RIS313254 Beleidsneutraal instellen Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Martijn Balster Wethouder van Wonen, Wijken en Welzijn Robert van Asten Wethouder van Mobiliteit en Cultuur
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
DSO/10378522 RIS313254
Aan de voorzitter van de Algemene Raadscommissie (de vakcommissie Ruimte)
Contactpersoon
Ilse Rijneveld Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Monumentenzorg & Welstand Telefoonnummer
14070 E-mailadres
Datum
27 september 2022 Onderwerp
Beleidsneutraal instellen Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag
Geachte voorzitter, In deze brief geven wij u een toelichting op een aantal aan u toegestuurde stukken. Het betreft het raadsvoorstel Verordening Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 (zie RIS313252), raadsvoorstel Benoeming leden Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 (zie RIS313263) en het collegebesluit Reglement Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 (zie RIS313253). Wij gaan in het bijzonder in op de verhouding van de invoering van de Omgevingswet met de ontwikkeling van het Haagse beleid ten aanzien van omgevingskwaliteit. De invoering van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag is noodzakelijk vanwege de aanstaande inwerkingtreding van de Omgevingswet. Door het vaststellen van de verordening en het installeren van de leden kan de gemeente Den Haag na 1 januari 2023 de werkzaamheden van de Monumenten- en Welstandscommissie continueren. Als de verordening niet tijdig wordt vastgesteld, zouden bevoegdheden op het gebied van het bewaken van omgevingskwaliteit en het beschermen van monumenten komen te vervallen. Dat willen wij voorkomen. Deze stukken betreffen dan ook een beleidsneutrale omzetting. Zij lopen inhoudelijk niet vooruit op de evaluatie van de huidige welstandsnota, de nieuwe welstandsnota en op alle noodzakelijke transities die nog moeten plaatsvinden richting en na de invoering van de Omgevingswet.
Daar wordt u op korte termijn nader over geïnformeerd en bij betrokken. Het vaststellen van voorliggende verordening willen wij gebruiken om de raad meer te betrekken bij de benoemingsprocedure van nieuwe leden. In de toekomst zal de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag een belangrijke schakel worden in de verdere ontwikkeling van een integraal kwaliteitsstelsel. Dit stelsel zal gedurende de wettelijke overgangsperiode vanaf 1-1-2023 worden uitgewerkt. Naar aanleiding van de bespreking van het raadsvoorstel Voorstel van het college inzake benoeming voorzitter Welstands- en Monumentencommissie (RIS312546) heeft het college toegezegd de raadscommissie nader te informeren over de benoemingsprocedure voor leden van de commissie en de betrokkenheid van de raad daarbij. Meerdere leden van de raad hebben immers de wens uitgesproken om meer betrokken te worden bij de benoeming van leden van de welstandscommissie.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10378522
Daarnaast is gesproken over de ontsluiting van de adviezen van de commissie en het contact tussen de raad en de commissie. Ook daar gaat deze brief op in. Omgevingswet, overgangsrecht In de eerder gestuurde brief ‘Stand van zaken implementatie Omgevingswet’ (RIS309988) heeft het college aangegeven dat het noodzakelijk is om voor de invoering van de Omgevingswet een aantal bestuurlijke besluiten te nemen. Een van deze besluiten is “het instellen van een adviescommissie die minimaal tot taak heeft te adviseren over omgevingsvergunningen voor rijksmonumenten”. Dat raadsbesluit ligt nu aan u voor. De Omgevingswet voert een nieuw wettelijk instrumentarium in. Dit betekent ook dat een aantal bestaande wetten en verordeningen zal komen te vervallen. Het uitgangspunt voor de eerste stap van de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2023 in Den Haag is een gelijkblijvend dienstverleningsniveau en een beleidsneutrale omzetting. Door middel van een nieuwe verordening wordt de huidige Welstands- en Monumentencommissie beleidsneutraal omgezet naar een nieuwe Adviescommissie omgevingskwaliteit. Tegelijkertijd willen wij met de nieuwe verordening ook anticiperen op een doorontwikkeling van het kwaliteitsstelsel.
Het overgangsrecht van de Omgevingswet is zo geregeld dat het college na de inwerkingtreding van de Omgevingswet de tijd heeft om verder te werken aan een integraal kwaliteitsstelsel op basis van de omgevingsvisie en een omgevingsplan. De Adviescommissie omgevingskwaliteit adviseert net als de huidige Welstands- en Monumentencommissie op basis van de Welstandsnota Den Haag 2017. Bij de invoering van de Omgevingswet zal een aantal reeds vastgestelde beleidsstukken onder het overgangsrecht vallen. De wetgever introduceert een aantal nieuwe beleidsinstrumenten waaronder de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de beleidsregels voor het uiterlijk van bouwwerken. Op grond van het overgangsrecht van de Invoeringswet Omgevingswet gaan de reeds vigerende bestemmingsplannen en de Welstandsnota Den Haag 2017 op in een tijdelijk omgevingsplan. Daarin heeft de Welstandsnota de status van ‘beleidsregels voor het uiterlijk van bouwwerken’. De commissie adviseert op grond van dit tijdelijke omgevingsplan en deze beleidsregels (zie hoofdstuk 4, § 4.3.19 artikel 4.114, lid 1 van de Invoeringswet Omgevingswet). De wetgever geeft het college en de raad tot 2029 de tijd om een definitief omgevingsplan op te stellen.
Verdere ontwikkeling kwaliteitsstelsel De instelling van de Adviescommissie omgevingskwaliteit is een noodzakelijke stap in de invoering van de Omgevingswet en de vorming van een integraal kwaliteitsstelsel. De commissie neemt de taken over van de Welstands- en Monumentencommissie. Het instellen van deze adviescommissie is na inwerkingtreding van de Omgevingswet, dus waarschijnlijk na 1 januari 2023, verplicht voor het verlenen van omgevingsvergunningen voor het verbouwen van rijksmonumenten en voor het toetsen van aanvragen voor vergunningen aan het welstandsbeleid. Als de commissie in januari 2023 nog niet ingesteld zou zijn, dan zou de gemeente Den Haag op het gebied van het bewaken van de omgevingskwaliteit bij bouwen en het beschermen van monumenten ernstig te kort gaan schieten. Dit willen wij voorkomen. Intussen nemen wij ook vervolgstappen om het integraal kwaliteitsstelsel verder te ontwikkelen. Onlangs hebben wij opdracht gegeven aan een kwartiermaker om de functie van de toekomstige Stadsstedenbouwer voor te bereiden. De toekomstige stadsstedenbouwer moet de omgevingskwaliteit een stevige positie geven in de stedelijke ontwikkeling van Den Haag. Deze kwartiermakersfase heeft een looptijd van 4 tot 6 maanden. Daarna volgt de definitieve aanstelling van de toekomstige Stadsstedenbouwer.
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10378522
Onderdeel van de opdracht aan de kwartiermaker is het voorbereiden van een structuur en organisatie van integrale, dienst overstijgende ruimtelijke kwaliteitsborging bij de stedelijke ontwikkeling van Den Haag. Uitgangspunt is om de bestaande adviesgremia te ontwikkelen tot een krachtige keten, die voorziet in kwaliteitsborging op verschillende schaalniveaus gedurende het hele planvormingsproces. Binnen dit ruimtelijk kwaliteitsstelsel is de Adviescommissie omgevingskwaliteit één van de ontwikkelen schakels. Andere schakels zijn onder meer de kwaliteitsteams voor gebiedsontwikkelingen en de Adviescommissie Openbare Ruimte. De toekomstige stadsstedenbouwer wordt verantwoordelijk voor de verdere uitwerking en borging van het ruimtelijke kwaliteitsstelsel. Zie ook de commissiebrief Stadsstedenbouwer en ruimtelijk kwaliteitssysteem, 1 december 2020 (RIS307136). In de Verordening Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 wordt geanticipeerd op deze ontwikkeling. De reikwijdte van de verordening is breed geformuleerd zodat ook een uitbreiding van de adviestaken van de commissie in de toekomst mogelijk is. Voor de minimale samenstelling van de deskundigheid van de commissie is aangesloten bij de bestaande Memorie van toelichting over dit onderwerp (Kamerstukken II 2014-2015, 33962 nr. 3, p. 581).
Om de kwaliteitsborging op verschillende niveaus te verbeteren is de afstemming van deze gremia met de Adviescommissie omgevingskwaliteit in het reglement geborgd (artikel 10). In het raadsvoorstel voor de verordening is aangegeven dat de adviescommissie moet adviseren op grond van de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de beleidsregels voor het uiterlijk van bouwwerken (artikel 2:2). In de overgangsperiode na invoering van de Omgevingswet zal de raad deze nieuw op te stellen beleidsinstrumenten moeten vaststellen. Met de vaststelling van deze stukken zal een meer integrale advisering ten aanzien van omgevingskwaliteit mogelijk worden. De advisering over omgevingskwaliteit hoeft zich dan niet meer alleen op het uiterlijk van bouwwerken en cultuurhistorie te richten, maar kan ook gaan over thema’s als verduurzaming en groen in de stad. Indien de doorontwikkeling van de beleidsinstrumenten daar aanleiding toe geeft, zal bij de ontwikkeling van het kwaliteitsstelsel ook heroverwogen worden op basis van welke deskundigheid de commissie tot een advies over omgevingskwaliteit moet komen. De Adviescommissie Net zoals dat nu geldt voor de huidige Welstands- en Monumentencommissie, benoemt de gemeenteraad de leden van de Adviescommissie omgevingskwaliteit.
Het college stelt voor de commissie in de huidige samenstelling te benoemen, inclusief de voorzitter die op donderdag 8 september 2022 (RIS312546) is benoemd door uw raad. De omzetting naar de adviescommissie is in principe beleidsneutraal, maar bevat wel een aantal verduidelijkende bepalingen waarbij de huidige werkwijze van de Welstands- en Monumentencommissie ongewijzigd blijft. Op die verduidelijkingen uit de verordening gaan wij hieronder in. Zowel het werk als de vergoeding van de nieuwe adviescommissie zijn vergelijkbaar met de huidige Welstands- en Monumentencommissie. Daarom wordt in artikel 6:2 van de verordening als vergoeding het tarief overgenomen dat nu ook geldt voor het werk van de leden van de Welstands- en Monumentencommissie. Net als nu het geval is, geeft de adviescommissie onafhankelijk advies in opdracht van het college. Om de onafhankelijke adviesrol te verduidelijken is in de verordening meer uitdrukkelijk benoemd dat de commissie op eigen initiatief mag adviseren ten behoeve van een goede omgevingskwaliteit (artikel
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10378522
2:3). Als de commissie bijvoorbeeld constateert dat de uitvoering van bepaalde werkzaamheden ernstig in strijd is met het beleid ten aanzien van omgevingskwaliteit, kan zij het college daarop wijzen. In de verordening is ook expliciet benoemd dat de commissie haar advies via het college direct aan de raad kan richten. Door het toevoegen van dit artikel willen we adviescommissie de ruimte geven op een door hen gewenst moment advies uit te brengen aan de raad. Hiermee wordt voorkomen dat - zoals bijvoorbeeld bij het preadvies ten aanzien van het intrekken van het beschermde stadsgezicht de Dreven – de raad een dergelijk advies (pas) ontvangt wanneer dit is betrokken bij het door het college, mede op basis van dit advies, te nemen besluit. Hiermee wordt recht gedaan aan de toezegging van het college om deze standaardwerkwijze aan te vullen met een rechtstreekse adviesmogelijkheid voor de adviescommissie aan de raad. In het jaarverslag aan de raad kan de commissie ook aanbevelingen doen voor de aanpassing van beleidskaders (artikel 7:1). Dit jaarverslag kan op verzoek van de raad door de voorzitter van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag in de raadsvergadering toegelicht worden. Op uw verzoek meer betrokken te zijn bij het werk van de commissie is dit jaarlijkse open gesprek tussen de raad en de commissie in de verordening expliciet benoemd.
In het raadsvoorstel voor de verordening staat ook een bepaling ten aanzien van het uitvoeren van een second opinion (artikel 5:4). In het geval het college zich niet kan verenigen met het advies van de commissie, kan het college eenmalig een second opinion laten uitvoeren. Deze bepaling komt overeen met de gangbare wijze waarop het beleid ten aanzien van omgevingskwaliteit in Nederland is geregeld. Overigens betekent dit artikel niet dat het college niet bevoegd is om af te wijken van een advies. Waar nodig kan het college gemotiveerd aangeven waarom andere belangen prioriteit hebben en niet verenigbaar zijn met het advies van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag. Benoemingsprocedure Naar aanleiding van de benoeming van de voorzitter Welstands- en Monumentencommissie (RIS312546) heeft het college toegezegd de raadscommissie nader te informeren over de benoemingsprocedure voor leden van de commissie en de betrokkenheid van de raad daarbij. Dit omdat meerdere leden van de raad de wens hebben uitgesproken om meer betrokken te worden bij de benoeming van leden van de commissie. Op dit moment is de instelling van de welstandscommissie geregeld in de Woningwet, de invulling en werkwijze in de Bouwverordening. De Bouwverordening bepaalt dat de benoeming plaatsvindt volgens een vastgestelde selectie- en benoemingsprocedure conform bijlage 14.1.
Omdat de Bouwverordening komt te vervallen is deze procedure opgenomen in het reglement van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 (artikel 2). De Bouwverordening onderscheidt de volgende stappen: 1.
2. 3. 4.
5.
De Dienst Stedelijke Ontwikkeling, de stadsstedenbouwer en de voorzitter van de welstandscommissie bereiden een voordracht voor waarop maximaal vijf kandidaten voorkomen. De voordracht wordt voorgelegd aan de verantwoordelijke portefeuillehouder(s). Op basis van de voordracht wordt aan drie kandidaten verzocht een curriculum vitae en een overzicht van hun werk op te sturen, waarna zij worden uitgenodigd voor een gesprek Op basis van de bevindingen uit dat gesprek legt de verantwoordelijk portefeuillehouder de benoeming in de vorm van een raadsvoorstel voor aan het college van burgemeester en wethouders. Het uiteindelijke raadsvoorstel wordt aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorgelegd.
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10378522
De voorbereiding van de voordracht onder 1 bestaat uit het opstellen en publiceren van een vacature. De sollicitatiecommissie selecteert uit de reacties op de vacature maximaal vijf geschikte kandidaten. De sollicitatiecommissie bestaat uit zittende leden van de welstandscommissie (niet zijnde het aftredende lid) en ambtenaren van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling. Na voorleggen van de selectie van maximaal vijf aan de verantwoordelijke portefeuillehouder(s) worden drie kandidaten uitgenodigd voor een gesprek met de sollicitatiecommissie. Het resultaat van deze gesprekken is één kandidaat die wordt voorgesteld aan de verantwoordelijke portefeuillehouder(s). Vervolgens wordt een benoemingsvoorstel – soms na een kennismakingsgesprek met de verantwoordelijke portefeuillehouder(s) – aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. Voorafgaand aan de laatste (her)benoemingen hebben op initiatief van de raad kennismakingsgesprekken met de raadscommissie plaatsgevonden, meest recent de herbenoemingen van de leden met deskundigheid op het gebied van landschap en openbare ruimte en monumenten en cultuurhistorie (RIS308155). Het college begrijpt de wens van de raad om tijdig en formeel betrokken te worden bij de benoeming van leden van de commissie.
Daartoe heeft het college in de Verordening voor de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag in artikel 4:1, ten aanzien van de benoeming van de leden, toegevoegd dat er een kennismakingsgesprek plaatsvindt tussen een kandidaat-lid en de raad, voorafgaand aan de bespreking van de benoeming. Binnenkort zal het college twee nieuwe commissieleden voordragen ter benoeming. Deze nieuwe leden vervangen leden van wie de tweede termijn eind januari 2023 eindigt. Ook met deze kandidaten kunnen kennismakingsgesprekken met de raad plaatsvinden. Daarnaast zullen wij u gaan betrekken bij het opstellen van een profiel voor de leden van de commissie. Bij de aanstaande evaluatie van de Welstandsnota 2007 zullen wij ook het profiel voor de werving van commissieleden voor advies aan u voorleggen. Het ontsluiten van de commissieadviezen Naar aanleiding van de bespreking van het raadsvoorstel Voorstel van het college inzake benoeming voorzitter Welstands- en Monumentencommissie (RIS312546) is ook gesproken over de ontsluiting van de adviezen van de Welstands- en Monumentencommissie. Op dit moment worden de adviezen van de commissie per vergadering als adviezenlijst en hamerstukkenlijst in pdf-formaat gepubliceerd op de gemeentewebsite: https://www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/wonen-enbouwen/welstandscommissie/adviezen-vergaderingen-welstands-en-monumentencommissie.htm.
Het college gaat onderzoeken of en zo ja hoe de adviezen op adres doorzoekbaar gemaakt kunnen worden. Bouwverordening en Welstandsverordening 2003 Bij de invoering van de Omgevingswet vervalt de grondslag voor de Bouwverordening. Tot nu toe werd de welstandscommissie geregeld door hoofdstuk 9 van de Bouwverordening. De Verordening Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 treedt in de plaats van dit hoofdstuk 9. Het enige andere onderwerp waarvoor de Bouwverordening nog regels bevat, is het bouwen op verontreinigde grond. De regels hiervoor worden via de zogenaamde ‘bruidsschat’ van rechtswege overgenomen in het omgevingsplan. Daarom wordt de Bouwverordening tegelijk met het vaststellen van de nieuwe verordening ingetrokken (artikel 8:1). In de Welstandsverordening 2003 is bepaald dat de welstandscommissie ook de taken van de monumentencommissie uitvoert, als een gecombineerde Welstands- en Monumentencommissie. Omdat deze samenvoeging van taken nu in de Omgevingswet en de Verordening Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2023 geregeld is, komt de Welstandsverordening 2003 te vervallen (artikel 8:1).
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10378522
Samenvattend De beleidsneutrale invoering van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag is een stap die noodzakelijk is vanwege de aanstaande inwerkingtreding van de Omgevingswet. Door het vaststellen van de Verordening en het overzetten van de leden van de Welstands- en Monumentencommissie naar de nieuwe adviescommissie kan de gemeente Den Haag na 1 januari 2023 haar dienstverlening op het gebied van het bewaken van omgevingskwaliteit en het beschermen van monumenten op een gelijkwaardig niveau houden. In de verordening is opgenomen dat er een jaarlijks open gesprek met de commissie plaatsvindt en dat er een kennismakingsgesprek komt tussen de raad en nieuw te benoemen leden. De invoering van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag is een onderdeel van een verder te ontwikkelen integraal kwaliteitsstelsel. Bij de uitwerking van dit stelsel gedurende de wettelijke overgangsperiode, na de inwerkingtreding van de Omgevingswet, zullen wij u blijven betrekken. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, de wethouder van Wonen, Wijken en Welzijn Martijn Balster de wethouder van Mobiliteit en Cultuur Robert van Asten
6/6