CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS312205 Beantwoording SV Laakhavens CID Verhees I en II

Commissie Ruimte 24 november 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Raadsvoorstel: Voorstel van het college inzake integrale ontwikkelvisie Laakhavens (GebiedsNota van Uitgangspunten)999 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

14 juni 2022

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Beantwoording Schriftelijke Vragen luidend: “Laakhavens/CID/Verhees I en II”

DSO/10323802 RIS312205

Het raadslid de heer Martini heeft op 1 september 2021 een brief met daarin 7 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Inleiding. De gebiedsindelingen welke wordt gehanteerd bij Laakhavens is - nu het gebied wordt volgebouwd niet meer adequaat en kan tot verwarring leiden. Hierbij een aantal observaties en vragen. Wat opvalt is dat het onderdeel Laakhavens-West/ Petroleumhaven buiten het CID valt. Bij de ontwikkelingsplannen van de Verheeskade I en II (wel vallende in het CID ) valt deze keuze al direct op. Laakhavens wordt niet meer als een geheel gezien. Laakkwartier is qua karakter en inrichting in principe een vooroorlogse woonwijk en is dat zo gebleven. Het strookje tussen de rivier Laak en de Laakkade is toebedeeld aan het onderdeel Laakhavens ( Deels Laakhavens West en deels Oost ) Dat is niet meer logisch. Dit voorstel nu is om Laakhavengebied te beperken, van de Spoordijk tot aan het Laakkanaal. Het resterende gebied toe te delen aan het andere deel van Laakkwartier. De Laakhavens verder in 3 delen te benoemen. 1. Laakhavens Hoge School, 2. Laakhavens Calandria en 3. Laakhavens Waldorp. Het voordeel is dat het gebied met deze indeling zich logischer onderscheidt van de huidige indeling.

( West en Oost ). Voor de ( toekomstige )bewonersorganisaties, en de participatie is het ook logischer. De Laakhavens zijn na de herontwikkeling een aparte stadswijk geworden, die feitelijk bijzonder weinig verbanden heeft met de rest van Laakkwartier. (De andere kant van het Laakkanaal). 1.

Wat is de reden van het college waarom het gebied Laakhavens West Petroleumhaven ) buiten het CID-plan gebied is gehouden? Ten tweede wat zijn de gevolgen voor de uitgangspunten van het CID als dit gebied er wel bij betrokken wordt? Ten derde, op welke wijze speelt het woonstrookje tussen de Laak en het Laakkanaal een rol binnen de voorgenomen plannen ? ( De functies waarbij bij deze 3 punten aan gedacht wordt, zijn dan vervoer, parkeerdruk, inclusiviteit, participatie, woondichtheid, overbevolking, beschikbaar groen per m2 en diversiteit)

Eind 2018 is de raad geïnformeerd over de verdichting van de 3 prioritaire gebieden rondom de intercitystations van Den Haag (RIS300623). Omdat Laakhaven-West in voorgaande jaren is ontwikkeld en de gronden van Petroleumhaven in Kleinschalig Opdrachtgeverschap zijn uitgegeven, zijn deze gebieden buiten de scope gehouden en is de grens op de Calandstraat gelegd. Indien dit gebied wel bij het CID wordt betrokken zal een deel van de onderzoeken, waaronder de PlanMER moeten worden herzien.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10323802

De strook tussen het Laakkanaal en de Laak valt, bij de deelgebieden die de gemeente binnen het CID hanteert, buiten Laakhavens en buiten het CID. De indeling waarnaar u refereert is de indeling die door het CBS wordt gehanteerd. Deze verschilt van de gebiedsindeling die we binnen de gemeente kennen. 2.

Het lijkt toch logisch om het gebied Petroleumhaven bij het CID te betrekken. Sterker nog als men ziet dat het Station Moerwijk daar tegen aan ligt dan zou het toch binnen de juichende marketing opzet van het CID passend zijn om van een gebied tussen 4 stations te spreken. Uniek in Nederland wellicht in de wereld! Is het college het hiermee eens?

Het College is het niet eens met deze stelling; het CID is vormgegeven rondom de 3 intercitystations/OV-hubs, hetgeen station Den Haag Moerwijk niet is. 3.

Op welke wijze worden de ervaringen en uitwerkingen van het uitontwikkelde gebied Petroleumhaven bij het deelplan Verheeskade I en II betrokken?

Alle ervaring uit het verleden wordt benut bij de uitwerkingen van toekomstige plannen, waarbij de aard van de genoemde ontwikkelingen niet geheel vergelijkbaar zijn. 4.

Op welke manier worden de ervaringen en de effecten van de eenzijdige ontwikkeling en versteende oplossingen van Laakhavens/Petroleumhaven, betrokken bij de ontwikkelingen van het Laakhavengebied en het CID?

Zoals in het Voorstel van het college inzake integrale ontwikkelvisie Laakhavens (Gebieds NvU) – (RIS 311821) vermeld willen we in het CID deel van Laakhavens “een leefbaar deel van de stad waarin wonen, werken, groen en voorzieningen hand in hand ontwikkeld worden”. 5.

Is er enige bereidheid om de drie herkenbare delen van Laakhavens een eigen naam te geven, zoals in de inleiding is gevraagd?

De namen zoals nu worden gehanteerd zijn al meerdere jaren in gebruik. En zodanig ook bekend bij alle betrokkenen. Het college ziet geen aanleiding deze te wijzigen. In het participatietraject dat in het kader van de integrale ontwikkelvisie Laakhavens (Gebieds NvU) is gehouden, zijn zowel bewoners van Laakkwartier als Laakhavens uitgenodigd. 6.

Voor het geval dat het gebied tussen het Laakkanaal en de Laak toch planologisch en geografisch en bestuurlijk niet losgemaakt wordt van Laakhavens, wil het stukje grond dan aanduiden met Laakhavens/Laak?

Zoals bij vraag 1 is aangegeven valt dit stuk onder Laak. 7.

Laakhaven/Petroleumhaven, kent geen scholen, wel een bovenstedelijke sportvoorziening en een armoeiig voorzieningenniveau, geen trapveldjes of andere buitenspeelfaciliteiten. Gezinnen met kinderen wonen er ook nauwelijks en er is een bijzonder grote doorstroming van bewoners. De verwachtingen rond Verhees I en II is dat de eenzijdigheid wordt bestendigd en de volbouw van Laakhaven/ west (Leeghwaterplein-Calandplein) zoals die nu bekend zijn, leveren alleen maar volplempen met stenengebouwen op. Liefdeloos onleefbare straten gerand met hoogbouw en windvlagen.

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10323802

Er is maar een inpassingsalternatief ( Zie notitie Reikwijdte en Detailniveau, 0473130.100 ). En dat wordt in de projectMER onderzocht. Wil het college toch een tweede projectMER laten verrichten waarbij tevens de effecten van Laakhavens/Petroleumhaven worden meegenomen? Het college is het oneens met bovengenoemde uitspraken. Voor het CID is een m.e.r.-procedure doorlopen waarbij een planmilieueffectrapport (planMER) is opgesteld. Voor de uitwerking van de deelprojecten in Laakhaven Centraal wordt een ProjectMER opgesteld. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,

de locoburgemeester,

Ilma Merx

Hilbert Bredemeijer

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11592865/1