RIS311530 Bijlage 1 Evaluatie pilot Instapeconomie
Tekst van het document
De Instapeconomie Pilot evaluatie
Februari 2022
Inhoud Samenvatting
4
1. Inleiding
6
2. Inhoud van de pilot
10
a. Voor wie is de pilot bedoeld?
10
b. Wat houdt de pilot in?
10
c. Waardevolle activiteiten in de wijk
11
d. Vergoeding
12
e. Samenwerking partners
13
f. Voortgang in 2022
13
3. Resultaten
14
a. Effecten op de deelnemers
14
b. Effecten op de wijk
17
c. Instroom, uitval en uitstroom
17
d. Kosten
“Het versterken van het zelfvertrouwen, dat zien we
bij deelnemers groeien. En het allerbelangrijkste is dat mensen weer gewoon gezien worden. Mensen hebben
19
4. Conclusies en aanbevelingen
20
Bijlage: Eindrapportage effectmonitoring Instapwerk
het gevoel dat ze weer meedoen. Dat ze onderdeel zijn van de maatschappij.”
Anouar, werkbegeleider stichting Werk van Waarde
Dit is een uitgave van gemeente Den Haag, programma Werkoffensief +500
2
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
3
Samenvatting Achtergrond
Beloningen en de verhouding tot regulier werk en andere voorzieningen
Er is een grote groep langdurig uitkeringsgerechtigden in Den Haag met een afstand tot de reguliere arbeidsmarkt.
Het belonen van de deelnemers en de verhouding tot regulier werk en andere voorzieningen zijn belangrijke
Voor een deel van hen is de afstand (nagenoeg) onoverbrugbaar. Mensen vinden onvoldoende aansluiting bij de
thema’s binnen de pilot. Dit blijkt uit afwegingen/keuzes die gemaakt moeten worden binnen de pilot, maar ook
bestaande voorzieningen, waardoor veel mensen nu niet deelnemen aan de maatschappij. De pilot Instapeconomie
uit gesprekken met partners en de gemeenteraad.
is gestart om te onderzoeken of de beoogde doelgroep kan participeren in de maatschappij. Het doel is om de deelnemers meer eigenwaarde, perspectief en bestaanszekerheid te bieden.
Bij het bepalen van de beloning hebben we ingezoomd op de vorm van werk. Het instapwerk dat wordt uitgevoerd door de deelnemers van de pilot is niet gelijk aan een reguliere baan, het hanteren van minimumloon was daarom
Pilot
niet haalbaar. Een berekening toonde ook aan dat het hanteren van minimumloon in de pilot pas bij een deelname
In 2021 is een kleinschalige pilot Instapeconomie gestart bij stichting Werk van Waarde in Den Haag Zuidwest, er
vanaf 30 uur per week gaat lonen ten opzichte van een vrijwilligersvergoeding. Er zijn geen deelnemers die 30 uur
nemen 35 mensen deel. Zij doen instapwerk en werken hiernaast aan hun ontwikkeling en eventuele problemen.
per week of meer deelnemen aan de pilot. Als dit wel mogelijk is voor een deelnemer zou hij/zij in staat kunnen zijn
Het instapwerk bestaat uit laagdrempelige werkzaamheden die van toegevoegde waarde zijn voor de wijk, en die
om regulier werk te verrichten. Daarom wordt er binnen de pilot met een vrijwilligersvergoeding gewerkt.
anders niet worden uitgevoerd. Het instapwerk draagt bij aan sterkere, inclusievere wijken en is uniek door de combinatie van verantwoordelijkheid en mensgerichtheid. Deelnemers werken tijdens het instapwerk aan hun eigen
Het instapwerk binnen de pilot Instapeconomie is een nieuwe vorm van participeren/werken. Het is belangrijk
ontwikkeling op persoonlijk en professioneel vlak. Mensen kunnen al vanaf 4 uur per week deelnemen en ontvangen
om de verhouding tot regulier werk en andere voorzieningen scherp te onderscheiden. Zo houden we goed in
een vrijwilligersvergoeding boven op de bijstandsuitkering.
de gaten dat de instapwerkzaamheden niet voor verdringing van reguliere arbeid zorgen. De verhouding tot andere vergelijkbare voorzieningen scherper krijgen, en hiermee gepaard een duidelijke positionering van de
De eerste bevindingen tonen aan dat mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt door deelname aan de pilot
Instapeconomie, is een aandachtspunt voor de toekomst. Hier wordt in 2022 (meer) aandacht aan besteed.
Instapeconomie weer mee kunnen doen in de maatschappij.
Positief effect op zowel de deelnemers als de wijk
Nabije toekomst De wens is om de pilot uitbreiden naar meer deelnemers, op basis van de pilotevaluatie is dit ook aan te bevelen.
Adviesbureau Purpose heeft onderzoek gedaan naar de effecten op deelnemers en de wijk. Deelnemers laten op
De uitbreiding is nodig om te toetsen of de positieve effecten op zowel de deelnemers als de wijk op grotere schaal
vrijwel alle impactgebieden een positieve ontwikkeling zien, het gaat om de volgende impactgebieden; taalniveau,
ook ontstaan. We zijn bezig een plan te maken voor deze uitbreiding, waarin we inzetten op een uitbreiding naar
sociaal netwerk, zingeving, dagelijks leven & thuissituatie, mentale, fysieke en financiële gezondheid. De deelnemers
ongeveer 100 deelnemers.
geven aan dat de sfeer en cultuur binnen het wijkbedrijf hierin een belangrijke rol spelen, ze voelen zich veilig en gewaardeerd. Wat betreft het effect op de wijk merken deelnemers een duidelijk effect, de betrokkenen wijkbewoners een licht effect en niet betrokken wijkbewoners hebben een gemengd beeld van het effect. Het gaat hierbij om leefbaarheid, veiligheid en sociale cohesie. Het beoogde doel van de pilot lijkt met deze eerste onderzoeksresultaten haalbaar.
Publiek private samenwerking Binnen de pilot wordt met verschillende private partners samengewerkt (o.a. Rabobank, Staedion) op het gebied van financiering en denkkracht. Het concept leent zich goed voor een publiek/private samenwerking, een samenwerking die nodig is om door te ontwikkelen naar een duurzaam concept.
4
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
5
1. Inleiding Dit is de evaluatie van de pilot Instapeconomie. De pilot is onderdeel van het programma Werkoffensief +500 en de regiodeal Den Haag Zuidwest en is zowel gericht op maatschappelijke participatie van mensen in de bijstand, als op verbetering van de leefbaarheid in de wijk. Vanuit het Werkoffensief +500 is geconstateerd dat een groot deel van de langdurig uitkeringsgerechtigden grote afstand tot de reguliere arbeidsmarkt heeft. Het huidige aanbod van voorzieningen maakt dat een deel van hen op dit moment niet mee kan doen in de maatschappij. De vraag wat we kunnen doen om deze mensen eigenwaarde, perspectief en bestaanszekerheid te bieden is de ontstaansgrond geweest van de pilot Instapeconomie. In 2020 is het concept de Instapeconomie in samenwerking met Deloitte uitgewerkt. Enerzijds zijn er laagdrempelige taken in de wijk uit te voeren die maatschappelijke waarde toevoegen aan de wijk. Het gaat om taken die nu niet uitgevoerd worden, omdat ze niet rendabel zijn om vanuit regulier werk op te pakken. Er is echter wel behoefte aan. Anderzijds is er een grote groeiende groep mensen die al lange tijd een bijstandsuitkering ontvangt en een grote/onoverbrugbare afstand tot de reguliere arbeidsmarkt heeft. Zij willen vaak wel participeren in de maatschappij, maar vinden door verschillende omstandigheden geen aansluiting bij het huidige aanbod aan voorzieningen.
Er ligt een kans om deze om deze twee zaken met elkaar te verbinden, en in gezamenlijkheid met (private) partners een duurzaam concept op te zetten waar de betreffende doelgroep aan kan deelnemen.
Bekijk via deze QR-code het filmpje van de pilot Instapeconomie
In januari 2021 is de pilot Instapeconomie gestart. Op dit moment nemen er 35 deelnemers deel aan de pilot. Het doel van de pilot is dat we onderzoeken of beoogde doelgroep kan participeren in de maatschappij en welke effecten de pilot op hen heeft op gebied van perspectief, eigenwaarde en bestaanszekerheid. De pilot Instapeconomie is gestart om ervaring op te doen met een nieuwe vorm van participeren/werken. Het doel van deze evaluatie is tweeledig: l
Terugblikken op de behaalde resultaten binnen de pilot (reflecteren, leren, bijsturen)
l
De gemeenteraad van Den Haag informeren over de voortgang, behaalde resultaten en geleerde lessen voor de toekomst
6
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
7
MARIELA, DEELNEEMSTER AAN DE PILOT INSTAPECONOMIE Waar Mariela is, is warmte, gezelligheid en een vrolijke babbel. Met haar ‘Girls Only’ meidenclub organiseert ze activiteiten voor meiden uit Den Haag Zuidwest. Sociale contacten zijn namelijk van levensbelang, dat weet Mariela als geen ander. Een jaar of negen geleden begon het ineens: tijdens een etentje met familie kreeg ik last van hyperventilatie. Ik wist toen nog niet wat dat was, maar de paniek was enorm. Die gebeurtenis gooide mijn leven behoorlijk overhoop, want sinds die dag had ik last van straatvrees en durfde ik het nauwelijks meer aan om nog naar buiten te gaan of in grote gezelschappen te verkeren. Heel bizar, hoe angst en paniek je dagelijks leven gaan bepalen. Thuis had ik er gelukkig geen last van en dat is maar goed ook, want ik heb vier kinderen en dat betekent altijd drukte en gezelligheid in huis. Maar van iemand die altijd graag naar buiten ging, veel op pad met de kinderen en familie, veranderde ik in een huismus. Ook voor de kinderen was dat moeilijk, mama durfde ineens niets meer. Gelukkig kreeg ik al gauw hulp van een psycholoog en leerde ik langzaam maar zeker om te gaan met die paniekaanvallen.”
“Straatvrees houdt me niet tegen!”
“Hoewel de familie sinds die tijd echt nog wel bij mij langskwam, merkte ik toch dat ik het heel lastig vond om over die angsten te praten. Liever vertelde ik er niets over, van de psycholoog heb ik echt moeten leren dat het juist helpt om open te zijn over mijn straatvrees. Dat is ook een manier om er meer ontspannen mee om te kunnen gaan. Ook als ik toch een paniekaanval krijg, is het fijn dat er mensen in de buurt zijn die begrijpen hoe ze daarmee om moeten gaan. Langzaam maar zeker begon ik dus weer op zoek te gaan naar manieren om weer buiten, onder de mensen te komen. Want al is er altijd leven in huis, weinig contact met vrienden maakt je toch eenzaam. Daarbij was werken ook echt niet mogelijk, dus hoe ontmoet je dan weer andere mensen? Maar zeker voor mijn kinderen wist ik: ‘Ik moet weer dingen durven!’. Ik wilde niet altijd maar zeggen: ‘Nee, mama kan dat niet’. Een vriendin van me, Fatima, wees me vervolgens op de mogelijkheid voor vrijwilligerswerk, toen nog bij een ander buurthuis. Daar begon ik voorzichtig met het organiseren van activiteiten voor kinderen op woensdagmiddag en hoewel ik dat heel spannend vond, merkte ik toch dat het me goed deed.” “Helaas ging het daar niet zo lekker met de communicatie, ik merkte dat de druk al snel te groot werd. Toen kwam ik in contact met Werk van Waarde, en na een gesprek hier merkte ik dat ik me meteen op mijn gemak voelde.
Hier mag ik helemaal zelf bepalen wat ik wel en niet kan doen en dat neemt veel stress weg. Ook hier wilde ik weer aan de slag met activiteiten voor kinderen, want dat vind ik gewoon enorm leuk om te doen en ik merk dat ik daar veel kracht uit put. Deze groep, Girls Only, is speciaal voor meiden van 10 tot 15 jaar, en we organiseren echt van alles, van knutselochtenden en kookles tot aan een braderie. Voor dat laatste moet ik dus zelf ook naar buiten, de drukte in. Dat is een uitdaging, maar ik word er steeds beter in. Ik moet mezelf nog steeds toespreken om naar buiten te gaan, dat gaat zomaar niet weg. Maar als ik bezig ben met activiteiten, merk ik dat het makkelijker gaat. Dan zeg ik tegen mezelf: ‘Rustig blijven Mariela, even ademhalen, niet naar huis gaan maar nog even blijven’. Dat helpt vaak wel. En als het echt niet gaat, kan ik me terugtrekken zonder dat mensen daar raar van opkijken. Zo helpt Werk van Waarde mij om mijn angsten te overwinnen. Ik ben nu zelfs naar een voetbalwedstrijd van mijn dochter gaan kijken. Die was supertrots op me!”
8
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
9
2. Inhoud van de pilot
Deelname aan de pilot is al mogelijk vanaf 4 uur per week. Voorop staat dat het instapwerk passend moet zijn
a. VOOR WIE IS DE PILOT BEDOELD?
trainingen (bijvoorbeeld taal) en het werken aan eventuele problematiek.
voor de doelgroep. De doelgroep heeft veel begeleiding, tijd en ruimte nodig. Naast het uitvoeren van taken in de wijk wordt er veel aandacht besteed aan de ontwikkeling van deelnemers. Dit gaat met name om het volgen van
Vanuit het Werkoffensief +500 zijn 22.000 mensen gesproken die langdurig een uitkering ontvangen. Uit deze gesprekken blijkt dat voor ‘slechts’ 10% van deze groep de stap naar regulier werk binnen 18 maanden mogelijk
Begeleiding
is, en voor 90% (nog) niet. Voor een deel van deze 90 % is de afstand tot de reguliere arbeidsmarkt (nagenoeg)
Voordat een deelnemer gaat starten vindt er een intakegesprek plaats. Het gesprek heeft als doel antwoord te
onoverbrugbaar. Ook vinden zij onvoldoende aansluiting bij de bestaande voorzieningen. Wij richten ons op deze
krijgen op de volgende vragen:
groep mensen. De Instapeconomie kan de ontbrekende schakel zijn tussen de bijstandsuitkering en een reguliere
l
Wie is de deelnemer?
baan; een schakel die eigenwaarde en perspectief biedt. Perspectief om blijvend mee te doen in de samenleving.
l
Wat speelt er / waar moet de focus komen te liggen?
l
Hoe kan het traject ingericht en passend gemaakt worden voor de deelnemer (kans op uitval verkleinen)?
Er nemen 35 mensen deel aan de pilot. Hieronder worden verschillende persoonskenmerken van deelnemers getoond.
Wanneer de deelnemer daadwerkelijk start ligt de focus eerst op het creëren van veiligheid en vertrouwen. Het is belangrijk dat deelnemers zich begrepen en gehoord voelen. Als de basis goed is, komen de deelnemers vanzelf met (hulp)vragen. Er is bewust gekozen om geen spreekuren te hanteren, hiermee wordt een drempel
Samenvatting – achtergrond deelnemers
De meeste deelnemers zijn vrouwen met migratieachtergrond, die een uitkering ontvangen Geslacht: meerderheid van de deelnemers is vrouw 21 vrouw
Culturele achtergrond: 13 verschillende nationaliteiten, meeste deelnemers uit Syrië
11 man 8
11
Gezinssamenstelling: ruim de helft is gehuwd of samenwonend, twee derde heeft kinderen
Syrië Marokko Irak Nederland
Overige landen
3
5
(Algerije, Koeweit, Eritrea, Tanzania, Saudi Arabië, Polen, Suriname, Dominicaanse Republiek, Japan)
16%
28%
13%
38%
6%
l Alleenstaand
Gehuwd/samenwonend
Alleenstaand met kinderen
Gehuwd/samenwonend met kinderen
85%
10% 5% T0, N = 20 Onbekend
en een luisterend oor bieden l
Leeftijd
Ontbreken (geldige) opleiding
Gezinssituatie
Mentale gezondheid
Beperkte taalbeheersing
Lichamelijke gezondheid
5
Omstandigheden
Purpose Management Consulting Effectmeting instapwerk | Eindrapportage | November 2021
Begeleiding gericht op ontwikkeling; onder andere emotionele begeleiding, het versterken van de zelfredzaamheid en weerbaarheid, motiveren (bijvoorbeeld voor deelname aan trainingen/activiteiten)
Onbekend
Regulier werk: deelnemers willen wel werken maar ervaren belemmeringen bij het vinden en uitoefenen van een reguliere baan
Praktische begeleiding; hulp bij het lezen van een brief, een vraag m.b.t. een schuld beantwoorden, het aanvragen van een DigiD code en het aanmelden bij een zorgverzekering
T0, n=32
3
Inkomen: alle deelnemers ontvangen een uitkering
Uitkering + salaris
De begeleiding bestaat uit drie onderdelen: l
T0, N = 30
Uitkering
opgeworpen. De begeleiding is altijd toegankelijk en aanspreekbaar.
(Instap)werkgerelateerde begeleiding; roosters maken, instapwerkzaamheden begeleiden, gesprekken voeren over verantwoordelijkheden van de deelnemers (kwaliteit van het instapwerk, te laat komen) en verhoging/verlaging van uren bespreken
c. WAARDEVOLLE ACTIVITEITEN IN DE WIJK
Het instapwerk draagt bij aan sterkere, inclusievere wijken. Het betreft activiteiten die nu blijven liggen, activiteiten die de wijk leefbaarder maken en de sociale structuren in de buurt versterken.
b. WAT HOUDT DE PILOT IN?
Wijkbuddy’s maken onder andere verse soep en brengen deze soep langs bij kwetsbare en/of eenzame wijk-
In januari 2021 is een pilot Instapeconomie gestart. De pilot wordt uitgevoerd bij Stichting Werk van Waarde
bewoners. In de gesprekken met de wijkbewoners kunnen wijkbuddy’s problematieken en behoeften signaleren.
in Den Haag Zuidwest. De stichting is onderdeel van het wijkbedrijf Allekanten. Met de pilot onderzoeken
Daarnaast zijn er buurtconciërges actief in de pilot. Buurtconciërges zijn veel buiten en zetten zich in om de wijk
we of deelnemers kunnen participeren in de maatschappij en welke effecten dit op hen heeft op gebied van
schoon, heel en veilig te maken/houden. Een voorbeeld van een laagdrempelige taak van de buurtconciërges is het
perspectief, eigenwaarde en bestaanszekerheid.
doen van rondes in de wijk en het signaleren en melden van misstanden in de wijk (bijvoorbeeld grofvuil op straat).
De deelnemers voeren waardevolle activiteiten uit in de wijk, ook wel instapwerk genoemd. De activiteiten
De pilot is gestart met 3 taakpakketten (wijkbuddy’s, buurtconciërges en kookhulpen). De taakpakketten van
bestaan uit laagdrempelige werkzaamheden met maatschappelijke waarde voor de wijk (werk van waarde).
de kookhulp en de wijkbuddy’s zijn in de praktijk samengesmolten. Dit gebeurde vanzelf, maar door de geldende
Het gaat om werkzaamheden die nu niet worden uitgevoerd, omdat die niet rendabel zijn om vanuit regulier
coronamaatregelen was aanpassing nodig en werd de samensmelting opportuun. Er konden namelijk bijvoorbeeld
werk op te pakken.
maar een aantal deelnemers tegelijk in de keuken werken, waardoor spreiding van taken noodzakelijk werd.
10
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
11
De instapwerkzaamheden ontstaan vanuit behoeftes in de wijk. Vanuit bewoners, maar ook vanuit partners. Als er mogelijk instapwerk wordt ‘geïdentificeerd’, wordt bepaald of:
e. SAMENWERKINGEN PARTNERS
We willen de Instapeconomie zoveel mogelijk in gezamenlijkheid met private partijen organiseren en waar
1) de taak uitvoerbaar is voor de deelnemers, en
mogelijk ook financieren. Het concept leent zich hier goed voor. Het idee is dat dat de gemeente en private
2) er geen sprake is van verdringing van reguliere arbeid.
partners gezamenlijk bedrijfsmodellen opzetten die maatschappelijke waarde toevoegen aan de wijk (afgestemd op de behoefte van en in samenwerking met de wijk). Er zijn in 2021 twee officiële samenwerkingen aangegaan met Rabobank en Staedion. Beide bedrijven hebben eenmalig een bedrag gefinancierd aan de stichting en hebben meegedacht over het identificeren en ontwikkelen van instapwerkzaamheden. De Rabobank heeft € 50.000 gefinancierd, Staedion € 25.000. Het geld van de Rabobank is besteed aan (extra) begeleiding en onderzoek. Met de € 25.000 vanuit Staedion konden vijf extra kandidaten deelnemen aan de pilot. We gaan verkennen hoe we de samenwerking nog beter kunnen organiseren in de toekomst. Publiek/private samenwerkingen kunnen een belangrijke rol spelen in de doorontwikkeling naar een duurzame voorziening. Naast officiële samenwerkingsverbanden zijn er ook andere vormen van samenwerkingen ontstaan: l
Mondriaan is onlangs gestart met het geven van taallessen bij stichting Werk van Waarde.
l
Na overleg met de bewonersvereniging van een ouderencomplex in Bouwlust wordt er vanuit de Instapeconomie aandacht besteed aan de eenzaamheid die leeft onder de bewoners, onder andere door zelfgemaakte soepen langs te brengen en een praatje te maken.
d. VERGOEDING
f. VOORTGANG IN 2022
uitkering. Hiermee vergroten we de bestaanszekerheid van de deelnemers. Dit doen we binnen de grenzen
Resultaten). We zijn daarom bezig met een plan om uit te breiden naar meer deelnemers.
van de Participatiewet door gebruik te maken van een vrijwilligersovereenkomst. De maximale hoogte van de
Hierbij zal getoetst worden of de behaalde effecten en resultaten ook mogelijk zijn op grotere schaal.
toelage is de maximale vrijwilligersvergoeding binnen de Participatiewet (momenteel € 1800 netto per jaar).
We zetten in op een uitbreiding naar ongeveer 100 deelnemers.
De deelnemers gaan er financieel op vooruit. Ze ontvangen voor hun instapwerk een toelage boven op de
De pilot geeft een positief beeld van de effecten op zowel de deelnemers als de wijk (zie hoofdstuk 3,
We hebben hiervoor gekozen omdat deze constructie geen gevolgen heeft voor de deelnemers. Er ontstaan geen verrekeningen met de bijstandsuitkering of toeslagen. Het hanteren van minimumloon voor de deelgenomen uren is ook overwogen en onderzocht, dit bleek niet haalbaar. Met deelname aan de Instapeconomie neem je niet deel aan de reguliere arbeidsmarkt, deelnemers voeren laagdrempelige werkzaamheden uit in de wijk die niet voor verdringing van reguliere arbeid zorgen. Het hanteren van het minimumloon is daarom voor deze doelgroep niet mogelijk. Er is wel berekend wat er gebeurt als een deelnemer voor de deelgenomen uren minimumloon zou
“De vergoeding die ik ontvang gebruik ik om een
aanvullende ziektekostenverzekering af te sluiten” Othmann
ontvangen. We zijn in de berekening uitgegaan van een alleenstaande die een bijstandsuitkering ontvangt. Het minimumloon gaat pas lonen bij een deelname vanaf 30 uur per week (ten opzichte van de maximale vrijwilligersvergoeding). De reden hiervoor zijn de verrekeningen die ontstaan met betrekking tot de bijstandsuitkering en toeslagen. Er zijn geen deelnemers die 30 uur per week of meer deelnemen aan de pilot. Als dit wel mogelijk is voor een deelnemer, reist al snel de vraag waarom hij/zij geen reguliere arbeid kan verrichten. De berekening geeft aan dat het hanteren van minimumloon in de pilot niet loont. Los hiervan zou het voor veel (onnodige) administratie zorgen, met het risico op grote verrekeningen achteraf. 12
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
13
3. Resultaten
Beleving deelnemers
a. EFFECTEN OP DE DEELNEMERS
Mensen investeren in je”.
De deelnemers zijn gemotiveerd en uitgesproken positief over het instapwerk. Het instapwerk is uniek door de combinatie van verantwoordelijkheid en mensgerichtheid. “Je wordt hier belangrijk gevonden.
Adviesbureau Purpose heeft in opdracht van de gemeente Den Haag onderzoek uitgevoerd naar de effecten van de pilot op de deelnemers en de wijk. De hoofdvraag van het onderzoek luidt: ‘Welke (indicatieve) effecten treden
Alle geïnterviewde deelnemers geven aan zich heel prettig te voelen bij het wijkbedrijf en in hun instapwerk.
op bij de deelnemers als gevolg van deelname aan het instapwerk, gedurende een periode van 3-10 maanden?’.
“Ik zie dit als mijn tweede huis, als mijn tweede familie”. Hulpverleners spelen een actieve rol in het vormen en behouden van de sfeer en cultuur. Zij onderhouden goed (informeel) contact met deelnemers om op de hoogte
Om de effecten op de deelnemers in kaart te kunnen brengen zijn er een aantal impactgebieden benoemd:
te blijven van wat er speelt.
• Opleiding en taalniveau
• Dagelijks leven en thuissituatie
• Sociaal netwerk
• Financiele, lichamelijke en mentale gezondheid
De deelnemers doen mee om hun netwerk te vergroten, Nederlands te leren en dagbesteding te hebben.
• Zingeving
• Vertrouwen in de overheid
Ze vinden hun instapwerk over het algemeen leuk. Tijdens de meetperiode lijkt het werkplezier van deelnemers licht toe te nemen. Hulpverleners zien een stabiele, positieve motivatie en een toename in aantal uren dat
De onderzoeksperiode liep van begin juni tot medio oktober 2021. Voor het onderzoek is gebruik gemaakt van de
deelnemers werken. De helft van de deelnemers is tijdens de meetperiode meer uren gaan werken.
combinatie van interviews en periodieke vragenlijsten. Effect op deelnemers Uitgangssituatie deelnemers
Deelnemers laten op vrijwel alle impactgebieden licht positieve ontwikkeling zien. De twee sheets op de
De deelnemers hebben een kwetsbare uitgangspositie en ervaren belemmeringen op de reguliere arbeidsmarkt;
volgende pagina geven dit goed weer.
• Persoonskenmerken: de meeste deelnemers zijn vrouwen met migratieachtergrond. Er is een grote spreiding in leeftijden, gemiddeld is een deelnemer 43 jaar. Bijna alle deelnemers ontvangen een bijstandsuitkering,
Deelnemers werken tijdens het instapwerk aan hun eigen ontwikkeling op persoonlijk en professioneel vlak. Ze
het overgrote deel heeft geen startkwalificatie en de helft heeft schulden.
ontdekken uiteenlopende nieuwe vaardigheden en talenten bij zichzelf. Hulpverleners zien ook dat deelnemers
• Taalniveau: de meerderheid van de deelnemers beheerst de Nederlandse taal beperkt tot slecht. “Ik volg lessen in de bibliotheek om de taal te leren. Maar gezien mijn leeftijd gaat het niet zo snel”. • Sociaal netwerk: de meeste deelnemers hebben een klein netwerk met weinig goede contacten in de buurt. “Ik ken in mijn eigen omgeving niemand. Ik heb alleen een zus in Den Haag. Ik heb geen sociaal contact met
structureel bezig zijn hun talenten te ontwikkelen. Zorgen over de toekomst onder deelnemers lijken tijdens de pilot af te nemen, tot een matig niveau. De meeste deelnemers geven in interviews aan positief naar de toekomst te kijken. Ze hebben ambities, dromen en idealen die ze willen waarmaken. Op professioneel vlak heeft een aantal deelnemers ook heel concrete ambities, waar ze tijdens hun instapwerk al gedeeltelijk aan werken.
andere mensen”. • Zingeving: deelnemers hebben het gevoel niet van belang te zijn. “Ik vond mezelf een waardeloos persoon. Iedereen werkt, ook oudere mensen. En ik maakte geen deel uit van de maatschappij”. • Dagelijks leven en thuissituatie: deelnemers zijn veel thuis, wat leidt tot inactiviteit en spanning. “Thuis denk ik te veel na. Over wat ik vroeger was en had. Over de oorlog”. • Mentale gezondheid: enkele deelnemers geven blijk van mentale problemen, zonder het direct te benoemen. “Als ik alleen ben word ik geconfronteerd met stress door het verleden”. • Lichamelijke gezondheid: deelnemers zijn positief over hun lichamelijke gezondheid, enkelen hebben wel gezondheidsproblemen. “Als ik te veel doe, heb ik ‘s nachts pijn. Soms slaap ik niet. Dan denk ik er veel aan”. • Financiële gezondheid: deelnemers hebben geen acute geldproblemen, maar leven wel rond het bestaansminimum. “We ontvangen een uitkering en dat dekt wel bepaalde dingen maar niet helemaal”.
14
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
Samenvatting – effect op impactgebieden
Deelname instapwerk heeft een positief effect op deelnemers tijdens de pilot Thema
Van…
Naar…
Taalniveau
De meerderheid van de deelnemers beheerst de Nederlandse taal beperkt tot slecht
Taalniveau deelnemers met migratieachtergrond verbetert door taallessen en regelmatige oefening
Sociaal netwerk
De meeste deelnemers hebben een klein netwerk met weinig goede contacten in de buurt
Deelnemers breiden hun sociaal netwerk uit
Zingeving
Deelnemers hebben het gevoel niet van belang te zijn
Instapwerk heeft een belangrijke zingevende functie voor deelnemers
Dagelijks leven & thuissituatie
Deelnemers zijn veel thuis, wat leidt tot inactiviteit en spanning
Instapwerk geeft structuur en heeft een positief effect op de thuissituatie van deelnemers
Mentale gezondheid
Enkele deelnemers geven blijk van mentale problemen, zonder het direct te benoemen
Deelnemers zitten beter in hun vel en kunnen beter omgaan met stress en negatieve gevoelens
Lichamelijke gezondheid
Deelnemers zijn positief over hun lichamelijke gezondheid; enkelen hebben wel gezondheidsproblemen
Deelnemers voelen zich overwegend fitter en de gezondheidstoestand neemt toe
Financiële gezondheid
Deelnemers zijn niet in acute geldproblemen, maar leven wel rond het bestaansminimum
Instapwerk heeft beperkt effect op de financiële gezondheid van deelnemers
Positieve situatie
Neutrale situatie
Negatieve situatie
Positief effect
Geen effect
Negatief effect
6
Purpose Management Consulting Effectmeting instapwerk | Eindrapportage | November 2021
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
15
5. Effect op deelnemers – samenvatting ontwikkeling impactgebieden
5. Effect op deelnemers – beleving
Deelnemers laten op vrijwel alle impactgebieden een positieve ontwikkeling zien
Deelnemers maken tijdens het traject een positieve ontwikkeling door
Het onderzoek laat de volgende resultaten zien. Verdere verdieping volgt op de hierop volgende slides. Leefgebied
Leefgebied
Ontwikkeling
▪ Taalniveau deelnemers met migratieachtergrond verbetert licht door taallessen en oefening op het werk. Ook hulpverleners zien lichte verbetering
Lichamelijke gezondheid
▪ Deelnemers voelen zich gezonder omdat ze actief zijn, meer buiten komen en beter voor zichzelf zorgen
▪ Het sociaal netwerk van deelnemers is groter, vooral door contact met andere deelnemers
Financiële gezondheid
▪ Ondanks de vergoeding is het effect op de financiële gezondheid marginaal: deelnemers leven nog rond het bestaansminimum en zien vergoeding als extraatje
Zingeving
▪ Deelnemers vinden het waardevol om een bijdrage te leveren aan de maatschappij Deelnemers krijgen door het instapwerk het gevoel dat ze er weer toe doen
Vertrouwen in overheid
▪ Deelnemers hebben enigszins vertrouwen dat de gemeente er is om hen te helpen. Instapwerk heeft hierop geen invloed.
Dagelijks leven en thuissituatie
▪ Deelnemers ervaren meer ritme in hun leven ▪ Bij sommigen verbetert de thuissituatie als gevolg van hun deelname
Persoonlijke ontwikkeling
▪ Deelnemers ontwikkelen zich als persoon en ontdekken nieuwe talenten en vaardigheden
Mentale gezondheid
▪ Deelnemers zitten beter in hun vel en voelen zich vrolijk en optimistisch ▪ Ze geven aan beter om te kunnen gaan met stress en negatieve gevoelens door afleiding en herkenning
Toekomstperspectief
▪ Deelnemers maken zich minder zorgen over de toekomst ▪ Kans op betaald werk lijkt toe te nemen
Taalniveau Sociaal netwerk
Positief effect
Ontwikkeling
Geen effect
Negatief effect
30
Voor
Tijdens
Deelnemers ervaren veel negatieve emoties voor hun deelname aan het instapwerk
Deelnemers ervaren een groot verschil. Ze voelen zich vrijer, hebben meer zelfvertrouwen en ervaren meer zin in hun leven
“Ik bleef thuis en kon niets doen. Dat was heel saai. ”
“Ik ben nu trots op mezelf dat ik weer lekker bezig ben.”
“Ik voelde mij persoonlijk niet goed, het thuis zitten, het niks doen, niet belangrijk zijn.”
“Het was donker, niemand kon mij helpen. Ik was alleen, kende de taal niet, kende niemand.” “Moe, thuis, altijd slapen op de bank.”
Purpose Management Consulting Effectmeting instapwerk | Eindrapportage | November 2021
“Nu is het lichter. Ik ben bezig met iets. Dit is als een beloning. Ik heb nu te maken met ouderen. Het is ook een beloning voor hun.”
29
“Ze hebben mij uit het zwarte gat getrokken. Ik krijg hier hulp als ik iets vraag. Mijn zelfvertrouwen heb ik ook teruggekregen.”
“Nu vrijheid. Je bent niet in een donkere ruimte thuis, maar nu ben je buiten.”
Purpose Management Consulting Effectmeting instapwerk | Eindrapportage | November 2021
Ook de interviews geven een positief beeld van de effecten op de impactgebieden. Deze quotes van deelnemers
Werk
geven dat goed weer:
Vrijwel alle geïnterviewde deelnemers geven aan wel te willen werken, maar belemmeringen te ervaren bij het vinden en uitoefenen van een reguliere baan.
“Ik heb dit werk echt nodig. Anders verval ik weer in de hele dag thuis zijn” “Ik praat hier met andere mensen, dat is afleiding. Het is goed voor mijn
mentale gezondheid om hier te zijn. Ik voel dat ik blij ben. Ik vergeet de stress” “Ik heb hier vrienden gemaakt die ik ook buiten werk zie, dan gaan we koffie drinken.”
“Hier ben ik actief en daardoor ook gezond. Ik voel me fit. Ik merk het aan mijn manier van lopen en bewegen. Nu is het meer los.”
“Het is fijn om te weten dat ik geld achter de hand heb voor onverwachte kosten.”
De kans dat de deelnemers in de toekomst in aanmerking komen voor betaald werk, achten hulpverleners meestal klein. Tijdens de meetperiode neemt deze kans gemiddeld licht toe. Voor zes deelnemers is de kans aanwezig dat zij op langere termijn naar een reguliere baan kunnen groeien. Hulpverleners schatten de termijn hiervoor op gemiddeld drie jaar.
b. EFFECTEN OP DE WIJK
Adviesbureau Purpose heeft ook onderzoek gedaan naar de effecten van de pilot op de wijk. Het effect op de wijk is geëvalueerd op basis van leefbaarheid, veiligheid en sociale cohesie. Vanuit het perspectief van deelnemers is er een duidelijk merkbaar effect op de leefbaarheid, veiligheid en sociale cohesie in de wijk. Vanuit het perspectief van direct betrokkenen is er een licht merkbaar effect op de leefbaarheid en sociale cohesie. De gesprekken met niet betrokken wijkbewoners geven een gemengd beeld van het effect op de wijk.
c. CIJFERS (INSTROOM, UITSTROOM EN UITVAL)
De eerste deelnemers zijn eind januari 2021 ingestroomd in de pilot. De verdere instroom is gestaag verlopen, de coronamaatregelen zijn hierin leidend geweest. Begin juli 2021 namen er 30 mensen deel aan de pilot, de pilot was toen vol. Van deze 30 mensen hebben er 3 een andere inkomensvorm dan de bijstandsuitkering (WAO of mensen met werkende partners met een laag inkomen).
16
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
17
In juli 2021 zijn in samenwerking met Staedion vijf extra deelnemers gestart. Deze deelnemers hebben niet deelgenomen aan het onderzoek van Purpose.
• Een deelnemer heeft potentie om in de bouw aan de slag te gaan, deze deelnemer heeft in land van herkomst ook in de bouw gewerkt. Er is een certificaat/diploma nodig om in Nederland in de bouw te kunnen werken. De kandidaat is analfabeet, het lukt daarom niet een certificaat/diploma te behalen.
Er is een grote groep uitkeringsgerechtigden die vermoedelijk nooit reguliere arbeid kan uitvoeren, maar wel graag deel wil deelnemen aan de maatschappij. De instroom van deelnemers bij een eventuele uitbreiding zal
Naast de bovengenoemde voorbeelden zijn er drie kandidaten die volgens de werkbegeleider mogelijk op l
daarom geen probleem zijn. Er is veel interesse vanuit participatie in deze voorziening, ook wijkbewoners zijn
angere termijn arbeidspotentie hebben. Voorlopig is deelname aan de pilot het hoogst haalbare. In de toekomst
geïnteresseerd in de pilot (meerdere mensen hebben zichzelf gemeld met de vraag om te kunnen deelnemen).
moet blijken of de arbeidspotentie er daadwerkelijk is.
Verdeling instroom Twintig deelnemers zijn vanuit de afdeling Participatie van de gemeente Den Haag aangemeld bij de stichting Werk van Waarde voor deelname aan de pilot. Tien deelnemers hebben zichzelf gemeld bij de stichting.
d. KOSTEN
Onderstaande tabel toont de kosten per deelnemer, per jaar, binnen de pilot Instapeconomie. Er is gekozen
Van deze tien zelfmelders hebben zeven deelnemers een bijstandsuitkering, zij vallen allemaal onder de
om de kosten te tonen die direct te verbinden zijn aan de pilot. Voor eventuele uitbreiding dient er in ieder
participatiedoelgroep. De overige drie deelnemers hebben een andere inkomensvorm dan de bijstandsuitkering.
geval met deze kosten rekening gehouden te worden. Overige kosten zoals huur van de locatie, gas/water/ licht, doorontwikkeling pilot, communicatie, boekhouding, andere personeelskosten (bijvoorbeeld begeleiding
Niet alle mensen die zichzelf gemeld hebben konden deelnemen aan de pilot (bijvoorbeeld door parttime werk
en trainingen) zijn in deze berekening niet meegenomen. Dit zijn fluctuerende kosten waar keuzes in gemaakt
of een partner met een hoger inkomen). Of omdat zij vanwege hun kwaliteiten meer konden en bij de gemeente
kunnen worden.
Den Haag in een route richting werk zaten. Er zijn een aantal potentiële deelnemers gesproken die uiteindelijk niet hebben deelgenomen aan de pilot. Dit is zes keer aan de orde geweest (vijf vrouwen, een man). In alle gevallen was motivatie niet de reden, bij de meeste van hen was deelname aan de pilot niet te combineren met de thuissituatie, bijvoorbeeld vanwege de zorg voor een partner of jonge kinderen. Uitvallers
Toelages/vergoedingen
€ 1.200
Opleidingen
€
Begeleiding
€ 2.500
Materialen/faciliteiten
€
Totaal
€ 4.200
350
150
Er zijn twee deelnemers van de pilot uitgevallen; • Alleenstaande moeder met 3 kinderen, haar jongste kind heeft een stoornis. Haar kind is geplaatst bij de reguliere opvang, dit ging niet goed en kon niet doorgaan. Bij de gespecialiseerde opvang was een wachtlijst.
Opmerkingen: • We begroten per deelnemer per jaar € 1.200 voor de toelages/vergoedingen. De maximale vrijwilligers-
De kandidaat heeft toen moeten besluiten om te stoppen. Ze heeft drie tot vier maanden deelgenomen.
vergoeding binnen de pilot is op dit moment € 1.800 euro per jaar. Hier komen deelnemers voor in
• De kandidaat heeft een GGZachtergrond. Er waren bij de start van deelname te veel belemmeringen en
aanmerking als ze relatief veel uren per week deelnemen. € 1.200 per jaar is een reëel gemiddelde.
problemen aanwezig.
• Begeleiding is een grotere kostenpost gebleken dan verwacht. De begrote begeleidingskosten per deelnemer per jaar waren € 2.000 euro, in 2021 is er ongeveer € 800 euro per deelnemer extra ingezet. Mede door
Flexibiliteit, veiligheid en cultuur maken dat er weinig uitval is (zie bijlage. Notitie effectmonitoring Purpose).
de effectmeting vanuit Purpose was er meer begeleiding nodig (invullen digitale vragenlijsten, vertalen en begrijpen van de vragen, etc.). Het is gezien de ervaringen uit de pilot, realistischer om uit te gaan van
(Mogelijke) uitstroom richting arbeid
€ 2.500 euro per deelnemer per jaar.
Er zijn nog geen deelnemers uitgestroomd naar arbeid. In de toekomst gaat hier mogelijk wel sprake van zijn; • Een deelnemer is parallel aan deelname gestart met een opleiding voor ouderenzorg (VIG), het idee is dat ze uit gaat stromen naar arbeid zodra haar diploma is behaald. • Een deelnemer is aan het solliciteren. Deze deelnemer heeft eenmaal een sollicitatiegesprek gehad en is toen afgewezen. In overleg met de gemeente Den Haag wordt gekeken hoe de deelnemer geholpen kan worden in dit proces.
18
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
19
4. Conclusies en aanbevelingen DE BELANGRIJKSTE CONCLUSIES VAN DEZE EVALUATIE: l
De eerste bevindingen tonen aan dat mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt
l
- Voor het vaststellen van lange(re) termijn effecten is het voortzetten van
door deelname aan de pilot Instapeconomie weer mee kunnen doen in de maatschappij. l
Deelnemers laten op vrijwel alle impactgebieden een positieve ontwikkeling zien; taalniveau, sociaal netwerk, zingeving, dagelijks leven & thuissituatie, mentale, fysieke en financiële
effectmonitoring wenselijk. - De uitgevoerde effectmeting gaat vooral over de effecten bij de deelnemers. Om beleidswijzigingen te kunnen forceren is mogelijk meer informatie over de werkzame bestanddelen nodig.
gezondheid. l
beeld van het effect op de wijk. l
- Een MKBA (Maatschappelijke Kosten Baten Analyse) kan ingezet worden om in beeld te brengen wat de pilot oplevert.
Deelnemers en direct betrokken zien een positief merkbaar effect op de leefbaarheid, veiligheid en sociale cohesie in de wijk. Niet betrokkenen wijkbewoners geven een gemengd
l
Met de propositie onderstreept de G4 de noodzaak om iets te doen voor de grote groep
Private partners zijn geïnteresseerd in de pilot en willen het gesprek voeren over mogelijke
mensen met een bijstandsuitkering die geen kans heeft op een reguliere baan. De basisbaan, of een andere vorm hiervan, is niet opgenomen in het regeerakkoord. Desondanks is het aan
instapwerk. In 2021 zijn er verschillende samenwerkingen ontstaan.
te bevelen om (landelijke) ontwikkelingen op dit gebied te volgen en eigen ervaringen met de STiP-banen en de Instapeconomie te delen om de ontwikkeling te voeden.
Gezien de grootte van de groep uitkeringsgerechtigden die niet naar de reguliere arbeidsmarkt kan, is uitbreiding van de aanpak wenselijk. Er is veel interesse vanuit de afdeling Participatie voor deze voorziening, ook wijkbewoners zijn geïnteresseerd in de pilot
l
l
Gezien het positieve beeld van de effecten die de pilot heeft op zowel de deelnemers als de wijk is het aan te bevelen om de pilot uit te breiden. We zijn bezig een plan te maken voor deze uitbreiding, waarin we inzetten op een uitbreiding naar ongeveer 100 deelnemers. Hierbij zal getoetst worden of de behaalde effecten en resultaten ook mogelijk zijn op grotere schaal.
l
Bij opschaling is behoud van cultuur en aanpak cruciaal. Sfeer, cultuur en werkplezier
Om door te ontwikkelen naar een duurzaam concept is het aan te bevelen om in de toekomst intensieve samenwerking met private partijen te blijven verkennen. Private partijen kunnen
(meerdere mensen hebben zichzelf gemeld met de vraag om te kunnen deelnemen).
DE BELANGRIJKSTE AANBEVELINGEN:
Herziening Participatiewet / basisbaan In G4 verband is er aan een positiebepaling met betrekking tot de basisbaan gewerkt.
samenwerking. Dit kan gaan over meefinancieren en/of meedenken in het ontwikkelen van
l
In 2022 is het aan te bevelen meer onderzoek doen;
meedenken en/of meefinancieren in de ontwikkelingen van Instapwerk in de wijk. l
Duidelijk positioneren van de Instapeconomie in verhouding tot andere voorzieningen.
l
De naam Instapeconomie roept het beeld op dat het om een opstap naar de reguliere arbeidsmarkt gaat, dit is voor de meeste deelnemers niet het geval. Meerdere mensen die vanuit verschillende perspectieven bij de pilot betrokken zijn hebben dit aangegeven, met het verzoek na te denken over andere naam. Het is aan te bevelen om een beter passende naam te bedenken. Hier wordt in 2022 aandacht aan besteed.
worden door de deelnemers als heel goed beoordeeld. Het instapwerk is passend voor elke deelnemer omdat er rekening wordt gehouden met interesses, talent en persoonlijke omstandigheden. Deelnemers krijgen zelf verantwoordelijkheid, wat maakt dat zij zich serieus genomen voelen.
20
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
21
BATOUL, DEELNEEMSTER AAN DE PILOT INSTAPECONOMIE Wie één keer de soep van Batoul geproefd heeft, is meteen verkocht. Dat is niet gek, want ze stopt er niet alleen verse ingredienten, maar ook een portie liefde in. Nadat ze haar kooktalent jarenlang alleen maar met haar dochter deelde, genieten nu ook buurtbewoners in Den Haag Zuidwest regelmatig van een kopje puur geluk. “De eenzaamheid is er eigenlijk een beetje ingeslopen. Nadat ik in 2009 scheidde van mijn man, kwam de zorg voor mijn dochter op mij neer, maar familie heb ik in Nederland verder niet en ook vriendinnen maken vond ik lastig. Ik deed mijn best om Nederlands te leren en ging daarvoor naar taalcursus, maar als je verder niemand om je heen hebt om de taal mee te spreken is het moeilijk om je de taal echt eigen te maken. Daarbij had ik de nodige medische klachten. Veel pijn in mijn nek en rug en een hernia, waardoor ik continu met pijn door het leven ging en ook niet kon werken. Ik raakte steeds verder in mezelf gekeerd en maakte me zorgen over de toekomst. Alleen maar samen met je dochter zijn is toch niet gezond. Wij mensen zijn ervoor gemaakt om met andere mensen om te gaan toch? Er moest dus echt iets veranderen, om te zorgen dat ik weer wat meer de zonnige kanten van het leven zou gaan zien.” “Via een consulente bij de gemeente Den Haag kwam ik vervolgens in contact met Werk van Waarde. Dat vond ik
“Soep maakt mensen gelukkig”
best spannend; ik had niet veel zelfvertrouwen en wat als de taken te zwaar zouden zijn? Na een gesprek met de werkbegeleider bleek gelukkig dat ik helemaal zelf mocht aangeven waar, wanneer en wat ik zou willen doen. Ik werd heel warm ontvangen en dat deed me goed. Ik hou vanuit mezelf eigenlijk heel veel van contact maken, dus ik besloot eerst te gaan helpen met het uitdelen van soep voor oudere mensen in de buurt. Heel fijn om te doen, omdat je merkt dat veel van die mensen echt zitten te wachten op een praatje. Mijn Nederlands ging op die manier ook weer met sprongen vooruit. Maar over de soep zelf was ik niet echt tevreden. Die werd ingekocht, terwijl we hier met allemaal vrouwen zijn die heel goed kunnen koken! Dus kwam ik met het idee om zelf soep te gaan maken op basis van een Algerijns recept: chourba. Nu doen we met een groep vrouwen samen boodschappen en koken we soep zoals het hoort: met verse ingrediënten en liefde erin!” “Deze soep staat inmiddels voor veel meer dan alleen maar eten. Soep maakt mensen gelukkig, en dat maakt mij ook gelukkig. De mensen waar we langskomen, spreken soms dagenlang helemaal niemand. Omdat ik zelf ook heel goed weet hoe het voelt om eenzaam te zijn, maak ik graag tijd vrij om even te kletsen. Het is zo belangrijk dat er iemand is die naar je verhaal wil luisteren.
Die twee dagen in de week dat ik mag helpen bij Werk van Waarde zorgen er niet alleen voor dat mijn Nederlands veel beter wordt, maar ik slaap ook weer goed en het allermooist; ook mijn dochter ziet dat ik veel gelukkiger ben. De activiteiten die doe geven weer richting en structuur aan mijn leven. Daarbij bouw ik nu weer aan een eigen sociaal leven, zodra ik hier binnenstap of met de vrouwen boodschappen ga doen, voelt dat alsof ik familie om me heen heb. Daarbij is het ook fijn om een bijdrage te ontvangen, dan kan ik met mijn dochter soms net even iets meer doen. Maar eerlijk gezegd is het extra geld niet het belangrijkst. De waarde zit hem vooral in het weer van betekenis kunnen zijn en bij te kunnen dragen aan een beetje geluk voor de mensen die dat nodig hebben. Mooi dat je dat kunt bereiken met een kopje verse soep. Daar word ik zelf ook heel gelukkig van.”
22
PI LOT EVA LUATI E VAN DE I NSTAPECONOMI E
P I LOT EVA LUATI E VA N DE I NSTA P E CO NOM I E
23