RIS312297 Afdoening motie Stop inzet groot materieel als dwangmiddel
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
001
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
BSD/10346988 RIS312297 Contactpersoon
B Ludwig Dienst
Bestuursdienst Afdeling
Directie Veiligheid Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
30 augustus 2022
bart.ludwig@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Stop inzet groot materieel als dwangmiddel’
Uw raad heeft bij de bespreking van het agendapunt Energietoeslag 2022 op 19 mei 2022 de door het raadslid mevrouw Van Basten Batenburg ingediende motie ‘Stop de inzet van zwaar materieel als dwangmiddel’ (RIS312297) aangenomen. De motie luidt als volgt: Constaterende dat In artikel 9 van de Grondwet het recht tot vergadering en betoging wordt erkend, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet en dat de wet regels kan stellen, onder andere in het belang van het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden; Van mening dat • het recht om te demonstreren een verworvenheid is die te allen tijde dient te worden beschermd; • het recht op demonstratie echter geen vrijbrief is om regels te overtreden, onze stad te pas en te onpas lam te leggen of de hulpdiensten het werk onmogelijk te maken; • het ontoelaatbaar is als zwaar materieel als dwangmiddel wordt ingezet; Overwegende dat • het gebruik van groot materieel om de openbare weg te blokkeren bij (onaangekondigde) acties leidt tot ontregeling van het normale leven van Hagenaars en kan leiden tot dreigende en gevaarlijke situaties; • Bij de acties op 12 en 13 februari wederom bleek dat de inzet van zwaar materieel als dwangmiddel optreden van de politie om de openbare orde te handhaven en gevaarlijke situaties te voorkomen bijna onmogelijk maakt; • de burgmeester en politie op dit moment geen instrumenten
hebben om de inzet van zwaar materieel als dwangmiddel te voorkomen en dat dit niet afdoende kan worden bestraft; Verzoekt het college • met het kabinet en alle relevante partners in gesprek te gaan om te komen tot een nationale aanpak voor acties waarbij groot materieel dreigt te worden ingezet als dwangmiddel, zodat deze vroegtijdig tegen kunnen worden gehouden op de snelweg of de startlocatie;
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10346988
•
de minister te verzoeken om meer strafrechtelijke consequenties te verbinden aan dit soort inzet van groot materieel als dwangmiddel.
Iedereen in Nederland heeft het grondwettelijk recht om zijn of haar mening in het openbaar te uiten. De inzet van de gemeente Den Haag is om demonstraties zoveel als mogelijk te faciliteren, ook als dat enige mate van hinder of overlast met zich meebrengt. Het is een belangrijk recht, maar een demonstratie mag niet zo ver gaan dat het als dwangmiddel wordt gebruikt. In dat geval valt (dat deel van) een demonstratie niet meer onder de bescherming van de Grondwet. Indien een organisatie op dusdanige wijze wil gaan demonstreren dat dit dreigt te leiden tot ontoelaatbare verkeershinder en/of gevaarlijke situaties kan een beperking worden opgelegd, bijvoorbeeld in de vorm van een verbod op het gebruik van zwaar materieel tijdens een demonstratie. Let wel, de beperking ziet in een dergelijke situatie alleen op het gebruik van bepaalde middelen, niet op de demonstratie als geheel. Er wordt, indien mogelijk, altijd ruimte geboden om op een veilige manier te kunnen demonstreren. Om te voorkomen dat pas kan worden opgetreden als men al in Den Haag is, is de inzet om met de relevante landelijke partijen afspraken te maken over het vroegtijdig tegenhouden van groepen die, in weerwil van een verbod, toch naar Den Haag dreigen te komen.
Zoals aangegeven in de brief ‘Acties weekend 12 en 13 februari’ (RIS311622) heeft de burgemeester dit onderwerp begin dit jaar aan de orde gesteld in het Landelijk Overleg Veiligheid en Politie (LOVP) en bij de Minister van Justitie en Veiligheid (J&V). Naar aanleiding van uw motie én de aankondiging van acties met zwaar materieel op 22, 27 en 28 juni, heeft opnieuw op verschillende niveaus overleg plaatsgevonden, onder andere in gesprekken met de ministeries van Justitie en Veiligheid, Binnenlandse Zaken en Infrastructuur en Waterstaat, de NCTV en de Nationale Politie. De oproep van de burgemeester heeft tot in de Tweede Kamer weerklank gevonden. Ook de premier heeft in reactie op de acties op 28 juni tijdens de persconferentie een statement afgegeven en actievoerders opgeroepen geen dwangmiddelen te gebruiken. In aanloop naar en tijdens de actiedagen was meer dan ooit tevoren sprake van een nationale lijn en aanpak. Waar mogelijk is opgetreden, er zijn aanhoudingen verricht en er zijn boetes uitgeschreven. Het is goed om te realiseren dat hier veel partijen en gezagen bij betrokken zijn en dat het niet reëel is te verwachten dat ieder probleem kan worden opgelost. Hierbij speelt politiecapaciteit nadrukkelijk een rol.
Ondanks heldere uitgangspunten is het bijvoorbeeld onmogelijk gebleken om massale wetovertredingen en gevaarlijke situaties te voorkomen, die zich op verschillende plekken in het land voordeden. Naast het capaciteitsvraagstuk speelt hierbij ook dat bij politieoptreden altijd de afweging wordt gemaakt of (acuut) ingrijpen proportioneel is ten opzichte van het beoogde doel. Bij de beoordeling van de in te zetten interventie moet rekening worden gehouden met het effect daarvan op de openbare orde en de veiligheid en gezondheid van de actievoerders, het politiepersoneel en eventuele omstanders die part noch deel aan de actie (willen) hebben. Deze afweging kan uiteindelijk altijd pas op het moment zelf worden gemaakt. Desalniettemin bekijken alle betrokken partijen op basis van de opgedane ervaringen welke lessen kunnen worden getrokken en hoe de nationale lijn en aanpak verder versterkt kunnen worden. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2