CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS310483 Zeer grote brand Wouwermanstraat

Commissie Bestuur 12 januari 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Raadsmededeling: Zeer grote brand Wouwermanstraat2.551 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

dienst: dienstcode

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan: de Gemeenteraad

DSO/10205112 RIS310483 Contactpersoon

Arjan Brak Dienst

DSO Afdeling

Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

9 november 2021

arjan.brak@denhaag.nl

Onderwerp

Zeer grote brand Wouwermanstraat

Op 5 juni 2021 bent u geïnformeerd over de laatste ontwikkelingen met betrekking tot de zeer grote brand in de Wouwermanstraat in de nacht van donderdag 20 mei 2021 (RIS309032). Op dat moment konden we al melden dat door een gezamenlijke inspanning, niet in de laatste plaats van de getroffenen zelf, alle mensen alternatieve huisvesting hadden gevonden. Met deze raadsmededeling informeren wij u over de huidige stand van zaken van de huisvesting van getroffenen, de steun vanuit de gemeente en betrokken organisaties en over het aangekondigde en inmiddels afgeronde onderzoek van het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV). Getroffenen bleven mede dankzij woningcorporaties centraal staan In de raadsmededeling van 21 mei 2021 (RIS308790) is aangegeven dat vervangende woonruimte zal worden gezocht voor de huishoudens die niet kunnen terugkeren naar hun huis, als zij zelf geen onderdak kunnen vinden. Aan die toezegging is inmiddels voldaan. Hierbij is de gemeente, binnen de mogelijkheden die daarvoor zijn, tot het uiterste gegaan om een oplossing te vinden. In de raadsmededeling van 5 juni 2021 (RIS309032) is aangegeven dat de gemeente overlegt met Haag Wonen, Staedion en Vestia over welk (tijdelijk) woonaanbod zij beschikbaar hebben voor de getroffenen met een sociale huurindicatie en een uitzonderlijke urgentie voor de periode na 1 juli 2021.

Dit is op verzoek van zowel de gemeenteraad als het college van B&W gedaan. Staedion bleek een aantal zogenoemde ‘logeerwoningen’ beschikbaar te stellen die zij tot augustus 2021 niet in gebruik hadden vanwege uitstel van een renovatieproject. Dat was een samenloop van omstandigheden waar de gemeente gebruik van kon maken. Tijdens hun verblijf in de logeerwoningen is alle gedupeerde huishoudens een passende huisvestingsoplossing geboden. Daarbij is rekening gehouden met de grootte en samenstelling van het huishouden, eventuele medische omstandigheden en de staat van de woning. Bij het toewijzen van woningen is aangesloten bij regels die daarover zijn vastgelegd in de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 (hierna: huisvestingsverordening). Dit om ongewenste precedentwerking te voorkomen en om maatwerk te kunnen realiseren. Aan huishoudens die zelf geen mogelijkheid zagen vervangende woonruimte te vinden, kan een woning worden toegewezen op grond van artikel 3:10 tweede lid van de huisvestingsverordening: de zogenaamde burgemeesterswoningen. Het gaat om een eenmalig passend aanbod aan woningzoekenden in zwaarwegende gevallen met hoge urgentie, als daar geen andere mogelijkheid voor open staat.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

dienst: afdeling-telefoon dienst: afdeling-website

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10205112

Hiervoor geldt een protocol dat stelt dat eerst gebruik moet worden gemaakt van andere openstaande voorzieningen. Dit is onderzocht en waar mogelijk is hiervan gebruik van gemaakt (in casu noodopvang en medische urgenties). Woonsituatie getroffenen Bij de crisissituatie waren 23 huisnummers direct betrokken. Deze woningen waren na de brand niet bewoonbaar. In enkele woningen woonden meerdere personen of gezinnen. Al deze mensen hebben een passende woning aangeboden gekregen. Uiteindelijk zijn 17 huishoudens opgevangen in de logeerwoningen. Daarvan hebben 13 huishoudens in de zomermaanden een permanente woning aangeboden gekregen; 3 huishoudens hebben zelf een woning gevonden. Door bijzondere omstandigheden is 1 huishouden tot september in een logeerwoning verbleven, waarna alsnog een permanente oplossing is geboden. Van de huishoudens die zelf tijdelijke opvang hadden geregeld (bijvoorbeeld bij familie) wonen er nu 4 in woningen die zijn aangeboden door corporaties. In de toekomst zullen 2 huishoudens terugkeren naar de woning die zij in eigendom hebben in de Wouwermanstraat. Het is nog onbekend wanneer de woningen weer bewoonbaar zijn. Tot die tijd verblijven beide huishoudens in een passende huurwoning die zij kregen aangeboden door de woningcorporaties. De meeste huishoudens hebben een sociale huurwoning aangeboden gekregen.

Een aantal huishoudens heeft een vrijesectorwoning aangeboden gekregen. Ten slotte heeft een aantal huishoudens met een urgentieverklaring een sociale huurwoning gevonden. De gemeente heeft bij het verzorgen van onderdak voor de getroffenen intensief samengewerkt met woningcorporaties Staedion, Vestia en Haag Wonen. Zij hebben zich zeer welwillend en constructief opgesteld. Dat verdient - ook langs deze weg - een woord van dank aan hen. Veel financiële en praktische hulp door burgerinitiatieven Bewonersorganisatie de Paraplu is direct na de brand een inzamelingsactie voor de getroffenen gestart van spullen, zoals shampoo en speelgoed. Getroffenen konden deze zaken gratis afhalen. Ook is een bedrag van bijna 35.000 euro gedoneerd aan de Paraplu. De stichting heeft dit geld verdeeld onder de getroffenen met behulp van de contacten en ervaring van sociaal casemanagers van de gemeente Den Haag. Er is aangesloten bij de bedragen die gelden voor bijzondere bijstand. Alle 21 getroffen huishoudens waarmee we in contact stonden, is eenmalig 500 euro uitbetaald. Daarnaast konden de getroffen huishoudens een aanvraag doen voor inrichtings-, verhuis- en opslagkosten. Hier is dankbaar gebruik van gemaakt door 11 huishoudens. Stichting Lotje heeft een oproep via Facebook gedaan om te doneren voor hulp aan de getroffen kinderen in de Wouwermanstraat.

Er is 5.000 euro gedoneerd die Stichting Lotje in overleg met de gemeente inzet. Vanuit Stichting Lotje krijgen de getroffen huishoudens met kinderen een dagje uit aangeboden (vervoer, toegangsbewijzen en eten/drinken). Ook aan andere concrete behoeftes van kinderen, zoals een fiets, spullen voor school of de mogelijkheid om te sporten, wordt tegemoetgekomen. Los van deze burgerinitiatieven kunnen mensen gebruik maken van gemeentelijke voorzieningen, zoals de bijzondere bijstand. Alle mensen die daar behoefte aan hebben kunnen in contact blijven met hun casemanager. Zij blijven beschikbaar voor vragen. Het college heeft zo, in samenwerking met genoemde corporaties, bewonersorganisatie de Paraplu en Stichting Lotje, de mogelijkheden om steun te bieden maximaal benut. Daarmee is de noodzaak voor een apart op te richten incidenteel steunfonds komen te vervallen.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10205112

Gemeente faciliteert zoektocht naar onderkomen Moskee Al Fath Bij de brand aan de Wouwermanstraat is de Moskee Al Fath zwaar getroffen. De gemeente en het moskeebestuur hebben de afgelopen periode samen tevergeefs gezocht naar een geschikte alternatieve (tijdelijke) voorziening voor de reguliere activiteiten. Helaas bleek hiervoor in de directe omgeving geen mogelijkheid aanwezig. Daarom is de gemeente de maatschappelijke en religieuze organisaties bijzonder erkentelijk dat zij tot in de zomervakantie een ruimte in wijkcentrum De Burcht beschikbaar hebben kunnen stellen voor het vrijdaggebed. In de tussentijd heeft de gemeente het moskeebestuur gefaciliteerd bij het op de kortst mogelijke termijn in gebruik nemen van een gedeelte van de beschadigde moskee. Het moskeebestuur wordt hierbij ondersteund door een architectenbureau. De gemeente, de moskee, Zebra Welzijn en Next Projecten zijn nu in gesprek over een ruimte voor de weekendschool van de moskee. Daarnaast heeft het bestuur een aparte casemanager toegewezen gekregen die adviseert over de benodigde vergunningen en meldingen. Onderzoek naar de brand door Instituut Fysieke Veiligheid Het IFV is de landelijke ondersteuningsorganisatie voor de veiligheidsregio’s en adviseert over opleidingsprogramma’s en andere acties die de veiligheidsregio’s kunnen ondernemen om de kwaliteit van hun werk te verbeteren.

Het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) deed in opdracht van de Veiligheidsregio Haaglanden onderzoek naar de van toepassing zijnde bouwregelgeving, de daadwerkelijke uitvoering van de bij de brand betrokken constructieonderdelen en details alsmede de invloed daarvan op het brandverloop. Dit onderzoek maakt deel uit van een drietal onderzoeken. Over het onderzoek van de politie dat plaatsvond onder aansturing van het Openbaar Ministerie bent u met de raadsmededeling van 5 juni geïnformeerd. Er was geen sprake van brandstichting en de oorzaak van de brand was door de hevigheid er van niet te achterhalen. De interne evaluatie van de VRH naar het brandverloop en het effect van het optreden van de Brandweer op dat verloop is inmiddels ook afgerond. Dergelijke onderzoeken worden bij grotere branden uitgevoerd in het kader van de interne kwaliteitszorg. De onderzoeken omtrent het ontstaan en het verloop van de brand zijn daarmee afgerond. De gemeente is, behalve voor wat betreft het aanleveren van technische informatie, niet betrokken geweest bij de totstandkoming van de rapportage van het IFV. De gemeente is wel in de gelegenheid gesteld om feitelijke onjuistheden aan te geven. De gemeente onderschrijft de conclusies van de rapportage van het IFV.

De combinatie van bouwwerken aan de achterzijde van de woningen, de polyester balkons en de gebrekkige aansluiting van woningscheidende wanden met het dak (onvoldoende brandwerendheid), heeft er mede aan bijgedragen dat de brand de omvang heeft gekregen die we in mei dit jaar hebben kunnen aanschouwen. IFV doet de aanbeveling om naar deze elementen uitgebreide inventarisaties te doen in de stad. Kijkend naar alleen de aansluitingen van woningscheidende wanden en het dak kunnen in Den Haag duizenden woningen betrokken zijn. De onderzoeksvraag is daarmee enorm. In 2008 waren er twee vergelijkbare branden in Hoofddorp en Zaandam waar zich vergelijkbare problemen met woningscheidende wanden voordeden. De toenmalige Inspectie VROM adviseerde gemeenten om dit type woningen te inventariseren en eigenaren tot actie te bewegen. De gemeente Den Haag heeft dit advies ter harte genomen en de inventarisatie in gang gezet. Het bleek echter een onmogelijke opgave, omdat parameters in gemeentelijke systemen om dergelijke bouwwerken te herkennen simpelweg ontbreken. Een voorbeeld hiervan is, dat de toepassing van platte of licht hellende houten daken niet uit de data van gemeentelijke systemen te destilleren is. Het gevolg van een inventarisatie zou zijn dat óf zeer veel woningen door grove criteria zoals bouwjaar (onterecht) als

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10205112

mogelijk risicobouwwerk herkend zouden worden óf dat een zeer intensief handmatig onderzoek in bouwdossiers van tienduizenden woningen uitgevoerd zou moeten worden. En dan nog zegt dat niets over het feit of er daadwerkelijk een kier tussen woningscheidende wand en dak aanwezig is. Daarvoor moet er fysiek per woning tussen plafond en dak gekeken worden. Net als in 2008 geldt ook nu dat een dergelijke inventarisatie niet of nauwelijks, anders dan uitsluitend met zeer grote handmatige inspanning, te realiseren is. Ook voor wat betreft aan- en bijgebouwen die moeten voldoen aan voldoende brandwerendheid, gaat het om zeer grote aantallen. Dit soort aanbouwen aan woningen kunnen in het kader van deregulering bijna altijd vergunningsvrij worden gerealiseerd, waardoor handhaven buitengewoon lastig is. Zonder intensief onderzoek kunnen gemeenten dergelijke bouwwerken niet herkennen, laat staan dat het mogelijk is om de brandwerendheid te toetsen. Het polyester balkons komen minder vaak voor, maar zijn ook lastig op te sporen en moeilijk te herkennen. Ook daarvan weten we als gemeente niet waar ze aangebracht zijn en is onderzoek ter plaatse noodzakelijk.

Voor zowel de gebrekkige aansluitingen van woningscheidende wanden met daken, de polyester balkons, als de brandwerendheid van aanbouwen geldt dat eigenaren niet verplicht kunnen worden om onderzoek te doen naar eventuele gebreken of om aan te tonen dat een aanbouw voldoet aan de eisen van het Bouwbesluit 2012 (waaronder voldoende brandwerendheid). In een toelichtend gesprek van de Brandweer op het IFV-rapport heeft de Brandweer tevens aangegeven dat, naast bouwkundige elementen en de aanwezigheid van bouwwerken in de omgeving, uit het interne brandonderzoek naar voren is gekomen, dat het gebruik van woningen als gevolg van onzelfstandige bewoning zonder vergunning in combinatie met overbewoning, invloed heeft op de vuurlast in woningen. Vuurlast is de totale hoeveelheid warmte die vrijkomt bij brand en wordt vergroot door de aanwezigheid van brandbare materialen zoals elektrische apparaten, matrassen etc. Branden zijn hierdoor moeilijker te blussen. Overigens is in zijn algemeenheid de vuurlast in woningen de afgelopen jaren flink toegenomen door de toegenomen welvaart. Het college ziet belangrijke aangrijpingspunten in het onderzoek van het IFV en wil daarmee aan de slag. De gemeente zal de samenwerking met de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) intensiveren. De VRH heeft onder meer een taak op het gebied van het beperken van risico’s op brand en het geven van voorlichting.

De VRH heeft daar jaarlijks capaciteit voor gereserveerd. De gemeente is belast met het bouw- en woningtoezicht, waaronder ook de brandveiligheid van woningen valt. De gemeente wil, in samenwerking met de VRH, inzetten op een gerichte informatiecampagne omdat een kostbare en tijdrovende inventarisatie niet leidt tot een veiligheidsverbetering. Een voorlichtingscampagnegericht op de drie punten uit de rapportage van het IFV is meteen van invloed op het gedrag van eigenaren, waar de onderzoeks- en uitvoeringslast uiteindelijk komt te liggen. Vanaf 1 juni 2022 is de aanwezigheid van rookmelders in woningen verplicht. Dit is een belangrijke stap. Het lost het probleem met onvoldoende brandwerendheid niet op maar de kans op tijdige ontdekking van brand, tijdige ontvluchting en het voorkomen van slachtoffers wordt hierdoor substantieel verhoogd. De VRH heeft, gezien het belang van rookmelders, al een voorlichtingscampagne opgezet. Er zal gekeken worden of dit nog gerichter kan, bijvoorbeeld naar type bouwwerk. Verder zal de Haagse Pandbrigade bij controles gerichte voorlichting geven over de brandveiligheid en handhavend optreden, indien de eigenaar of gebruikers van een woning op de drie genoemde punten in gebreke zijn. Ook zal in het VTH-jaarplan de handhaving op het ontbreken van rookmelders in woningen als prioriteit worden opgenomen.

Voor wat betreft de opmerking van de Brandweer over de vuurlast zal de Haagse Pandbrigade onverminderd streng op blijven treden tegen onzelfstandige bewoning zonder vergunning, zeker als er

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10205112

sprake is van overbewoning. De toegenomen vuurlast in deze situaties is tevens een punt van gesprek met het Rijk. Immers, bij onzelfstandige bewoning met minder dan vijf kamers gelden geen brandveiligheidseisen waardoor een illegale situatie met overbewoning, ook niet aan een dergelijk kader getoetst kan worden. Het is wenselijk dat het inzicht over de toegenomen vuurlast, die feitelijk een gevaarlijke situatie impliceert, op landelijk niveau onder de aandacht wordt gebracht en zo nodig wordt geborgd in regelgeving. Zoals u weet heeft Den Haag, mede naar aanleiding van de brand aan de Wouwermanstraat, het Rijk aangeschreven te komen met aanvullende maatregelen om de handhaving op misstanden in de bestaande woningvoorraad verder te kunnen verbeteren. Hierover voert de gemeente gesprekken met het Rijk. De Haagse Pandbrigade heeft onderzoek gedaan naar de verantwoordelijken voor de kamerbewoning in vijf woningen in de Wouwermanstraat en, als spin off van de brand, in drie woningen in de Joris van der Haagenstraat. In geen van de gevallen was een werkgever of een uitzendbureau bij de huisvesting betrokken. In de meeste gevallen waren het de hoofdbewoners zelf die andere bewoners in huis hebben gehaald. Dergelijke situaties ontstonden om de huur te drukken of vanwege het feit dat bewoners elkaar de helpende hand boden bij het vinden onderdak.

Soms was er sprake van een combinatie van beide. In twee gevallen waren commerciële verhuurders betrokken, die hebben beide een bestuurlijke boete opgelegd gekregen. Het onderzoek naar één verhuursituatie loopt nog. Tot slot De brand in de Wouwermanstraat heeft verwoestende gevolgen gehad. En tegelijkertijd is de veerkracht van getroffenen zelf, de bereidheid van corporaties om oplossingen aan te reiken en de hulp van bewonersorganisatie De Paraplu, Stichting Lotje en andere maatschappelijke en religieuze organisaties ongelooflijk hartverwarmend. De getroffenen konden niet alleen rekenen op steun van de gemeente, maar juist ook van anderen. Voor de bewoners was dit een vreselijke ramp. Tevens is de nasleep voor het college een bewijs van de veerkracht van mensen en organisaties in de stad. Het college neemt het IFV-rapport ter harte en gaat voortvarend aan de slag met de genoemde actielijnen. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10754624/2