CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS310685 bijlage

Commissie Samenleving 23 december 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken6.351 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuur Stg. Passend Primair Onderwijs Haaglanden

Onderzoek bestuur en samenwerkingsverband Vierjaarlijks onderzoek

Datum vaststelling: 22 juli 2021

Samenvatting

De Inspectie van het Onderwijs bezoekt het bestuur van een samenwerkingsverband passend onderwijs minstens een keer in de vier jaar. Dit jaar was het bestuur van Stichting Passend Primair Onderwijs Haaglanden aan de beurt. Dit is het bestuur van het samenwerkingsverband dat in de regio bekend staat als SPPOH. We hebben onderzocht of het bestuur een samenwerkingsverband realiseert van voldoende kwaliteit en of het bestuur financieel in staat is om ook in de toekomst goede samenwerking te blijven verzorgen rond passend onderwijs. Dit is noodzakelijk om iedere leerling die een extra ondersteuningsbehoefte heeft, een passend onderwijsaanbod te kunnen bieden. Hieronder staat een samenvatting van onze belangrijkste conclusies. Wat gaat goed? De scholenteams zetten zich in voor leerlingen en passend onderwijs De scholen en het samenwerkingsverband zetten zich zichtbaar in om leerlingen zo goed mogelijk passend onderwijs te bieden. Dit is niet altijd gemakkelijk. Als een leerling in het regulier onderwijs onvoldoende ondersteund kan worden, dan is een verwijzing naar het speciaal (basis)onderwijs mogelijk. Ook maatwerk op het regulier basisonderwijs is mogelijk. Op deze manier krijgen leerlingen onderwijs dat bij hen past.

Alle deelnemers in het samenwerkingsverband realiseren zich goed dat ze een gezamenlijke opdracht hebben om leerlingen zo regulier mogelijk op te vangen en handelen hier naar. Dit is het resultaat van goed samenwerken binnen en tussen de scholen.

Vierjaarlijks onderzoek bestuur en samenwerkingsverband Bestuur: Stichting Passend Primair Onderwijs Haaglanden Bestuursnummer: 21606

Samenwerkingsverband: Stichting Passend Primair Onderwijs Haaglanden (PO2815) Gemeenten binnen de regio: Den Haag, Leidschendam, Rijswijk Totaal aantal leerlingen: ongeveer 60.000 Bezochte scholen: - De Spoorzoeker (17FN) - Sbo Merlijn (19HE) - Sbo De Springplank (18XS) - Het Volle Leven (19TO)

Er is een professioneel samenwerkingsverband opgebouwd SPPOH beschikt over een uitgebreide en professionele organisatie met een positieve werksfeer. Het is duidelijk wie welke taken en bevoegdheden heeft. Het samenwerkingsverband zorgt ervoor dat de medewerkers hun werk goed kunnen doen. Daarvoor volgen de medewerkers bijvoorbeeld scholingen. Ook organiseert het samenwerkingsverband scholingen voor leraren en intern begeleiders. Verder heeft het samenwerkingsverband een actieve raad met ouders en medewerkers van de scholen die kritisch meekijkt naar de plannen van het bestuur.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

2/23

Proces naar het verkrijgen van passende ondersteuning gaat met veel onderling vertrouwen Bij de toewijzing van de leerlingen naar een passende plek is in het werkveld veel onderling vertrouwen. Tijdens een aantal gesprekken is duidelijk naar voren gekomen dat het gesprek voornamelijk gaat over de juiste plek voor de leerling en niet over de vraag wie het gaat betalen. Het samenwerkingsverband is financieel gezond Het bestuur kan nu en in de nabije toekomst voldoen aan de financiële verplichtingen om scholen te ondersteunen in het bieden van passend onderwijs. Wat kan beter? Ontbreken van actuele schoolondersteuningsprofielen De scholen binnen het samenwerkingsverband hebben niet allemaal een actueel schoolondersteuningsprofiel (sop) en ook is het sop niet altijd makkelijk te vinden voor betrokkenen. Hierdoor heeft het samenwerkingsverband onvoldoende zicht op de (extra) ondersteuningsmogelijkheden van de scholen. Met behulp van audits wil het samenwerkingsverband de ondersteuningsmogelijkheden beter in beeld krijgen.

Het samenwerkingsverband moet zich inzetten om de ondersteuningsplanraad compleet te krijgen De ondersteuningsplanraad is niet compleet, er zijn diverse vacatures. Wel is er evenwicht in het aantal leden voor ouders en personeel. De statuten zijn in lijn met de praktijk, maar er is een aandachtpunt In de statuten staan de taken en verantwoordelijkheden benoemd voor het bestuur en het intern toezicht. Op een onderdeel is hierover een onduidelijkheid over de toedeling van verantwoordelijkheden. We zien in de praktijk wel een goede werkwijze. Een aantal onderdelen van het jaarverslag ontbreken Wij vertrouwen erop dat respectievelijk de interne toezichthouder en het bestuur de ontbrekende onderdelen in het eerstvolgende bestuursverslag herstelt.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

3/23

Wat moet beter? Passend onderwijs is niet voor iedereen beschikbaar SPPOH heeft niet voor iedere leerling met extra ondersteuningsbehoeften een passende plek. Daardoor zitten er leerlingen op een school die niet het juiste onderwijs kan bieden. Te veel leerlingen moeten wachten voordat er een passende onderwijsplek is op een sbo- of so-school. Voor externe ondersteuning geldt hetzelfde. Het samenwerkingsverband wijdt dit onder andere aan het lerarentekort en een tekort aan beschikbare gebouwen. Het bestuur van het samenwerkingsverband moet echter zorgen voor een zo passend mogelijke plek voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben.

De ondersteuningsplanraad en het algemeen bestuur moeten vaker gezamenlijk overleggen De opr en het algemeen bestuur (als toezichthouder) overleggen niet tenminste twee keer per jaar. De reden hiervoor is dat opr hiervan afziet. Wettelijk is echter vastgelegd dat dit tenminste twee maal per jaar moet plaatsvinden. Het bestuursverslag moet volledig zijn Een onderdeel in het verslag van de interne toezichthouder ontbreekt. Wij verwachten dat de interne toezichthouder dit in het eerstvolgende verslag herstelt. Vervolg Omdat het bestuur van dit samenwerkingsverband niet aan alle wettelijke eisen voldoet, geven we herstelopdrachten. In het derde kwartaal (na de zomervakantie) van 2022 voeren wij een onderzoek uit om te kijken of het samenwerkingsverband zich voldoende verbeterd heeft. Verder geldt dat we tijdens dit onderzoek naar herstelopdrachten ook de ontwikkelingen onderzoeken naar de voorziening bij Het Avontuur.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

4/23

Inhoudsopgave

1.

Opzet vierjaarlijks onderzoek

6

2.

Resultaten onderzoek op bestuursniveau

8

3.

Resultaten verificatieonderzoek

18

4.

Reactie van het bestuur

21

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

5/23

1 . Opzet vierjaarlijks onderzoek De inspectie heeft in de maand januari van 2021 een vierjaarlijks onderzoek uitgevoerd bij het bestuur van Stichting Passend Primair Onderwijs Haaglanden. Het onderzoek vond geheel digitaal en op afstand plaats, vanwege de maatregelen met betrekking tot de coronapandemie. In een vierjaarlijks onderzoek staat de beantwoording van de volgende vraag centraal: is de sturing op kwaliteit op orde en is er sprake van deugdelijk financieel beheer?

Vier deelvragen Een vierjaarlijks onderzoek voeren we uit aan de hand van vier deelvragen: 1. Stuurt het bestuur voldoende op de (zorg voor de) kwaliteit van de uitvoering van zijn taken? Kerntaak daarbinnen is dat het bestuur ervoor zorgt dat er voor alle leerlingen in het samenwerkingsverband die extra ondersteuning nodig hebben, een passende onderwijsplaats beschikbaar is. 2. Heeft het bestuur een professionele kwaliteitscultuur en functioneert het transparant en integer? 3. Communiceert het bestuur actief over de eigen prestaties en ontwikkelingen? 4. Is het financieel beheer deugdelijk? Met deze vier deelvragen richten we het onderzoek op de standaarden uit ons waarderingskader binnen de kwaliteitsgebieden Onderwijsresultaten, Kwaliteitszorg en ambitie, en Financieel beheer. Onderzoeksactiviteiten

Documentenanalyse De informatie die bij de inspectie aanwezig is over het bestuur en het bijbehorende samenwerkingsverband, hebben we geanalyseerd. Het gaat bijvoorbeeld om het ondersteuningsplan 2017-2021, het jaarverslag 2019, resultaatgegevens en signalen. Bij ons bezoek aan het samenwerkingsverband hebben we ook (digitaal) enkele aanvragen voor toelaatbaarheid tot speciale voorzieningen bekeken en besproken. Rondetafelgesprekken Verder hebben we op 13 januari 2021, ter voorbereiding op het onderzoek, rondetafelgesprekken gevoerd met betrokkenen over hun ervaringen met het samenwerkingsverband. We spraken met een groep ouders, een aantal leraren, schakelfunctionarissen tussen het samenwerkingsverband en de scholen, enkele schoolleiders van scholen voor (speciaal) basisonderwijs en speciaal onderwijs. Kort geformuleerd stonden tijdens de rondetafelgesprekken steeds de volgende drie vragen centraal: 1. Wat vindt u van passend onderwijs en wat merkt u daarvan in de dagelijkse praktijk?

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

6/23

2. Hoe werkt passend onderwijs binnen het samenwerkingsverband en welke concrete ervaringen hebt u ermee? 3. Helpt passend onderwijs de kinderen die hiermee te maken krijgen?

Onderzoeksplan Hierna stelden we samen met het bestuur en de directeur het definitieve plan vast voor het onderzoek op 27 januari 2021. Het bestuur heeft daarbij geen specifieke onderwerpen benoemd. Verificatieonderzoek We hebben dit onderzoek mede ingericht met een verificatieonderzoek. Het verificatieonderzoek is onderdeel van het onderzoek naar de kwaliteitszorg van het samenwerkingsverband. We gaan na of scholen de afspraken uit het ondersteuningsplan nakomen. We verwachten van het bestuur van het samenwerkingsverband dat het zicht heeft op deze uitvoering in de praktijk en dat het hierop stuurt. Daarnaast geeft het ons zicht op enkele aspecten van passend onderwijs op de bezochte scholen. Onderzoeksdag Op 27 januari 2021 voerden we gesprekken met het bestuur, met de directeur van het samenwerkingsverband, met functionarissen werkzaam binnen de jeugdhulpverlening en gemeenten, met adviseurs voor de toelaatbaarheidsverklaringen, met een vertegenwoordiging van de ondersteuningsplanraad en met de intern toezichthouder. Op een later moment is er gesproken met een financieel deskundige.

Legenda

Beoordelingen zoals ze in de rapportages worden weergegeven: G

Goed

V

Voldoende

O

Onvoldoende

K

Kan beter

Kwaliteitsgebieden: Onderwijsproces Schoolklimaat Onderwijsresultaten Kwaliteitszorg en ambitie Financieel beheer

Hierna voerden we een bestuursgesprek waarin we naast een aantal resterende gespreksonderwerpen ook een terugkoppeling gaven over onze bevindingen uit de voorgaande onderzoeksactiviteiten. Op 15 februari 2021 heeft op verzoek van het samenwerkingsverband een extra overleg plaatsgevonden voor nadere toelichting op de bevindingen. Het doel van dit overleg was een uitgebreidere toelichting op de tekortkoming van onvoldoende passende plaatsen in het sbo, so en ondersteuning. Met deze toelichting wil het samenwerkingsverband graag snel verbeterstappen kunnen zetten. Leeswijzer In hoofdstuk 2 staan de oordelen op de standaarden uit de kwaliteitsgebieden. In dat hoofdstuk geven we in paragraaf 2.1 ook een samenvattend oordeel. In hoofdstuk 3 beschrijven we de uitkomsten van de verificaties bij aangesloten scholen. In hoofdstuk 4 hebben we de reactie van het bestuur op het onderzoek en de rapportage opgenomen.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

7/23

2 . Resultaten onderzoek op bestuursniveau In dit hoofdstuk geven we de resultaten weer van ons onderzoek, dat wil zeggen: onze oordelen op de standaarden in de gebieden Onderwijsresultaten, Kwaliteitszorg en ambitie, en Financieel beheer.

2.1. Samenvattend oordeel Is de sturing op kwaliteit op orde en is er sprake van deugdelijk financieel beheer? Wij stellen vast dat het bestuur van het samenwerkingsverband Voldoende kwaliteit realiseert op vijf van de zes standaarden waarop wij oordelen: Kwaliteitszorg, Kwaliteitscultuur, Verantwoording en dialoog, Continuïteit en Rechtmatigheid. De kwaliteit op de standaard Resultaten beoordelen wij als Onvoldoende. We hebben geconstateerd dat te veel leerlingen moeten wachten op een passende plaats op een sbo- of so-school en/ of extra ondersteuning. Wij beoordelen het Financieel beheer als Voldoende. Wij zien op dit moment geen financiële risico’s die het voortbestaan van de instelling binnen nu en twee jaar in gevaar kunnen brengen. In onderstaande tabellen staan de oordelen, gevolgd door een toelichting.

2.2. Onderwijsresultaten We zijn nagegaan of het bestuur voor alle leerlingen in het samenwerkingsverband die extra ondersteuning nodig hebben, een passende onderwijsplaats beschikbaar heeft. Dat hebben we met de standaard Resultaten onderzocht. In de volgende tabel staat ons oordeel.

Resultaten Vervult het bestuur zijn kerntaak en zorgt het dat er voor alle leerlingen in het samenwerkingsverband die extra ondersteuning nodig hebben, een passende onderwijsplaats beschikbaar is (OR1)? De standaard Resultaten beoordelen we als Onvoldoende omdat het

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

8/23

samenwerkingsverband onvoldoende passende plaatsen realiseert. Hierdoor moeten te veel leerlingen te lang wachten voor een passende onderwijsplek.

Binnen het samenwerkingsverband is sprake van wachtlijsten voor sbo, so en extra ondersteuning SPPOH slaagt er onvoldoende in om voldoende passende plaatsen voor de leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte tijdig te plaatsen. Het samenwerkingsverband werkt wijkgericht vanuit het doel leerlingen zoveel mogelijk thuisnabij onderwijs te bieden. Het samenwerkingsverband stelt deskundigen en middelen ter beschikking voor extra ondersteuning op de scholen. Ook ontvangen schoolbesturen middelen voor het verhogen of verbeteren van de basisondersteuning en het samenwerken binnen de wijken. Het bestuur monitort de ontwikkelingen hierin. Desondanks zitten er leerlingen op onderwijsplaatsen die niet voldoende passend zijn voor de ondersteuning die nodig is. Zo is tijdens het onderzoek uit diverse gesprekken gebleken dat leerlingen soms langer dan een jaar moeten wachten voordat ze geplaatst kunnen worden op een sbo- of soschool. Bij de ene wijk speelt de problematiek rond wachtlijsten overigens meer dan bij de andere wijk. Daarnaast moeten leerlingen ook wachten op andere vormen van extra ondersteuning. Het bestuur wijdt de wachtlijsten aan het lerarentekort en aan te weinig ruimte. Met deze tekortkoming voldoet het bestuur niet aan artikel 18a tweede lid van de WPO. Dit moet het bestuur herstellen.

Het sbo staat onder druk Een aandachtspunt voor SPPOH is de positie van de scholen voor speciaal basisonderwijs (sbo). Er zijn de afgelopen jaren meer toelaatbaarheidsverklaringen voor het sbo afgegeven. Dit is zichtbaar in het groeiend percentage aan leerlingen in het sbo. Hierdoor staan de kwaliteit en continuïteit, maar ook, zoals hierboven al aangegeven, de beschikbaarheid van het sbo onder druk. Het verdient aanbeveling dat het samenwerkingsverband een nieuwe visie op het sbo formuleert en die visie expliciet maakt voor de Haagse situatie. De schoolondersteuningsprofielen zijn te vaak niet actueel Tijdens gesprekken met diverse betrokkenen, maar ook uit de verificatieonderzoeken bij de vier scholen is gebleken dat de schoolondersteuningsprofielen (sop) niet altijd beschikbaar zijn op de website en ook vaak niet meer actueel. Voor het samenwerkingsverband is dit een belangrijk instrument waarmee zij nagaan of er voldoende dekkend netwerk is voor passend onderwijs in de regio. In het ondersteuningsplan staat daarover het volgende: "met name op basis van de sop’s stelt het samenwerkingsverband vast dat er sprake is van een dekkend aanbod." (hoofdstuk 5, pag. 21). Het is daarmee noodzakelijk dat het samenwerkingsverband de sop's van de scholen laat actualiseren.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

9/23

Advisering bij toelaatbaarheid sbo/so In ons onderzoek naar de toewijzing van toelaatbaarheidsverklaringen (tlv's) tot speciale scholen (sbo en so) hebben we met het bestuur besproken dat de wettelijke tweede deskundige een orthopedagoog mag zijn, mits dit passend is bij de ondersteuningsbehoefte van de leerling voor wie de tlv wordt aangevraagd. In de casus die is voorgelegd aan de Klachtencommissie is dat het geval. Dit is wettelijk zo vastgelegd in artikel 18a, elfde lid van de WPO en artikel 34.8 van het Besluit bekostiging WPO. Het samenwerkingsverband investeert in het terugdringen van thuiszitters Het samenwerkingsverband bevordert dat alle leerplichtige leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, ingeschreven staan bij een school en daadwerkelijk onderwijs volgen. Door de zeer complexe omgeving waarin het samenwerkingsverband werkt, is dit een grote uitdaging. SPPOH heeft verschillende voorzieningen waarmee het aantal thuiszitters wil terugdringen. Daarbij werkt het samenwerkingsverband nauw samen met de gemeente. Er is sprake van een nauwe samenwerking SPPOH werkt met verschillende organisaties nauw samen. Dat zijn onder andere andere samenwerkingsverbanden maar ook met zorginstanties en gemeenten. Dit komt onder meer tot uitdrukking in het Multi Disciplinair Overleg waarbij de scholen de regie voeren.

In dit overleg buigen de diverse disciplines zich over de ondersteuning die voor individuele leerlingen nodig is. In deze overleggen zijn alle betrokken onderwijs- en zorgpartners (zoals schoolmaatschappelijk werk) aanwezig. Ook de ouders worden daarbij als partners gezien. Voor de onderwijs-zorgarrangementen zijn de gemeenten en het samenwerkingsverband met elkaar in overleg. Hierbij is de inzet dat ze gezamenlijk een onderwijs-zorgmedewerker in de klas financieren. Met de uitkomst van deze stap is er duidelijkheid over de ondersteuning in de klas en over de bekostiging daarvan. Dit is noodzakelijk aangezien er nu soms blijkt dat de ondersteuningsbehoefte wel wordt vastgesteld, maar de afspraken over de financiering soms moeizaam verlopen. Er is mogelijk een bovenschoolse voorziening Uit diverse gesprekken kwam naar voren dat het samenwerkingsverband een start heeft gemaakt met een bovenschoolse voorziening. Dit betreft een klas waarbij de leerlingen in een observatieklas terecht komen. In een korte periode wordt een leerling geobserveerd en wordt onderzocht welke extra ondersteuning noodzakelijk is. Deze observatieklas is ondergebracht bij Het Avontuur (sbo). Bij het onderzoek naar de herstelopdrachten in september 2022 zullen we nader onderzoeken of de betreffende voorziening valt onder art. 18a, lid 10a, WPO en art 34.10, Besluit bekostiging WPO.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

10/23

2.3. Kwaliteitszorg en ambitie In de onderstaande tabel geven wij de oordelen en/of waarderingen weer op de standaarden van het kwaliteitsgebied Kwaliteitszorg en ambitie, waarbij we antwoorden geven op de deelvragen. We geven geen oordeel op het kwaliteitsgebied Kwaliteitszorg en ambitie, maar alleen een oordeel op de drie standaarden afzonderlijk inclusief een toelichting.

Kwaliteitszorg Stuurt het bestuur voldoende op de (zorg voor de) kwaliteit van de uitvoering van zijn taken (KA1)? We beoordelen de standaard Kwaliteitszorg als Voldoende. Er is een systeem van kwaliteitszorg dat het samenwerkingsverband cyclisch uitvoert. Wel is er een aantal onderdelen dat beter kan zoals het concretisering van de doelen.

Het samenwerkingsverband heeft een duidelijk kwaliteitszorgsysteem Het samenwerkingsverband werkt planmatig aan de uitvoering van het ondersteuningsplan. Daarvoor stelt de directeur jaarlijks een jaarplan op en verantwoordt hij zich via voortgangsrapportages aan bestuur en toezichthouder. Het geheel is cyclisch van opzet al geldt wel dat de doelen in het jaarplan concreter kunnen worden geformuleerd. De doelen zijn nu vaak in algemene bewoordingen van verwachtingen beschreven. SPPOH geeft zelf aan werk te willen maken met het concretiseren van haar doelen in de jaarplannen. Een van de aandachtspunten waarop het samenwerkingsverband meer grip wil krijgen is de wachtlijsten voor het sbo, so en extra ondersteuning. Dat het samenwerkingsverband de wachtlijsten gaat aanpakken is ook noodzakelijk omdat er nu geen sprake is van een dekkend netwerk. Ontwikkeling ondersteuningsplan SPPOH werkt met een ondersteuningsplan voor de periode 2017-2021. In verband met het opstellen van een nieuw ondersteuningsplan, voert het samenwerkingsverband een uitgebreide evaluatie van het vigerende ondersteuningsplan uit. Onderdeel van deze evaluatie is een tevredenheidsonderzoek dat is uitgevoerd bij ouders en leerlingen. De resultaten uit dit onderzoek zijn meegenomen in het opstellen van het nieuwe ondersteuningsplan.

Voor het opstellen van een nieuw ondersteuningsplan is een concrete planning opgesteld die

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

11/23

er voor moet zorgen dat eind april 2021 het vastgestelde plan naar de inspectie wordt gezonden. Kwaliteitscultuur Heeft het bestuur een professionele kwaliteitscultuur en functioneert het transparant en integer (KA2)? We beoordelen de kwaliteit van de standaard Kwaliteitscultuur als Voldoende. We hebben tijdens ons onderzoek een professionele kwaliteitscultuur waargenomen. Er is daarnaast voldoende samenwerking tussen medewerkers en partners. Verder zien we wel mogelijkheden voor verbetering in de afspraken die in de statuten zijn gemaakt en de uitvoering in praktijk.

Professionele cultuur aanwezig De uitvoering van de wettelijke eisen rondom kwaliteitszorg vragen van een samenwerkingsverband een gezamenlijke inspanning vanuit een verbetercultuur en professionaliteit. Dit hebben we tijdens de gesprekken met de verschillende geledingen ervaren. Er is echter een verbetering mogelijk en noodzakelijk die ook al door het bestuur is opgepakt. Te veel leden in het algemeen bestuur zijn te vaak afwezig. Betreffende leden zijn daarop aangesproken maar het effect is nog niet groot genoeg. Dat betekent dat de betrokkenheid in algemene zin vergroot dient te worden. Rollen van het bestuur, dagelijks bestuur en algemeen bestuur zijn helder, maar er is wel een onduidelijkheid Het samenwerkingsverband is een stichting met een bestuur dat wordt gevormd door de aangesloten schoolbesturen. Een deel van de bestuurders van het samenwerkingsverband hebben zitting in het dagelijks bestuur en is bevoegd tot het nemen van besluiten. Een ander deel van de bestuurders van het samenwerkingsverband vormen het algemeen bestuur en is de intern toezichthouder. Beide organen worden voorgezeten door een onafhankelijk voorzitter. In de statuten is vastgelegd dat er sprake is van een 'statutairbestuur', dat besluiten neemt over de hoofdlijnen van het beleid en bestaat uit het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur.

Deze beschrijving loopt al vooruit op de komende wetgeving die overigens nog niet van kracht is geworden. Om die lijn verder door te zetten maken we nog de volgende opmerking: We lezen in de statuten dat het algemeen bestuur óók een bevoegdheid heeft een Registeraccountant aan te stellen (art. 21 lid 4). Dit betreft echter een beperkte bevoegdheid tot het controleren van de jaarrekening (het cijfermatige deel van de jaarstukken) en de getrouwheid van het bestuursverslag. De accountant kan op basis van deze gegevens echter geen algehele verklaring afgeven. Daarvoor moet hij onder andere ook kijken naar het jaarverslag zelf. In het telefonisch overleg met het samenwerkingsverband op 22 juli 2021 kwam naar voren dat het swv volgens bovenstaande werkwijze werkt. Geconcludeerd is dat in artikel 21 lid 4 "de jaarrekening" vervangen zou

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

12/23

moeten worden in "het jaarverslag". Het bestuur neemt dit mee in het gesprek over de verantwoordelijkheden binnen de governance. Verantwoording en dialoog Communiceert het bestuur actief over de eigen prestaties en ontwikkelingen (KA3)? We beoordelen de standaard Verantwoording en dialoog als Voldoende. Wel zijn er verbeteringen nodig en mogelijk.

Verantwoording in het jaarverslag kan beter Het bestuur en intern toezicht verantwoorden zich hoofdzakelijk via het jaarverslag. Deze verantwoording is echter summier, met te weinig duiding van wat zij van het functioneren van het samenwerkingsverband vinden, ook in relatie tot de resultaten die het heeft behaald. Intern toezicht en ondersteuningsplanraad Het is nodig dat het intern toezicht (algemeen bestuur) ten minste tweemaal per jaar overlegt met de ondersteuningsplanraad (opr). Dit vindt nu niet plaats omdat het opr heeft aangegeven daar geen behoefte aan te hebben. Toch is dit wel een verplichting. Door het ontbreken van dit overleg mist het intern toezicht een belangrijk bron van informatie over het functioneren van het bestuur en laat het bestuur kansen liggen voor het versterken van kritische tegenspraak. Het bestuur voldoet daarmee niet aan artikel 17c, vijfde lid, van de WPO en moet dit herstellen. Samenstelling opr onevenredig verdeeld Een ander verbeterpunt betreft de samenstelling van de ondersteuningsplanraad. Daarin behoren negen ouders en negen personeelsleden zitting te hebben. Er zijn echter diverse vacatures die niet zijn gevuld. Wel is de samenstelling van de leden evenredig over de personeelsleden en ouders verdeeld (beide zeven).

Dialoog is voldoende maar vraagt aandacht Een dialoog met betrokkenen bij het samenwerkingsverband, zoals gemeenten en/of gemeentelijke partners over het gevoerde beleid en de resultaten voert het bestuur met enige regelmaat. Wel horen we terug dat de gesprekken over casuïstiek en over inzet van een onderwijs/zorgmedewerker stroef verloopt.

2.4. Financieel beheer Wij baseren ons oordeel over het kwaliteitsgebied Financieel beheer op de beoordeling van de onderliggende standaarden Continuïteit en Rechtmatigheid. We geven geen oordeel over Doelmatigheid.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

13/23

Het Financieel beheer beoordelen wij als Voldoende, omdat zowel de financiële continuïteit als de rechtmatigheid voldoende zijn. Wij geven geen oordeel over financiële doelmatigheid, tenzij daar nadrukkelijk aanleiding voor is. De inspectie hanteert vanaf dit jaar de ‘signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen’. De gedachte achter de signaleringswaarde is dat publiek onderwijsgeld optimaal aan onderwijs wordt besteed en niet onnodig in reserves vastzit. Volgens de berekening over de vermogenspositie van het samenwerkingsverband over 2019 komt u boven deze waarde uit. U hebt dus mogelijk bovenmatig eigen vermogen. U ontvangt hierover begin maart 2021 een brief van de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media. In deze brief wordt u gevraagd om begin mei een plan en een ingevuld format in te dienen en werd gespecificeerd aan welke voor voorwaarden dit plan moet voldoen. De verantwoordelijkheid van toetsing en waardering van de plannen en formats berust bij het ministerie, niet bij de inspectie. Wel vragen we u om vanaf verslagjaar 2020 aan de hand van de signaleringswaarde van de inspectie de hoogte van uw reserves toe te lichten en te verantwoorden in uw jaarverslag. Continuïteit Wij hebben geen indicatie van financiële risico’s voor de continuïteit voor het ondersteunen van scholen in het bieden van passend onderwijs binnen nu en twee jaar.

Wel zien wij aandachtspunten. Belanghebbenden zoals de medezeggenschap en ouders moeten kunnen begrijpen welke keuzes het bestuur maakt en welke ontwikkelingen het bestuur verwacht. De volgende onderdelen uit de continuïteitsparagraaf staan wel voorgeschreven in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs (Rjo), maar zijn niet volledig opgenomen in het bestuursverslag 2019. • De rapportage over de aanwezigheid en werking van het interne risicobeheersings- en controlesysteem is onvoldoende. • In de opgave van de personele omvang ontbreekt de indeling in de gevraagde functiegroepen. • Het bestuur geeft onvoldoende aan op welke wijze zij passende beheersmaatregelen treft bij de risico’s en onzekerheden. • De meerjarenbalans is niet volledig gebaseerd op de

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

14/23

standaardindeling. De post 'voorzieningen' ontbreekt. • De digitale meerjarenbegroting (balans en raming van baten en lasten in XBRL) stemt cijfermatig niet overeen met de door instellingsaccountant gecontroleerde jaarrekening. • De intern toezichthouder legt in het bestuursverslag onvoldoende verantwoording af over de uitvoering van zijn taken en over de resultaten die dat heeft opgeleverd. Ook geeft de intern toezichthouder onvoldoende aan hoe zij het bestuur ondersteunt en adviseert bij beleidsvraagstukken en financiële problematiek. Wij verwachten dat het bestuur hier in het eerstvolgende bestuursverslag meer aandacht aan besteedt. Doelmatigheid Wij geven geen oordeel over financiële doelmatigheid, tenzij daar nadrukkelijk aanleiding voor is. Met financiële doelmatigheid bedoelen wij dat het geld efficiënt wordt besteed en ten goede komt aan de door het bestuur gestelde doelen. Het volgende onderdeel van het verslag van de interne toezichthouder is wel voorgeschreven in de sectorwet, maar ontbreekt in het bestuursverslag 2019. • Het toezien op de doelmatige besteding van overheidsgeld is één van de taken van de intern toezichthouder. De interne toezichthouder moet hierover in het bestuursverslag verantwoording afleggen. De informatie hierover ontbrak.

Wij verwachten dat de interne toezichthouder deze tekortkoming in het eerstvolgende bestuursverslag herstelt en zullen nagaan of dat is gebeurd (artikel 17c, eerste lid, onder c en e, WPO).

Besteding van middelen Het bestuur houdt een buffer aan om tegenvallers op te vangen en (onvoorziene) risico’s te kunnen dekken. In 2018 is een risicoanalyse uitgevoerd waarbij het eigen risicobedrag € 1 miljoen zou moeten bedragen. Door het bestuur is echter besloten dat het eigen vermogen minimaal structureel € 1,7 miljoen moet zijn. Eind 2019 is de omvang van het eigen vermogen € 2.353.424 en daalt naar € 1.700.000 eind 2022. Het bestuur geeft aan dat het toch voornemens is de komende jaren het eigen vermogen terug te brengen naar € 1 miljoen. Verder meent het bestuur dat met een nieuwe risicoanalyse er naar alle waarschijnlijkheid een lager risicoprofiel zal ontstaan, waardoor er een nog groter gedeelte van het eigen vermogen kan vrijvallen en aan de doelstelling van het samenwerkingsverband kan worden besteed in plaats van dit als buffer aan te houden. In 2019 is aan de schoolbesturen een extra ondersteuning toegekend van ongeveer € 600.000 voor realisatie van basisondersteuning op de scholen. Voor deze extra doorbetaling zijn geen specifieke kaders door het bestuur meegegeven of moest een plan van inzet bij hen worden ingediend. Hierdoor is onduidelijk welke resultaten, bovenop de

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

15/23

resultaten die met de reguliere doorbetalingen worden nagestreefd, moeten worden bereikt. Het voornemen is om ook in de komende jaren extra doorbetalingen te doen aan de schoolbesturen. Wij verzoeken het bestuur zich te oriënteren op welke wijze besteding aan specifieke doelen door de schoolbesturen vorm gegeven kan worden. Het is van belang dat schoolbesturen op hun balans duidelijk maken wat de omvang is van de ondersteuningsmiddelen die nog niet zijn ingezet en dus nog beschikbaar zijn voor passend onderwijs. Met het boeken van een exploitatieresultaat onder de algemene reserve van het eigen vermogen, raakt het uit het publieke zicht en wordt het (mogelijk) niet langer gebruikt voor het doel waarvoor het ontvangen is: ondersteuning. Wij vragen het bestuur hierover duidelijke afspraken te maken met alle aangesloten schoolbestuurders. Rechtmatigheid Wij beoordelen de financiële rechtmatigheid als voldoende. Wij baseren ons hierbij op de bevindingen van de instellingsaccountant. Daarnaast speelt aanvullende informatie een rol, zoals signalen.

2.5. Afspraken over vervolgtoezicht De inspectie wijkt bij dit samenwerkingsverband voor het vervolgtoezicht af van de reguliere termijn van vier jaar. Voor de wettelijke tekortkomingen krijgt het bestuur herstelopdrachten die in onderstaand schema staan vermeld.

Tekortkoming

Wat verwachten wij van het bestuur?

Wat doen wij?

OR1 Resultaten Het samenwerkingsverband heeft een lacune in het dekkend netwerk. Er zijn leerlingen met een toelaatbaarheidsverklaring die onvoldoende passend onderwijs ontvangen vanwege te weinig plaatsen voor sbo, so en extra ondersteuning. (artikel 18a, tweede lid van de WPO).

Het samenwerkingsverband moet een samenhangend geheel van ondersteuningsvoorzieningen binnen en tussen de scholen realiseren en wel zodanig dat leerlingen een ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doormaken en leerlingen die extra ondersteuning behoeven een zo passend mogelijke plaats in het onderwijs krijgen. Het bestuur zorgt daarom voor herstel van het dekkend netwerk, zodat er voor alle leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte een zo passend mogelijke plek is op een (zo thuisnabij mogelijke) school.

In september 2022 voeren wij een herstelonderzoek uit waaruit verbetering van de resultaten moet blijken.

KA3 Verantwoording en dialoog De intern toezichthouder dient minimaal twee keer per jaar overleg te voeren met de ondersteuningsplanraad. Dit is binnen het samenwerkingsverband nog niet georganiseerd (artikel 17c, vijfde lid, WPO).

Het bestuur organiseert minimaal twee keer per jaar een overleg tussen de intern toezichthouder en de ondersteuningsplanraad, en informeert de inspectie binnen vier weken na vaststelling van dit rapport over het gepleegde herstel.

De inspectie voert in september 2022 een onderzoek uit en beoordeelt tevens aan de hand van de ontvangen informatie of het herstel is gepleegd.

Bestuur

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

16/23

FB1 Continuïteit Verschillende onderdelen onderdelen uit de continuïteitsparagraaf zijn volledig opgenomen in het bestuursverslag (artikel 4, vierde lid, Rjo): - De rapportage over de aanwezigheid en werking van het interne risicobeheersings- en controlesysteem; - In de opgave van de personele omvang ontbreekt de indeling in de gevraagde functiegroepen; - De beheersmaatregelen bij de risico’s; - De meerjarenbalans is niet volledig gebaseerd op de standaardindeling; - De interne toezichthouder legt onvoldoende verantwoording af over de uitvoering van zijn taken, de resultaten daarvan, en de wijze van ondersteuning aan het bestuur.

Het bestuur zorgt ervoor dat de genoemde onderdelen volledig in het bestuursverslag zijn opgenomen.

Wij vertrouwen er op dat het bestuur de genoemde onderdelen in het eerstvolgende bestuursverslag opneemt.

De interne toezichthouder zorgt ervoor dat een verantwoording over het toezien op de doelmatige besteding van overheidsgeld voortaan in het verslag van de interne toezichthouder is opgenomen.

Wij gaan in het eerstvolgende bestuursverslag na of deze tekortkoming is hersteld.

En de digitale meerjarenbegroting stemt cijfermatig niet overeen met de door instellingsaccountant gecontroleerde jaarrekening (artikel 5b, Rjo). FB2 Doelmatigheid De interne toezichthouder zorgt ervoor dat een verantwoording over het toezien op de doelmatige besteding van overheidsgeld voortaan in het verslag van de interne toezichthouder is opgenomen (artikel 17c, eerste lid, onder c en e, WPO).

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

17/23

3 . Resultaten verificatieonderzoek Wij bezochten enkele scholen uit het samenwerkingsverband voor een verificatieonderzoek. Tijdens verificatieonderzoeken gaan we na of scholen de afspraken uit het ondersteuningsplan nakomen. We verwachten van het bestuur van het samenwerkingsverband dat het zicht heeft op deze uitvoering in de praktijk en dat het hierop stuurt. We zijn dit nagegaan op de volgende (speciale) basisscholen: • De Spoorzoeker (17FN) • Sbo Merlijn (19HE) • Sbo De Springplank (18XS) • Het Volle Leven (19TO) We onderzochten bij de scholen de volgende afspraken uit het ondersteuningsplan (2017-2021) en we bespreken de bevindingen per afspraak. 1. Basisondersteuning Afspraak Scholen weten wat van hen gevraagd wordt in het kader van basisondersteuning, inclusief interventies (Ondersteuningsplan hoofdstuk 2, pag. 6). Het samenwerkingsverband gaat er van uit dat alle scholen deze basisondersteuning kunnen leveren.

Onze bevindingen Of alle scholen voldoen aan de basisondersteuning is niet altijd bekend. Tijdens een multidisciplinair overleg (MDO) vragen de adviseurs van het samenwerkingsverband daar wel naar en dan blijkt de in het ondersteuningsplan beschreven basisondersteuning soms niet aanwezig te zijn. Voor de sbo-scholen is meer ondersteuning beschikbaar dan de basisondersteuning. 2. Het schoolondersteuningsprofiel (sop) Afspraak Elke school heeft de wettelijke verplichting om een schoolondersteuningsprofiel (SOP) op te stellen en dit minimaal eens in de vier jaar te actualiseren. Met name op basis van de SOP’s stelt het samenwerkingsverband vast dat er sprake is van een dekkend aanbod (Ondersteuningsplan hoofdstuk 5, pag. 21)

Onze bevindingen Op alle vier scholen waar we een verificatieonderzoek hebben uitgevoerd bleek dat er wel een sop aanwezig is, maar dat deze niet meer actueel is. Ook de vindbaarheid op de website kan beter. Het is daarmee erg lastig voor het samenwerkingsverband om op basis van deze sop's een actueel beeld te geven of een dekkend netwerk aanwezig is. Het is dus noodzakelijk dat de sop's herzien worden en beschikbaar komen op de websites.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

18/23

3. Regierol (ondersteuningsstructuur) van de school voor het verkrijgen van de (extra)ondersteuning voor haar leerlingen Afspraak De school heeft, ook bezien vanuit de zorgplicht, de regierol. Indien er in het MDO overeenstemming is over het feit dat het door de school voorgestelde arrangement de op dit moment meest passende vorm van extra ondersteuning is, is het besluit tot uitvoering een feit (Ondersteuningsplan hoofdstuk 10, pag. 33)

Onze bevindingen Bij alle scholen is geconstateerd dat zij de regie voeren over de aanvraag voor extra ondersteuning voor de bij hun ingeschreven leerlingen. Daarvoor organiseert de school een MDO, waarbij over het algemeen één leerling centraal staat. Na bespreking (afhankelijk van de ondersteuningsvraag kunnen dat ook meerdere MDO's zijn) van de casus, besluit het MDO over de ondersteuning. Vaak vraagt een toelaatbaarheidsverklaring meerdere MDO's. Over het algemeen wordt de rol van de adviseur van het samenwerkingsverband als zeer waardevol ervaren. Een aandachtspunt bij de besluitvorming in het MDO is dat de scholen waar de leerling naar wordt verwezen niet altijd op de hoogte is. De sbo-scholen kunnen lastig aan de vraag voldoen. Het gaat hierbij over zowel de inhoud van de plaatsing als het tijdsstip van plaatsing, waar niet altijd aan voldaan kan worden. Er is namelijk niet (altijd) direct een plaats beschikbaar. Daarnaast hebben de sbo-scholen aangegeven dat een plaatsing bij een so-school alleen mogelijk is na onderzoek door de so-school. Dit gebeurt alleen wanneer ook plaats is. En de wachtlijsten daarvoor zijn lang. Tenslotte wordt de administratieve last bij het aanvragen van extra ondersteuning dan wel een toelaatbaarheidsverklaring, over het algemeen als groot ervaren.

Tabel verificatie afspraken In onderstaande tabel vatten wij per afspraak samen of we in de scholen terugzien wat er binnen het samenwerkingsverband is afgesproken, zoals vastgelegd in het ondersteuningsplan. Dit is geen oordeel over de scholen, maar een signaal of zij de door ons onderzochte afspraken uit het ondersteuningsplan naleven.

Afspraken

≠

2. Schoolondersteuningsprofiel

= ●

1. Basisondersteuning ●

●

3. Regierol

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

19/23

Conclusie We stellen vast dat: 1. de bezochte scholen bijna alle afspraken uit het ondersteuningsplan voldoende naleven; 2. het beeld dat het bestuur van het samenwerkingsverband heeft over het nakomen van de afspraken overwegend overeenkomt met onze bevindingen; 3. het bestuur het nakomen van de afspraken uit het ondersteuningsplan systematisch monitort en handhaaft. Zoals bij de standaard Resultaten al is aangegeven is het noodzakelijk dat het samenwerkingsverband voldoende plaatsen creëert voor plaatsing van leerlingen voor het so, sbo en voor extra ondersteuning. Ook uit de gesprekken met de scholen kwam dit nadrukkelijk naar boven. Verder dienen de aanwezige schoolondersteuningsprofielen geactualiseerd te worden.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

20/23

4 . Reactie van het bestuur Sinds 2014 geven wij in Haaglanden met ruim 200 scholen en 27 besturen vorm aan passend onderwijs. In 2017 hebben we de bakens verzet en gewerkt aan de kernwaarden Vertrouwen, Verbinden en Verantwoorden. Het is mooi om in het inspectierapport te lezen dat onze kernwaarden zichtbaar zijn in ons werk en in onze samenwerking. We worden getypeerd als een professionele organisatie die met veel onderling vertrouwen met elkaar werkt aan de realisatie van passend onderwijs in de scholen. Onze ambities ten aanzien van passend onderwijs en de afgesproken werkwijze hebben we inmiddels vastgelegd in ons (derde) ondersteuningsplan voor de periode 2021-2025. Het is goed te zien dat de externe blik van de onderwijsinspectie op veel punten aansluit op onze eigen evaluatie over de periode 2017-2021. Ons belangrijkste doel betreft het bieden van passend onderwijs voor alle leerlingen. Dit betekent concreet dat gewerkt wordt aan het realiseren van een dekkend aanbod en het opheffen van de hiaten die nu nog aanwezig zijn. De scholen voor SBO en SO zijn de afgelopen jaren gegroeid. Dit was nodig om alle kinderen een juiste, passende plek te bieden. Tegelijkertijd heeft het S(B)O meer ondersteuning geboden aan en meer expertise gedeeld met basisscholen. Zo zijn zij beter in staat om kinderen in de basisschool een passend aanbod te doen.

Deze ontwikkeling is nog niet afgerond en zal dit ook de komende jaren veel aandacht vragen. Scholen benutten steeds meer de mogelijkheden om via projecten ondersteund te worden in hun ontwikkeling rond passend - en meer inclusief onderwijs binnen de eigen school en wijk. Deze ontwikkeling zullen we verder stimuleren met aandacht voor de samenwerking met schoolmaatschappelijk werk, de jeugdzorg en andere ketenpartners. Inmiddels heeft SPPOH samen met de schoolbesturen een nieuw format voor de schoolondersteuningsprofielen ontwikkeld en afgesproken de SOP’s te vernieuwen voor 31-12-2021. Begin 2022 wordt wederom een analyse gemaakt t.a.v. het dekkend aanbod. Ook is er afgesproken de SOP’s beter vindbaar te maken voor ouders. De bestuurlijke vormgeving voldoet aan de governance vereisten waarbij zorg is gedragen voor een goede scheiding tussen de uitvoering van het beleid en het toezicht hierop. De relatie met de medezeggenschapsorganen is goed. We zullen zorgdragen voor structureel overleg tussen de raden en de intern toezichthouder. Een volwaardige bezetting van de OPR blijft onze aandacht houden.

De ontwikkelpunten van SPPOH in de komende periode zijn: • Het verder verduidelijken van de rollen van schoolbesturen, scholen en het samenwerkingsverband; • De verdere versterking van de samenwerking tussen scholen via netwerken; • Het streven naar verdere versterking van het basisonderwijs en het dekkend aanbod;

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

21/23

• Het breder inzetten van de expertise van scholen voor SBO en SO; • Het ontwikkelen van vormen van inclusief onderwijs via pilots en projecten; • Het beter betrekken en horen van ouders en kinderen bij passend onderwijs. Afsluitend Er is ook zorg over de realisatie van passend onderwijs nu scholen geconfronteerd worden met een omvangrijk lerarentekort en de huidige Coronapandemie. Goed onderwijs vergt voldoende en gekwalificeerde leerkrachten. Als de basis in de scholen niet op orde is, komt de ontwikkeling van de leerlingen in de knel en is het ideaal van passend onderwijs ver weg.

INSPECTIE VAN HET ONDERWIJS - VIERJAARLIJKS ONDERZOEK

22/23

Inspectie van het Onderwijs Postbus 2730, 3500 GS Utrecht T-algemeen 088 6696000 T-loket (voor vragen) 088 6696060

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10866345/1