CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS310929 Bijlage 2 SOK

Gemeenteraad 9 februari 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake ‘Wensen en bedenkingen’ ten aanzien van de samenwerkings-, uitvoerings- en schadevergoedingsovereenkomst tussen LdM C.V. en Gemeente Den Haag t.b.v. aanleg WarmtelinQ Vlaardingen-Den Haag (RIS310929)21.416 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Eneco is en blijft als warmteleverancier verantwoordelijk voor de distributie en levering van warmte aan huishoudens en bedrijven in de Haagse regio. 1. Lokale, duurzame warmte op het transportnet Gasunie is een onafhankelijk transportnetbeheerder en zal alle bronnen die warmte willen en kunnen leveren via Leiding door het Midden op verzoek aansluiten, ook lokale duurzame bronnen zoals geothermie. Elke bron die wordt aangeboden wordt - met het oog op het maatschappelijk belang - beoordeeld op de criteria betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid van de warmte. Daarnaast wordt gekeken naar technische eisen zoals temperatuur, druk, etc. De concrete uitwerking van deze eisen zijn op dit moment in ontwikkeling. Als beoogd gereguleerd warmtetransportbedrijf zal Gasunie deze eisen en criteria ontwikkelen. Deze zullen vervolgens worden vastgelegd in de Warmtewet 2.0. Gasunie zegt toe verzoeken van lokale, duurzame bronnen met prioriteit te zullen toetsen aan deze criteria. Pagina 1 van 3

N.V. Nederlandse Gasunie Datum: 14 november 2019 Onderwerp: Project Leiding door het Midden

2. Een open warmtetransportnet en onafhankelijk warmtetransportnetbeheer Onafhankelijk warmtetransportnetbeheer gaat over een heldere scheiding van verantwoordelijkheden. Kern is dat infrastructuurbeheerder Gasunie zelf niet betrokken is bij de opwekking of levering van warmte en ook niet bij distributie op lokaal niveau. De formele invulling van onafhankelijk netbeheer voor warmtetransportnetten gaat EZK in de nabije toekomst uitwerken in de ‘Warmtewet 2.0’. Gasunie zal een onafhankelijk Gasunie Warmtetransportbedrijf (GWT) oprichten om de taken van de onafhankelijk warmtetransportnetbeheerder uit te voeren. Het GWT zal kostenefficiënt, transparant en non-discriminatoir handelen. Partijen die gebruik willen maken van Leiding door het Midden kunnen dat onder non-discriminatoire tarieven en voorwaarden doen. 3. Vaststelling van de tarieven voor inkoop en transport Uit meerdere studies (door Ecofys, PBL en CE Delft) blijkt dat collectieve warmte vooral voor bestaande woningen in dicht stedelijk gebied een kosteneffectief en realistisch alternatief is voor verwarming met aardgas en CO2-reductie. Het grootschalig inzetten van warmte is in veel stedelijke gebieden in Zuid-Holland een kostenefficiënte optie in vergelijking met andere technieken zoals warmtepompen. Leiding door het Midden wordt op kostenefficiënte wijze aangelegd en ingezet.

Dit zal door de (nog aan te wijzen) regulator worden gecontroleerd. De warmtetransportnetbeheerder stelt voor transport op basis van transparante, objectieve en non-discriminatoire criteria producten en tarieven vast. EZK zal in de ‘Warmtewet 2.0’ borgen dat er een toezichthouder is die hier toezicht op gaat houden. 4. Duurzaamheid van de warmte Het hoofddoel van Leiding door het Midden is het verduurzamen van de warmtevoorziening (CO2- en Groningengasreductie) in de gebieden rond het tracé. Met Leiding door het Midden kan de basisvraag naar warmte op duurzamere wijze worden ingevuld. De warmte is afkomstig van industriële processen (restwarmte), maar ook uit afval en biomassa. Het betreft warmte die vrijkomt bij verschillende processen en die in de huidige situatie wordt geloosd. Door deze restwarmte nuttig aan te wenden, wordt CO2 bespaard die nu in de Haagse energiecentrale en door individuele cv-ketels wordt uitgestoten. Leiding door het Midden maakt geen gebruik van warmte afkomstig uit kolengestookte centrales. Gasunie gaat niet over het versneld verduurzamen van de bedrijven die restwarmte leveren. Betalingen en vergoedingen De gemeente Den Haag en Leiding door het Midden zijn overeengekomen dat medewerking van de gemeente aan het project budgetneutraal plaatsvindt vanaf 1 januari 2019.

Dit uitgangspunt wordt geborgd door het maken van afspraken in de Samenwerkingsovereenkomst (artikel 6: Kostenvergoeding en betaling) en de Uitvoeringsovereenkomst over vergoeding van de ambtelijke inzet, leges, precario tijdens aanleg, opstalrechtvergoeding voor ligging van de leiding, degeneratiekosten en herinrichtingskosten. Een en ander conform de geldende gemeentelijke verordeningen.

Pagina 2 van 3

N.V. Nederlandse Gasunie Datum: 14 november 2019 Onderwerp: Project Leiding door het Midden

Wij hopen hiermee uw vragen rond het hoofdtransportnet beantwoord te hebben en zijn uiteraard graag bereid waar nodig een nadere toelichting te geven. Met vriendelijke groet,

G.W.M. Custers, Directeur LdM Beheer B.V., N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 3 van 3

Bijlage 4: Uitvoeringsplan Leiding door het Midden

Uitvoeringsplan Gasunie Leiding door het Midden

Voor gemeente Den Haag

Afdeling

Project Leiding door het Midden Rapport

Uitvoeringsplan LdM Gasunie Gereed

18 december 2019 Document

Document1 Datum, versie

18 december 2019, 1.2 Ons kenmerk

Status

Definitief

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 1 van 15

Inhoudsopgave 1

Projectgegevens................................................................................................. 3

2

Projectbeschrijving ............................................................................................. 3

3

4

2.1 2.2

Aanleiding .................................................................................................... 3 Doelstelling LdM............................................................................................ 4

2.3 2.4

Resultaat ..................................................................................................... 4 Afbakening (scope) ....................................................................................... 5

2.5 2.6

Samenhang met andere projecten / programma’s / lijnactiviteiten ...................... 5 Randvoorwaarden ......................................................................................... 5

Projectaanpak .................................................................................................... 6 3.1 3.2

Plan van aanpak ........................................................................................... 6 Technische specificaties ................................................................................. 6

3.3 3.4

Geplande overlegstructuur ............................................................................. 7 Juridische structuur ....................................................................................... 8

3.5 3.6

Communicatie en participatie (projectomgeving)............................................... 8 Communicatie strategie ................................................................................. 9

Projectbeheersing ............................................................................................ 11 4.1 Planning op hoofdlijnen ................................................................................ 11 4.1.1 Voorlopig ontwerp (VO) .......................................................................... 11 4.1.2 4.1.3

Detail Ontwerp (DO) .............................................................................. 12 Samenwerkings- en Uitvoeringsovereenkomst (SOK en UVOK) .................... 12

4.1.4 4.1.5

Provinciaal Inpassingsplan (PIP)/Indienen vergunningen ............................ 12 Start realisatiefase ................................................................................ 14

4.2 4.3

Financiën ................................................................................................... 14 Risico’s ...................................................................................................... 14

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 2 van 15

1 Projectgegevens Project

Leiding door het Midden

Projectresultaat

Een beoogd operationeel en in bedrijf gesteld warmtetransportsysteem in 2023 vanaf de Burgemeester Heusdenslaan in Vlaardingen (aansluiting op de bestaande warmteleiding ‘Leiding over Noord’) tot en met de huidige centrale van Uniper aan het De Constant Rebecqplein in

Opdrachtgever

Den Haag. Guido Custers (Directeur LdM Beheer B.V, de beherend vennoot van LdM C.V). De Gasunie is 100% eigenaar van LdM C.V.

Projectdirecteur

Guido Custers

Periode

2019-2023 (zie paragraaf 4.1)

Tracélengte

23,5 km

Leiding diameter

Zie paragraaf 3.2

Investeringsomvang

± € 250 mln.

Juridische structuur

Zie paragraaf 3.4

2 Projectbeschrijving 2.1

Aanleiding

De Provincie Zuid-Holland heeft een ambitieus warmtebeleid. De ambitie uit de Green Deal (2011) tussen de rijksoverheid en Provincie Zuid-Holland is dat in 2020 14% van de verwarming van gebouwen (inclusief binnenstedelijke appartementen en woningen) en kassen in Zuid-Holland plaatsvindt door hernieuwbare en restwarmte. Door een gezamenlijke projectgroep1 (Cluster West) is in 2015 een eerste, verkennend onderzoek gedaan naar een warmtesysteem waarbij warmtebronnen en warmteafnemers in Delft, Den Haag, Rotterdam en Westland na realisatie van een groot deel van de ‘warmterotonde Zuid-Holland’ met elkaar verbonden worden. Eén van de initiatieven is Leiding door het Midden (hierna het Project of Project LdM): een verbinding die loopt vanaf Vlaardingen via Delft en Rijswijk naar het bestaande warmtenet in Den Haag. Op basis van dit verkennende onderzoek en de bestuurlijke goedkeuring van de publieke partijen binnen Cluster West, is vervolgens onderzoek uitgevoerd naar de haalbaarheid van het Project LdM. In aansluiting daarop is Eneco in oktober 2016 de eerste voorbereidingsfase gestart van het Project. Vanaf oktober 2016 is onder andere gewerkt aan het ophalen van planologische input bij de belangrijkste bevoegde gezagen en gemeenten, het uitwerken van tracévarianten en verkrijgen van ambtelijk en bestuurlijk draagvlak.

De ontwikkeling van Leiding door het Midden past in de provinciale ontwikkeling van de Warmte Alliantie (Eneco, Gasunie, Port of Rotterdam, Provincie Zuid-Holland, Warmtebedrijf Rotterdam) om te komen tot een “Grand Design warmte”, waarbij bestaande en nieuwe 1

Projectgroep Cluster West, bestaande uit de publieke partijen gemeenten Delft, Den Haag, Rotterdam, Westland en de provincie Zuid-Holland en de private partijen Warmtebedrijf Rotterdam, het Havenbedrijf Rotterdam, Eneco, Uniper (voormalig E.ON Benelux) en Westland Infra.

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 3 van 15

warmtetransportleidingen in Zuid-Holland gebundeld worden, en ondergebracht worden bij een onafhankelijk netbeheerder. In september 2019 heeft het ministerie van EZK, Gasunie aangewezen als de onafhankelijk netbeheerder op LdM. Gasunie is de eigenaar van LdM en ontwikkelt LdM. Gasunie heeft daarmee de taak een hoofdinfrastructuur voor warmte te ontwikkelen die niet-discriminatoir open staat voor alle bronnen en afnemers. De realisatie van warmtedistributienet(ten) en de levering van warmte geschiedt niet door LdM. Dat betekent dat er tussen LdM en de gemeente geen nadere (commerciële) afspraken kunnen worden gemaakt aangaande realisatie van warmtedistributie en/of de levering van warmte. Zie onder de tabel voor de situatie in Den Haag. WAT

BESTAAND/NIEUW

WIE

Warmtebron

Bestaand

Warmteproducent

Nieuw

Markt

Hoofdtransport warmte

Nieuw

Gasunie/LdM C.V.

Warmte distributie

Bestaand

Eneco

Nieuw

Marktpartij

Bestaand

Eneco

Nieuw

Marktpartij

Warmte levering

Tabel 1: Rolverdeling + scope partijen warmteketen

2.2

Doelstelling LdM

De ontwikkeling van project Leiding door het Midden continueert en verduurzaamt de warmtelevering aan het stadsverwarmingsnet van Den Haag en biedt mogelijkheden om meer woningen en bedrijven op warmte aan te sluiten. Tegelijkertijd biedt het de kans aan de gemeenten Vlaardingen, Schiedam, Midden-Delfland, Delft en Rijswijk om toekomstig te ontwikkelen warmtedistributienetten binnen deze gemeenten te ontsluiten vanaf Leiding door het Midden. Op termijn kan in totaal per jaar zo’n 257 MWth warmte worden geleverd via de leiding. Het uitgangspunt bij de ontwikkeling van LdM is nu dat de leiding ca. 2 PJ aan Den Haag levert.

2.3

Resultaat

Het beoogde projectresultaat is een uiterlijk in 2023 operationeel en in bedrijf gesteld warmtetransportsysteem van Burgemeester Heusdenslaan Vlaardingen (aansluiting op de bestaande warmteleiding ‘Leiding over Noord’) tot en met de huidige centrale van Uniper aan het De Constant Rebecqueplein in Den Haag.

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 4 van 15

2.4

Afbakening (scope)

Scope van het plan van aanpak is het ontwikkelen, ontwerpen en contracteren van het Project Leiding door het Midden (LdM), zijnde: In scope: Tot de scope van het project behoren: -

-

-

Warmteleiding (aanvoer- en retour) vanaf aansluiting op “Leiding over Noord” naar Den Haag tot het eindpunt aan het De Constant Rebecqueplein Een Warmte Overdracht Station (WOS) in Den Haag dat wordt geïntegreerd met Uniper installaties op het De Constant Rebecqueplein te Den Haag. Dit is tevens het eindpunt van Leiding door het Midden; Een boosterstation in Delft; Systeemintegratie met bestaande Leiding over Noord, met als resultaat een technisch werkende installatie waarbij de regeltechniek voor LdM is afgestemd en geïntegreerd met de bestaande voorziening voor het project leiding over Noord. Aansluitingen (T-stukken, afsluiters) voor de gemeenten die LdM doorkruist. Per gemeenten is tenminste 1 aansluiting (T-stuk) voorzien. Dit is een aftap punt waarop distributienetten kunnen worden aangesloten. De locatie aansluiting zal in overleg met de gemeente worden bepaald.

2.5

Samenhang met andere projecten / programma’s / lijnactiviteiten

Het ontwikkelen, ontwerpen en realiseren van een omvangrijke warmteleiding is een complexe aangelegenheid. Naast het ontwikkelen van een technisch maakbare warmteleiding moet gelijktijdig politiek draagvlak gecreëerd worden voor het Project in de zes betrokken gemeenten (Den Haag, Rijswijk, Delft, Midden-Delfland, Vlaardingen en Schiedam) als onderdeel van de warmtetransitie. Daarnaast moet er draagvlak worden gecreëerd bij de overig betrokken stakeholders waaronder Rijkswaterstaat, Hoogheemraadschap, etc. In zijn algemeenheid geldt dat de gemeente en LdM daar waar dat voordeel biedt “werk met werk maken”. Anders gezegd, wanneer projecten of werkzaamheden gelijktijdig of vlak na elkaar in hetzelfde werkgebied zouden plaatsvinden, geprobeerd wordt de werkzaamheden op elkaar af te stemmen om de overlast voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken en kosten te besparen. 2.6

Randvoorwaarden

Om het projectresultaat te kunnen behalen zijn de volgende randvoorwaarden essentieel: • • • • • •

Voldoen aan de voorwaarden zoals benoemd in het convenant tussen EZK en de Gasunie (https://www.rijksoverheid.nl/documenten/convenanten/2019/10/31/convenantwarmterotonde) Toepassen van omgevingsmanagement Verkrijgen van de planologische besluiten voor het aanleggen, hebben en houden van het tracé en de stationslocaties Verkrijgen van definitieve beschikkingen omgevingsprocedures, zoals Omgevingsvergunning, Watervergunning, Wbr vergunning etc. Verkrijgen van toestemmingen voor grondgebruik c.q. verwerven voor onderzoeken, aanleg, (hebben en houden) van tracé en stationslocaties Gereedstaande financiering en governance structuur.

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 5 van 15

3 Projectaanpak 3.1

Plan van aanpak

Ten behoeve van Project LdM is een Plan van Aanpak opgesteld met het doel de consistentie te borgen van alle activiteiten die nodig zijn om het Project LdM door de verschillende fases heen te krijgen tot aan voorbereiding, aanbesteding, contracteren en realisatie van Project. Naast het Plan van Aanpak, is een Plan van Aanpak Omgevingsmanagement opgesteld, waarin de aanpak en inrichting van het Omgevingsmanagement is uitgewerkt. Voor Den Haag is een omgevingscoördinator aangesteld, die de omgevingsplannen afstemt met de ambtelijke organisatie. Zie paragraaf 3.6 voor meer informatie. Het project kenmerkt zich door intensieve samenwerking met bevoegde gezagsorganen en grondeigenaren om tot inpassing van het tracé te komen in een Voorlopig Ontwerp en later Detail Tracé en (contract)afspraken over de financiële, technische en organisatorische aspecten van aanleg en ligging van de leiding (welke vast worden gelegd in de vorm van vergunningseisen, toestemmingen, samenwerkings- en uitvoeringsovereenkomsten), en de daadwerkelijke realisatie van het project. 3.2

Technische specificaties

De warmteleiding betreft een aanvoer- en retourleiding met een tracé, inclusief lengte over expansieloops, van circa 23,5 km (dus in totaal ca. 47 km warmteleiding) inclusief een pompstation nabij Delft.

Figuur 1 Overall concept tracé Leiding door het Midden

Figuur 2 Concept tracé Leiding door het Midden in Den Haag

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 6 van 15

De transportcapaciteit van het DN700 systeem is 257 MWth. Uitgaande van een warmte basis verbruik van 1,5 kWth per huishouden (uitgedrukt in: Woning Equivalent –WEQ-) kunnen dan circa 160.000 WEQ’s worden voorzien van warmte. Ter illustratie: Een woning verbruikt gemiddeld 1,5 kWth, vertaald: 1 WEQ. Een bedrijf kan meer warmte verbruiken, dit kan bijvoorbeeld 2 WEQ zijn. Voor Den Haag is 155 MWth voorzien vanuit LdM. Dit komt neer op circa 102.000 WEQ’s. Het tracé is opgeknipt in zeven delen (“loten”). Deze loten vormen logische tracélengtes/onderdelen van het warmtesysteem. LOT

Gemeente

Diameter binnen/buiten

A

Vlaardingen

700/900

A

Schiedam

700/900

B

M-Delfland

700/900

C

Delft

700/900

C en D

Rijswijk

700/900 600/800

D en E

Den Haag

600/800 500/700

Tabel 2: Opdeling tracé LdM

De warmteleiding van LdM “verjongt” (= technische term), met andere woorden, zij gaan van een grote diameter naar een kleinere diameter. De diameter van Den Haag is afgestemd op de te verwachte huidige - en toekomstige warmtevraag. 3.3

Geplande overlegstructuur

Bij een complex infrastructureel project zoals LdM, is een overkoepelende en gecoördineerde afstemming met de gemeenten essentieel. Daartoe is “gespiegeld” structureel overleg op drie verschillende niveaus gepland: bestuurlijk, tactisch en ambtelijk coördinerend. Gepland

De politiek verantwoordelijke wethouder

Directie LdM C.V./LdM

Bestuurlijk

Wethouder Duurzaamheid en Energietransitie (DET)

Beheer B.V.

Besluitvormingsniveau: Colleges van B&W en gemeenteraden Gepland

De directeuren/ambtelijke opdrachtgevers

Tactisch

intern Programmadirecteur Energietransitie

Projectdirecteur LdM

Strategisch en tactisch niveau: inzet en afstemming van de ambtelijke coördinatie in relatie tot het project én ambtelijke advisering naar het politieke niveau Gepland

De gemeentelijke projectleider

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Manager Techniek LdM Pagina 7 van 15

Ambtelijk coördinerend

a.

Coördineert inzet gemeentelijke disciplines

Manager Omgeving &

en te doorlopen besluitvormingsproces

Vergunningen LdM

Gepland Bestuurlijk Overleg Wethouder/Ambtelijk Opdrachtgever intern (Gemeentelijk Projectleider) + Directeur LdM /Projectdirecteur LdM (Manager Omgeving & Vergunningen LdM)

b.

Gepland Ambtelijk Overleg

c.

Ambtelijk Opdrachtgever intern/Projectleider Gemeente + Projectdirecteur/Manager Omgeving & Vergunningen LdM Gepland Afstemmingsoverleg/Projectoverleg Projectleider Gemeente (en/of relevante projectteamleden) + Manager Techniek LdM of Manager Omgeving & Vergunningen LdM (en/of relevante projectteamleden)

Naast het reguliere overleg per gemeente t.b.v. afstemming, bijsturing of besluitvorming, zijn er tevens gezamenlijke overleggen met de 6 LdM-gemeenten. Die vinden op zowel Bestuurlijk, Tactisch en Ambtelijk coördinerend niveau plaats. In de projectorganisatie LdM zijn het team Transportleidingen en het team Omgeving en Vergunningen van LdM verdeeld over de loten. Voor Gemeente Den Haag zijn er vanuit beide teams primaire aanspreekpunten beschikbaar. Vanuit het Omgevingsteam is een dedicated omgevingscoördinator aangesteld voor de stakeholdercontacten in Den Haag (zie paragraaf 3.5).

3.4

Juridische structuur

Eneco heeft enige jaren geleden het initiatief genomen tot de ontwikkeling van Leiding door het Midden. Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft begin september 2019 aan Gasunie de opdracht gegeven om project LdM verder te ontwikkelen en als onafhankelijk transportnetbeheerder van LdM op te treden. Deze opdracht betekent dat Eneco begin september 2019 LdM heeft overgedragen aan Gasunie. Gasunie is daarmee 100% eigenaar van Leiding door het Midden C.V. Zie hiervoor: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2019/09/09/gasunie-wordt-onafhankelijkwarmtetransportbeheerder-leiding-door-het-midden-en-vondelingenplaat%E2%80%99 Warmterotonde GS-brief aan Provinciale Staten over het beheer van het regionaal hoofdnet voor warmtetransport (besluit 18 september 2018) NRC artikel Warmtenet in Zuid-Holland (24-3-2017)

3.5

Communicatie en participatie (projectomgeving)

Onder ‘omgeving’ wordt de veelheid aan organisaties en individuen verstaan, die betrokken zijn, en daarmee stakeholders, in het proces naar het beoogde eindresultaat (een warmtetransportleiding van Vlaardingen naar Den Haag). Dit betekent een rijke verzameling van professionele partijen (projectpartners, bevoegde gezagen, belangenorganisaties) tot burgers en bedrijven. Het perspectief van deze stakeholders naar binnen halen, is een

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 8 van 15

cruciaal element voor omgevingsmanagement. Of het nu gaat over politieke ontwikkelingen of ongerustheid van bewoners. Het omgevingsmanagement van LdM is gericht op het faciliteren van een zorgvuldig proces met stakeholders om daarmee bij te dragen aan de haalbaarheid van het project. Praktisch gezien zet het omgevingsmanagement van LdM in op: • Overlast voor de omgeving tot een minimum te beperken. • Alle woningen en bedrijven toegankelijk en bereikbaar houden. • Omgeving vroegtijdig informeren (voorkomen verassingen). • Werkgebied gelijkwaardig of beter achter te laten. Het LdM omgevingsteam is gebiedsgericht georganiseerd: • Omgevingsmanager (overall) • 3 Omgevingscoördinatoren o Vlaardingen, Schiedam en Midden-Delfland o Delft en Rijswijk o Den Haag Om structuur aan te kunnen brengen, overzicht te kunnen houden en prioriteiten te stellen, worden de activiteiten van het omgevingsteam zoveel mogelijk gekoppeld aan de algemene projectplanning. Voor elke gemeente, dus ook voor Den Haag stelt LdM een Omgevings- en communicatieplan op dat met de gemeente wordt afgestemd. LdM initieert en coördineert de uitvoering van de in het Omgevings- en communicatieplan opgenomen activiteiten en stemt deze af met de gemeente.

3.6

Communicatie strategie

Het project kent meer dan 200 stakeholders. De gegevens, kenmerken en afspraken met deze partijen zijn verzameld in een omgevingsmonitor. Zo zijn er o.a. grondeigenaren, beheerders en -gebruikers, belangenverenigingen, natuur- en milieuorganisaties, bevoegde gezagen, bewonersorganisaties, ondernemersverenigingen en omwonenden. Waar nodig wordt maatwerk geleverd voor communicatie met individuele partijen ten behoeve van hun achterban. Samenwerking is een uitgangspunt in het benaderen van de verschillende doelgroepen. Verantwoordelijkheden LdM is verantwoordelijk voor alle communicatie in nauwe samenwerking met de betrokken gemeenten. Er is een werkgroep communicatie ingericht waarin de communicatie adviseurs van de gemeenten en Provincie Zuid-Holland deelnemen. LdM is voorzitter. Deze werkgroep stemt alle externe communicatie over LdM met elkaar af zorgt daarmee eenduidige berichtgeving, zowel tijdens de planfase als tijdens de realisatie van de LdM. De Provincie Zuid-Holland is verantwoordelijk voor de communicatie over het planproces, de bekendmakingen en de daarbij te volgen procedures.

Communicatiestrategie – en middelen Met zowel PZH als de LdM gemeenten worden afspraken gemaakt over de wijze van communiceren over het project als geheel en over de wijze waarop gecommuniceerd kan

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 9 van 15

worden met burgers. Ook wordt afgestemd welke rol de gemeenten willen hebben tijdens uitvoering van werkzaamheden in de realisatiefase. Aan het einde van deze voorbereidingsfase staan inloopbijeenkomsten in de verschillende gemeenten gepland. LdM neemt hiertoe het initiatief, uiteraard in samenwerking en afstemming met de gemeenten. Om er voor te zorgen dat bewoners en ondernemers ruim voor het afgeven van de omgevingsvergunningen al bekend zijn met project en hen ook de mogelijkheid te bieden aan te geven welke issues zij zien in hun wijk, worden er naast het contact met belangenverenigingen ook algemene inloopavonden georganiseerd. Iedereen raakt zo bekend met de plannen voor de aanleg van het nieuwe warmtetransportnet. Op deze manier wordt voorkomen dat de aanleg van de leiding een verassing is voor de omgeving. De externe communicatie dient bij te dragen aan het behalen van de projectdoelstelling: Het verkrijgen van begrip, kennis en bewustwording ten aanzien van de aanleg van de Leiding door het Midden en het bevorderen van een ongestoorde aanleg van de leiding door tijdig en open te communiceren met de omgeving. Alle communicatiemiddelen en activiteiten leveren hier in de verschillende projectfasen hun bijdrage aan.

Voorbereiding- planfase Om er voor te zorgen dat bewoners en ondernemers in de voorbereidingsfase ruim voor het afgeven van de omgevingsvergunningen al bekend zijn met project, worden er naast het contact met belangenverenigingen ook algemene inloopavonden georganiseerd. Deze inloopavonden worden georganiseerd voorafgaand aan het formele inspraakmoment op het ontwerp-PIP en de ontwerp-vergunningen. Ook voorafgaand aan de realisatiefase worden inloopavonden georganiseerd om de mogelijkheid te bieden aan te geven welke issues belanghebbenden zien in hun wijk. De uiteindelijk overeengekomen afspraken met de omgeving, worden vastgelegd in de contracten met aannemers die werken aan de realisatie van de LdM. Realisatiefase LdM zal In samenwerking met de gemeenten publicaties doen over het werk in uitvoering. Langdurige verkeersmaatregelen zullen ruim van te voren worden aangekondigd.

De globale fasering communicatie en participatie in gemeente Den Haag (door LdM, in afstemming met de ambtelijke organisatie) is samenvattend als volgt: Tot Voorlopig Ontwerp (VO)2 o Primair afstemming met relevante disciplines binnen Gemeente Den Haag • Tot Detail Ontwerp (DO) 3/verkrijgen van de vergunningen o Detailafstemming met relevante disciplines binnen Gemeente Den Haag o Algemeen informeren over komst leiding richting belanghebbenden (bewoners, verenigingen, bedrijven) o Dialoog met belanghebbenden • Tot Aanbesteding o Dialoog met alle belanghebbenden o Verzamelen omgevingseisen (zaken om rekening mee te houden in) bestek • Uitvoering Met het Voorlopig Ontwerp van de LdM/Gasunie start het proces om het concept tracé tot een Detail Ontwerp uit te werken. Het VO wordt niet formeel vastgesteld door de bevoegde gezagsorganen. 3 Het Detail Ontwerp is het ontwerp van de LdM/Gasunie waarmee de vergunningen aangevraagd gaan worden bij de bevoegde gezagsorganen. Het DO wordt formeel vastgesteld door de bevoegde gezagsorganen middels het verlenen van een vergunning. 2

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 10 van 15

Dialoog met betrokken omgeving

o

4 Projectbeheersing 4.1

Planning op hoofdlijnen

Onderstaande tabel geeft een planningsindicatie voor de komende projectfases, gebaseerd op ondertekening van het Convenant Warmterotonde tussen EZK en Gasunie (september 2019). Fase

Planning

Concept voorontwerp gereed

Medio 2019

Detail Ontwerp gereed

Eind 2019 / begin 2020

Start PIP

Eind 2019

Indienen vergunningen

Medio 2020

Start aanleg gehele warmtetransportleiding

2021

Start warmtelevering

2023

Data zijn voorlopige data welke binnen projectteam na start PiP worden herijkt. In de volgende paragrafen worden fases waar de gemeente een rol in heeft nader toegelicht. 4.1.1

Voorlopig ontwerp (VO)

Het vinden van een geschikt tracé voor aanleg en ligging van de leiding is een intensief proces geweest van het project LdM en de zes gemeenten en andere grondeigenaren. Tracéonderzoek 2014-2015 • Eerste tracéonderzoek door LdM, resulterend in voorkeurstracé 2016 • Voorleggen voorkeurstracé aan gemeentes en belangrijkste stakeholders 2016-2017 • Door gemeentes zijn alternatieven aangedragen • Alternatieven door LdM op hoofdlijnen uitgewerkt • Ontwerpateliers om uitgewerkte alternatieven te bespreken • Afweging tussen de verschillende alternatieven • In overleg tussen LdM en gemeenten gekomen tot minst belemmerende alternatief. Minst belemmerende alternatief: de hoofdvarianten zijn met behulp van een waarderingstabel gewogen op de volgende punten: Overlast Verkeer /bereikbaarheid, Overlast bewoners /bedrijven, Bomen /Groen, Afhankelijkheid projecten derden, Mogelijkheden Werk met Werk maken, Afzetmogelijkheden voor lokale netten, Vergunningen, Grondposities en bestemmingen, Kosten. Voorontwerp 2017 • Uitwerking tracé op basis van minst belemmerend alternatief • Voorontwerp gereed 2018 • Herstart voorontwerp • Opstarten besprekingen o Stadsdelen (Escamp, Centrum en Segbroek) o Gemeente (Uitenhagestraat, Esperantoplein, De Verademing, riolering, ORAC’s, watergangen en kades, verkeer) © 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 11 van 15

o

Overige stakeholders (HTM, Hoogheemraadschap)

2019 • Site visits per stadsdeel • Voorontwerp tracé (VO) 4.1.2

Detail Ontwerp (DO)

In de Detail Ontwerp (DO) fase wordt het Voorlopig Ontwerp (VO) uitgewerkt tot constructietekeningen op detailniveau. Deze worden door de aannemers gebruikt voor de bouw van de leiding. Activiteiten in deze fase zijn (specifiek gemaakt voor Den Haag): • • •

• •

Afronding voorontwerp Voorleggen routekaarten met tracé voor akkoord (op ambtelijk niveau) Uitwerking detail ontwerp o Opstarten gemeentelijke BVC procedure (Bereikbaarheid, Verkeersveiligheid en Communicatie procedure) o Detailafstemming met gemeente Den Haag, HTM en Hoogheemraadschap o Benaderen overige stakeholders Opstellen samenwerkingsovereenkomst en uitvoeringsovereenkomst tussen LdM en gemeente Den Haag (VO en DO zijn bijlagen) Bestuurlijke ondertekening van de SOK en UVOK (daarmee akkoord op het uiteindelijke tracé) 4.1.3

Samenwerkings- en Uitvoeringsovereenkomst (SOK en UVOK)

LdM wenst de formele afspraken met de zes LdM-gemeenten met betrekking tot samenwerking, aanleg en ligging van de leiding in twee overeenkomsten vast te leggen: een Samenwerkingsovereenkomst (SOK) en een Uitvoeringsovereenkomst (UVOK). In de SOK worden de principe-afspraken vastgelegd waaronder LdM en Gemeente samenwerken om te komen tot realisatie van Project LdM. In de UVOK worden de technische, juridische, financiële, organisatorische en maatschappelijke afspraken over de daadwerkelijke uitvoering van het project en de afspraken van de SOK (nader) uitgewerkt en vastgelegd. LdM ziet het proces om tot een SOK en UVOK te komen nadrukkelijk als coproductie tussen de gemeente(n) en LdM. Streven is de SOK en UVOK zowel qua vorm als inhoud zoveel mogelijk identiek te laten zijn, lokaal maatwerk daargelaten.

4.1.4

Provinciaal Inpassingsplan (PIP)/Indienen vergunningen

De warmtetransportleiding volgt een traject door de verschillende gemeenten en daartoe dienen – in beginsel per gemeente – besluiten te worden genomen om deze warmtetransportleiding o.a. planologisch te borgen en te realiseren. De benodigde besluitvorming kan per gemeente plaatsvinden of zoveel mogelijk gebundeld op provinciaal niveau, middels een Provinciaal inpassingsplan (‘PIP’) en provinciaal gecoördineerde besluitvorming (een PIP en de bijbehorende uitvoeringsbesluiten). LdM wenst de toepassing van een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) met provinciale coördinatie voor het project LdM, zodat de gehele planologische inpassing in één plan overzichtelijk voor de omgeving/stakeholders is. Op deze manier wordt iedereen gelijk behandeld en ontstaat een transparant proces. Bezwaar en beroep zijn enkel mogelijk op 1 plek, i.p.v. 6 gemeenten (gecoördineerd door de provincie). Toepassing van een PIP laat onverlet dat vooraf afstemming plaatsvindt met de gemeente om tot het Detail Ontwerp van het tracé en de concept vergunningaanvragen te komen. Pas als deze door alle betrokken gemeenten akkoord bevonden zijn, wordt dit in de PIP procedure ingebracht.

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 12 van 15

In beginsel gelden dezelfde wettelijke vereisten als voor een regulier gemeentelijk bestemmingsplan. Het PIP komt, voor zover nodig en is bepaald, in de plaats van het gemeentelijk bestemmingsplan of gaat daarvan onderdeel uitmaken. Het PIP vormt dan het toetsingskader voor (enkele van) de relevante vergunningen die verleend moeten worden voor de realisatie van de warmtetransportleiding. In dit geval gaat het enkel om het planologisch vastleggen van het (voorkeurs)tracé, dat tot stand is gekomen in samenspraak met de gemeenten en een (beperkte) belemmeringenstrook, met de daarbij passende bestemmingsregels. Bij het vaststellen van het voorkeurstracé zijn o.a. de volgende uitgangspunten gehanteerd: aansluiten bij bestaande infrastructuur, keuze voor minste hinder en overlast voor de omgeving en het zoveel mogelijk voorkomen van bomenkap. Daarnaast mogen Provinciale Staten bij toepassing van de coördinatieregeling bepalen welke benodigde uitvoeringsvergunningen mee gecoördineerd worden en welke niet. Het is praktisch gezien nuttig om de vergunningen die noodzakelijk zijn voor de aanleg van en het in werking hebben van de warmtetransportleiding mee te coördineren. Dit betreft in ieder geval de: Omgevingsvergunning, Watervergunning, Wbr-vergunning, Spoorwegwetvergunning, Ontheffing Wet Natuurbescherming en Vergunning Wet lokaal spoor.

De overige vergunningen/meldingen/toestemmingen (zoals verkeersbesluiten en meldingen op grond van het Besluit bodemkwaliteit) worden door de aannemer aangevraagd. Dit is de aanpak die op dit moment meest praktisch en nuttig lijkt, uiteraard wordt hierover nog met gemeenten en provincie afgestemd. Gemeenten kunnen op verschillende momenten in de procedure hun inbreng geven. Pas wanneer de PIP procedure is afgerond en – indien beroep wordt ingesteld - de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (‘ABRvS’) in hoogste instantie heeft geoordeeld dat het PIP rechtmatig is, heeft de gemeenteraad gedurende tien jaar (of zoveel korter als in het PIP is bepaald) geen bevoegdheid meer om voor die in het PIP begrepen gronden zelf het bestemmingsplan/PIP te wijzigen.

Wanneer heeft de gemeenteraad iets te zeggen? Formele mogelijkheden Conform de wettelijke procedure, hebben gemeenten verschillende formele mogelijkheden om van zich te laten horen in de procedure van het PIP: • Voordat een PIP wordt vastgesteld, moet de provincie de gemeenteraad horen; • Er dient vooroverleg met onder meer de betrokken gemeenten plaats te vinden; • Tegen een ontwerp-PIP kunnen zowel het college als de raad (gezamenlijk én afzonderlijk van elkaar) zienswijzen indienen, die vervolgens moeten worden betrokken bij de vaststelling van het PIP; • Tegen het vastgestelde PIP kunnen zowel het college als de raad (gezamenlijk én afzonderlijk, mits zij (afzonderlijk) zienswijzen hebben ingediend) beroep aantekenen bij de ABRvS; • Voor de overige (gecoördineerde) besluiten behouden de gemeenten de bestaande formele inspraakmomenten. Informele inbreng gemeenten in het project Het is uiteraard niet de bedoeling dat het nodig zal zijn dat gemeenten zienswijzen moeten indienen en beroep moeten instellen. Dit is een project van de gemeenten, de provincie én initiatiefnemer LdM samen. Het is de uitdrukkelijke wens en bedoeling van de provincie en LdM, dat er een goede projectorganisatie wordt opgezet, waarbinnen het PIP en de benodigde besluiten worden voorbereid, mede op basis van de onmisbare input en kennis van de gemeenten.

In deze projectorganisatie zijn, naast provincie en LdM, ook de

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 13 van 15

gemeenten vertegenwoordigd om hun kennis en input te leveren. De gemeenten kunnen bepalen, wie namens hen deelnemen aan de projectorganisatie. De vorm en invulling van de projectorganisatie vindt in nauw overleg met de gemeenten en provincie plaats. LdM is voor de provincie en gemeenten het praktische aanspreekpunt en bewaakt als regisseur de voortgang en inhoud. 4.1.5

Start realisatiefase

De uitvoering van een project zoals Leiding door het Midden leidt tot overlast tijdens de aanlegperiode. LdM streeft ernaar de hinder van de werkzaamheden voor bewoners en ondernemers zo laag mogelijk houden. Het project werkt conform de gemeentelijke BVCprocedure en legt in een BVC plan afspraken vast met betrekking tot Bereikbaarheid, Verkeersveiligheid en Communicatie (BVC) die tijdens het hele project van kracht zijn. 4.2

Financiën

Uitgangspunt voor de gemeente is dat de medewerking aan project LdM budgetneutraal plaatsvindt vanaf 1 januari 2019. Dit uitgangspunt wordt geborgd door het maken van afspraken in de Samenwerkingsovereenkomst en Uitvoeringsovereenkomst over vergoeding van de ambtelijke inzet, leges, precario tijdens aanleg, opstalrechtvergoeding voor ligging van de leiding, degeneratiekosten, herinrichtingskosten. E.e.a. conform de geldende gemeentelijke verordeningen. 4.3

Risico’s

Het project kent een aantal risico’s waarvan de belangrijkste zijn: 1. Planningsaspect (uitvoeringsrisico’s): Er is pas sprake van een werkende leiding wanneer alle leidingdelen ononderbroken op elkaar aangesloten zijn en het warmtesysteem in bedrijf gesteld is. Dat klinkt heel simpel, maar is het niet. De aanleg van LdM betreft een veelheid van activiteiten op meerdere locaties door meerdere aannemers in 6 gemeenten. De periodes waarin op bepaalde locaties gewerkt kan worden is in nauwe afstemming met de grondeigenaren en bevoegde gezagen bepaald. Alles moet hierbij kloppen, van de beschikbaarheid van materialen en mensen tot de vergunningen en maatregelen die moeten borgen dat er daadwerkelijk op de locaties gewerkt kan worden. Grote afwijkingen hebben impact op planning en budget. 2. Boorrisico’s: boren in de ondergrond is een goede oplossing om bereikbaarheid te garanderen op locaties waar werken in open ontgraving te veel overlast zou opleveren. Hoewel de door LdM toegepaste boortechnieken bewezen, standaardtechnieken zijn is boren niet zonder risico. Er is kans op grondzettingen door het gebruik van diepe boorputten met damwanden en door grondwateronttrekking. Daarnaast is er kans op beschadigen van kabels en leidingen van derden die door de betreffende eigenaren niet exact in kaart zijn gebracht. 3.

Verkrijgen vergunningen: het tijdig en zoveel mogelijk zonder bezwaar verkrijgen van alle benodigde vergunningen is bij een project met de omvang van LdM een uitdaging. Het technisch team focust zich op de inhoudelijk, technische eisen waaraan ten behoeve van de vergunningverlening voldoen moet worden. Het omgevingsteam onderhoud actief contact met alle relevante stakeholders die invloed kunnen hebben op het tijdig verstrekken van de vergunningen, door omgevingseisen in kaart te brengen. 4. Coördinatie tussen 6 gemeenten: elke gemeente kent zijn eigen besluitvormingsprocedures, voorschriften en voorkeuren als het gaat om uitvoering van grote projecten. Goede afstemming en coördinatie tussen de 6 gemeenten is essentieel om het project op tijd en binnen budget af te kunnen ronden. De coördinatie vindt plaats op diverse niveaus (bestuurlijk, ambtelijk en uitvoerend). De LdM projectorganisatie heeft de alle projectrisico’s door middel van een risico analyse inzichtelijk gemaakt en vastgelegd in een gedetailleerde risico-matrix inclusief de tegenmaatregelen om de risico’s te voorkomen of te verhelpen indien deze zich voordoen.

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 14 van 15

Risico beheersing is een continu proces en een regulier onderwerp in de operationele overleggen tussen LdM en Gemeente Den Haag.

© 2019 N.V. Nederlandse Gasunie, Groningen

Pagina 15 van 15

Bijlage 5: Notitie Definitie aftak en demarcatie – bijlage bij SOK Den Haag

Aan

Van

Gemeente Den Haag

LdM C.V.

Kenmerk:

WlQ-O&V 4117 (WlQ-O&V 4089/LDM-O-106-OV-303) Via

Datum

13 maart 2020 Onderwerp

Definitie aftak en demarcatie WarmtelinQ

Inleiding en context Ten behoeve van Samenwerkingsovereenkomsten die met de verschillende bevoegde gezagen worden gesloten, is er behoefte aan heldere definities en het inzichtelijk maken van de demarcatie tussen de onderdelen van het warmtetransportsysteem die met de aanleg van WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag gerealiseerd worden (als onderdeel van de opdracht van Minister van Economische Zaken aan Gasunie), en de delen van het warmtetransportsysteem die daarbuiten vallen. Hieronder worden de relevante definities en de demarcatie toegelicht. Het betreft de technische definities, die relevant zijn voor de fysieke uitvoering van het Project. Scope van WarmtelinQ en Warmtetransportsysteem De scope van WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag betreft een Warmtetransportleiding bestaande uit een aanvoer- en retourleiding, een Pompstation in Delft, een Warmteoverdrachtstation (WOS) in Den Haag en Aftakken en lekdetectiekasten in de gemeenten Vlaardingen, Schiedam, Midden-Delfland, Delft, Rijswijk en Den Haag voor toekomstige warmtelevering. Tezamen vormen deze onderdelen een Warmtetransportsysteem. Het systeem wordt geclassificeerd als Buisleiding Groep 1 (zoals gedefinieerd door NEN3650 en NEN3651). Aftak De aftak (ook wel genoemd: T-stuk) in de hoofdleiding dat een korte leiding met een Afsluiter bevat die aan het einde is dichtgelast.

Een Aftak kan worden gebruikt om door middel van een leiding een aansluiting op de Warmtetransportleiding te realiseren. Door de aanwezigheid van een afsluiter, kan deze aansluiting worden gerealiseerd zonder onderbreking van het Warmtetransportsysteem. Zie Figuur 1 voor een schematische en vereenvoudigde1 weergave.

1 figuur 1 en 2 bevatten maar 1 getekende warmteleiding terwijl een warmtesysteem bestaat uit 2 leidingen; een aanvoer en een retour.

Pagina 1 van 4

N.V. Nederlandse Gasunie Datum: 13 maart 2020 Onderwerp: Definitie Aftak en demarcatie Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.

Figuur 1 Schematische weergave aftak 1 Afsluiter(s) Mechaniek om de doorstroming van warm water in de warmtetransportleidingen te regelen, door het (deels) openen of sluiten van een of meer doorstroomopeningen. Pompstation (alleen van toepassing in Delft) Het gebouw waarin de pompinstallaties en de bijbehorende hulpinstallaties staan en dat ervoor zorgt dat het Warmtetransportsysteem voldoende druk en stroming van het medium (heet water) behoudt om de warmtelevering op de afleverpunten te garanderen, ook op de koudste dag (met de grootste warmtevraag) op het verst gelegen punt. De belangrijkste componenten zijn pompen en hun elektrische aandrijvingen. Het pompstation is een onderdeel van het Warmtetransportsysteem. Project Het totaal aan werkzaamheden dat wordt uitgevoerd ten behoeve van het ontwerpen en aanleggen van een Warmtetransportleiding, inclusief Aftakken en lekdetectiekasten (en een Pompstation in Delft) in een tracé dat loopt van de Burgemeester Heusdenslaan te Vlaardingen (aansluiting op de bestaande warmtetransportleiding ‘Leiding over Noord’) via de gemeenten Schiedam, Midden-Delfland, Delft en Rijswijk tot aan de huidige centrale van Uniper aan het De Constant Rebecque plein in Den Haag. Definitie Warmtestation Een warmtestation is een gebouw dat bestaat uit een WarmteOverdrachtstation (WOS) en installaties ten behoeve van warmtedistributie.

In dit gebouw bevinden zich leidingen en (hulp)installaties (o.a. een warmtewisselaar) waarmee de warmte uit het Warmtetransportsysteem wordt overgedragen aan het Warmtedistributiesysteem. Daarnaast bevat het gebouw installaties ten behoeve van het Warmtedistributiesysteem. Per situatie, en daarmee per Warmtestation, zal de configuratie van installaties benodigd voor de distributie van warmte verschillen. Zie ook Warmteoverdrachtstation. Definitie WarmteOverdrachtStation (WOS) Het warmteoverdrachtstation bevat het geheel van leidingen en (hulp)installaties waarmee de warmte uit het Warmtetransportsysteem wordt overgedragen aan het Warmtedistributiesysteem. De belangrijkste componenten zijn warmtewisselaars, regelkleppen en/of pompen. Ook zal er een meter in het WOS aanwezig zijn. Het WOS is aan de transportzijde door middel van leidingen verbonden met een Aftak op het Warmtetransportsysteem. De warmtewisselaar is onderdeel van het WOS.

Pagina 2 van 4

N.V. Nederlandse Gasunie Datum: 13 maart 2020 Onderwerp: Definitie Aftak en demarcatie Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.

De demarcatie tussen het WOS en Warmtedistributiesysteem ligt aan de distributiezijde van de Afsluiters behorende bij het WOS. Met andere woorden, het WOS en de daarbij behorende Afsluiters maken onderdeel uit van het Warmtetransportsysteem. Zie Figuur 2 voor een schematische en vereenvoudigde1 weergave. Het WOS wordt samen met installaties van het Warmtedistributiesysteem op dezelfde locatie of in hetzelfde gebouw geplaatst, in figuur 2 wordt dit aangegeven met het Warmtestation.

Figuur 2 Schematische weergave Warmtestation, WOS en de demarcatie tussen warmtedistributie- en warmtetransportsysteem Definitie Warmtedistributiesysteem (ook genoemd “secundair net”) Het geheel aan leidingen en installaties, op lokaal niveau, dat zorgt voor distributie van warmte van de warmtebron(nen) naar de eindgebruikers van de warmte. Het warmtedistributiesysteem is door middel van de warmtewisselaar in het WOS (hydraulisch) gescheiden van het Warmtetransportsysteem. Naast de warmte die via het WOS geleverd wordt aan het Warmtedistributiesysteem, kunnen er ook andere warmtebronnen zijn die warmte leveren aan het Warmtedistributiesysteem. Hoe het Warmtedistributiesysteem wordt geconfigureerd en hoe groot de warmtebehoefte is, is aan het lokale warmtebedrijf en de gemeente om te bepalen. Definitie Warmtetransportleiding De dubbele leiding (aanvoerleiding en retourleiding) met bijbehoren, met een buitendiameter van 80 centimeter en een binnendiameter van 60 centimeter verjongend naar een buitendiameter van 70 centimeter en een binnendiameter van 50 centimeter per leidingbuis, die ondergronds naast elkaar worden gelegd. De naar of van deze aanvoer- en retourleiding lopende transport- en secundaire leidingen vormen geen onderdeel van het Project. Toelichting op de ontwikkeling van een Warmtestation en een WOS: 1.

Het bepalen van de locatie, het ontwerpen en realiseren van aansluitleidingen en Warmtestations ten behoeve van de gebieden rondom het tracé van WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag, geschiedt in gezamenlijkheid tussen de betreffende gemeente, het warmtetransportbedrijf en het lokale warmtebedrijf. Dit vormt geen onderdeel van de huidige projectscope van project WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag.

Pagina 3 van 4

N.V. Nederlandse Gasunie Datum: 13 maart 2020 Onderwerp: Definitie Aftak en demarcatie Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.

2.

3.

4.

Pagina 4 van 4

Op dit moment omvat het project WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag één WOS in Den Haag, aangezien daar op een bestaand warmtedistributienet van Eneco wordt aangesloten. Voor het overige worden Aftakken geplaatst, die op een later moment kunnen worden gebruikt voor een aansluitleiding en een warmtestation ten behoeve van de verschillende gemeenten. Het bepalen van de locatie, het ontwerpen en realiseren van een Warmtestation hangt af van lokale omstandigheden en verschillende stakeholders. De omvang en locatie van een Warmtestation moet bijvoorbeeld worden afgestemd op de omvang van de warmtevraag in het gebied, zodat het Warmtestation kostenefficiënt en toekomstbestendig kan worden gerealiseerd. Hetzelfde geldt voor het bepalen van de installaties benodigd voor het Warmtedistributiesysteem. Een en ander moet in overleg worden bepaald op basis van de analyse en wensen van de betreffende gemeenten, het bedrijf dat de warmtelevering in het gebied gaat verzorgen en warmte uit WarmtelinQ Vlaardingen – Den Haag gaat inzetten en WarmtelinQ. Afhankelijk van de lokale situatie en voorkeuren van de distributeur van warmte kan het wenselijk zijn om het WOS in één gebouw onder te brengen, samen met hulpketels. In die gevallen moet bij de ruimtelijke inpassing rekening worden gehouden met een groter gebouw en andere veiligheidscontouren.

Bijlage 6: Planning project – bijlage bij SOK Den Haag

Aan

Van

Gemeente Den Haag

WarmtelinQ

Kenmerk:

WlQ-O&V 4123 (LDM-O-106-OV-309) Via

Datum

13 maart 2020 Onderwerp

Planning project bijlage bij SOK

Pagina 1 van 1

BIJLAGE 7: ROUTEKAARTEN In het kort volgt hieronder een opsomming van de routekaarten die zijn toegevoegd aan de samenwerkingsovereenkomst inclusief een korte toelichting.

Naam bijlage

Beschrijving

Bijlage 7a - Routekaart RS17035-SV-RK-64-f

Lot D - overgang Rijswijk Den Haag, Prinses Beatrixlaan – Middachtenweg Lot E – Middachtenweg t/m Erasmusweg Lot E – Middachtenweg, Erasmusweg, Moerweg Lot E – Moerweg t/m Melis Stokelaan Lot E – boring onder Moerweg, Melis Stokelaan, Moerweg Lot E – boring onder Moerweg Lot E – boring onder Moerweg, Troelstrakade, De la Reyweg Lot E – aankomst boring De la Reyweg, De La Reyweg Lot E – De la Reyweg - Kempstraat Lot E – Kempstraat, hoek Wolmaransstraat Lot E – Kempstaat, Wolmaransstraat, Wijkpark Transvaal Lot E – Wijkpark Transvaal, Delftselaan, Herman Costerstraat, hoek Uitenhagestraat Lot E - Herman Costerstraat, Uitenhagestraat t/m perskuip Loosduinseweg Lot E – Uitenhagestraat, perskuip Uitenhagestraat, Loosduinseweg (ontvangstkuip), Tripstraat Lot E – Loosduinseweg, Tripstraat en Uniper

Bijlage 7b - Routekaart RS17035-SV-RK-65-f Bijlage 7c - Routekaart RS17035-SV-RK-66-f Bijlage 7d - Routekaart RS17035-SV-RK-67-f Bijlage 7e - Routekaart RS17035-SV-RK-68-f Bijlage 7f - Routekaart RS17035-SV-RK-69-f Bijlage 7g - Routekaart RS17035-SV-RK-70-f Bijlage 7h- Routekaart RS17035-SV-RK-71-f Bijlage 7i - Routekaart RS17035-SV-RK-72-g Bijlage 7j - Routekaart RS17035-SV-RK-73-f Bijlage 7k - Routekaart RS17035-SV-RK-74-f Bijlage 7l - Routekaart RS17035-SV-RK-75-f Bijlage 7m - Routekaart RS17035-SV-RK-76-f Bijlage 7n - Routekaart RS17035-SV-RK-77-g Bijlage 7o - Routekaart RS17035-SV-RK-78-g

A

C

B

E

D

F

G

H

1

1 RT 64 ROUTEKAA T 63 ROUTEKAAR

65 KAART ROUTE KAART 64 ROUTE

2

2

3

3

KP XX

STANDAARD SLEUFPROFIEL DN600/800 VPS

- KNELPUNT - WERKSTROOK - WATERKERING - GEMEENTEGRENS - KADASTERGRENS - PROEFSLEUFLOCATIE REEDS GEGRAVEN - PROEFSLEUFLOCATIE NOG TE GRAVEN

4 - GROEN

- VERHARDING

- BEBOUWING

- WATER

- FIETSPAD

- BOOMVAKKEN

BIJBEHORENDE TEKENINGEN DETAIL

TEKENING TITEL

OPMERKINGEN TEK.NR.

Overzichtstekening LOT D

RS17035-SV-TT-08

Overzichtstekening tracé totaal

RS17035-SV-TT-06

Overzichtstekening routekaart indeling

RS17035-SV-TT-11

- INGEMETEN BOMEN MET STAMDIAMETER IN CM

- INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NIET TERUG TE PLANTEN) 10

ALLE VERMELDE MATEN ZIJN INDICATIEF, HIERAAN KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. f

05-07-'19 Aanpassen opmerkingen VO Definitief

JB

PK

MvL

e

28-06-'19 VO Definitief

JB

PK

MvL

d

18-04-'19 2e Concept VO

JB

PK

MvL

c

11-08-'17 Aanpassen opmerkingen proefsleuven en tracé

PK

MvL

Gec.

Gezien

Wijz. Datum Opdrachtgever

Ontwerp door Goedgekeurd door opdrachtgever

Jan-Willem van Liere

Eneco - INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NA AANLEG LEIDINGEN NIEUWE BOOM TERUG TE PLANTEN)

Project

Projectnr. opdrachtgever

Leiding door het Midden

WOP606-7

Leiding door het Midden

LEGENDA K&L - PETROCHEMIE - BUISLEIDING GEVAARLIJKE INHOUD - DATATRANSPORT - GAS HOGE DRUK - GAS LAGE DRUK - HOOGSPANNING - LAAGSPANNING - LANDELIJK HOOGSPANNINGSNET

A

B

C

SD

Omschrijving

- MIDDENSPANNING - OVERIG - PERSRIOOL - RIOOL (VRIJVERVAL) - WARMTE - WATERLEIDING - WEES (ONBEKEND)

D

BOVEN DE LEIDINGEN (ca.0.30m) IN SLEUF

RE Rotterdam Engineering BV www.rotterdamengineering.nl info@rotterdamengineering.nl 010 - 226 49 35

WAARSCHUWINGSBAND 2x 70CM BREED MEELEGGEN

AANVOER RETOUR

E

F

Projectcode:

Tekeningnummer:

RS17035

RS17035-SV-RK-64

LOT D - Rijswijk, Den Haag Routekaart 64 Aanleg SV-leidingen DN600/800 VPS

Fase:

Status:

Voorlopig ontwerp

Definitief

G

Form:

Schaal:

A1 0

1

2

3

Blad:

1:500 4

5

6

Wijz:

64 van 78 7

8

f 9

G:\01 - RE-S\2017\RS17035 - ENECO LDM - VO\8-RESULTS\3-TEKENING\1-DWG\LOT 2\RS17035-SV-TT- LOT 2 RIJSWIJK-D(JB).DWG

LEGENDA

10

A

C

B

E

D

F

G

H

1

1 ROUTEKAART 66 ROUTEKAART 65

ROUTEKAART 65 ROUTEKAART 64

2

2

3

3

KP XX

STANDAARD SLEUFPROFIEL DN500/710 VPS

- KNELPUNT ( ZIE OVERZICHT) - WERKSTROOK - WATERKERING - GEMEENTEGRENS - KADASTERGRENS - PROEFSLEUFLOCATIE REEDS GEGRAVEN - PROEFSLEUFLOCATIE NOG TE GRAVEN

4 - GROEN

- VERHARDING

- BEBOUWING

- WATER

- FIETSPAD

- BOOMVAKKEN

OPMERKINGEN

BIJBEHORENDE TEKENINGEN DETAIL

TEKENING TITEL

TEK.NR.

Overzichtstekening LOT E

RS17035-SV-TT-70

Detailtekening HDD VPS Erasmusweg

RS17035-SV-DT-10

Overzichtstekening tracé totaal

RS17035-SV-TT-06

Overzichtstekening routekaartindeling

RS17035-SV-TT-11

10

- INGEMETEN BOMEN MET STAMDIAMETER IN CM

- INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NIET TERUG TE PLANTEN)

ALLE VERMELDE MATEN ZIJN INDICATIEF, HIERAAN KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. f

17-06-'19 VO Definitief

JB

PK

MvL

e

22-03-'19 Aanpassen opmerkingen 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

d

22-02-'19 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

c

11-08-'17 Aanpassen opmerkingen proefsleuven en tracé

PK

PK

Gec.

Gezien

Wijz. Datum Opdrachtgever

Ontwerp door Goedgekeurd door opdrachtgever

Jan-Willem van Liere

Eneco - INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NA AANLEG LEIDINGEN NIEUWE BOOM TERUG TE PLANTEN)

Project

Projectnr. opdrachtgever

Leiding door het Midden

WOP606-7

Leiding door het Midden

LEGENDA K&L - PETROCHEMIE - BUISLEIDING GEVAARLIJKE INHOUD - DATATRANSPORT - GAS HOGE DRUK - GAS LAGE DRUK - HOOGSPANNING - LAAGSPANNING - LANDELIJK HOOGSPANNINGSNET

A

B

C

SD

Omschrijving

- MIDDENSPANNING - OVERIG - PERSRIOOL - RIOOL (VRIJVERVAL) - WARMTE - WATERLEIDING - WEES (ONBEKEND)

D

BOVEN DE LEIDINGEN (ca.0.50m) IN SLEUF

RE Rotterdam Engineering BV www.rotterdamengineering.nl info@rotterdamengineering.nl 010 - 226 49 35

WAARSCHUWINGSBAND MEELEGGEN

AANVOER RETOUR

E

F

Projectcode:

Tekeningnummer:

RS17035

RS17035-SV-RK-65

LOT E - Den Haag Routekaart 65 Aanleg SV-leidingen DN500/710 VPS

Fase:

Status:

Voorlopig ontwerp

Definitief

G

Form:

Schaal:

A1 0

1

2

3

Blad:

1:500 4

5

6

Wijz:

65 van 78 7

8

f 9

G:\01 - RE-S\2017\RS17035 - ENECO LDM - VO\8-RESULTS\3-TEKENING\1-DWG\LOT 1\RS17035-SV-TT- LOT E DEN HAAG.DWG

LEGENDA

10

A

C

B

E

D

F

G

H

1

1 ROUT EK A A R T 67 ROUTEKAART 66

AART 66 ROUTEK ART 65 A ROUTEK

2

2

3

3

KP XX

STANDAARD SLEUFPROFIEL DN500/710 VPS

- KNELPUNT ( ZIE OVERZICHT) - WERKSTROOK - WATERKERING - GEMEENTEGRENS - KADASTERGRENS - PROEFSLEUFLOCATIE REEDS GEGRAVEN - PROEFSLEUFLOCATIE NOG TE GRAVEN

4 - GROEN

- VERHARDING

- BEBOUWING

- WATER

- FIETSPAD

- BOOMVAKKEN

OPMERKINGEN

BIJBEHORENDE TEKENINGEN DETAIL

TEKENING TITEL

TEK.NR.

Overzichtstekening LOT E

RS17035-SV-TT-70

SIS boring Laakkanaal

RS17035-SV-DT91

Overzichtstekening tracé totaal

RS17035-SV-TT-06

Overzichtstekening routekaartindeling

RS17035-SV-TT-11

10

- INGEMETEN BOMEN MET STAMDIAMETER IN CM

- INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NIET TERUG TE PLANTEN)

ALLE VERMELDE MATEN ZIJN INDICATIEF, HIERAAN KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. f

17-06-'19 VO Definitief

JB

PK

MvL

e

22-03-'19 Aanpassen opmerkingen 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

d

22-02-'19 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

c

11-08-'17 Aanpassen opmerkingen proefsleuven en tracé

PK

PK

Gec.

Gezien

Wijz. Datum Opdrachtgever

Ontwerp door Goedgekeurd door opdrachtgever

Jan-Willem van Liere

Eneco - INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NA AANLEG LEIDINGEN NIEUWE BOOM TERUG TE PLANTEN)

Project

Projectnr. opdrachtgever

Leiding door het Midden

WOP606-7

Leiding door het Midden

LEGENDA K&L - PETROCHEMIE - BUISLEIDING GEVAARLIJKE INHOUD - DATATRANSPORT - GAS HOGE DRUK - GAS LAGE DRUK - HOOGSPANNING - LAAGSPANNING - LANDELIJK HOOGSPANNINGSNET

A

B

C

SD

Omschrijving

- MIDDENSPANNING - OVERIG - PERSRIOOL - RIOOL (VRIJVERVAL) - WARMTE - WATERLEIDING - WEES (ONBEKEND)

D

BOVEN DE LEIDINGEN (ca.0.50m) IN SLEUF

RE Rotterdam Engineering BV www.rotterdamengineering.nl info@rotterdamengineering.nl 010 - 226 49 35

WAARSCHUWINGSBAND MEELEGGEN

AANVOER RETOUR

E

F

Projectcode:

Tekeningnummer:

RS17035

RS17035-SV-RK-66

LOT E - Den Haag Routekaart 66 Aanleg SV-leidingen DN500/710 VPS

Fase:

Status:

Voorlopig ontwerp

Definitief

G

Form:

Schaal:

A1 0

1

2

3

Blad:

1:500 4

5

6

Wijz:

66 van 78 7

8

f 9

G:\01 - RE-S\2017\RS17035 - ENECO LDM - VO\8-RESULTS\3-TEKENING\1-DWG\LOT 1\RS17035-SV-TT- LOT E DEN HAAG.DWG

LEGENDA

10

A

C

B

E

D

F

H

1

ROUTEKAART 67 ROUTEKAART 66

ROUTEKAART 68 ROUTEKAART 67

1

G

2

2

3

3

KP XX

STANDAARD SLEUFPROFIEL DN500/710 VPS

- KNELPUNT ( ZIE OVERZICHT) - WERKSTROOK - WATERKERING - GEMEENTEGRENS - KADASTERGRENS - PROEFSLEUFLOCATIE REEDS GEGRAVEN - PROEFSLEUFLOCATIE NOG TE GRAVEN

4 - GROEN

- VERHARDING

- BEBOUWING

- WATER

- FIETSPAD

- BOOMVAKKEN

OPMERKINGEN

BIJBEHORENDE TEKENINGEN DETAIL

TEKENING TITEL

TEK.NR.

Overzichtstekening LOT E

RS17035-SV-TT-70

Overzichtstekening tracé totaal

RS17035-SV-TT-06

Overzichtstekening routekaartindeling

RS17035-SV-TT-11

10

- INGEMETEN BOMEN MET STAMDIAMETER IN CM

- INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NIET TERUG TE PLANTEN)

ALLE VERMELDE MATEN ZIJN INDICATIEF, HIERAAN KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. f

17-06-'19 VO Definitief

JB

PK

MvL

e

22-03-'19 Aanpassen opmerkingen 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

d

22-02-'19 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

c

11-08-'17 Aanpassen opmerkingen proefsleuven en tracé

PK

PK

Gec.

Gezien

Wijz. Datum Opdrachtgever

Ontwerp door Goedgekeurd door opdrachtgever

Jan-Willem van Liere

Eneco - INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NA AANLEG LEIDINGEN NIEUWE BOOM TERUG TE PLANTEN)

Project

Projectnr. opdrachtgever

Leiding door het Midden

WOP606-7

Leiding door het Midden

LEGENDA K&L - PETROCHEMIE - BUISLEIDING GEVAARLIJKE INHOUD - DATATRANSPORT - GAS HOGE DRUK - GAS LAGE DRUK - HOOGSPANNING - LAAGSPANNING - LANDELIJK HOOGSPANNINGSNET

A

B

C

SD

Omschrijving

- MIDDENSPANNING - OVERIG - PERSRIOOL - RIOOL (VRIJVERVAL) - WARMTE - WATERLEIDING - WEES (ONBEKEND)

D

BOVEN DE LEIDINGEN (ca.0.50m) IN SLEUF

RE Rotterdam Engineering BV www.rotterdamengineering.nl info@rotterdamengineering.nl 010 - 226 49 35

WAARSCHUWINGSBAND MEELEGGEN

AANVOER RETOUR

E

F

Projectcode:

Tekeningnummer:

RS17035

RS17035-SV-RK-67

LOT E - Den Haag Routekaart 67 Aanleg SV-leidingen DN500/710 VPS

Fase:

Status:

Voorlopig ontwerp

Definitief

G

Form:

Schaal:

A1 0

1

2

3

Blad:

1:500 4

5

6

Wijz:

67 van 78 7

8

f 9

G:\01 - RE-S\2017\RS17035 - ENECO LDM - VO\8-RESULTS\3-TEKENING\1-DWG\LOT 1\RS17035-SV-TT- LOT E DEN HAAG.DWG

LEGENDA

10

A

C

B

E

D

F

G

H

ROUTEKAART 69 ROUTEKAART 68

1

1

ROUTEKAART 68 ROUTEKAART 67

2

2

3

3

KP XX

STANDAARD SLEUFPROFIEL DN500/710 VPS

- KNELPUNT ( ZIE OVERZICHT) - WERKSTROOK - WATERKERING - GEMEENTEGRENS - KADASTERGRENS - PROEFSLEUFLOCATIE REEDS GEGRAVEN - PROEFSLEUFLOCATIE NOG TE GRAVEN

4 - GROEN

- VERHARDING

- BEBOUWING

- WATER

- FIETSPAD

- BOOMVAKKEN

OPMERKINGEN

BIJBEHORENDE TEKENINGEN DETAIL

TEKENING TITEL

TEK.NR.

Overzichtstekening LOT E

RS17035-SV-TT-70

SIS boring Laakkanaal

RS17035-SV-DT-91

Overzichtstekening tracé totaal

RS17035-SV-TT-06

Overzichtstekening routekaartindeling

RS17035-SV-TT-11

10

- INGEMETEN BOMEN MET STAMDIAMETER IN CM

- INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NIET TERUG TE PLANTEN)

ALLE VERMELDE MATEN ZIJN INDICATIEF, HIERAAN KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. f

17-06-'19 VO Definitief

JB

PK

MvL

e

22-03-'19 Aanpassen opmerkingen 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

d

22-02-'19 2e concept voorlopig ontwerp

JB

PK

MvL

c

11-08-'17 Aanpassen opmerkingen proefsleuven en tracé

PK

PK

Gec.

Gezien

Wijz. Datum Opdrachtgever

Ontwerp door Goedgekeurd door opdrachtgever

Jan-Willem van Liere

Eneco - INGEMETEN BOMEN (TE KAPPEN, NA AANLEG LEIDINGEN NIEUWE BOOM TERUG TE PLANTEN)

Project

Projectnr. opdrachtgever

Leiding door het Midden

WOP606-7

Leiding door het Midden

LEGENDA K&L - PETROCHEMIE - BUISLEIDING GEVAARLIJKE INHOUD - DATATRANSPORT - GAS HOGE DRUK - GAS LAGE DRUK - HOOGSPANNING - LAAGSPANNING - LANDELIJK HOOGSPANNINGSNET

A

B

C

SD

Omschrijving

- MIDDENSPANNING - OVERIG - PERSRIOOL - RIOOL (VRIJVERVAL) - WARMTE - WATERLEIDING - WEES (ONBEKEND)

D

BOVEN DE LEIDINGEN (ca.0.50m) IN SLEUF

RE Rotterdam Engineering BV www.rotterdamengineering.nl info@rotterdamengineering.nl 010 - 226 49 35

WAARSCHUWINGSBAND MEELEGGEN

AANVOER RETOUR

E

F

Projectcode:

Tekeningnummer:

RS17035

RS17035-SV-RK-68

LOT E - Den Haag Routekaart 68 Aanleg SV-leidingen DN500/710 VPS

Fase:

Status:

Voorlopig ontwerp

Definitief

G

Form:

Schaal:

A1 0

1

2

3

Blad:

1:500 4

5

6

Wijz:

68 van 78 7

8

f 9

G:\01 - RE-S\2017\RS17035 - ENECO LDM - VO\8-RESULTS\3-TEKENING\1-DWG\LOT 1\RS17035-SV-TT- LOT E DEN HAAG.DWG

LEGENDA

10

A

C

B

E

D

F

G

ROUTEKAART 70 ROUTEKAART 69

ROUTEKAART 69 ROUTEKAART 68

1

H

1

2

2

3

3

KP XX

STANDAARD SLEUFPROFIEL DN500/710 VPS

- KNELPUNT ( ZIE OVERZICHT) - WERKSTROOK - WATERKERING - GEMEENTEGRENS - KADASTERGRENS - PROEFSLEUFLOCATIE REEDS GEGRAVEN - PROEFSLEUFLOCATIE NOG TE GRAVEN

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10929358/1