CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS313410 bijlage 2 Geredigeerd

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Commissiebrief: Besluiten op bezwaar inzake omgevingsvergunning bouwplan Duinpaviljoens Noordelijk Havenhoofd (RIS313410)1.776 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adviescommissie bezwaarschriften

Ons kenmerk

B.2.21.4317.001 t/m B.2.21.4317.002

Advies aan burgemeester en wethouders Bezwaarschriften van

Stichting SOS Den Haag R.B. van Heijningen namens Vereniging Vrienden van Den Haag

Bestreden besluit

verlening omgevingsvergunning Strandweg 1

Den Haag 9 augustus 2022, Samenvatting Er is bezwaar ingediend tegen de verleende omgevingsvergunning voor het bouwen van een rij duinpaviljoens. De commissie is van oordeel dat er in voldoende mate is gekeken naar alle aspecten van de aanvraag en dat een zorgvuldige beoordeling van de aanvraag heeft plaatsgevonden. De commissie adviseert om de bezwaren ongegrond te verklaren. Inleiding Bij besluit van 11 oktober 2021 is namens burgemeester en wethouders de aanvraag voor het bouwen van een rij duinpaviljoens toegekend. Hiertegen zijn bezwaarschriften ingediend door Stichting SOS Den Haag bij brief van 17 november 2021 en door R.B. van Heijningen namens Vereniging Vrienden van Den Haag bij brief van 22 november 2021. Hoorzitting Op 20 april 2022 heeft de Adviescommissie bezwaarschriften (hierna: de commissie) een hoorzitting gehouden. Het verslag van deze hoorzitting treft u hierbij aan. De commissie baseert haar advies op het procesdossier en de overige, bij de partijen bekende stukken. Overwegingen van de commissie a.

Ontvankelijkheid

Beide bezwaarmakers zijn stichtingen/ verenigingen die een bepaalde kijk hebben op de Haagse ruimtelijke plannen en overeenkomstig in bezwaar gaan als zij het niet eens zijn met een omgevingsvergunningverlening. De te bouwen duinpaviljoens is een indrukwekkend ruimtelijk plan. Gelet hierop zijn beide bezwaarmakers aan te merken als belanghebbende. Voorts is ook aan de overige in de Awb gestelde eisen voldaan. De commissie adviseert het bezwaar ontvankelijk te achten.

B.2.21.4317.001 t/m B.2.21.4317.002 b.

2

Samenvatting van het bezwaarschrift

De bezwaren die (de gemachtigde van) bezwaarmakers in het bezwaarschrift en tijdens de hoorzitting naar voren hebben gebracht, komen samengevat op het volgende neer:

1. Beeldkwaliteitsplan Bezwaarmakers menen dat de Welstandscommissie niet heeft getoetst aan het Beeldkwaliteitsplan Scheveningen Haven – Noordelijke Havenhoofd (hierna: Beeldkwaliteitsplan) 2. Onjuiste focus commissie Volgens de bezwaarmakers focust de Welstandscommissie op aspecten die niet tot haar competentie behoren. 3. Uiterlijk Paviljoens De paviljoens kennen geen wisseling in voorgevelrooilijn, bouwhoogte en materialen. 4. Afwijking plan van het Beeldkwaliteitsplan hoogteverloop, materialisering en kleurstelling Bezwaarmakers stellen dat het plan afwijkt van het Beeldkwaliteitsplan ten aanzien van het hoogteverloop voor het deel Boulevard Smalle Duinen. 5. Onduidelijkheid over gebruik terras Bezwaarmakers wijzen erop dat het volstrekt onduidelijk is hoe de terrassen aangekleed en gebruikt zullen worden. c.

Inhoudelijke beoordeling bezwaren

Met betrekking tot deze bezwaren en het bestreden besluit overweegt de commissie als volgt: De commissie stelt vast dat bij besluit van 11 oktober 2021 namens burgemeester en wethouders de aanvraag voor het bouwen van een rij duinpaviljoens is toegekend. Tegen dit besluit zijn bezwaarschriften ingediend op 17 en 22 november 2021. Het college heeft in zijn verweerschrift van 2 maart 2022 aangegeven dat het bouwplan is getoetst aan de Welstandsnota. Er is een aantal opmerkingen gegeven met betrekking tot het bouwplan, waarna op 11 oktober 2021 de aangevraagde omgevingsvergunning is verleend. Uit de stukken komt naar voren dat de Welstandscommissie aan de Welstandsnota toetst, maar ook aan het Beeldkwaliteitsplan. In dit Beeldkwaliteitsplan is het toekomstige eindbeeld opgenomen van de te (her)ontwikkelen gebieden. Dit Beeldkwaliteitsplan Scheveningen Haven vormt het toetsingskader voor de integrale kwaliteitsbeoordeling van het Kwaliteitsteam. Wanneer het Kwaliteitsteam positief is over het definitief ontwerp volgt tijdens de vergunningsfase nog een beoordeling door de Welstandscommissie en spitst de welstandsbeoordeling zich toe op de uitwerking, materialisering(details) en de kleurstelling.

In het licht van de uitspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2019:3505) kan worden aangenomen dat het gebruikelijk is om in geval van dergelijke bouwplannen (met een grote impact op het gebied waarin zij worden ontwikkeld), te toetsen aan het Beeldkwaliteitsplan. De toetsing aan het Beeldkwaliteitsplan vindt plaats naast de toetsing aan de Welstandsnota. Een ontwerp voor nieuwbouw moet voldoen aan de algemene criteria van Welstand, maar er wordt tevens gekeken naar het toekomstige eindbeeld, hetgeen

B.2.21.4317.001 t/m B.2.21.4317.002

3

beschreven is in een beeldkwaliteitsplan. De commissie stelt, mede gelet op hetgeen overwogen is in bovengenoemde uitspraak, dat het geen verplichting is op grond van de Welstandsnota om te toetsen aan het Beeldkwaliteitsplan, maar wel een gebruikelijke procedure is in geval van bouwplannen van een zekere mate van impact op de omgeving. Zie hiervoor r.o. 6.1. en 6.2 van voorgenoemde uitspraak: 6.1.

Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen, onder meer in de uitspraak van 3 juli 2019,

ECLI:NL:RVS:2019:2197, mag het college, hoewel het niet aan een welstandsadvies is gebonden en de verantwoordelijkheid voor welstandstoetsing bij hem berust, aan het advies in beginsel doorslaggevende betekenis toekennen. Tenzij het advies naar inhoud of wijze van totstandkoming zodanige gebreken vertoont dat het bestuursorgaan dit niet - of niet zonder meer - aan zijn oordeel omtrent de welstand ten grondslag heeft mogen leggen, behoeft het overnemen van een welstandsadvies in beginsel geen nadere toelichting. Dit is anders indien de aanvrager of een derdebelanghebbende een advies overlegt van een andere deskundig te achten persoon of instantie dan wel gemotiveerd aanvoert dat het welstandsadvies in strijd is met de volgens de welstandsnota geldende criteria. 6.2.

De Welstands- en Monumentencommissie (hierna: de commissie) heeft op 21 maart 2018 een

positief welstandsadvies over het bouwplan uitgebracht. Dit advies heeft het college aan het besluit van 21 december 2018 ten grondslag gelegd. De commissie heeft het bouwplan getoetst aan de Welstandsnota. Daarin is onder 2.3 neergelegd dat nieuwbouw in gebieden die (her)ontwikkeld (gaan) worden om specifieke kaders vraagt. Een ontwerp voor nieuwbouw in deze gebieden moet voldoen aan de algemene welstandscriteria. De omgeving is in die gebieden niet de huidige omgeving, maar het toekomstige eindbeeld. Het eindbeeld kan worden beschreven in een beeldkwaliteitsplan dat door het college wordt vastgesteld. Het beeldkwaliteitsplan is geen onderdeel van de Welstandsnota, maar functioneert bij de toepassing van de Welstandsnota als de te verwachten ontwikkeling van de omgeving, aldus de Welstandsnota. Het college heeft ter zitting toegelicht dat de commissie het bouwplan, zoals dat is aangevraagd, toetst aan de Welstandsnota en daarbij beziet wat de te verwachten eindontwikkelingen voor de openbare ruimte zullen zijn. Uit de Welstandsnota volgt dat, anders dan de Stichting en de Vereniging stellen, de Welstandsnota niet voorschrijft dat een beeldkwaliteitsplan moet worden opgesteld en dat het bouwplan daaraan moet worden getoetst.

De rechtbank heeft dan ook terecht overwogen dat het beeldkwaliteitsplan niet bij de toetsing van het bouwplan aan redelijke eisen van welstand behoeft te worden betrokken.

In geval van het bestreden besluit was het Kwaliteitsteam was op 17 december 2020 akkoord met het ontwerp, waarna de commissie op 30 juni 2021 het plan aan de Welstandsnota heeft getoetst. Zij beoordeelde het plan in ‘vormgeving, inclusief de kleurstelling, als zeer passend voor deze locatie’. Zij gaf in dat advies nog een viertal aandachtspunten mee. Bezwaarmakers hebben aangegeven dat de Welstandscommissie op aspecten focust die niet tot haar competentie behoren. Hierover heeft de Welstandscommissie aangegeven dat zij de verschijningsvorm heeft beoordeeld, hetgeen weergegeven is in het eerste deel van het advies, namelijk dat zij ‘de alzijdige en robuuste vormgeving, inclusief de kleurstelling, als zeer passend voor deze locatie’ beoordeelt. Naar het oordeel van de commissie is hiermee in voldoende mate een oordeel gegeven ten aanzien van de verschijningsvorm van het bouwplan, hetgeen wél behoort tot de competenties van de Welstandscommissie. Ten aanzien van de bezwaren omtrent het uiterlijk van de paviljoens en de afwijking van het bouwplan van het Beeldkwaliteitsplan, blijkt uit de stukken dat de paviljoens afwisseling hebben in de rooilijn, bouwhoogte en kleur. Het kleurvoorstel, zo volgt eveneens uit de stukken, voldoet aan het Beeldkwaliteitsplan. Met betrekking tot het hoogteverloop wordt duidelijk dat er een onderverdeling is in

B.2.21.4317.001 t/m B.2.21.4317.002

4

een sportcluster, welke in hoogte niet afloopt volgens het Beeldkwaliteitsplan. De aflopende hoogte wordt pas in het horeca-deel ingezet. De commissie kan deze nadere toelichting vanuit Welstand met betrekking tot de voorgenoemde bezwaren volgen. Ten aanzien van de bezwaargrond van bezwaarmakers met betrekking tot de onduidelijkheid over het aankleden en gebruiken van het terras overweegt de commissie het volgende. Hierover wordt door de Welstandscommissie aangegeven dat meubilair geen onderdeel van de aanvraag vormt. De windschermen zijn al wel beoordeeld, en de eventuele zonwering kan later worden beoordeeld. Hiermee is naar het oordeel van de commissie ook in voldoende mate ingegaan op deze bezwaargrond van bezwaarmakers. Tijdens de hoorzitting is besloten het bezwaar aan te houden en de bijdrage van dhr. Vreedenburgh voor te leggen aan de afdeling Monumentenzorg en Welstand. Uit de reactie van de afdeling Monumentenzorg en Welstand komt naar voren dat de Welstandscommissie voorafgaand aan de behandeling van de duinpaviljoens de onderliggende parkeergarage en het duin, meermaals besproken en beoordeeld heeft. De planvorming op en onder het duin is daarnaast uitvoerig besproken met het Kwaliteitsteam, zowel in de integrale planvorming als de individuele aanvragen. De voorbereiding op de beoordeling verloopt in verschillende stappen.

De stukken worden inclusief context individueel voorbereid en vervolgens in de voorbereiding op de vergadering gezamenlijk besproken, waarna in de middag de behandeling plaatsvindt. Naar het oordeel van de commissie kan op grond van deze reactie worden vastgesteld dat er in voldoende mate is gekeken naar alle aspecten van de aanvraag en dat een zorgvuldige beoordeling van de aanvraag heeft plaatsgevonden. De aanvraag is in stappen beoordeeld en behandeld, hetgeen ook begrijpelijk is bij aanvragen van deze omvang. Gelet op het bovenstaande is de commissie van oordeel dat de gebruikelijke procedure inzake dergelijke omvangrijke aanvragen voor omgevingsvergunningen is gevolgd en op een correcte wijze heeft plaatsgevonden. Hoewel gebleken is dat er aandachtspunten naar voren kwamen, zijn deze op een juiste wijze aangepakt en verwerkt in het uiteindelijke goedgekeurde bouwplan. Nu niet is gebleken van een gebrek in de inhoud of de totstandkoming van het Welstandsadvies, heeft het college terecht het advies van de Welstandscommissie ten grondslag gelegd aan het bestreden besluit. Gelet op het bovenstaande is de commissie van oordeel dat het bestreden besluit d.d. 11 oktober 2021 op goede gronden is genomen. Ook overigens meent de commissie dat het bestreden besluit niet in strijd is met de toepasselijke regels of met enig beginsel van behoorlijk bestuur.

B.2.21.4317.001 t/m B.2.21.4317.002

5

Advies De commissie is van oordeel dat het bestreden besluit in stand kan blijven en adviseert daarom het bezwaar ongegrond te verklaren en het verzoek om proceskostenvergoeding af te wijzen.

De Adviescommissie bezwaarschriften,

secretaris,

vice-voorzitter,

A. Hussain

I. Michels-Spee

Bijlagen: 1.

Verslag van de hoorzitting.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11951507/1