RIS313463 Bijlage Programmabegroting 2023-2026
Tekst van het document
Programmabegroting 2023-2026
financien.denhaag.nl
de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 27 oktober 2022, besluit in te stemmen met: I. het vaststellen van de Programmabegroting 2023-2026 (bijlage 1 en 2), in overeenstemming met de voorgelegde ontwerpbegroting 2023-2026, met een meerjarig eindsaldo van € 0,0 mln. na verrekening met de reserves; II. de budgetten voor 2023-2026 in termen van lasten en baten, toevoegingen en onttrekkingen, per programma; III. het verlengen, aanpassen, bijstellen, instellen, opheffen en vrijvallen van de reserves (zoals beschreven in bijlage 3); IV. het meerjarig investeringsplan 2022-2026 (MIP); V. het beschikbaar stellen van een investeringskrediet van € 33 mln. onderwijshuisvesting als onderdeel van het meerjarig investeringsplan; VI. het actualiseren van de activiteiten; VII. het aanvaarden van de begroting 2023-2026 als leidraad voor het te voeren beleid. Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van De griffier,
De voorzitter,
1
Bedragen in € miljoen
2.134
Andere overheden
INKOMSTEN € 3.110 MILJOEN
300
Spaargeld gemeente
491
Bewoners
63
Bedrijven
122
Overig
Bedragen in € miljoen
700
Werk en inkomen
11
College en bestuur
649
11
Gemeenteraad
Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid
UITGAVEN €3.110 MILJOEN
300
Buitenruimte
324
Overhead
138
Cultuur en bibliotheek
151
Onderwijs
207
Financiën
117
67
Sport
71
Openbare orde en veiligheid
Stadsdelen, integratie en dienstverlening
37
Economie
61
Duurzaamheid, milieu en energietransitie
108
Mobiliteit
158
Stadsontwikkeling en wonen
Inhoudsopgave Samenstelling college van burgemeester en wethouders ................................................................................. 6 Leeswijzer ........................................................................................................................................................... 8 1 Algemeen ........................................................................................................................................................ 10 1.1 De gemeentebegroting ............................................................................................................................... 10 1.2 Van de Staat van Financien naar coalitieakkoord...................................................................................... 11 1.3 Kengetallen Den Haag .................................................................................................................................18 2 Programma's .................................................................................................................................................. 19 2.1 Gemeenteraad ..............................................................................................................................................
19 2.2 College en bestuur ...................................................................................................................................... 22 2.3 Duurzaamheid, milieu en energietransitie ............................................................................................... 25 2.4 Openbare orde en veiligheid...................................................................................................................... 38 2.5 Cultuur en bibliotheek ............................................................................................................................... 48 2.6 Onderwijs ................................................................................................................................................... 59 2.7 Werk en inkomen ....................................................................................................................................... 69 2.8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid .................................................................................................. 90 2.9 Buitenruimte ............................................................................................................................................
104 2.10 Sport......................................................................................................................................................... 119 2.11 Economie .................................................................................................................................................. 125 2.12 Mobiliteit ................................................................................................................................................. 137 2.13 Stadsontwikkeling en wonen .................................................................................................................. 151 2.14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening .............................................................................................. 176 2.15 Financiën ................................................................................................................................................. 191 2.16 Overhead ................................................................................................................................................. 203 3 Paragrafen ...................................................................................................................................................
208 3.1 Bedrijfsvoering ......................................................................................................................................... 208 3.2 Lokale heffingen ........................................................................................................................................216 3.3 Weerstandsvermogen .............................................................................................................................. 222 3.4 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................. 233 3.5 Financiering.............................................................................................................................................. 240 3.6 Grondbeleid .............................................................................................................................................. 249 3.7 Verbonden partijen .................................................................................................................................. 257 3.8 Subsidies...................................................................................................................................................
288 3.9 Vastgoed ....................................................................................................................................................291 4 Financiële begroting ................................................................................................................................... 295 4.1 Overzicht baten en lasten per programma .............................................................................................. 295 4.2 Recapitulatie lasten, baten, toevoegingen en onttrekkingen per programma ...................................... 296 4.3 Gemeentelijke inkomsten ........................................................................................................................ 300 4.4 Standen reserves en voorzieningen ......................................................................................................... 303 4.5 Incidentele baten en lasten ...................................................................................................................... 305 4.6 Meerjaren investeringsplan ...................................................................................................................... 313 Bijlage .............................................................................................................................................................. 315
4
Voorwoord Voor u ligt de begroting van de gemeente Den Haag voor de jaren 2023-2026. Deze begroting vormt het financiële en beleidsmatige kader voor de komende jaren. Den Haag voert een solide financieel beleid. De gemeente zoekt hierbij de balans tussen voorzichtig zijn waar dat moet en extra investeren wanneer dat kan en nodig is. De gemeente doet wat nodig is. Daarbij dient er wel rekening mee gehouden te worden dat de financiële ruimte van de gemeente beperkt is. Het is noodzakelijk om in de komende jaren oog te houden voor een behoedzaam financieel beleid en voortdurend oog te houden voor de doeltreffend- en doelmatigheid van het beleid. In september presenteerden de coalitiepartijen het akkoord “Voor een stad die tegen een stootje kan” aan de gemeenteraad. Alle ambities uit het coalitieakkoord zijn financieel vertaald in deze Programmabegroting 2023-2026. De intensiveringen en maatregelen uit het coalitieakkoord dienen voor een belangrijk deel de komende tijd nog nader te worden uitgewerkt in concrete plannen. Met het coalitieakkoord worden belangrijke stappen gezet om de structurele ambities van de stad in overeenstemming te brengen met de structurele financiële middelen. De begroting wordt hiermee robuuster.
Naast extra investeringen in beleidsambities worden ook in de loop van de tijd ontstane mismatches tussen enerzijds ambitie en nieuwe ontwikkelingen, en anderzijds middelen in de begroting gerepareerd. Het gaat hierbij onder meer om structurele versterkingen in ICT, informatiebeveiliging, apparaat voor stedelijke ontwikkeling en energietransitie, beheer en onderhoud en maatschappelijke voorzieningen. In dit eerste hoofdstuk van de begroting wordt inzichtelijk gemaakt welke middelen de gemeente extra beschikbaar heeft en waar deze vandaan komen. De komende jaren neemt het gemeentefonds fors toe. Deze extra middelen vanuit het rijk komen ten goede van de uitvoering van het lokale beleid. In 2026 slaat het beeld om. De gemeente benadrukt de noodzaak van structurele middelen vanuit het rijk om het lokale beleid op het noodzakelijk niveau te kunnen uitvoeren. Waaraan de extra middelen besteed worden, wordt toegelicht in het coalitieakkoord en de afzonderlijke programma’s in deze begroting. Deze begroting is opgesteld in onzekere tijden. Nederland heeft sinds maart 2022 te maken met de gevolgen van de oorlog in Oekraïne zowel in maatschappelijke als in economische zin. De sterk oplopende prijzen voor met name energie stelt samenleving voor grote uitdagingen.
Met de raadsmededelingen over het verloop de gascrisis wordt de gemeenteraad op regelmatige basis geïnformeerd over de ontwikkelingen. Naast de begroting voor de komende jaren biedt het college in 2022 een Uitvoeringsnota aan de gemeenteraad aan. De uitvoeringsnota vervangt de 8-maandsrapportage. In het coalitieakkoord worden financiële keuzes per 2023 gemaakt. Deze zijn in de voorliggende begroting verwerkt. Voor een ordentelijke verantwoording voor het verslagjaar 2022 dient ook de begroting van dit jaar te worden geactualiseerd. Dit gebeurt met de Uitvoeringsnota. De uitvoeringsnota 2022 heeft twee functies: • begrotingsactualisatie voor 2022; • rapportage op afwijkingen en risico’s in de begrotingsuitvoering. De Uitvoeringsnota verschijnt voor 1 december 2022. De begroting en de uitvoeringsnota dienen in samenhang te worden bezien. Het college van burgemeester en wethouders
5
Samenstelling college van burgemeester en wethouders
Jan van Zanen, Burgemeester Portefeuille: Openbare orde en veiligheid, Algemene bestuurlijke aangelegenheden en Representatie 2 College en Bestuur 4 Openbare orde en veiligheid 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening
Robert van Asten Portefeuille: Stedelijke Ontwikkeling, Strategie en Europa 5 Cultuur en Bibliotheek 11 Economie 12 Mobiliteit 13 Stadsontwikkeling en wonen Stadsdeelwethouder Segbroek
Saskia Bruines Portefeuille: Financiën, Cultuur en Economie 5 Cultuur en Bibliotheek 11 Economie 15 Financiën Stadsdeelwethouder Haagse Hout
Anne Mulder Portefeuille: Mobiliteit, Buitenruimte en Scheveningen 9 Buitenruimte 12 Mobiliteit 13 Stadsontwikkeling en wonen Stadsdeelwethouder Scheveningen
Kavita Parbhudayal Portefeuille: Werk, Wijken en Dienstverlening 7 Werk en Inkomen 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 14 Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening 15 Financiën 16 Overhead Stadsdeelwethouder Leidschenveen - Ypenburg
Mariëlle Vavier Portefeuille: Armoede, Inclusie en Volksgezondheid 7 Werk en Inkomen 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 11 Economie 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening Stadsdeelwethouder Laak
Arjen Kapteijns Portefeuille: Duurzaamheid, Energietransitie en Klimaatadaptatie 3 Duurzaamheid, Milieu en Engerietransitie 9 Buitenruimte Stadsdeelwethouder Centrum
Martijn Balster Portefeuille: Volkshuisvesting, Welzijn en Zuidwest 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 13 Stadsontwikkeling en Wonen 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening Stadsdeelwethouder Escamp
Hilbert Bredemeijer Portefeuille: Onderwijs, Jeugd en Sport 6 Onderwijs 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 10 Sport 14 Stadsdelen, integratie en dienstverlening Stadsdeelwethouder Loosduinen
Leeswijzer Inleiding De programmabegroting 2023-2026 omvat meerdere hoofdstukken. Na het inleidende hoofdstuk 1 met daarin een toelichting op de belangrijkste keuzes en actualiteiten met betrekking tot de programmabegroting, vindt u de beleidsbegroting met de diverse beleidsprogramma’s in hoofdstuk 2, een schets van de bedrijfsvoering van de gemeente en een aantal paragrafen over lokale heffingen, weerstandsvermogen en overige relevante thema’s in hoofdstuk 3 en de financiële begroting met onder meer de gemeentelijke inkomsten in hoofdstuk 4. Beleidsbegroting In hoofdstuk 2 zijn de beleidsprogramma’s in termen van de doelstelling, ambitie en activiteiten in 2023 beschreven. Aan de hand van de prestatie- en effectindicatoren kan de raad beoordelen in hoeverre deze doelen worden behaald. In ieder afzonderlijk programma worden ambities en acties concreet uitgewerkt en daarmee geeft ieder programma inzicht in de verwachtingen op de afzonderlijke deelterreinen. Verder worden beleid en geld in meerjarig perspectief gepresenteerd. Deze uitwerking per programma gebeurt binnen het stramien van de drie w-vragen zoals voorgeschreven in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV): wat willen we bereiken?, wat gaan we daarvoor doen? en wat gaat dat kosten?. Ook worden de verwachtingen voor wat betreft projecten en processen in de beleidsprogramma’s opgenomen.
Tot slot worden per programma de beschikbare financiële middelen voor 2023 voor de gemeentelijke inspanningen getoond. Ieder programma bevat een meerjarenoverzicht van de programmatotalen (op lasten en baten) en de totalen van de reserves, de voorzieningen en de investeringen. Prestatie-indicatoren, effectindicatoren en BBV-indicatoren In de beleidsbegroting worden de door de gemeente bepaalde prestatie- en effectindicatoren en de vanuit het Rijk verplichte BBV-indicatoren opgenomen. In bijlage 5.1 vindt u de bronnen en de toelichtingen hiervan. Daarnaast geven kengetallen inzicht in de feitelijke ontwikkelingen in de stad over bijvoorbeeld bevolkingsomvang, aantal huishoudens en leeftijdsopbouw; die vindt u in de infographic in hoofdstuk 1. De financiële kengetallen zijn opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen. Programma op hoofdlijnen In ieder programma is het onderdeel ‘programma op hoofdlijnen’ opgenomen. Hier vindt u een schets van de samenstelling van het programmabudget (lasten en baten) in financiële en in beleidsmatige zin. Dat gebeurt met graphics (‘donuts’) en toelichtingen van de belangrijkste soorten uitgaven en inkomsten: belastingen, subsidies, apparaatslasten, reserves, voorzieningen, en dergelijke. En van de belangrijkste beleidsmatige bestemmingen per programma: veiligheid, bijstand, herinrichting buitenruimte, afvalinzameling, en dergelijke.
Zo krijgt u in één oogopslag een totaal overzicht per programma. Overzicht overhead Een andere verplichting die voortvloeit uit het BBV is een overzicht van de zogenoemde overhead in de gemeentelijke organisatie; hieronder worden begrepen de ondersteunende functies in de gemeentelijke organisatie voor onder andere ICT en personeel en de leidinggevende functies in het primair proces. In combinatie met het apparaatslastenoverzicht krijgt de raad meer inzicht in de omvang en de kosten van de gemeentelijke organisatie. Hoofdstuk bedrijfsvoeringsparagraaf en overige paragrafen Hoofdstuk 3 is de door het BBV verplicht gestelde hoofdstuk over de bedrijfsvoering en overige paragrafen. In bedrijfsvoeringsparagraaf staan belangrijke uitgangspunten van de interne bedrijfsvoering in de gemeentelijke organisatie voor de komende jaren. De overige paragrafen geven gebundelde informatie over thema’s die anders te gefragmenteerd aan de orde zouden komen. Deze informatie wordt door zowel bestuur als toezichthouders belangrijk gevonden om de financiële positie van de gemeente te kunnen beoordelen. De paragrafen lokale heffingen, weerstandsvermogen, onderhoud kapitaalgoederen, verbonden partijen, grondbeleid en financiering zijn verplicht voorgeschreven in het BBV.
Hoofdstuk met de financiële begroting De financiële begroting in hoofdstuk 4 geeft evenals in de voorgaande jaren aandacht aan de financiële positie van de gemeente Den Haag per programma. Ieder programma bevat het overzicht van lasten en baten op een gedetailleerd niveau en het overzicht van de ontwikkeling op de gemeentelijke reserves en de besteding uit voorzieningen. Daarnaast geeft ieder programma de aansluiting weer met voorgaande begroting.
8
Bijlagen online beschikbaar Om de leesbaarheid van het boek verder te verbeteren worden diverse bijlagen voortaan alleen beschikbaar gesteld op het portaal van de gemeente Den Haag (financien.denhaag.nl). Het gaat om de volgende gemeentebrede overzichten: • Bijlage Begroting per activiteit • Bijlage Begroting per taakveld • Bijlage Gemeentelijk tarieven • Bijlage Specificatie financiële vaste activa • Bijlage Specificatie materiële vaste activa en kapitaallasten • Bijlage Meerjaren investeringen • Bijlage Verloop overzicht reserves • Bijlage Doelen, looptijden en maximale hoogtes reserves • Bijlage Voorzieningen • Bijlage Intensiveringen • Bijlage Herfaseringen Dit boekwerk is ook digitaal beschikbaar op hetzelfde portaal.
9
1 Algemeen 1.1 De gemeentebegroting In deze paragraaf treft u het totaal van de Haagse begroting voor de komende jaren aan. Hiermee krijgt u een eerste indruk van de omvang van de begroting. bedragen x € 1.000
Lasten Baten Saldo Toevoegingen Onttrekkingen Saldo inclusief reserves
2022 2.980.613 2.847.067 133.546 255.867 389.413 0
Begroting 2023 2024 2.954.450 2.924.911 2.837.655 2.890.016 116.795 34.895 155.737 70.332 272.533 105.227 0 0
2025 2.991.107 2.938.662 52.445 64.600 117.045 0
2026 2.954.790 2.913.579 41.212 14.784 55.996 0
In onderstaande tabel is per programma weergegeven hoeveel lasten er mogen worden gemaakt in 2023, en hoeveel baten de gemeente daarvoor ontvangt. Daarnaast is opgenomen hoeveel op de beleidsprogramma’s aan reserves wordt toegevoegd dan wel onttrokken. In de laatste kolom ziet u het verschil tussen de lasten en baten per programma. Dit saldo wordt gedekt uit algemene middelen uit het programma Financiën. In de afzonderlijke begrotingsprogramma’s in hoofdstuk 2 wordt nader ingegaan op wat de gemeente met deze middelen doet. bedragen x € 1.000 2023 Programma
Lasten
Baten
Toevoegingen
Onttrekkingen
Saldo
01 Gemeenteraad
10.681
35
0
0
10.646
02 College en Bestuur
11.438
0
0
0
11.438
03 Duurzaamheid, Milieu en Energietransitie
60.765
6.553
0
1.827
52.385
04 Openbare orde en Veiligheid
68.390
5.268
2.993
3.252
62.863
05 Cultuur en Bibliotheek
138.080
12.226
0
0
125.854
06 Onderwijs
151.252
58.941
0
3.200
89.111
07 Werk en Inkomen
666.778
422.327
33.000
44.744
232.707
08 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid
648.494
67.272
0
1.088
580.134
09 Buitenruimte
300.098
175.935
0
6.214
117.949
10 Sport
63.806
9.998
3.000
7.326
49.482
11 Economie
37.104
2.251
0
3.796
31.057
12 Mobiliteit
103.695
89.935
4.800
1.900
16.660
13 Stadsontwikkeling en Wonen
157.691
109.512
5
3.228
44.957
14 Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening
115.041
11.693
2.000
0
105.348
15 Financiën
96.724
1.863.732
109.939
16 Overhead
324.414
1.977
0
0
322.436
2.954.450
2.837.655
155.737
272.533
0
Totaal Gemeente Den Haag
10
195.958 -1.853.027
1.2 Van de Staat van Financiën naar coalitieakkoord Op 17 maart 2022 werd de Staat van Financiën aan de gemeenteraad aangeboden (RIS311789). De Staat van Financiën had als doel een geobjectiveerd beeld van de financiële positie van de gemeente te bieden, waarmee een transparant vertrekpunt voor het financiële kader bij het coalitieakkoord ontstond. Bij de coalitievorming is het financiële vertrekpunt geactualiseerd op basis van de mei- en septembercirculaire gemeentefonds en door het in kaart brengen van een aantal andere factoren die de omvang van de begroting beïnvloeden, zonder dat wij als gemeente hier direct op kunnen sturen. Dit worden ook wel exogene factoren genoemd. Het gaat hierbij naast de ontwikkelingen in het gemeentefonds onder meer de belastingopbrengsten, de loon- en prijscompensatie, parkeerbaten, dividenden en erfpachtopbrengsten. In deze paragraaf wordt toegelicht wat deze ontwikkelingen zijn en wat daarvan het effect op de begroting is. Ontwikkeling gemeentefonds De septembercirculaire van het Rijk geeft het meest actuele beeld van de ontwikkeling van het gemeentefonds. Door extra uitgaven van het Rijk, onder andere in het regeerakkoord, stijgt de gemeentefondsuitkering. Nieuw is dat het rijk en de gemeenten afspraken hebben gemaakt over de omvang van het gemeentefonds: het zogenoemde accres.
Dit houdt in dat in tegenstelling tot voorgaande jaren de omvang van het accres vaststaat tot en met 2025. Hiermee is afstand genomen van de eerdere trap op- trap af- afspraken, waarbij de jaarlijkse gemeentefondsuitkering was gekoppeld aan de rijksuitgaven. In de nieuwe opzet is een helder onderscheid gemaakt tussen de volumeontwikkeling van het gemeentefonds, dat wat extra is, en hoeveel de gemeente ontvangt voor loon- en prijsstijgingen. Tot en met 2025 staat de volumeontwikkeling vast. De loon- en prijscompensatie wordt jaarlijks geactualiseerd. De bijstelling van het gemeentefonds voor loon- en prijscompensatie is neutraal voor de begroting: tegenover de hogere baten staan ook hogere lasten. De ontwikkeling van het gemeentefonds wordt door de nieuwe systematiek transparanter en de gemeente krijgt door zekerheid over de gemeentefondsuitkering, waardoor de begroting stabieler wordt. Ook zien we dat het Rijk stappen richting de gemeenten zet om de kosten voor de Jeugdzorg te beheersen In de meicirculaire ontving de gemeente hiervoor extra middelen. Dit is een belangrijke stap voorwaarts in dit dossier waardoor er een goede basis is om in het kader van de hervormingsagenda jeugd in VNG verband nadere afspraken met het Rijk te maken. Algemeen: stijging inkomsten gemeentefonds tot en met 2025 In de periode tot en met 2025 nemen de inkomsten jaarlijks aanzienlijk toe.
Mede door deze toename heeft de gemeente de grootste knelpunten in de begroting kunnen oplossen. Vanaf 2026 verslechtert het structurele beeld. Dit komt door de herverdeling van het gemeentefonds, die negatief voor Den Haag uitpakt, en doordat met ingang van dat jaar de opschalingskorting van het gemeentefonds weer wordt doorgevoerd. Ook speelt hier dat met ingang van 2026 de financieringssystematiek wordt aangepast. Wat de nieuwe systematiek voor de gemeentelijke financiën betekent, hangt af van de keuzes die in de verdere uitwerking worden gemaakt. De komende jaren werken het rijk en de gemeenten deze systematiek uit. De basis voor deze uitwerking is de het “rapport Samen werken aan maatschappelijke opgaven met financiën in balans.” Met de septembercirculaire gemeentefonds heeft het rijk de terugval van het gemeentefonds voor 2026 ten dele gerepareerd. De urgentie en de zorg ten aanzien van de uitvoering van de grote opgaven, waaronder bijstandsverlening, jeugd, ruimtelijke ordening en de ambitie om in 2030 klimaatneutraal te zijn, vraagt om een goede en voldoende structurele financiering. Adequaat rijksbeleid voor de gemeentelijke financiering is hierbij onontbeerlijk.
11
In de onderstaande tabel treft u de actualisatie van de raming van het gemeentefonds aan. Onder de tabel worden de afzonderlijke onderwerpen toegelicht. De genoemde cijfers zijn exclusief de bijstellingen voor loon- en prijscompensatie omdat deze uiteindelijk neutraal zijn voor de begroting. In het programma Financiën wordt nader ingegaan op dit onderwerp. Tabel I Budgettair vertrekpunt
Incidenteel (bedragen * € 1.000)
2023 e.v.
Structureel 2023
2024
2025
2026
Actualisatie accresraming t/m 2026 (volume)
63.000 94.000 118.000 118.000
Herverdeling gemeentefonds
-4.150 -12.450 -20.750 -20.750
Opschalingskorting
0
Budgettair vertrekpunt
0
0 -30.000
58.850 81.550 97.250 67.250
Uitgesplitst per onderdeel, kent de ontwikkeling van de algemene uitkering de volgende onderdelen: a) Het accres betreft de stijging van het accres ten opzichte van de vorige vastgestelde gemeentebegroting. Het betreft hier het volumeaccres. Dit is breed inzetbaar. Het volumeaccres loopt cumulatief op tot € 118 mln. in 2025. Naast het volumeaccres ontvangt de gemeente een nominaal accres. Het nominale accres is bedoeld ter compensatie voor de loon- en prijsontwikkeling. Voor de begroting als geheel is dat neutraal en is daarom niet in deze tabel opgenomen. b) Het gemeentefonds wordt herverdeeld. De herverdeling pakt negatief uit voor Den Haag. De gemeenteraad is hier eerder over geïnformeerd (onder meer RIS307769). In de Maartbrief 2022 heeft het Rijk de exacte kaders gegeven van de herverdeling. Het Rijk kiest voor een ingroeipad waarbij de herverdeling in 2023 voor Den Haag leidt tot een korting van de algemene uitkering met € 7,50 per inwoner. In 2024 en 2025 neemt de korting toe met jaarlijks € 15 per inwoner. Voor Den Haag betekent dit traject een korting op de algemene uitkering die oploopt tot € 20,75 mln. Op basis van een landelijke evaluatie zal door het Rijk worden besloten over het traject vanaf 2026. c) De opschalingskorting is een rijkskorting op het gemeentefonds uit 2012 waarmee gemeenten stapsgewijs voor ongeveer € 1 mld.
structureel worden gekort vanuit de optiek dat gemeenten steeds groter worden (opschalen) en daarmee efficiënter kunnen werken. In het regeerakkoord van het Rijk wordt de oploop van de opschalingskorting van het gemeentefonds tot en met 2025 bevroren, maar niet structureel geschrapt. Dit houdt in dat gemeenten vanaf 2026 rekening moeten houden met een oploop in de opschalingskorting. Voor Den Haag betreft dit jaarlijks € 30 mln.
12
Algemene budgettaire bijstellingen Gemeentebreed moet de begroting worden bijgesteld op een aantal onontkoombare ontwikkelingen. Dit zijn bijstellingen onafhankelijk van het gevoerde beleid. Deze bijstellingen geven een structureel nadeel van € 43 mln. negatief per 2026. Dit nadeel is in deze begroting opgelost. Bijna de helft van dit bedrag wordt gevormd doordat de begroting 2022-2025 is vastgesteld met een nog in te vullen taakstelling van jaarlijks ruim € 19 mln.. Met deze begroting is deze taakstelling verwerkt. Tabel II Algemene budgettaire bijstellingen Incidenteel (onvermijdelijke tegenvallers) (bedragen * € 1.000) 2023 e.v. a Doorwerking CAO gemeenten 2021-2022 b
Structureel 2023
2024
2025
2026
-14.537
-14.537
-14.537
-14.537
-19.288
-19.288
-19.288
-19.288
-6.800
-3.800
-3.800
-3.800
c
Op te lossen begrotingstekort begroting 20222025 Dividendbijstellingen verbonden partijen
d
Volumebijstelling belastinginkomsten
1.300
1.700
1.900
2.675
e
Reclame-inkomsten
1.500
1.500
1.500
1.500
f
2.913
0
0
0
-2.913
0
0
0
931
931
931
-1.836
-3.600
-3.600
-3.370
-3.370
i
Bespaarde rente Toevoegen bespaarde rente aan algemene reserve Bijstelling areaal Beëindigen winstafdracht uit reserve grondbedrijf Erfpacht
-4.500
-4.500
-3.000
-3.000
j
Opruimen verf-/oliesporen en drugsafval
-250
-250
-250
-250
Overdracht asbestsanering aan ODH
-155
-155
-155
-155
Raadsenquête Amare Structurele beheer en exploitatielasten/afschrijving KJ-stalling
-1.350
0
0
0
-500
-500
-500
-500
Wettelijke taken verkeersmanagement
-500
-500
-500
-500
g h
Totaal algemene budgettaire bijstellingen
-47.749 -42.999 -41.069 -43.061
a)
In december 2021 is een nieuwe CAO voor gemeenteambtenaren voor 2021 en 2022 afgesloten. De CAO-lonen stijgen met 1,5% in 2021 (per december) en 2,4% in 2022 (per april). Ook is een minimumsalaris van € 14 afgesproken. Deze loonstijging is hoger dan begroot. De extra lasten betreffen € 14,5 mln. per 2023.
b)
In november 2021 stelde de gemeenteraad de programmabegroting 2022-2025 vast onder financiële onzekerheden over de herverdeling van het gemeentefonds, de mogelijke afschaffing van de opschalingskorting en aanvullende compensatie voor taken in het sociaal domein. Met deze begroting wordt de resterende taakstelling in de begroting verwerkt.
c)
Jaarlijks worden de verwachte dividendopbrengsten geactualiseerd op basis van de ontvangen bedragen in het lopende jaar en de meerjarenperspectieven van de betrokken deelnemingen. Dit geeft aanleiding voor de volgende bijstellingen: De dividenduitkering Stedin wordt met € 3,8 mln. neerwaarts bijgesteld tot een uitkering van jaarlijks € 2,15 mln. Dit is het gevolg van de investeringen in het kader van de energietransitie. Het verminderde reizigersaantal beïnvloedt de bedrijfsvoering van HTM. Ook in het lopende jaar (2022) ontvangt HTM daarom financiële steun van het Rijk. Voorwaarde voor de steun van het Rijk is dat geen dividend in 2023 wordt uitgekeerd. Voor Den Haag betekent dat € 3 mln. minder dividendopbrengsten.
d)
Door autonome ontwikkelingen nemen de belastingopbrengsten toe. Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen die zich voordoen bij ongewijzigd beleid. Het gaat bijvoorbeeld om meer OZB opbrengsten omdat het aantal woningen toeneemt, of omdat er meer honden zijn. Het aantal opgelegde aanslagen voor hondenbelasting is sinds 2021 toegenomen. Daarom worden deze inkomsten per 2022 met € 0,2 mln. verhoogd. 13
-
De volumestijging (areaal uitbreiding en verbetering van het bestaande vastgoed) van de OZB is naar boven bijgesteld. In de eerste jaren is de bijstelling € 0,5 mln. Dat loopt op tot € 1,8 mln. in 2026. Inkomsten toeristenbelasting wordt voor 2026 met € 0,6 mln. bijgesteld op basis van een (historisch gemiddelde) groei van het aantal overnachtingen met 4% per jaar.
e)
De gemeente ontvangt inkomsten voor reclame-uitingen in de buitenruimte. In 2022 is door HTM een nieuw contract afgesloten voor reclames bij haltevoorzieningen voor het openbaar vervoer (Abri’s) voor de komende zeven jaar. Dit heeft als effect dat, naar huidige inzichten, reclame-inkomsten structureel toenemen met netto € 1,5 mln.
f)
Den Haag hanteert de systematiek van de bespaarde rente. Deze systematiek gaat ervan uit dat alle bezittingen van de gemeente met vreemd vermogen worden gefinancierd. In werkelijkheid financiert de gemeente zijn bezittingen deels met eigen vermogen (reserves en voorzieningen). Dit leidt tot een rentevoordeel. Dit wordt deels ingezet voor bestaande afspraken (zoals om bepaalde voorzieningen jaarlijks aan te passen aan het actuele prijspeil). De (vrije) bespaarde rente voor 2023 is begroot op € 2,9 mln. en wordt toegevoegd aan de algemene reserve. Dit vormt onderdeel van het herstelplan om het niveau van de algemene reserve weer op peil te brengen.
g)
Den Haag groeit. Het aantal inwoners en woningen neemt de komende jaren toe. Een groeiende stad brengt echter ook meer kosten voor de gemeente met zich mee. De gemeentebegroting daarom meegroeien, zodat de gemeente hetzelfde niveau aan voorzieningen kan blijven bieden. De bijstelling gebeurt op basis van de Areaalsystematiek (RIS 302477). Omdat de stad in 2021 minder snel is gegroeid dan geraamd, kunnen structureel middelen vrijvallen. De jaarschijf 2026 wordt voor het eerst aan de begroting toegevoegd.
h)
De Reserve Grondbedrijf dient als buffer om risico’s met betrekking tot grondexploitaties op te vangen. Jaarlijks wordt een bedrag onttrokken aan deze reserve voor de dekking van het programma Stadsontwikkeling en Wonen. Deze afspraak stamt uit 2004, toen de gemeente grootschalig grondexploitaties voerde op nieuwbouwlocaties. Het grondbedrijf is structureel verlieslatend: grondexploitaties kosten meer dan dat ze opbrengen. Als voordelen worden gerealiseerd komt dat doorgaans doordat risico's niet zijn opgetreden of de kosten lager zijn uitgevallen dan begroot. De komende jaren krimpt het grondbedrijf c.q. de Reserve Grondbedrijf. De jaarlijkse afdracht is op termijn niet vol te houden. Om deze reden is de gemeente een aantal jaren geleden begonnen aan een afbouw van de afdracht uit de Reserve Grondbedrijf. Met deze begroting komt de afdracht helemaal te vervallen.
i)
Het Haagse erfpachtstelsel is sinds 1911 een vast instrument binnen het grondbeleid van de gemeente en stimuleert de stedelijke ontwikkeling. Het vormt daarmee een vaste inkomstenbron van de gemeente. De begrote inkomsten zijn in de vastgestelde begroting te positief geraamd. Voor lopende contracten vindt eens in de vijf jaar een herziening plaats van de te betalen erfpachtcanon. Deze wordt op basis van de marktrente bepaald en is de afgelopen jaren sterk gedaald tot onder het niveau waar in de begroting rekening mee wordt gehouden. Voor 2022 geldt een lage rente van 0,9% voor rechten die dit jaar worden herzien, voor een periode van 5 jaar. De marktrente stijgt sinds enige maanden. Als deze trend doorzet, stijgen canonpercentages op langere termijn weer. Op basis van de huidige inzichten wordt daarom voorgesteld de begroting voor bij te stellen met € 4,5 mln. negatief tot en met 2024 en € 3 mln. vanaf 2025. Erfpacht wordt periodiek herijkt op actuele ontwikkelingen.
j)
Tot slot zijn enkele onontkoombare en onuitstelbare onderwerpen waar feitelijk geen beleidskeuzes in zijn te maken verwerkt. Het betreft: a. de uitvoering van de wettelijke taak van het opruimen van verf- en oliesporen en drugsafval. De gemeente wordt er de afgelopen jaren mee geconfronteerd dat de kosten hiervoor toenemen; b. de overdracht van asbestsanering aan de Omgevingsdienst Haaglanden (OHD). Bij de overdracht van de asbestsanering aan de OHD bleken de kosten voor asbestsanering hoger dan begroot. Met deze begroting wordt dit rechtgezet; c. de kosten van de raadsenquête Amare; d. de uitvoering van de wettelijke taken verkeersmanagement. Het betreft hier kosten voor wegomleidingen, assistentie bij ongelukken en dergelijke. De gemeente wordt er de afgelopen jaren mee geconfronteerd dat de kosten hiervoor toenemen ten opzichte van de in de begroting opgenomen bedragen.
14
In de onderstaande tabel treft u de optelsom aan van de ontwikkelingen in het gemeentefonds de overige algemene budgettaire bijstellingen. Tabel III Subtotaal budgettair kader
Incidenteel (bedragen * € 1.000)
2023 e.v.
Structureel 2023
2024
2025
2026
Budgettair vertrekpunt (tabel I)
58.850
81.550
97.250
67.250
Algemene budgettaire bijstellingen (tabel II)
-47.749 -42.999 -41.069 -43.061
Subtotaal budgettair kader
11.101 38.551 56.181 24.189
Intensiveringen In de onderstaande tabel zijn de investeringen uit het coalitieakkoord opgenomen. Deze zijn in de voorliggende begroting verwerkt. Deze intensiveringen zijn toegelicht in de desbetreffende beleidsprogramma’s. In het coalitieakkoord is afgesproken de parkeertarieven te verhogen om investeringen in mobiliteit mogelijk te maken. De meeropbrengsten maken onderdeel uit van de intensiveringen op het programma mobiliteit. Dit leidt in 2025 en 2026 per saldo tot hogere inkomsten op programma mobiliteit dan dat er geïntensiveerd wordt in die jaarschijven. Tabel IV Intensiveringen (bedragen * € 1.000) Programma 01 - Gemeenteraad Programma 03 - Duurzaamheid, Milieu en Energietransitie Programma 04 - Openbare orde en Veiligheid
Incidenteel 2023 e.v.
Programma 05 - Cultuur en Bibliotheek
2023 -400
Structureel 2024 2025 -400 -400
2026 -400
-200
-4.000
-4.000
-4.000
-4.000
-6.250
-2.650
-2.650
-2.650
-2.650
-400
-3.500
-3.500
-4.400
-4.400
-1.500
-2.000
-2.500
-4.500
-500
-1.000
-1.500
-2.000
Programma 06 - Onderwijs Programma 07 - Werk en Inkomen Programma 08 - Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid Programma 09 - Buitenruimte
-32.000 -3.000
-11.500 -12.900
-12.900 -12.400
-11.000
-2.200
-3.400
-4.400
-7.000
Programma 10 - Sport
-3.000
-500
-500
-500
-500
Programma 11 - Economie
-6.300
-3.800
-3.800
-3.800
-3.800
Programma 12 - Mobiliteit
-5.500
-3.580
-3.650
3.100
3.850
Programma 13 - Stadsontwikkeling en Wonen Programma 14 - Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening Programma 15 - Financiën
-8.000
-5.950
-6.400
-6.800
-7.200
-12.600
-3.450
-4.550
-4.550
-4.650
-30.000
0
0
0
0
-1.150
-4.175
-5.925
-7.225
-7.825
0
-3.000
-4.500
-6.200
-6.200
0
0
-3.000
-5.000
-8.000
Programma 16 - Overhead Diverse programma's Exploitatie, beheer en onderhoud maatschappelijk vastgoed Investeringsruimte (via investeringssystematiek) voor integrale huisvestingsplannen (onderwijs, cultuur, sport, zorg en welzijn) Subtotaal intensiveringen
-119.400 -50.705 -62.175 -63.725 -71.675
15
Ruimte maken voor knelpunten en intensiveringen In de onderstaande tabel zijn de maatregelen opgenomen die de ruimte bieden de knelpunten en intensiveringen te dekken. Tabel V Dekking voor intensiveringen
Incidenteel
(bedragen * € 1.000)
Structureel
2023 e.v.
2023
2024
2025
2026
Verhogen OZB
0
16.900
16.900
16.900
16.900
Kostendekkend maken tarief afvalstoffenheffing
0
10.000 10.000
10.000
10.000
Kostendekkend maken rioolrecht
0
3.600
3.600
3.600
3.600
Verhogen toeristenbelasting
0
0
1.000
1.000
1.000
Vrijval reserve Rotterdamse baan
35.000
0
0
0
0
Inzetten BUIG reserve Vrijval reserves, inclusief nog te ontvangen coronacompensaties Taalaanpak bekostigen via herprioriteren binnen stedelijk onderwijs beleid Vrijval toezicht kinderopvang door structurele rijksbijdrage Maatregelenpakket Wmo
30.000
0
0
0
0
14.800
0
0
0
0
0
500
500
1.000
1.000
0
320
320
320
320
0
0
3.000
4.000
5.000
Afschaffen met kapvergunning achtertuinen
0
150
150
150
150
Stoppen subsidie OZB startende ondernemers
0
500
500
500
500
Taakstelling gemeentelijk apparaat
0
500
1.500
3.000
9.000
Subtotaal dekking intensiveringen
79.800 32.470 37.470 40.470 47.470
Mede tegen de achtergrond van de financiële opgave waarvoor de gemeente staat is de omvang van de gemeentelijke inkomsten beoordeeld. Dit heeft geleid tot de volgende maatregelen: • OZB: We verhogen de OZB-opbrengsten met een bedrag van circa € 16,9 miljoen per jaar. • Gemeentelijke heffingen: de afvalstoffenheffing, een dienst die in beginsel kostendekkendheid wordt doorberekend aan de gebruikers, maken we volledig kostendekkend. Ook passen we dit principe toe bij de rioolheffing; • Toeristenbelasting: wij verhogen de toeristenbelasting naar een bedrag van € 6 normaaltarief en € 2,75 euro laagtarief. Dit gaat in per 1 januari 2024 en het tarief geldt tot en met 2026. Daarna worden nieuwe tariefafspraken gemaakt. • Incidenteel geld vrijmaken vanuit vrije ruimte reserves: door het laten vrijvallen van diverse reserves zoals Rotterdamse Baan, vrijval corona-compensatiemiddelen en, in het geval van de BUIG, deze direct aan te wenden voor de extra uitstroom BUIG/Stip, kunnen middelen worden ingezet binnen het budgettair kader. • We maken geld vrij door het stoppen met kapvergunningen in achtertuinen, het schrappen van de OZBvrijstelling voor startende ondernemers en een maatregelenpakket op de WMO, zodat er financiële ruimte ontstaat ter dekking van intensiveringen.
Een deel van de intensivering van de aanpak laaggeletterdheid financieren wij door een herprioritering van de inzet binnen het programma onderwijs. • De gemeentelijke organisatie werkt aan minder bureaucratie, kortere lijnen naar bewoners en ondernemers, betere en gestroomlijndere dienstverlening en optimale IT. Deze manier van werken leidt ertoe dat er sneller en oplossingsgericht gewerkt kan worden en daarmee dus goedkoper. De inschatting is dat de taakstelling hiermee grotendeels kan worden ingevuld. Tegen die achtergrond werken we met een langzaam oplopende taakstelling op het gemeentelijk apparaat ter grootte van € 9 mln. in 2026. Naast de hierboven genoemde maatregelen is in het coalitieakkoord afgesproken de parkeertarieven te verhogen. De verhoging van deze tarieven wordt gebruikt om investeringen in mobiliteit mogelijk te maken. De meeropbrengsten maken onderdeel uit van de intensiveringen op het programma mobiliteit en ontbreken daarom in het bovenstaande overzicht. Met de bovenstaande maatregelen zorgt de gemeente ervoor dat de begroting de komende jaren sluitend blijft. In de financiële begroting zijn de jaarschijven gematcht zodat elk jaar sluitend blijft. 16
Tabel VI Totaal begroting
Incidenteel (bedragen * € 1.000) 2023 e.v.
Budgettair vertrekpunt
2023
Structureel 2024 2025
2026
0 58.850 81.550 97.250 67.250 0 -41.069 47.749 42.999 43.061 -119.400 -62.175 -63.725 50.705 71.675 79.800 32.470 37.470 40.470 47.470
Totaal algemene budgettaire bijstellingen Subtotaal intensiveringen Subtotaal dekking intensiveringen
-39.600
-7.134 13.846 32.926
-16
Investeringsbegroting en co-financieringsfonds Naast de intensiveringen zijn in deze begroting twee beleidswijzigingen waarop specifiek de aandacht wordt gevestigd: de Investeringsbegroting en het cofinancieringsfonds. Er komt een investeringsbegroting voor ruimtelijk fysieke investeringen in gemeentelijke eigendommen. Daarmee wordt een integrale afweging voor investeringen mogelijk en ontstaat een mechanisme om te prioriteren en middelen te alloceren. De structurele dekking van de benodigde kapitaallasten is een waarborg voor vervanging op termijn. Hiervoor is het noodzakelijk om te beschikken over een integraal inzicht en overzicht. Wat is, vooruitkijkend, aan investeringen gewenst en welke middelen zijn hiervoor beschikbaar? Er zijn eerder stappen gezet om dit in beeld te brengen. Denk hierbij aan de Integrale huisvestingsplannen (IHP) en het meerjarig programma kunstwerken (MJPK). Dit leidt deze raadsperiode voor het MJPK tot een extra investeringsvolume van circa € 80 mln. en voor de IHP’s van circa € 160 mln. Hiertoe is een structurele oplopende reeks kapitaallasten in de investeringsbegroting opgenomen. Kern is dat de investeringsbegroting jaarlijks, inclusief de benodigde dekking, wordt geactualiseerd zodat besluitvorming daarover onderdeel wordt van de begrotingsvoorbereiding en -vaststelling.
Deze methodiek maakt het ook het mogelijk om aan de investeringskant rekening te houden met de groei van de stad. Met deze begroting wordt een co-financieringsfonds ingesteld. In eerste instantie bevat het cofinancieringsfonds € 30 mln. (waarvan de helft voor Zuidwest wordt gereserveerd). Daarnaast voeden we het co-financieringsfonds met onder andere overschotten uit toekomstige jaarrekeningen. Het cofinancieringsfonds krijgt een belangrijke positie binnen het gemeentelijk financieel stelsel. Dat doen we omdat het Rijk, de provincie, Europa, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en mogelijke andere partijen doelstellingen hebben die overeenkomen met de onze. Voor veel van onze plannen zijn er daardoor zeer goede mogelijkheden voor externe (mede)financiering. Doel van het co-financieringsfonds is om de grote opgaven in de stad op het terrein van wonen, mobiliteit, maatschappelijke ontwikkeling, klimaat en gebiedsontwikkeling, waar we het Rijk en andere partijen bij nodig hebben, helpen te realiseren door aan de eis van meebetalen te kunnen voldoen. We willen meer Europese middelen binnenhalen, daartoe benutten we onder andere ook onze internationale netwerken. De uitwerking hiervan zal komend halfjaar plaatsvinden.
17
Kengetallen Den Haag
(peildatum 1/1/2022)
Bron: Basisregistratie Personen (BRP) en Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
Bevolkingssamenstelling Aantal inwoners naar leeftijd (in jaren) 0-4 5 - 14 15 - 19
Bevolkingsgroei
4.143
29.495 60.969 31.647
5.999
0,8%
205.217
20 - 44
4.545
143.216
45 - 64
63.235
65 - 79 80+
Geboorte- en sterftecijfers
19.527
Totaal
Migratie binnenlands
Absolute en relatieve verandering van het aantal ingeschreven personen ten opzichte van begin 2021
553.306
natuurlijke bevolkingsgroei
Migratie buitenlands
Verandering in de samenstelling van de Haagse bevolking
20.434
aantal personen uit de Middenen Oost- Europese EU-landen
vestigers uit het buitenland
vestigers uit het binnenland
1.454
2.415
5.016
vertrekkers
vestigers
21.663 26.372
12.110 vertrekkers naar het buitenland
vertrekkers naar het binnenland
Aantal huishoudens
278.233
Aantal nationaliteiten dat ten minste 500 keer voorkomt
36
19,5%
excl. niet geregistreerde gepriviligeerden
excl. niet geregistreerde gepriviligeerden
Zorg en Welzijn Aantal inwoners ouder dan 75 jaar
Percentage Hagenaars zonder Nederlandse nationaliteit
Werk Percentage jeugdigen van 0 tot 23 jaar
Aantal ingeschreven personen tussen 15 en 75 jaar (potentiele beroepsbevolking)
30.625 Demografische druk de verhouding tussen het aantal personen van 0 - 19 jaar en 65 jaar of ouder en de personen van 20 - 64 jaar
58,8%
26,2% 20 - 64
0 - 19 > 65 jaar
op
1
1,70
432.217 Aantal ingeschreven personen bij UWV zonder werk en werkzoekend UWV
37.461 Bron: UWV
2 Programma’s 2.1 Gemeenteraad Portefeuillehouder: Presidium
Beoogd maatschappelijk effect: wat willen we bereiken? De gemeenteraad is het hoogste bestuurlijke orgaan van de gemeente en vertegenwoordigt alle inwoners van Den Haag. De gemeenteraad vormt samen met het college van burgemeester en wethouders het bestuur van de stad. De gemeenteraad stelt de kaders, heeft het budgetrecht en controleert het beleid van het college. De gemeenteraad telt 45 leden. Ze worden om de vier jaar gekozen door de inwoners van Den Haag. De griffie ondersteunt de gemeenteraad. De griffie biedt dienstverlening aan de raad en de raadscommissies bij vergaderingen en de communicatie over het werk van raad. De griffie ondersteunt ook het contact tussen de raad en de inwoners van Den Haag. Onder dit programma vallen ook de gemeentelijke rekenkamer en de gemeentelijke ombudsman: De gemeentelijke rekenkamer doet onafhankelijk onderzoek naar de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het beleid dat het gemeentebestuur voert. De gemeentelijke ombudsman behandelt klachten van bewoners en instellingen over de gemeentelijke organisatie. De ombudsman is onafhankelijk. Programma op hoofdlijnen bedragen x € 1.000 Begroting 2022
2023
2024
2025
2026
Lasten
9.446
10.681
10.080
10.080
10.080
Baten
35
35
35
35
35
9.411
10.646
10.045
10.045
10.045
Toevoegingen
0
0
0
0
0
Onttrekkingen
0
0
0
0
0
9.411
10.646
10.045
10.045
10.045
Saldo exclusief reserves
Saldo inclusief reserves
In het programma gemeenteraad wordt in 2023 € 10,7 mln. aan lasten gerealiseerd. Dit bedrag wordt in zijn geheel gedekt uit de algemene middelen (op een kleine baat na van € 0,04 mln.). De kosten binnen het programma worden voor 82% gemaakt binnen de onderdelen bestuursondersteuning gemeenteraad, apparaatskosten gemeenteraad en de gemeenteraad zelf. De overige 18% komen voor rekening van de ombudsman en de rekenkamer. 19
Wat gaan we doen en wat gaat het kosten in 2023? Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten 1.894 0
Gemeenteraad Wat gaan we daarvoor doen?
Saldo 1.894
Apparaatskosten Gemeenteraad Wat gaan we daarvoor doen?
Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten Saldo 3.566 0 3.566
Bestuursondersteuning Gemeenteraad Wat gaan we daarvoor doen?
Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten Saldo 3.287 0 3.287
• • • • •
Het verzorgen van de vergoedingen aan raadsleden en fracties. Het organiseren van commissie- en raadsvergaderingen en besluitvorming door de raad. Alle communicatie-uitingen van de raad, zowel op papier als via social media. Het begeleiden van duale werkgroepen De Rekeningencommissie onderzoekt de programmarekeningen en het door het college gevoerde financiële beheer.
Contact tussen inwoners en raad Bij elke reguliere raadsvergadering zijn inwoners van Den Haag aanwezig. Ze worden uitgenodigd om als ‘gast van de raad’ de raadsvergadering bij te wonen. Verder organiseert de raad een aantal sessies per jaar in een stadsdeel onder de noemer ‘Raad in de stad’. Bewoners uit een stadsdeel gaan dan in gesprek met de raadsleden. Aandachtspunten begroting 2023 De raad heeft op 14 juli 2021 de motie ‘Versterken hoogste orgaan’ aangenomen. Hierin is het presidium opgeroepen om ten behoeve van de raad 2022-2026 te onderzoeken op welke wijze en met welk extra budget het hoogste orgaan het beste kan worden versterkt. Dit in samenhang met het bestuurlijk stelsel, waaronder extra mogelijkheden tot het inwinnen dan wel bevorderen van specifieke deskundigheid en tot versterking van het budgetrecht en de controlerende rol van de raad, en dit aan de nieuwe raad voor te leggen. Het presidium heeft op 8 maart 2022 een afdoening motie aan de raad gestuurd met daarin een voorstel hoe deze motie uit te voeren. Het voorstel is structureel € 1,5 mln. extra aan raad en raadsorganisatie beschikbaar te stellen (i.c. € 0,5 mln. voor fractieondersteuning, € 0,5 mln. voor griffie, € 0,3 mln. voor rekenkamer en ombudsman en € 0,2 mln. als flexibele buffer voor fracties c.q. griffie voor onvoorziene uitgaven). In het coalitieakkoord 2022-2026 is jaarlijks € 0,4 mln.
extra beschikbaar gesteld. Het presidium heeft besloten dit bedrag op een gelijke manier over de fracties (€ 133.333), de ombudsman (€133.333) en de griffie (€133.333) te verdelen. In 2023 zal de enquêtecommissie Amare starten met de openbare verhoren. Aan de uitvoering van de raadsenquête Amare zijn ook in 2023 kosten voor de raadsorganisatie verbonden. Voor de kosten van de enquêtecommissie Amare wordt in 2023 € 0,6 mln. beschikbaar gesteld. Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten Saldo 947 35 912
Ombudsman Wat gaan we daarvoor doen?
Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten 987 0
Rekenkamer Wat gaan we daarvoor doen?
20
Saldo 987
Naast het behandelen van klachten over de gemeente voert de ombudsman ook de antidiscriminatievoorziening uit. De middelen hiervoor zijn met ingang van de begroting 2020 toegekend aan de ombudsman vanuit een ander programma. Ze zijn dus niet meer opgenomen in programma 1.
Financiële overzichten Lasten (incl. reserves)
2022
2023
2024
bedragen x € 1.000 2025 2026
Lasten Vastgestelde begroting 2022-2025
9.159
9.132
9.131
9.131
0
0
0
0
0
0
9.159
9.132
9.131
9.131
0
Budgettair kader
0
600
0
0
0
Intensiveringen
0
400
400
400
400
Reeds goedgekeurde mutaties Subtotaal actuele begroting 2022-2025
Dekking voor intensiveringen
0
0
0
0
0
Overige (neutrale) mutaties
287
549
549
549
9.680
9.446
10.681
10.080
10.080
10.080
Lasten Ontwerpbegroting 2023-2026
bedragen x € 1.000 2025 2026
2022
2023
2024
Baten Vastgestelde begroting 2022-2025
35
35
35
35
0
Reeds goedgekeurde mutaties
0
0
0
0
0
Subtotaal actuele begroting 2022-2025
35
35
35
35
0
Budgettair kader
0
0
0
0
0
Intensiveringen
0
0
0
0
0
Dekking voor intensiveringen
0
0
0
0
0
Overige (neutrale) mutaties
0
0
0
0
35
Baten Ontwerpbegroting 2023-2026
35
35
35
35
35
Baten (incl. reserves)
21
2.2 College en bestuur Portefeuillehouder: Jan van Zanen
Beoogd maatschappelijk effect: wat willen we bereiken? Onder dit programma vallen de activiteiten en kosten van burgemeester en wethouders. Verder vallen hieronder: de gemeentelijke bijdragen aan de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Programma op hoofdlijnen bedragen x € 1.000 Begroting 2022
2023
2024
2025
2026
Lasten
8.188
11.438
10.600
10.600
10.600
Baten
0
0
0
0
0
8.188
11.438
10.600
10.600
10.600
Toevoegingen
0
0
500
1.000
1.000
Onttrekkingen
0
0
0
0
0
8.188
11.438
11.100
11.600
11.600
Saldo exclusief reserves
Saldo inclusief reserves
Het college van B en W maakt in 2023 € 11,4 mln. kosten voor de uitvoer van het programma. Deze lasten worden geheel gedekt uit de algemene middelen. De uitvoer van het programma zal voor 45% bestaan uit de kosten van het college van B en W en het kabinet en protocol. Daarnaast zal 35% plaatsvinden op het gebied van bestuurlijke samenwerking. Dit betreft de bijdrage aan de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de contributie aan de VNG. De overige 20% zal bestaan uit kosten rondom verkiezingen.
22
Wat gaan we doen en wat gaat het kosten in 2023? College van BenW Wat gaan we daarvoor doen?
Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten 5.194 0
Saldo 5.194
Bestuurlijke samenwerking Wat gaan we daarvoor doen?
Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten 4.002 0
Saldo 4.002
Metropoolregio Rotterdam Den Haag Den Haag werkt samen met 22 andere gemeenten in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Doel: het verbeteren van de bereikbaarheid en het versterken van de werkgelegenheid in de regio. Voorjaar 2023 wordt een vernieuwde strategische agenda vastgesteld met de prioriteiten voor de komende 4 jaar. De gemeente wordt dan gevraagd daarover een zienswijze in te dienen. Corona Sinds corona staat de exploitatie van het openbaar vervoer zwaar onder druk. De verwachting is dat ook in 2023 minder mensen gebruik maken van het openbaar vervoer. De gemeente overlegt momenteel met het Rijk over een financieel vangnet voor 2023. Afgelopen jaren bood het Rijk een beschikbaarheidsvergoeding. Groeiagenda Zuid-Holland De Metropoolregio Rotterdam Den Haag is partner in de Groeiagenda Zuid-Holland. De Groeiagenda is een ambitieuze actie- en investeringsagenda van 80 overheden, bedrijven en kennisinstellingen in ZuidHolland. De Groeiagenda biedt een gemeenschappelijke basis voor ideeën en voorstellen voor volgende tranches van het Nationaal Groeifonds en Europese groei- en herstelfondsen. Raadsonderzoek Amare Het Rekenkameronderzoek naar de ontwikkeling en realisatie van Amare heeft bij de gemeenteraad vervolgvragen opgeroepen. Naar aanleiding hiervan is in mei 2022 een onderzoekscommissie vanuit de gemeenteraad gestart.
De raad heeft op 4 november 2021 besloten tot het houden van een raadsonderzoek. Het onderzoek is medio 2022 van start gegaan. Om dit raadsonderzoek te ondersteunen is een projectorganisatie ingericht. Deze heeft onder meer tot doel: • •
ordenen en leveren van informatie op basis van vragen van de onderzoekscommissie, desgevraagd faciliteren van (oud-)medewerkers en (oud-)bestuurders die door de onderzoeksommissie worden geïnterviewd of als getuige worden gehoord in een verhoor.
Het raadsonderzoek loopt door tot in 2023. Wat mag het kosten (€1.000) Lasten Baten 2.242 0
Verkiezingen Wat gaan we daarvoor doen?
Saldo 2.242
Verkiezingen Op woensdag 15 maart 2023 vindt de verkiezing van de leden van Provinciale Staten van Zuid-Holland én de Waterschapsverkiezing van het Hoogheemraadschap van Delfland plaats. In de organisatie van deze verkiezingen hebben we te maken met twee belangrijke grote nieuwe ontwikkelingen. In de nieuwe Kieswet is opgenomen dat bij elk onverklaard telverschil tijdens de telling op de stembureaus, de stembus opnieuw geteld moet worden. Door deze wetswijziging is het praktisch niet uitvoerbaar om de stemmen op de verkiezingsdag te tellen op partij- én kandidaatsniveau. Daarom kiest de gemeente Den Haag voor een centrale stemopneming (CSO). Bij een CSO wordt op het stembureau na het sluiten van de stemming geteld op partijniveau. De dag(en) erna wordt de stembus door een nieuwe ploeg op een centrale locatie geteld op kandidaatsniveau. Er is een apart projectteam samengesteld met alle disciplines die nodig zijn om een CSO goed te organiseren. Een andere grote nieuwe ontwikkeling is de komst van de verkiezing voor het kiescollege niet-ingezetenen voor Nederlandse kiezers in het buitenland. Over beide thema’s wordt de gemeenteraad separaat geïnformeerd.
23
Financiële overzichten
Lasten (incl. reserves)
2022
2023
2024
bedragen x € 1.000 2025 2026
Lasten Vastgestelde begroting 2022-2025
8.117
8.057
8.057
8.057
0
0
0
0
0
0
8.117
8.057
8.057
8.057
0
Budgettair kader
0
750
0
0
0
Intensiveringen
0
0
0
0
0
Dekking voor intensiveringen
0
0
0
0
0
Overige (neutrale) mutaties
71
2.631
3.043
3.543
11.600
8.188
11.438
11.100
11.600
11.600
bedragen x € 1.000 2025 2026
Reeds goedgekeurde mutaties Subtotaal actuele begroting 2022-2025
Lasten Ontwerpbegroting 2023-2026
2022
2023
2024
Baten Vastgestelde begroting 2022-2025
0
0
0
0
0
Reeds goedgekeurde mutaties
0
0
0
0
0
Subtotaal actuele begroting 2022-2025
0
0
0
0
0
Budgettair kader
0
0
0
0
0
Intensiveringen
0
0
0
0
0
Dekking voor intensiveringen
0
0
0
0
0
Overige (neutrale) mutaties
0
0
0
0
0
Baten Ontwerpbegroting 2023-2026
0
0
0
0
0
Baten (incl. reserves)
Voorziening Voorziening wachtgeld voormalig collegeleden
Beginsaldo Toevoegingen 2023
bedragen x € 1.000 Aanwendingen Vrijval Eindsaldo 2023
242
0
0
0
242
242
0
0
0
242
24
2.3 Duurzaamheid, milieu en energietransitie Portefeuillehouder: Arjen Kapteijns
Beoogd maatschappelijk effect: wat willen we bereiken? Hete zomers, extreme neerslag, hoge energie- en voedselprijzen, grondstoffen die schaarser en duurder worden en de slechte staat van de natuur. Dat is geen donker toekomstscenario maar de werkelijkheid van dit moment. Daarom is het noodzakelijk om hard te werken aan het tegengaan van de oorzaken van klimaatverandering, met de Haagse energietransitie geven we hier vorm aan. De ambitie van Den Haag is om klimaatneutraal te zijn in 2030. Het is ook nodig om met de gevolgen van klimaatverandering om te gaan. Door maatregelen op het gebied van klimaatadaptatie maken we de stad weerbaar en houden we de stad leefbaar, ook bij weersextremen. Dat we met grote vaart voortgaan met het verduurzamen van de stad heeft het college onderstreept in het nieuwe coalitieakkoord. Binnen dit programma werkt de gemeente samen met bewoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven aan een schone en gezonde stad. We willen een stad die duurzaam, klimaat- en toekomstbestendig is. De gemeente is trots op het groene karakter van Den Haag en wil dit samen met bewoners blijvend versterken. Duurzaamheid is onderdeel van alle begrotingsprogramma’s. Zo is en blijft Den Haag aantrekkelijk om in te wonen en te werken. De gemeente wil de overstap maken naar schone energie en een gezonde leefomgeving.
We doen dit via vier thema’s; energietransitie, leefomgeving, duurzame mobiliteit en grondstoffen. In 2023 worden samen met de raad en stad nieuwe werkagenda’s opgesteld op basis van de nota duurzaamheid. Hiermee gaat de gemeente Den Haag de doelen scherpstellen en het programma bepalen voor de komende tijd. Hiermee vervalt de programmabrief 2023 als toevoeging aan deze begroting. Bij deze begroting wordt ook een toelichtende commissiebrief naar uw raad gestuurd met een toelichting over de nieuw op te stellen werkagenda’s. Thema 1: energietransitie De gemeente werkt samen met de stad aan de energietransitie. De urgentie hiervan is nog verder toegenomen door stijgende energieprijzen en dreigende aardgastekorten vanwege instabiele geopolitieke verhoudingen. In het Stedelijk Energieplan (RIS 305064) staat de Haagse koers voor de energietransitie. De Transitievisie Warmte waarvoor een inspraakproces heeft plaats gevonden wordt op korte termijn ter vaststelling aan de Raad aangeboden. De Transitievisie Warmte richt zich op huurders, woningeigenaren, ondernemers, instellingen en bedrijven. De gemeente zorgt voor regie op de verduurzaming van de Haagse elektriciteits- en warmtevoorziening. Concreet betekent dit dat de aanleg van duurzame energiebronnen en warmtenetwerken en het isoleren en aanpassen van de gebouwen wordt bevorderd en ondersteund.
Aanpak energiecrisis Over de Energiecrisis is de raad geïnformeerd via raadsmededelingen op 14 september 2022 en 5 oktober 2022 (RIS 313317). Ook in 2023 zullen wij de ontwikkelingen nauwgezet blijven volgen en maatregelen nemen om de gevolgen van de energiecrisis voor de Haagse bevolking, bedrijven en instellingen zoveel mogelijk te beperken en de leveringszekerheid veilig te stellen. Wij zullen u hierover regelmatig op de hoogte stellen zolang de crisis voortduurt. De gemeente helpt eigenaren van woningen en gebouwen om hun panden te isoleren en klaar te maken voor de overgang naar schone energie. Als gemeente geven we zelf het goede voorbeeld door de eigen huisvesting, vervoer en inkoop van goederen en diensten steeds verder te verduurzamen. Ook zetten we in op de verduurzaming van sportaccommodaties en van openbare verlichting. Thema 2: duurzame leefomgeving De gevolgen van klimaatverandering zijn nu merkbaar. De groei van de stad en het veranderende klimaat zorgen voor uitdagingen We maken daarom de stad zoveel mogelijk weerbaar tegen droogte, hitte en wateroverlast. Concrete milieu- en klimaatmaatregelen worden in 2023 meer dan voorheen onderdeel van het stedelijk ontwerp en de (her)inrichting van de openbare ruimte.