CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS311442 Verkenning verplaatsing coffeeshops naar bedrijventerreinen

Gemeenteraad 19 mei 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief burgemeester, de heer Van Zanen, inzake verkenning verplaatsing coffeeshops bedrijventerreinen (RIS311442)1.452 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Jan van Zanen Burgemeester

001

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Bestuur

BSD/10257558 RIS311442 Contactpersoon

Henri van der Heijden/Enrique Alonso Dienst

Bestuursdienst Afdeling

Directie Veiligheid Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

1 februari 2022

-

Onderwerp

Verkenning verplaatsing coffeeshops naar bedrijventerreinen

Geachte voorzitter, In de vergadering van de commissie Bestuur van 8 september jl. is het coffeeshopbeleid besproken. Belangrijke aanleiding hiervoor was de problematiek rond de overconcentratie aan coffeeshops in het Zeeheldenkwartier en de Weimarstraat. De hoeveelheid coffeeshops in deze gebieden drukt op de leefbaarheid. De aanwezige bewonersorganisaties onderstreepten dit tijdens de vergadering en wezen erop dat het jarenlange gemeentelijk beleid op dit punt nog steeds zonder resultaat is gebleven. De commissie Bestuur heeft in de vergadering van 8 september 2021 verzocht om een verkenning naar de mogelijkheden om coffeeshops te verplaatsen naar bedrijventerreinen. In de raadsvergadering van 7 oktober 2021 is daartoe tevens een motie aangenomen (RIS310274). Deze verkenning moet bestaan uit een gesprek met betrokken ondernemers alsmede uit een juridische analyse. De commissie riep ondertussen op om in de overconcentratiegebieden verscherpt toezicht te houden, gelet op de zorgen die meerdere bewonersorganisaties tijdens de vergadering hebben geuit over de leefbaarheid. Deze brief bevat het resultaat van de juridische verkenning naar de mogelijkheden om coffeeshops vrijwillig vanuit overconcentratiegebieden te verplaatsen naar bedrijventerreinen.

Aansluitend wordt een voorstel gedaan om bij een volgend verzoek tot verplaatsing, dat niet op voorhand stuit op zwaarwegende bezwaren, deze mogelijkheden bij wijze van proef te benutten. Op de overige punten uit voormelde motie ben ik al ingegaan in het tussenbericht van 14 december jl. (RIS310909). Daarin staat hoe het gesprek met het bestuur van de Stichting Bedrijventerreinen Haaglanden (SBH) is verlopen en welke afspraken er zijn gemaakt over communicatie. Tevens is ingegaan op de wijze waarop invulling is gegeven aan het verscherpte toezicht op de coffeeshops uit de overconcentratiegebieden.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10257558

Juridische verkenning Over de mogelijkheden tot verplaatsing naar bedrijventerreinen is uitvoerig overleg gevoerd met de betrokken diensten, waarbij ook extern juridisch advies ingewonnen. Samenvattend komen de uitkomsten van deze verkenning op het volgende neer: • Coffeeshops kunnen worden verplaatst naar bedrijventerreinen. • Omdat de verkoop van softdrugs onder de Opiumwet verboden is kan de vestiging van een coffeeshop niet expliciet mogelijk worden gemaakt in een ruimtelijk besluit. • De vestiging van een coffeeshop moet daarom via de band van een horecabestemming. Als die er nog niet is, of al in gebruik is, wat meestal het geval zal zijn, moet de exploitatie van een horeca-inrichting alsnog mogelijk worden gemaakt. • Dat kan het snelst met een omgevingsvergunning, zeker als het gebouw in kwestie feitelijk aanwezig en legaal is, dan is namelijk de zogenoemde kruimelregeling van toepassing. • Een omgevingsvergunning vergt een ruimtelijke onderbouwing. Daarin wordt onder meer de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan het vigerende beleid. • De vestiging van een coffeeshop op een bedrijventerrein past op een aantal punten niet in het vigerende beleid. • Op basis van het beleid uit de Horecavisie, is alleen horeca met een ondersteunende functie mogelijk op bedrijventerreinen. Daarvan is bij een coffeeshop echter geen sprake.

Het beleid uit de Bedrijfshuisvestingsstrategie laat een zekere functievermenging toe. Daar staat de raad echter wat anders voor ogen dan het toevoegen van horeca voor de verplaatsing van een coffeeshop. Wel is een uitzondering op dat bedrijventerreinenbeleid mogelijk in het geval van andere zwaarwegende of acute ontwikkelingen buiten economische functies. • Op zich kan – zolang het gaat om een of hooguit enkele gevallen – in de omgevingsvergunning, wanneer dat heel goed wordt gemotiveerd, van het vigerende beleid worden afgeweken. Voor een meer structurele verplaatsing is het nodig om het beleid aan te passen. • De kans van slagen van een incidentele verplaatsing naar een locatie waar planologisch nog geen horeca mogelijk is, hangt af van de noodzaak van de verplaatsing van de coffeeshop, het type bedrijventerrein waarnaar de coffeeshop verplaatst, de keuze van de specifieke locatie daar en de motivering van de afwijking van het vigerende beleid. • Er zal overleg moeten plaatsvinden met de partner in het convenant van 26 maart 2021 voordat de omgevingsvergunning wordt verleend. Deze verkenning laat zien dat de toepasselijke (beleids-)regelgeving, niet op voorhand in de weg hoeft te staan aan de verplaatsing van een coffeeshop naar een bedrijventerrein. De strijdigheid met het bestemmingsplan kan in beginsel worden ondervangen met een omgevingsvergunning.

Of deze in een concreet geval daadwerkelijk kan worden verleend, hangt af van de ruimtelijke onderbouwing die voor de verplaatsing naar de specifieke locatie kan worden gegeven. Allereerst moeten de nut en noodzaak om voor de verplaatsing af te wijken van het vigerend horecabeleid duidelijk worden gemotiveerd. Daarnaast spelen ook andere ruimtelijke vragen een rol, zoals de vraag of de betreffende locaties wel gemist kunnen worden als bedrijventerrein, de aanwezigheid van andere functies, zoals woningen en scholen, de afwikkeling van de verkeersbewegingen, parkeergelegenheid, de sociale veiligheid, de mogelijkheid tot handhaving en – uiteraard – de belangen van de zittende bedrijven. Alle relevante belangen moeten zorgvuldig worden onderzocht en afgewogen. Deze kunnen per locatie verschillen. Besluitvorming Indien een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor een al bestaand en legaal gebouw, dan kan de gemeente, na afweging van alle relevante belangen, hierop een besluit nemen met toepassing van de zogenaamde kruimelregeling. Op de aanvraag is dan de reguliere procedure van toepassing op grond waarvan het college binnen acht weken moet beslissen op de aanvraag, te verlengen met zes weken. Belanghebbenden hebben de mogelijkheid om tegen dit besluit in bezwaar en beroep te gaan.

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10257558

In alle andere gevallen is de uitgebreide procedure van toepassing op de aanvraag. Daarin stelt het college eerst een ontwerp omgevingsvergunning op dat wordt gepubliceerd. Belanghebbenden worden zo in de gelegenheid gesteld om hun zienswijzen te geven op de ontwerpvergunning. Tevens moet uw raad een verklaring van geen bedenkingen afgeven waarna het college de omgevingsvergunning kan verlenen. Tegen dat besluit kunnen belanghebbenden rechtstreeks in beroep gaan. Voor beide procedures geldt dus dat het uiteindelijk aan de rechter is om te oordelen of de gemeente op goede gronden heeft besloten tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor het verplaatsen van een coffeeshop vanuit de overconcentratiegebieden naar een bedrijventerrein. Conclusie en voorstel De juridische analyse wijst uit dat er juridische mogelijkheden lijken te zijn voor het verplaatsen van coffeeshops vanuit de overconcentratiegebieden naar bedrijventerreinen. Zekerheid hierover kan echter pas worden verkregen door deze mogelijkheden in een concreet geval toe te passen. Pas dan wordt duidelijk welke belangen concreet spelen bij de gewenste verplaatsing en of voor de verplaatsing een goede ruimtelijke onderbouwing kan worden gegeven. De procedure die volgt als rechtsmiddelen worden aangewend, moet uiteindelijk uitwijzen of het besluit de rechterlijke toets kan doorstaan.

Conform de afspraak hierover met de coffeeshopbranche, moeten de ondernemers zelf alternatieve locaties aandragen (RIS302896). Het voorstel is om bij een eerstvolgend verzoek, dat niet op voorhand stuit op zwaarwegende bezwaren, de procedure tot verplaatsing in gang te zetten. Of er zwaarwegende bezwaren spelen, wordt duidelijk in de beginselprocedure die standaard wordt doorlopen ten aanzien van verzoeken tot verplaatsing (RIS302896). Zodra deze positief is doorlopen, zal de beoogde locatie aan uw raad worden voorgelegd. Belanghebbenden hebben in die fase de gelegenheid om hun standpunt naar voren te brengen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van hun inspreekrecht. Na de beraadslaging in uw raad, kan de ondernemer beslissen om al dan niet over te gaan tot het indienen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning. Afhankelijk van de situatie dient hierbij, zoals gezegd, de procedure van de kruimelregeling, of de uitgebreide procedure te worden doorlopen. Als de aanvraag door een ondernemer leidt tot het verlenen van een omgevingsvergunning, breekt de fase aan waarin voor de coffeeshop een exploitatievergunning en gedoogstatus kan worden afgegeven. De ondernemer dient een veiligheidsplan in te leveren, met maatregelen om de openbare orde en veiligheid, zoals het voorkomen van overlast, te waarborgen. Ook zal de politie met een advies komen.

Op basis van dit politie-advies en het ingeleverde veiligheidsplan wordt beoordeeld of er een vergunning en gedoogstatus kan worden verleend. Bij een positieve beoordeling, kan op basis van het geldende horeca-handhavingsbeleid toezicht worden gehouden. Eventueel kan de proef betrekking hebben op meer dan één verzoek tot verplaatsing. Zoals gezegd dient het aantal echter wel beperkt te blijven. Voor een verplaatsingsmogelijkheid met een meer structureel karakter, dient het horecabeleid te worden gewijzigd. Overigens zal aan de ondernemers duidelijk worden gemaakt dat de verplaatsingsprocedure voor hun rekening en risico plaatsvindt en dat er op voorhand geen garantie is dat deze met goed gevolg zal worden doorlopen. Ik hoop u met deze brief voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Jan van Zanen

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11098695/2