RIS312339 Bijlage
Tekst van het document
Kwaliteitsbeoordeling 2021 Populieren Den Haag
OPDRACHTGEVER Gemeente Den Haag PROJECTCODE 19455 STATUS RAPPORTAGE Definitief DATUM RAPPORTAGE December 2021 PROJECTTEAM Rick van Wageningen, Programmamanager Peter van Es, Adviseur Bomen
INLEIDING De gemeente Den Haag wil graag inzicht in de huidige kwaliteit van de populieren in de gemeente. In opdracht van de gemeente Den Haag, afdeling Dienst Stadsbeheer, afdeling Advies Buitenruimte en Groen, de heer A.J. van de Scheur, heeft Bomenwacht Nederland daarom een kwaliteitsbeoordeling uitgevoerd bij 4.221 bomen in de gemeente Den Haag. Deze kwaliteitsbeoordeling heeft de volgende doelen: 1. 2. 3.
Het vaststellen van de kwaliteit van de bomen in de huidige situatie, waarbij de conditie, veiligheid en beheerbaarheid worden beoordeeld. Het indelen van de bomen, op basis van de mate van kroonverval, in de klassen ‘ernstig’, ‘beperkt’ en ‘geen’. Het geven van een gericht advies over te nemen maatregelen.
De afgelopen jaren is het populierenvervangingsplan ten uitvoer gebracht en zijn de meeste bomen met een ernstig kroonverval verwijderd. Een nieuwe inspectieronde is nodig om de actuele kwaliteit en mate van kroonverval van de overgebleven populieren vast te stellen. De mate van kroonverval is vastgesteld via de methode zoals die tijdens de voorgaande inspectie is toegepast en ook is opgenomen in de ‘Richtlijn takbreuk populier, Wageningen Research, 2018’. Op basis van de onderzoeksgegevens kan de gemeente goed onderbouwde en rationele keuzen formuleren over het fasegewijs vervangen van populieren. De beoordeling is uitgevoerd door Peter Kreton en Arie Lakerveld, Boomadviseurs voor Bomenwacht Nederland.
1 Den Haag
SITUATIE Het beoordeelde bomenbestand bestaat uit populieren van uiteenlopende afmetingen, leeftijden en cultivars. De bomen staan op diverse locaties in de gemeente Den Haag, zoals parken, plantsoenen en sportparken, maar ook als laan- en straatbomen langs wegen en bijvoorbeeld parkeerplaatsen. Ook de standplaatsen van de onderzoeksbomen zijn verschillend; de bomen staan in gazon, heesterbeplanting, bosplantsoen of elementenverharding. De volgende grafieken geven weer hoe het beoordeelde bomenbestand is opgebouwd. Bij de weergave van aantallen zijn de bomen die als ‘Niet aanwezig’ zijn geregistreerd buiten beschouwing gelaten. Ook bomen de bomen die in bosvakken zijn gecontroleerd, maar niet als punt op de kaart zijn ingetekend, worden buiten de weergaven van de aantallen gehouden.
Sortiment P. x canadensis
Boomsoort
P. nigra P. x canescens P. x berolinensis P. tremula P. alba Overig 0
500
1000
1500
Aantal bomen
2 Den Haag
2000
2500
Stamdiameter
Stamdiameterklasse
0-10 cm
10-25 cm
25-50 cm
50-75 cm
75-100 cm
> 100 cm 0
500
1000
Aantal bomen
3 Den Haag
1500
2000
ONDERZOEKSMETHODE KROONVERVAL Een belangrijk onderdeel van de beoordeling is de mate van kroonverval (kroonvervorming), een natuurlijk en onomkeerbaar aftakelingsproces dat kenmerkend is voor oudere populieren. Dit proces uit zich in het uitbuigen en (uiteindelijk) afbreken van dunne(re) en dikke takken. De mate van kroonverval hangt nauw samen met de veiligheid en beheerbaarheid van een boom, en is van groot belang bij het bepalen van de beheerbaarheid. Het kroonverval is beoordeeld conform de landelijke richtlijn, die is opgesteld in opdracht van de Intergemeentelijke Studiegroep Bomen (ISB): http://edepot.wur.nl/444237 Categorieën van kroonverval De onderzochte bomen zijn ingedeeld in 1 van de volgende 3 categorieën: geen kroonverval, beperkt kroonverval of ernstig kroonverval. Op de volgende pagina worden deze categorieën toegelicht. Samenhang met de aspecten conditie, veiligheid en beheerbaarheid Hieronder wordt toegelicht hoe de mate van kroonverval samenhangt met andere aspecten van de boom. •
• •
Conditie De conditie heeft weinig samenhang met de mate van kroonverval. Bij een goede conditie vindt meer kroonaanwas plaats, waardoor takken eerder overbelast kunnen raken en uitbreken. Populieren hebben over het algemeen een sterke groeikracht. Een goede conditie (optimale groeikracht) kan de kans op het uitbreken van takken verhogen. Veiligheid Vanzelfsprekend brengt kroonverval veiligheidsrisico’s met zich mee. Overbelaste en uitbuigende takken kunnen afbreken en hierdoor schade veroorzaken. Beheerbaarheid De mate van kroonverval hangt nauw samen met de beheerbaarheid van een boom. Kroonverval is ook een beheerprobleem. Door snoeimaatregelen (het innemen van de overbelaste takken) kan tijdelijk iets aan de symptomen van het kroonverval gedaan worden indien er sprake is van beperkt kroonverval, maar hiermee wordt het probleem niet verholpen. De kroon van de boom blijft in verval en de snoeimaatregelen zullen herhaaldelijk uitgevoerd moeten worden. Kroonverval leidt tot een lagere waardering voor het aspect beheerbaarheid. Bij ernstig kroonverval wordt de beheerbaarheid als slecht (cijfer 2) beoordeeld. Bij beperkt kroonverval wordt de beheerbaarheid als onvoldoende aangemerkt (cijfer 4).
4 Den Haag
Geen kroonverval • • •
De kroonrand is gesloten. Er is sprake van een opgaande takstructuur. Er zijn geen (noemenswaardige) gevolgen van takbreuk zichtbaar.
Beperkt kroonverval • • •
De kroonrand is niet volledig gesloten. Er is sprake van uitbuigende dunne(re) takken. Lokaal zijn gevolgen van takbreuk zichtbaar bij de dunne(re) takken.
5 Den Haag
Ernstig kroonverval • • •
•
De kroonrand is niet gesloten, er zijn (grote) openingen. Er is sprake van uitbuigende dunne(re) en dikke takken. Gevolgen van takbreuk zijn zichtbaar bij de dunne(re) en dikke takken. Op de dikke takken ontwikkelt zich stamschot.
KWALITEIT De kwaliteit van de afzonderlijke onderzoeksbomen is vastgesteld op basis van 3 aspecten: conditie, veiligheid en beheerbaarheid. Conditie Bij de conditiebeoordeling is met name gekeken naar de scheutlengte, de kroonstructuur en de knopgrootte en -bezetting. Ook is gelet op symptomen die wijzen op een aantasting (door bijvoorbeeld een insect of bacterie). Veiligheid Bij de beoordeling van de veiligheid is gekeken naar biologische en mechanische aspecten die van invloed kunnen zijn op de stabiliteit en breukveiligheid van de boom. Voorbeelden hiervan zijn schimmelaantastingen, holten, scheuren, zware takken en plakoksels (slechte takaanhechtingen). Deze kunnen leiden tot een verhoogde kans op stambreuk, takbreuk en/of windworp. Beheerbaarheid De beheerbaarheid van een boom is de mate waarin de boom op zijn huidige standplaats duurzaam te handhaven is, zonder knelpunten voor de boom zelf of voor de omgeving, en zonder dat er buitenproportionele beheermaatregelen nodig zijn. De beheerbaarheid van elke onderzoeksboom is beoordeeld aan de hand van diverse factoren, in de resultaten wordt hier verder op in gegaan. Naast de conditie en veiligheid zijn onder andere ook de standplaats, de boomsoort, de resterende levensduur en het beoogde eindbeeld bepalend.
Kwaliteitscategorieën Aan de conditie, veiligheid en beheerbaarheid worden waarderingscijfers toegekend (tussen 0 en 10). Vermenigvuldiging van deze 3 cijfers resulteert in een kwaliteitsgetal (tussen 0 en 1000). Op basis van dit getal wordt de boom ingedeeld in een kwaliteitscategorie. De volgende tabel geeft een overzicht van de gehanteerde categorieën en de bijbehorende omschrijvingen.
6 Den Haag
Kwaliteitscategorie
Kwaliteitsgetal
Omschrijving
Slecht
< 75
De boom functioneert niet.
Matig
75 - 200
De boom functioneert niet naar behoren.
Voldoende
> 200
De boom functioneert naar behoren.
Nader onderzoeken
–
Om de kwaliteit te kunnen vaststellen, dient eerst een nader onderzoek te worden uitgevoerd.
Niet te beoordelen
–
De kwaliteit kan niet worden beoordeeld.
Naar aanleiding van de kwaliteitsbeoordeling hebben wij een advies opgesteld met veiligheids- en/of onderhoudsmaatregelen. Wanneer actieve veiligheidsmaatregelen noodzakelijk zijn om de risico’s voor de omgeving te minimaliseren, is de boom benoemd als risicoboom. Wanneer de afwijkingen in de huidige situatie (nog) geen actieve maatregelen vergen, maar er wel een jaarlijkse inspectie gewenst is, is de boom als attentieboom aangemerkt.
7 Den Haag
RESULTATEN MATE VAN KROONVERVAL De volgende grafiek geeft aan hoe de mate van kroonverval is beoordeeld.’
Kwaliteit
Kwaliteitscategorie
Ernstig
Beperkt
Geen
0
500
1.000
1.500
2.000
Aantal bomen
•
Bij 551 bomen is de mate van kroonverval als ernstig beoordeeld. Bij deze bomen zijn 1 of meerdere van de volgende kenmerken geconstateerd: de kroonrand is niet gesloten, er is sprake van uitbuigende dunne en dikkere takken, er zijn gevolgen van takbreuk zichtbaar bij dunne(re) en dikkere takken en/of op de dikkere takken ontwikkelt zich stamschot.
•
Bij 1.778 bomen is een beperkte mate van kroonverval zichtbaar. Hierbij zijn de volgende kenmerken geconstateerd: - de kroonrand is niet volledig gesloten, - er is sprake van uitbuigende dunne(re) takken en - eventueel zijn lokaal gevolgen zichtbaar van takbreuk bij dunne(re) takken.
•
Bij 1.892 bomen is geen kroonverval gesignaleerd. Deze bomen kenmerken zich door: - een gesloten kroonrand, - er is sprake van een opgaande takstructuur en - er zijn geen (noemenswaardige gevolgen van takbreuk zichtbaar.
8 Den Haag
De volgende grafiek laat zien de mate van kroonverval is opgebouwd per afzonderlijke populierensoort.
Mate van kroonverval per populierensoort P. alba
Populierensoort
P. x berolinensis P. x canadensis P. x canescens P. nigra P. tremula Overig 0
500
1000
1500
2000
Aantal bomen Ernstig
Beperkt
9 Den Haag
Geen
2500
CONDITIE De volgende grafiek geeft weer hoe de conditie van de bomen is beoordeeld.
Conditie
Conditie
Afgestorven
Slecht
Onvoldoende
Voldoende
Goed 0
500
1000
1500
2000
2500
Aantal bomen
•
Bij een voldoende tot goede conditie is sprake van een jaarlijks toenemend kroonvolume.
•
Bij een onvoldoende conditie hebben de bomen te maken met een stagnerende groei. Door insterving van twijgen en een beperkte scheutontwikkeling neemt het kroonvolume per saldo niet meer toe.
•
Bij een slechte conditie is er sprake van afstervingsverschijnselen. Door sterfte in de uiteinden van de gesteltakken is er sprake van een (langzame) afname van het kroonvolume.
•
De bomen in de categorie afgestorven zijn geheel of voor het grootste deel afgestorven (waarderingscijfer 0).
10 Den Haag
VEILIGHEID De volgende grafiek geeft weer hoe de veiligheid van de bomen is beoordeeld.
Veiligheid
Veiligheid
Slecht
Onvoldoende
Voldoende
Goed 0
500
1000
1500
2000
Aantal bomen
•
Bij de bomen waarbij de veiligheid als slecht is beoordeeld (waarderingscijfer 2), is sprake van een gebrek dat in de huidige situatie leidt tot een ernstig veiligheidsrisico voor de omgeving. Dit risico is alleen weg te nemen door de boom te vellen.
•
Er kunnen 2 redenen zijn waarom de veiligheid van bomen als onvoldoende is beoordeeld (waarderingscijfer 4): Er is sprake van een gebrek dat in de huidige situatie leidt tot een veiligheidsrisico voor de omgeving. Deze bomen zijn als risicoboom aangemerkt. Dit risico is weg te nemen via een niet-reguliere maatregel, zoals het innemen van de kroon. Dit hangt vaak samen met ernstig kroonverval, wat niet te verhelpen is met reguliere snoei. Er is sprake van een gebrek dat in de toekomst kan leiden tot een veiligheidsrisico voor de omgeving. Voorbeelden zijn een rotting in de stamvoet of een omvangrijke aanrijschade. De boom dient daarom jaarlijks visueel te worden geïnspecteerd. Vanwege het mogelijk gevaar in de toekomst zijn deze bomen als attentieboom aangemerkt.
•
Bij de bomen waarbij de veiligheid als voldoende is aangemerkt (waarderingscijfer 6) is ook sprake van een gebrek dat in de huidige situatie leidt tot een veiligheidsrisico voor de omgeving. Het gaat bij deze categorie bomen voornamelijk om grof dood hout en dunnere overbelaste takken. Grof dood hout ontstaat veelal door lichtgebrek, dit is een natuurlijk proces van afsterving van takken in de binnenkroon. Dit risico is weg te nemen via een reguliere onderhoudsmaatregel (snoei van minder dan 20 procent van het kroonvolume).
•
Bij de bomen waarbij de veiligheid als goed is beoordeeld (waarderingscijfer 8) zijn geen noemenswaardige gebreken in het kader van de veiligheid waargenomen.
11 Den Haag
BEHEERBAARHEID Vervolgens is beoordeeld in hoeverre de bomen in de toekomst nog duurzaam beheerd kunnen worden. De beheerbaarheid van een boom is de mate waarin de boom op zijn huidige standplaats duurzaam te handhaven is, zonder knelpunten voor de boom zelf of voor de veiligheid van de omgeving, en zonder dat er buitenproportionele beheermaatregelen nodig zijn. De volgende grafiek geeft weer hoe de beheerbaarheid van de bomen is beoordeeld.
Beheerbaarheid
Beheerbaarheid
Afgestorven
Slecht
Onvoldoende
Voldoende
Goed 0
500
1000
1500
2000
Aantal bomen
•
Bij de bomen waarbij de beheerbaarheid als voldoende tot goed is beoordeeld zijn geen beheerproblemen geconstateerd.
•
Bij de bomen waarbij de beheerbaarheid als onvoldoende is aangemerkt gaat het vooral om bomen met beginnende symptomen van kroonverval. Voor deze bomen is duurzaam beheer op langere termijn niet mogelijk.
•
Bij de bomen waarbij de beheerbaarheid als slecht is beoordeeld, betreft het voornamelijk bomen met ernstig kroonverval. Voor deze bomen is duurzaam beheer niet mogelijk. Daarom is het wenselijk de bomen binnen 2 jaar te verwijderen. Eventuele veiligheidsmaatregelen moeten bij deze bomen herhaald worden binnen de periode van de verwachte resterende levensduur.
•
De bomen waarbij de beheerbaarheid als onhoudbaar is beoordeeld (waarderingscijfer 0) zijn afgestorven, waardoor duurzaam beheer niet meer mogelijk is.
12 Den Haag
KWALITEITSBEPALING Op basis van de conditie, veiligheid en beheerbaarheid is de kwaliteit van de onderzoeksbomen bepaald. De volgende grafiek en tabel laten zien hoe de bomen verdeeld zijn over de diverse kwaliteitscategorieën.
Kwaliteit
Kwaliteitscategorie
Slecht
Matig
Voldoende
0
500
1.000
1.500
2.000
Aantal bomen
Kwaliteitscategorie
Aantal bomen
Slecht
821
Matig
1.820
Voldoende
1.580
Totaal
4.221
13 Den Haag
CONCLUSIE EN ADVIES Op basis van de onderzoeksresultaten volgen hieronder de conclusie en het advies.
CONCLUSIE Kwaliteit Een deel van het populierenbestand van de gemeente Den Haag (19 procent) is van slechte kwaliteit. Deze bomen hebben voornamelijk te maken met ernstig kroonverval, waardoor ze niet duurzaam te behouden zijn. Kroonverval • • •
Bij 551 bomen (13 procent) is ernstig kroonverval geconstateerd. Deze bomen vertonen duidelijke symptomen van het natuurlijke aftakelingsproces bij oudere populieren. 1.778 bomen vertonen beperkt kroonverval. Deze bomen zijn met eenvoudige snoeimaatregelen voorlopig nog te behouden. Bij 1.892 bomen is geen kroonverval gesignaleerd. Bij deze bomen is duurzaam behoud mogelijk.
ADVIES Voor de onderzoeksbomen in de categorie ‘ernstig kroonverval’ adviseren wij het besluit te nemen om deze binnen 2 jaar te vervangen. De betreffende bomen zijn niet duurzaam te behouden; het gaat om een onomkeerbaar aftakelingsproces dat niet met maatregelen kan worden gestopt. Vanuit veiligheids- en beheeroogpunt is vervanging daarom een logische keuze.
RIJSWIJKSE WATERWEG Voor de populieren aan de Rijswijkse Waterweg is een notitie geschreven, waarin een vervangingsstrategie wordt voorgesteld. Hierin wordt geadviseerd is om de huidige Canadese populieren in verschillende fasen te gaan vervangen voor een langzaam groeiende cultivar. Onderdeel van dit plan is het tijdelijk veilig snoeien van een deel van de populieren om de vervanging bloksgewijs te kunnen uitvoeren. De notitie is terug te vinden in bijlage A.
14 Den Haag
15 Den Haag
BIJLAGEN BIJLAGE A Notitie: Populieren Rijswijkse Waterweg
16 Den Haag
POPULIEREN RIJSWIJKSE WATERWEG BEVINDINGEN Bij de beoordeling van de populieren hebben 28 bomen een kapadvies gekregen. Het gaat om 13 bomen aan de noordzijde en 15 bomen aan de zuidzijde. Bij 28 bomen is conform de vastgesteld methodiek de waardering ‘ernstig kroonverval’ toegekend. De vraag is gerezen of het hier werkelijk kroonverval betreft als verouderingsproces omdat het bomen zijn van slechts 18 jaar oud. Van de betreffende bomen is de cultivarnaam onbekend. Wel staat vast dat de bomen een aanzienlijke groeisnelheid hebben. De groei van de achterliggende 18 jaar bestaat uit een jaarlijkse lengtegroei van 1,5 meter en een jaarlijkse toename van de diameter met 2,5 cm. Geconcludeerd kan worden dat het een cultivar is die prima eigenschappen heeft voor de bosbouw zoals een fijne takstructuur en een bovengemiddelde groeikracht. De bomen hebben een hogere groeisnelheid dan de veel toegepaste ‘Robusta’. Door de hoge groeisnelheid treden ‘ouderdomsverschijnselen’ in de vorm van kroonverval eerder op dan bij minder snelgroeiende cultivars. De hoge groeisnelheid heeft tot gevolg dat de bomen gevoeliger zijn voor takbreuk en hierdoor minder geschikt zijn als laanbeplanting langs een hoofdstructuur met een hoge verkeersintensiteit. Op dit moment heeft ruim 13 procent van de populieren de waardering ernstig kroonverval.
Van de te kappen bomen staat een kleine meerderheid (15 van de 28) aan de zuidzijde.
AANBEVELINGEN Gezien de hiervoor geschetste problematiek is het aan te bevelen om een vervangingsstrategie op te stellen voor de populieren aan de Rijswijkse Waterweg. Het verwijderen van alleen bomen met ernstig kroonverval heeft een aantal nadelen. In de eerste plaats vallen er gaten in de rij waardoor het risico van takbreuk bij de overgebleven bomen toeneemt. In de tweede plaats is het niet mogelijk om tussen de bestaande bomen een nieuwe duurzame laanstructuur te gaan herplanten. Het voorstel is om de huidige Canadese populieren in verschillende fasen te gaan vervangen. De ruime bermen langs de doorgaande weg lenen zich bij uitstek voor het aanplanten van forse robuuste bomen van de eerste grootte. Een prima keuze zou zijn een langzaam groeiende cultivar van de zwarte populier (Populus nigra cv.). De 13 bomen in de noordelijke rij die ernstig kroonverval hebben, adviseren we met het oog op deze vervangingsstrategie niet te kappen maar te snoeien. Wij zijn van mening dat specifiek voor deze locatie een uitzondering kan worden gemaakt. De relatief jonge populieren zijn namelijk kwetsbaar voor meer takbreuk wanneer de windbelasting veranderd. Daarom moet het ontstaan van gaten in de rij door het kappen van individuele bomen worden voorkomen.
Snoeien is geen duurzame oplossing maar voor dit specifieke geval wel een mogelijkheid om de noordelijke rij voor een bepaalde tijd nog als gesloten rij in stand te houden. De snoei dient zich te beperken tot het minimaal innemen van risicotakken, waarbij de contouren van de kroon zoveel als mogelijk worden behouden.
17 Den Haag
Afbeelding 1: De populieren aan de Rijswijkse Waterweg met de voorgestelde vervangingsfasen.
18 Den Haag
19 Den Haag