CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS312354 bijlage 1

Commissie Ruimte 2 november 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Raadsvoorstel: Voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht38.685 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht Concept

Steenzicht en Ruimzicht

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Inhoudsopgave

Samenvatting

5

Toelichting

7

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding voor het bestemmingsplan 1.2 Doel van het bestemmingsplan 1.3 Ligging van het plangebied 1.4 Geldende planologische regelingen 1.5 Leeswijzer

9 9 9 9 10 12

Hoofdstuk 2 Beschrijving van de bestaande situatie 2.1 Inleiding 2.2 Ontstaansgeschiedenis 2.3 Ruimtelijke structuur 2.4 Functionele structuur

13 13 13 14 16

Hoofdstuk 3 Beleidskaders 3.1 Inleiding 3.2 Ruimtelijk beleid 3.3 Cultureel erfgoed 3.4 Groen 3.5 Water 3.6 Verkeer en infrastructuur 3.7 Wonen 3.8 Economie 3.9 Onderwijs, Welzijn en Maatschappelijke Zorg 3.10 Cultuur en ontspanning 3.11 Sport en recreatie 3.12 Duurzaamheidsbeleid

17 17 17 21 22 25 29 35 37 45 46 46 48

Hoofdstuk 4 Wet en regelgeving 4.1 Inleiding 4.2 Milieueffectrapportage 4.3 Externe veiligheid 4.4 Geluid 4.5 Luchtkwaliteit 4.6 Natuurbescherming 4.7 Bodem 4.8 Wind en bezonning

53 53 53 55 58 59 60 64 65

Hoofdstuk 5 Planbeschrijving 5.1 Inleiding 5.2 Beschrijving van het plan 5.3 Duurzaamheid 5.4 Keuze en verantwoording van bestemmingen 5.5 Toelichting op de regels

67 67 67 71 72 75

Hoofdstuk 6

79

Economische uitvoerbaarheid

Hoofdstuk 7 Overleg en inspraak 7.1 Artikel 3.1.1 Bro-overleg

81 81

2

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

7.2

Inspraak- en participatieverordening

87

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1 Nota van Uitgangspunten Bijlage 2 aanmeldnotitie vormvrije m.e.r. Bijlage 3 Stikstofonderzoek Bijlage 4 Aerius voorgenomen ontwikkeling Bijlage 5 Aerius verschillenberekening Bijlage 6 Puntensysteem Natuurinclusief bouwen Bijlage 7 Watertoets Bijlage 8 Monumentale bomen (lijst) Bijlage 9 Monumentale bomen (kaart) Bijlage 10 Bezonningsonderzoek Bijlage 11 Woonvisie 2017-2030

89 90 104 140 171 179 189 254 291 300 302 313

Regels

369

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

371 371 380

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6

Bestemmingsregels Gemengd Groen Verkeer - Verblijfsstraat Wonen

381 381 384 385 386

Hoofdstuk 3 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

389 389 390 391 392 393

Hoofdstuk 4 Artikel 12 Artikel 13

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

395 395 396

Vaststellingsbesluit

397

Bijlagen bij regels

399

Bijlage 1

Staat van horeca-categorieën

400

Bijlage 2

Staat van bedrijfsactiviteiten bij functiemenging

405

Bijlage 3

Nota Parkeernormen Den Haag

411

Bijlage 4

Inlegvel met parkeernormen

415

Bijlage 5

Fietsparkeernormen

421

Bijlage 6

Verordening doelgroepen woningbouw Den Haag 2021

423

Bijlage 7

Woonagenda 2020-2023

428

3

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

4

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Samenvatting Het bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht betreft een postzegelbestemmingsplan voor een kleinschalige herontwikkeling in de betreffende straten. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan wordt rekening gehouden met het ambitiedocument Dreven, Gaarden, Zichten en de Nota van Uitgangspunten Zichten. Het project is gelegen in het stadsdeel Escamp (Den Haag Zuidwest), in het geldende bestemmingsplan Bouwlust. Het projectgebied ligt binnen het ruimtelijke raamwerk van Bouwlust, namelijk de Hengelolaan en de Vrederustlaan. De Hengelolaan is een belangrijke infrastructurele ontsluitingsweg, maar kent naast een hoge verkeersintensiteit ook een groene uitstraling. Het verbindt het gebied zowel richting de belangrijke ontsluitingsweg, de Lozerlaan, als richting het centrum van Den Haag. De Vrederustlaan verbindt de Hengelolaan met de Melis Stokelaan en is daarmee een belangrijke verbinding binnen Zuidwest. Het plan Het stedenbouwkundig plan voor dit bestemmingsplan bestaat uit twee onderdelen, namelijk Ruimzicht en de bouwblokken langs Steenzicht. De gebieden zijn verschillend in programmering. Ruimzicht In het hart van de Zichten liggen twee woonblokken aan de straten Ruimzicht en Het Zicht. Deze woonblokken hebben woningen boven winkel- en bedrijfsruimtes. De ambitie is deze twee woonblokken middels een casco-renovatie weer toekomstbestendig te maken.

Daarnaast is onderdeel van het plan om de blokken ter plaatse van de begane grond uit te breiden in het middengebied, waardoor de hoeveelheid bedrijfs- en maatschappelijke ruimte in de buurt toeneemt. Dat is gunstig voor de buurteconomie, de levendigheid op straat en de mobiliteitstransitie. Mensen krijgen dan immers de kans in de eigen buurt werk te vinden zonder dat ze daar met de auto heen hoeven. Steenzicht Binnen de ontwikkelingen rond het Steenzicht vormt het bestaande stratenpatroon met volwassen bomen het uitgangspunt voor de verdichtingsopgave. Binnen het stratenpatroon wordt de strokenverkaveling getransformeerd naar halfopen bouwblokken. Uitgangspunt is het organiseren van diverse woningtypes en bijbehorende functies in orthogonale of haakvormingen gebouwen rondom een groene collectieve binnentuin: een ontmoetingsplaats voor bewoners en een veilige speelplek voor kinderen. Onder de binnentuin liggen de parkeerplaatsen en gezamenlijke fietsenstaling.

5

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Het plan voorziet in circa 310 woningen, waarvan circa 60% in de sociale sector. De huidige niet-woonfuncties in de plint langs Het Zicht zullen niet meer terugkomen in het herontwikkelingsplan. Dit komt omdat het gebied geen onderdeel uitmaakt van de hoofdwinkelstructuur, zoals opgenomen in het detailhandelsbeleid. Dit betekent dat in de plint van de nieuwbouw geen detailhandel of kleinschalige bedrijven opgenomen wordt. Dit blijft uiteraard wel mogelijk in de plinten van Ruimzicht en Het Zicht, waarin ruimte wordt geboden aan bedrijfsruimte mede door het middengebied tussen beide bouwblokken op de begane grond aan elkaar te koppelen.

6

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Toelichting

7

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

8

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding voor het bestemmingsplan

De gemeente stelt om een aantal redenen een nieuw bestemmingsplan voor het plangebied "Steenzicht en Ruimzicht" op. Het bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht betreft een postzegelbestemmingsplan voor kleinschalige herontwikkeling op de betreffende locatie. Bij het opstellen van dit plan wordt rekening gehouden met het ambitiedocument Dreven, Gaarden, Zichten en de Nota van Uitgangspunten Zichten. Het project is gelegen in het stadsdeel Escamp (Den Haag Zuidwest), in het geldende bestemmingsplan Bouwlust. Het geldende bestemmingsplan is niet toereikend om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken. In het voorliggende bestemmingsplan wordt het kader voor de ontwikkeling vastgelegd. Het plan Het stedenbouwkundig plan voor dit bestemmingsplan bestaat uit twee onderdelen, namelijk Ruimzicht en de bouwblokken langs Steenzicht. De gebieden zijn verschillend in programmering. Ruimzicht In het hart van de Zichten liggen twee woonblokken aan de straten Ruimzicht en Het Zicht. Deze blokken hebben woningen boven winkel- en bedrijfsruimtes. De ambitie is deze twee blokken middels een casco-renovatie weer toekomstbestendig te maken. Daarnaast is het uitgangspunt de blokken ter plaatse van de begane grond uit te breiden in het middengebied, waardoor de hoeveelheid bedrijfs- en maatschappelijke ruimte in de buurt toeneemt.

Dat is gunstig voor de buurteconomie, de levendigheid op straat en de mobiliteitstransitie. Mensen krijgen dan immers de kans in de eigen buurt werk te vinden zonder dat ze daar met de auto heen hoeven. Steenzicht Binnen de ontwikkelingen rond het Steenzicht vormt het bestaande stratenpatroon met volwassen bomen het uitgangspunt voor de verdichtingsopgave. Binnen het stratenpatroon wordt de strokenverkaveling getransformeerd naar halfopen bouwblokken. Uitgangspunt is het organiseren van de diverse woningtypes en bijbehorende functies in orthogonale of haakvormingen gebouwen rondom een groene collectieve binnentuin: een ontmoetingsplaats voor bewoners en een veilige speelplek voor kinderen. Onder de binnentuin liggen de parkeerplaatsen en gezamenlijke fietsenstaling. Deze bouwblokken vormen de ruimtelijke eenheid in de buurt.

1.2

Doel van het bestemmingsplan

Het doel van bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht"is de hierboven geschetste ontwikkelingen mogelijk te maken.

1.3

Ligging van het plangebied

Het project is gelegen in het stadsdeel Escamp (Den Haag Zuidwest), in het geldende bestemmingsplan Bouwlust. Het projectgebied ligt binnen het ruimtelijke raamwerk van Bouwlust, namelijk de Hengelolaan en de Vrederustlaan. De Hengelolaan is een belangrijke infrastructurele ontsluitingsweg, maar kent naast een hoge verkeersintensiteit ook een groene uitstraling. Het verbindt het gebied zowel richting de belangrijke ontsluitingsweg, de Lozerlaan, als richting het centrum van Den Haag. De Vrederustlaan verbindt de Hengelolaan met de Melis Stokelaan en is daarmee een belangrijke verbinding binnen Zuidwest.

9

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

1.4

Geldende planologische regelingen

1.4.1

Geldend bestemmingsplan

Het bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht" vervangt (gedeeltelijk) de volgende bestemmingsplannen: bestemmingsplan Bouwlust

vastgesteld 01-10-2015

goedgekeurd nvt

10

onherroepelijk 04-12-2015

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Kaart van huidig bestemmingsplan met daarin de plangrenzen (rode lijnen) voor het bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht. 1.4.2

Parapluherzieningen

Naast bestemmingsplannen die op een specifiek plangebied van toepassing zijn, kent de gemeente Den Haag een aantal parapluherzieningen die op heel het gemeentelijke grondgebied van toepassing zijn en die door dit bestemmingsplan voor wat betreft het plangebied worden vervangen: a. Parapluherziening (fiets) parkeren, vastgesteld 20 september 2018, geheel onherroepelijk 16 december 2018, waardoor actuele (fiets)parkeernormen in vigerende plannen worden gehanteerd. b. Parapluherziening Staat van Bedrijfsactiviteiten, vastgesteld op 20 december 2018, geheel onherroepelijk op 17 april 2019. De wijze waarop het nieuwe bestemmingsplan het beleid in de parapluherzieningen vervangt, is beschreven in hoofdstuk 5.4 Keuze en verantwoording van bestemmingen.

11

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

1.5

Leeswijzer

In hoofdstuk 1 Inleiding is de aanleiding voor het opstellen van een bestemmingsplan voor het plangebied "Steenzicht en Ruimzicht" aangegeven. Ook zijn de doelen die met het bestemmingsplan worden beoogd, omschreven. Om deze doelen in een bestemmingsplan gestalte te geven wordt enerzijds in hoofdstuk Beschrijving van de bestaande situatie de bestaande situatie beschreven, anderzijds is voor de verduidelijking van een deel van de doelen in de hoofdstukken 3 Beleidskaders en 4 Wet en regelgeving een selectie gemaakt uit de relevante beleidsnota's en regelingen die op dit plangebied van toepassing zijn. Daaruit zijn vervolgens beleidsuitspraken voor het plangebied afgeleid. Hoofdstuk 3 Beleidskaders bevat de beleidsuitspraken ten aanzien van ruimtelijk en sectoraal beleid, hoofdstuk 4 Wet en regelgeving ten aanzien van de milieukwaliteitseisen. Bij de keuze van bestemmingen in hoofdstuk 5 Planbeschrijving, is aangeven welke bestemmingen en bestemmingsregelingen uit deze beleidsuitspraken zijn afgeleid. In dit hoofdstuk worden buiten de planbeschrijving, ook de gekozen bestemmingen en bestemmingsregelingen globaal beschreven. Op de economische uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan wordt in hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid ingegaan. In hoofdstuk 7 Overleg en inspraak wordt verslag gedaan van het overleg en de inspraak.

12

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Hoofdstuk 2 2.1

Beschrijving van de bestaande situatie

Inleiding

Om te beschrijven op welke wijze rekening wordt gehouden met de verschillende waarden in het gebied en de verhoudingen van het plangebied tot het aangrenzende gebied, worden achtereenvolgens de ontstaansgeschiedenis, het cultureel erfgoed, de ruimtelijke structuren die in de loop van de tijd zijn ontstaan en de functionele opbouw van het plangebied beschreven.

2.2

Ontstaansgeschiedenis

Den Haag Zuidwest De structuur van Den Haag Zuidwest is geïnspireerd op de geomorfologische ondergrond van Den Haag met lange ontginningslijnen parallel aan de kust en dwars daarop gelegen verbindingen loodrecht op de kust. Tezamen vormen die de voor Zuidwest kenmerkende gridstructuur. Binnen deze herkenbare structuur werd het stedenbouwkundige gedachtengoed van de 'wijkgedachte' in de praktijk gebracht. Herkenbare woonwijken met een heldere hiërarchie in buurt-, wijk- en stadsdeelvoorzieningen. Naast de wijkgedachte is Den Haag Zuidwest na de Tweede Wereldoorlog opgezet als een stadswijk met 'licht, lucht en ruimte' voor de middenklasse. De nieuwe wijken moesten voldoen aan nieuwe inzichten op het gebied van stedenbouw en volkshuisvesting. De opzet van de woonwijken werd ruimer, opener en groener in vergelijking met vooroorlogse stadsuitbreidingen. Ook de kwaliteit van de woningen ging met grote sprongen vooruit. Bouwlust-Vrederust Stadsplanner Willem Dudok ging in zijn structuurplan voor Groot 's-Gravenhage uit 1949/1959 uit van vier woonwijken: Morgenstond, Bouwlust, Berestein en Vrederust. Deze wijken kwamen ten westen van Moerwijk te liggen. Om voldoende ruimte tussen het Westland en Den Haag te houden is de wijk Berestein gehalveerd en later toegevoegd aan Bouwlust. De Beresteinlaan werd niet volgens Dudoks plan doorgetrokken tot Loosduinen maar tot de Meppelweg.

Hiermee verviel Dudoks opzet van vier gelijkwaardige buurten met de Hengelolaan-Beresteinlaan als hart van dit deel van Den Haag Zuidwest. Het uitgewerkte ontwerp voor Bouwlust is van Frits van der Sluys uit 1952, dat is gebaseerd op een rechthoek waarbij verkeerswegen de wijk in negen buurten verdeelt. In 1953 startte de aanleg van de straten binnen Bouwlust-Vrederust. Vanwege de kritiek op het monotone Morgenstond besloot de gemeente de uitwerking van de buurten in handen te geven van een werkgroep van architecten. De wijk is door de verschillende individuele ontwerpen opgebouwd uit vele kleine ruimtelijke eenheden, die zich in opbouw en architectuur van elkaar onderscheiden. Bouwlust-Vrederust is daardoor gevarieerder dan Morgenstond. De eerste woningen in de wijk zijn omstreeks 1956 opgeleverd. Ruim 10 jaar later was de wijk voltooid. Bouwlust heeft door de samenvoeging van Berestein en Bouwlust een onduidelijk en langgerekt centrum gekregen, dat zich uitstrekt van het winkelcentrum De Stede tot aan het winkelcentrum aan de Beresteinlaan. De buurtwinkels liggen op pleintjes midden in de buurten. Tussen Morgenstond en Bouwlust-Vrederust is een brede strook met sportvelden en moestuinen te herkennen. Deze strook was gereserveerd voor een toekomstige spoorweg en autosnelweg, die er nooit zijn gekomen.

Plangebied - De Zichten en ontwikkel locatie Ruimzicht Steenzicht De buurt De Zichten is gebouwd tussen 1956 – 1959 en is als een stedenbouwkundige eenheid opgezet. De buurt bestaat uit hoofdzakelijk vierlaagse portiekwoningen langs de randen met daarbinnen laagbouw in korte strokenverkaveling. Centraal in de buurt ligt een cluster van wijkvoorzieningen, drie vierlaagse portiekflats met winkels, bedrijfsruimten en enkele garageboxen op de begane grond, een kerk en een verzorgingstehuis. Het verzorgingstehuis Vijverzicht heeft 10 jaar leeg gestaan voordat het in 2009 een tweede leven kreeg als hotel. Op dit moment voornamelijk bewoond door Oost-Europese arbeidsmigranten. Langs de Vrederustlaan staat de Shalomkerk: een gemeentelijk monument. De kerk is iets achter de

13

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

rooilijn geplaatst en opgetild boven het maaiveld waardoor de monumentaliteit van het gebouw wordt benadrukt en voor voetgangers een entree van de buurt vormt. Deze kerk markeert de hoek die de singel hier maakt.

2.3

Ruimtelijke structuur

In de Zichten vormt het bestaande stratenpatroon met volwassen bomen het uitgangspunt voor de ontwikkeling. Het streven is zoveel mogelijk bomen te behouden en dit openbare ruimte patroon te versterken tot een 'groen grid' als samenbindend element voor de daartussen gelegen bouwblokken. Het renoveren van de twee flats met voorzieningen in de plint tussen Ruimzicht en Het Zicht en het behoud van een viertal vve-flats langs de randen van de buurt leidt samen met de nieuwbouw en het groene grid met te behouden bomen tot een 'gelaagd stadsbeeld'. 2.3.1

Stedenbouwkundige structuur

De Zichten ligt op loopafstand van het winkelcentrum de Stede en de tramhaltes van lijn 9. Het aandeel grondgebonden woningen in De Zichten is relatief hoog, waardoor de woningdichtheid momenteel laag is. De potentie om te verdichten is hier groot. De openbare groenstructuur in de Zichten ligt met name aan de randen, waar ook het meeste collectieve groen op uitkomt. Deze randen hebben, mede door aangrenzende achterkanten van de woningen, weinig verblijfskwaliteit. Aan één zijde ligt De Zichten aan een strook met sportvelden, het 'groene assenkruis'. Deze grote groenstructuur van Zuidwest is vanuit De Zichten nu niet direct bereikbaar door de ligging van een sloot en een hek. Winkelcentrum De Stede is nabij, maar er zijn geen goede aantrekkelijke routes richting het winkelcentrum. De achterzijde van het winkelcentrum ligt richting de Zichten en de Vrederustlaan. Het interne netwerk van bomenlanen binnen de Zichten is duidelijk aanwezig. Veel bomen zijn nog in goede staat. In het midden van het buurtje ligt een karakteristiek bouwblok met winkels, voorzieningen en werkruimtes in de plinten. Dit bouwblok is de locatie Ruimzicht. Een aantal van deze functies heeft meerwaarde voor de buurt en brengen enige levendigheid.

De eengezinswoningen in De Zichten zijn op een uitzondering na georganiseerd in strokenverkavelingen, met kopgevels en hier en daar schuttingen van tuinen aan de straatkant. De 48 woningen van deze eengezinswoningen verspreid over zes bouwstroken aan Steenzicht, Ruimzicht en Het Zicht vormen de ontwikkellocatie Steenzicht.

2.3.2

Verkeer en infrastructuur

2.3.2.1 Gemotoriseerd verkeer De wijk De Zichten is globaal gelegen tussen de Melis Stokelaan, Vrederustlaan, Hengelolaan en het Sportpark Escamp. Binnen de wijk zijn alleen erftoegangswegen (woonstraten) aanwezig met gemengd verkeer. Via Het Zicht is de wijk ontsloten op de Hengelolaan, daarnaast sluiten het Steenzicht, Vijverzicht en Veldzicht aan op de Vrederustlaan. De Hengelolaan en Vrederustlaan zijn gebiedsontsluitingswegen, via deze wegen is de wijk goed verbonden met de andere wijken en voorzieningen in Escamp en daarbuiten. 2.3.2.2 Openbaar vervoer Langs de Melis Stokelaan rijdt tramlijn 9, deze verbindt De Dreven (via het Zuiderpark en het centrum) en Scheveningen. Op de Hengelolaan rijden buslijnen 21 en 25. Buslijn 21 rijdt ook over de Vrederustlaan en rijdt tussen De Dreven (via Loosduinen en Segbroek) en Scheveningen. Lijn 25 rijdt tussen De Dreven (via Haagse Markt) naar het centrum van Den Haag.

14

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

2.3.2.3 Langzaam verkeer De wijk is ingericht conform Duurzaam Veilig als een 30 km/uur zone. Langs de straten zijn veelal aan beide zijden stoepen aanwezig, plaatselijk zijn deze soms smal vanwege bijvoorbeeld bomen in het trottoir. Vanaf het Ruimzicht zijn ook enkele voetgangersdoorsteken naar het Sportzicht aanwezig. Hier ligt ook een speelvoorziening voor kinderen. Parallel aan het Veldzicht ligt ook een looproute langs het water, deze sluit aan op het Sportzicht. Binnen de woonwijk zijn geen vrijliggende fietspaden aanwezig, de fietser maakt gebruik van de rijbanen voor het autoverkeer. Bij de hoofdwegen langs het plangebied zijn deze fietspaden wel aanwezig. 2.3.2.4 Parkeren Het parkeren in en in de omgeving van het plangebied vindt grotendeels plaats op de openbare weg. 2.3.3

Groen

Groen en water bepalen in belangrijke mate het beeld van Zuidwest. Er zijn royaal gedimensioneerde straatprofielen met veel ruimte voor bomenrijen en singels met groene oevers. Het plangebied ligt aan één van de kenmerkende straatprofielen voor Zuidwest, namelijk de Hengelolaan. De openbare groenstructuur in De Zichten ligt met name aan de randen, waar ook het meeste collectieve groen op uitkomt. Deze randen hebben, mede door aangrenzende achterkanten van de woningen weinig verblijfskwaliteit. Aan één zijde ligt De Zichten aan het eerder genoemde groene assenkruis. Deze grote groenstructuur van Zuidwest is vanuit De Zichten nu niet direct bereikbaar door de liggen van een sloot en een hek. Het interne netwerk van bomenlanen binnen De Zichten duidelijk aanwezig. Veel bomen zijn nog in goede staat. 2.3.4

Water

Het projectgebied ligt in de Eshofpolder. De Eshofpolder is één van de lager gelegen gebieden van Den Haag en is qua hoogteligging grofweg te verdelen in vier gebieden, waarvan één het bebouwde gebied van Bouwlust is. Bouwlust heeft op diverse plaatsen waterpartijen. Het meeste open water ligt langs de Lozerlaan en het winkelcentrum De Stede. Rond de Zichten loopt verder een watergang die aansluit op de grotere waterpartij bij het winkelcentrum. 2.3.5

Bodem

Uit de bodemonderzoeken in het projectgebied blijkt dat het plangebied verdacht is voor lichte bodemverontreiniging met zware metalen, minerale olie, PAK en PCB in de (toplaag van de) bodem. Het betreft ten hoogste lichte verontreinigingen waardoor sanerende maatregelen of nader onderzoek niet nodig zijn. Met betrekking tot asbest blijkt uit de bodemonderzoeken dat de bovenste halve meter van de bodem over het algemeen niet verontreinigd is met asbest. Op enkele plekken is een licht verhoogde concentratie van asbest vastgesteld (maximaal 35,9 mg/kg). Hiermee is het plangebied verdacht voor verontreiniging met asbest in de grond. Aangezien het aangetroffen gehalte minder dan de helft van de interventiewaarde (50 mg/kg) betreft is geen nader onderzoek naar asbest in de grond nodig. Uit onderzoek naar PFAS is gebleken dat de grond licht verontreinigd is met PFAS. De grond voldoet over het algemeen indicatief aan de kwaliteitsklasse wonen. Plaatselijk voldoet de grond indicatief niet aan de klasse wonen. Dit betreffen maximaal licht verhoogde gehalten, waardoor sanerende maatregelen of nader onderzoek niet nodig is. Ter plekke van Steenzicht zijn geen lokale verontreinigingen als gevolg van potentieel verdachte activiteiten uit het verleden vastgesteld. Deze lokale verontreinigingen zijn wel ter plekke van Ruimzicht aangetroffen.

Het gaat om Ruimzicht 9-29 (autoreparatiebedrijf en benzine-service-station), Het Zicht 42 (schoenenherstelinrichting) en Het Zicht 96 (bedrijf voor grafische toepassingen). Hier zijn ten hoogste lichte verontreinigingen (lood, zink en PCB) aangetroffen. Omdat het ten hoogste lichte verontreinigingen

15

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

betreffen, zijn sanerende maatregelen of nader onderzoek niet nodig.

2.3.6

Kabels en leidingen

In het plangebied bevinden zich de reguliere kabels en leidingen.

2.4

Functionele structuur

2.4.1

Gemengd

In de te handhaven bebouwing aan Ruimzicht en Het Zicht geldt in de plint een gemengde bestemming, die de volgende activiteiten toestaat: a. bedrijfsmatige activiteiten ten behoeve van bedrijven in de categorieën A en B van de bij dit bestemmingsplan behorende 'Staat van bedrijven bij functiemenging' als opgenomen in bijlage 2 van de regels met uitzondering van garagebedrijven tenzij in dit artikel anders is bepaald; b. dienstverlening; c. maatschappelijk, waaronder wordt begrepen: d. bibliotheek; e. medische en paramedische voorzieningen, met dien verstande dat uitsluitend zijn toegestaan functies die niet kunnen worden aangemerkt als 'andere geluidgevoelige gebouwen' als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder; f. openbare dienstverlening; g. religie; h. verenigingsleven; i. welzijnsvoorzieningen, gericht op sport, cultuur en maatschappelijk welzijn. 2.4.2

Wonen

Het plangebied is voornamelijk in gebruik voor woningen. In totaal gaat het om 114 sociale huurwoningen in eigendom van Staedion.

16

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskaders

Inleiding

Het bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht" vindt zijn basis in ruimtelijk beleid zoals dat in nota's en plannen van het rijk, provincie, stadsgewest en gemeente is vastgelegd. Dit hoofdstuk beschrijft het beleidskader dat op dit bestemmingsplan van toepassing is. De eerste paragraaf gaat in op allesomvattende ruimtelijke beleid van het Rijk, de provincie, regio en de gemeente. Daarna wordt het specifieke beleid voor een aantal relevante thema's uiteen gezet. De 'ruimtelijke vertaling' van het beleid in de Regels en op de Verbeelding wordt beschreven in hoofdstuk 5.4 Keuze en verantwoording van bestemmingen.

3.2

Ruimtelijk beleid

3.2.1

Rijksbeleid

Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Hierbij hoort een rijksbrede visie op de leefomgeving; de Nationale Omgevingvisie (NOVI), die de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte heeft vervangen. In de NOVI zijn 21 nationale belangen en opgaven benoemd, waarbij de volgende vier prioriteiten worden onderscheiden: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor Klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Bij het kiezen tussen strijdige ruimtelijke belangen worden drie afwegingsprincipes gehanteerd: combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies; kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; afwentelen wordt voorkomen. Bij vaststelling is in de NOVI ook een uitvoeringsagenda opgenomen. Samen met de regio's wil het rijk samenwerkingsafspraken opnemen in Gebiedsagenda's. Het abstractieniveau van de NOVI is van een andere orde dan de thema's die in het plangebied spelen. Toch kan gesteld worden dat dit bestemmingsplan aansluit bij de uitgangspunten uit de NOVI. Ladder voor duurzame verstedelijk ing De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Verantwoord dient te worden dat er behoefte is aan nieuwe ruimte voor woningen, werken, detailhandel en voorzieningen. Deze behoefte moet blijken uit een regionaal afgestemd programma en de afspraken gemaakt in Haaglandse gemeenten in een Regionaal Structuurplan 2020. Het Bro bepaalt dat voor bestemmingsplannen de treden van de ladder moet worden doorlopen.

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De Wet ruimtelijke ordening geeft aan de regering de mogelijkheid om bij algemene maatregel van bestuur (AmvB) regels te geven waarmee gemeenten bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening moeten houden. Het gaat daarbij niet alleen om procedureregels maar ook om de inhoud van bestemmingsplannen. Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden (Stb. 2011, 391). Bij het vaststellen van bestemmingsplannen, wijzigings- of uitwerkingsplannen maar ook bij projectuitvoeringsbesluiten (Crisis- en herstelwet) moeten gemeenten rekening houden met het Barro.

17

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Een aantal projecten dat de regering van Rijksbelang vindt, wordt met het Barro dwingend geborgd in bestemmingsplannen of in andere ruimtelijke plannen van lagere overheden. De projecten worden benoemd en middels digitale kaarten ingekaderd. Per project worden regels gegeven waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Voor Den Haag zijn de binnen de gemeente gelegen militaire terreinen met de daarbij behorende zenden ontvangstinstallaties, en het Kustfundament van belang. In 2016 is een Besluit tot wijziging van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening in verband met de herziening van de Beleidslijn kust en enige andere wijzigingen van kracht geworden. Volgens het Barro zijn er in het bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht" geen projecten van Rijksbelang aanwezig waarmee bij de vaststelling van dit plan rekening moet worden gehouden 3.2.2

Provinciaal beleid

Omgevingsvisie Zuid-Holland Met het oog op de invoering van de Omgevingswet heeft de provincie Zuid-Holland al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving gebundeld in een Omgevingsvisie, Omgevingsverordening en bijbehorende programma's. De Omgevingsvisie is op 1 april 2019 in werking getreden en geldt als structuurvisie. Naast de beleidskeuzes bevat de visie een beschrijving van de ruimtelijke hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland en de omgevingskwaliteit. De Omgevingsvisie omvat de volgende wettelijk verplichte plannen: de provinciale ruimtelijke structuurvisie, artikel 2.2 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro); het milieubeleidsplan, artikel 4.9 van de Wet milieubeheer (Wm); het regionale waterplan, artikel 4.4 van de Waterwet (Ww); het verkeers- en vervoersplan, artikel 5 van de Planwet verkeer en vervoer; de natuurvisie, artikel 1.7 van de Wet natuurbescherming (Wnb). De provincie wil met haar omgevingsvisie een uitnodigend perspectief bieden, zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. Daarom omvat de Omgevingsvisie geen eindbeeld voor 2030 of 2050, maar wel ambities die voortkomen uit actuele maatschappelijke opgaven. De provincie ziet zes richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving.

Deze zijn: Naar een klimaatbestendige delta Naar een nieuwe economie: the next level Naar een levendige meerkernige metropool Energievernieuwing Best bereikbare provincie Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving Omgevingsverordening Zuid-Holland De provinciale Omgevingsverordening als bedoeld in artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening is per 1 april 2019 in werking getreden en vertaalt het beleid uit de Omgevingsvisie in regels. Deze regels zijn bindend voor gemeentelijke bestemmingsplannen en daarmee gelijkgestelde ruimtelijke plannen. De verordening bevat onder andere regels omtrent de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking voor stedelijke ontwikkelingen, de aanwijzing van kantorenlocaties, het opnemen van bedrijfsbestemmingen en de bescherming van natuurgebieden. De ontwikkeling op deze locatie is een stedelijke ontwikkeling als genoemd in artikel 6.10 van de verordening. Voor toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking wordt verwezen naar paragraaf 5.3.1. Op grond van artikel 6.9 (Ruimtelijke kwaliteit) van de provinciale verordening kan een bestemmingsplan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit:

18

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

- De ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart (inpassen). - Als de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar wijziging op structuurniveau voorziet (aanpassen), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door: 1. Zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart, en 2. Het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen zoals bedoeld in het derde lid. Als de ruimtelijke ontwikkeling niet past bij de bestaande gebiedsidentiteit (transformeren), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door: 1. Een integraal ontwerp, waarin behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht is besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd, alsmede rekening is gehouden met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart, en 2. Het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen zoals bedoeld in het derde lid. Voor de ruimtelijke ontwikkeling in dit bestemmingsplan is onderdeel b van toepassing.

De ruimtelijke kwaliteit blijft ten minste gelijk door een zorgvuldige inpassing. Dit blijkt uit hoofdstuk 5. Ontwerp Zuid-Hollandse Omgevingsbeleid De Zuid-Hollandse Omgevingsverordening bevat de provinciale regelgeving voor de fysieke leefomgeving. Het betreft grotendeels de regels die nu nog zijn opgenomen in de Omgevingsverordening Zuid-Holland, die in werking is getreden op 1 april 2019. Van 11 mei tot en met 22 juni 2020 heeft het ontwerp Zuid-Hollandse Omgevingsverordening ter inzage gelegen. Momenteel worden de ingediende zienswijzen verwerkt. De Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (ZHOV) is 15 december 2021 vastgesteld door Provinciale Staten. Nu de Provinciale Staten een besluit heeft genomen over de nieuwe ZHOV, zal de huidige omgevingsverordening worden ingetrokken. Met de ontwerp Zuid-Hollandse Omgevingsverordening zijn geen grote inhoudelijke veranderingen beoogd ten opzichte van de huidige situatie. Wel is zo veel mogelijk aangesloten bij de terminologie en structuur van de Omgevingswet.

3.2.3

Regionaal beleid

De metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) heeft de taken overgenomen van het in 2015 opgeheven Stadsgewest Haaglanden De MRDH is een samenwerkingsverband van 23 gemeenten die hun krachten bundelen om het gebied beter bereikbaar te maken en het economisch vestigingsklimaat te versterken. De MRDH werkt vanuit twee agenda's: de Strategische Agenda MRDH 2022- Samen aan het werk (verder Agenda) en de Strategische Bereikbaarheidsagenda Vervoersautoriteit. Voorts is het Investeringsprogramma voor een Economisch sterke regio richtinggevend. MRDH heeft het Investeringsprogramma samen met de Provincie Zuid-Holland, de Economische Programmaraad Zuidvleugel en de regio's Holland-Rijnland en Drechtsteden opgesteld. Vanuit de focus op het vernieuwen van de economie en het verbeteren van de bereikbaarheid werkt MRDH aan de ruimtelijk-economische versterking van de regio en het verhogen van het welzijn en de welvaart van haar inwoners. In 2016 is de Roadmap next economy samengesteld. Dit is een langetermijnvisie op een duurzame en concurrerende economie in de metropoolregio. Hierin zijn ambities geformuleerd, zoals het stoppen van CO2-uitstoot, hergebruiken van afval, permanent leren en een maatschappij waar iedereen aan deel kan nemen. Deze ambities zijn inmiddels in de Agenda verwerkt. Volgens de Agenda zet de metropoolregio zich in voor: 1.

verbetering van de (internationale) bereikbaarheid van de metropoolregio; 2. economische vernieuwing; 3. transitie naar toonaangevende duurzaamheid;

19

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

4. attractiviteit van de regio. Binnen de pijler economie zijn diverse doelen bepaald die het vestigingsklimaat verbeteren voor high tech bedrijvigheid en innovatie (campussen netwerk), maar ook voldoende ruimte biedt voor maakindustrie (terugdringen van werkloosheid). Door investeren in recreatie en groen wordt de regio niet alleen gezonder, maar ook aantrekkelijker voor talent. Het mobiliteitsbeleid richt zich niet alleen op het hoge schaalniveau, zoals het versterken en verduurzamen van (macro)regionale en intraregionale verbindingen. Er wordt geïnvesteerd in veiligheid, in een betere bereikbaarheid van woon- en werklocaties en in snel, efficiënt en flexibele deur tot deur oplossingen. Het bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht" is in overeenstemming met het regionaal beleid zoals verwoord in de Agenda. 3.2.4

Gemeentelijk beleid

3.2.4.1 Wéreldstad aan Zee, Structuurvisie Den Haag 2020 De Structuurvisie Den Haag 2020 beschrijft de toekomstvisie van Den Haag op de ruimtelijke ontwikkeling van de stad in regionaal perspectief tot het jaar 2020 (Rv 197 - 2005; RIS 129201). De ambitie is om van Den Haag een 'Wereldstad aan Zee' te maken door de sterke kwaliteiten van Den Haag te benutten: een internationale stad, een stad aan zee, een multiculturele stad en een monumentale residentie. De structuurvisie gaat uit van een lichte groei van het aantal inwoners (nu ca 500.000) en een groei van het aantal arbeidsplaatsen in 2020. Dat betekent dat er ca 40.000 woningen moeten worden toegevoegd in de bestaande stad, door verdichting. In de structuurvisie wordt de Wéreldstad aan Zee vorm gegeven door ontwikkelingen in vijf kansenzones (het Centrum, de Lijn 11-zone, de Internationale Kustzone, de Vliet/A4-zone en de Schakelzone Lozerlaan). Het bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht" ligt langs de kansenzone Lozerlaan. In de kansenzones liggen ontwikkelingsgebieden waarin de ambitie van de structuurvisie het sterkst tot haar recht komt. Het plangebied valt buiten deze zone.

3.2.4.2 Agenda Ruimte voor de stad De Agenda Ruimte voor de stad (RIS295016, door de raad vastgesteld op 15 december 2016) is het richtinggevend document voor de ruimtelijke ontwikkeling van de stad en als zodanig de ruimtelijke onderlegger voor de nog op te stellen Omgevingsvisie die, wanneer de nieuwe Omgevingswet van kracht wordt, ook voor gemeenten verplicht gesteld is. Voor de Agenda Ruimte voor de Stad zijn vier transitieopgaven van belang: de ontwikkeling naar een nieuwe economie, de vraag om een inclusieve en veerkrachtige samenleving, de roep om slimme stadsontwikkeling en de opgave voor de overheid om in dit proces organiserend vermogen te tonen en ruimte te bieden voor maatschappelijk initiatief. Met behulp van negen principes voor stedelijke ontwikkeling wordt in de Agenda Ruimte voor de Stad aangegeven hoe de ontwikkelingen gestuurd wordt:. Kwaliteit van het proces door samen stad maken waar mogelijk ruimte aan initiatiefnemers, daarbij hoort ook experimenteerruimte die belangrijk is voor innovatie en dynamiek in de stad en ruimtelijke keuzen om antwoorden te bieden op de stedelijke en regionale opgaven. Ruimtelijke kwaliteit, zoals groen, cultuurhistorisch erfgoed en de buitenruimte omdat die in belangrijke mate bijdraagt aan een aantrekkelijke leefomgeving en het economisch vestigingsklimaat.

Kwaliteit door integrale samenhang met sociaal-maatschappelijke opgaven, zoals de opgave om sociaaleconomische differentiatie, functiemenging en ruimte voor wijkeconomie te bevorderen in wijken waar dat nodig is gelet op bijvoorbeeld werkeloosheid. Het belang van veel lopende projecten wordt met deze agenda benadrukt. Goede uitvoering met ook oog voor de tijdelijke situatie vraagt een enorme inzet.

20

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Daarnaast zijn er een aantal grotere strategische ontwikkelingen geagendeerd in deze agenda. Voor een aantal ontwikkelingen zal gestart worden met verkenningen om zicht te krijgen op mogelijke programma's, en alliantievorming. Dergelijke verkenningen zullen onder andere voor delen van het Central Innovation District, de Binckhorst en Scheveningen, mede in het licht van de gewenste schaalsprong die in het openbaar vervoer gemaakt moeten worden. Voor het plangebied is het hoofdstuk "Zuidwestflank" van belang. Het plangebied ligt in een gebied waar: de vernieuwing van stadswijken in gang gezet wordt kansen voor verdichting liggen de relatie tussen de stad en het landschap verbeterd kan worden. Met dit bestemmingsplan wordt vooral invulling gegeven aan de eerste twee genoemde punten.

3.3

Cultureel erfgoed

3.3.1

Cultuurhistorische waarde

De Monumentenwet 1988 is per 1 juli 2016 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze in 2019 in werking treedt. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. Het betreft: bescherming van stads- en dorpsgezichten vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering van rijksmonumenten verordeningen, bestemmingsplannen, vergunningen en ontheffingen op het gebied van archeologie. In het plangebied zijn geen waardevolle cultuurhistorische elementen aanwezig. 3.3.1.1 Monumentale gebouwen In het plangebied bevinden zich geen monumentale gebouwen. 3.3.2

Archeologie

Gemeenten hebben de taak om bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening te houden met aanwezige en te verwachten archeologische waarden (overgangsrecht Erfgoedwet). Voor het gehele grondgebied van Den Haag heeft de gemeente een Archeologische Waarden- en Verwachtingenkaart (AWVK) opgesteld. In de Beleidsnota Archeologie 2011-2020 'In het verleden ligt het heden' (RIS 180680) geeft de gemeente aan hoe ze zorg wil dragen voor de archeologische sporen en resten in de Haagse ondergrond. Op de gemeentedekkende AWVK komen drie eenheden voor waaraan de gemeente beleid heeft gekoppeld: 1. Terreinen met een archeologische waarde, dat wil zeggen: waarvan is vastgesteld dat er zich belangrijke archeologische sporen en resten bevinden. In het kader van de archeologische monumentenzorg stelt de gemeente hier voorwaarden aan bodemverstorende activiteiten dieper dan 50 cm onder maaiveld; 2. Gebieden waar archeologische resten en sporen kunnen worden verwacht (op basis van de bodemopbouw en/of historische kaarten). Bij activiteiten met een bodemverstoring groter dan 50 m2 en dieper dan 50 cm onder maaiveld stelt de gemeente hier voorwaarden voor onderzoek en bescherming van mogelijk aanwezige sporen en resten. 3. Gebieden waar geen archeologische sporen/resten (meer) worden verwacht.

Hier verbindt de gemeente op het gebied van de archeologie geen voorwaarden aan bodemverstorende activiteiten.

21

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Deze verwachtingen zijn verwerkt in de Haagse bestemmingsplannen door dubbelbestemmingen “Waarde – Archeologie” met verschillende gradaties op te nemen. Het plangebied kent in het geldende bestemmingsplan Bouwlust geen dubbelbestemming voor archeologie. Hiermee is het thema archeologie in dit plangebied niet van toepassing.

3.4

Groen

3.4.1

Agenda Groen voor de stad

In de Agenda Groen voor de Stad.2016 (vastgesteld 15 december 2016, RIS294705) wordt geconstateerd dat door de toenemende bevolking en het bijbehorende ruimtebeslag de leefkwaliteit in het algemeen en het groen in het bijzonder soms onder druk komt te staan. Omdat Den Haag een aantrekkelijke stad wil blijven voor bewoners, bezoekers en bedrijven, moeten er strategische keuzes worden gemaakt op het gebied van verdichting, vergroening en verduurzaming. De ambitie is een verdere kwalitatieve ontwikkeling van het Haagse groen, waarbij ruimte bestaat voor verandering en initiatief en bij ontwikkelingen groen toekomstbestendig wordt vormgegeven: groen kapitaal als basis voor een goede leefkwaliteit. Het doel is het Haagse groen kwalitatief te ontwikkelen. De stedelijke leefkwaliteit is afhankelijk van gebiedskenmerken als bebouwingsgraad, aanwezigheid van infrastructuur en het gebruik van de ruimte (wonen, werken, recreatie, natuur). Het Haagse Groen moet gezien worden als een vorm van kapitaal met de ecologische, de maatschappelijke en de economische waarde. Mede op basis van de stadsgesprekken en het online platform zijn deze waarden uitgewerkt in zes thema's: klimaat, biodiversiteit, gezondheid, ontspanning imago en ontwikkeling. Voor Hagenaars voelt het vaak of groen voor nieuwe ontwikkeling moet wijken.

Het is de uitdaging om intensivering te combineren met een waardevolle, betekenisvolle, gezonde en goed functionerende groenstructuur. Intensivering van de stad vraagt om intensivering van groen en groenkwaliteit. Naarmate de stad verdicht, neemt de waarde van het groen toe. Omgekeerd zorgt groen ook voor toename van vastgoedwaarde. Deze twee waarden zouden elkaar moeten vinden en versterken. Elke (vastgoed)ontwikkeling draagt bij aan de groene kwaliteit van Den Haag. Dit gebeurt op verschillende wijze: op de klassieke wijze door ontwikkeling van parken en straatgroen, door het ontwikkelen en openstellen van groene binnengebieden en daktuinen, als ook het realiseren van geveltuintjes of groene gevels. Ook kunnen investeringen in kwaliteit of gebruikswaarde uitkomst bieden. Stedelijke Groene Hoofdstructuur De Stedelijke Groene Hoofdstructuur van Den Haag bepaalt voor een belangrijk deel het karakter van de stad. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur dient duurzaam in stand gehouden te worden en waar mogelijk versterkt (RIS300506). Het groen heeft vele functies, één daarvan is de functie als stedelijk natuurnetwerk, dat wil zeggen de drager van de stedelijke natuur en verbindingsstructuur voor de omliggende natuur. Deze structuur sluit aan op het Natuurnetwerk Nederland (NNN).

De Stedelijke Groene Hoofdstructuur bestaat uit kerngebieden (de groengebieden) met daartussen de ecologische verbindingszones. 3.4.2

Nota Stadsnatuur

In Den Haag zien we de natuur als belangrijk onderdeel van onze stad. Een stad met een vitale stadsnatuur is een gezonde stad. In de Nota Stadsnatuur (vastgesteld 16 december 2020, RIS305824) zijn handvatten opgenomen waarmee we werken aan een gezond stadsecosysteem met meer biodiversiteit. De Nota stadsnatuur is de opvolger van de Nota Ecologische Verbindingszones 2008-2018 (RIS 159450) en vormt een uitwerking van de Agenda Groen voor de Stad (RIS 294705). Een groene stad heeft veel te bieden aan inwoners. Bomen en planten zorgen immers voor verkoeling tijdens warme zomers en bieden een aangename plek voor bewoners om te verblijven. Een groene stad

22

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

is ook beter toegerust om mee te bewegen op veranderingen in het klimaat, zoals uitschieters in temperaturen en neerslag. Een stad waar veel verschillende planten- en diersoorten zoals vlinders en vogels voorkomen, blijkt positief te zijn voor het welzijn van mensen. Een hoge biodiversiteit zorgt ervoor dat lastige soorten minder kans krijgen en er genoeg natuurlijke vijanden zijn om plaagsoorten in toom te houden. Een belangrijke voorwaarde voor een gezond stadsecosysteem is de aanwezigheid van een uitgebreid netwerk van groengebieden die onderling met elkaar verbonden zijn. De groengebieden zijn de belangrijke kerngebieden voor allerlei planten- en diersoorten. De ecologische verbindingszones zorgen als robuuste brede groenblauwe structuren voor de verbinding van deze gebieden. Zo kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen en functioneren deze daarnaast ook als belangrijke leefgebieden. In deze nota wordt de nadruk gelegd op een optimale ecologische inrichting door middel van vuistregels voor biotopen en -beheer, behoud en de mogelijke uitbreiding van de ecologische verbindingszones. Is extra ruimtebeslag van een niet-ecologische functie onvermijdelijk dan moet de inpasbaarheid hiervan worden onderzocht.

Naast het behoud en de ontwikkeling van bovengenoemd netwerk, wordt aandacht besteed aan het rekening houden met leefomstandigheden van planten en dieren bij beheer en inrichting van groen in brede zin. We werken aan een natuurinclusieve stad met een ecologisch gezond stadswatersysteem, het beheersbaar houden van overlastgevende planten en dieren en zetten we in op monitoring van onze stadsnatuur. Het plangebied maakt geen deel uit van het netwerk van ecologische verbindingszones. Buiten het plangebied ligt een ecologische verbindingszone langs de rand van sportpark Escamp I. De hoofdboomstructuur ligt langs de Hengelolaan (zie onderstaande afbeelding) ook buiten het plangebied.

23

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Uitsnede kaart Nota Stadsnatuur met rode pijl naar rood omcirkeld plangebied

3.4.3

Bomen

Op 15 april 2021 is de Nota Stadsbomen “Leefkwaliteit voor de stad” (RIS 307827) is het beleid met betrekking tot bomen in Den Haag verwoord. Het verbeteren van de leefkwaliteit in de stad is een hoofdambitie, die genoemd is in de "Agenda Groen voor de Stad" (RIS 294705). Met het nieuwe beleid voor de stadsbomen wordt deze ambitie concreet ingevuld door twee doelen te stellen: we werken aan de toekomstbestendigheid van ons stadsbomennetwerk; we willen meer kroonoppervlak in onze stad Op 22 september 2011 is het gewijzigde initiatiefvoorstel behoudens waardige Bomen aangenomen (RIS 166340). De uitwerking van het voorstel heet: “Planbeoordeling Haagse Bomen”. Doel is om gemeentelijke bomen beter te beschermen bij gebiedsontwikkeling door tijdig de waarden van de bestaande bomen op het betreffende object in te schatten en te betrekken bij de bestuurlijke besluitvorming van (beginsel- en) bouwplannen. Op 1 oktober 2013 is de lijst met behoudens waardige Bomen uitgebreid door het Vaststellen totaallijst vijfde tranche Monumentale Bomen in Den Haag (RIS 265314). In de Algemene Plaatselijke Verordening is de bescherming van bomen vastgelegd. Volgens de

24

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Algemene plaatselijke verordening (APV) van Den Haag, artikel 2.80 e.v., is voor het kappen van bomen een omgevingsvergunning nodig (RIS 174540). Door deze bescherming kunnen belangen zorgvuldig worden afgewogen voordat een omgevingsvergunning wordt afgegeven dan wel geweigerd. Daarnaast is een mogelijkheid opgenomen om monumentale bomen aan te wijzen. Monumentale bomen hebben een hogere beschermingsstatus. Voor een volledig overzicht van de monumentale bomen in Den Haag is op de website van de gemeente Den Haag de meest actuele lijst en kaart terug te vinden. In hoofdstguk 4.6.8 van deze toelichting is een overizht opgenomen van de bomenbalans in het plangebied,

3.4.4

Natuurinclusief bouwen

De gemeente wil natuurinclusief bouwen in de stad bevorderen (2019, RIS 301953). Bij de evaluatie van juni 2021 (RIS 309253) wordt dit nogmaals bevestigd. Enerzijds gaat het om het verbeteren van de leefomstandigheden van huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen. Dit zijn soorten die onder druk staan doordat gebouwen tegenwoordig zo gebouwd worden dat deze soorten geen nestelgelegenheden meer hebben. Anderzijds gaat het om een veel bredere opgave om meer natuurlijk groen in de directe woonomgeving toe te passen. Door de verdere stedelijke verdichting die door de verwachte bevolkingsgroei zal plaatsvinden is deze opgave extra actueel. Daarom wil de gemeente Den Haag aandacht voor het toevoegen van groen (met natuurwaarden) op en aan gebouwen, op binnenterreinen en in de openbare ruimte. Met bestemmingsplan "Steenzicht en Ruimzicht" wordt een ontwikkeling mogelijk gemaakt waarbij het Puntensysteem voor groen- en natuurinclusief bouwen van toepassing is. Het gaat aan het Steenzicht om nieuwbouw gelegen in de stadszone-woonwijken. Hierdoor dient het te behalen aantal punten voor daken en gevels, verblijf/nestkasten en direct omgeving van het gebouw minimaal resp. 6, 4 en 6 punten te zijn. Deze punten kunnen behaald worden met het toepassen van maatregelen uit de tabel in Bijlage 6 Puntensysteem Natuurinclusief bouwen.

3.5

Water

Diverse beleidsstukken op verschillende schaalniveaus zijn van belang voor het thema water. De belangrijkste worden hieronder behandeld. 3.5.1

Europees en Rijksbeleid

De Europese Kaderrichtlijn Water (2000/60/EG) is december 2000 in werking getreden. De richtlijn heeft tot doel de chemische en ecologische kwaliteit van al het oppervlakte- en grondwater in Europa te verbeteren. De richtlijn stelt daartoe eisen aan het waterbeheer in alle lidstaten. Streefdatum voor het bereiken van de gewenste waterkwaliteit is 2015, met eventueel uitstel tot 2027. De doelstellingen worden uitgewerkt in (deel)stroomgebiedsbeheerplannen. In deze plannen staan de ambities en maatregelen beschreven. De Europese Kaderrichtlijn heeft, waar het de gemeente betreft, consequenties voor riolering, afkoppelen, toepassing van bouwmaterialen en het ruimtelijke beleid (inrichting van watergangen en oevers). Het nationaal waterbeleid is vastgelegd in het Nationaal Waterplan 2016-2021 (NWP2). Dit plan vervangt het Nationaal Waterplan 2009-2015 inclusief alle tussentijdse wijzigingen. Het NWP2 geeft het integrale kader voor het waterbeleid van het Rijk voor de komende zes jaar en geeft uitvoering aan de Europese richtlijnen voor waterkwaliteit, de mariene strategie en de overstromingsrisico's. De Stroomgebiedbeheerplannen, het Programma van maatregelen mariene strategie, de Beleidsnota Noordzee en de Overstromingsrisicobeheerplannen maken onderdeel uit van het NWP2.

25

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Tegelijk met het NWP2 is het Beheer- en ontwikkelplan voor de rijkswateren 2016-2021(Bprw) vastgesteld met daarin de operationele uitwerking van het NWP2 voor de rijkswateren:de rollen en taken van Rijkswaterstaat en de hoofdlijnen van het beheer en onderhoud. Het NWP2 geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Met dit NWP2 wordt een volgende ambitieuze stap in het robuust en toekomstgericht inrichten van het landelijke watersysteem, gericht op een goede bescherming tegen overstromingen, het voorkomen van wateroverlast en droogte en het bereiken van een goede waterkwaliteit, een duurzaam beheer en goede milieutoestand van de Noordzee en een gezond ecosysteem als basis voor welzijn en welvaart. Hierbij wordt gestreefd naar een integrale benadering, door economie (inclusief verdienvermogen), natuur, scheepvaart, landbouw, energie, wonen, recreatie en cultureel erfgoed zo veel mogelijk in samenhang met de wateropgaven te ontwikkelen. Het beleid en de maatregelen in dit Nationaal Waterplan dragen bij aan het vergroten van het waterbewustzijn in Nederland. 3.5.2

Provincie

Het beleid van de Provincie Zuid Holland is gebaseerd op het besluit van 29 juni 2016 waarin is aangegeven dat het Regionaal waterplan Zuid-Holland 2016 – 2021 bestaat uit: de onderdelen van de Visie Ruimte en Mobiliteit voor wat betreft de onderdelen die behoren tot het regionale waterbeleid, waaronder specifiek paragraaf 4.2: 'Water: versterking van de samenhang in identiteit, kwaliteit, en veiligheid', inclusief de kaarten 11 (Waterveiligheid) en 12 (Zoetwater-voorziening en oppervlaktewater); inclusief bijbehorende bijlagen.; de Voortgangsnota Europese Kaderrichtlijn Water 2015 inclusief bijlagen, vastgesteld door PS van Zuid-Holland d.d. 14 oktober 2015 en het provinciaal Waterplan Zuid-Holland 2010-2015, op de onderdelen: Waarborgen waterveiligheid, Regionale keringen (Normen compartimenteringdijken en voorlandkeringen(paragraaf 4.4.3 doelstelling 4) en Realiseren mooi en schoon water: het thema 'Water en natuur': opstelling beheerplannen voor Natura2000 gebieden, inclusief aanpak van verdroging (paragraaf 5.4.3, doelstelling 1) en het thema 'Vismigratie': opheffen vismigratieknelpunten (paragraaf 5.6.3). 3.5.3

Hoogheemraadschap van Delfland

Waterbeheerplan 2016-2021 Strategie richting een toekomstbestendig en samenwerkingsgericht waterschap” [7] In het Waterbeheerplan heeft Delfland de ambities en doelstellingen voor de komende jaren vastgelegd. Voor de zorgplicht voor 'droge voeten', 'stevige dijken' en 'schoon water' zijn meerjarenprogramma's opgesteld die doorlopen in de planperiode tot 2027. Delfland zet in op stedelijk waterbeheer en samen met gemeenten werken wij aan klimaatadaptatie. Een duurzaam en toekomstbestendig watersysteem is vertaald naar zelfvoorzienendheid door het sluiten van kringlopen van water, energie en grondstoffen. Om doelen te bereiken werkt Delfland samen met gebiedspartners en werken we aan het waterbewustzijn om draagvlak te vergroten. Ambities: Zoet water is van levensbelang en daarom is het belangrijk dat iedereen zuinig omgaat met water en zorgt dat het water schoon blijft. Gezuiverd afvalwater hergebruiken en zorgen dat water langer in het gebied bewaard blijft voor droge tijden. Klimaatverandering leidt vaker tot langdurige droogte en heftiger regenbuien. Om de stad klimaatbestendig te maken wordt met partijen gezorgd naar slimme manieren om water langer vast te houden zonder dat het tot overlast leidt. Om de waterkwaliteit te verbeteren neemt Delfland verschillende maatregelen en controleert nog beter op illegale lozingen.

Het water in zwemplassen moet tijdens warme dagen vrij zijn van blauwalgen en bacteriën. Door samen te werken kunnen ook kosten worden bespaard. Bij elke ontwikkeling wordt gekeken welke kansen er zijn om het watersysteem toekomstbestendiger te maken. Watertoets

26

bestemmingsplan Steenzicht en Ruimzicht (concept)

Eén van de instrumenten om het nieuwe waterbeleid voor de 21e eeuw vorm te geven is de watertoets. Het doel van de watertoets is waarborgen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen bij alle waterhuishoudkundig relevante ruimtelijke plannen en besluiten. Delfland heeft de Handreiking Watertoets voor gemeenten opgesteld. In de Handreiking Watertoets (www.hhdelfland.nl/watertoets) worden de randvoorwaarden en uitgangspunten voor een plan per thema toegelicht en op welke wijze deze in het plan dienen te worden verwerkt. 3.5.4

Toekomstbestendig Haags water!

In de visie 'Toekomstbestendig Haags water!' is aangeven hoe het watersysteem in Den Haag anno 2014 functioneert, welke knelpunten er zijn en hoe het systeem robuust te houden. Het Haagse watersysteem is op dit moment grotendeels op orde. Door kansen te benutten die zorgen voor een robuuster watersysteem en die ook bijdragen aan de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de stad, wordt het stedelijke gebied bestand tegen hevige regenbuien, periodes van droogte en hitte. In het stedelijke gebied is beperkte ruimte voor de traditionele opvang van water. Daarom is inzetten op onderzoek naar meer creatieve en innovatieve maatregelen belangrijk. Samenwerking tussen gemeente Den Haag en Delfland is daarvoor essentieel. De ambitie is: "Den Haag heeft een goed functionerend en toekomstbestendig watersysteem dat de gevolgen van klimaatverandering en verstedelijking kan opvangen en dat bijdraagt aan een aantrekkelijke stad." Samengevat zijn de drie belangrijkste strategische pijlers om te komen tot een toekomstbestendig Haags watersysteem: 1. De basis op orde: zorgen dat het systeem goed blijft functioneren. Eventuele negatieve effecten op de waterhuishouding moeten worden voorkomen of dienen te worden gecompenseerd. 2.

Pak kansen door samen te werken en door slimme combinatie te zoeken: Als overheden het goede voorbeeld geven, tijdig kansrijke initiatieven en projecten herkennen en optrekken met partijen in de stad. 3. Kennis, onderzoek en innovatie: Kennisontwikkeling, onderzoek en innovatie is van belang om creatieve oplossingen te vinden in het voorkomen van wateroverlast en het leefbaar en aantrekkelijk houden van de stad. Stedelijk e Ecologische Verbindingszones Den Haag 2008-2018 Den Haag zet zich al jaren in om de ecologie in en om de stad te verbeteren en te behouden. In 2006 en 2007 heeft Den Haag daarom een inventarisatie uitgevoerd, waarin voor alle ecologische verbindingszones is bekeken of deze voldoen aan de gewenste natuurvriendelijke inrichting. Dit bleek niet het geval te zijn; de inventarisatie resulteerde in een opsomming van 300 knelpunten. In de nota Stedelijke Ecologische Verbindingszones (zie paragraaf ) worden op hoofdlijnen alle gewenste maatregelen op het vlak van ecologie (inrichting en beheer) voor de komende tien jaar benoemd. Het uitvoeren van deze maatregelen wordt waar mogelijk gecombineerd met maatregelen vanuit het waterbeheer zoals verbreding van watergangen en aanleg van natuurvriendelijke oevers. 3.5.5

Rioleringsplan

Uitgangspunt voor het rioleringsbeleid is het "Integraal Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 (RIS 306620, vastgesteld 17-11-2020). Het plan beschrijft voor het eerst integraal de hoofdtaken van de gemeente voor de vier watercompartimenten: afvalwater, hemelwater, grond- en oppervlaktewater waarbij de onderlinge relaties, beleid en opgaven beschreven zijn. De raakvlakken met de uitwerking van de stadsbrede klimaatadaptatiestrategie zijn opgezocht en geïntegreerd. Deze strategie wordt in een apart traject behandeld en vastgesteld. De gemeente neemt haar verantwoordelijkheid voor de zorgplichten zoals omschreven in de Wet milieubeheer en de Waterwet. De zorg voor het rioolstelsel en het grond- en oppervlaktewater vindt gebiedsgericht plaats en op basis van maatschappelijk aanvaardbare kosten. De klimaatverandering zal effect hebben op de grondwaterstanden. Naast monitoring op mogelijke verhoogde grondwaterstanden zullen ook te lage grondwaterstanden nauwlettender worden gevolgd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11554487/1