RIS313278 Bijlage 2B Besluit op aanvraag beschikking saneringsverslag 01015898-00032375
Tekst van het document
omgevingsdienst
Haaglanden Zaaknummer Ons Kenmerk Datum
01015898
5.1,2,e 5.1,2,e 5.1,2,e
5.1,2,e
5.1,2,e
ODH193076 30-12-2021
Beschikking
Wet bodembescherming - saneringsverslag Onderwerp Op 10 december 2021 hebben wij een saneringsverslag ontvangen als bedoeld in artikel 39c van de Wet bodembescherming. Het verslag heeft betrekking op de locatie Leyweg en Erasmusweg te Den Haag.
Besluit Wij besluiten:
I.
in te stemmen met het ingediende saneringsverslag van Haags Buiten B.V.. Het verslag heeft betrekking op de locatie Leyweg en Erasmusweg te Den Haag;
II.
voor te schrijven dat ten aanzien van de locatie de volgende gebruiksbeperkingen gelden: de gerealiseerde isolatiemaatregelen (zoals de leeflagen) dienen in stand te worden gehouden;
III.
voor te schrijven dat wijzigingen in gebruik van de bodem of omstandigheden op de locatie die van invloed
kunnen zijn op de saneringsmaatregelen schriftelijk aan het bevoegd gezag Wbb ter kennis worden gebracht. Dit moet zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 4 weken voorde doorvoering van de wijziging
worden gedaan.
Ondertekening Burgemeester en wethouders van Den Haag, namens dezen,
5.1,2,e
Hoofd Toetsing & Vergunningverlening Milieu van de Omgevingsdienst Haaglanden
Rechtsmiddelen Voor de mogelijkheid rechtsmiddelen aan te wenden tegen deze beschikking wijzen wij op de desbetreffende tekst
in het begeleidende schrijven.
OVERWEGINGEN Aanleiding Op 10 december 2021 hebben wij een saneringsverslag ontvangen als bedoeld in artikel 39c van de Wet
bodembescherming (hierna: Wbb). Het verslag heeft betrekking op de locatie Leyweg en Erasmuswegte Den Haag. Het geval bodemverontreiniging ligt op de volgende grondpercelen:
kadastrale gemeente sectie grondpercelen
‘s-Gravenhage AX 9780, 9782, 9783, 9786, 9632-9682, 9684-9701, 9703-9718, 9720-9735, 9737-9778, 9795, 9798 (gedeeltelijk)
Deze beschikking is gebaseerd op de volgende documenten:
Eindevaluatie bodemsanering ‘Haags Buiten’- Leyweg/Erasmusweg Den Haag, opgesteld door IDDS, rapportnummer 1805L455/rap4, van 10 december 2021;
Aanvullend informatie met kadastrale kaart, opgesteld door IDDS, van 16 december 2021 (e-mail);
Interim-evaluatierapport betreffende een bodemsanering op de locatie “Haags Buiten” aan de Leyweg en
de Erasmuswegte Den Haag, opgesteld door IDDS, rapportnummer 1805L455/rap3, van 22 mei 2019.
Procedure Titel 4.1 van de Algemene wet bestuursrecht is toegepast op deze beschikking.
Toetsingskader en grondslag beschikking Het saneringsverslag is getoetst aan de Wbb, Verordening bodemsanering Den Haag 2007. Artikel 39c, tweede lid en 38 van de Wbb vormen de grondslagvan deze beschikking. Eerder afgegeven beschikkingen In onze beschikking van 16 oktober 2017 (met kenmerk ODH-2017-00108212) is vastgesteld dat op de locatie Leyweg en Erasmusweg te Den Haag sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging waarvan de sanering niet spoedeisend is. In de beschikking van 12 juli 2017 (met kenmerk ODH-2017-00116066) hebben wij ingestemd met het saneringsplan voorde locatie Leywegen Erasmuswegte Den Haag.
Eerder ontvangen meldingen Op 23 maart 2018 is de volgende wijziging op het saneringsplan, conform artikel 39, vierde lid, van de Wbb, bij ons gemeld. De gemelde wijziging op het saneringsplan betreft een algemene instemming met het lozen van grondwater uit de droogte pompen watergangen ten behoeve van ontgravingen of baggerwerkzaamheden in een oppervlaktewaterlichaam. Conform het saneringsplan dient door het Hoogheemraadschap te worden aangegeven dat de betreffende watergangen niet langer functionele watergangen zijn. Een algemene instemming met een voorgenomen lozing zegt hier niks over. Wij hebben met onze brief van 29 maart 2018 (met kenmerk ODH-201800031154) niet ingestemd met deze wijziging op het saneringsplan. Gereedmelding
Op 15 juli 2021 is ons gemeld dat de sanering op 4 juni 2021 is voltooid.
ODH193076
2/4
Beoordeling De sanering Het te saneren geval van bodemverontreiniging betreft een verontreiniging met zware metalen en/of PAK die wordt
gesaneerd middels isolatie: verwijdering ter plaatse van de nieuw te graven polderwaters, isolatie door een deklaag (betonvloeren) ter plaatse van de toekomstige bebouwing en isolatie door een leeflaag ter plaatse van het overige
terrein. Totaal is een oppervlakte van circa 53.170 m2 functiegericht gesaneerd. Als eerste is asbestplaatmateriaal (40 kg) middels handpicking verwijderd. Na een maaiveldinspectie conform NEN 5707 is de locatie vrijgegeven. Daarna zijn boomstobben, verhardingen, groen en afval verwijderd.
Twee te dempen dwarssloten zijn drooggezet en gebaggerd, waarbij slib met asbest plaatmateriaal afkomstig van beschoeiingen separaat is afgevoerd. Vervolgens zijn de sloten gedempt met grond van op de locatie nieuw
gegraven watergangen. De overige grond van de nieuwe watergangen is in depot gezet. Uit de controlemonsters blijkt dat in de putbodems aan de terugsaneerwaarde is voldaan. In de nieuwe waterpartij aan de noordzijde is de voorziene leeflaag gerealiseerd.
Ter plaatse van de nieuwbouwlocatie is de verontreinigde grond ontgraven en herschikt tot de gewenste NAPhoogtes voor het aanbrengen van de leeflaag en de bebouwing. De NAP-hoogte waarop de verontreinigde grond is ontgraven of herschikt hangt af van de toekomstige inrichting (bebouwing, parkeergarage, tuin, openbaar groen,
wadi, watergang, openbare weg, kabel- en leidingcunetten). Tevens is de depotgrond herschikt.
Van de nieuwbouw zijn de betonvloeren aangelegd (isolatie). Er is een leeflaag aangebracht ter plaatse van het overige terrein met grond van bodemkwaliteitsklasse Wonen. Hiertoe is circa 34.129 m3 zand, 10.506 m3 grond en 1.506 m3 klei aangevoerd. De afdeklaag bij verhardingen bestaat uit bestrating door middel van een klinkerverharding.
De niet-ernstige oliespot nabij de voormalige feestzaal is ontgraven (20 m3/32 ton) tot onder de tussenwaarde en afgevoerd naar een erkende verwerker. Het grondwater bleek bij controle niet meer verontreinigd. In de watergang langs de oostgrens van de saneringslocatie is een sterk verontreinigde sliblaag met 0,5 meter klei
(klasse Wonen) aanwezig. De sanering hiervan valt onder de bevoegdheid van het Hoogheemraadschap.
Geschiktheid na sanering
Artikel 38 van de Wbb houdt in dat degene die de bodem saneert de sanering zodanig uitvoert dat:
a.
de bodem tenminste geschikt wordt gemaakt voor de beoogde functie waarbij het risico voor mens, plant
of dier als gevolg van blootstelling aan de verontreiniging zoveel mogelijk wordt beperkt; b.
het risico van de verspreiding van verontreinigde stoffen zoveel mogelijk wordt beperkt;
c.
de noodzaak tot het nemen van nazorgmaatregelen en beperkingen in het gebruik van de bodem zoveel mogelijk wordt beperkt.
Ten aanzien van de vraag of de bodem tenminste geschikt is gemaakt voor de functie die deze na de sanering heeft en waarbij het risico voor mens, plant of dier als gevolg van blootstelling aan of verspreiding van de verontreiniging zoveel mogelijk is beperkt, zijn wij van mening dat er geen onaanvaardbare risico’s bestaan voor het beoogde
gebruik.
ODH193076
3/4
Gebruiksbeperkingen en nazorg In het saneringsverslag is over nazorg en gebruiksbeperkingen hetvolgende opgenomen:
De nazorg betreft het instandhouden van de leeflagen. Aanbevolen wordt om bij grondroerende werkzaamheden contact op te nemen met het bevoegd gezag (Omgevingsdienst Haaglanden). Dit geldt voor alle gebruikers op de locatie; Daarnaast dient opgemerkt te worden dat in de watergang langs de oostgrens een sterk verontreinigde sliblaag, afgedekt met een halve meter klei (klasse Wonen) is achtergebleven welke onder het beheer van Hoogheemraadschap Delfland valt. We achten deze gebruiksbeperkingen, samen met de instandhouding van de isolatiemaatregelen, voldoende om ervoor te zorgen dat de achtergebleven restverontreiniging niet zal leiden tot een vermindering van de kwaliteit van
de bodem zoals beschreven in het saneringsverslag.
Ten aanzien van de vraag of de noodzaak tot het nemen van nazorgmaatregelen stellen wij vast dat actieve nazorg niet noodzakelijk is.
Conclusie Uit het saneringsverslag blijkt dat de bodemsanering is uitgevoerd overeenkomstig artikel 38 van de Wbb. Wij beschouwen de sanering als afgerond.
ODH193076
4/4