RIS311246 Beantwoording SV Geef de groene berm langs de Zoetermeerse Rijweg smoel
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
15 februari 2022
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de aanvullende vragen van het raadslid de heer Fekkes, luidend: ‘Geef de groene berm langs de Zoetermeerse Rijweg smoel!’
DSB/10264315 RIS311246
Het raadslid de heer Fekkes heeft op 12 januari 2022 een brief met daarin vijf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt Het college heeft op 12 oktober jl. onze vragen over de berm langs de Zoetermeerse Rijweg beantwoord. Wij zijn van mening dat door de stikstofdepositie aan de Zoetermeerse Rijweg de genoemde floradiversiteit vooral beperkt is tot grassen waarin nog zeer beperkt kruiden kunnen bloeien. Om biodiversiteit hier mogelijk te maken zal de toplaag stikstofarmer moeten worden. Het maaien en afruimen lijkt daarbij onvoldoende omdat de grassen elk jaar meer de overhand krijgen. Bij het lezen van de Nota Stadsnatuur worden we verblijd met kleurrijke foto’s van bloemen, die de inwoners van Leidschenveen ook graag op de berm van de Zoetermeerse Rijweg zouden zien. 1.
Kan het college ons informeren welke biodiversiteit qua flora en fauna wordt nagestreefd in het genoemde gebied en met welke middelen het college denkt dit te realiseren?
De Zoetermeerse Rijweg is onderdeel van de ecologische verbindingszone Leidschenveenzone en belangrijk leefgebied voor onder andere graslandvlinders. Het in stand houden van deze graslanden is cruciaal voor het behoud van de insectenpopulatie. Uit monitoring in 2019 en 2020 blijkt dat er twaalf verschillende vlindersoorten voorkomen. Langs de Zoetermeerse Rijweg zijn typische graslandvlindersoorten aangetroffen zoals bruin zandoogje, icarusblauwtje, bruin blauwtje, hooibeestje en de zeldzame argusvlinder. Dit laat zien hoe belangrijk het grasland nu al is voor de kwetsbare insectenfauna, ondanks de voedselrijke situatie die inherent is aan kleigronden. Het verwijderen van de toplaag van de vegetatie heeft negatieve gevolgen voor de vlinderpopulatie. Het college erkent wel dat de bloemenrijkdom kan worden verhoogd. Het bevorderen van bloemen ten opzichte van dominante grassen is mogelijk door het sturen in het maaibeheer. De ontwikkeling van bloemrijk grasland geschiedt in fasen. Het standaard ecologisch maaibeheer bestaat uit twee keer per jaar maaien en afvoeren. Op basis van deskundigheid van floraen faunaexperts wordt voor een locatie bepaald welke frequentie in maaibeheer noodzakelijk is om de bloemenrijkdom te bevorderen. Het maaitijdstip beïnvloedt namelijk de onderlinge concurrentie tussen soorten en daarmee de verhouding tussen grassen en kruiden.
De ecologische werkpakkettensystematiek gaat uit van maaifrequenties tot maximaal vier keer per jaar maaien om resultaat te boeken. Er gaan een aantal jaren overheen voordat de bloemenrijkdom toeneemt. Dit is inherent aan de tijd die nodig is om de concurrentiekracht van grassen te beperken. Bovenstaande wordt uitgewerkt in het beheer- en inrichtingsplan voor de Leidschenveenzone.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10264315
Voor alle ecologische verbindingszones worden beheer- en inrichtingsplannen opgesteld conform planning Nota Stadsnatuur. Voor de Leidschenveenzone gaat dit proces waarschijnlijk v.a. 2023 van start waarover bewoners zullen worden geïnformeerd. De kosten voor aanpassingen in beheer en inrichting zullen worden betaald uit de bestaande middelen uit het programma Openbaar Groen (Stadsnatuur). 2.
Is het college met ons van mening dat het de hoogste tijd is om de inwoners van Leidschenveen te informeren over het onderhoud van de berm die moet leiden tot een visuele verbetering
Zie het antwoord op vraag 1. 3.
Kan het college zorgdragen voor een kleurrijker visueel aanzicht van de nu vergrasde berm?
Zie het antwoord op vraag 1. 4.
Met betrekking tot de toekomstige bebouwing van het Madeliefveld, vindt het college de afstand van 15-20 meter tussen een drukke weg en een hoog stenen gebouw ook niet erg klein om de ecologische verbinding succesvol te realiseren?
De breedte van de ecologische verbindingszone ter hoogte van het Madeliefveld is minimaal 20 meter, conform uitgangspunten van de Nota Stadsnatuur. 5.
Welke ecologische verbinding wordt nagestreefd en hoe denkt het college hieraan te voldoen?
Op basis van de vuistregels voor biotopen, opgenomen in de Nota Stadsnatuur, wordt bekeken welk type biotopen ter plaatse van het Madeliefveld gerealiseerd kunnen worden. Gezien het karakter van het gebied wordt gestreefd naar de ontwikkeling van bloemrijk grasland, in combinatie met water met natuurlijke oeverzones, afgewisseld met bosschages, met het oog op het versterken van de insectenpopulatie. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2