RIS310531 Afweging instellen beroep tegen het provinciaal inpassingsplan t.b.v. de warmtetransportleiding Vlaardingen Den Haag
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Liesbeth van Tongeren Wethouder van Duurzaamheid en Energietransitie
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Leefomgeving
DSB/10203386 RIS310531 Contactpersoon
Dienst
Dienst Stedelijk Beheer Afdeling
DSB/Opdrachtgeving Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
10 november 2021
-
Onderwerp
Afweging instellen beroep tegen het provinciaal inpassingsplan t.b.v. de warmtetransportleiding Vlaardingen – Den Haag
Geachte voorzitter, Tijdens de vergadering van de commissie Leefomgeving op 14 oktober 2021 heeft het college de toezegging gedaan ”de commissie goed en tijdig te informeren over de juridische afwegingen t.b.v. de beroepsprocedure al dan niet via het fractievoorzitters overleg”. Tijdens de raadsvergadering van 4 november 2021 is de motie “in beroep op provinciebesluit warmtetransportleiding WarmtelinQ” aangehouden en de toezegging gedaan dat het college de raad eerst zal informeren over de afwegingen m.b.t. beroepsgronden. Met deze brief informeer ik namens het college de leden van uw commissie over de afweging en waarom het college het niet succesvol acht om beroep in te stellen tegen het provinciaal inpassingsplan van de warmtetransportleiding Vlaardingen-Den Haag (Leiding door het Midden). Beroepstermijn en indienen beroepschrift Op 13 oktober 2021 heeft Provinciale Staten van de provincie Zuid-Holland het provinciaal inpassingsplan (PIP) ten behoeve van de warmtetransportleiding Vlaardingen-Den Haag vastgesteld. Een PIP is een ruimtelijk ordeningsinstrument op provinciaal niveau vergelijkbaar met een gemeentelijk bestemmingsplan. Het PIP voorziet alleen in de ruimtelijk inpassing van het tracé. Beroep instellen tegen het PIP kan door het indienen van een beroepschrift binnen de daarvoor geldende termijn.
De beroepstermijn loopt naar verwachting van 19 november 2021 tot en met 30 december 2021. Tijdens deze termijn kan tevens beroep worden ingesteld tegen de voor feitelijke uitvoering van het project verleende uitvoeringsbesluiten (omgevingsvergunningen etc.) die samen met het PIP ter inzage worden gelegd. Beroepsgronden en conclusie Om beroep te kunnen indienen moet er sprake van een beroepsgrond zijn. Juristen en inhoudelijk deskundigen hebben beoordeeld of en zo ja welke beroepsgronden geformuleerd kunnen worden en wat de kans van slagen daarvan is. Daarbij is van belang dat de gemeente Den Haag op 23 april 2021 een zienswijze naar voren heeft gebracht tegen het ontwerp-PIP. Daarin zijn ook de door uw commissie voorgestelde aanvullingen verwoord (RIS308738 en RIS308452).
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10203386
De provincie heeft gereageerd op alle ingediende zienswijzen in de vorm van een reactienota. Deze reactienota, bekend als de nota van beantwoording, is met uw commissieleden gedeeld (RIS309844; bijlage 1) en als concept vastgesteld op 13 juli 2021 door Gedeputeerde Staten van de provincie ZuidHolland. Wethouder Van Tongeren heeft namens de raad en het college ook ingesproken op de provinciale hoorzitting. Op basis van de reactie van de provincie is vervolgens beoordeeld of beroep reëel is. Er wordt geconcludeerd dat voor het instellen van een beroep tegen het vaststellingsbesluit van het provinciaal inpassingsplan (PIP) er geen steekhoudende argumenten zijn die een mogelijk geschil in Haags voordeel ondersteunen. Vanuit de toetsing op procedurele aspecten komt naar voren dat de juiste procedures conform de Algemene wet bestuursrecht (Awb) zijn gevolgd om tot een PIP te komen. Dit houdt in: een voorbereidingsfase (voorontwerp), de terinzagelegging (ontwerp) en de definitieve fase (vaststelling en beroep). Derhalve is beroep aantekenen niet kansrijk. Hieronder wordt deze conclusie nader toegelicht voor enkele belangrijke thema’s.
Belangrijke thema’s Het stellen van voorwaarden is onvoldoende voor een succesvol beroep Het is niet mogelijk om via een planregel in het PIP de coalitievoorwaarde op te nemen: ”lokale duurzame initiatieven krijgen altijd voorrang bij het leveren van warmte aan Haagse huishoudens”. Via een planregel (artikel 6.1 in het PIP) krijgt de warmtetransportleiding bij de aanleg voorrang op andere bestemmingen. Dit is logisch omdat latere bouwplannen niet de warmtetransportleiding in planologische zin mogen blokkeren. De ontwikkeling van een mogelijke geothermiebron op het Uniperterrein heeft dus rekening te houden met de bestemming van de warmtetransportleiding. Voor het PIP en/of de provincie geldt de verplichting om rekening te houden met deze geothermie ontwikkeling niet omdat ten tijde van de vaststelling van het PIP dit nog onvoldoende concreet was. Bij levering aan het distributienet zet de Gemeente Den Haag onverminderd in op voorrang voor lokale duurzame bronnen. Groenbehoud als een belangrijk thema Er zijn geen onvolkomenheden in het combi-MER gezien. De provincie had zich wellicht meer kunnen inspannen voor groenbehoud. Als het gaat om de inpassing van het tracé moet de provincie vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening een afweging maken tussen de gevolgen voor het (waardevol) groen, en andere effecten en belangen. Deze afweging wordt in het MER gemaakt.
Bestudering van het MER leert dat er geen onvolkomenheden in het MER zijn gezien en dat de afweging over de tracévarianten in Den Haag navolgbaar is en beantwoordt aan de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Het PIP en ons gemeentelijk groenbeleid met verordeningen vormen het toetsingskader voor het verlenen van een omgevingsvergunning. Het groenbeleid van gemeente Den Haag is ten aanzien van het kappen: bij voorkeur niet kappen maar verplanten. Een verplantbaarheidsonderzoek concludeert of een boom in plaats van gekapt te worden ook verplant kan worden. Moet er toch worden gekapt dan ontstaat in principe een herplantplicht (artikel 2:91 lid 2 sub b APV; artikel 2:82 lid 2 sub b APV) en als dat niet lukt een verplichting tot storting van een bedrag gelijk aan de herplant- en/of taxatiewaarde in het gemeentelijk bomenfonds. Er wordt meer groen en maatwerk geleverd door de Gasunie dan strikt vereist is. Dit is opgenomen in het voorontwerp herinrichtingsplan groen.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10203386
De gemeente Den Haag krijgt na onderhandelingen met de Gasunie o.a. 20 bomen meer terug dan er worden gekapt, de helft van de bomen die worden herplant hebben een grotere diameter dan het herplantbeleid voorschrijft en bij de Middachtenweg worden natuurvriendelijk oevers ingericht. Op 14 april 2021 tijdens een technische sessie met uw commissieleden heeft de Gasunie de herinrichtingsplannen toegelicht. Een en ander wordt verankerd in het Definitief Ontwerp (DO). Herplant conform dit DO zal worden geborgd via de uitvoeringsovereenkomst. Als (nog) meer groencompensatie gewenst zou zijn hadden de gemeentelijke verordeningen aangepast moeten zijn. De nieuwe verordeningen zouden dan voor iedereen gelden die een kapvergunning aanvraagt. Met het indienen van een beroep tegen het definitieve uitvoeringsbesluit om een omgevingsvergunning te verlenen zou het college in dit concrete geval afwijkend handelen van het eigen beleid en/of de eigen verordeningen. Het college heeft overigens bij de kapvergunning wel extra voorschriften toegevoegd waardoor groen zoveel mogelijk wordt beschermd. De extra voorwaarden betreffen o.a. het hebben van een combi-instemmingsbesluit van het college op artikelen 2:10a en 2:11 APV, een genomen investeringsbesluit door Gasunie en dat de provincie het PIP heeft vastgesteld. Aan deze voorwaarden moet worden voldaan voordat bomen gekapt mogen worden.
Het toevoegen van deze voorschriften past binnen het toetsingskader van deze vergunning. Door de warmtetransportleiding zal zeer lokaal de grond opwarmen. De onderzoekrapportages hebben uw commissieleden ontvangen op 2 november 2021 (RIS 310452). De conclusies van de onderzoekrapportages worden door de Gasunie betrokken bij het opstellen van het definitieve herinrichtingsplan ‘groen’. De Advies Commissie Openbare Ruimte (ACOR) van gemeente Den Haag zal hierop toetsen. Planschade en nadeelcompensatie Eventuele planschade kan ingediend worden via de provincie Zuid-Holland. Nadeelcompensatie kan ingediend worden bij gemeente Den Haag en wordt afgehandeld door de gemeente Den Haag. Planschade en/of nadeelcompensatie worden, na inschakeling van een extern expert bureau, vergoed door de Gasunie. Hierbij wordt opgemerkt dat de Provincie Zuid-Holland hiertoe een samenwerkingsovereenkomst (SOK) met Gasunie is aangegaan. De gemeente Den Haag heeft zo’n overeenkomst nog niet. In de niet ondertekende concept SOK tussen Gasunie en gemeente Den Haag is een afspraak opgenomen dat de nadeelcompensatie wordt vergoed door Gasunie. Deze afspraak wordt effectief na ondertekening van deze SOK, waarvan een nadeelcompensatie overeenkomst onderdeel uitmaakt.
De combi Milieu Effect Rapportage (combi-MER) Met een zienswijze op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) is ingebracht welke milieueffecten op de varianten via de Schalk Burgerstraat kunnen worden verwacht in plaats van het leidingtracé via de De la Reyweg. De provincie heeft laten weten dat de zienswijze zal leiden tot een aanpassing van de combi-MER. Bestudering van het MER leert dat er geen onvolkomenheden in het combi-MER zijn gezien en dat meer specifiek de afweging m.b.t. de tracévarianten in Den Haag navolgbaar is en beantwoordt aan de NRD. In die NRD zijn de wensen van Den Haag t.a.v. te onderzoeken alternatieve tracés op Haag grondgebied overgenomen en dit is in het MER ook onderzocht. In de combi-MER zijn nu twee alternatieve tracévarianten via de Schalk Burgerstraat beoordeeld. Vanuit de landschappelijke waarden voor de bomen krijgt in de MER de variant Hoefkade-Schalk Burgerstraat de voorkeur boven het uiteindelijke voorkeurstracé via de De la Reyweg. Na afweging van alle belangen bestaat geen aanleiding om deze Schalkburger-varianten nader uit te werken.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10203386
De Hoefkade-Schalk Burgerstraat variant wordt negatiever beoordeeld ten aanzien van het verkeer, de ruimtelijke inpassing en de techniek. Ook zal tijdens de aanleg deze variant meer overlast ontstaan voor bewoners, hulpdiensten en andere verkeersdeelnemers. Met deze kennis werd duidelijk dat moest worden ingezet op het behoud van groene kwaliteiten langs het tracédeel De la Reyweg. Het resultaat is dat bij de De la Reyweg expansielussen zijn verschoven, de boring op een andere plek bovenkomt en hierdoor bomen in de middenberm behouden kunnen blijven of op dezelfde plek herplant kunnen worden. Een expansielus, die wel in de middenberm ligt, wordt diep in het grondwater gelegd. Bomen wortelen niet in het grondwater waardoor herplant nabij de leiding mogelijk is. In de middenberm wordt nu een beperkt aantal bomen aangetast, waarvan twee een grotere maat hebben. Met Gasunie/WarmtelinQ is afgesproken dat in de middenberm ter compensatie 4 grotere maten lindes (stamomtrek 60-70 cm) worden terug geplant. Een en ander wordt verankerd in het Definitief Ontwerp. Herplant conform dit DO zal worden geborgd via de uitvoeringsovereenkomst. Sociale Effect Rapportage Er is gevraagd om een sociale effectrapportage op te stellen omdat de aanleg van de warmtetransportleiding tijdelijk voor overlast zal zorgen.
Hiermee wordt feitelijk een nieuw aspect geïntroduceerd dat nu niet in het MER is onderzocht. Welke aspecten in een MER moeten worden onderzocht en met welke scope wordt vooraf vastgesteld in de Nota Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Deze NRD heeft begin 2020 ook ter inzage gelegen. Dat was het moment geweest om middels een zienswijze aan te geven dat dit aspect ook moet worden meegenomen in het MER en met welke scope. Dit is destijds niet ingebracht. Om snel te reageren op klachten en overlast is in de concept uitvoeringsovereenkomst (UVOK) tussen Gasunie en gemeente Den Haag een afspraak opgenomen dat een laagdrempelig centraal klachtenmeldpunt moet worden ingericht. Tot slot De Gasunie heeft op 8 november een positief investeringsbesluit genomen. Hiermee komt de aanleg van de warmtetransportleiding Vlaardingen-Den Haag in een volgende fase. Een tijdige ondertekening van de SOK, UVOK en nadeelcompensatie overeenkomst is hierbij een belangrijk aandachtspunt. Het college zal de belangen van gemeente Den Haag zo goed mogelijk bewaken. Daar waar nodig zal het college de Gasunie aanspreken op de gemaakte afspraken. Het college gaat er vanuit de raad hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, de wethouder van Duurzaamheid en Energietransitie Liesbeth van Tongeren
4/4