CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS313216 Beantwoording SV Stuur op wijken met karakter

Commissie Ruimte 21 juni 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vervolg debat 31 mei 2023: Raadsvoorstel inzake Ontwerp Structuurvisie Den Haag Zuidwest 2040; Groen, stedelijk en vitaal Zuidwest, RIS315261894 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

7 februari 2023

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Noorlander, luidend: ‘Stuur op wijken met karakter’

DSO/10411100 RIS313216

Het raadslid de heer Noorlander heeft op 16 september 2022 een brief met daarin acht vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Den Haag heeft een aantal grootschalige gebiedsontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de Binckhorst, Laakhavens en Den Haag Zuidwest. Elk gebied heeft zijn eigen karakter en sommige karakteristieken willen wij behouden, daar waar we anderen juist willen verbeteren of transformeren. Eerder heeft de raad hier ook de motie ‘Raadsvoorstel referentienormen hoogstedelijk centrummilieu’ (RIS309200) over aangenomen. Echter, op dit moment missen wij nog steeds de juiste handvatten om hier richting aan te geven. 1.

Is het college voornemens referentienormen volgens de motie ‘Raadsvoorstel referentienormen hoogstedelijk centrummilieu’ (RIS309200) naar de raad te sturen?

Ja. Dit gebeurt met de beloofde evaluatie van de Nota Haagse referentienormen (RIS307513), op basis van het in uitvoering zijnde voorzieningenonderzoek CID (dit is naar verwachting tweede kwartaal 2023 gereed). 2.

Is het college bekend met het document Woonmilieus Haaglanden: ruimtelijke ordeningsprincipes & psychologische beleving? (RIS313216, bijlage)

Ja. 3.

Sociale veiligheid, controle en sociale relaties zijn belangrijk voor de leefbaarheid in een wijk. Is het college van mening dat de inrichting van de openbare ruimte van invloed is op deze factoren?

Ja. 4.

Deelt het college de mening dat het toekennen van woonmilieus aan alle wijken in Den Haag een bijdrage kan leveren aan het beschermen van de karakteristieken van de wijk en richting kan geven aan het verder ontwikkelen van een wijk?

Zie het antwoord op vraag 5.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10411100

5.

Is het college bereid bij het opstellen en herzien van de omgevingsvisie de woonmilieus zoals gedefinieerd in eerdergenoemde handreiking mee te nemen als basis voor gebiedsontwikkeling?

Bij gebiedsontwikkelingen in Den Haag en in de regio wordt aandacht besteed aan het toekomstige woonmilieu. De handreiking wordt daarbij beperkt gebruikt. Bij het opstellen van de omgevingsvisie brengt het college de Haagse woonmilieus in verband met andere ruimtelijke belangen. Gebiedstypologieën kunnen helpen om richting te geven aan het beschermen of verder ontwikkelen van karakteristieken van wijken. Daarbij gaat het om woonmilieus, maar ook om zaken als de ligging in de stad en mogelijkheden om wonen te combineren met andere functies, zoals werken of zorg. De handreiking kan dienen als inspiratiebron, maar daarnaast is ook inzicht nodig in de behoefte aan woningen en aan andere functies en moeten ruimtevragen worden afgewogen tegen de beschikbare ruimte in de stad. Op dit moment worden ook voorbereidingen getroffen voor een nieuwe woonvisie. Het college vindt een goede aansluiting tussen de woonvisie en de omgevingsvisie belangrijk. Welk detailniveau voor de Haagse woonmilieus en gebiedstypologieën precies gebruikt gaat worden en hoe dit wordt opgenomen in de omgevingsvisie en de woonvisie, is nog een uitwerkingsvraag. Het college betrekt uw raad bij de uitwerking van de omgevingsvisie en de woonvisie. Ook in regionaal verband worden de ruimtelijke opgaven verkend, waarbij er met een vorm van gebiedstypologieën gewerkt zal gaan worden.

Zodra hier meer duidelijkheid over is, wordt u hierover geïnformeerd. 6.

In het beleidsplan omgevingsplan Binckhorst (RIS299318) staat omschreven dat de Binckhorst ontwikkeld moet worden tot een hoogstedelijk woon-, werk-, en leefgebied. Is het college het eens dat dat overeenkomt met een grootstedelijk woonmilieu, zoals omschreven in bovenstaand document?

Deels. Het grootstedelijke woonmilieu in het document Woonmilieus Haaglanden beschrijft vooral een centrummilieu, zoals de Haagse binnenstad dat is. Het hoogstedelijke woon-, werk- en leefgebied dat wordt ontwikkeld op de Binckhorst heeft eigen unieke karakteristieken. Het is van belang om in de ontwikkeling van de Binckhorst de balans tussen wonen, werken en (maatschappelijke) voorzieningen goed vorm te geven, aan te laten sluiten op de bestaande kwaliteiten van het gebied en van betekenis te laten zijn voor het gebied zelf én voor de wijdere omgeving. 7.

In het document staat Laakhavens weergeven als een grootstedelijk thematisch woonmilieu. Is het college bereid om de principes van dit woonmilieu leidend te laten zijn bij de verdere ontwikkeling van de Laakhavens?

Ja en dit is ook gebeurd, in de uitwerking van de visie ‘Dynamisch Laakhavens! Ontwikkelvisie Laakhavens Hollands Spoor (GebiedsNVU)’ (RIS311821). Ook voor Laakhavens is een karakteristieke ontwikkeling nagestreefd, die past bij de kwaliteiten van het gebied en van betekenis is in een wijdere omgeving. 8.

Den Haag Zuidwest heeft nu verschillende woonmilieus, bijvoorbeeld ‘stedelijk nieuw’ en ‘suburbaan gestapeld’. Staat het college open voor transformatie van minimaal één wijk in Zuidwest tot een ‘stedelijk levendig’ en/of ‘stedelijk rustig’ woonmilieu?

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10411100

Binnen de wijken beoogt het college differentiatie van woonmilieus, die passen bij de wijken en een toevoeging zijn voor de wijken en de wijdere omgeving. Voor de wijken in Zuidwest (Bouwlust, Vrederust, Morgenstond en Moerwijk) wordt aangesloten op bestaande woonmilieus en worden nieuwe woonmilieus toegevoegd, waaronder woonmilieus met kenmerken van ‘stedelijk levendig’ en/of ‘stedelijk rustig’. De differentiatie in de wijken wordt samen met partners nader uitgewerkt op buurt- en wijkniveau in Nota’s van uitgangspunten en Planuitwerkingskaders. Voorbeelden zijn de Nota’s van uitgangspunten Dreven, Gaarden en Zichten (bijlagen bij RIS308508). Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12401139/1