RIS310929 Bijlage 1
Tekst van het document
SAMENWERKINGSOVEREENKOMST TUSSEN DE GEMEENTE DEN HAAG & LdM C.V.
1 december 2021
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
DE ONDERGETEKENDEN: 1. De publiekrechtelijke rechtspersoon GEMEENTE DEN HAAG, zetelende te Den Haag, ten dezen vertegenwoordigd door wethouder L. van Tongeren, onder verwijzing naar artikel 171 lid 2 Gemeentewet, handelende ter uitvoering van het besluit ex art. 160 lid 1 onder d Gemeentewet van het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Den Haag d.d. [datum], met kenmerk [..], hierna te noemen “Gemeente”, 2.De commanditaire vennootschap LdM gevestigd te Groningen, kantoorhoudende aan de Concourslaan 17 te 9727 KC Groningen, postadres postbus 19, 9700 MA Groningen, ingeschreven bij het Handelsregister onder nummer 72553030, hierbij vertegenwoordigd door de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid LdM Beheer B.V., gevestigd te Groningen, kantoorhoudende aan de Concourslaan 17 te 9727 KC Groningen, postadres postbus 19, 9700 MA Groningen, ingeschreven bij het Handelsregister onder nummer 72488425, in hoedanigheid van beherend vennoot van de commanditaire vennootschap hierbij vertegenwoordigd door hierna te noemen “LdM”, De Gemeente en Leiding door het Midden (LdM) hierna tezamen nader aan te duiden als “Partijen” en hierna afzonderlijk ook te noemen “Partij”, NEMEN IN OVERWEGING DAT: LdM: 1.
Het Project Leiding door het Midden (sinds januari 2020 publiek bekend als “WarmtelinQ Vlaardingen-Den Haag”) de ontwikkeling en realisatie betreft van een in 2023 operationele en in bedrijf gestelde warmtetransportleiding in een tracé dat loopt van de Burgemeester Heusdenslaan te Vlaardingen (aansluiting op de bestaande warmteleiding ‘Leiding over Noord’) via de gemeenten Schiedam, Midden-Delfland, Delft en Rijswijk tot aan de huidige centrale van Uniper aan het De Constant Rebecque plein in Den Haag; 2. De ontwikkeling van het Project beoogt de continuïteit van warmtelevering aan het stadsverwarmingsnet van Den Haag te garanderen en verduurzamen, mogelijkheden biedt om in de toekomst meer woningen en bedrijven op warmte aan te sluiten én tegelijkertijd een kans biedt aan de gemeenten Vlaardingen, Schiedam, Midden-Delfland, Delft en Rijswijk om toekomstig te ontwikkelen warmtedistributienetten binnen deze gemeenten te ontsluiten vanaf Leiding door het Midden; 3. De minister van Economische Zaken en Klimaat in zijn brief aan de Tweede Kamer van 9 september 2019 (zie Bijlage 1 190909 Kamerbrief ontwikkeling warmtetransportnet Zuid-Holland kenmerk DGKE / 19211736) vanwege de klimaatdoelen heeft aangegeven dat Gasunie de opdracht krijgt de in die brief beoogde infrastructuur, waaronder de Leiding door het Midden, te ontwikkelen.
Een en ander met het perspectief van een gereguleerd onafhankelijk warmtetransportbeheer, zoals vast te leggen en nader te duiden in de Warmtewet (zie Bijlage 2 Kamerbrief Voortgang wetstraject Warmtewet 2 kenmerk DGKE / 19266313). Onder die taak valt in elk geval de aanleg en het beheer (inclusief onderhoud en uitbreiding, system operator en het eigenaarschap) van de Leiding door het Midden. De Leiding door het Midden wordt nadrukkelijk gezien als belangrijke stap in de realisatie van het regionale warmtetransportnet in Zuid-Holland; 4. LdM de afspraken met betrekking tot de samenwerking en aanleg van de leiding met de gemeenten waar Leiding door het Midden komt te liggen te weten Vlaardingen, Schiedam, Midden-Delfland, Delft, Rijswijk en Den Haag, met elke gemeente in elk twee overeenkomsten (onderhavige Samenwerkingsovereenkomst (SOK) en Uitvoeringsovereenkomst (UVOK) wil vastleggen; 5. LdM ernaar streeft het format en de inhoud van deze Samenwerkingsovereenkomsten en Uitvoeringsovereenkomsten voor de zes gemeenten zoveel mogelijk hetzelfde te houden, lokaal maatwerk op bepaalde punten daargelaten; 6. LdM de Gemeente Den Haag hiertoe om samenwerking verzocht heeft; 7. Partijen met deze Samenwerkingsovereenkomst hun afspraken wensen vast te leggen en wel op de wijze zoals hieronder is opgenomen;
Paraaf LdM:
2
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
Gemeente Den Haag: 1. LdM CV (volledig eigendom van NV Nederlandse Gasunie) heeft het initiatief genomen om een warmtetransportleiding van Vlaardingen naar Den Haag te ontwikkelen en te realiseren die na aanleg warmte transporteert naar Den Haag en tussenliggende gemeenten; 2. Het college van B&W de warmtetransportleiding Leiding door het Midden (sinds januari 2020 publiek ook bekend als “WarmtelinQ”) als kans ziet voor de Haagse warmtevoorziening. 3. De Gemeente voorwaarden stelt aan het verlenen van haar medewerking aan de warmtetransportleiding ‘Leiding door het Midden’, Gasunie en de warmteleverancier(s), die zijn opgenomen in o.a. het Stedelijk Energieplan. Deze voorwaarden luiden als volgt: a. Het netwerk moet geschikt gemaakt worden voor lokale warmte (zoals geothermie) en lokale duurzame initiatieven krijgen altijd voorrang bij het leveren aan Haagse huishoudens. b. Ook moet er sprake zijn van een open net met een onafhankelijk netbeheerder. c. Afnemers blijven ook in de toekomst redelijke tarieven betalen, en dit wordt onafhankelijk getoetst. d. De bedrijven die de restwarmte leveren moeten ook versneld verduurzamen. 4.
Het college van B&W in een collegebesluit (RIS 304145) heeft vastgesteld dat het initiatief Leiding door het Midden bijdraagt aan de Energietransitie in Den Haag en voldoet aan de onder 3 vermelde voorwaarden, zie Bijlage 3 Brief Gasunie over Project Leiding door het Midden d.d. 14 nov. 2019 en Bijlage 4 Uitvoeringsplan Leiding door het Midden. 5. De scope van deze Samenwerkingsovereenkomst betreft alleen de ontwikkeling en aanleg van de Warmtetransportleiding, als hoofdinfrastructuur. Het aangaan van deze samenwerkingsovereenkomst doet geen afbreuk aan de toezeggingen in de genoemde brief van de Gasunie (Bijlage 3). Toezeggingen van de warmteleverancier(s), op de voorwaarden a, b, c en d zoals hiervoor genoemd onder 3, vallen buiten de scope van deze Samenwerkingsovereenkomst. 6. Op 18 december 2019 hebben Provinciale Staten van de provincie Zuid-Holland besloten om voor het Project een provinciaal inpassingsplan (PIP) op te stellen en de provinciale coördinatieregeling toe te passen. 7. Het college van B&W principe afspraken wil maken in deze samenwerkingsovereenkomst over de extra vergoedingen en taken rondom het Project. 8. De SOK niet toeziet op publiekrechtelijke aspecten van het Project. 9. De SOK geen instemming inhoudt met het leggen en liggen van de Warmtetransportleiding in de grond van de Gemeente.
KOMEN HIERBIJ OVEREEN EN STELLEN VAST: Artikel 1 Definities, interpretaties en context 1.1 In deze Samenwerkingsovereenkomst wordt, tenzij uit de context of de relevante zinsnede ondubbelzinnig anders blijkt, aan de hieronder opgenomen dikgedrukte woorden en uitdrukkingen de betekenis toegekend die daaronder staat vermeld: Aftak:
Het T-stuk in de hoofdleiding dat een korte leiding met een afsluiter bevat die aan het einde is dichtgelast. Een Aftak kan worden gebruikt om door middel van een leiding een aansluiting op het warmtetransportsysteem te realiseren. Door de aanwezigheid van een afsluiter, kan deze aansluiting worden gerealiseerd zonder onderbreking van het warmtetransportsysteem. Zie Bijlage 5 Definitie aftak en demarcatie,
College:
Het college van Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Den Haag,
Paraaf LdM:
3
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
Detail Ontwerp:
Het Detail Ontwerp is het tracéontwerp van de warmtetransportleiding waarmee de vergunningen door LdM/Gasunie aangevraagd worden bij de bevoegde gezagsorganen. Het betreft een overzichtskaart en (1:500) routekaart(en). Het Detail Ontwerp wordt formeel vastgesteld door de instemming als bedoeld in artikel 2:10A van de APV van de Gemeente,
Planning:
De planning zoals bijgevoegd als Bijlage 6 Planning Project,
Planschade:
Tegemoetkoming in de schade als bedoeld in artikel 6.1 Wro, waaronder mede begrepen de kosten als bedoeld in artikel 6.5 Wro die een gevolg zijn van planologische besluiten als bedoeld in artikel 6.1. Wro, althans een in de plaats van art. 6.1 en/of art. 6.5 getreden regeling,
Project:
Het totaal aan werkzaamheden dat door of namens en voor rekening en risico van LdM wordt uitgevoerd ten behoeve van het ontwerpen en aanleggen van de Warmtetransportleiding c.a., inclusief Aftak, alsmede alle daarbij behorende onderzoeken en voorbereidingshandelingen. Het beheer van de Warmtetransportleiding maakt geen onderdeel uit van het Project,
Projectfase:
Het project bestaat uit de volgende fasen: A. Tracé-bepaling, B. Voorlopig Ontwerp (VO), C. Externe onderzoeken, D. Detail Ontwerp, E. Vergunningenfase, F. Voorbereiding aanleg, G. Aanleg,
Projectgebied:
Gebied (ook genoemd “werkterrein”) benodigd voor het verrichten van werkzaamheden gedurende de aanleg van de Warmtetransportleiding zoals weergegeven op de kaarten die onderdeel uitmaken van het Detail Ontwerp. Het Projectgebied betreft de grond met eventuele opstallen aan weerszijden van het tracé van de Warmtetransportleiding zoals uitgewerkt in het Detail Ontwerp en is het gebied waarbinnen de aanleg van de Warmtetransportleiding zal plaatsvinden, waar gegraven wordt en grond, materialen en materieel opgeslagen worden en waar overige (tijdelijke) aanpassingen zullen (kunnen) plaatsvinden in relatie tot de aanleg van de Warmtetransportleiding,
Raad
De Gemeenteraad van de Gemeente Den Haag,
Samenwerkingsovereenkomst:
Deze overeenkomst waaronder Partijen samenwerken om te komen tot realisatie van het Project,
Uitvoeringsovereenkomst:
De als vervolg op deze Samenwerkingsovereenkomst tussen Partijen te sluiten overeenkomst, waarin hun technische, juridische, financiële, organisatorische en maatschappelijke afspraken over de uitvoering van het Project en de afspraken in deze Samenwerkingsovereenkomst (nader) worden uitgewerkt en vastgelegd,
Paraaf LdM:
4
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
Voorlopig Ontwerp (VO):
Het ontwerp (projectfase B) waarin de voorgenomen ligging van de leiding zoals vastgelegd in projectfase A, nader uitgewerkt wordt,
Warmtetransportleiding:
De dubbele leiding (aanvoerleiding en retourleiding) met een buitendiameter van 80 centimeter en een binnendiameter van 60 centimeter verjongend naar een buitendiameter van 70 centimeter en een binnendiameter van 50 centimeter, die ondergronds naast elkaar worden gelegd, zoals weergegeven op de Routekaarten 64 t/m 78 (Lot E en D), waarop ten tijde van ondertekening van deze overeenkomst het beoogde, maar nog niet definitieve tracé is weergegeven, zie Bijlage 7a t/m 7o. De naar of van deze aanvoer- en retourleiding lopende transport- en secundaire leidingen vormen geen onderdeel van het Project,
Wro:
Wet ruimtelijke ordening.
1.2 De definities kunnen zonder verlies van hun betekenis in enkelvoud of in meervoud worden gebruikt. 1.3 Waar in de Samenwerkingsovereenkomst wordt verwezen naar een Bijlage of Artikel, is bedoeld een bijlage of artikel bij of van deze Samenwerkingsovereenkomst. 1.4 Kopjes en nummers van artikelen zijn uitsluitend bedoeld om verwijzingen naar de artikelen te vergemakkelijken en zullen de interpretatie van de desbetreffende artikelen niet beïnvloeden. 1.5 In deze Samenwerkingsovereenkomst zijn verwijzingen naar wettelijke bepalingen opgenomen, zoals deze luiden bij het aangaan van deze Samenwerkingsovereenkomst.
Artikel 2 Doel van de Samenwerkingsovereenkomst 2.1 Doel van deze overeenkomst is het vastleggen van samenwerkingsafspraken tussen Partijen met het oog op het ontwerpen, uitwerken en binnen de planning realiseren van het Project in het Projectgebied binnen de gemeentegrenzen van Den Haag. 2.2 In deze overeenkomst worden proces- en principeafspraken vastgelegd over de samenwerking tussen Partijen, die gelden gedurende de ontwikkeling en realisatie van het Project. Nadere detaillering van deze afspraken volgt in de Uitvoeringsovereenkomst, waarin in ieder geval de in Bijlage 8 Concept onderwerpenlijst UVOK Den Haag 050220 genoemde onderwerpen geregeld zullen worden. 2.3 Voorts hebben Partijen de voorwaarden die zijn vermeld onder nummer 3 van de overwegingen van de Gemeente, herbevestigd in de als Bijlage 9 bij deze SOK opgenomen brief van LdM “Herbevestiging uitgangspunten exploitatie WarmtelinQ” d.d. dd-mm-jjjj met kenmerk …
Artikel 3 Projectgebied Deze Samenwerkingsovereenkomst heeft betrekking op het Projectgebied. Artikel 4 Taken Gemeente en taken LdM 4.1 Partijen streven met erkenning van elkaars belangen en verantwoordelijkheden naar de tijdige en kostenefficiënte/doelmatige realisatie van het Project.
Paraaf LdM:
5
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
4.2 LdM 1. LdM zal tijdig, wanneer dat voor de voorbereiding van het Project nodig is, overleg plegen met de Gemeente en met eventuele andere (overheids-) instanties. 2. LdM zal benodigde medewerking verlenen aan door de Gemeente ten bate van het Project te voeren gemeentelijke procedure(s). 3. LdM informeert Gemeente periodiek doch ten minste 1 keer per kwartaal over de stand van zaken gedurende alle verschillende Projectfasen. 4. LdM treft tijdig en op eigen kosten en risico noodzakelijke voorbereidingen waaronder het laten verrichten van voorbereidende onderzoeken ten behoeve van het aanvragen van de benodigde vergunningen, ontheffingen, vrijstellingen en goedkeuringen. 5. Het thans beoogde leidingtracé loopt, waar het grond in eigendom van de Gemeente betreft, geheel over grond die is aan te merken als “weg” zoals bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). LdM zal voor het beoogde leidingtracé de publiekrechtelijke toestemmingen conform de APV aanvragen bij de Gemeente. Indien er gedurende de detailuitwerking van het leidingtracé echter nog wijzigingen doorgevoerd worden, waardoor de leiding(en) alsnog in private gemeentegrond aangelegd en in stand gehouden zal worden, dan verklaart de gemeente zich hierbij bereid om met LdM opnieuw in overleg te gaan. 6.
LdM wenst de toepassing van een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) met provinciale coördinatie voor het project LdM, zodat de gehele planologische inpassing in één plan overzichtelijk voor de omgeving/stakeholders is. Toepassing van een PIP laat onverlet dat vooraf afstemming plaatsvindt met de Gemeente om tot het Detail Ontwerp van het tracé en de concept vergunningaanvragen te komen. 4.3 Gemeente 1. De Gemeente behoudt volledig haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheid en bevoegdheid ten aanzien van ruimtelijke ordenings- en overige publiekrechtelijke procedures, behoudens de Provinciaal Inpassingsplan (PIP) procedure en met inachtname van het bepaalde in artikel 3.33 lid 7 Wro ten aanzien van de bevoegdheden van de Provincie in het kader van de Provinciale Coördinatieregeling (PCR). 2. De Gemeente conformeert zich aan de provinciale coördinatie van de benodigde vergunningen door de Provincie Zuid-Holland voor de 6 gemeenten waar de warmtetransportleiding komt te liggen, en conformeert zich aan de toepassing van een PIP als bedoeld in artikel 3.26 Wro, zonder overigens enig recht prijs te geven om rechtsmiddelen aan te wenden tegen besluitvorming die voortvloeit c.q. verband houdt met de PCR en de PIP, zoals het besluit waarbij de PIP wordt vastgesteld.
Toepassing van de PCR betekent nog steeds dat de vergunningaanvragen door de gemeenten worden beoordeeld en dat de besluiten aan dezelfde inhoudelijke eisen moeten voldoen als wanneer de PCR niet zou zijn toegepast. 3. Ter bevordering van het Project richt de Gemeente een begeleidingsteam op dat de onderstaande taken heeft: - LdM helpen bij het verkrijgen van informatie ten behoeve van de aanvraag van de voor het Project benodigde vergunningen, onder meer door ervoor te zorgen dat LdM in contact komt met de juiste gemeentelijke afdelingen. - Inventariseren kansen voor werk- met-werk op en langs het tracé om hinder voor de stad te minimaliseren. - Beoordelen diverse overeenkomsten; uitvoeringsovereenkomst, planschadeovereenkomst/ en of nadeelcompensatieovereenkomst. - Deelnemen aan diverse overlegstructuren met LdM t.b.v. project voortgang op niveau strategisch (wethouder), tactisch (directie) en operationeel (technisch, omgevingsmanagement, communicatie, vergunningen, Warmte Overdracht Station, Samenwerkingsovereenkomst & Uitvoeringsovereenkomst). - Deelnemen aan diverse overlegstructuren met LdM en provincie in verband met de volgende onderwerpen: omgevingsmanagement, communicatie, PIP/PCR/MER. - Het lezen en, indien nodig, becommentariëren van het door LdM op te stellen omgevingsplan en communicatieplan, in verband met de in artikel 8 bedoelde afstemming.
Het begeleidingsteam controleert niet of deze stukken geschikt zijn om te worden gebruikt in het kader van de aanvraag van vergunningen, instemmingen e.d., dat is de verantwoordelijkheid van LdM zelf. LdM kan geen rechten ontlenen aan het feit dat het begeleidingsteam deze stukken heeft gelezen en eventueel heeft becommentarieerd.
Paraaf LdM:
6
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
Alle onderzoeken en documenten die voor het Project worden opgesteld worden voor rekening en risico van LdM opgesteld en zo nodig aangepast. Met het bovenstaande beoogt de Gemeente niet te contracteren over de uitoefening van haar publiekrechtelijke bevoegdheden. 4. De Gemeente verleent vanuit haar hoedanigheid als privaatrechtelijke grondeigenaar, medewerking aan het vinden van het meest optimale tracé voor het Project. Voor zover derden (al dan niet zakelijke) gebruiksrechten hebben met betrekking tot percelen waarvan de Gemeente eigenaar is, dient LdM zelf toestemming van die derden te verkrijgen voor het gebruik van die percelen ten behoeve van aanleg, ligging en onderhoud van de warmtetransportleiding. 5. De inhoud van deze Samenwerkingsovereenkomst bindt de Gemeente niet in de uitoefening van haar publiekrechtelijke bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden. Het risico voor het kunnen doorgaan van het project ligt bij LdM. Dit houdt in dat er van de zijde van de Gemeente geen sprake van een toerekenbare tekortkoming zal zijn en de Gemeente tot generlei vergoeding van enige schade, kosten en interesten aan LdM is gehouden, indien de Gemeente publiekrechtelijke rechtshandelingen verricht of nalaat, die niet in het voordeel zijn van de uitvoering, aard of strekking van deze Samenwerkingsovereenkomst – en eventuele vervolgovereenkomsten. 6.
De Gemeente is nimmer aansprakelijk, indien door ingrijpen van andere of hogere overheden of de rechter het thans door Partijen beoogde Project wordt belemmerd, vertraagd of gefrustreerd. Partijen beogen met dit artikel niet de aansprakelijkheid van de Gemeente voor onrechtmatige besluiten uit te sluiten, voor zover aan alle (wettelijke) vereisten daarvoor is voldaan. Artikel 5 Overlegstructuur en informeren 5.1 Teneinde de taken van LdM en de Gemeente, zoals bedoeld in artikel 4 van deze Samenwerkingsovereenkomst te structureren, treden Partijen periodiek met elkaar in overleg. 5.2 Partijen verplichten zich over en weer om elkaar steeds zo spoedig als mogelijk te informeren over zaken waarvan zij weten dat deze van belang zijn voor de andere partij. 5.3 Ten behoeve van overleg en onderlinge afstemming zullen er in ieder geval periodiek een bestuurlijk, een ambtelijk en een afstemmings-/projectoverleg tussen partijen ingepland worden. Deze overlegstructuur zal nader tussen partijen uitgewerkt en vastgelegd worden in de Uitvoeringsovereenkomst. Naast voormelde reguliere overleggen per gemeente ten behoeve van afstemmingen en bijsturing, zijn er tevens gezamenlijke overleggen met de 6 LdM-gemeenten. Die vinden op zowel bestuurlijk, tactisch en ambtelijk coördinerend niveau plaats.
Artikel 6 Kostenvergoeding en betaling/financiële bepalingen 6.1 Leges LdM betaalt leges conform de ten tijde van de aanvraag van de benodigde vergunningen vigerende legesverordening. 6.2 Vergoeding ambtelijke kosten 1. De extra kosten die de Gemeente in het kader van de in artikel 4 lid 3 sub 3 bedoelde verplichting moet maken, boven wat door de leges wordt afgedekt, worden met ingang van 1 januari 2019 door LdM aan de Gemeente vergoed. De Gemeente checkt in dat verband welke ambtelijke inzet reeds door de leges afgedekt wordt en welke inzet op grond van dit artikel voor vergoeding in aanmerking komt. De Gemeente maakt per jaar een raming van de in dit verband te verwachten door LdM te vergoeden ambtelijke kosten, gespecificeerd door middel van een overzicht van functionarissen, uurtarieven, rol en verwachte inzet. Zie Bijlage 10 Format raming ambtelijke kosten. Indien de Gemeente een overschrijding van meer dan 10% van de geraamde kosten
Paraaf LdM:
7
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
verwacht, dan zal zij LdM daar zo spoedig mogelijk van op de hoogte stellen. Partijen zullen vervolgens in goed overleg bepalen of die overschrijding voor vergoeding in aanmerking komt. 2. Facturering van de kosten vindt achteraf per kwartaal plaats op basis van bestede uren en conform de posten zoals gespecificeerd en overeengekomen in de onder lid 1 genoemde kostenraming van de ambtelijke kosten welke als bijlage is opgenomen bij de Samenwerkingsovereenkomst. De facturen kunnen per mail ingediend worden via digitalefacturen@gasunie.nl en dienen te naam gesteld te worden van: LdM C.V. Concourslaan 17 9727 KC Groningen Onder vermelding van project: I.005455.01 en t.a.v. Liesbeth Siesling (EX28571)” Ingediende facturen die voldoen aan de gevraagde specificaties en wettelijke vereisten zullen binnen 30 dagen na factuurdatum worden voldaan. 6.3 Herinrichting Voor de herinrichting na voltooiing van de aanleg van de warmtetransportleiding in de Gemeente Den Haag gelden de volgende kaders, welke in de Uitvoeringsovereenkomst nader worden uitgewerkt: 1. De openbare ruimte wordt door en voor rekening van LdM heringericht, tenzij Partijen in de Uitvoeringsovereenkomst overeenkomen dat de herinrichting wordt uitgevoerd door de Gemeente op kosten van LdM. 2.
Uitgangspunt is dat LdM na werkzaamheden de locatie(s) terugbrengt naar oorspronkelijke staat, conform het Handboek Openbare Ruimte, tenzij anders wordt overeengekomen in de Uitvoeringsovereenkomst. 3. 0-metingen om de oorspronkelijke staat vast te stellen worden voor rekening en risico van LdM door een onafhankelijke partij in opdracht van de leidingaannemer verricht voorafgaand aan de start van de aanlegwerkzaamheden. De uitkomsten worden door LdM gedeeld met betrokken Partijen. 4. In de Uitvoeringsovereenkomst worden nadere afspraken gemaakt over het moment en de wijze van oplevering van het heringerichte gebied door LdM aan de Gemeente. 5. In overleg met Gemeente wordt bepaald wie de herstelwerkzaamheden coördineert en uitvoert (tegen marktconforme tarieven). Herstelwerkzaamheden worden steeds geheel voor rekening en risico van LdM verricht. 6. Op locaties waar oorspronkelijke staat niet mogelijk is of waar reeds herinrichtingsplannen voor bestaan zal in beginsel LdM de locaties herinrichten volgens de specificaties van de (nader over een te komen) herinrichtingsplannen. In de Uitvoeringsovereenkomst worden hierover nadere afspraken gemaakt. 7. Indien en voor zover als gevolg van het bepaalde in de voorgaande lid, extra kosten voortvloeien ten opzichte van het Handboek Openbare Ruimte zullen door de Gemeente aan LdM worden vergoed.
Gemeente vergoedt geen kosten voor herinrichtingen die ontstaan door de voorwaarden die gesteld worden in vergunningen, bijvoorbeeld herplant of verplanting bij kapvergunning. 6.4 Precario/huur 1. LdM betaalt een vergoeding voor het gebruik van werkterreinen conform de vigerende gemeentelijke Precarioverordening of een vergoeding conform een af te sluiten huurovereenkomst. In de Uitvoeringsovereenkomst komen Partijen nader overeen op welke wijze opname van de daadwerkelijk gebruikte m² en tijdsduur wordt vastgesteld. 2. LdM is de Gemeente geen precariobelasting verschuldigd voor ligging van de leiding (conform artikel 228 van de Gemeentewet, aangezien de ingebruikstelling in 2024 is voorzien).
Paraaf LdM:
8
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
6.5 Degeneratiekosten LdM betaalt degeneratiekosten, conform de door de Gemeente gehanteerde systematiek. Een en ander nader uit te werken in de Uitvoeringsovereenkomst.
Artikel 7 Juridische bepalingen 7.1 Aansprakelijkheid 1. Het Project wordt ontwikkeld voor eigen rekening en risico van LdM. De Gemeente heeft bij uitvoering van deze Samenwerkingsovereenkomst louter een faciliterende rol. LdM draagt het volledige ondernemersrisico en de kosten verbonden aan de uitvoering van de Samenwerkingsovereenkomst. 2. LdM is verantwoordelijk voor het tijdig aanvragen van de benodigde vergunningen, ontheffingen, vrijstellingen en goedkeuringen. 3. De Gemeente is jegens LdM in het kader van de uitvoering van deze Samenwerkingsovereenkomst nimmer aansprakelijk voor enigerlei schade, kosten en/of interesten, behoudens opzet of grove schuld van de Gemeente. 7.2 Vrijwaring LdM vrijwaart de Gemeente voor alle aanspraken van derden tot schadevergoeding anders dan onder 7.3 genoemd staan, indien die schade is veroorzaakt door of vanwege LdM bij de uitvoering van de aanlegwerkzaamheden van de Warmtetransportleiding. LdM dient voornoemde aanspraken af te handelen. 7.3 Planschade/nadeelcompensatie 1. Alle uit het Project voortvloeiende door de Gemeente uitgekeerde Planschade en/of vergoeding nadeelcompensatie komt voor rekening van LdM. Partijen zullen dit uitgangspunt nader uitwerken in een separaat overeen te komen planschade en/of nadeelcompensatieovereenkomst. 2.
LdM verklaart zich hierbij, vooruitlopend op de ter zake conform lid 1 overeen te komen overeenkomst, bereid om, naast de in de lid 1 genoemde door de Gemeente uit te keren planschadevergoedingen en nadeelcompensatie, ook alle in het kader van de betreffende procedures door de Gemeente te maken (advies)kosten - waaronder in ieder geval begrepen de expertisekosten (de kosten die de Gemeente maakt om de hoogte van de schade vast te laten stellen door een externe adviseur) en de inzet van de ambtenaren die belast zijn met de behandeling van deze procedures - te zullen vergoeden. Artikel 8 Communicatie en participatie Principe-afspraken: 1. LdM stelt een Omgevings- en communicatieplan op dat met de Gemeente wordt afgestemd. LdM initieert en coördineert de uitvoering van de in het Omgevings- en communicatieplan opgenomen activiteiten en stemt deze af met de Gemeente. 2. Partijen doen openbare aankondigingen, persberichten of andere mededelingen aan derden over het sluiten, de inhoud of de uitvoering van deze Samenwerkingsovereenkomst of de beoogde vervolgovereenkomst(en) alleen na onderling overleg. 3. LdM is perswoordvoerder en voert de regie over alle persinterviews, persberichten en het beantwoorden van mediavragen over het Project aan regionale, nationale of vakpers, tenzij het de uitoefening van de gemeentelijke wettelijke bevoegdheden betreft. 4.
De Gemeente ondersteunt de informatievoorziening rondom het Project door middel van het inzetten van bestaande communicatiemiddelen en communicatiekanalen van de Gemeente.
Artikel 9: Looptijd en Planning 9.1 Deze Samenwerkingsovereenkomst treedt in werking op het moment van ondertekening en eindigt zodra projectfase G ‘Aanleg’ na afloop van de garantieperiode is gereed gemeld. Over de voorwaarden waaronder en wijze waarop gereed gemeld wordt, worden in de Uitvoeringsovereenkomst aanvullende afspraken gemaakt.
Paraaf LdM:
9
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
9.2 De Planning is indicatief. Partijen zullen evenwel bij (dreigende) overschrijding van de planning, de wederpartij per omgaande informeren en trachten de overschrijding zoveel mogelijk te beperken. Voorwaarden en of termijnen die gesteld gaan worden vanuit vergunningverlening zijn leidend voor de planning. LdM dient zich te houden aan deze voorwaarden en/of termijnen. Artikel 10: (Niet) Overdraagbaarheid rechten en plichten uit deze Samenwerkingsovereenkomst Het is een Partij niet toegestaan om zonder schriftelijke toestemming van de wederpartij haar rechten en/of plichten uit hoofde van deze Samenwerkingsovereenkomst en de te sluiten Uitvoeringsovereenkomst geheel of gedeeltelijk, direct of indirect over te dragen, te vervreemden, te verkopen en/of anderszins te bezwaren (zoals doch niet uitsluitend door het vestigen van pandrecht). welke toestemming niet op onredelijke gronden kan worden onthouden. Het in de vorige zin bepaalde is niet van toepassing op een dergelijke overdracht aan groepsmaatschappijen van de eerstbedoelde Partijen.
Artikel 11 Onvoorziene omstandigheden 11.1 Indien deze Samenwerkingsovereenkomst niet of niet langer onverkort kan worden uitgevoerd als gevolg van onvoorziene omstandigheden als bedoeld in BW 6, artikel 258 lid 1 en 2 welke van dien aard zijn dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van deze Samenwerkingsovereenkomst niet van Partijen mag worden verwacht, treden Partijen op verzoek van de Partij die zich op de onvoorziene omstandigheid beroept in overleg, teneinde te bezien of op voor Partijen aanvaardbare wijze aanpassing van de Samenwerkingsovereenkomst aan de gewijzigde omstandigheden kan plaatsvinden. 11.2 Indien niet binnen 2 maanden na aanvang van het overleg als bedoeld in Artikel 11.1 een voor ieder van de Partijen aanvaardbare aanpassing van deze Samenwerkingsovereenkomst is bereikt, is ieder der Partijen, onverminderd het bepaalde in BW 6, artikel 258lid 1 en 2, gerechtigd dat overleg te beëindigen.
Artikel 12: Toepasselijk recht, geschillen en forum keuze 12.1 Op deze Samenwerkingsovereenkomst is Nederlands recht van toepassing. 12.2 Een geschil (‘Geschil’) bestaat indien een Partij zulks schriftelijk aan de andere Partij mededeelt, onder aanduiding van het geschil. 12.3 Ten aanzien van alle Geschillen die samenhangen met of voortvloeien uit deze Samenwerkingsovereenkomst zullen Partijen zich inspannen en proberen het geschil in onderling overleg op te lossen. Mochten Partijen er onderling niet uitkomen, dan kan het Geschil in eerste instantie in handen worden gegeven van een MfN-registermediator. Als mediation niet binnen twee maanden na het eerste mediationgesprek tot een oplossing leidt, zal het geschil worden voorgelegd aan de bevoegde rechter van de rechtbank Rotterdam. Het voorgaande laat het recht van Partijen om een kort geding aanhangig te maken onverlet.
Artikel 13: (Tussentijdse) beëindiging/ontbinding 13.1 De Gemeente heeft het recht deze Samenwerkingsovereenkomst zonder rechterlijke tussenkomst met onmiddellijke ingang (geheel of gedeeltelijk) te ontbinden indien: a. LdM, dan wel een van haar vennoten, in staat van faillissement komt te verkeren, of b. voor LdM, dan wel een van haar vennoten, surséance van betaling is aangevraagd, of c. LdM, dan wel een van haar vennoten haar schuldeisers een onderhands akkoord aanbiedt, wordt geliquideerd of haar onderneming staakt.
Paraaf LdM:
10
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
13.2 Elk der Partijen heeft het recht deze Samenwerkingsovereenkomst, middels een aangetekende brief, jegens de andere Partij zonder rechterlijke tussenkomst met onmiddellijke ingang geheel of gedeeltelijk te ontbinden, indien niet uiterlijk binnen 1,5 jaar na totstandkoming van deze Samenwerkingsovereenkomst een Uitvoeringsovereenkomst tot stand is gekomen. 13.2a Partijen hebben het recht deze Samenwerkingsovereenkomst, middels een aangetekende brief, zonder rechterlijke tussenkomst met onmiddellijke ingang geheel of gedeeltelijk te ontbinden, indien niet uiterlijk binnen 2 jaar na inwerkingtreding van deze Samenwerkingsovereenkomst een aanvang is gemaakt met de aanleg van de Warmtetransportleiding en deze na aanvang in een onafgebroken gang wordt voortgezet (e.e.a. zoals zal worden vastgelegd in de door het Stedelijk Bereikbaarheidsoverleg nog goed te keuren BVC-plannen).
13.3 In het geval deze Samenwerkingsovereenkomst op welke – wettelijke of contractuele – grond dan ook wordt ontbonden/beëindigd, dan wel sprake is van nietigheid van – enig deel van – deze Samenwerkingsovereenkomst dan ontstaat er geen verplichting voor de Gemeente om de reeds door LdM aan haar betaalde bedragen als genoemd in Artikel 6 te restitueren, terwijl LdM gehouden blijft reeds verschuldigde/opeisbare bedragen alsnog aan de Gemeente te betalen, (voor zover die kosten nog gemaakt zullen moeten worden) zulks op basis van door Gemeente te overleggen bewijsstukken. 13.4 Indien deze Samenwerkingsovereenkomst wordt beëindigd dan kunnen Partijen in het kader van deze Samenwerkingsovereenkomst over en weer geen aanspraak maken op enigerlei vorm van schadevergoeding of schadeloosstelling vanwege de beëindiging van de Samenwerkingsovereenkomst, behalve voor zover deze Samenwerkingsovereenkomst anders bepaald. Het voorgaande laat het recht van de Gemeente op vergoeding van eventueel reeds geleden schade – bijvoorbeeld omdat er schade is ontstaan bij graafwerkzaamheden – onverlet. Artikel 14: Totstandkoming Samenwerkingsovereenkomst 14.1 Deze Samenwerkingsovereenkomst komt pas tot stand (artikel 6:217 BW) nadat: 1. op ambtelijk niveau volledige overeenstemming is bereikt over de gehele inhoud van deze Samenwerkingsovereenkomst, en 2.
het college van B&W overeenkomstig artikel 160, eerste lid onder d van de Gemeentewet een besluit tot het aangaan van deze Samenwerkingsovereenkomst heeft genomen, na de Gemeenteraad om wensen en bedenkingen te hebben gevraagd conform artikel 169 lid 4 Gemeentewet, en 3. deze Samenwerkingsovereenkomst namens Partijen bevoegdelijk is ondertekend. 14.2 Tot het moment dat is voldaan aan al de in 14.1 genoemde voorwaarden kunnen Partijen geen enkel recht ontlenen aan hetgeen in deze Samenwerkingsovereenkomst is opgenomen en is de Gemeente daarnaast nooit aansprakelijk c.q. kan LdM jegens de Gemeente nooit aanspraak maken op vergoeding van enigerlei schade, kosten en/of interesten. Artikel 15: Mededelingen aan Partijen 15.1 LdM kiest woonplaats te Groningen • • •
adres: Concourslaan 17 postcode: 9727 KC Groningen postbus: 19, 9700 MA Groningen
15.2 De Gemeente kiest woonplaats te Den Haag: • • •
adres: Spui 70 postcode: 2500 DJ postbus: 12600
Paraaf LdM:
11
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
15.3 Wijzigingen in de woonplaatskeuze zoals bedoeld in Artikel 15.1 en 15.2 dient schriftelijk door een Partij aan de andere Partij te worden medegedeeld.
Artikel 16: Slotbepalingen, Considerans en Bijlagen 16.1 Geen aanpassing van, wijziging van of toevoeging aan deze Samenwerkingsovereenkomst zal bindend zijn tussen Partijen, tenzij deze schriftelijk is vastgelegd en door beide Partijen bevoegdelijk is ondertekend. 16.2 Indien enige bepaling van deze Samenwerkingsovereenkomst ongeldig of niet bindend is of wordt, dan blijven Partijen gebonden aan de overige bepalingen. Partijen zullen in dat geval de ongeldige of niet bindende bepaling vervangen door een bepaling die geldig en bindend is en waarvan de strekking, gezien de inhoud en doel van deze Samenwerkingsovereenkomst, zoveel mogelijk gelijk is aan de ongeldige of niet bindende bepaling. 16.3 Gedurende de looptijd van deze Samenwerkingsovereenkomst sluiten Partijen geen overeenkomsten met derden die op enigerlei wijze dwingen tot substantiële aanpassing van het tracé, van het Voorlopig- of Detail Ontwerp anders dan wanneer Partijen hiervoor hun expliciete schriftelijke instemming hebben gegeven 16.4 De considerans (“nemen in overwegende dat”) en de in lid 16.5 genoemde Bijlagen maken integraal onderdeel uit van deze Samenwerkingsovereenkomst. Bij tegenstrijdigheid geldt de volgende volgorde (van boven naar beneden): i. (de tekst van) de Artikelen. ii. (de tekst van) de considerans. iii. (de tekst van) de Bijlagen.
16.5 De volgende, door Partijen geparafeerde, Bijlagen vormen één onverbrekelijk geheel met deze Samenwerkingsovereenkomst: Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Bijlage 10:
190909 Kamerbrief ontwikkeling warmtetransportnet Zuid-Holland kenmerk DGKE / 19211736 Kamerbrief Voortgang wetstraject Warmtewet 2 kenmerk DGKE / 19266313 Brief Gasunie over Project Leiding door het Midden d.d.14 november 2019 Uitvoeringsplan Leiding door het Midden Notitie Definitie aftak en demarcatie Planning project Routekaarten, Bijlagen 7a t/m 7o betreffen routekaarten nummer 64 t/m 78 Concept onderwerpenlijst UVOK Den Haag 050220 Brief LdM Herbevestiging uitgangspunten exploitatie WarmtelinQ d.d. … met kenmerk Format raming ambtelijke kosten
– Ondertekening op het volgende blad –
Paraaf LdM:
12
Paraaf Gemeente:
Samenwerkingsovereenkomst Gemeente Den Haag en LdM C.V.
ONDERTEKENING: Aldus in tweevoud opgemaakt en door Partijen ondertekend:
Gemeente Den Haag Namens het college van B&W
LdM C.V Vertegenwoordigd door LdM Beheer B.V.
Mevrouw L. van Tongeren Wethouder Duurzaamheid, Milieu en Energietransitie
De heer G.W.M. Custers: Bestuurder LdM Beheer B.V.
op:
op:
te:
te:
Paraaf LdM:
13
Paraaf Gemeente: