CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS311095 Bijlage 2 Advies Welstand & Monumentencommissie Vrederust-West (Drevenbuurt)

Commissie Ruimte 2 februari 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake voordracht tot intrekking besluit aanwijzing van De Dreven tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht2.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADVIES Vrederust-West (Drevenbuurt) 1 december 2021 Locatie: Videoconferentie Aanwezig: Marianne Loof Franz Ziegler Gus Tielens Joris Molenaar Philomene van der Vliet Wijnand Galema

Voorzitter Lid Lid Lid Lid Lid

Secretaris: Sander van der Ven

1

De welstands- en monumentencommissie (hierna: commissie) is op grond van de Monumentenverordening Den Haag 2019 artikel 5.3, eerste lid, gevraagd te adviseren over de voordracht tot intrekking van het besluit tot aanwijzing van Vrederust-West (Drevenbuurt) tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Advies De commissie adviseert negatief over de voordracht tot intrekking van het besluit tot aanwijzing van Vrederust-West (Drevenbuurt) tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Tegelijkertijd ziet de commissie een NvU die onverenigbaar is met het beschermd stadsgezicht. Op basis van de bijlagen bij de voordracht en de cultuurhistorische verkenning van Crimson Architectural Historians & Urbanists ziet de commissie geen cultuurhistorische redenen de status van beschermd stadsgezicht in te trekken. Achtergrond aanwijzing gemeentelijk beschermd stadsgezicht In stedenbouwkundige plannen in de periode 1945-1965 deden nieuwe wijzen van verkaveling hun intrede, zoals de strokenbouw en stempelverkaveling. Thema’s als licht, lucht en ruimte, de wijkgedachte, rationalisatie van bouw en volkshuisvesting werden omarmd en tot een integraal ontwerp samengebracht. De Drevenbuurt vormt het sluitstuk en tevens hoogtepunt van de wederopbouwwijken van Zuidwest en is daarom in 2004 als meest typerend voorbeeld tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht aangewezen.

Het is de enige naoorlogse uitbreidingswijk van Den Haag die deze status heeft. Uit de voordracht tot aanwijzing gemeentelijk beschermd stadsgezicht de Drevenbuurt in 2004: “Het gemeentelijk monumentenbeleid is er mede op gericht om door middel van het aanwijzen van beschermde stadsgezichten de meest waardevolle buurten en wijken als cultureel erfgoed te behouden. Dit betekent overigens niet dat gesproken mag worden van een statische situatie. Doel van bescherming is immers geen bevriezing maar een geleide ontwikkeling waarbij in het altijd voortdurende transformatieproces behoud van de monumentale aspecten uitgangspunt is en deze waarden vroegtijdig en volwaardig meegewogen worden. Den Haag bezit veel en vaak hoogwaardige architectuur en stedenbouw waardoor forse drempels voor de selectie worden ingebouwd om juist die gebieden extra bescherming te geven die daadwerkelijk van boven gemiddelde betekenis zijn.” Nota van Uitgangpunten Drevenbuurt In de NvU voor de Drevenbuurt zijn de sociale en bouwkundige problemen, de zwakke economische positie van de bewoners en de energietransitie als knelpunten van de wijk benoemd. De NvU voorziet niet alleen in een grootschalige sloop, maar ook in een stedenbouwkundige transformatie van een open verkaveling naar massieve bouwblokken met gesloten opgetilde binnenterreinen en een noodzakelijk geachte zeer forse verdichting tot ruim 250%.

2

In het vooronderzoek is de optie om het beschermd stadgezicht te behouden onderzocht. Het kosten-referentiekader voor deze optie was een verkenning waarin een groot deel van de bestaande woningen ingrijpend wordt gerenoveerd. Aanpassing van plattegronden binnen het casco, verduurzaming en aanpassing van de geluidsisolatie maakten deze optie kostbaar ten opzichte van nieuwbouw in een geheel nieuwe verkaveling in zeer hoge dichtheid. Opties tussen deze twee uitersten – renovatie van de bestaande bebouwing versus bijna volledige sloop en nieuwbouw – heeft de commissie niet gezien en maken ook geen deel uit van de bijlagen bij de voordracht tot intrekking. In Bijlage 4 is aangegeven: “Tussenvormen voeren we hier niet op omdat die én niet passen binnen de begrenzingen van het Gemeentelijk Bescherm Stadsgezicht én niet voldoen aan programmatische uitgangspunten.” Cultuurhistorische analyse De commissie constateert dat een nadere cultuurhistorische analyse voor aanvang van de planvorming niet aanwezig was en dus ook niet als basis voor die planvorming heeft gediend. Deze analyse is afgelopen zomer door Crimson Architectural Historians & Urbanists uitgevoerd en in november 2021 definitief vastgesteld, na vaststelling van de NvU door het college.

Crimson over Bouwlust/Berestein/Vrederust: “De open verkaveling van repeterende korte en lange stroken in het groen is nog helemaal intact en van grote waarde.” En over de Drevenbuurt: “In de Drevenbuurt, als laatste buurt van Zuidwest gerealiseerd, komen alle naoorlogse ruimtelijke en sociaalmaatschappelijke woningbouwprincipes tot een hoogtepunt. De samenhang tussen de open verkavelingen (zeker die aan de randen van de buurt) het landschap en de waterstructuur is van hoge kwaliteit, mede door de talloze doorzichten die daarmee zijn gecreëerd. De stedenbouwkundige kwaliteit is, vooral door de ongeschonden staat, uitzonderlijk.” Precedentwerking Intrekking van de status van beschermd stadsgezicht schept een gevaarlijk precedent voor Den Haag en voor Nederland. Als een buurt met een beschermde status al niet verbeterd kan worden en aangepast aan de opgaven van deze tijd zonder grootschalige sloop en volledige typologische transformatie, dan zijn alle andere wederopbouwbuurten kansloos, vogelvrij en rijp voor de sloop. En dat terwijl er in de afgelopen decennia veel ervaring en expertise is opgebouwd hoe met respect voor aanwezige kwaliteiten en met zicht op de toekomst herontwikkeld kan worden binnen de bestaande structuur.

3

Doorredenerend: zou de aanpak van een nieuwe stedenbouwkundige opzet, volledige vervanging en verdichting dan ook gelden voor andere voor- en naoorlogse wijken met een bijzondere of beschermde status? Concluderend De commissie beschouwt de Drevenbuurt als een monument van de naoorlogse volkshuisvesting. De status van beschermd stadsgezicht staat vernieuwing of verdichting in de Drevenbuurt niet a priori in de weg. Binnen de onlosmakelijke samenhang van de ruimtelijke (de strakke repetitie van de stempelbebouwing) en landschappelijke (de groenstructuur) opzet en met gebruikmaking van de cultuurhistorische kernwaarden kunnen opgaven van deze tijd (de woningbouwopgave, woonkwaliteit, bouwtechnische eisen en nieuwe inzichten met betrekking tot klimaatadaptatie en biodiversiteit) ingepast worden, geënt op een hedendaagse interpretatie van de cultuurhistorische kernwaarden. Deze waarden moeten dan wel vroegtijdig en volwaardig meegewogen worden in de planvorming. De commissie constateert dat deze vroegtijdige weging van kernwaarden niet heeft plaatsgevonden. Dit heeft geleid tot een volledige transformatie van open, groene verkaveling naar gesloten bouwblokken. Ieder beschermd stadsgezicht heeft een gelaagde bescherming. Naar elk van die lagen moet gekeken worden en in elk van die lagen kan ruimte en interpretatie gevonden worden.

Juist in de wederopbouwwijken – dus ook in de Drevenbuurt – kan transformatie vanuit de kernwaarden leiden tot behoud van verkaveling en groenstructuren. Door nieuwbouw van woningen, die voldoen aan de huidige eisen op het gebied van bijvoorbeeld energie en geluid, binnen de bestaande bebouwingscontouren (footprints) en (her)interpretatie van architectonische kenmerken, is een zekere mate van verdichting mogelijk en blijven de kernwaarden van het beschermd stadsgezicht behouden. Deze werkwijze is bewezen ‘practise’ in alle andere beschermde stadsgezichten. Vertrekpunt dient dan wel de onderzoeksvraag te zijn naar het ‘laadvermogen’ van het stadsgezicht voor hedendaagse aanpassing en vernieuwing, benaderd vanuit de cultuurhistorische kernwaarden, niet een vooraf gesteld doel van verdichting. De vernieuwingsvraag zou op deze wijze gesteld tot een haalbaar toekomstbeeld kunnen leiden, gebaseerd op de kernwaarden en met behoud van de beschermde status. De commissie is unaniem in haar gezamenlijke evaluatie van de voordracht tot intrekking van het besluit tot aanwijzing van Vrederust-West (Drevenbuurt) tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht en adviseert daarover negatief. Aanbevelingen Gezien de omvang en de specifieke opgaven zal het toekomstbestendig maken van Den Haag Zuidwest grote inspanning vragen.

En ondanks het feit dat de commissie zich in dit advies enkel op het beschermd stadsgezicht richt – 3% van de oppervlakte van Zuidwest – ziet de commissie de cultuurhistorische waarden van de gehele wijk als waardevolle

4

basis voor toekomstbestendige transformatie, waarbij ook de woonkwaliteit ingrijpend wordt verbeterd. Deze transformatie vraagt om een stedelijke wijkvisie die zich niet beperkt tot eigendom per corporatie, maar gebaseerd is op een integrale aanpak in vernieuwing en verdichting, zowel ten aanzien van de klimaatopgave, energietransitie als woon- en bouwtechnische kwaliteit en in relatie tot kosten en grondexploitaties. Zo kunnen nieuwe typologieën, hoogwaardige nieuwbouw en verdichting worden vermengd met de karakteristieken van Den Haag Zuidwest, zodat een nieuwe samenhangende wijk ontstaat. En waarbij de kernwaarden van de Drevenbuurt, op basis van de aanwijzing in 2004 “één van de architectonische en stedenbouwkundige hoogtepunten”, worden gekoesterd. Daarbij verwijst de commissie naar de conclusies en aanbevelingen in de cultuurhistorische analyse van Crimson als waardevolle basis, met in het bijzonder: “Omarm Zuidwest om zijn ruimtelijke en cultuurhistorische kwaliteiten.” Het spreekt voor zich dat het college en de raad met de kennis van deze cultuurhistorische analyse een grote verantwoordelijkheid hebben ten aanzien van de toekomstige omgang met Den Haag Zuidwest, een omgang met respect voor de vastgestelde waarden en kwaliteiten. In het bijzonder ten aanzien van het voorliggende historische besluit over de intrekking van het beschermd stadsgezicht Drevenbuurt.

Achtergrond preadvies en proces In de planvorming voor de Drevenbuurt is ervoor gekozen om de commissie na vaststelling van de Nota van Uitgangspunten (NvU) om advies te vragen over de intrekking van de status van beschermd stadsgezicht. De NvU voorziet in (bijna) volledige sloop van het beschermd stadsgezicht en wijziging van de stedenbouwkundige opzet. Met de vaststelling van de NvU werd het besluit tot intrekking indirect al genomen. Omdat de commissie gedurende het opstellen van de NvU niet formeel om advies is gevraagd, heeft zij op 1 maart 2021 – op eigen initiatief – een preadvies opgesteld over het voornemen tot intrekking. In 2019 en 2020 heeft de commissie haar zorgen uitgesproken over de planvorming in Den Haag Zuidwest en de gevolgen hiervan voor het beschermd stadsgezicht. Op 2 februari 2021 is de commissie ambtelijk nader geïnformeerd over de cultuurhistorische achtergrond van de aanpak van Den Haag Zuidwest, over de gemeentelijk beschermde Drevenbuurt in het bijzonder. Daarbij constateerde de commissie onder meer dat een nadere cultuurhistorische analyse ontbrak. Die analyse zou het vertrekpunt van de planvorming moeten zijn. In dit overleg heeft de commissie de contouren van het latere preadvies reeds toegelicht.

5

Op 21 januari 2021 was het intrekkingsbesluit feitelijk al in de raad genomen, zoals in Bijlage 1 bij de voordracht tot intrekking is aangegeven: “In zijn vergadering van 21 januari 2021 heeft de gemeenteraad besloten een ingediende motie om het beschermde stadsgezicht niet in te trekken met meerderheid van stemmen te verwerpen na een dringend ontraden door de wethouder voor Wonen. In die zin is de intrekking dus ook in politiek-bestuurlijk opzicht kennelijk een gelopen koers en realiteit.” Het preadvies van 1 maart 2021 was de enige optie voor de commissie om haar gemotiveerde onafhankelijke advies uit te brengen gedurende de planvorming. Met als doel het advies alsnog te betrekken bij de belangenafweging. Uiteindelijk is de commissie op 14 oktober 2021 gevraagd formeel te adviseren. Commissieadvies versus ambtelijke adviezen Het preadvies van 1 maart 2021 is betrokken bij de onderbouwing van de intrekking. Een ambtelijke notitie (Bijlage 1 bij de voordracht tot intrekking) relativeert de inhoudelijke argumenten uit het preadvies van de commissie. De commissie kan op haar beurt weer reageren op de notitie, maar dat is weinig zinvol. De Monumentenverordening Den Haag 2019 vraagt een advies van de onafhankelijke commissie. Belangenafweging De commissie adviseert over de cultuurhistorische gevolgen van het voornemen tot intrekking van de beschermde status.

Dat advies van de commissie kan naast andere belangen (bijvoorbeeld sociaal-maatschappelijke of financieel-economische) gelegd worden. Het is niet aan de commissie om de genoemde belangen te wegen en op basis van die weging tot een advies over de intrekking van de beschermde status van de Drevenbuurt te komen. Anderzijds adviseert de commissie nadrukkelijk niet los van de opgaven van deze tijd, waaronder de woningbouwopgave, woonkwaliteit, bouwtechnische eisen en nieuwe inzichten met betrekking tot klimaatadaptatie en biodiversiteit. Dit wordt ook in andere adviezen nadrukkelijk aan de commissie gevraagd. Cultuurhistorisch belang Drevenbuurt Het cultuurhistorische belang van de Drevenbuurt is eerder onderkend, wat in 2004 geleid heeft tot het besluit tot aanwijzing als beschermd stadsgezicht. Aan dat belang is niets gewijzigd en de commissie is van mening dat de Drevenbuurt terecht de status van gemeentelijk beschermd stadsgezicht heeft. Waardestellingen Waardestellingen zijn tijdsgebonden. Dat is de reden waarom de commissie al in 2019, op het moment dat zij op de hoogte is gebracht van de eerste plannen voor Zuidwest, heeft geadviseerd een update uit te voeren van de cultuurhistorische verkenning van heel

6

Den Haag Zuidwest uit 2000. In de afgelopen twintig jaar is veel veranderd in de betreffende wijken, waardoor een herijking van de waardering wenselijk is. Maar ook de kennis over de naoorlogse wijken en methodiek van waardering heeft zich verder ontwikkeld. Cultuurhistorische Verkenning Crimson Op verzoek van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling heeft Crimson Historians & Urbanists afgelopen zomer alsnog een Cultuurhistorische Verkenning - herijking cultuurhistorische waarden Den Haag Zuidwest opgesteld. Het definitieve rapport van november 2021 heeft de commissie betrokken bij haar definitieve advies. Dit rapport voldoet aan de criteria die de commissie in haar preadvies noemt en is de basis die beschikbaar had moeten zijn bij de start van de transformatieopgave van het beschermd stadsgezicht de Drevenbuurt. Crimson concludeert dat “Zuidwest […] als grootschalige uitbreidingswijk onmiskenbaar en uniek Haags” is door de “combinatie van traditie en moderniteit”. Zuidwest beschikt over “grote ruimtelijke kwaliteiten” die “niet te onderschatten” zijn en ook “in hoge mate” nog aanwezig. Over het beschermd stadsgezicht de Drevenbuurt zijn conclusies en aanbevelingen gedetailleerd benoemd (pagina 124). Ten eerste komen in de Drevenbuurt alle naoorlogse ruimtelijke en sociaalmaatschappelijke woningbouwprincipes tot een hoogtepunt.

Ten tweede vertoont de buurt een hoge mate van samenhang tussen stedenbouwkundige verkaveling, landschap, openbare ruimte, bouwsystematiek en architectuur, die bovendien van hoge kwaliteit is en nog grotendeels in oorspronkelijke staat. De eindconclusie luidt: “De integrale ruimtelijke kwaliteit (onder meer in de nauwe relatie tussen architectuur en stedenbouw) van de Drevenbuurt is uitzonderlijk hoog en terecht vastgelegd in een beschermd stadsgezicht en verdient bescherming.” Aanpassingen Nota van uitgangspunten tussen presadvies en definitieve advies De commissie heeft nauwgezet de stukken die ten grondslag lagen aan het preadvies en het definitieve advies vergeleken. Ten aanzien van cruciale aspecten die in het preadvies zijn benoemd is de NvU niet wezenlijk aangepast. Aanpassingen hebben betrekking op nuances in de nieuwe stedenbouwkundige opzet, bijvoorbeeld enkele hoogteaccenten. Zij leiden niet tot een ander advies. Marianne Loof Voorzitter Welstands- en Monumentencommissie

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10975082/1