zo ja, welke stappen neemt het college hiertoe?
Het college ziet mogelijkheden op grond van het duurzaamheidsprogramma van de ODH. Het duurzaamheidsprogramma kan de basis zijn voor maatwerkafspraken op het gebied van duurzaamheid tussen de gemeente Den Haag en de ODH, waar dit bovenwettelijke taken betreft, aanvullend op de reeds gefinancierde basistaken. De komende periode zal verder worden verkend of hier aanvullende mogelijkheden liggen. 12. Deelt het college de mening van GroenLinks dat de inzet van de ODH rondom controle en handhaving van de energiebesparingsplicht (met het oog op efficiënt werken én de grootste potentiële besparing) extra prioriteit moet geven aan de Haagse bedrijven die het meest verbruiken? Zo nee, waarom niet? Bij het uitvoeren van toezicht- en handhavingstaken gaat de ODH uit van gelijkwaardigheid. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen bedrijven. Ieder bedrijf dat onder de energiebesparingsplicht en de informatieplicht valt, dient te voldoen aan de vigerende wet- en regelgeving op het gebied van de energiebesparingsplicht en de informatieplicht. Waar nodig wordt handhavend en strafrechtelijk opgetreden door de ODH. 13.
Kan het college aangeven (het liefst in concrete cijfers, maar zonodig als schatting) hoeveel Haagse bedrijven op dit moment onder de energiebesparingsplicht vallen? Kan het daarbij ook specifiek uitlichten hoeveel bedrijven daar sinds de verscherping van de energiebesparingsplicht bij zijn gekomen? De aanscherpingen zijn nog niet van kracht dus zijn de cijfers uit vraag 10 de huidige stand van zaken. Aangezien Den Haag momenteel circa 40 vergunningsplichtige bedrijven heeft, worden deze na aanpassing van de wetgeving (zie beantwoording vraag 1) toegevoegd aan de lijst bedrijven die vallen onder energiebesparingsplicht en informatieplicht. Het is hierbij wel goed om aan te geven dat deze bedrijven thans ook al via de omgevingsvergunning en/of op grond van de European Energy Directive (EED) een energiebesparingsplicht kennen en moeten naleven. 14. Kan het college een lijst delen met de 50 Haagse bedrijven die het meeste elektriciteit en/of gas verbruiken? Welke van deze bedrijven is geïnspecteerd en heeft voldaan aan haar energiebesparingsplicht? De ODH beschikt over lijsten van de zogenaamde grote energieverbruikers in het kader van de toezicht- en handhaving van energiebesparing en de informatieplicht.
Het delen van deze lijsten is niet mogelijk, omdat dit informatie betreft, die aan bedrijven toebehoord en ter beschikking is gesteld aan de ODH om de toezicht en handhavingstaken uit te voeren. Ook wordt geen mededeling gedaan ten aanzien van individuele bedrijven voor wat betreft toezicht en handhaving ten aanzien van de energiebesparingsplicht en de informatieplicht.
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10429890
15. Heeft het college een overzicht met de aantallen Haagse kantoorpanden (inclusief de accumulatieve m2 kantoorruimte) per energielabel, inclusief het aantal kantoorpanden waarvan het energielabel niet bekend is? Zo ja, kan het college deze dan delen? Zo nee, ziet het college het belang van een dergelijke lijst en is het bereid om deze alsnog op te stellen? De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) houdt de gegevens met betrekking tot de label Cverplichting voor kantoren bij. Dit is ook de plek waar het label geregistreerd wordt. De gegevens van heel Nederland (dus ook Den Haag) met betrekking tot de label C verplichting voor kantoren zijn op te vragen op de website van het RVO (LabelCkantoren (arcgis.com). Deze lijst wordt ieder kwartaal bijgewerkt. Het college ziet geen reden om separaat een lijst op te stellen. Er zal gedurende het toezicht en de handhaving blijken dat er panden onterecht op staan en dat er panden onterecht niet op staan. Dit wordt dan lopende het proces eveneens gecorrigeerd en verwerkt. 16.
Deelt het college de mening van GroenLinks dat de huidige Kantorenstrategie 2018 2025, het doel al bevat, maar nog meer geconcretiseerd zou mogen worden in acties, in het kader van de huidige (nog urgentere) verduurzamingsopgave en het belang om verduurzamingsmaatregelen te stimuleren die verder gaan dan de minimale wettelijke verplichting? Graag een toelichting. In de kantorenstrategie 2018 – 2025 is verduurzaming één van de speerpunten. Sindsdien leggen (institutionele) marktpartijen de lat al hoog bij nieuwbouw en renovatieprojecten. De standaard in de markt is de keuze voor 1) Duurzaamheid: hanteren BREEAM-NL Excellent (nieuwbouw en renovatie) niveau, Circulariteit, gebruik van materialenpaspoort en klimaat adaptief bouwen. 2) Gezondheid: hanteren WELL Gold (core & shell). 3) Energiereductie: gebouwen krijgen energielabel A++++, duurzame energieopwekking middels pv-panelen en een warmte- en koudeopslag (wko), ‘smart building’; het gebouw werkt door middel van de vele sensoren “vraag gestuurd”. Dit optimaliseert de energievraag zo veel als mogelijk. Ook blijkt uit onderzoek (CBRE), dat in de opname van kantoorruimte gebruikers thans overwegend kiezen voor gebouwen met minimaal een A label. Bij gebouwen met leegstand en Label D of minder en op mindere kantoorlocaties wordt beleidsmatig (ongeacht de omvang) transformatie naar woningen ondersteund. 17.
Op welke manier vult de ODH haar adviserende rol aanvullend aan het regionaal energieloket ook proactief in richting bedrijven die bovenop hun wettelijke plicht ook besparingsmaatregelen willen uitvoeren met een terugverdientijd van langer dan vijf jaar?
Bedrijven kunnen zich richten tot de gemeente Den Haag. Bedrijven kunnen advies inwinnen bij de gemeentelijke adviseurs duurzaam ondernemen en kunnen hier met alle vragen terecht. 18.
Wat zijn de meest frequente knelpunten voor energiebesparing door bedrijven die het ODH in haar controles en handhavingsacties tegenkomt? Hoe signaleert het ODH die richting de gemeentelijke organisatie zodat ondersteuning en dienstverlening kan worden verbeterd?
De ODH heeft maandelijks overleg met de gemeente Den Haag over de voortgang van toezicht op energiebesparingsplicht en informatieplicht en over andere samenwerkingen met de gemeente op het gebied van toezicht duurzaamheid. Daarnaast hebben de toezichthouders nauw contact met relevante medewerkers van de gemeente op dossierniveau of in het kader van gezamenlijke projecten duurzaamheid op bedrijfsterreinen.
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10429890
De belangrijkste knelpunten voor energiebesparing zijn landelijk hetzelfde: De positie van een ondernemer als huurder van een pand ten opzichte van energiebesparende maatregelen die aan het huurpand moeten plaatsvinden. De hoge kosten voor specifieke maatregelen in relatie tot de draagkracht van ondernemers. De onzekerheid die bij ondernemers aanwezig is over toekomstige gebiedsontwikkelingen in relatie tot de energiebesparingsplicht. Door schaarste is het soms lastig om specifieke maatregelen te laten realiseren. Dat kan zijn materiaal/installatie schaarste, maar ook een gebrek aan bedrijven om maatregelen te uit te voeren dan wel te laten plaatsen/installeren. Algemene financiële positie van ondernemers/eigenaren staat investeringen in energiebesparing in de weg. In de regel wordt door de ODH bij het bepalen van termijnen voor het voldoen aan de energiebesparingsplicht rekening gehouden met de feiten en omstandigheden ter plaatse. Uiteindelijke doel is naleving van de energiebesparingsplicht en niet het faillissement van een ondernemer. De ruimte voor het stellen van termijnen is niet oneindig. Er mag immers geen gedoogsituatie ontstaan door het stellen van lange hersteltermijnen. De OHD hanteert de landelijke handhavingsstrategie LHS waarin eisen worden gesteld aan het voorkomen van gedoogsituaties.
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
6/6