CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS313073 Bijlage 8

Gemeenteraad 10 november 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: AFRONDEND DEBATBeantwoording schriftelijke vragen inzake dreigende massale bomenkap in Madestein (RIS313073)3.894 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie boomcontrole Landschapspark Madestein te Den Haag

Datum Kenmerk Auteur

: 7 januari 2021 : 20085/AQT201FF/SJ : dhr. S. de Jong BSc

Inleiding Gemeente Den Haag is voornemens een reconstructie uit te voeren aan landschapspark Madestein. Het plangebied is gelegen aan de Madepolderweg te Den Haag in de provincie Zuid-Holland. Zie figuur 1 voor de ligging en de begrenzing van het plangebied. Landschapspark Madestein wordt omringd door de nieuwe woonwijk Vroondaal en een kwaliteitsimpuls van het recreatiepark is gewenst. Hierbij wordt de padenstructuur verbeterd door de aanleg van nieuwe paden. Het gebied wordt ingericht voor extra waterberging door het graven van een wadi en watercompensatieplassen. De beschoeiing aan de grote bestaande plas wordt op bepaalde locaties vervangen door natuurvriendelijke oevers. Tenslotte worden er twee speelzones gecreëerd in het park. Ten behoeve de bovenstaande reconstructie dienen 624 bomen gekapt te worden.

Figuur 1. Ligging van het plangebied Tudorpark fase 4 en 5 die nog gerealiseerd moeten worden.

Voor de reconstructie van landschapspark Madestein zijn diverse ecologische onderzoeken verricht, zie tabel 1. Op 6 november 2015 is de quickscan flora en fauna door adviesbureau Tauw opgesteld. Hieruit kwam naar voren dat er nader onderzoek noodzakelijk was naar roofvogels, uilen en vleermuizen. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd door Aqua-Terra Nova in 2018. De quickscan flora en fauna is meer dan drie jaar oud en is inmiddels verouderd. Op 3 september 2020 heeft Aqua-

IBAN: NL08 RAB0 0368 1199 55

•

BTW: NL-8105.67878.B01

•

K.v.K. nr. 27240696

Terra Nova daarom een actualiserende Eco-effectscan uitgevoerd. Op basis van de Eco-effectscan, de verspreidingsgegevens en het grote oppervlakte aan bomen, is het wederom niet mogelijk om de aanwezigheid van nesten van roofvogels en verblijfplaatsen van vleermuizen uit te sluiten. Op het moment van het schrijven van actualisatie van de Eco-effectscan was het nog niet bekend welke bomen gekapt gingen worden. Inmiddels is de indicatieve herinrichting van het landschapspark bekend en is er een lijst met bomen opgesteld die mogelijk gekapt gaan worden. Om vast te stellen of er tijdens de werkzaamheden beschermde nest of verblijfplaatsen verstoord of vernietigd worden, is een aanvullende boomcontrole uitgevoerd. Op basis van de resultaten van de boomcontrole, samen met de gegevens van de voorgaande ecologische onderzoeken, wordt geadviseerd hoe er gehandeld kan worden in het kader van de Wet natuurbescherming. Tabel 1. Overzicht van de reeds uitgevoerde ecologische onderzoeken Onderzoek Datum Kenmerk Eco-effectscan/ 6 november R001-1234296ERT-ege-V02-NL Quickscan 2015 Soortgericht onderzoek 8 november 2180420AQT301FFML vleermuizen, roofvogels 2018 en uilen Actualisatie Eco3 september 20085AQT301FFSJ effectscan 2020 Boomcontrole 7 januari 2021 20085AQT201FFSJ

Veldbezoek

Bureau Tauw Aqua-Terra Nova B.V. Aqua-Terra Nova B.V. Aqua-Terra Nova B.V.

De bomen zijn gecontroleerd op 9 en 10 december 2020, door twee ecologen van Aqua-Terra Nova. Op 16 december heeft een aanvullende holt inspectie plaatsgevonden met klimtouwen. De boomcontrole is uitgevoerd in december wanneer de meeste bladeren van de bomen zijn gevallen, zodoende is er een goed overzicht van de kroon en de stam van bomen.

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

3 van 12

Resultaten In totaal zijn er 624 bomen gecontroleerd op de aanwezigheid van beschermde functies voor vleermuizen, roofvogels en uilen. 67 bomen waren al gekapt of omgevallen door hun slechte conditie. In figuur 2 zijn de resultaten weergegeven van de gecontroleerde bomen. In totaal zijn er vier bomen aangetroffen waar nesten of geschikte boomholtes zijn aangetroffen. (weergegeven in rood), zie tabel 2. In oranje zijn bomen weergegeven waarin een nest of holte is aangetroffen, maar welke behouden blijven in de beoogde situatie. In de onderstaande paragraven worden de resultaten verder toegelicht.

Figuur 2. Resultaten boomcontrole landschapspark Madestein. Tabel 2. Overzicht van de aangetroffen bomen met beschermde natuurwaarden Aangetroffen Boomsoort StamBoomconditie Boom natuurwaarden omtrek ID

115

1144

1537

1717

14928

Meerdere spechtgaten op 4 meter hoogte met inrotting naar boven. Geschikt voor vleermuizen

Deelgebied toekomstige situatie Lelieplas en vispaaiplaats

Canadapopulier, Populus x canadensis ‘Robusta’ Schietwilg, Salix alba

76 cm

Goed, met grof dood hout in de zijtakken. Toekomst verwachting: >15 jaar

94 cm

watercompensatie Madepolderweg

Holte boven voetpad op 5 meter hoogte. Jaarrond beschermde Paar- en winterverblijfplaats rosse vleermuis Holte op 3 meter hoogte met inrotting naar boven. Geschikt voor vleermuizen

Witte abeel, Populus alba

70 cm

Goed, grof dood hout in de zijtakken. Toekomst verwachting: >15 jaar Goed, grof dood hout in de zijtakken. Toekomst verwachting: >15 jaar

Es Fraxinus excelsior

37 cm

Wadi

Holte op 1 meter hoogte met inrotting naar boven. Geschikt voor vleermuizen

Zwarte els, Alnus glutinosa

27 cm

Redelijk, grof dood hout. Toekomst verwachting: 10–15 jaar Goed, Toekomst verwachting: 10–15 jaar

Bezetten bosuilenkast Categorie 5 soort

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

4 van 12

voetpad zuid van wadie en verbinding naar noordpad

watercompensatie Oorberlaan

Vogels Alle broedende vogels, hun broedplaatsen en de functionele omgeving van de broedplaatsen zijn beschermd. Daarnaast zijn rust- en verblijfplaatsen én de functionele omgeving van een aantal vogelsoorten jaarrond beschermd1. Jaarrond beschermde vogels Ten noorden van het plangebied is een groot roofvogelnest waargenomen die mogelijk van een buizerd of havik kan zijn (oranje plus symbool in figuur 2 en 3). Het roofvogelnest ligt op 65 meter afstand van de geplande werkzaamheden en valt daarmee binnen de invloedsfeer. Werkzaamheden dienen buiten het broedseizoen uitgevoerd te worden en de jongen dienen het nest verlaten te hebben. Een broedvogelcontrole bij de horst voorafgaande de werkzaamheden is noodzakelijk om te bepalen of er geen verstoring plaatsvindt. Vogels uit categorie 5 Ten zuiden van het plangebied is een bosuil in een bosuilenkast waargenomen tijdens de boomcontrole die is bevestigd aan een te kappen boom (boom-id: 1144), zie figuur 2 en 3. De bosuil behoort tot een categorie 5-soort. Nesten van categorie 5-soorten zijn jaarrond beschermd wanneer specifieke ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. De bosuil komt zowel nationaal, als regionaal algemeen voor en kent sinds 1990 min of meer een stabiele stand. In de keuze aan nestplaatsen zijn bosuilen niet erg kieskeurig.

Holen in bomen en nestkasten hebben de voorkeur, maar ze nestelen even goed in oude nesten van kraaiachtigen of roofvogels, in gebouwen, konijnenholen of aan de voet van een boom. Er is geen zwaar wegende reden om de nestkast jaarrond te beschermen2. Als de kast echter ook functioneert als broedplek mag de kast niet verplaatst worden tijdens het broeden. Tijdens het onderzoek zijn er op zes locaties relatief grote nesten aangetroffen hoog in de boom die vermoedelijk van zwarte kraaien zijn, behorend tot categorie 5 vogels (oranje driehoek symbool in figuur 2. Er kan niet worden uitgesloten dat deze nesten worden gebruikt als nest van een roofvogel of uil zoals sperwer, boomvalk en ransuil. Daarnaast bouwt de buizerd in sommige gevallen oude nesten van zwarte kraaien uit om in te broeden. Deze nesten blijven behouden in de beoogde situatie, maar bevinden zich binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden. De kapwerkzaamheden dienen buiten het broedseizoen worden uitgevoerd en na het uitvliegen van de jongen. Indien de kapwerkzaamheden worden uitgevoerd buiten de periode februari tot en met half augustus, met voorafgaande een broedvogelcontrole, is nader onderzoek niet noodzakelijk3,4. Op één locatie is een groot bolvormig nest aangetroffen van een ekster in een boom die gekapt wordt in de beoogde situatie (blauwe driehoek symbool in het oosten van figuur 2).

Er is voldoende alternatief in de omgeving en er zijn geen redenen om het nest jaarrond te beschermen. Wel zijn de vogels en hun nesten beschermd tijdens het broeden.

Figuur 3. Overzicht van de aangetroffen uilennest en het aangetroffen roofvogelnest buiten de scoop van de werkzaamheden.

Overige broedvogels Tijdens de controle zijn nesten aangetroffen van de merel en houtduiven. Alle vogels zijn tijdens het broeden beschermd en mogen dan niet verstoord worden. Buiten het broedseizoen (broedperiode verschilt per soort) zijn nesten van algemene soorten niet beschermd en kunnen de 20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

5 van 12

kapwerkzaamheden plaatsvinden. Kapwerkzaamheden dienen buiten het broedseizoen worden uitgevoerd. Vleermuizen Alle soorten vleermuizen zijn beschermd door de Wet natuurbescherming. Vleermuizen maken binnen hun netwerk gebruik van vaste verblijfplaatsen, foerageergebieden en vliegroutes. Deze vaste rust- en verblijfplaatsen zijn jaarrond beschermd, ook als de dieren op dat moment niet aanwezig zijn. Daarnaast is de functionele leefomgeving van vleermuizen beschermd. Dit zijn de vaste vliegroutes en essentiële foerageergebieden, die nodig zijn om een verblijfplaats te laten functioneren5–7. Verblijfplaatsen van vleermuizen worden in alle soorten bomen aangetroffen. Vleermuizen hebben een grote voorkeur voor levende bomen, maar dode bomen worden ook gebruikt. Vleermuizen maken geen gebruik van holtes of scheuren die een te grote opening hebben. Deze openingen vangen meer wind en regen, daarnaast is opening toegankelijk voor predatoren, zoals roofvogels en zoogdieren8–10. Tijdens de boomcontrole zijn alle te kappen bomen met holtes gecontroleerd op de geschiktheid voor verblijfplaatsen van vleermuizen. De holtes en spleten die zijn gecontroleerd met klimtouwen en endoscoop zijn ongeschikt verklaard. Drie holtes zijn wel geschikt bevonden voor vleermuizen (bomen id115, id14928 en id1717).

Daarnaast is op basis van reeds uitgevoerd vleermuisonderzoek in 2017 en 2019 bekend dat één holte met zekerheid wordt gebruikt als paaren winterverblijfplaats door rosse vleermuizen (boom id1537), zie figuur 2 en 4. Het kappen van de bomen met geschikte holtes is in strijd met de Wet natuurbescherming. Indien er geen andere bevredigden oplossing betstaat is nader onderzoek noodzakelijk.

Figuur 4. Overzicht van de aangetroffen bomen met geschikte holtes voor verblijfplaatsen van vleermuizen die in de beoogde situatie mogelijk gekapt worden. Van links naar rechts: boom id 115, 1537, 1717, 14928.

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

6 van 12

Conclusie en aanbeveling In opdracht van gemeente Den Haag heeft Aqua-Terra Nova BV een aanvullende boomcontrole uitgevoerd naar aanleiding van de actualiserende Eco-effectscan. Aan de hand van de boomcontrole en de voorgaande onderzoeken is getoetst of de geplande kapwerkzaamheden in strijd zijn met de Wet natuurbescherming. Overzicht beschermde soorten In tabel 3 zijn per soortgroep de benodigde vervolgstappen conform de Wet natuurbescherming aangegeven. In tabel 6.2 wordt met een kleurencode gewerkt. De betekenis van de kleurencode wordt in tabel 6.1 weergegeven. Tabel 3. Overzicht beschermde soorten Soortgroep Wet* Te nemen vervolgstappen Vogels Vogels met jaarrond beschermde verblijfplaats

Wnb 3.1

Vogels uit categorie 5

Wnb 3.1

Algemene soorten

Wnb 3.1

Verstoring broedende vogels voorkomen. Werken buiten broedseizoen. Indien de kapwerkzaamheden worden uitgevoerd buiten de periode februari tot en met half augustus, met voorafgaande een broedvogelcontrole, is nader onderzoek niet noodzakelijk. Verstorende broedende vogels voorkomen. Werken buiten broedseizoen. Verstoring broedende vogels voorkomen. Werken buiten broedseizoen.

Vleermuizen Indien bomen ID, 115, 1537, 1717 en 14928 gekapt moeten worden, is nader onderzoek naar vaste rust- en/of verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen noodzakelijk * Wnb = Wet natuurbescherming, artikel 3.1, 3.5, 3.10 en zorgplicht artikel 1.11. Vleermuizen

Wnb 3.5

Tabel 4. Betekenis kleurencodes. Kleur

Betekenis

Groen

Werkzaamheden kunnen uitgevoerd worden met inachtneming van de algemene zorgplicht (zie bijlage 1). Verdere vervolgstappen zijn niet noodzakelijk.

Geel

Werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd mits maatregelen genomen worden of conform een goedgekeurde gedragscode gewerkt wordt. Indien negatieve effecten niet uitgesloten kunnen worden is nader onderzoek noodzakelijk.

Rood

Nader onderzoek naar de aanwezigheid van beschermde soorten, functie van het plangebied voor de betreffende soorten en de invloed van het project op individuen en de gunstige staat van instandhouding van de soort is noodzakelijk. Indien uit het onderzoek blijkt dat betreffende soort aanwezig is en negatieve effecten niet uit te sluiten dan wel te voorkomen zijn dient ontheffing aangevraagd te worden.

Broedvogels Er zijn geen jaarronde beschermde nesten aangetroffen in de bomen die gekapt gaan worden in de beoogde situatie. Het aangetroffen roofvogelnest ligt binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden. De kapwerkzaamheden, en de werkzaamheden met grote machines dienen buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd om er zeker van te zijn dat er geen verstoring plaatsvindt. Daarnaast zijn er verschillende nesten aangetroffen in de buurt van de te kappen bomen waarvan niet met zekerheid kan worden vastgesteld of deze van een zwarte kraai, roofvogel of uil kan zijn. Het is niet uit te sluiten dat deze nesten van een sperwer, boomvalk of ransuil kunnen zijn, waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn. Indien de kapwerkzaamheden worden uitgevoerd buiten de periode februari tot en met half augustus, met voorafgaande een broedvogelcontrole, is nader onderzoek niet noodzakelijk. Als er in de periode februari tot en met half augustus wordt gewerkt kan niet worden uitgesloten dat een roofvogel, uil of andere broedvogel wordt verstoord gedurende broedperiode. Alle in Nederland broedende vogels en hun eventuele nesten zijn strikt beschermd en mogen tijdens het broeden niet verstoord worden. De meeste vogels broeden in de periode maart tot en met juli. Echter zijn vogels welke buiten deze periode broeden ook te allen tijde beschermd.

Door het grote oppervlakte aan geschikte broedlocaties voor vogels binnen het plangebied, dienen de werkzaamheden buiten het broedseizoen worden uitgevoerd van de meeste (roof)vogels. De werkzaamheden dienen daarom buiten de periode februari tot en met half augustus worden uitgevoerd. 20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

7 van 12

Bosuil In de beoogde situatie wordt boom ID 1144 gekapt waar momenteel een bezetten bosuilenkast aanwezig is. De bosuil behoort tot een categorie 5-soort. Nesten van categorie 5-soorten zijn jaarrond beschermd wanneer specifieke ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. De bosuil kent een stabiele stand, daarnaast is er veel bosperceel aanwezig in de omgeving. Er is geen zwaar wegende reden om de nestkast jaarrond te beschermen. Bosuilen zijn echter honkvast en er zijn weinig grote holen aangetroffen in de bomen. De bosuilen is een predator en staat aan de top van de voedselpiramide en spelen een belangrijke rol in het ecosysteem. Daarnaast draagt de bosuil bij aan een verhoogde belevingswaarde bij de omwonenden. De bosuilkast is het verleden dan ook door omwonende opgehangen. Tevens betreft de boom waar de bosuilkast aan is bevestigd een oude schietwilg, met een hoge ecologische waarde. Er wordt aanbevolen om te overwegen om de boom met kast, en de direct aangrenzende bomen, te laten staan. Als er geen alternatief mogelijk is en de boom in de beoogde situatie gekapt dient te worden, dient de bosuilenkast onder ecologische begeleiding verplaatst te worden. Er kan overwogen worden om vooruitlopend op het kappen van de boom alternatieve nestkasten op te hangen. Zodoende kan de bosuil wennen aan de nieuwe kasten in de omgeving voordat de huidige kast wordt verplaatst.

Het verplaatsen van de bosuilenkast dient buiten de kwetsbare periode van de bosuil uitgevoerd te worden (buiten de winterperiode en het broedseizoen) wanneer de bosuil niet aanwezig is in de kast. Het meest geschikte moment om de kast te verplaatsen is wanneer de bosuil actief is, ‘s nachts of ‘s avonds. Vleermuizen In totaal zijn er drie holtes geschikt ondervonden voor vleermuizen, die in beoogde situatie gekapt gaan worden, het betreft boom id115, id14928 en id1717. Daarnaast is uit voorgaande onderzoeken bekend dat boom id1537, die mogelijk gekapt gaat worden, een winterverblijfplaats en paarverblijfplaats vormt voor de rosse vleermuis. Vleermuizen zijn kwetsbaar voor concurrentie van ander boombewonende diersoorten, zoals vogels. Dit betekent dat het aanbod aan holten in bomen veel groter moet zijn dan het aantal holten die vleermuizen daadwerkelijk gebruiken. Daarnaast gebruiken ze een netwerk van verblijfplaatsen om in elk seizoen het optimale microklimaat in de verblijfplaats te hebben. Er wordt aanbevolen om de bomen met aangetroffen geschikte holtes, en de direct aangrenzende bomen te laten staan. Als er geen alternatief mogelijk is en de boom gekapt moet worden, is nader onderzoek naar vaste rust- en/of verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen noodzakelijk.

Alle werkzaamheden dienen tussen zonsopkomst en zonsondergang uitgevoerd te worden om zo overvliegende en/of foeragerende vleermuizen niet te verstoren in hun functionele leefgebied. Uit het soortgericht onderzoek naar vleermuizen is naar voren gekomen dat de plas in landschapspark Madestein functioneert als essentieel foerageergebied voor watervleermuizen. Watervleermuizen zijn zeer gevoelig voor licht. Er mag geen nieuwe verlichting op het water schijnen. Indien deze maatregelen niet mogelijk zijn, is het aanvragen van een ontheffing in het kader van Wet natuurbescherming noodzakelijk. Indien er bij de werkzaamheden nieuwe verlichting wordt geplaatst, wordt aanbevolen om verlichting toe te passen die verstoring bij vleermuizen zoveel mogelijk beperkt. De lichthinder voor vleermuizen door straatverlichting kan aanzienlijk worden beperkt door amberkleurig UV-vrije LED-armaturen, lagere lichtmasten en een scherpe afsnede van de lichtinval toe te passen, zie figuur 5.

Figuur 5. Links: amberkleurige UV-vrije LED-armatuur. Rechts: scherpe afsnede van lichtinval. 20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

8 van 12

Bomen In de te kappen bomen staan bomen van oudere leeftijd met een volgroeide kroon. Oudere bomen trekken meer insecten, beschikken eerder over spleten, holtes en dood hout. Oude bomen zijn daarmee cruciaal voor groeiplaatsen en nest- en verblijfplaatsen voor veel planten- en diersoorten en vormen een belangrijke bron van voedsel. Het ontstaan van een geschikte holte voor een vleermuis is een zeer lang proces, waarbij inrotting naar boven plaats moet vinden, waar vleermuizen een geschikt microklimaat kunnen vinden. Indien mogelijk wordt daarom aanbevolen om oudere bomen te laten staan. Wanneer takken van oude of dode bomen een gevaar opleveren voor voorbijgangers, kan dit mogelijk worden opgelost door bomen te kandelaberen in plaats van de boom te verwijderen. Dit kan worden gedaan door ‘breuksnoei’ toe te passen. Hierbij worden takken afgebroken waardoor er scheuren in de takken ontstaat en het kernhout bloot komt te liggen. Op het nieuwe kernhout ontstaan hierdoor sneller holtes in de boom11. Ook kan worden overwegen om enkel de stam van de boom te laten staan indien er geen veiligheidsrisico is. Staand dood hout verteert langzaam en biedt ruimte aan spechten om nesten uit te hakken. Een oud spechtenhol kan weer dienen als nestgelegenheid voor vogels, en op den duur als verblijfplaats voor vleermuizen. Naast rechtopstaand doodhout is ook liggend dood hout waardevol.

Liggend hout is vochtiger en verteert sneller. Daar zijn weer andere soorten van afhankelijk, zoals insecten, paddenstoelen, mossen en varens. Er wordt tenslotte aanbevolen om in de beoogde herinrichting rekening te houden met geleidelijke overgangen van de bosschages. Voor planten en dieren zijn geleidelijke en structuurrijke overgangen tussen bomen, struiken en open grasvelden belangrijk. Een geleidelijke overgang van laag naar hoog: eerst gras, dan hoge kruiden (zoom), vervolgens struiken (mantel) en ten slotte bomen (kern). In dit soort overgangen vinden veel dieren voedsel en schuilgelegenheid, zie figuur 6.

Figuur 6. Gewenste zoom-, mantel- en kernopbouw voor de groenstrook aan het Verversingskanaal. Voorbeeld van een optimale structuur voor een verhoogde biodiversiteit en draagt bij aan beschutting voor vleermuizen.

Aquatische fauna Voor de werkzaamheden aan watergangen wordt aanbevolen om buiten de kwetsbare periode van de aquatische fauna (vissen en amfibieën) te werken. De voorkeursperiode voor de uitvoering is begin september t/m eind oktober. Dit is ná de voortplantingsperiode en vóór de winterrust van vissen en amfibieën. Indien dit niet mogelijk is wordt aanbevolen om de werkzaamheden in de minder kwetsbare periode van november t/m februari uit te voeren onder ecologische begeleiding. In deze periode is aquatische fauna in winterrust en zijn ze minder mobiel. Bij het dempen van de watergang moet het water voorzichtig één richting uitgedreven worden naar een naastliggende sloot. De aanwezige vissen, amfibieën en libellenlarven kunnen zich op deze manier veilig verplaatsen naar de naast liggende sloot. Bij het leegpompen van een watergang of waterdeel worden de aquatische fauna en amfibieën tijdig weggevangen en elders uitgezet. 20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

9 van 12

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

Dempen watergang * Groen: voorkeursperiode, lichtgroen minder kwetsbare periode en rood meest kwetsbare periode. Indien er tijdens de werkzaamheden uitheemse rivierkreeften aangetroffen worden, dienen deze naderhand en in hetzelfde water terug geplaatst te worden. Indien dit niet mogelijk is, dienen de uitheemse rivierkreeften op humane wijze te worden gedood. Zorgplicht Te allen tijde dient er rekening gehouden te worden met de algemene zorgplicht, artikel 1.11 Wet natuurbescherming. Dit houdt in dat er altijd rekening met in het wild levende dieren en planten gehouden moet worden. Tijdens de werkzaamheden moet gelet worden op de aanwezigheid van planten en dieren en moet voorkomen worden dat deze onnodig gedood, verwond of aangetast worden. Alle dieren, ook de niet beschermde soorten, moeten de ruimte krijgen om te kunnen vluchten en zichzelf in veiligheid te brengen. Indien er onverhoopt een vleermuis (of vogel) aangetroffen wordt die zich zelf niet in veiligheid gebracht kan brengen dient er direct contact met een ecoloog opgenomen te worden.

Planning

Uit de definitieve planning van de herinrichtingsplanning zal blijken of het noodzakelijk is de geplande activiteiten aan te passen en of een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming aangevraagd dient te worden. Indien verzekerd kan worden dat door het tijdig treffen van maatregelen voorafgaand aan de activiteit(en) geen verboden in het kader van de Wet natuurbescherming worden overtreden, is een ontheffing niet noodzakelijk. Indien een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming wel noodzakelijk is, moet rekening worden gehouden met een proceduretijd van circa 27 weken (Zuid-Holland) en in sommige situaties een gewenningstijd van enkele maanden met betrekking tot alternatieve verblijfplaatsen of vliegroutes.

Vleermuizen

Wintervbp.

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

Tabel 5.2. Onderzoeksperioden beschermde soorten.

Wintervbp.

Roofvogels Onderzoeksrapportage Donkergroen: optimale onderzoeksperiode; Lichtgroen: weersomstandigheden; Wit: geen onderzoek mogelijk.

minder

geschikte

periode

en

afhankelijk

van

Bij het kappen van de bomen dient er buiten de kwetsbare periode van onderstaande diersoorten gewerkt te worden. In de tabel is te zien dat 15 oktober tot 15 november voor alle diersoorten de meest gunstige periode is voor de kapwerkzaamheden.

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

10 van 12

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

Tabel 5.3 Overzicht van de meest gunstige periode van de kapwerkzaamheden in landschapspark Madestein.

Vleermuizen jaarrond verblijfplaats Roofvogels, uilen en overige broedvogels Donkergroen: Meest gunstige periode om te kappen; Lichtgroen: minder geschikte periode om te kappen; rood: Kwetsbare periode met grote verstoring indien er gekapt wordt.

Geldigheid Afhankelijk van de tijd tussen dit onderliggende onderzoek en de werkzaamheden, kan een actualiserend of aanvullend onderzoek noodzakelijk zijn. Indien de bomen niet vóór volgend broedseizoen gekapt worden, dient er wederom een onderzoek naar de aanwezige natuurwaarde gedaan te worden.

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

11 van 12

Referenties 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11.

Ministerie van Econom1. Ministerie van Economische zaken. Wet natuurbescherming. (2016). SOVON. Vogelatlas. Available at: https://www.vogelatlas.nl/atlas/soorten/soort/15910. (Accessed: 13th December 2019) SOVON. Available at: https://www.sovon.nl/nl. Bijlsma, R. G. Handleiding veldonderzoek roofvogels. (2016). BIJ12 | werkt voor Provincies. Kennisdocument gewone dwergvleermuis. (2017). BIJ12 | werkt voor Provincies. Kennisdocument ruige dwergvleermuis. (2017). BIJ12 | werkt voor Provincies. Kennisdocument Rosse vleermuis. (2017). Twisk, P. Richtlijnen voor beheer van bomen in relatie tot vleermuizen in vier stadsparken te voorburg. Zoogdier Ver. Graaf, C. Van Der, Haarsma, A.-J. & Twisk, P. Welke bomen kiezen vleermuizen in een bos? 9–11 (2015). Johnson, O. & More, D. ANWB Bomengids van Europa. (2007). Gemeente Den Haag. Nota Stadsnatuur, voor een leefbaar en biodivers Den Haag. (2020).

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

12 van 12

Bijlage: Overzichtskaarten resultaten boomcontrole.

IBAN: NL08 RAB0 0368 1199 55

•

BTW: NL-8105.67878.B01

•

K.v.K. nr. 27240696

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

3 van 12

Nest algemene vogel of cat. 5

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

4 van 12

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

5 van 12

20085/AQT201FF/SJ 11 januari 2021

6 van 12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11954972/1