RIS311421 Beantwoording SV Afval en handhaving in Laak
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
22 maart 2022
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de heer Fekkes en de heer Groenewold luidend: ‘Afval en handhaving in Laak’.
DSB/10265890 RIS311421
De raadsleden de heer Fekkes en de heer Groenewold hebben op 27 januari 2022 een brief met daarin 7 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met het grote afvalprobleem in Laak? Zo ja, is het bekend wat de onderliggende oorzaken zijn? Is dit onderzocht? Zo nee, bent u bereid om dit te onderzoeken o.a. aan de hand van de inhoud van de ORAC’s?
Ja, het college is bekend met het afvalprobleem in Laak. Bij probleemlocaties worden mogelijke oorzaken in beeld gebracht en daarbij passende interventies uitgevoerd. De oorzaken en interventies verschillen per locatie. In het Rekenkameronderzoek ‘Schoon op papier’ (RIS310905) van 16 december 2021 heeft het college een toelichting gegeven op de achterliggende oorzaken van afvalproblematiek. In het kort is daarin aangegeven dat het college van mening is dat er meer onderzoek gedaan kan worden naar de achterliggende oorzaken. Hierbij moet de afweging worden gemaakt hoe waardevol en toekomstbestendig dergelijk onderzoek is. Aanvullend is benadrukt dat onderzoek tijd en inzet vraagt wat een dergelijk onderzoek ook kostbaar maakt. Het college wil graag samen met de gemeenteraad bepalen of het doelmatig en effectief is om een dergelijk onderzoek uit te voeren en het daarbij behorende budget beschikbaar te stellen. 2.
Er zijn signalen vanuit bewoners dat het afvalprobleem groter is geworden sinds de ORAC’s sensoren bevatten. Omdat pas bij drie volle containers wordt geleegd, kan het zo zijn dat twee ORAC’s heel lang vol zitten omdat nummer drie nog niet het percentage voor legen heeft bereikt. Rijden de ophaalwagens vaker of minder vaak sinds de sensoren zijn geplaatst? Is het college bereid deze signalen te onderzoeken en indien mogelijk het beleid op aan te passen?
Ondergrondse restafvalcontainers worden geleegd op basis van de meetgegevens van de vulgraadsensoren die in de containers zijn geplaatst. De ORAC-locatie wordt ingepland voor lediging wanneer de gemiddelde vulgraad van de containers op de ORAC-locatie de norm voor lediging heeft bereikt. Het systeem gebruikt hiervoor niet alleen de actuele meetgegevens, maar voorspelt ook de vulsnelheid op basis van ervaringscijfers. Of ophaalwagens vaker of minder vaak rijden hangt af van de vulsnelheid van de containers op de ORAC-locatie. Als de containers op een ORAC-locatie snel vol raken, dan worden de containers vaker geleegd. Als de containers minder snel vol raken, dan kan het zijn dat bewoners minder vaak een wagen in de wijk zien. Het college is bekend met het signaal dat soms één of meerdere containers vol zijn terwijl er nog ruimte is in de container die hier direct naast staat. Dat mag geen excuus zijn voor bijplaatsen van afval. Het college speelt hierop in door in communicatie te benadrukken dat in de naastgelegen container vaak nog wel ruimte is.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10265890
3.
Welke maatregelen heeft het college getroffen om ongeregistreerde overbewoning mee te wegen in de vuilophaalbehoefte in Laak? Zijn er cijfers bekend over het aantal kilo’s dat opgehaald wordt per geregistreerde inwoner en hoe dit zich verhoudt tot andere stadsdelen? Zo niet, is het college bereid dit te onderzoeken?
Bij de plaatsing van ORAC’s wordt rekening gehouden met de samenstelling van de huishoudens (groot of klein) en met ongeregistreerde overbewoning. Dit wordt gedaan door in dat geval een kleiner aantal huishoudens per container aan te houden. Daarnaast is vanaf juli 2021 gestart met het dynamisch inzamelen. Dit betekent dat naarmate het gebruik van een container toeneemt, de ledigingsfrequentie stijgt. Naast inzameling via ORAC’s zijn er in Den Haag nog steeds wijken waar het huishoudelijk afval huis-aan-huis wordt ingezameld. Bij huis-aan-huis inzameling en de inzameling via ORAC´s is de ophaalfrequentie niet afhankelijk van het aantal geregistreerde bewoners. Voor restafval wordt niet de hoeveelheid ingezamelde kilo’s per inwoner per stadsdeel gemeten. Wel zijn er gegevens bekend over de inzameling van restafval voor de gehele stad. Het meten per stadsdeel is niet mogelijk omdat de route van inzamelvoertuigen van de Haagse Milieu Services zich niet houden aan de grenzen van de stadsdelen. 4.
Vanuit de bewoners zijn er signalen dat de MyCleanCity-app niet optimaal werkt en praktische problemen geeft zoals het niet of slecht bepalen van de locatie en/of doorgeven hiervan. Meldingen via Twitter zouden niet meer in behandeling worden genomen. Hebben deze signalen het college bereikt? Zo ja, welke maatregelen heeft u hiertegen genomen? Zo nee, bent u bereid deze signalen te onderzoeken en er een oplossing voor te vinden?
Sinds de lancering van de MyCleanCity-app wordt continu gekeken hoe de functionaliteiten en het gebruiksgemak van de app geoptimaliseerd kunnen worden. Dit wordt verwerkt in eventuele updates. Momenteel wordt onder andere ook een technische oplossing getest om de locatiebepaling in de app nauwkeuriger te maken. Als de testfase voorbij is, zal deze aanpassing worden doorgevoerd in de app. Elke melding die (naast de app of het meldformulier) binnenkomt via 14-070 of de socialmediakanalen wordt overigens als melding ingeboekt in het nieuwe meldsysteem. 5.
Bewoners zien de logica van het vuilophaalreces niet: weghalen van bijplaatsingen, legen en vegen zou logisch zijn denkt ook de D66-fractie. Is het college dat met ons en de bewoners eens? Is dat ook de volgorde in de praktijk? Zo nee, waarom niet?
Het college begrijpt de vooronderstelde logica. De huidige werkwijze is effectiever en efficiënter dan wanneer reinigingsdiensten achter elkaar aanrijden. De verschillende reinigingsdiensten voeren op verschillende momenten en met een verschillende frequentie hun werkzaamheden uit, waardoor alle noodzakelijke werkzaamheden het beste bijdragen aan een schoon straatbeeld. Omdat niet alle afvalsoorten op alle locaties aanwezig zijn en de werkzaamheden verschillen in benodigde uitvoeringstijd per containerlocatie, zou capaciteit verloren gaan en daardoor het straatbeeld juist minder schoon worden. Als voorbeeld: niet bij iedere ORAC die de HMS ledigt wordt bijgeplaatst afval en/of zwerfafval aangetroffen en bijgeplaatst afval en zwerfafval komt ook op andere plekken voor dan rondom een ORAC-locatie. Bovendien leegt HMS de containers op basis van de vulgraadgegevens. De containers die in één route worden geleegd liggen meer uit elkaar dan wanneer alle containers in een gebied op een vast dagdeel worden geleegd. Door de vegers en de ploegen die bijplaatsingen verwijderen en doorzoeken op adresgegevens hun eigen route te laten volgen, krijgen alle containerlocaties en straten de aandacht die ze verdienen en niet slechts de locaties die op de HMS route staan.
Het college komt in actie als zich knelpunten voordoen in de keten van werkzaamheden en blijft alert op nieuwe ontwikkelingen en inzichten om de keten verder te verbeteren.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10265890
6.
Vanuit de bewoners komen er signalen dat er in Laak twee à drie actieve handhavers van de acht op straat aanwezig zijn. De overige handhavers zouden vanwege werk- en/of privéomstandigheden niet actief kunnen zijn in Laak. Is dit bij het college bekend?
Vanwege ziekteverzuim door onder andere coronabesmettingen zijn op enkele momenten minder handhavers ingezet, maar niet structureel of voor een langdurige periode. Het handhavingsteam Laak werkt in wisselende diensten. De handhavers surveilleren in uniform en in burger (zonder uniform) in het gehele stadsdeel Laak waardoor zij niet op elk moment zichtbaar in elke wijk en buurt in Laak aanwezig kunnen zijn. Zij doen dit met de auto, scooter, fiets of te voet. Vanaf 2021 is ingezet op het meer surveilleren op de fiets of te voet, zodat de handhavers beter contact kunnen maken met bewoners en ondernemers en beter aanspreekbaar voor hen zijn. De handhavers worden primair ingezet op leefbaarheidstaken. De veiligheidstaken zijn primair belegd bij de politie. 7.
De bewoners en ondernemers (van bijv. het Lorentzplein) hebben vanwege de onderbezetting in praktijk weinig contact met de handhaving. Ook kunnen de bewoners en ondernemers daardoor niet tijdig en met regelmaat in contact komen met de handhaving als dat nodig is. Pagina 2 van 2 Het veiligheidsgevoel van deze bewoners is daarom afgenomen. Welke stappen gaat het college ondernemen om dit op te lossen?
Zie beantwoording vraag 6. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3