RIS311080 bijlage 1
Tekst van het document
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 16 oktober 2019 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
2
Monumentenzorg & Welstand
Projectenkaart Zuidwest Doel: Informeren + ophalen Toelichting op verschillende projectlocaties in relatie tot totale perspectief voor Zuidwest. Mogelijkheid tot behandeling van vragen van de commissie n.a.v. presentatie over Zuidwest op 18 september. Stedenbouwkundige:
Reactie: Het overzicht van lopende/aankomende projecten in Zuid-West op deze wijze, in samenhang, is prettig en maakt onder andere de ruimtelijke overkoepelende vraagstukken en opgaven inzichtelijk. Duidelijk moet nu worden waar welke ruimtelijke kernwaarden liggen/ wat de cultuurhistorische karakteristieken zijn en welke betekenis ingrepen daarop kunnen/ zouden moeten hebben, zodat deze niet/ minder willekeurig zijn/ worden. Ingrepen, toevoegingen moeten kwaliteit toe gaan voegen aan de bestaande structuren. Het is opvallend dat het enige beschermde stadsgezicht in deze omgeving als een van de eerste ontwikkellocaties wordt onderzocht. Het is een gewaagde opgave om te zien of en hoe de regelmatigheid van de Drevenbuurt verdicht kan worden. Het vraagt een uiterst kritisch, gericht en diepgaand onderzoek.
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 27 mei 2020 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Monumentenzorg & Welstand Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
Dreven, Gaarden en Zichten in Zuidwest Doel: Informeren + ophalen Toelichting op Dreven, Gaarden en Zichten in Zuidwest. Stedenbouwkundige:
Toelichting: Voor de Dreven, de Gaarden en de Zichten is een herstructureringsopgave geformuleerd. Belangrijk hierbij zijn, naast verdichting, een energie- en een mobiliteitstransitie. Het betreft cultuurhistorisch bijzondere gebieden, ook buiten de als gemeentelijk beschermd stadsgezicht aangewezen Dreven. Voor de Zichten is de functie als hart van de wijk(economie) belangrijk. Hier zal de herstructurering meer stedelijk zijn. Met aandacht voor het grote groen. De Gaarden heeft en houdt een meer perifere uitstraling. De Drevenbuurt is in 2004 aangewezen als gemeentelijk beschermd stadsgezicht, vanwege de singelstructuur, de verkaveling met doorzichten door de wijk, de bijzondere rand aan de Lozerlaan en de gave, homogene architectuur van architect Frans Klein. Bovendien is deze architectuur het resultaat van een bijzonder bouwsysteem. De wijk kent ook problemen. Naast bouwkundige – bouwfysisch, energetisch, toegankelijkheid – zijn dit sociale problemen. Voor de herstructurering van de Dreven zijn twee modellen getekend.
1
Model 1 gaat uit van behoud van het beschermd stadsgezicht. Hierbij wordt voortgeborduurd op de huidige structuur. Door de oriëntatie van de bebouwing te draaien, kan het collectieve groen deels geprivatiseerd worden. Een deel van de bebouwing wordt vervangen, bijvoorbeeld aan de Erasmusweg en de bebouwing tussen de Dreef en de Riddersdreef. Een ander deel wordt gerenoveerd met aanpassing van plattegronden en energetische maatregelen. Geluid is een moeilijk op te lossen probleem. Model 2 heeft als uitgangspunten intensiveren en herinterpreteren. Hierbij wordt de status van beschermd stadsgezicht opgeheven. De singelstructuur blijft behouden, evenals het hart van de wijk, de Dreef. Naar de Lozerlaan krijgt de buurt een nieuw gezicht en de buurt wordt over de Lozerlaan heen met de Uithof verbonden. Aan de Erasmusweg verschijnen stadsblokken. Voor S&P is model 2 interessanter, omdat in model 1 het differentiëren van het woningaanbod lastig is. Daarnaast levert model 2 een grotere bijdrage aan de woningbouwopgave. Voor Staedion, eigenaar van de woningen, is model 1 geen (financieel) haalbare optie. Er wordt een ambitiedocument opgesteld. S&P stelt voor daarin model 2 op te nemen en de status van beschermd stadsgezicht in te trekken of te verkleinen. Reactie: De commissie benoemt twee principiële vragen met betrekking tot de intrekking van het beschermd stadsgezicht.
De overweging of de status van beschermd stadsgezicht ingetrokken kan worden, zou aan het begin van het herstructureringstraject gesteld moeten worden. Als principevraag: is het intrekken van de status wenselijk, wat straalt het uit, wat is de precedentwerking. De tweede vraag is een morele. Van alle beschermde stadsgezichten is dit het enige aan de mindere kant van de stad. Alle andere gezichten zijn of bevinden zich in de chique wijken. Wat straalt het uit juist deze buurt als eerste van de lijst met beschermde stadsgezichten af te voeren. Als discussiestuk, als “polemisch plandocument”, is de analyse en zijn de modellen bruikbaar. Maar voor een ambitiedocument is het eng, in de zin van te op zichzelf staand in relatie tot de opgave voor heel Zuidwest. Heel Zuidwest wordt aangepakt, waarom dan juist in een beschermd stadsgezicht beginnen met verdichten. En wanneer je gaat aanpakken, zou eerst scherp gedefinieerd moeten worden wat beschermd moet worden. Daarna kan over renoveren, herwaarderen, intensiveren nagedacht worden en kunnen die ideeën getoetst worden aan de uitgangspunten. De commissie stoort zich aan de insteek “het beschermd stadsgezicht beperkt ons”. Anders dan in bijvoorbeeld de binnenstad is de Drevenbuurt een gelaagd beschermd stadsgezicht, van de grote structuur naar het bouwsysteem.
Door die gelaagdheid is de keuze tussen behouden van de buurt of opheffen van de status veel te zwart-wit. Iedere laag heeft belangrijke kwaliteiten en biedt mogelijkheden. Afpellen en kernwaarden benoemen. Dit geldt voor heel Zuidwest. En uit die kernwaarden kunnen de kansen en de kaders gedestilleerd worden.
2
Het ontbreken van duidelijk benoemde kernwaarden is bijvoorbeeld zichtbaar in de keuze voor gesloten bouwblokken. Als nieuwbouw begrijpelijk in Laakhavens, in de Drevenbuurt oneigenlijk.
3
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 11 november 2020 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Monumentenzorg & Welstand Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
3
NvU’s Dreven, Gaarden en Zichten Doel: Informeren + ophalen Toelichting op en bespreken van concept NvU’s. Stedenbouwkundige:
Toelichting: Voor de Dreven, Gaarden en Zichten zijn kansenkaarten gemaakt en aandachtsgebieden benoemd. Hierbij is gekeken naar de verhouding sociaal en markt, naar de leefbaarheid en naar de mogelijkheden voor verdichting. Het groene ruimtelijke raamwerk is benoemd als drager die versterkt wordt en waar niet gebouwd wordt. Verdicht wordt er wel bij • OV- en voorzieningenknopen; • langs de randen van het groene raamwerk; • langs lange lijnen; • langs dwarsstraten waar nu een afwijkend programma zit. In de Zichten bevinden zich blokken voor bedrijfjes met een wijkfunctie. Deze worden gerenoveerd. Voor de rest van de wijk zijn doorwaadbare halfopen bouwblokken getekend en hoogteaccenten aan het groen. Als parkeeroplossing en bijdrage aan de mobiliteitstransitie wordt een partkeergebouw gerealiseerd. In de Zichten bevindt zich een koopblok. Dit blok wordt opgenomen in een groter blok, inclusief de parkeeroplossing die idealiter in het maaiveld gedrukt wordt. Voor de Gaarden is een centrale groen laan gedacht, parallel aan de Erasmusweg. Tussen deze laan en de Erasmusweg komt een stedelijke wand, grote blokken met een groene wig verbonden met de centrale laan en met een poort naar het binnengebied.
4
Van de gemeentelijk beschermde Dreven blijven De Dreef, het hart van de buurt, en het groen aan de Pachtersdreef behouden. Het parkeren wordt opgelost in drie parkeergebouwen, één vrijstaande met een actieve plint en twee opgenomen in bouwblokken. Onderdeel van de nieuwbouw aan de Erasmusweg zijn bedrijfsruimten, ontsloten door een ventweg aan de Erasmusweg. Reactie: Zijn de geïntroduceerde ruimtelijke typologieën de juiste voor deze buurt? Waar komt de vorm van de blokken vandaan, waar de hoogteaccenten? Wat is de betekenis van deze blokken, hoe gebruiken zij de huidige kwaliteiten, ook in een bredere context dan de Dreven, Gaarden en Zichten? Hoe haalbaar zijn de open binnenterreinen. Wat wordt het onderscheid binnen-buiten, hoe uitnodigend worden entrees van de binnenterreinen en, bovenal, hoe lang blijven de blokken doorwaadbaar. Bij het mislukken van de doorwaadbaarheid kantelt de kwaliteit van de opzet naar negatief, dan dreigen klassieke bouwblokken zonder enige relatie met de buurten. De commissie constateert dat de woningplattegronden al heel specifiek zijn. Hoe wordt de woonkwaliteit geborgd? Belangrijk is de beeldkwaliteit, vooral omdat een vooraf bepaald eindbeeld vanwege de schaal van de opgave onwaarschijnlijk is. De parkeergebouwen zijn een interessant nieuwe toevoeging, om de buitenruimte en de groenstructuur vrij te houden.
De referenties zijn niet de juiste, zij zijn voor deze opgave niet te begrijpen.
5
VERSLAG – MZ-overleg 13 januari 2021 Aanwezig:
Monumentenzorg & Welstand Monumentenzorg & Welstand Monumentenzorg & Welstand Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie
Secretaris:
Monumentenzorg & Welstand
Vrederust-West (Drevenbuurt) Reactie: De conclusie dat een herontwikkeling van de Drevenbuurt enkel mogelijk is na intrekking van de status van beschermd stadsgezicht is zwart-wit. De opgave van herontwikkeling dient te beginnen met een analyse van de waarden. Vervolgens, met de uitkomsten van die analyse, een analyse van het laadvermogen van de wijk. (Financiële) haalbaarheid als bepalende factor is de verkeerde volgorde. Herontwikkelen en verdichten in een beschermd stadsgezichten met behoud van de (kern)waarden is goed mogelijk. Plannen die op voorhand uitgaan van het intrekken van de status van beschermd stadsgezicht zijn een stad als Den Haag onwaardig. Juist in de Drevenbuurt – een cultuur- en sociaalhistorisch uniek stadsgezicht onder de 21 Haagse stadsgezichten – moet en kan getoond worden dat de toekomst van de stad te verenigen is met de cultuurhistorische waarden. Alleen dan is een vakinhoudelijk discussie over herontwikkelen en verdichten mogelijk.
1
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 13 januari 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
Dreven, Gaarden en Zichten Doel: Informeren + ophalen Toelichting op NvU’s en BKP voor Dreven, Gaarden, Zichten. Stedenbouwkundigen:
en (Palmbout Urban Landscapes)
Reactie: De commissie mist de cultuurhistorische analyse vooraf op basis waarvan de (kern)waarden van de deelgebieden kunnen worden gedefinieerd, inclusief de deelgebieden in de ruimere context van Den Haag Zuidwest als geheel. Die waarden zijn bepalend voor de mogelijkheden, zowel de kansen als de beperkingen. Voor de Drevenbuurt, een beschermd stadsgezicht, is dit cruciaal en daarom wordt een extra overleg gepland. Ook in de Gaarden en de Zichten is de relatie tussen NvU en de context soms onduidelijk. Bijvoorbeeld de onduidelijke koppeling van de buurten aan de hoofdstructuur van Zuidwest. Of de gesloten typologie van de nieuwbouw, de beperkte doorwaardbaarheid van de nieuwbouw. De soms onverklaarbare hoogteaccenten. Het refereren aan contemporaine typologieën en architectuur. Landschappelijk mist de commissie een duidelijk raamwerk. Groenstructuren en profielen die de bebouwing kunnen sturen. Aansluitingen die verbinden en samenbinden. Nu lijkt het ‘omspoelende landschap’ dat kenmerkend is voor Zuidwest en voor de wederopbouwperiode te worden verdreven door een ‘blokkenstad’.
1
Voor de beeldkwaliteit is een analyse van de wederopbouwarchitectuur in het algemeen en de karakteristieken per buurt belangrijk. De uitkomsten van die analyse zouden het uitgangspunt moeten zijn voor een identiteit en een architectonisch beeld per buurt en voor samenhang van Zuidwest als geheel, ook en juist op de lange termijn.
2
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) 2 februari 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie Palmbout
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
Drevenbuurt Toelichting:
licht de totstandkoming van het ontwerp voor de herontwikkeling van de Drevenbuurt toe. Dit ontwerp maakt deel uit van een NvU voor drie buurten – Dreven, Gaarden en Zichten – in opdracht van Staedion en Heijmans. Reactie: De commissie ziet het ontwerp als een gerichte oplossing voor de opdracht om een forse verdichting te realiseren. Die opdracht en die oplossing nemen de status en het instrument van gemeentelijk beschermd stadsgezicht echter niet als uitgangspunt. In het vooronderzoek is een volledige renovatie van alle bestaande bebouwing afgezet tegen een volledige stedenbouwkundige transformatie van een open verkaveling naar gesloten bouwblokken. Een onvolledige en niet faire vergelijking tussen een renovatieplan en een herontwikkeling met hoge dichtheid. Het beschermd stadsgezicht is in 2004 aangewezen, de enige naoorlogse uitbreidingswijk in Den Haag met deze status. Dit gegeven zou het vertrekpunt moeten zijn. Op basis van de in de aanwijzing op hoofdlijnen genoemde cultuurhistorische waarden dient een transgformatie te beginnen met een cultuurhistorische analyse van de buurt, die de karakteristieken benoemt en waarin de kernwaarden zoals bebouwingsstructuur, zichtlijnen, landschap worden geïdentificeerd en vastgelegd. Vanuit deze kernwaarden zou gekeken moeten worden hoe de Drevenbuurt kan bijdrage aan de vernieuwings- en verdichtingsopgave van Den Haag Zuidwest.
Het beschermd stadsgezicht betekent geen verbod op vernieuwing of verdichting. Binnen en met gebruikmaking van de kernwaarden kunnen opgaven (woonkwaliteit, klimaattechniek, bouwtechniek) opgelost worden en kan vernieuwd en verdicht worden.
3
Concluderen dat de opgaven niet opgelost kunnen worden en dat de status van beschermd stadsgezicht moet worden ingetrokken, schept bovendien een gevaarlijk precedent voor Den Haag en voor Nederland. Als zelfs een buurt met een beschermde status niet op de genoemde punten verbeterd kan worden zonder grootschalige sloop en een volledige typologische transformatie, dan zijn alle ‘gewone’ wederopbouwbuurten rijp voor de sloop. En dat terwijl er in de afgelopen decennia veel ervaring en expertise is opgebouwd hoe met respect voor de aanwezige kwaliteiten en met zicht op de toekomst herontwikkeld kan worden. Doorredenerend: geldt dit dan ook voor andere voor- en naoorlogse wijken met een bijzondere of beschermde status? De commissie ziet gelegenheidsargumenten die leiden tot de conclusie dat de status van beschermd stadsgezicht belemmerend werkt en ingetrokken zou moeten worden. Terwijl cultuurhistorische kernwaarden een grote kracht kunnen hebben, als zij in de juiste vakmatige discussie en met de juiste vakmatige middelen worden ingezet. Dit is overigens ook relevant buiten een beschermd stadsgezicht. Ieder beschermd stadsgezicht heeft een gelaagde bescherming. Naar elk van die lagen moet gekeken worden en in elk van die lagen kan ruimte en interpretatie gevonden worden. Hiermee kan het ‘draagvermogen’ (in plaats van het ‘laadvermogen’) bepaald en vastgelegd worden.
Daarnaast is de status van beschermd stadsgezicht toekomstbestendiger dan een nota van uitgangspunten, een stedenbouwkundig plan of een beeldkwaliteitsplan. Waar die documenten gedurende de realisatie opgerekt en aangepast worden, blijven de kernwaarden van een beschermd stadsgezicht de toetssteen. Een kwaliteitsinstrument dat sterk en richtinggevend is voor de stedenbouwkundige en architectonische uitwerking. Tot slot noemt de commissie de verantwoordelijkheid voor het behoud van de geest en het karakter van de Drevenbuurt. Een verantwoordelijkheid richting het verleden en naar de toekomst. Reactie op NvU: De opgaven los je niet op in één plangebied of met het bezit van één corporatie. Daarnaast doet plangrens geen recht aan de cultuurhistorische kernwaarden. Er zou breder dan de Drevenbuurt gekeken moeten worden. Ook zijn opmerkingen gemaakt over het stedenbouwkundig plan, los van de discussie over het cultuurhistorische aspect in de planontwikkeling. De oplossing van het parkeren vertroebelt de doorzichten en de transparantie van de wijk. Zonder aanpassing van de profielen zorgt de grotere schaal van de bebouwing voor verlies van ruimtelijkheid en ‘lossigheid’. Daarnaast lijkt het aspect duurzaamheid niet meegenomen in de profielen.
Wat vraagt een verdichting van de profielen? Het groen zou scherper gedefinieerd moeten worden, van wie en voor wie, een helder onderscheid tussen openbaar, collectief en privé. Over beeldkwaliteit is niet gesproken.
4
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 21 april 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
De Zichten, BKP en architectenselectie Doel: Informeren Ophalen We zullen de commissie informeren over het in concept definitieve Beeldkwaliteitsplan voor De Zichten en ontvangen graag feedback voordat we het BKP afronden. We zullen de commissie informeren over de schetsvoorstellen van de geselecteerde architecten voor de eerste twee bouwblokken in De Zichten en ontvangen graag feedback van de commissie zodat we de architecten gericht verder op pad kunnen sturen. Stedenbouwkundige:
Toelichting: Voor de ontwikkeling van De Zichten wordt gedacht aan grote verdichting en een nieuwe uitstraling, gelegitimeerd door de aanwezigheid van een groot winkelcentrum en de nabijheid van veel groen. In de wijk blijven de blokken met koopappartementen behouden, evenals twee gemengde blokken die worden gerenoveerd ten behoeve van de wijkeconomie. Van de huidige wijk wordt ook de bomenstructuur ingezet voor de nieuwe ontwikkeling. De nieuwe verkaveling bestaat uit blokken met doorwaadbare binnenruimten. In de hoofdopzet zijn twee groene wiggen opgenomen, de bebouwing daaraan moet worden voorzien van expressieve hoeken, met een bijzonder programma of een genereuze entree. Met betrekking tot de beeldkwaliteit wordt gestuurd op diversiteit, door de beeldkwaliteitseisen ruim te formuleren en door één architect per blok voor te schrijven.
5
De buitenzijde van de wijk en de bebouwing aan de wiggen zijn eenduidig gedacht, binnen de wijk wordt expressieve en vernieuwende architectuur mogelijk geacht. De beeldkwaliteitseisen noemen zaken als geleding, ritmering, plastiek, buitenruimtes, entrees. Er wordt een plint met ‘overhoogte’ voorgeschreven, deze plint heeft ook een samenbindende functie. Meer specifieke regels zijn opgesteld over de overgang openbaar-privé, de ontsluitingen inclusief vluchttrappen, de entrees met een zichtverbinding naar het (verhoogde) binnenterrein, de toegangen/overgangen van straat naar binnenterrein, openingen in het dak van de binnenterreinen. De aandacht voor de binnenterreinen moet de verdichting mede legitimeren. Reactie: Het beeldkwaliteitsplan laat een sterke analyse van de bestaande bebouwing en een interessante vertaalslag naar de nieuwbouw zien. Cruciaal is vasthouden aan de uitgangspunten/voorschriften. Dit betekent dat sommige regels sterker gesteld moeten worden, bijvoorbeeld (de hoogte van) de plint als samenbindend element met een stedenbouwkundige functie die het individuele gebouw overstijgt), maar ook om de relatie met of doorkijk naar de verhoogde binnenterreinen te kunnen realiseren. Ook voor de balkons geldt dit, belangrijk als structurerend en expressief element, maar in de uitwerking vaak ondermaats.
De commissie benadrukt het belang van een integrale benadering van de beeldkwaliteitsregels. Plint, plastiek, open/dicht verhoudingen (maat van de borstweringen), materialen- en kleurenpalet kunnen alleen gezamenlijk de gewenste architectuur maken. Bij de referentiebeelden mist deze integraliteit, waardoor er referenties zijn die niet voldoen aan de regels. De gesuggereerde variatie (uitgewerkt in de schetsen van jvantspijker) is te veel en te ver losgeslagen van de wederopbouwomgeving. Variatie kan, maar afstemming/samenhang is essentieel. Duurzaamheid en natuurinclusiviteit moeten reëel in het beeldkwaliteitsplan terecht komen en als eis. Voor wat betreft (de overgang naar) de buitenruimte ontbreken toetsbare en afdwingbare eisen over de overgangszones, de trappen naar het binnengebied, voorzieningen voor het binnengebied, bijvoorbeeld grondpakketten en waterretentie. Profielen missen nog. In het beeldkwaliteitsplan ontbreekt informatie over het waarom van het plan en over de interpretatie van de Eyeline-Skyline uitgangspunten in deze context. Daarnaast ontbreekt duidelijkheid over de status van het plan, over de afdwingbaarheid van regels, over de wijze vaan toetsen. Over begeleiden, sturen en toetsen. Hoe wordt de hoge ambitie waargemaakt?
6
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) 2 juni 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
BKP’s Zichten, Dreven en Gaarden Doel: Informeren + ophalen Informeren over het vast te stellen BKP voor de Zichten en een toelichting op de opzet voor de BKP’s voor de Dreven en de Gaarden. Aanwezigen:
Toelichting: Het BKP voor de Zichten is aangescherpt en aangevuld. Gekozen is voor een vrije herinterpretatie van de buurt, waarbij binnen een duidelijke samenhang ruimte is voor een zekere diversiteit per blok. Elementen uit de bestaande architectuur vormen de basis voor de herinterpretatie. Hogere volumes moeten een onderdeel van het bouwblok worden, met een subtiel onderscheid in bijvoorbeeld de gevelordening, geen setback. De hogere volumes worden abstract beëindigd, geen iconische kroon. Ook de balkons worden binnen de architectuur/plastiek van de gevels opgelost. De kleur van de plinten (roodtinten) verbindt de blokken. Daarboven kunnen de blokken verschillen, maar samenhang met de plint en samenhang van de blokken onderling is een eis. Metselwerk is het hoofdmateriaal, daaraan kunnen verbijzonderingen in de vorm van glazuurstenen of natuursteen worden toegevoegd. Voor de landing van de bebouwing zijn drie principes gedefinieerd: stedelijk met een architectonische overgangszone, met een groenstrook als overgang en met een (private) groenstrook + haag. Natuurinclusiviteit moet aan de buitenzijde van de blokken integraal in het gevelontwerp worden opgelost, aan de binnenzijde is de oplossing vrijer.
7
Reactie: De aanpak van diversiteit tussen de blokken – maar ook binnen de blokken (buitengevel kan anders zijn dan binnengevel) – gaat in tegen de oorspronkelijke opzet van de Zichten. Waar de oorspronkelijke architectuur rondom gedacht is, verdwijnt nu het samengaan van verkaveling en architectuur. De architectuur wordt decor. Is er nog een link met Zuidwest? Er lijken in de herinterpretatie van het DNA van Zuidwest een paar afslagen gemist. De hogere bouwdelen zouden in een ruimere samenhang, op een grotere schaal bekeken moeten worden. Een belangrijk kenmerk van hoogteaccenten in Zuidwest is structuur en ritmiek en de herhaling daarvan. Dit vraagt een sterke ordening en afstemming, mist nog in het BKP. Met betrekking tot de toetsbaarheid van dit BKP ziet de commissie vooral een uitdaging in het voorschrift van diversiteit én samenhang. Hoe dit te toetsen? Voorkomen moet worden dat er zeer verschillende blokken ontstaan, dit past niet in Zuidwest. Maar juist voor een goede samenhang tussen de blokken is het BKP heel vrij. Uitwerken/voorschrijven hoe de diversiteit en de samenhang te bereiken, is niet de oplossing. Diagrammen zouden het concept kunnen uitleggen: waar is samenhang noodzakelijk en waar is diversiteit mogelijk. De dualistische aanpak van diversiteit en samenhang past niet bij Zuidwest en is niet toetsbaar. Er is aandacht voor de overgang van openbaar naar privé.
Maar hoe haalbaar is dit? Er is nog geen inrichtingsplan, er zijn nog geen profielen. De groenstructuren lijken willekeurig, terwijl zij idealiter de mal voor de bebouwing vormen en (zo) bijdragen aan de samenhang. De eigendomsgrenzen en de wens een hoogwaardige/ontworpen overgangszone openbaar-privé te realiseren, matchen niet, waardoor de cruciale overgangszone tussen wal en schap valt. Belangrijk is de hoogte van de verhoogde binnenterreinen, voor de toegankelijkheid, voor de (zicht)relatie met de straat, voor de (zicht)relatie met de woningen, om groen te kunnen realiseren. De commissie benadrukt het belang van een realistisch en realiseerbaar BKP, zowel voor wat betreft de realiseerbaarheid in de tijd (fasering) als de financiële haalbaarheid. Zuidwest verdient een hoog ambitieniveau en aan dat niveau moeten alle betrokkenen zich gedurende de gehele ontwikkeling committeren, aan dat niveau moeten zij vasthouden.
8
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) 28 juli 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie (plv. voorzitter) Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
BKP’s Zichten, Dreven en Gaarden Doel: Informeren Informeren over voortgang BKP Zichten en een toelichting op de BKP’s Dreven en Gaarden. Aanwezigen:
Toelichting: Zichten In de Zichten is de verdichtingsopgave het meest fors. Vanwege de open ruimte en de aanwezige voorzieningen is verder verstedelijken hier voor de hand liggend. Er zijn acht nieuwe blokken getekend. De randbebouwing blijft behouden, net als het centrale blok dat gerenoveerd wordt. Het nieuwe grid bestaat uit verschillende typen openbare ruimte: randen, lanen en groene wiggen. Iedere ruimte krijgt een eenduidig profiel, met per ruimte een eenduidige margestrook: groen, Delftse stoep of haag. Deze margestrook moet een onderdeel van de aansluitende bebouwing worden, moet vormgegeven worden. De ambitie voor de begroeiing is over de kabels en leidingen gelegd en is haalbaar. De nieuwe bebouwing bestaat uit halfopen bouwblokken. De keuze voor deze typologie komt voort uit de verdichtingsopgave. De blokken worden (architectonisch) verbonden door de plint. Die plint heeft overhoogte, is optisch 4 meter hoog, en is steeds roodachtig. Boven de plint kan de architectuur per blok verschillen, maar de verschillende blokken moeten wel samenhang vertonen. Aan de noordrand (Sportzicht), waar hoogteaccenten verschijnen, wordt samenhang bereikt door de onderste laag een constante bouwhoogte te geven, alle hoogeaccenten een gelijke hoogte te geven en deze accenten op een regelmatige afstand van elkaar te plaatsen.
9
Per blok is aangegeven dat de (verhoogde) binnenzijde een collectieve tuin is, met tegen de gevels de mogelijkheid voor privé buitenruimte. Deze tuin is verbonden met de openbare ruimte via een doorgang van minimaal 10 meter breed. De architectuur van de binnenzijde kan afwijken van de buitenzijde van het blok. De hoogteaccenten moeten subtiel afleesbaar zijn, maar de samenhang van onder- en bovenbouw is leidend/dominant. Als thema’s voor de architectuur zijn onder meer een horizontale geleding met verticalen als verfijning of expressie en plastiek door middel van buitenruimtes die als een integraal onderdeel van de gevel ontworpen zijn. Het kleurenpalet is ontleend aan Zuidwest, met baksteen, beton en glas. Dreven De Dreven is een samenhangend compositie, een eenheid van bebouwing en openbare ruimte. Dit maakt de opgave in de Dreven moeilijker dan die in de Zichten: hoe de samenhang de tijd te borgen. In de Dreven zijn de singel met de bebouwing daaraan en de opzet aan de Lozerlaan de ankerpunten. De nieuwbouw aan de Lozerlaan is vrijer gelegd, met meer ruimte rondom.
Als uitgangspunten gelden: • een eenduidige aanpak van de randen; • een coherente basislaag, de hoogte van de oorspronkelijke hoogte herkenbaar maken, samenhang met de te behouden bebouwing; • aangeven van (architectonische) eenheden om de fasering te faciliteren en voorschrijven van samenhang/architectuur bij grotere lengtes. Binnen- en buitenzijde, of voor- en achterkant van de nieuwbouw zijn in één architectuur ontworpen. Horizontaliteit is een belangrijk kenmerk, bijvoorbeeld door middel een wit gekeimde eerste bouwlaag, zoals bij de bestaande bebouwing. Hoogteaccenten worden door middel van een setback iets los gezet van de onderbouw. Voor de bestaande winkel-/woonblokken worden nieuwe toegankelijke functies voor de plint gezocht. Net als in de Zichten is in de Dreven variatie in de margestrook tussen openbare ruimte en gevel mogelijk, afhankelijk van het type openbare ruimte
Reactie: Zichten Het verschil tussen de binnen- en de buitenwereld van de halfopen bouwblokken betekent afscheid nemen van een van kenmerken van Zuidwest: de omspoelende buitenruimte, geen onderscheid in gevelbehandeling tussen straat- of binnenzijde. Is het nodig het bouwblok te benadrukken door de schil en het interieur verschillend te behandelen, door het onderscheid tussen binnen en buiten aan te zetten? Deze aanpak matcht ook niet met het doorzicht door de blokken via de groene binnentuinen. Daarnaast is het gelijk of in samenhang behandelen van langs- en kopgevels een belangrijk kenmerk van Zuidwest.
10
Voor het overige bevat het BKP de juiste instrumenten om over een langere periode te kunnen sturen op samenhang, zowel binnen de wijk als in Zuidwest. Het abstractieniveau is voldoende voor variatie, maar het benoemen van materialen en kleuren en van samenbindende onderdelen maakt samenhang afdwingbaar. De commissie adviseert aan te geven welke onderdelen van het BKP cruciaal zijn. Kies waar echt regels gesteld worden, welke onderdelen moeten. Bijvoorbeeld de balkons half binnen en half buiten de gevel. Ook de plint is belangrijk, waarbij de commissie suggereert een overstek te introduceren, waardoor de plint iets ingesnoerd wordt, in het bijzonder aan de grote/brede profielen. De commissie vraagt aandacht voor de profielen waarin nieuwbouw en te behouden bebouwing elkaar ontmoeten. Naast een BKP dat de samenhang van de wijk en van Zuidwest als geheel bewaakt, ziet de commissie ook de noodzaak voor een ‘persoonlijke’ borging van de samenhang in de lange realisatieperiode. Dreven Deze reactie staat los van de discussie over de status van gemeentelijk beschermd stadsgezicht van de Dreven. De blokkenstructuur knipt de wijk op. Waar nu sprake is van ruimtelijkheid en ritmiek, wordt de wijk in de nieuwe opzet opgedeeld. Dit is niet ‘des Drevens’. De huidige drie hoogteaccenten staan los, vrij van de laagbouw. Nu woorden laag- en hoogbouw samengevoegd. Dit is niet des Drevens.
De haakvorm van de nieuwbouw doet het onderscheid tussen kop- en langsgevels verdwijnen. Dit is niet des Drevens. Het nieuwe doorzichten verschillen wezenlijk van de huidige diagonalen. In de huidige situatie is sprake van één landschap. Dit geheel wordt opgeknipt. Een gefaseerde realisatie maakt de samenhang kwetsbaar.
11
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 8 september 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
BKP’s Dreven, Gaarden en Zichten Doel: Informeren + ophalen Informeren BKP Zichten en een toelichting op stand van zaken BKP’s Dreven en Gaarden. Aanwezigen:
Toelichting: Gaarden Dit deel van Zuidwest wordt omschreven als wat routineuze strokenbouw. De huidige bebouwing – met uitzondering van de blokjes recente gerealiseerde statushouderswoningen – wordt vervangen door twee ensembles van appartementen en grondgebonden woningen. De ensembles tonen zich stedelijk naar de Erasmusweg en meer ‘huiselijk’ naar de wijk. Langs de Erasmusweg is een basishoogte van zes lagen gedacht met hoogteaccenten bij de kruispunten. Voor de Gaarden wordt aan de Erasmusweg asymmetrie voorgesteld en wordt de architect uitgenodigd een sculpturaal volume te ontwerpen. De binnen- en buitenzijde van de ensembles zijn ontworpen in één architectuur. De gevels moeten een telbaar ritme hebben, de stijgpunten als verticale elementen. De nieuwbouw moet in de buurt van het materialen- en kleurenpalet van Zuidwest blijven. Dreven Ten opzichte van de eerdere plannen is de opzet aan de zijde van Lozerlaan ruimer geworden. De groene openbare ruimte omspelt de bebouwing nu per blok.
12
Er zijn architectonische eenheden benoemd, die de samenhang bepalen en ook bij een gefaseerde uitvoering als eenheden gerealiseerd moeten worden. De langsgevels zijn horizontaal geleed, de kopgevels verticaal. Het materialen- en kleurpalet blijft dicht bij de te behouden bebouwing. Reactie: Gaarden De twee ensembles staan in één rooilijn, samen met de te behouden blokjes, terwijl de rooilijn van de Erasmusweg springt. Zowel voor de lange Erasmusweg, als voor de doorwaadbaarheid en de geleding van de Gaarden kan meer differentiatie een goede oplossing zijn. Daarnaast suggereert de commissie het uit de rooilijn plaatsen van de hogere bouwdelen om het ritme aan de Erasmusweg goed te krijgen. Het voorschrijven van sculpturale wordt niet begrepen. Veel zinvoller zijn heldere uitspraken over de sfeer, de architecten uitdagen en vertrouwen op de ontwerpkracht. Een zeker geen voorbeelden toevoegen die ver van de typologie en architectuur van Zuidwest staan. De commissie benoemt het belang van een persoonlijk doorlopende supervisie om de kwaliteit op de lange termijn, gedurende de gefaseerde realisatie te borgen. Voor de buitenruimte zou meer vastgelegd, geborgd en afgedwongen moeten worden.
Bijvoorbeeld over overgangszones (vormgeving en eigenaarschap), over de maximale hoogte van het verhoogde maaiveld (ten behoeve van een goede toegankelijkheid en doorwaadbaarheid), over grondpakketten, berging van regenwater, over elementen als trafo’s en fietsenstallingen, over kabels en leidingen. Voor de Erasmusweg vraagt de commissie aandacht voor het profiel. In de huidige situatie is sprake van een kenmerkende en geslaagde groene voorruimte. Hoe wordt het nieuwe profiel en hoe wordt het nieuwe profiel in relatie tot de aanliggende bebouwing? De vertaalslag naar tegels voor de architectonische uitwerking is nog niet besproken. Dreven Met betrekking tot de Dreven stelt de commissie enkel vragen, zij beoordeelt nog niet, omdat de politieke discussie over de intrekking van het beschermd stadsgezicht nog niet heeft plaats gevonden. • Wat komt er tegenover de te behouden blokken? De nieuwbouw zou zich moeten verhouden tot de bestaande bebouwing en daarmee een logisch en coherent ensemble vormen; • Zijn andere oplossingen voor het parkeren onderzocht? De nu gekozen oplossing heeft grote invloed op de plint en de doorwaardbaarheid; • Hoe zitten de ‘zachte’ functies als scholen en buurthuizen in de wijk – cultuurhistorisch, functioneel en landschappelijk – en hoe groeien zij mee.
13
VERSLAG – Welstand Stedenbouw Overleg (WSO) groot 6 oktober 2021 Aanwezig:
Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Welstands- en monumentencommissie Stedenbouw & Planologie Stedenbouw & Planologie
Secretaris:
1
Monumentenzorg & Welstand
BKP’s Dreven, Gaarden en Zichten Doel: Informeren + ophalen Informeren BKP Zichten en een toelichting op stand van zaken BKP’s Dreven en Gaarden. Aanwezigen:
De commissie wil voorafgaand aan de presentatie het volgende aangeven: De commissie zal de beeldkwaliteitsplannen voor de Zichten en de Gaarden vandaag inhoudelijk bespreken. Het BKP voor de Dreven echter niet. Commissie: Voor wat betreft de Dreven zitten we in een spagaat. Een officieel advies is nog niet gevraagd, op dit moment ligt er slechts een preadvies. De cultuurhistorische rapportage van Crimson hangt in de lucht maar is nog niet in beeld, Intussen rijdt de trein verder. De commissie zal niet proactief meedenken met het BKP Dreven en onthoudt zich van inhoudelijk commentaar. Zij laat dit bij S&P als makers van het beeldkwaliteitsplan. Zij ziet een twee sporen benadering niet zitten. S&P geeft aan dat dit een mogelijkheid is maar dat als de raad instemt met het stuk het wordt vastgesteld zonder dat de opmerkingen van de cie zijn meegenomen. vraagt stedenbouw wat er gebeurt als het beschermde stadsgezicht alsnog in stand blijft. S&P geeft aan dat er dan, voor alle betrokken partijen, een nieuwe opgave ligt. Er zal t.z.t. een (klein) kwaliteitsteam aangesteld worden voor Den Haag zuidwest. zal hieraan deelnemen.
14
Reactie: Zichten: Toelichting: alvorens plannen in een collegiaal overleg aan de commissie worden voorgelegd wil men eerst een positieve grondhouding van de commissie op het BKP Zichten. De breedte van de doorzichten wordt nu aangegeven op circa 10 meter, afhankelijk van de situatie wordt dit bepaald. Commissie: Waak ervoor dat de gevels te vlak worden. Zorg voor voldoende plastiek. Waar ligt de overgang tussen interieur en exterieur? (zie pag. 41). De (binnen) tuinen liggen op 3 meter hoogte, op maaiveld kijk je dus tegen een wand aan. Deze doorgangen dienen genereus te worden vormgegeven. Het tuinmilieu dient te beginnen bij de eerste trede van de trap. Zijn het twee L-vormige stroken of is het een bouwblok wat je doorsnijdt en het interieur in kijkt. Oftewel is het een bouwblok met gaten of is het doorwaadbaar? Er zijn momenten in het plan waar de doorwaadbaarheid waargemaakt dient te worden (zorg voor referenties waarin verdiepingshoogten worden overbrugd) Er is zorg over de profielen. In de randvoorwaardekaarten zijn de groenstructuren nog niet overtuigend terwijl deze zeer bepalend zijn. Hoe ga je om met de achterkanten van de bestaande architectuur? De commissie pleit voor het opnemen van gemaatvoerde profielen in het BKP. Dit dient geborgd te worden. Voorkom dat groen en gesuggereerde maten verwateren.
Gaarden: Eerder is gesproken over het profiel van de Erasmusweg en de ongenaakbaarheid van de ensembles aldaar. Het definitieve profiel voor de Erasmusweg is er nog niet maar het poortgebouw en de hoek steken nu iets uit waardoor er een subtiel ritme in het gevelbeeld ontstaat. Voor de Schrijnwerkersgaarde sluiten de nieuwe blokken in profiel aan op de oude blokken zodat er eenheid ontstaat. Commissie: De sprong langs de Erasmusweg baart nog zorgen: krijgt die wand voldoende profilering? Er ontstaat wandwerking/massaliteit, het geheel oogt zwaar. Er is juist lucht en geleding nodig. Het naar voren schuiven van de poortgebouwen mag verder benadrukt worden, er wordt een mooi stevig ritme mee ingezet. Het terugleggen van geveldelen acht de commissie een mooi thema. Het blijft massaal, dat wel maar dat is de verdichtingsopgave. Binnenterreinen en galerijen: Referentie pagina 69: plekken daar waar gebouw en galerij elkaar raken vraagt aandacht. Dit betreft een integrale opgave. Graag aandacht voor de kwaliteit van de binnenkanten (zodat dit ook voorkanten worden). Materiaaltoepassing: Baksteen is wat de commissie betreft een gebakken keramisch materiaal. De commissie ziet echter een heel scala aan andere typen (o.a. minerale strip). De commissie vraagt
15
om in het BKP al mee te geven dat metselwerk een keramische (of gelijkwaardige) steen betreft die gebakken is. Leg de lat daar. Zorg voor een waarachtige toepassing. Het moet tactiel aanraakbaar zijn en je moet geloven wat je ziet. Voor wat betreft de detaillering is dit essentieel. Dit ambitie moet echt uitgedragen worden. Dit geldt ook voor de Dreven en Zichten. Kopgevels: Is de kwaliteit van deze gevels wel voldoende geborgd. Dit vraagt nog aandacht. Voorkom blinde kopgevels. De bestaande kopgevels in de wijk hebben kwaliteit en dat dient in de nieuwe situatie ook het geval te zijn.
16
Samenvatting WSO overleg 13-01-21 Beschermd Stadsgezicht De commissie is ongerust over het gevoerde proces en de volgordelijkheid van argumenten tav het Beschermd Stadsgezicht. Cultuurhistorie is nu onvoldoende in de argumenten meegewogen. Eerder de haalbaarheid van renovatie en het gewenste programma. De cultuurhistorische waarde gaat ook over de karakteristieke transparante, groene verkaveling. Zij vragen ons hen te helpen bij de oordeelsvorming om nogmaals de argumenten en onderzoeken te bespreken. Onderbouwing nodig: hoe kun je binnen de context en met behoud van de status op een hoogwaardige manier verdichten? Kan dat binnen uitgangspunten die er nu liggen? De vraag is of dat kan binnen de definitie van de status. Mogelijk ook vergt dat een andere definitie, bijv. ‘erfgoedattentiegebied’ oid. Of kunnen we herijking van beschermde status, door meer blokken te behouden. Welstand denkt hier graag over mee. Aparte afspraak op korte termijn met welstand om nadere toelichting op de precieze afweging en argumentatie te krijgen en te helpen bij de oordeelsvorming. Hoe komt de cultuurhistorie nu terug in de plannen voor de nieuwbouw? Ook helderheid scheppen over de lopen procedures en de rol daarin van de commissie.
Laadvermogen De commissie heeft de stellige indruk dat het programma wel erg leidend is geweest bij de huidige invulling en dat uit het oog is verloren of dit hier en daar niet wat teveel wordt. Met name de torens baren zorgen. Wat wordt de kwaliteit binnen de bouwblokken qua schaduw, wind en beoogde collectiviteit? Dreven zou een andere benadering moeten hebben: onderzoek wat het ‘laadvermogen’ is binnen de cultuurhistorische waarde en neem dat als vertrekpunt voor je verkaveling. Het zou mooi zijn als deze erfgoeddiscussie kan helpen om heel precies te zijn waarom je waar wat doet. Kan er nog wat worden geschoven qua dichtheid tussen Dreven en Zichten om de Dreven meer te ontspannen? Bouwblokken Los van bovenstaande is de commissie positief over de nieuwe verkavelingsuitgangspunten: bouwblokken in een groen raamwerk. Groot pijnpunt is wel dat hierbij niet wordt teruggegrepen op de doorwaadbaarheid die nu zo karakteristiek is. Grote zorgen over de koppeling collectief-openbaar en de programmatische uitwerking van deze ‘blokkenstad’: auto’s, containers, trappen ipv een groene landschappelijke omspoeling van woningen. Ook door de aanleg van de parallelweg langs de Erasmusweg. Hoe zorg je dat de groene binnenhoven gerelateerd worden aan het omringende landschap? Landschap Krachtige samenhang tussen landschap, architectuur en stedenbouw is hier noodzakelijk.
Het groene raamwerk is cruciaal als contramal van de stedenbouw om de hoofdstructuur te versterken. Je kunt niet verantwoorden om binnen de verkaveling van het gemeentelijk monument terug te bouwen zonder dat je de openbare ruimte een enorme impuls geeft. Raamwerk goed definiëren in maatvoering, profielen, boomstructuren, taluds. Architectuur en BKP Nóg beter aansluiten bij de kwaliteiten van de bestaande bebouwing! Er is zorg dat de systeembouwmatige opzet leidt tot ‘geveltjesarchitectuur’. Meer zeggen over welke sfeer en kwaliteit de buurten gaan hebben. Analyse vd kwaliteiten van de wederopbouwarchitectuur en de kwaliteiten van de buurten moet het vertrekpunt zijn voor de nieuwbouw. Wat maakt nu dat de architectuur straks ‘typisch Zuidwest’ is en niet ook in IJburg zou kunnen staan?
Samenvatting overleg cultuurhistorie Dreven op 2 februari 2021 Achtergrond Gemeentelijk Beschermd Stadsgezicht Het gebied De Dreven betreft een gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Binnen de verordening van de gemeente Den Haag wordt daar op dezelfde manier mee om gegaan als met Rijksbeschermde stadsgezichten. In het aanwijzingsbesluit beschermd stadsgezicht is gesteld dat het instrument zich dient te vertalen in een beschermd bestemmingsplan en dat het bestemmingsplan zich richt op de aangewezen beschermde waardes zelf en dat ontwikkelingen daarbuiten (red: zoals bijv. een gewenste verdichting) geen hoofdrol dienen te spelen in ontwikkelingen. De status beschermd niet letterlijk objecten (ie de flatjes) maar het stadsgezicht. De cultuurhistorie moet hier in de ogen van de commissie niet worden gezien als een beperking maar als een kracht. Binnen die kaders is veel mogelijk mits je zorgvuldig omgaat met de cultuurhistorie. Belangrijkste bezwaar van de commissie is dat het vertrekpunt voor het huidige plan de verdichtingsopgave is geweest ipv de cultuurhistorie. Toelichting op onderzoek door licht het stedenbouwkundig, cultuurhistorisch en bouwtechnisch onderzoek toe, zoals dat een jaar eerder is gedaan en in mei 2020 aan de welstand (met toen nog een andere samenstelling) is gepresenteerd.
legt uit dat cultuurhistorie zeker het vertrekpunt is geweest maar dat een en ander om financiële, bouwtechnische en programmatische redenen niet haalbaar bleek. Ook zijn er destijds diverse tussenvarianten onderzocht die in mei 2020 aan de welstand zijn getoond. Deze modellen bleken allen niet passend binnen het beschermd stadsgezicht. De tussenvarianten bleken ook te weinig verdichting op te leveren terwijl verdichting dringend is gewenst: om het woningaanbod voor de doelgroepen te vergroten én om de verhouding sociaal/markt te verbeteren zodat de leefbaarheid in de buurt wordt verbeterd. Omdat de tussenvarianten niet passend werden geacht in het beschermd stadsgezicht en omdat verdichting zeer gewenst is en om de bouwtechnische kwaliteit te kunnen verbeteren is uiteindelijk gekozen voor de huidige ruimtelijk opzet waarin de kwalitatieve ruimtelijke principes van de cultuurhistorie zijn vertaald naar een nieuwe dichtere opzet en alleen de meest waardevolle elementen uit het beschermd stadsgezicht zijn behouden. Dit huidige model is als basis genomen voor het ambitiedocument vorig jaar en inmiddels verder verfijnd ten behoeve van de Nota van Uitgangspunten. Reflectie op onderzoek ‘Verdichten en vernieuwen in het Gemeentelijk Beschermd Stadsgezicht’ Model 3.1, ‘renoveren en herwaarderen’ vindt de commissie charmant en zou goed passen binnen de status.
De commissie constateert dat dat voor model 3.2, de basis voor de huidige plannen, niet het geval is. Pogingen om hierin de oorspronkelijke waarden te behouden pakken niet geloofwaardig uit. Dat de laagbouw wordt gesloopt vindt de commissie een prima uitgangspunt, de aanpak achterkanten langs Erasmusweg ook, evenals het verbeteren van de overgangen openbaar-collectiefprivé. De waardevolle doorzichten en transparantie in het huidige voorstel verdwijnen echter door de 3-4 meter hoge parkeerdekken. De blokken langs de Erasmuslaan zijn te gesloten en de mate van verdichting hier roept vragen op tav bezonning en leefbaarheid. Daarnaast uit de commissie haar zorg over de uitwerking van de grenzen collectief-privé in de binnentuinen en over de profielen
tussen de blokken: die lijken te krap gezien de huidige verdichting. Kan het groene raamwerk deze verdichting wel aan? Groot bezwaar heeft de commissie met het feit dat het onderzoek suggereert dat het óf het één óf het ander is. Óf renoveren van de flatjes binnen de bestaande structuur, wat financieel en woontechnisch onhaalbaar is en te weinig woningen oplevert, óf het huidige voorstel dat haaks staat op de kernwaardes van het beschermd stadsgezicht. Dat vindt de commissie geen eerlijke vergelijking. De commissie heeft begrip voor de noodzakelijke te maken slag in woonkwaliteit en snapt de noodzaak tot sloop/nieuwbouw maar mist bijvoorbeeld het onderzoek naar reconstructie / integrale vervangende nieuwbouw óp de footprint maar mét verdichting, bijvoorbeeld door enkele lagen op te plussen, of door bijvoorbeeld ingrijpender te verdichten op plekken waar nu ook al iets te verbeteren valt (tpv de eengezinswoningen bijvoorbeeld). Vervolg De commissie is zeer bezorgd over de ontwikkelingen en het gevoerde proces en zal daarom een ‘ongevraagd advies’ geven aan het college. De commissie zorgt binnen 2 weken voor een conceptversie. De manier waarop de afweging zijn gemaakt en de precedentwerking zullen hierin zwaar wegen. houdt hier contact over met de welstand en levert de planning aan voor de NvU’s naar het college.
Samenvatting WSO overleg 28-07-21 update BKP De Zichten licht de aanpassingen in het BKP De Zichten toe
Inhoudelijke reacties Zichten Er is goed op de eerdere opmerkingen ingegaan. Het verhaal is sterker geworden qua structuur, woord en verbeelding. Analyse huidige architectuur heel sterk. ‘Moddervette, dik aangezette, oververzadigde kleuren’ uitsluiten heel fijn. (Goed om dit nog even te vermelden in het boekje (in onderschrift onder de fragmenten baksteengevels bijv.) en waarom: om goed aan te sluiten op de bestaande bebouwing. Torens qua ritmiek en compositie nu allemaal gelijk fijn: ook stippellijntje voor de hoogbouw doorzetten idem plint en stedelijke laag (blz. 58). Verschil binnen- en buitenwereld: afscheid van de omspoelende ruimte / het ruimtelijk continuüm rondom de gebouwen jammer maar heeft te maken met de keuze voor bouwblokken met verhoogde binnentuinen. Verschil buiten- en binnengevel zo aanzetten benadrukt de trendbreuk van het ruimtelijk continuüm die er door de verhoogde binnentuin weliswaar is maar de vraag is of je het moet stimuleren of dat je het beter kunt laten ontstaan als dat een meerwaarde geeft. Diagrammetjes binnen/buitenschil er uit laten (en tekst overeenkomstig aanpassen). Tip: terugliggende plint voor extra plastiek naast loggia’s en het markeren van de overgangszone. Waarom is de plint roodachtig? Uitleggen waarom.
Profiel bestaande flats Vrederustlaan - nieuwbouw opnemen Al met al een prima document zo om langjarig goed mee te kunnen sturen op kwaliteit maar nog wel proces kwaliteitsbewaking opnemen in BKP.
licht de stavaza BKP Dreven toe
Inhoudelijke reacties Dreven De commissie is verdeeld over de mate waarin en in hoeverre je, als het beschermd stadsgezicht wordt opgeheven, kenmerken van de huidige buurt moet terugbrengen: -
-
Door de positionering van de bouwblokken in het plan ontstaan er doorzichten en dwarsstraten tussen de Pachtersdreef en de Erasmusweg die er nu niet zijn. Dat is jammer en doet geen recht aan dit specifieke ruimtelijke continuüm nu. Hoogbouw en stedelijke laag staan in De Dreven nu altijd los van de overige bebouwing en die worden nu samengevoegd. Keuze voor haken/bouwblokken: verlies van onderscheid en afwisseling kop- en langsgevels. Landschappelijke grote structuren blijven gehandhaafd maar de samenhang tussen landschap en bebouwing verdwijnt terwijl het wezenlijke van De Dreven juist is dat de ruimtelijke compositie hier één geheel is.
Referentie Pletterijstraat niet echt passend. De aanpak van de wat grotere architectonische korrel / de ensembles langs de grote ruimtes / lange lijnen is een goede aanpak en geeft een passend onderscheid met de Zichten. Wel goed borgen dan of dit bij de opdrachtgever door één architect worden uitgewerkt, is dat het geval?
Samenvatting WSO overleg 8-09-21 Gaarden en Dreven licht het BKP De Gaarden toe
Inhoudelijke reacties Gaarden De twee grote elementen staan nu in één rooilijn met de statushouderswoningen en zijn vrij gesloten. Eigenschap van de bebouwing aan de Erasmusweg is dat de bebouwing soms even terug ligt en dat er juist sprake is van grote transparantie. Qua geleding en luchtigheid zou het fijn zijn als iets van deze geledingsprincipes en luchtigheid in deze wel heel grote, zware blokken terugkomt. Vraag is daarbij ook of de hoge blokken in de rooilijn moeten staan, voortkomend uit de 6-laagse plint, of dat dit in de geleding een logische plek krijgen. Nader bestuderen idem als in de Dreven. Scherp en mooi uitgewerkte blokken, poortmotief met plantsoen mooi! In het verlengde van vorige opmerking zou je met geleding in de rooilijn en/of sculpturaliteit aan moeten haken op de omgeving. De statushoudersblokjes liggen er in dat licht nu wel heel sneu tussen. Zoals het er nu uitziet zou je daar dan ook een ander voorstel voor willen tekenen. Mogelijk met geleding in rooilijn als hierboven aan tegemoet komen? Iets tekenen lijkt me gek want dat gaan we nergens publiceren. De 6-laagse plint sterk verhaal. Dat levert condities op voor hoogbouw maar hoe hoog mag hoog zijn? Wat is het maximale laadvermogen? Gevels leveren voldoende duidelijkheid volgens mij. Skischans referentie komt enorm uit de lucht vallen. Die schuine lijn is een enorm fremdkörper.
De wens van overgang naar lagere bebouwing, zorgvuldige overgang tussen de schaal van Erasmusweg en de buurt, zo tekenen dat het wel mogelijk is maar het niet zo nadrukkelijk, ook niet als referentie, wordt gestimuleerd. Ontwerpkracht in de toekomst mogelijk maken prima maar wel binnen de principes en sfeer van de oorsprong van de buurt. Eens, referentie schrappen en eerder voorstel van terrasvorming opnemen of nog iets anders. Hagen zijn heel passend. Belangrijk dat dit van de gemeente wordt. Verbinding maaiveld naar binnentuin moet goed geborgd worden. Wat is de maximale hoogte, hoe ziet die tussenruimte er uit? Is er voldoende waterberging, fantastische tuinen moeten het worden. Dit goed vastleggen in het BKP. Trafo’s en Kabels en Leidingen goed meenemen zo dat het groen geborgd wordt. Profiel Erasmusweg heeft nu groene plinten aan de gebouwen, het zou mooi zijn als dat . Ventweg maakt dit harder. Zo laten, groen komt terug tussen de bomen. Vertaalslag naar architectuur is er nog niet. Volgt zsm.
Inhoudelijke reacties Dreven Welstand voelt zich in een lastige spagaat doordat ze enerzijds in een principieel gesprek zitten over het beschermd stadsgezicht waar maar geen inhoudelijke discussie over wordt gevoerd. Anderzijds omdat er begrijpelijk keihard wordt doorgewerkt aan de nieuwe plannen gebaseerd op opheffen BSG. Commissie voelt zich door de politiek niet serieus genomen doordat het pre-advies niet naar de raad is gestuurd. En het voelt dat als de welstand nu constructief meedenkt, dat zij er ook niet zo zwaar aan tillen dat het BSG wordt opgeheven. De commissie stelt daarom voor nu alleen kennis te nemen en informatieve vragen te stellen maar geen oordeel te geven. licht de stavaza BKP de Dreven toe Vragen informatief: -
Zijn er andere parkeeroplossingen onderzocht die de doorwaardbaarheid beter faciliteren en minder dominerend is. Ja, maar hoeveelheid auto’s en beschikbare budgetten zijn dusdanig dat
-
-
er weinig andere mogelijkheden zijn. Maximale flexibiliteit is gezocht door met vrijstaande (hopelijk tijdelijke) parkeergebouwen te werken. Wat komt er tegenover de te handhaven winkelblokjes te staan? Vertaalslag naar architectuur is er nog niet. Volgt zsm. In elk geval goed afleesbare plint, en gevelcompositie coherent met bestaande architectuur. Hoe krijgen nieuwe zachte functies als scholen en buurtcentra en bijvoorbeeld sportvoorzieningen een plek? Is daar een visie op? In BKP opnemen waar in welke functies wordt voorzien: langs de Dreef, langs de Erasmusweg / Beresteinlaan en op bestaande voorzieningenlocaties en hoe zich dat verhoudt tot het landschap. Uitgangspunt is kwaliteitsslag, verbeteren van (groen)verbindingen
Supervisie door is wat de welstand betreft van wezenlijk belang voor het goed laten landen van de principes uit de BKP’s in de architectuur zodat in de reeksen en ritmes zoals die bedoeld worden ondanks de fasering en diverse architecten toch een continuïteit wordt bereikt. Die kwaliteit moet stevig geborgd worden. Afspraak: stukken zoals gepresenteerd alsnog doen toekomen aan welstand. Met de boodschap er daarbij op aan te dringen hier alsnog zsm opbouwend commentaar op te geven want de BKP’s moeten als onderdeel van het projectdocument eind september gereed zijn.
Samenvatting WSO overleg 7-10-21 Gaarden en Dreven geeft aan de welstandscommissie zich tav het opheffen Beschermd Stadsgezicht in een soort spagaat voelt en dat zij besloten heeft niet te adviseren over het BKP de Dreven totdat de raad zich heeft uitgesproken over het wel of niet opheffen. De commissie beschouwt dit als een ‘gecalculeerd risico’ gezien het feit dat er grote overeenkomsten zijn in aanpak van Dreven, Gaarden en Zichten. Onder meer om deze reden wil de commissie nogmaals benadrukken hoe belangrijk het is dat een rol krijgt in de supervisie. legt uit dat er gewerkt gaat worden met een Q-team voor Den Haag Zuidwest en dat daar lid van wordt. Dit Q-team zal plannen actief gaan begeleiden. Afspraken hierover moeten nog verder gemaakt worden, bijvoorbeeld dat het Q-team t/m VO plannen begeleidt, toetsend en stimulerend op BKP en dat het daarna overgaat naar welstand. geeft aan dat het goed is hier nog nadere afspraken over te maken en de leerpunten uit bijvoorbeeld het Q-team de Binckhorst daarin mee te nemen. Onder andere de frequentie zal hoger moeten dan in de Binckhorst. licht toe wat er is gewijzigd is tov het BKP De Zichten zoals in de zomer gepresenteerd De commissie geeft aan dat zij het definitieve boekje graag tegemoet zien en benieuwd zijn naar de plannen van de eerste twee architecten met name tav de plastiek in de gevel.
Pagina 41 behoeft nog wat aandacht in de mate van stimuleren dan wel mogelijkheden bieden tav verschil binnen- en buitenwereld zoals besproken tijdens het wso-overleg d.d. 28-07-21. Tekstueel nog aanscherpen dat de keuze voor onderscheid een meerwaarde zou moeten opleveren als je daarvoor kiest. Eén van de referentiebeelden vervangen voor een doorzicht naar een binnenwereld waarvan de kopgevel wél hetzelfde is gematerialiseerd als de voorgevel. De commissie heeft zorgen over de haalbaarheid openbare ruimte tav ruimte voor kabels en leidingen. Profielen IBDH zullen inclusief maatvoering en aanduiding kabels en leidingen in het BKP worden opgenomen. Op blz. 22, 26 en 28 Verwarring bestaat over wat nu privé en openbaar wordt. Op blz. 33 de grens tussen privaat en openbaar aangeven op de doorsnede. Rechterbeeld op blz. 69 bovenste deel verwarrend omdat daar de galerij totaal losstaat van de gebouwen erachter. Bovenste deel foto er af knippen? Blz. 74 materialisatie: belangrijk dat de bakstenen keramisch worden.
‘Deze gevels bouwen voort op het palet van keramische baksteen, beton en glas of gelijkwaardige minerale materialen als hoofdmateriaal in wit-grijs-oker-rood-bruin en zijn een waarachtige vertaling van de architectonische expressie’ licht toe wat er is gewijzigd is tov het BKP De Gaarden zoals gepresenteerd op 8-09-21 De commissie vindt de geïntroduceerde sprong icm met de daklijn van de stedelijke laag en het poortblok een goede verbetering is in de ritmiek langs de Erasmusweg ondanks de massaliteit door de verdichtingsopgave. Referentiebeelden ten aanzien van de doorgang en de getrapte opbouw zou nu veel consistenter. Onderschriften zijn belangrijk. Boektechnisch is het een helder document. Tekeningen zijn overtuigend. Blz. 62 materialisatie: belangrijk dat de bakstenen keramisch worden. ‘Deze gevels bouwen voort op het palet van keramische baksteen, beton en glas of gelijkwaardige minerale materialen als hoofdmateriaal in wit-grijs-oker-rood-bruin en zijn een waarachtige vertaling van de architectonische expressie. Verhaal over kopgevels nog aanscherpen irt bestaande kopgevels in de Gaarden.
De commissie spreekt tot slot de hoop uit dat de genoemde opmerkingen tav de BKP’s Gaarden en Zichten ook op soortgelijke wijze in het BKP De Dreven zal worden verwerkt.