RIS312458 Bijlage
Tekst van het document
Technische vragen ‘Voortgang armoedebestrijding en financiële hulpverlening Den Haag 2021-2022”
Vragen met betrekking tot de voortgangsbrief:
#
Partij
Vraag
Antwoord
PvdA
Pagin a 15
1
Is duidelijk wanneer dit jaar de Visie Ooievaarspas naar de raad komt?
2
PvdA
18
3
PvdA
24
4
PvdA
30
Maatwerkbudget: Hoe vaak wordt er een maatwerkbudget toegekend? Hoe vaak was dit bijvoorbeeld in 2021? Nazorg schuldhulpverlening: Is al bekend hoe de nazorg verbeterd gaat worden (want het is nu medio 2022)? Zo ja, hoe, of hoe wordt de raad hierover geïnformeerd? Daklozen-perspectief aanpak: De afgelopen jaren zijn verschillende moties aangenomen om het Jongeren Perspectief Fonds (JPF) uit te breiden naar andere doelgroepen, zoals dakloze mensen. Bij het JPF kan de jongere de restschuld (na saneringskrediet) terugbetalen in geld of ‘natura’ (stage). Dit lijkt te verschillen de beschreven ‘daklozen-perspectief aanpak’ (één
Nee, een aantal factoren bepaalt wanneer de Visie Ooievaarspas met uw raad besproken kan worden. Het is onder andere afhankelijk van de doelstellingen van een nieuw college, en is mede afhankelijk van beschikbare budgetten. Zo staat in een aantal verkiezingsprogramma’s bijvoorbeeld de wens om de Ooievaarspas uit te breiden naar 150% van het wettelijk sociaal minimum. Zie ook het antwoord bij vraag 40. Zodra er meer duidelijk is zal uw raad worden geïnformeerd. 2020: 113 keer 2021: 289 keer Hier zijn we over in gesprek. Ook met het maatschappelijk middenveld zoals vrijwilligersorganisaties. De verwachting is dat uw raad in Q4 van 2022 hierover geïnformeerd zal worden.
Het jongeren perspectief fonds richt zich volledig op jongeren. Hierbij geldt dat jongeren vaak geen inkomen hebben om hun schulden af te betalen. Er is ruimte gezocht en gecreëerd om het schuldhulpverleningstraject passend te maken op de behoefte van jongeren. Bij de daklozenperspectief aanpak ligt de focus breder dan alleen op jongeren. Deze aanpak is bedoeld voor de brede doelgroep dak/ en thuislozen die vaak langdurig met multi problematiek te maken heeft. Bij de groep daklozen is een tegenpresentatie in de vorm van een maatschappelijke stage of opleiding geen standaard onderdeel van de aanpak. In plaats daarvan werken we aan de oplossing voor de instabiele levenssituatie met als doel de
5
SP
6
6
SP
7
schuldeiser blijft over, maar moet wel terugbetaald worden?). Klopt het dat er een verschil is tussen het JPF en de Daklozen-perspectief aanpak? Hoeveel bedrijven/ondernemers zijn omgevallen tijdens en na de coronacrisis?
Zijn er met de overgang naar één gecontracteerde Haagse zorgverzekeraar minder verzekerden onder de Haagse minima en zo ja, hoeveel minder percentueel gezien?
dakloosheid en de schulden van de betrokken dakloze te verhelpen. De dakloze inwoner in kwestie zal pas aflossen wanneer dit opportuun is.
Het is lastig in te schatten of bedrijven vanwege de coronacrisis omgevallen zijn. Wel zijn cijfers bekend over het totaal aantal faillissementen en bedrijfsbeëindigingen in Den Haag: - In 2019 zijn er in Den Haag 6.077 bedrijven gestopt, 106 hoofvestigingen failliet gegaan en 28 nevenvestigingen. - In 2020 zijn er in Den Haag 6.868 bedrijven gestopt, 93 hoofvestigingen failliet gegaan en 11 nevenvestigingen. - In 2021 zijn er in Den Haag 6.079 bedrijven gestopt, 59 hoofvestigingen failliet gegaan en 12 nevenvestigingen. In 2020 maakten in totaal 53.000 verzekerden gebruik van het collectieve aanbod. Begin 2021 waren er 49.979 verzekerden in de Haagse Minimapolis. Dit aantal is stabiel gebleven met 49.297 op dit moment. Ten opzichte van de vorige situatie, met twee aanbieders, is het aantal collectief verzekerden dus gedaald. Het betreft een daling van ca. 7%. Het gaat hierbij ook om verzekerden die bewust hebben gekozen bij MENZIS te blijven omdat ze tevreden waren bij deze verzekeraar en dit zwaarder hebben laten meewegen.
7
SP
8
Is er al iets bekend over de uitkomst van de menstruatie pilot? Wordt er veel gebruik van gemaakt en zijn de middelen toereikend?
In de zomer van 2021 is de pilot tegengaan menstruatiearmoede gestart. Eind 2021 zijn er zo'n 70 uitgiftepunten ontstaan voor gratis menstruatieproducten. Al direct werd veel gebruikgemaakt van de middelen. Gezien wordt dat er voor 80% gebruik wordt gemaakt van maandverband en voor 20% van tampons. Er worden ook duurzame middelen aangeboden, zoals uitwasbaar maandverband en cups, maar die worden erg beperkt aangevraagd. Stichting Armoedefonds werkt samen met de partners in de wijken om de uitgifte zoveel mogelijk bekendheid te geven, in de gehele stad. Op basis van het gebruik is een inschatting gemaakt van de potentiële totale vraag. Naar schatting is dit maximaal €50.000 per jaar voor de algemene uitgiftepunten en €30.000 per jaar voor uitgifte op scholen. Op basis van deze inschatting is het project voortgezet in 2022. Het maximaal beschikbare budget is €80.000, ten behoeve van 533 dozen (met zo'n 100-120 producten per doos).
8
SP
9
Hoe staat het met de tandzorg voor daklozen nu, zijn de mogelijkheden al uitgebreid, zo ja, met wat? Zijn er genoeg tandartsen die meedoen?
9
SP
9
Hoe vaak is er bijzondere bijstand aangevraagd i.v.m. de energierekening?
10
SP
13
Wat voor mogelijkheden zijn er vanuit de Ooievaarspas voor vaders of moeders met een kind die in een andere stad woont en niet bij hen ingeschreven staat?
De extra boxen met een tandenborstel, tandpasta, flos- en stookmiddelen voor daklozen worden voor de zomer verwacht. In samenwerking met VGZ wordt er gewerkt aan een plan om tandartszorg al in een eerder stadium beschikbaar te maken voor daklozen. Op dit moment wordt er nog contact gezocht met tandartsen om dit mogelijk te maken. Over de voortgang wordt u op de hoogte gebracht bij de eerstvolgende armoede- en schuldenbrief. Sinds 1 oktober 2021 t/m 1 juni 2022 zijn er 147 aanvragen individuele bijzondere bijstand voor energiekosten aangevraagd. Dat betreft aanvragen buiten de Energietoeslag van €900 om. Er kunnen zich verschillende situaties voordoen. Indien een Haagse ouder recht heeft op een Ooievaarspas, heeft een minderjarig kind ook automatisch recht indien: - Het kind bij de Haagse ouder(s) staat ingeschreven. N.B. Meerderjarige thuiswonende kinderen dienen een eigen aanvraag in te dienen; - Het kind bij een andere ouder in of buiten Den Haag staat ingeschreven, maar de Haagse ouder wel (deels) kinderbijslag ontvangt;
-
11
SP
16
Er wordt bij ondernemers die gebruik hebben gemaakt van de TOZO uitkering actief geïnformeerd wat zij nodig hebben en of hun bedrijf levensvatbaar is. Hoeveel ondernemers die de TOZO uitkering ontvingen zijn bereikt?
12
SP
17
Hoe wordt het perspectiefkrediet gemonitord? Hoe wordt er ingegrepen als blijkt dat de schulden niet terugbetaald kunnen worden en de risico’s te groot zijn?
13
SP
18
14
SP
25
Hoe vaak is er gebruik gemaakt van het maatwerkbudget? Er is een multidisciplinair team (MTD) voor uithuiszettingen, wordt er ook gekeken naar mensen die mogelijk onder druk ‘vrijwillig’ hun huurwoning verlaten (Zie motie RIS312151)?
Het kind bij een andere ouder in of buiten Den Haag staat ingeschreven, maar er sprake is van co-ouderschap via de rechtbank; Het kind bij een Haagse zorginstelling staat ingeschreven.
Indien het kind ingeschreven staat in Rijswijk of Leidschendam-Voorburg kan de ouder uit die gemeente een aanvraag voor een Ooievaarspas indienen. In 2021 zijn in totaal 9.498 TOZO uitkeringen verstrekt. Daarnaast zijn 254 Bbzlight aanvragen toegekend van 1 oktober t/m 31 december 2021 en hebben we 444 aanmeldingen gehad voor heroriëntatiegesprekken. Bij TOZO5 konden ondernemers aangeven of behoefte was aan bredere financiële ondersteuning. Hier refereert u aan in uw vraag. Alle ondernemers die deze uitkering hebben aangevraagd, zijn actief benaderd en bevraagd of en waar zij hulp bij nodig hebben in het kader van hun bedrijfsvoering. Het gaat hierbij om 2.498 aanvragen. Monitoring van het perspectiefkrediet verloopt niet anders dan bij andere vormen van kredieten. Op klantniveau is inzichtelijk of aan aflossingsverplichtingen wordt voldaan. Indien dat niet het geval is wordt actie ondernomen om bij klant na te gaan wat er aan de hand is. Indien nodig worden nieuwe betalingsafspraken gemaakt. Het risico wordt al aan de voorkant bij de verstrekking zo klein mogelijk gemaakt door o.a. te kijken naar de aflossingscapaciteit van de aanvrager. Met betrekking tot het perspectiefkrediet zijn er op dit moment geen bijzonderheden. Er is geen sprake van betalingsachterstanden en het verloopt zoals met de kredietnemers is afgesproken. Zie het antwoord op vraag 2.
Het beeld dat inwoners onder druk ‘vrijwillig’ hun huurwoning verlaten, wordt niet herkend. Zowel de woningcorporaties als sociale fondsen Den Haag waar wij mee samenwerken herkennen dit signaal ook niet.
15
SP
28
In 2017 deden 100 jongeren mee aan het Jongeren Perspectieffonds (JPF), hoeveel waren dit er in 2021?
16
CU/SGP
3
17
CU/SGP
4
18
CU/SGP
5/6
19
CU/SGP
7
De groep langdurige minima groeide terwijl het totaal aantal minimahuishoudens afnam.” Wat zijn de redenen dat langdurige minima in de bijstand niet konden profiteren van de gunstige economische omstandigheden? “Helaas zien we dat het gebruik van voorzieningen bij bepaalde groepen, waaronder ZZP’ers, ver achterblijft op wat men zou verwachten.” Welke groepen zijn dit nog meer? Wat zijn hiervoor de redenen? Wat wordt er gedaan om te zorgen dat zij wel gebruik gaan maken van de regelingen? “Bestaanszekerheid is een grondrecht en vormt een fundament van de Nederlandse verzorgingsstaat….De laatste decennia is de bestaanszekerheid van veel mensen steeds verder onder druk komen te staan.” Pagina 6: “ Zowel landelijk als lokaal wordt van alles bedacht om plotselinge financiële noden op te lossen.” Wat is de lokale inzet richting de landelijke overheid om de bestaanszekerheid te verbeteren? Na de coronacrisis lijkt de schade wat betreft armoede en schuldenproblematiek mee te vallen. Bij eerdere crises duurde het vaak ook
In 2021 zijn er 216 jongeren ingestroomd voor extra begeleiding via het Jongeren Perspectief Fonds. Hiervan is inmiddels bij 170 jongeren een perspectiefplan opgesteld. Er zijn geen wachtlijsten en voor alle jongeren die instromen wordt een perspectiefplan gemaakt. Langdurige minima hebben vaak de grootste afstand tot de arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld wegens chronische ziekten etc. De economische omstandigheden verbeteren dan weliswaar maar de kansen en mogelijkheden van deze groep minima niet. Voor slechts 10 procent van de Hagenaars die langdurig in de bijstand zitten, is betaald werk op korte termijn haalbaar, blijkt uit het eindrapport werkoffensief +500 dat uw raad heeft ontvangen (RIS311554). In tabel 4.2 van de armoedemonitor (pagina 27) staat het bereik onder de minimadoelgroep uitgesplitst in een aantal kenmerken. Hierbij wordt gekeken naar de samenstelling van het huishouden, de leeftijd van de hoofdkostwinner en de bron van inkomen. Van alle minima maakt 80% gebruik van minimaal 1 armoederegeling. Bij minima met inkomen uit een bijstandsuitkering is het bereik 100%, uit een andere uitkering 79%, pensioen 86%, uit arbeid 52% en inkomen uit een eigen onderneming 19%. Zie verder de antwoorden bij de vragen 27, 47 en 53.
De inzet, die ook samen met VNG en G4 bij de landelijke overheid wordt bepleit is een afdoende bestaansminimum en bestaanszekerheid voor inwoners met een laag inkomen uit werk of uitkering. Bestaanszekerheid is wat het college betreft meer dan alleen een financiële basis. Het gaat dan ook om een begrijpelijker (toeslagen)systeem en een menselijker vangnet van de bijstand. Bijvoorbeeld de mogelijkheden om tijdelijk van de kostendelersnorm af te wijken waarover het college u eerder heeft geïnformeerd.
De langetermijnverwachtingen zijn sterk afhankelijk van de ontwikkelingen die nu plaatsvinden. De stijgende inflatie, de hoge energieprijzen, de verhitte woningmarkt etc. Zorgen allemaal voor een urgente problematiek bij mensen. In de nasleep bij eerdere crisissen was het instrumentarium om schuldenaren in
maanden tot jaren voordat de gevolgen zichtbaar werden (denk aan 5 jaar voordat iemand met schulden hulp zoekt). Wat zijn de langetermijnverwachtingen en hoe speelt de gemeente hierop in?
20
CU/SGP
7
21
CU/SGP
8
beeld te krijgen beperkter. Sinds 2021 is er een wettelijke grondslag en verplichting voor vroegsignalering. Daarom kunnen we inwoners nu eerder helpen bij beginnende schulden en een passend hulpaanbod doen. In 2021 was voor een vroegsignalering een leerjaar. Op basis van de ervaringen van dat jaar wordt de aanpak verder uitgebreid en geïntensiveerd door bijvoorbeeld het uitbreiden van huisbezoeken. Hierbij dient wel te worden aangetekend dat de probleembeleving van inwoners minder groot is als er sprake is van beginnende schulden. Hoe kan het dat Haagse ondernemers De gemeente heeft de indruk voldoende expertise in huis te hebben om vaker dan collega’s in andere gemeenten ondernemers te kunnen ondersteunen. Het college spant zich in om financieel minder weerbaar zijn en dat ze bestaanszekerheid te garanderen voor al haar inwoners, dus ook ondernemers. vaker dan andere Haagse huishoudens Daarbij is het uitgangspunt dat alle ondernemers op maat en behoefte worden problematische schulden hebben? Heeft ondersteund. Hiervoor is een breed scala aan instrumenten beschikbaar.
Het de gemeente voldoende expertise in huis college heeft, naast het Bbz, nog verschillende andere mogelijkheden om voor deze groep met Haagse ondernemers met (financiële) problemen te ondersteunen, zoals reguliere ondernemers? bijzondere bijstand die beschikbaar is voor mensen die te maken krijgen met noodzakelijke kosten die zij niet meer zelf kunnen dragen. Haagse ondernemers kunnen daarnaast gebruik maken van beschikbare ondersteuningsmogelijkheden, bijvoorbeeld het perspectiefkrediet. Indien nodig wordt expertise ingekocht, zoals bij schuldhulpverlening en het beoordelen van de levensvatbaarheid van een onderneming. Hoeveel inwoners zijn overgestapt van Van de mensen die vóór 2021 bij gebruikmaakten van de Haagse Zorgverzekering degenen die bij Menzis verzekerd waren? voor minima bij Menzis, waren er aanvankelijk 4.600 bij Menzis 'achtergebleven'. Hoeveel mensen zijn niet bereikt? Wat In de loop van 2021 zijn er daarvan 1.381 alsnog overgestapt naar de Haagse gaat de gemeente doen om hen alsnog Zorgverzekering van VGZ. te bereiken? Van de ruim 3.400 Menzis-verzekerden die overbleven is gecontroleerd wie een betalingsachterstand had. Dit bleek te gaan om in totaal 477 verzekerden. Zij zijn allemaal in december 2021 benaderd door de afdeling Financiële Hulpverlening. De groep van 477 verzekerden is opgedeeld in drie subgroepen:
1. Verzekerden met een schuld bij Menzis onder de €900. Aan hen is een lening van de GKB aangeboden zodat zij direct konden overstappen naar VGZ. 2. Verzekerden met een schuld bij Menzis van boven de €900. Het bedrag boven de €900 zou worden kwijtgescholden, voor het bedrag onder de €900 zou een lening van de GKB aangeboden worden zodat ook zij direct konden overstappen naar VGZ. 3. Verzekerden met een schulden bij meerdere schuldeisers. Aan deze klanten werd een traject in de Schuldhulpverlening aangeboden, met als doel de afbetaling van alle schulden in 2022. Zij kunnen begin 2023 instromen bij VGZ. Van de 477 zijn er in totaal 177 inwoners bereikt. 86 hiervan zijn overgestapt naar VGZ, zij zaten in subgroep 1. Er zijn geen verzekerden in subgroep 2 bereikt. In subgroep 3 zijn 4 inwoners bereikt. Zij zijn aangemeld voor een Schuldhulpverleningstraject.
22
CU/SGP
9
De eerste pilot van menstruatiearmoede is geëvalueerd. Wat waren de resultaten? Is de regeling bekend genoeg onder (jonge) vrouwen?
Met Menzis is overeengekomen dat de gemeente de niet-bereikte verzekerden niet meer specifiek gaat benaderen, na het overgangsjaar 2022, om privacyredenen. Wel wordt er elk jaar nog altijd een campagne vanuit VGZ en de gemeente gevoerd onder alle inwoners van Den Haag om de voordelen van de Haagse Zorgverzekering voor minima duidelijk te maken. In de zomer van 2021 is de pilot tegengaan menstruatiearmoede gestart. Eind 2021 zijn er zo'n 70 uitgiftepunten ontstaan voor gratis menstruatieproducten. Al direct werd veel gebruikgemaakt van de middelen. Gezien wordt dat er voor 80% gebruik wordt gemaakt van maandverband en voor 20% van tampons. Er worden ook duurzame middelen aangeboden, zoals uitwasbaar maandverband en cups, maar die worden erg beperkt aangevraagd. Stichting Armoedefonds werkt samen met de partners in de wijken om de uitgifte zoveel mogelijk bekendheid te geven, in de gehele stad.
23
CU/SGP
10
24
CU/SGP
11
In 2022 komt er meer aandacht voor tandenzorg voor daklozen. Zijn tandartsen bereid de preventieve zorg, zoals normale controles, te leveren? Zo nee, hoe wil de gemeente dan tandartszorg in een eerder stadium beschikbaar maken? Zijn de eerste inzichten uit de pilot financieel ontzorgen voor statushouders al bekend? Welke inzichten zijn bruikbaar voor andere doelgroepen?
Op basis van het gebruik is een inschatting gemaakt van de potentiële totale vraag. Naar schatting is dit maximaal €50.000 per jaar voor de algemene uitgiftepunten en €30.000 per jaar voor uitgifte op scholen. Op basis van deze inschatting is het project voortgezet in 2022. Het maximaal beschikbare budget is €80.000, ten behoeve van 533 dozen (met zo'n 100-120 producten per doos). De extra boxen met een tandenborstel, tandpasta, flos- en stookmiddelen voor daklozen worden voor de zomer verwacht. In samenwerking met VGZ wordt er gewerkt aan een plan om tandartszorg al in een eerder stadium beschikbaar te maken voor daklozen. Op dit moment wordt er nog contact gezocht met tandartsen om dit mogelijk te maken. Over de voortgang wordt u op de hoogte gebracht via de programmarekening. Een aantal inzichten uit de pilot die bruikbaar zijn voor andere doelgroepen: Late toekenning toeslagen kan zorgen voor acuut onvoldoende leefgeld Late toekenning toeslagen kan zorgen voor acuut onvoldoende leefgeld. Na de Regeldag is de statushouder ingeschreven in de BRP en kunnen de huur- en zorgtoeslag worden aangevraagd. Deze aanvraag komt binnen bij de Belastingdienst. De Belastingdienst streeft ernaar om binnen vijf weken de aanvraag al dan niet toe te kennen. Gedurende de pilot bleek de toekenning echter vaak acht weken in beslag te nemen.
Maatwerk bij het financieel ontzorgen is wenselijk In de pilot zijn alle deelnemers financieel ontzorgd door Budgetbeheer. Budgetbeheer lijkt het meest geschikt voor het financieel ontzorgen omdat met Budgetbeheer ook de toeslagen worden ontvangen. Daarmee worden alle inkomsten door Budgetbeheer ontvangen en worden de deelnemers zo goed als mogelijk geholpen. De vraag is of alle deelnemers deze vorm van zware ondersteuning zes maanden nodig hadden. Zo was 20% van de deelnemers bij de start van hun traject al voldoende financieel zelfredzaam bevonden en was 37% bij de start al beperkt financieel zelfredzaam. Wellicht waren deze deelnemers passender geholpen met een lichtere inzet waardoor zij vanaf het begin meer gestimuleerd werden om te werken aan hun financiële zelfredzaamheid.
Zes maanden is (te) krap De periode van financieel ontzorgen is wettelijk vastgelegd op minimaal zes maanden. Het streven is uiteraard om statushouders niet langer te ontzorgen dan nodig is. Als dit wel het geval is, kan er een risico zijn op motiveringsproblemen. Daarom is lang de verwachting geweest dat de zes verplichte maanden vooral een negatief bijeffect zouden hebben. Tijdens de pilot werd duidelijk dat de zes maanden echter relatief kort zijn. De zes maanden worden als krap ervaren door de lange periode van opstarten. Doordat de opstartfase momenteel lang duurt, kan pas na twee tot drie maanden worden gesproken over een stabiele financiële situatie. Dit is nodig om de stress bij deelnemers weg te nemen en de daarmee vrijgekomen ruimte aan te wenden voor de ontwikkeling richting financiële zelfredzaamheid. Echter, moet dan al vrijwel meteen worden gestart met de trainingen en het eventueel afronden van het proces van financieel ontzorgen. Financiële zelfredzaamheid of redzaamheid? De wetgever spreekt over het streven naar financiële zelfredzaamheid van statushouders. Met deze term wordt veel verantwoordelijkheid bij de statushouder gelegd: iemand is immers zelf, zonder hulp van anderen, in staat om aan zijn/haar verplichtingen te voldoen. Voor sommige statushouders, zeker als het gaat om mensen die bijvoorbeeld analfabeet zijn, is dit wellicht een stap te ver.
Deze statushouders kunnen wellicht wel financieel redzaam worden, waardoor iemand goed weet waar hij/zij om hulp kan vragen omtrent financiën. Het streven naar financiële zelfredzaamheid lijkt dan ook niet voor alle statushouders een realistisch doel 25
CU/SGP
12
“De samenwerking zorgt tevens voor een kwaliteitsimpuls wat betreft verzoekschriften voor dwangakkoorden en wettelijke schuldsanering (…) Dat zorgt ervoor dat nagenoeg alle verzoeken door de gemeente ook worden toegekend.” Waarom was kwaliteit van aanvragen eerst nog niet op orde?
Van de 52 ingediende verzoeken zijn er 51 toegekend. Er is dus in 2% van de gevallen een afwijzing geweest. Door gezamenlijk de verzoekschriften van te voren te behandelen kunnen eventuele omissies in de dossiers worden aangevuld. Kwaliteitsverbetering is een continu proces. Door de hechtere samenwerking is dit in een versnelling geraakt. We blijven investeren in kwaliteitsverbetering.
26
27
28
29
CU/SGP
CU/SGP
CU/SGP
CU/SGP
14
16
19
22
Hoeveel procent van de aanvragen werd niet door de rechtbank goedgekeurd? Van de minima met én zonder Ooievaarspas hebben 18.000 personen iets aangevraagd. Waarom heeft de gemeente eerst een brief gestuurd waarin stond dat de mensen zelf een mail moesten sturen om iets aan te vragen? Waarom is er niet gekozen om direct proactief mondkapjes naar alle minima te sturen?
Wordt ook meertalige informatie aangeboden?
Hoeveel mensen worden geholpen met maatwerkbudget? Wat is de financiële omvang van het gehele budget voor maatwerk? Welk budget zou beschikbaar moeten zijn om het maatwerkbudget aan een ieder die dat nodig heeft toe te kennen? Heeft de gemeente in beeld hoeveel gedupeerden van de 3.000 inwoners die zich bij de belastingdienst gemeld
Tijdens de COVID periode heeft twee keer een actie rondom mondkapjes plaatsgevonden. De eerste keer was eind 2020/begin 2021 waarbij minima per email mondkapjes konden aanvragen. Er is hierbij een afweging gemaakt op basis van de beschikbare mondkapjes dat ingekocht kon worden, de (uitvoerings)kosten en de behoefte vanuit de stad. Via de Voedselbank, het Armoedefonds en via het Vadercentrum ADAM werden die periode bijvoorbeeld ook mondkapjes verstrekt. In het voorjaar van 2022 heeft het Rijk voor alle minima mondkapjes beschikbaar gesteld. Hierdoor hebben via de gemeente, alle inwoners met een Ooievaarspas, zonder enige aanvraag, een envelop met 6 zelftesten en 6 mondkapjes ontvangen. In de “nota vertaalbeleid voor communicatie in andere talen Den Haag” (RIS311013) wordt de mogelijkheid geboden om decentraal communicatie in andere talen doelmatig mogelijk te maken. Een recent voorbeeld is rondom de Oekraïense vluchtelingen waarbij o.a. de pagina op de gemeentelijke website in het Oekraïens is vertaald, maar bijvoorbeeld ook de folder rondom de Ooievaarspas. Naar aanleiding van de nieuwe nota over het vertaalbeleid zal in de toekomst ook meer communicatie rondom armoede en schulden in andere talen mogelijk zijn. Zie ook het antwoord op vraag 2. Het totale maatwerkbudget was in 2020 €60.000. Toen hiervan slechts €20.000 benut werd is het budget verlaagd naar €50.000 in 2021.
Omdat de bekendheid van het middel groter werd is er echter €62.000 aan uitgegeven. In 2022 wordt het totaalbudget daarom verhoogd, zodat de teams erover kunnen blijven beschikken. Ja. Alle gemeentelijke vorderingen van de 1.489 erkende Haagse gedupeerden die daarvoor in aanmerking komen zijn kwijtgescholden.
hebben als gedupeerde te maken hebben met private schulden? 535 Haagse gedupeerden hebben zich tot op heden gemeld bij Sociale Banken Nederland voor private schulden. 30
CU/SGP
24
Uit de stadsenquête blijkt dat 77 procent van de inwoners met schulden geen hulp zoekt. Hoe wil het college dit percentage laten dalen?
31
CU/SGP
25
Er wordt door vroegsignalering een toenemend beroep op schuldhulpverlening verwacht. Kan de schuldhulpverlening dit aan? Gaat de invoer vanuit vroegsignalering de ‘normale’ aanvoer verdrukken?
32
CU/SGP
25
Eerder werd genoemd dat er maar 20-25 aanmeldingen per week bij schuldhulpverlening mogelijk waren en dat er geen wachtlijsten bijgehouden werd. Als mensen zich aanmelden voor schuldhulpverlening, maar er was geen plek, dan moesten ze een volgende week nog een keer bellen (RIS301839). Is dit
Het college streeft ernaar alle inwoners te bereiken met een hulpvraag. Dit doen we door de dienstverlening laagdrempelig en toegankelijk te houden. Inwoners kunnen met vragen over financiële hulpverlening terecht bij de Helpdesk Geldzaken. Als er sprake is van problematische schulden kunnen inwoners in aanmerking komen voor schuldhulpverlening. Belangrijk hierbij is dat we werken volgens de klantreis. De inwoner staat in dit traject centraal. Het gehele proces van financiële hulpverlening is zo laagdrempelig mogelijk vormgegeven. We streven ernaar om de drempels die inwoners ervaren te minimaliseren. Daarnaast communiceren we actief naar inwoners dat als zij met problematische schulden kampen, zij terecht kunnen bij de gemeente voor hulp. Dit doen we via onder andere via de Helpdesken Geldzaken, sociale raadslieden en social mediakanalen. Het college blijft zich inspannen om inwoners met schulden die hulpbehoevend zijn te ondersteunen waar nodig. Het college heeft voldoende capaciteit om op te schalen binnen de schuldhulpverlening. Daarnaast zet het college ook in op vroegsignalering en het voorkomen dat de signalen binnen de vroegsignalering leiden tot schuldhulpverlening. Er wordt ingezet op het tijdig in contact komen met de inwoner. Indien nodig worden ook huisbezoeken gedaan.
De inzet op vroegsignalering en preventie zorgt er juist voor dat we voorkomen dat inwoners een relatief ingrijpend schuldhulpverleningstraject dienen te bewandelen. De brief die u aanhaalt komt uit 2019. Dit was aan het begin van de doorontwikkeling van de klantreis. Dit is niet meer aan de orde. Er zijn geen wachtlijsten meer en de capaciteit is voldoende om binnen de wettelijke termijnen een aanbod schuldhulpverlening te doen.
33
CU/SGP
25
34
CU/SGP
26
35
CU/SGP
33
nog steeds het geval? Waarom wordt er geen wachtlijst bijgehouden? Is er een schatting te maken van het aantal mensen dat afgelopen jaar geen hulp heeft gekregen omdat er geen plek voor hen was? Hoe rijmt het college het tekort aan capaciteit met de wettelijke verplichting om na een mondelinge of schriftelijke aanvraag voor schuldhulpverlening binnen 4 weken een gesprek aan te bieden? Wanneer wordt het in de beleidsregel schuldhulpverlening mogelijk dat een mondelinge aanvraag voor schuldhulpverlening ook als aanvraag gezien wordt (zoals wettelijk gezien verplicht is), waarna er binnen 4 weken een aanmeldgesprek gehouden moet worden? Klopt het dat het aantal huishoudens dat ‘ja’ zegt op een hulpaanbod slechts 1.6 procent is van het totaal aantal vroegsignaleringen is? (Er waren 21.493 meldingen op unieke woonadressen. 1.683 huishoudens bereikt (7,8 procent van het totaal). Van deze 1.683 huishoudens wil 20 procent hulp (ca. 336 huishoudens, ongeveer 1,6 procent van het totaal). Hoe wil het college dit aantal gaan verhogen? Hoeveel mensen zijn afgelopen jaar door Individuele Hulpverlening geholpen? Zijn er genoeg middelen beschikbaar om alle
De beleidsregels Schuldhulpverlening 2022 staan toe dat een aanvraag voor schuldhulpverlening mondeling plaatsvindt, zie artikel 4. Daarnaast is het beleid erop gericht dat inwoners met een hulpvraag zo snel mogelijk geholpen worden. Inwoners die een beroep willen doen op schuldhulpverlening kunnen contact opnemen met de gemeente. Hierna volgt een oriënterend en indien nodig verdiepend gesprek met de inwoner.
In 2021 hebben we 29.229 signalen ontvangen. Na matching bleek het te gaan om 23.455 unieke adressen. Totaal hebben 1.104 burgers ja gezegd op het hulpaanbod en hebben we hen geholpen in 2021. Dat is 4,7% van het totaal aantal burgers die gemeld zijn door een vaste lasten partner met een betalingsachterstand. Dit percentage is vergelijkbaar met andere gemeentes. Het contact via bellen en huisbezoeken wordt geintensiveerd. Ook wordt extra geïnvesteerd in de communicatie. De raad zal geïnformeerd worden over de intensivering vroegsignalering in de armoedebrief 2022-2023.
Zie jaarrapportage Beleidsplan Schuldhulpverlening Den Haag 2021.
36
CU/SGP
34
37
CU/SGP
38
38
GroenLink s
39
Groenlinks
7
hulpvragers te helpen? Zo nee, welke mogelijkheden ziet het college om hier ook middelen ter beschikking voor te stellen? Welke rol zien vrijwilligersorganisaties voor zichzelf weggelegd binnen het proces van schuldhulpverlening? Ervaren vrijwilligersorganisaties dat ze met name als schuldhulpverlening light fungeren? Zo nee, hoe ervaren vrijwilligersorganisaties dit en hoe zijn deze verschillen te verklaren?
Vanaf 2023 is er een tekort op de financiën voor schuldhulpverlening. Hoe wil de gemeente dan aan haar wettelijke verplichtingen voor vroegsignalering en schuldhulpverlening blijven voldoen? Op pagina 7 wordt gesteld dat Nederland wat betreft armoede en schuldenproblematiek beter dan verwacht de coronacrisis is doorgekomen. Is er bekend of er een verschil is tussen de G4 steden en de rest van Nederland? Hoeveel procent van de statushouders belandde in financiële problemen nadat
Het college heeft deze vraag uitgezet bij de Alliantie Financiële Ondersteuning. Deze alliantie treedt steeds meer op als belangenbehartiger voor maatschappelijke – en vrijwilligersorganisaties die zich inzetten voor financiële ondersteuning. Zij geven dan ook aan dat zij liever van financiële ondersteuning spreken in plaats van schuldhulpverlening. Zij ondersteunen en helpen burgers hierbij. Zij zien voor zichzelf een rol weggelegd die een essentiële aanvulling is op de formele schuldhulp waar het college primair voor verantwoordelijk voor is. Zij bieden betaalde en onbetaalde hulp aan Haagse inwoners. Verder geven zij aan dat zij in staat zijn om de informele hulp (ondersteuning) langer aan te bieden als dat nodig is. Zij zetten ervaringsdeskundigen in om zo goed aan te sluiten op de belevingswereld van de hulpbehoevenden. Zij geven aan dat ze daarmee een partner voor de gemeente zijn in de bestrijding en het voorkomen van financiële problemen. De vrijwilligers worden opgeleid en krijgen trainingen. Dit draagt bij aan de professionaliteit van de vrijwilligers. Om die reden hechten zij ook veel waarde aan de waardering van vrijwilligers. Dit is afhankelijk van de doelstellingen van een nieuw college en eventuele rijksmiddelen. Zonder extra middelen zal de dienstverlening op een ander niveau moeten worden aangeboden om met minder middelen aan de wettelijke taken te voldoen.
Nee. Dit beeld zien we in heel Nederland.
Er zijn nog geen statushouders waarbij de periode van (in principe 6 maanden) financieel ontzorgen voorbij is. Hierdoor kunnen we nog niks zeggen over de
zij 6 maanden budgetbeheer hebben gekregen? 40
Groenlinks
Wat is de toename van de kosten als we de groep rechthebbenden van de Ooievaarspas opschalen naar 150 procent van de wettelijke sociaal minimum?
41
Groenlinks
42
Groenlinks
Wordt er over armoederegelingen ook in andere talen dan het Nederlands gecommuniceerd? Zo ja, in welke talen? Hoeveel mensen (absolute aantallen) zijn er geholpen in het afgelopen jaar door het Doorbraaklab?
periode na het financieel ontzorgen. Wel is het zo dat na de periode van 6 maanden de financiële begeleiding, waar nodig en eventueel in lichtere vorm, wordt doorgezet. Uit de armoedemonitor blijkt dat 8.500 huishoudens een inkomen hebben tussen de 130% en 150% van het wettelijk sociaal minimum. Een uitbreiding met 10.000 pashouders binnen het bestaande bestand zal naar verwachting leiden tot ca. € 1.0 mln. extra uitgaven per jaar. Daarnaast zullen ook de apparaatslasten stijgen (ca. 0.2 mln.). Dit zal niet gelijk in het eerste jaar van de uitbreiding worden gerealiseerd, een trapsgewijze stijging van de uitgaven ligt dan ook voor de hand. Verder heeft dit ook gevolgen voor bijvoorbeeld de subsidie aan de Stichting Leergeld omdat meer kinderen in het bezit zijn van een Ooievaarspas, en voor andere (gemeentelijke) regelingen waar de Ooievaarspas als toetsing wordt gebruikt. Zie het antwoord bij vraag 27.
Er wordt niet geregistreerd op absolute aantallen personen, maar op absolute aantallen 'doorbraken'. Een doorbraak kan gerealiseerd worden voor één inwoner, maar ook voor een gezin. In de projectfase van het Doorbraaklab (DBL) zijn er 49 doorbraken afgerond en waren er 52 lopende doorbraakplannen. Deze fase liep van juli 2020 t/m november 2021. Daarna is het Doorbraaklab vast onderdeel geworden van de organisatie.
43
Groenlinks
Is er een wachtlijst voor het Doorbraaklab en zo ja; hoeveel mensen staan hierop?
Daarnaast wordt het gedachtegoed van het Doorbraaklab, de ''doorbraakmethode'' breder toegepast in de gemeentelijke teams. Vanuit het Doorbraaklab wordt meegedacht en meegedaan in het oppakken van casussen volgens deze methode. Daarbij worden ook de inwoners zelf nauw betrokken in het bedenken van creatieve oplossingen. Er is geen wachtlijst bij het Doorbraaklab. Op dit moment is er voldoende capaciteit om het aantal meldingen op te pakken. We monitoren dit goed; als het
aantal meldingen boven een bepaald aantal komt, dan schalen we op in het aantal doorbraakcoaches.
44
Groenlinks
45
Groenlinks
46
Groenlinks
Hoeveel procent van de mensen die getracht wordt te benaderen wordt met de pilot met ''treintjes'' signalen niet bereikt? Wat zijn de voorwaarden voor een gezin om een krat met eten van de Voedselbank Haaglanden te krijgen? Zijn er gezinnen geweigerd, zo ja; wat waren hiervoor de voornaamste redenen?
Hoeveel procent van de mensen die een Ooievaarspas aanvragen of verlengen doen dit niet digitaal?
De pilot is dit jaar van start gegaan en de gevraagde cijfers zullen onderdeel uitmaken van de evaluatie over 2022 en in de volgende armoedebrief terecht komen. De voorwaarden van toekenning worden vastgesteld door de Voedselbank Haaglanden. De gemeente heeft hier geen rol in. De toekenningscriteria van de Voedselbank zijn te vinden op: https://siteable.nl/voedselbank/toekenningscriteria/. Afwijzingen van aanvragen vindt plaatst waarbij voornamelijk sprake is van een te hoog besteedbaar inkomen. Doordat een aanvraag alleen door een hulpverlener kan worden ingediend kan de hulpverlener met de inwoner kijken naar een andere oplossing. Daarnaast kan de Voedselbank gebruik maken van de hardheidsclausule als de standaard normen niet passen bij de individuele omstandigheden van de inwoner. Aanvragen die per post worden ingediend worden door de scanstraat van de gemeente gedigitaliseerd en als digitale aanvraag doorgezet naar de afdeling armoederegelingen van SZW. Hierbij vindt geen registratie plaats of het direct digitaal wordt ingediend of dat het gaat om ingescande poststukken. Hierdoor zijn totaalaantallen niet uit het systeem te genereren en is dat alleen op dossierniveau zichtbaar. Daarnaast kan het zo zijn dat een aanvraag digitaal wordt ingediend maar dat aanvullende bewijsdocumenten na opvraag per post worden toegestuurd.
Vragen met betrekking tot de armoedemonitor: #
Partij
47
CU/SGP
Pagin a 3
Vraag
Antwoord
Wat zijn de redenen dat 20 procent van de minima geen minimavoorziening gebruikt?
Aangenomen kan worden dat hier verschillende redenen voor te geven zijn. Zo valt onder andere te denken aan: - Onbekendheid met de regelingen in algemene zin; - Onbekendheid wanneer aanspraak gemaakt kan worden op de regelingen. Dit zal bijvoorbeeld het geval zijn bij ZZP’ers die niet altijd weten dat ook zonder een uitkering recht bestaat op de armoederegelingen; - Het niet (voldoende) machtig zijn van de Nederlandse taal waardoor informatie de minima niet (goed) bereikt; - Het aanvraagproces dat door inwoners te ingewikkeld wordt ervaren; - De keuze van een inwoner zelf om geen armoederegeling aan te vragen. De kwijtschelding van gemeentelijke belastingen valt niet onder de armoederegelingen maar onder Belastingzaken. Hierdoor is het automatisch koppelen van armoederegelingen met de kwijtscheldingen belastingen niet eenvoudig. Het college is bezig om te kijken hoe dit op een (digitale) manier eenvoudiger gemaakt kan worden. Zie hiervoor ook de afdoening motie ‘Slimmer automatisch verlengen en koppelen armoederegelingen’ (RIS308137). Voor het lagere bereik van de kwijtschelding gemeentelijke belastingen in 2019 is geen eenduidige verklaring te geven. Het gaat hier om een inkomenspercentage op basis van het wettelijk sociaal minimum, oftewel de bijstandsuitkering en de hoogte van de AOW.
48
CU/SGP
4
Waardoor komt het dat het bereik voor de kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen terugliep in 2019? Is het mogelijk om dit proactief voor de inwoners aan te vragen?
49
CU/SGP
6
50
CU/SGP
32
Is het percentage van 100-150 procent berekend op basis van de bijstand of het wettelijk minimumloon? De tegemoetkoming Ouderbijdrage wordt niet meer gegeven, vanwege gewijzigde wetgeving. Wel is er voor scholen een subsidieregeling gekomen om toch extracurriculaire activiteiten te organiseren. Is al helder of deze afdoende is, en dat scholen met veel
De tegemoetkoming ouderbijdrage als 1 van de armoederegelingen binnen de dienst SZW is komen te vervallen. De subsidieregeling waar in de vraag naar wordt verwezen valt onder de afdeling onderwijs van de dienst OCW. In de subsidieregeling extra activiteiten primair onderwijs Den Haag 2021 (RIS310831) is €300.000 gereserveerd voor Haagse basisscholen met een hoge OA-score voor het organiseren en financieren van buitenschoolse activiteiten
minimakinderen toch schoolreis/kamp organiseren?
51
Groenlinks
3
52
Groenlinks
3
53
Groenlinks
3/4
“Minimahuishoudens hebben een laag inkomen en weinig vermogen.” Vraag: Hoe worden ‘laag inkomen’ en ‘weinig vermogen’ gedefinieerd?
“Huishoudens met een jongere hoofdkostwinner (18-24) lopen een relatief groot risico op armoede maar hun aantal is wel beperkt.” Hoe groot is deze groep procentueel en in absolute aantallen? “Hierbij speelt de Ooievaarspas een belangrijke rol. Het bereik onder kwetsbare groepen als eenoudergezinnen, ouderen en langdurig arme minima blijft hoog. Het bereik onder huishoudens met inkomen uit werk of een onderneming blijft achter.” In welke mate (procentueel en absoluut) blijft het bereik van de Ooievaarspas onder huishoudens met inkomen uit werk of een onderneming achter op andere doelgroepen?
zoals een schoolreis, sportdag of excursie waar alle kinderen van die school aan mee kunnen doen. De aanvraagperiode loopt tot en met 30 september 2022. Tot nu toe is de subsidie door 47 scholen aangevraagd voor een bedrag van €264.000 en is het subsidieplafond daarmee nog niet bereikt. Voor de armoederegelingen gelden verschillende inkomensgrenzen. Daarnaast is de inkomensgrens afhankelijk van de leeftijd van de inwoner (AOW-gerechtigd of niet) en de samenstelling van het huishouden (alleenstaand, alleenstaande ouder et cetera). Een eenduidige definitie van een laag inkomen is daardoor van meerdere factoren afhankelijk. In algemene zin wordt in (spreek)teksten de 130% inkomensgrens aangehouden als het gaat over een laag inkomen. De vermogensgrenzen zijn gelijkgesteld aan de grenzen zoals die zijn opgenomen in de Participatiewet. Voor eenpersoonshuishoudens gaat het om €6.505, en bij meerpersoonshuishoudens om €13.010. Let op: dit zijn de vermogensgrenzen sinds 1 januari 2022. De armoedemonitor bevat cijfers over het jaar 2019. Van alle minimahuishoudens met een inkomen tot 130% heeft 3,6% een jongere hoofdkostwinner. Dat zijn 1.600 huishoudens van de in totaal 44.100 minimahuishoudens.
In hoofdstuk 4 van de armoedemonitor (vanaf pagina 26) staat per armoederegeling het bereik, uitgesplitst in een aantal kenmerken. Tabel 4.5 (pagina 29) geeft het bereik weer voor de Ooievaarspas. Daarin is te zien dat het bereik onder minima met inkomen uit een eigen onderneming 15% (500 huishoudens) is. Voor inwoners met inkomen uit arbeid is dat 43% (2.700 huishoudens), inkomen uit pensioen is 78% (8.600 huishoudens), een bijstandsuitkering is 100% (15.800 huishoudens) en andere uitkeringen is 52% (1.700 huishoudens).
54
Groenlinks
4
“Het beroep van Haagse ondernemers op overheidssteun laat zien dat een groot deel te maken had met inkomensverlies.” Hoe groot is dit deel in procentuele en absolute aantallen?
Het college heeft geen zicht op procentuele en absolute cijfers van de groep ondernemers met inkomensverlies, en de hoogte van het inkomensverlies. Zie ook het antwoord bij vraag 55. Ondernemers die te kampen hebben met inkomensverliezen kunnen - als zij voldoen aan de voorwaarden - in aanmerking komen voor een uitkering of bedrijfskrediet. Hierbij geldt als uitgangspunt dat het inkomen wordt aangevuld tot het bijstandsniveau.
55
Groenlinks
5
“Daarbij geldt dat Haagse zelfstandigen Het CBS heeft een aantal onderzoeken en cijfers beschikbaar: al voor de coronacrisis financieel minder - Een dashboard over problematische schulden waar ook gefilterd kan weerbaar waren dan hun collega’s in worden op zelfstandigen: Schuldenproblematiek in beeld (cbs.nl). andere gemeenten en vaker dan andere - CBS Stateline voor aantallen, absoluut en procentueel, in vergelijking met Haagse huishoudens problematische andere gemeenten: schulden hebben.” Hoe wordt financiële https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/85066NED/table?dl=6 weerbaarheid gedefinieerd? Hoe 8ECD. verhoudt de financiële weerbaarheid van - Als laatste heeft het CBS ook gekeken naar het effect van het wegvallen Haagse zelfstandigen zich tot het van het zelfstandigeninkomen: Het effect van het wegvallen van het landelijke gemiddelde (absoluut en zelfstandigeninkomen (cbs.nl) procentueel). Ook door de afdeling Economie is gekeken naar de positie van ondernemers in Den Haag, in vergelijking met de andere G4 gemeenten. Zie hiervoor de ‘staat van de Haagse economie’ (RIS307825).