CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS312549 Beantwoording SV Glijden ook onze kwetsbaren en jongeren af in harddrugsgebruik en criminaliteit

Commissie Bestuur 16 november 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Veiligheid1.906 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

30 augustus 2022

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Partiman, luidend: ‘Glijden ook onze kwetsbaren en jongeren af in harddrugsgebruik en criminaliteit?’

BSD/10366750 RIS312549

Het raadslid de heer Partiman heeft op 9 juni 2022 een brief met daarin negentien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.

Op welke wijze is de gemeente in gesprek met hulpverleners in Den Haag over de normalisering van harddrugsgebruik in Den Haag?

De gemeente voert structureel overleg met de hulpverleners van Indigo/Parnassia Groep, die de verslavingspreventie vormgeeft in Den Haag. In deze gesprekken komen, naast de uitvoering van de preventieactiviteiten, ook de ontwikkelingen op het terrein van drugsgebruik aan bod. De normalisering is één van de onderwerpen die wordt besproken. Volgens hulpverleners normaliseert harddrugsgebruik in rap tempo, zo schrijft De Telegraaf.* 2.

Zou het college willen (laten) onderzoeken in hoeverre harddrugsgebruik in Den Haag toeneemt?

Het college laat het harddrugsgebruik in Den Haag periodiek onderzoeken door middel van het Haags Uitgaansonderzoek (HUO), dat door GGD Haaglanden in samenwerking met Indigo/Parnassiagroep wordt uitgevoerd. Het gaat hier om de groep uitgaanders. Ten aanzien van het laatste onderzoek uit 2019/2020 is er ten opzichte van het voorgaande onderzoek uit 2018 bij deze groep geen duidelijke toename van het harddrugsgebruik geconstateerd. Wel werd opnieuw geconstateerd dat het gebruik van alcohol en drugs geaccepteerd is onder de groep uitgaanders. 3.

Deelt het college de zorgen van de CDA-fractie over de normalisering van harddrugsgebruik?

In het aangehaalde krantenartikel staat: “Zo waarschuwen experts dat in Colombia sinds 2001 al ten minste 300.000 hectare regenwoud plat ging voor de teelt van de cocaplant, meldt het Duitse DW op basis van Amerikaanse wetenschappers.” 4.

Zou het college willen reflecteren op het feit dat harddrugsgebruik rechtstreeks verband houdt met de aantasting van de natuur, onder andere in Zuid-Amerika?

5.

Zou het college willen reflecteren op het feit dat de toename van harddrugsgebruik rechtstreeks een toename van aantasting van de natuur betekent?

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10366750

6.

Welke verantwoordelijkheid voelt het college om harddrugsgebruik tegen te gaan, gezien de grote ecologische gevolgen en de stevige footprint van harddrugsproductie?

Antwoord op vragen 3, 4, 5 en 6. Hoewel er geen duidelijke toename van harddrugsgebruik te constateren is, acht het college de normalisering van het harddrugsgebruik wel zorgelijk. Daarbij gaat het niet alleen om de aspecten van gezondheid en veiligheid, maar ook vanuit ecologisch perspectief. Dus ook om teelt in gebieden die nu nog natuur is. Zorgbestuurder Erik Heijdelberg waarschuwt dat er een “enorm offensief nodig is tegen drugsgebruik”. Hij zag tijdens zijn lange carrière in de (jeugd)zorg, onder andere als algemeen directeur van het Nederlands Instituut Forensische Psychiatrie, in de jeugdbescherming en recent als toezichthouder bij het buurtteam Amsterdam Nieuw-West hoe grote groepen jongeren afglijden naar een gewelddadige criminele straatcultuur die nauw verweven is met de sterk toegenomen drugshandel.” Dhr. Heijdelberg constateert dat de scheidslijn tussen harddrugsgebruik en softdrugsgebruik flinterdun is: “Er is er bijna geen verschil meer tussen het gedoogbeleid van cannabis en dat van coke. Ik vrees dat je met gigantische repressie tegen vooral het gebruik van drugs op de proppen moet komen: Huur loktoeristen in om drugsdealers en koeriers te ontregelen en te pakken. Geef festivals waarvan bekend is dat er massaal wordt gebruikt geen vergunning. Doe aan preventief fouilleren.

Wantrouw mensen die uitleggen dat ze actuele punt hun geld eerlijk verdienen, terwijl we zien dat het niet kan. De middelen die we inzetten, zijn volstrekt onvoldoende.” 7.

Zou het college in een kwantitatieve analyse willen onderzoeken hoe in Den Haag softdrugsgebruik en harddrugsgebruik samenhangen met een specifiek fenomeen binnen de criminele straatcultuur, de opkomst van en vetes tussen drillrapgroepen?

In opdracht van het RIEC Den Haag hebben de adviesbureaus Beke, Broekhuizen en Bervoets in 2021 onderzoek verricht naar jongeren en georganiseerde drugscriminaliteit in de regio Den Haag (RIS 311775). Om deze reden ziet het college geen noodzaak opnieuw een dergelijk onderzoek te laten doen. 8.

Zou het college, ondanks dat dit een complexe opgave is maar gezien de impact van deze problemen op Haagse jongeren en de Haagse samenleving, willen laten onderzoeken hoeveel Haagse jongeren de afgelopen twee jaar zijn afgegleden van softdrugsgebruik naar harddrugsgebruik, vormen van criminaliteit, of het deel uitmaken van een criminele straatcultuur.

Een dergelijk onderzoek is zeer tijdrovend en kostbaar en het college ziet geen nut en noodzaak dit te laten uitvoeren. Op dit moment biedt onze huidige aanpak PGA lokaal (RIS307090) afdoende mogelijkheden en ontwikkelperspectief om preventief en repressief te interveniëren bij verschillende vormen van drugsgebruik en (drugs)criminaliteit onder jongeren. 9.

Is het college bereid om wat de dhr. Heijdelberg noemt “gigantische repressie” toe te passen op terugdringen van drugsgebruik in Den Haag? Zo nee, waarom niet gezien het feit dat de scheidslijn softdrugsgebruik, harddrugsgebruik en zware criminaliteit steeds dunner wordt en gezien het feit dat steeds grotere groepen jongeren afglijden?

Wat betreft het terugdringen van drugsgebruik verwijst het college naar het Actieprogramma Preventie (RIS309230). In het rapport Jongeren en georganiseerde drugscriminaliteit in de regio Den Haag,

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10366750

(RIS311775) staan diverse persoonsgerichte repressieve interventies genoemd die door het college worden ingezet. Dit betreft een mix van maatregelen waarbij nadrukkelijk rekening moet worden gehouden met de beperkte capaciteit van bijvoorbeeld partners in de justitieketen (politie, Openbaar Ministerie en de rechtbank). 10. Hoe staat het college tegenover de eventuele inzet van loktoeristen? De omvang van de problematiek rond (hard)drugs is voldoende helder en geeft ook (meer dan) voldoende aanleiding om deze problematiek aan te pakken. De ketenpartners trekken hierbij gezamenlijk op waarbij de problematiek vanuit verschillende invalshoeken wordt aangevlogen. Over de daadwerkelijke, operationele inzet gaan politie en Openbaar Ministerie, het is niet wenselijk daarover in detail te treden. 11.

Welke mogelijkheden ziet het college om in het vergunningsbeleid voor festivals vermoedelijk drugsverbruik mee te wegen? Zou het college de verschillende mogelijkheden hiertoe op een rij willen zetten?

In de aanvraagprocedure kunnen evenementen met een verhoogd risico op drugsgebruik worden gesignaleerd. Aan organisatoren kan worden verzocht om denkbare scenario’s, het toezicht op het evenemententerrein, de naleving en handhaving van de huisregels in de planvorming uit te werken. De ingediende planvorming kan vervolgens integraal in het dienstenoverleg worden besproken. 12. Hoe beziet het college de ruime aanwezigheid van coffeeshops in Den Haag in het licht van de beschreven ontwikkeling van samenhang tussen softdrugsgebruik, harddrugsgebruik en zware criminaliteit en gezien het feit dat steeds grotere groepen jongeren afglijden van softdrugs naar harddrugsgebruik en criminaliteit? Nederland voert juist een gedoogbeleid, inclusief de verkoop van softdrugs vanuit coffeeshops, om de markten van soft- en harddrugs zo veel mogelijk gescheiden te houden. Jongeren die softdrugs willen kopen, hoeven daarvoor niet het illegale circuit in waar ze veel makkelijker in contact komen met harddrugs. Dit uitgangspunt ligt ook ten grondslag aan het Haagse coffeeshopbeleid. Dat heeft geleid tot een kleine, transparant en beheerbare coffeeshopbranche dat voorziet in de bestaande vraag naar softdrugs. Dat neemt niet weg dat problematiek rond harddrugsgebruik het college zorgen baart.

Het is echter van mening dat coffeeshops hier niet de oorzaak van zijn, laat staan dat het terugdringen daarvan een bijdrage zal leveren aan de oplossing van deze problematiek. 13. Mensen die zich cultureel of economisch bewegen in de maatschappelijke bovenlagen hebben vaak meer middelen, eigenschappen en veerkracht om tegen de negatieve gevolgen van harddrugsgebruik te verweren, of eruit op te krabbelen. Deze mensen zullen minder snel afglijden naar harddrugsgebruik of criminaliteit. Mensen in de middenklasse en zeker cultureel of economisch kwetsbare mensen hebben deze middelen, eigenschappen en veerkracht veel minder of helemaal niet. 14. Welke maatregelen gaat het college nemen om juist kwetsbare mensen te beschermen tegen de risico’s van softdrugsgebruik, gezien de samenhang met harddrugsgebruik en afglijden in criminaliteit?

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10366750

Antwoord op vragen 13 en 14 Indigo / Parnassia Groep geeft de verslavingspreventie vorm in Den Haag. Met vroegsignalering en vroeginterventie worden maatregelen genomen om juist kwetsbare mensen te beschermen tegen de risico’s van drugsgebruik. Hierbij wordt onder andere ingezet op spreekuren en voorlichting. Ook krijgen professionals trainingen en deskundigheidsbevordering over de risico’s en effecten van drugs, het signaleren van problematisch gebruik en het gesprek hierover aangaan. Verder is er voor professionals de mogelijkheid tot consultatie. Met jongeren en hun omgeving wordt in gesprek gegaan over risico’s en beschermende maatregelen met het doel ze weerhouden de middelen te gaan gebruiken of het zo lang mogelijk uitstellen 15.

Heeft het college in beeld hoeveel minderjarige dealers er in Den Haag opereren?

Het college heeft geen zicht op het specifieke aantal minderjarige dealers in Den Haag. 16. Hoe reflecteert het college op het feit dat minderjarigen drugs dealen in Den Haag, in het licht van de hiervoor geschetste problematiek? 17.

Welke maatregelen gaat het college nemen om drugsdealers aan te pakken?

Antwoord op vragen 16 en 17. De handel in drugs in Den Haag vraagt ook om een repressieve aanpak. Deze bestaat allereerst uit het bestaande strafrechtelijke instrumentarium. Daarnaast past de burgemeester ook zijn bevoegdheden toe uit de Opiumwet om de handel in drugs tegen te gaan. Op basis daarvan kan hij voor publiek toegankelijke inrichtingen en woningen sluiten. Bij de toepassing van deze bevoegdheden weegt hij, met name bij woningen, zeer zorgvuldig alle belangen. De APV bevat een bepaling die specifiek ziet op de overlast door straathandel. Waar straathandel tot nog toe strafrechtelijk wordt aangepakt, vindt thans een pilot plaats met het opleggen van dwangsommen aan jonge straatdealers. Dit instrument kan worden gezien als een laatste (bestuurlijke) waarschuwing die, in combinatie met bestaande hulpverleningstrajecten, er voor kan zorgen dat deze jonge aanwas toch afziet van een ‘loopbaanpad’ in de georganiseerde criminaliteit. De evaluatie van de pilot moet uitwijzen of deze bestuurlijke aanpak effectief is. 18.

Zou het college op een rij willen zetten op welke wijze de afgelopen jaar de samenwerking met vrijwilligersorganisaties, wijkorganisaties en religieuze organisaties is verlopen op het gebied van preventie van drugsgebruik, maar het helpen van mensen die zijn afgegleden naar harddrugsgebruik en criminaliteit? Indigo / Parnassia Groep heeft vanuit een gezondheidsperspectief de verslavingspreventie in het afgelopen jaar vorm gegeven in Den Haag. Hierbij wordt met jongeren en hun omgeving in gesprek gegaan over risico’s en beschermende maatregelen met het doel ze weerhouden de middelen te gaan gebruiken of het zo lang mogelijk uitstellen. Hierbij is samengewerkt met een groot aantal partijen zoals schoolmaatschappelijk werk, jeugdteams, zelforganisaties, vrijwillige organisaties, religieuze organisaties, huisartsen, zorgcoördinatoren, docenten en mentoren, jeugdhulpverlening, jeugdverpleegkundigen, Brijder Verslavingszorg, Bureau HALT, residentiele jeugdzorg, Justitiële jeugd instelling, Centrum 16.22, Politie Haaglanden, welzijnswerk, JIP Haaglanden, JIT, Ipse de Bruggen, en gezondheidscentra.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10366750

19. Hoe beziet het college de toenemende normalisering van drugsgebruik in het licht van het streven van de gemeente naar een gezonde stad, het preventieakkoord en het wijdverbreide streven naar een rookvrijere samenleving? Zoals aangegeven in de beantwoording op de vragen 3, 4, 5 en 6 vindt het college het toegenomen drugsgebruik zorgelijk vanuit perspectief van volksgezondheid. In het Nationaal Preventieakkoord staan doelstellingen over roken geformuleerd, maar niet over drugs. Voor drugsgebruik, waarbij de inname via het roken gebeurt, zijn deze doelstellingen uiteraard wel relevant. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11774574/1