CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS310470 bijlage 10 bijlage 8 3

Commissie Samenleving 2 december 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief van wethouder Wonen, Wijken en Welzijn inzake Toezeggingen vergadering commissie Samenleving 27 oktober 2021 (De Mussen)5.706 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

3 alinea's met “openstaande”: 536 545 637

GAD/2020.25

12 maart 2020

Financieel Onderzoek Stichting De Mussen Gemeentelijke Accountantsdienst

Pagina 1 van 15

Inhoudsopgave

1

Samenvatting

Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

2

Inleiding

6

3

Uitkomsten van het onderzoek

7

4

Tenslotte

15

GAD/2020.25

12 maart 2020

1 Samenvatting

(*1.000)

Baten

1.1

Clubhuis

1.803

Kinderopvang

492

27%

558

Buurtsport

145

52%

200

Leerwerkbedrijf

1.289

92%

1.304

Onderzoeksopdracht

Het bestuur van stichting De Mussen heeft het gemeentebestuur schriftelijk bericht over haar financieel nijpende situatie. In opdracht van de inspecteur subsidies van de gemeente Den Haag hebben we onderzoek verricht om een beter beeld te verkrijgen in de vermeende tekorten zoals die door De Mussen wordt geschetst. Daarbij hebben we de financiële positie onderzocht op aspecten met financieel resultaat, solvabiliteit, liquiditeit over de periode 2016 t/m 2018 en de prognose voor 2019 en 2020.

1.3 1.3.1

1.2

Onderzoeksobject

Deel Subsidiebaten Gemeente 55%

Lasten 1.819

Bevindingen Samengevat: Financiële positie is kwetsbaar, medio 2020 liquiditeitstekort

Bij ongewijzigd beleid nemen de negatieve resultaten jaarlijks toe en wordt de financiële positie duurzaam negatief. De financiële positie van de 4 stichtingen is kwetsbaar. De stichtingen zijn niet in staat om financiële risico’s op te vangen. De stichtingen vangen de structurele tekorten op met incidentele middelen. Zie onderstaande tabel met de verhoudingen structureel en incidenteel.

De Mussen bestaat uit 1 vereniging en 6 stichtingen: • Vereniging de Mussen; • Stichting Pand Hoefkade; • Stichting Haagse Jeugd Clubhuis De Mussen; • Stichting Buurtsport De Mussen; • Stichting kinderopvang De Mussen; • Stichting leerwerkbedrijf De Mussen; • Stichting Het Mussennest. De vereniging en de stichtingen zijn privaatrechtelijke rechtspersonen. De vereniging en de stichtingen hebben een Raad van Bestuur en hebben een gelijke samenstelling van bestuursleden. De vereniging en de stichtingen vormen samen een bestuurlijke eenheid. Voor 2019 is nog geen sprake van een geconsolideerde jaarrekening. In dit onderzoek zijn de stichtingen Clubhuis, Kinderopvang, Buurtsport en Leerwerkbedrijf betrokken. Deze 4 stichtingen ontvangen subsidies van de gemeente Den Haag voor het uitvoeren van activiteiten. De overige 2 stichtingen, Stichting Pand Hoefkade en Het Mussennest hebben geen subsidierelatie met de gemeente Den Haag. De baten en lasten van de 4 stichtingen, op basis van prognose 2019, ziet er als volg uit1.

2016

2017

2018

2019

2020

Lasten structureel %

77%

77%

79%

83%

80%

Baten structureel %

38%

32%

49%

55%

50%

2016

2017

2018

2019

2020

Lasten incidenteel %

24%

23%

21%

17%

20%

Baten incidenteel %

62%

68%

51%

45%

50%

Het liquiditeitstekort wordt opgevangen doordat de zelfstandige stichting Pand Hoefkade, de stichting Clubhuis € 0,5 miljoen heeft voorschoten. De tekorten en de financieringsstructuur brengen financiële risico’s met zich mee. Door tegenvallende baten in 2019 komen deze risico’s in het boekjaar 2019 en verder tot uitdrukking. De liquiditeitspositie van de 4 stichtingen is slecht: de directie van de 4 stichtingen verwacht dat liquiditeit vanaf medio 2020 niet toereikend is om aan de korte termijn verplichtingen te kunnen voldoen. Zonder structurele maatregelen is de continuïteit van de 4 stichtingen in gevaar.

1 De definitieve cijfers voor 2019 zijn nog niet beschikbaar.

Pagina 3 van 15

GAD/2020.25

1.3.2

12 maart 2020

Exploitatieresultaten zijn negatief en nemen verder af

1.3.3

Het resultaat van de 4 stichtingen is tot en met 2018 nihil. Voor 2019 is een negatief resultaat van € 152.000 geschat (op een omzet van € 3,7 mln.), voor 2020 een tekort van € 200.000 oplopend tot een tekort van € 320.000 in 2023. Het eigen vermogen (€ 21.000 ultimo 2019) is te gering om deze financiële risico’s op te vangen. De tot nu getroffen maatregelen zijn niet voldoende om de structurele tekorten te kunnen herstellen. •

Structurele tekorten bij het Clubhuis, de Kinderopvang, de Buurtsport en het Leerwerkbedrijf. Het negatief resultaat over 2019 wordt veroorzaakt door structurele tekorten bij het Clubhuis (€ 16.000), de kinderopvang (€ 66.000), buurtsport (€ 55.000)en het Leerwerkbedrijf (€ 15.000). De Mussen is afhankelijk van incidentele baten voor het dekken van de kosten van deze activiteiten.

•

4 stichtingen in grote mate afhankelijk van incidentele inkomsten. De verhouding incidentele en structurele lasten en baten is niet in evenwicht. De structurele kosten worden deels met de incidentele baten gefinancierd. Deze incidentele inkomsten moeten ook de vaste lasten, zoals de personeelskosten dekken.

•

De stichting Clubhuis heeft een tekort op basisbudgetvoorziening voor de huisvestingkosten en de tarieven en de uitvoeringskosten zijn niet in evenwicht. De huisvestingskosten van de stichting Clubhuis zijn hoger dan de ontvangen basisbudget voorziening. Voor 2019 is dit tekort € 113.000 en voor 2020 € 133.000. Daarnaast zijn de tarieven en uitvoeringskosten niet in evenwicht, waardoor er ook op het uitvoeringsbudget een tekort ontstaat van € 66.000 voor 2019 en € 42.000 voor 2020.

•

Besparing op de huurlasten zijn gerealiseerd, maar financiële ruimte van de stichting Clubhuis blijft beperkt. Het Clubhuis heeft een besparing gerealiseerd van € 80.000 op de huurlasten door de koop van het bedrijfspand in 2013. Deze besparing is ingezet voor het opvangen van de stijging (door o.a. prijsindexering) in de personeelskosten, organisatiekosten en activiteitenkosten.

Financiële risico’s; tijdelijke oplossingen zijn beperkt houdbaar

Riskant bedrijfsvoeringsmodel? De stichtingen Clubhuis, Buurtsport en Kinderopvang zijn afhankelijk van incidentele baten om structurele lasten te betalen. Bij tegenvallen van deze incidentele baten heeft het een groot effect op de exploitatie van de stichtingen. Dit komt al in uitdrukking in het boekjaar 2019. Financiële buffer vereniging De Mussen is tijdelijke oplossing. De financiële positie van de vereniging De Mussen is gezond (stand ultimo 2018 eigen vermogen circa € 0,6 miljoen). Over 2019 hebben we geen financiële informatie ontvangen. Indien nodig kan de vereniging de 4 stichtingen financieel ondersteunen en heeft dit ook in het verleden gedaan (2019: € 44.000). Maar de financiële buffer van de vereniging is niet onuitputtelijk en De Mussen zal met structurele maatregelen moeten komen om de financiële positie te kunnen herstellen. Liquiditeit van De Mussen kwetsbaar en medio 2020 naar verwachting negatief. De liquiditeitsproblemen van de 4 stichtingen heeft ook effect op de Vereniging de Mussen en de stichting Pand Hoefkade. De stichting Pand Hoefkade heeft als bankier opgetreden door de liquiditeitsproblemen van de stichting Clubhuis op te vangen met een rekening courantkrediet dat eind 2019 is opgelopen tot circa € 0,5 miljoen.

De Vereniging heeft op zijn beurt de stichting Pand Hoefkade ultimo 2018 gefinancierd met €110.000 om haar liquiditeitsproblemen op te vangen. Voor 2020 wordt ook een tekort begroot van € 0,2 miljoen. De verwachting van De Mussen is dat vanaf medio 2020 zij geen voldoende middelen in kas heeft om aan haar korte termijn verplichtingen te voldoen. Oplopende schuld € 0,5 mln. aan stichting Pand hoefkade. Het vastgoed is ondergebracht in een aparte stichting Pand Hoefkade. De stichting kent een voorziening van € 0,25 miljoen voor het planmatige groot onderhoud. Indien de stichting Clubhuis haar verplichtingen € 0,5 miljoen niet kan nakomen aan de stichting Pand Hoefkade heeft het effect op de liquiditeit van de stichting Pand Hoefkade. De stichting Pand Hoefkade is dan niet in staat om haar hypotheekverplichtingen te voldoen en ook niet in staat om het groot onderhoud uit te voeren. Wat voor gevolgen heeft een mogelijk continuïteitsrisico voor de stichtingen? De stichtingen zijn door de gekozen bestuursvorm aan elkaar verankerd. Indien er risico’s voor de continuïteit zich voordoen, kan dit effect hebben op alle 4 de

Pagina 4 van 15

GAD/2020.25

12 maart 2020

stichtingen. Wij hebben dit niet onderzocht. Wij adviseren de inspecteur om dit nader te onderzoeken. 1.3.4

Bevindingen instellingsaccountant

De instellingsaccountant van Stichting Clubhuis heeft reeds in 2018 aan de stichting Clubhuis geadviseerd om een plan op te stellen voor het verbeteren van de financiële positie. Anders voorziet de instellingsaccount belangrijke risico’s voor de continuïteit van de stichting Clubhuis. 1.4

Advies

Wij adviseren De Mussen om zo spoedig mogelijk een gedetailleerde liquiditeitsplanning op te stellen, om zo vast te stellen wanneer De Mussen niet meer in staat is om aan haar korte termijn verplichtingen te voldoen en welke acties nodig zijn om dit te voorkomen. De Mussen heeft structurele maatregelen nodig om tot een duurzame kostendekkende exploitatie voor 2020 en de verdere jaren te komen. De Mussen geeft aan financiële verkenningen en scenario’s te hebben onderzocht en zien geen alternatieven meer. Het is belangrijk dat er op een korte termijn oplossingen en scenario’s in kaart gebracht worden, in samenspraak met de gemeente Den Haag, om tot duurzame oplossingen te komen. Dit rapport is op 10 maart 2020 afgestemd met de directeur van De Mussen.

Pagina 5 van 15

GAD/2020.25

12 maart 2020

2 Inleiding Opdracht Het bestuur van stichting De Mussen heeft het gemeentebestuur schriftelijk bericht over haar financieel nijpende situatie. Op basis van deze situatie is na overleg met de stichting het verzoek geplaats voor onderzoek door toezichthouder ASV, de inspecteur subsidies van de gemeente Den Haag. Het verzoek aan de toezichthouder ASV is om onderzoek te verrichten naar het financiële beheer van de stichting. De GAD zal hierbij het financiële onderzoek uitvoeren en het rapport van bevindingen zal worden toegevoegd als bijlage bij het rapport van de toezichthouder ASV.

b. Analyse financiële risico’s en financiële resultaatontwikkeling i. Resultaat; begrotingsbeheersing en resultaatontwikkeling in meerjarig perspectief; ii. Solvabiliteit; analyse van de balansposten (bezittingen en schulden) en de buffer om financiële risico’s op te kunnen vangen; iii. Liquiditeit; de mate waarin de Mussen op korte termijn aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen.

Doelstelling onderzoek Doelstelling van het onderzoek is om de financiële positie van de Mussen te onderzoeken.Dit om inzicht te verkrijgen in de financiële positie van de Mussen en de vermeende tekorten.

c. Onderzoek naar de bevindingen van de instellingsaccountant aan de hand van de controleverklaring bij de jaarrekening en het accountantsrapport

Onderzoeksaanpak Wij hebben onderzoek uitgevoerd over de periode 2016 t/m 2020. Om inzicht te verkrijgen in de financiële positie van de Mussen zijn de volgende elementen in het financieel onderzoek betrokken.

d. Nagaan bij het gemeentelijke Centraal Subsidie Bureau (CSB) of er sprake is van bijzonderheden ten aanzien van subsidieverleningen en- vaststellingen voor de betreffende instelling

a. Analyse van de exploitatiecijfers 1. Uitvoering resultatenanalyse op activiteitenniveau en onderbouwing daarvan; 2. Verhouding structurele/incidentele lasten in relatie tot structurele/incidentele lasten; 3. Omvang het personeel in relatie met baten, niveau activiteiten in lijn met budget en met subsidiebaten, ontwikkeling niet gemeentelijke financiering en incidentele financiering; 4. Nagaan of uit de tariefstelling opmerkelijkheden blijken zoals berekeningsgrondslag (directe uren/indirecte uren); 5. Aandacht voor (onderhoud) vastgoed van de stichting; 6. Aandacht voor: • vaststellen in hoeverre tussen de stichtingen sprake is van een bestuurlijke eenheid • de zakelijkheid van de geldstromen tussen de stichtingen.

Pagina 6 van 15

GAD/2020.25

12 maart 2020

3 Uitkomsten van het onderzoek 3.1 3.1.1

Analyse exploitatiecijfers Algemeen

De Mussen is een buurtcentrum in het hart van de Schilderswijk met een veelzijdig activiteitenaanbod op het gebied van participatie, sport en gezondheid, kunst en cultuureducatie en natuur en techniek. De Stichting voor de Haagse Jeugd Clubhuizen De Mussen (hierna Stichting Clubhuis) is de stichting die alle activiteiten van het welzijnswerk verricht. Voor een aantal nieuwe activiteiten zijn aparte stichtingen opgericht. In 2016 is stichting Kinderopvang en in 2017 de stichting Buurtsportvereniging opgericht. In 2017 is in het kader van de Stip-regeling van de gemeente de stichting Leerwerkbedrijf opgericht. Alle 3 de stichtingen zijn gelieerd aan gemeentelijke regelingen en/of subsidies en vormen samen met stichting Clubhuis de kern van de activiteiten van De Mussen. In het kader van de aankoop van het bedrijfspand is in 2013 stichting Pand Hoefkade opgericht. Deze stichting heeft een geldlening bij de gemeente Den Haag, exploiteert het gebouw en verhuurt dit aan stichting Clubhuis. De vereniging De Mussen is opgericht voor donateurs van De Mussen. Indien nodig kan de vereniging de stichtingen financieel ondersteunen. En heeft dit tot heden ook gedaan. De 5 stichtingen en de vereniging hebben hetzelfde bestuur en vormen een bestuurlijke eenheid. Stichting Het Mussennest is een geheel zelfstandige organisatie.

Zij staat los van de activiteiten van De Mussen in Den Haag en richt zich op het faciliteren van sociale vakanties. Zij heeft een sluitende exploitatie en geen subsidierelatie met de gemeente. In het organogram is de relatie opgenomen tussen de gemeente Den Haag en de 4 stichtingen.2

2 De Stichting clubhuis, Stichting leerwerkbedrijf, Stichting Kinderopvang en Stichting

Buurtsportvereniging (De Mussen) hebben een subsidierelatie met de Gemeente Den Haag en zijn betrokken in dit onderzoek.

Pagina 7 van 15

GAD/2020.25

3.1.2

12 maart 2020

Resultaatanalyse

In de volgende grafiek is de resultaatontwikkeling voor de periode 2016-2020 opgenomen voor de 4 stichtingen. Deze cijfers zijn ontleend uit de jaarrekeningen 2016 tot en met 2018 van de Stichting clubhuis, Stichting leerwerkbedrijf, Stichting Kinderopvang en Stichting Buurtsportvereniging en de prognose 2019 en budget 2020. De prognose voor 2019 is gebaseerd op de realisatie tot en met september 2019 en een prognose voor het laatste kwartaal van 2019. De definitieve cijfers voor 2019 zijn nog niet beschikbaar. Alleen de stichting Clubhuis is verplicht om controleverklaringen te verstrekken bij de jaarrekeningen. De strekking van de controleverklaringen bij de jaarrekeningen 2016 t/m 2018 zijn goedkeurend.

Resultaatontwikkeling 2016-2020 4.000 3.500 3.000 2.500

lasten

2.000

baten

1.500

Resultaat

1.000 500 0 -500

2016

2017

2018

2019

2020

Het resultaat van de 4 stichtingen zijn in 2017 en 2018 licht positief, maar laat in 2019 en 2020 (op basis van de prognose en budget) een negatief resultaat zien.

De resultaatontwikkeling per stichting ziet er als volg uit: Clubhuis (*1.000)

2016

2017

2018

2019

2020

Lasten

1.754

2.187

1.877

1.819

1.962

Baten

1.758

2.193

1.881

1.803

1.883

Resultaat

4

6

4

-16

-79

Kinderopvang (*1.000)

2016

2017

2018

2019

2020

Lasten

32

66

611

559

587

Baten

9

49

586

493

546

Resultaat

-23

-17

-25

-66

-41

Buurtsportvereniging (*1.000) Lasten

2016

2017

2018

2019

2020

0

1

144

200

272

Baten

0

0

152

145

248

Resultaat

0

-1

8

-55

-24

Leerwerkbedrijf (*1.000) Lasten

2016

2017

2018

2019

2020

0

46

1.001

1.304

1.017

Baten

0

59

1.022

1.289

961

Resultaat

0

13

21

-15

-56

Analyse resultaat 2018 In 2018 was sprake van een positief resultaat van €8.000. De baten bedroegen €3,6 mln., waarvan €2,2 mln. betrekking had op de subsidies van Gemeente Den Haag. De lasten bedroegen €3,6 mln. en bestaan hoofdzakelijk uit personeelskosten. In 2018 heeft de stichting kinderopvang een negatief resultaat behaald van €25.000. Het negatief resultaat wordt veroorzaakt door lagere bezetting van de kinderopvang, waardoor er ook minder ouderbijdrage ontvangen is. In 2018 heeft de stichting Clubhuis een bijdrage/donatie van €30.000 ontvangen van de vereniging de Mussen. Het resultaat over 2018 is hierdoor licht positief. Analyse resultaat 2019 Voor 2019 is een tekort van €152.000 geprognosticeerd. De definitieve cijfers voor 2019 zijn nog niet beschikbaar. De prognose 2019 is gebaseerd op de werkelijke kosten tot en met september 2019 en de prognose voor het laatste kwartaal. Het negatief resultaat in 2019 van €152.000 kan niet worden opgevangen binnen het eigen vermogen €21.000 (stand 31/12/2018) van de 4 stichtingen in totaal. Alleen stichting Clubhuis en Stichting Leerwerkbedrijf hebben voldoende eigen vermogen om hun eigen tekorten te kunnen opvangen.

Pagina 8 van 15

GAD/2020.25

*€1.000

12 maart 2020

EV 31/12/2018 45

Resultaat 2019 -16

Stichting Kinderopvang

-65

-66

Stichting Buurtsport

7

-55

Stichting Leerwerkbedrijf

34

-15

Totaal

21

-152

Stichting Clubhuis

Analyse resultaat 2020 Voor 2020 wordt er ook een negatief resultaat van €200.000 verwacht voor de Mussen. Voor alle stichtingen wordt er een exploitatietekort verwacht. De oorzaken voor het negatief resultaat zijn grotendeels in lijn met die van 2019. 3.1.3

De structurele baten zijn de subsidies voor de welzijnsactiviteiten, de kinderopvang en de STiP regeling. Onder de structurele lasten vallen de vaste personeelskosten en de huisvestingskosten. Grofweg 50% van de structurele baten en lasten heeft betrekking op de STiP regeling. Voor 2020 komt er een nieuwe STiP regeling, waardoor de verhouding structureel en incidenteel anders zal zien.

De directie van de Mussen heeft in 2019 beheersmaatregelen getroffen door het besparen op personeelskosten (circa €90.000), hierbij is door 1 medewerker ontslag ingediend en voor 1 medewerker is het contract niet verlengd. Het effect hiervan is pas te zien in 2020.

In volgende tabellen zijn de verhoudingen tussen de structurele baten en lasten voor de periode 2016 tot en met 2020 opgenomen.

Het verwachte negatief resultaat 2019 hebben wij per stichting geanalyseerd: •

•

Verhoudingen incidenteel en structureel

Stichting Clubhuis Het negatief resultaat wordt o.a. veroorzaakt door de stijging van de loonkosten (CAO akkoord per september 2019) en de indirecte overheadkosten t.o.v. de gelijkblijvende subsidiebaten voor de welzijnsactiviteiten. De stichting Clubhuis heeft een tekort op basisbudgetvoorziening voor de huisvestingkosten en de tarieven zijn niet in evenwicht met de uitvoeringskosten. Er is hier sprake van een structureel tekort. Stichting kinderopvang Het negatief resultaat wordt mede veroorzaakt door een lagere bezetting bij de kinderopvang en daardoor minder ontvangsten ouderbijdrage BSO. Daarnaast is in 2019 sprake geweest van uitval van medewerkers door ziekte en zijn meer kosten gemaakt voor het inzetten van inhuurkrachten. Hier is sprake van een structureel tekort.

•

Stichting Buurtsportvereniging: De subsidie die de stichting ontvangt dekt alleen de personeelskosten van de coördinator. De rest van de kosten moet gedekt worden door eigen bijdragen. De eigen bijdragen die de stichting ontvangt zijn niet voldoende om de kosten van de activiteiten te dekken. Dit leidt tot een verlieslatende activiteit. Hier is sprake van een structureel tekort.

•

Stichting Leerwerkbedrijf Met de STiP subsidie worden de personeelskosten gedekt. Met de marge die overblijft worden de overheadkosten, o.a. begeleiding, HRM en ARBO voor een deel gedekt. Hier is sprake van een structureel tekort.

2016

2017

2018

2019

2020

Lasten structureel %

77%

77%

79%

83%

80%

Baten structureel %

38%

32%

49%

55%

50%

2016

2017

2018

2019

2020

Lasten incidenteel %

24%

23%

21%

17%

20%

Baten incidenteel %

62%

68%

51%

45%

50%

De structurele lasten zijn hoger dan de structurele baten. Dit betekent dat de structurele kosten deels met de incidentele baten wordt gefinancierd. De 4 stichtingen zijn in grote mate afhankelijk van de incidentele inkomsten. Deze incidentele inkomsten moeten ook de vaste lasten, zoals de personeelskosten en huisvestingskosten dekken.

Pagina 9 van 15

GAD/2020.25

3.1.4

12 maart 2020

Omvang personeel in relatie met baten, niveau activiteiten in lijn met budget en met subsidiebaten en ontwikkeling gemeentelijke en niet-gemeentelijke financiering

Omvang personeel in relatie met baten 2016-2020 2016 2017 2018 2019

2020

Clubhuis

56%

51%

53%

57%

60%

Kinderopvang

167%

114%

74%

90%

81%

38%

66%

53%

96%

98%

101%

Buurtsport Leerwerkbedrijf

76%

3.1.5

Tariefstelling welzijnssubsidie

De welzijnssubsidie van de gemeente Den Haag bestaat uit een budget basisvoorziening en een programmabudget. De gemeente bepaald jaarlijks voor beide onderdelen de hoogte van de subsidie. De Stichting Clubhuis berekend aan de hand van de vooraf doorgegeven subsidiebedrag de tarieven. De tarieven zijn gebaseerd op het aantal uren dat de huisvesting open is en inzet van het personeel voor het uitvoeren van de activiteiten. 2016

2017

2018

2019

2020

Budget basisvoorziening Programmabudget

296.879

296.879

296.879

296.879

296.879

384.274

375.077

385.889

385.889

401.456

Totaal

681.153

671.956

682.768

682.768

698.335

Activiteiten, budget en subsidiebaten 2019 per activiteit Clubhuis

Kinderopvang

Buurtsport

Leerwerkbedrijf

Kosten 2019

1.819

558

200

1.304

Budget 2019

1.897

650

140

1.389

Subsidiebaten 2019

993

135

107

1.195

In de onderstaande tabellen hebben wij de ontwikkeling van de uren en uurtarieven voor de periode 2016-2020 opgenomen.

uren openstelling

Ontwikkeling gemeentelijke financiering 2019-2020 2016 2017 2018 2019 2020 Clubhuis

70%

74%

67%

55%

50%

Kinderopvang

0%

0%

31%

27%

28%

52%

74%

52%

92%

93%

100%

Buurtsport Leerwerkbedrijf

95%

uurtarief openstelling

2016

2017

2018

2019

2020

4.472

4.056

4.316

4.472

4.446

-10%

6%

3%

-1%

2016

2017

2018

2019

2020

65,46

75,45

68,79

66,39

66,77

13%

-10%

-4%

1%

De uren openstelling is afhankelijk van de openingstijden van het Pand. Dat fluctueert jaarlijks een beetje.

De personeelskosten worden voor een deel gefinancierd door gemeentelijke baten en de rest wordt gefinancierd uit andere bronnen. De activiteiten van de stichtingen Clubhuis, Kinderopvang en Buurtsport zijn niet in lijn met de subsidiebaten. Deze drie stichtingen zijn in grote mate afhankelijk van niet-gemeentelijke baten voor het financieren van de activiteiten. De stichtingen krijgen verhoudingsgewijs in de loop van de jaren steeds minder subsidie van de gemeente Den Haag.

uren uitvoering

Pagina 10 van 15

2016

2017

2018

2019

2020

7.569

6.639 -14%

6.865 3%

6.499 -6%

5.800 -12%

GAD/2020.25

uurtarief uitvoering

12 maart 2020

2016

2017

2018

2019

2020

3.1.6

50,07

56,5

56,21

59,38

69,22

11%

-1%

5%

14%

De stichting Clubhuis heeft in 2013 het pand aan de Hoefkade 602 gekocht van de gemeente Den Haag om de vaste en variabele huisvestingskosten structureel te verlagen. De geschatte huurlasten in 2013 was €272.000 en zou een besparing van €81.000 opleveren.

Het aantal uren uitvoering daalt in 2020, waardoor automatisch het uurtarief stijgt. De stichting Clubhuis heeft voor 2020 4,8 fte ingezet voor het uitvoeren van de tarieven. In 2019 was dat 5 fte. Bij de tariefbepaling 2020, zijn de uren van vakkrachten niet meegenomen, wat de stichting Clubhuis in de voorgaande jaren wel heeft gedaan. De stichting Clubhuis heeft aangekaart een tekort te hebben op het budget basisvoorziening voor de huisvestingskosten. Dit hebben wij nagerekend via het berekeningsmodel van de gemeente Den Haag en stellen wij vast dat ze inderdaad een tekort hebben op het budget basisvoorziening. Voor 2019 is dit tekort €113.000 en voor 2020 €133.000. De Mussen heeft een analyse uitgevoerd op het uitvoeringstarief programmabudget (zie onderstaande tabel), uit de analyse blijkt dat de tarieven niet in evenwicht zijn met de uitvoeringkosten. 2020

2019

2018

2017

2016

Gemeente tarief o.b.v. programmabudget3

69,22

59,88

58,04

57,09

51,37

Jaarkosten lonen schaal 8.13 Aantal directe uren

70.535

65.107

63.918

62.443

60.776

1.200

1.200

1.200

1.200

1.200

Opslag overhead

30%

30%

30%

30%

30%

Minimaal nodige tarief

76,41

70,53

69,24

67,65

65,84

Tekort uurtarief

-7,20

-10,65

-11,20

-10,55

-14,47

Inzet agogen

5.800

6.166

5.925

6.079

6.457

Tekort

-41.740

-65.665

-66.385

-64.147

-93.460

(Onderhoud) vastgoed

Het bedrijfspand is ondergebracht bij de stichting Pand Hoefkade. De stichting Pand Hoefkade heeft een contract met stichting Clubhuis. Stichting Clubhuis brengt de huisvestingskosten in rekening bij de andere 3 stichtingen door middel van een verdeelsleutel. In de onderstaande tabel zijn de huisvestingskosten van de stichting Clubhuis van 2016 tot en met 2020 opgenomen. (*1.000) Huisvestingskosten

2016

20174

2018

2019

2020

378

377

300

293

277

Omdat de stichting Clubhuis vanaf 2018 de huisvestingskosten doorbelast aan de andere stichtingen, zijn de huisvestingskosten van de Stichting Clubhuis gedaald. Deze besparing is ingezet voor het opvangen van de stijging (door o.a. prijsindexering) in de personeelskosten, organisatiekosten en activiteitenkosten. De stichting Pand hoefkade heeft een onderhouds- en vervangingsfonds voor groot onderhoud. Jaarlijks wordt het positief resultaat van de stichting Pand Hoefkade toegevoegd aan het fonds, ultimo was dat €73.000. De stichting Pand Hoefkade heeft een meerjarige onderhoudsprognose (MOP) 2019 tot en met 2028 opgesteld. De totale onderhoudskosten is geschat op €0,6 mln. In het fonds zitten voldoende middelen (2018: €233.000) om zeker tot en met 2021 de geplande onderhoudskosten (volgens de MOP) uit te voeren. Voor 2022 en later is het niet zeker of er voldoende middelen aanwezig is om de onderhoudskosten te dekken en wat voor gevolgen dit zal hebben op de exploitatie van de 4 stichtingen. 3.1.7

Bestuurlijke eenheid en zakelijkheid transacties stichtingen

Wij hebben vastgesteld dat: De vereniging is de belangrijkste rechtspersoon; De doelen van de vereniging en de 4 stichtingen nagenoeg hetzelfde zijn;

4 De huisvestingskosten conform de jaarrekening 2017 is €556.000. De reguliere

huisvestingskosten voor 2017 zijn echter €377.000. Het verschil betreft verbouwingskosten die gefinancierd zijn d.m.v. een project. 3 Exclusief vakkrachten

Pagina 11 van 15

GAD/2020.25

-

12 maart 2020

Voor bepaalde bestuursbesluiten, zoals benoemen bestuursleden, het besluit tot statutenwijziging en besluit tot ontbinding van de stichting, hebben de stichtingen voorafgaande goedkeuring nodig van de vereniging; De bestuursleden van de 4 stichtingen en vereniging zijn dezelfde.

Op basis van de bovenstaande concluderen wij dat de 4 stichtingen en de verenigingen een bestuurlijke eenheid vormen. De huisvestingskosten, organisatiekosten en indirecte overheadkosten worden sinds 2018 via de stichting clubhuis doorbelast aan de stichtingen Kinderopvang, Buursportvereniging en leerwerkbedrijf. Deze kosten worden op basis van verdeelsleutels doorberekend aan de stichtingen. Voor zover wij hebben kunnen beoordelen zijn deze transacties zakelijk. Daarnaast worden ook subsidiebaten van de gemeente Den Haag via de stichting clubhuis doorberekend aan de andere 3 stichtingen. Deze openstaande vorderingen tussen deze 4 stichtingen hebben wij niet verder onderzocht, omdat het om interne verrekeningen gaat. De stichting Clubhuis heeft ook de volgende openstaande schulden en vorderingen met de stichting Pand Hoefkade en de vereniging Mussen. (*1.000)

2018

2019

RC Stichting Pand Hoefkade

-386

-496

RC vereniging de Mussen

-39

10

De rekening courant met stichting Pand Hoefkade betreft de openstaande nota’s van de huisvestingskosten. Door de liquiditeitsproblemen bij de stichting Clubhuis zijn de huisvestingskosten in 2018 en 2019 (gedeeltelijk) niet betaald. De stichting Pand Hoefkade heeft in 2018 €19.000 aan liquide middelen op de balans staan. Indien de stichting Clubhuis zijn schulden niet kan aflossen met de stichting Pand Hoefkade, leidt dit tot liquiditeitsproblemen bij de stichting Pand Hoefkade. De stichting Pand Hoefkade kan niet voldoen aan zijn hypotheekverplichtingen. De stichting Pand Hoefkade is ook niet in staat om het groot onderhoud te betalen als het clubhuis de openstaande nota’s niet betaalt. Dit kan consequenties hebben voor het veilige gebruik van het pand. 3.2 3.2.1

Financiële risico’s en financiële resultaatontwikkeling Resultaatontwikkeling 2020-2023

De Mussen heeft een meerjarige prognose 2020-2023 opgesteld. Uit deze prognoses komt het volgende naar voren.

Resultaatonwikkeling 2020-2023 4.500.000 4.000.000 3.500.000 3.000.000 2.500.000 2.000.000 1.500.000 1.000.000 500.000 0 -500.000 -1.000.000

Baten Lasten Resultaat

2020

2021

2022

2023

Op basis van de meerjarige prognose zal bij ongewijzigd beleid voor de komende 4 jaar sprake zijn van een oplopend exploitatietekort, in 2020 van €0,2 miljoen naar een exploitatietekort in 2023 van €0,3 miljoen. Deze negatieve resultaten worden o.a. veroorzaakt door stijging van de lonen en overheadkosten, lagere bezetting van de kinderopvang, verlaging van de STiP subsidie, gelijkblijvende subsidiebaten voor de welzijnsactiviteiten en niet dekkende middelen voor de buurtsportactiviteiten. Het eigen vermogen van de 4 stichtingen kan deze tekorten niet opvangen. 3.2.2

Solvabiliteit 2018-2019

De Solvabiliteit laat de verhouding zien tussen het eigen vermogen en het vreemd vermogen (schulden). Het geeft weer in hoeverre De Mussen in staat is om de betalingsverplichtingen op lange termijn te voldoen en dus financiële risico’s weet op te vangen. Het beeld is als volgt. Solvabiliteit (*€ 1.000)

2018

2017

2016

EV/Totaal vermogen (balanstotaal)

2%

2%

3%

Weerstandsvermogen (EV/Omzet)

1%

1%

1%

Eigen vermogen

21

13

12

Pagina 12 van 15

GAD/2020.25

12 maart 2020

Het eigen vermogen van de 4 stichtingen (2% van het totale vermogen, 1% van de omzet) is te gering om financiële risico’s op te kunnen vangen. De 4 stichtingen hebben geen materiële activa en geen eigen vastgoed op de balans. Het vastgoed is ondergebracht bij Stichting pand Hoefkade (bedrijfspand). De waarde van de inventaris van de 4 stichtingen wordt voor verzekeringsdoeleinden geschat op € 0,9 miljoen, en is niet om te zetten in liquiditeit (wordt gebruikt voor de operationele activiteiten). Deze zijn rechtstreeks in de exploitatie van 4 stichtingen verwerkt. De 4 stichtingen hebben ook geen langlopende schulden. De belangrijkste schuldeiser van de stichtingen is de stichting Pand Hoefkade. Behalve de stichting Buurtsport, hebben alle stichtingen hun eigen personeel in dienst. 3.2.3

Financiële positie stichting Pand Hoefkade en vereniging de Mussen

Voor de stichting Pand Hoefkade en de vereniging de Mussen hebben wij ook de financiële posities voor de periode 2016-2018 in kaart gebracht. De financiële positie van de stichting Pand Hoefkade ziet er als volgt uit. (*1.000)

2018

2017

2016

Omzet /totale baten

413

399

360

Resultaat

-

-

-

Eigen vermogen

-

-

-

Onderhouds- en vervangingsfonds

233

160

83

Liquide Middelen

19

76

19

Liquiditeitspositie (current ratio)

2,35

3,58

2,34

Solvabiliteitspositie

7%

5%

3%

(*1.000)

2018

Omzet /totale baten

36

37

36

Resultaat

-13

20

2

Eigen vermogen

588

600

580

Liquide Middelen

54

182

169

Liquiditeitspositie (current ratio)

5,46

18,36

12,79

Solvabiliteitspositie

93%

98%

98%

2016

De financiële positie van de vereniging de Mussen is gezond (eigen vermogen € 0,6 miljoen). De Vereniging heeft per ultimo 2018 een vordering van €110.000 openstaan bij de Stichting Pand Hoefkade. De Vereniging heeft de stichting Pand Hoefkade gefinancierd om zo haar liquiditeitstekorten op te kunnen vangen. Het vermogen van de vereniging is voldoende om de stichting nu financieel bij te staan, alleen voor 2019 en verder is het niet inzichtelijk of het nog mogelijk is. De buffer van de vereniging is niet onuitputtelijk en de Mussen zal met structurele maatregelen moeten komen om de financiële positie te kunnen verbeteren. 3.2.4

De financiële positie van de stichting Pand Hoefkade is in 2018 gezond maar is afhankelijk van het clubhuis. De stichting Pand Hoefkade heeft een openstaande vordering van de stichting Clubhuis van € 0,5 miljoen. Indien de stichting Clubhuis in 2019 de vordering niet kan voldoen, heeft dit een nadelig effect op de liquiditeit van de stichting Pand Hoefkade. De stichting kan niet voldoen aan zijn hypotheekverplichting en ook niet het (groot) onderhoud uitvoeren.

2017

Liquiditeit

Voor de 4 stichtingen heeft het bestuur geen liquiditeitsprognose opgesteld voor 2020. Wij hebben daardoor niet kunnen vaststellen wanneer de 4 stichtingen op korte termijn niet kunnen voldoen aan hun verplichtingen. De extra uitgaven voor de 4 stichtingen zijn de uitbetaling van de vakantie-uitkering in mei 2020 en betaling van de huisvestingsnota’s aan de stichting Pand Hoefkade. In augustus 2020 moet de stichting Pand Hoefkade voldoende middelen hebben om de hypotheek te kunnen betalen (€186.000). De verwachting van de Mussen is dat ze eind 2de of 3de kwartaal niet meer in staat is om aan haar korte termijn verplichtingen te voldoen. De bevoorschotting van de subsidie van de gemeente Den Haag vindt maandelijks plaats. In mei vindt er een hogere bevoorschotting plaats, hiermee kan mogelijk nog de vakantie-uitkering uitbetaald worden. Voor de betaling van de huisvestingsnota aan de stichting Pand Hoefkade is geen buffer aanwezig, wat in augustus tot liquiditeitsproblemen leidt bij de stichting Pand Hoefkade.

De financiële positie van de vereniging de Mussen ziet er als volgt uit.

Pagina 13 van 15

GAD/2020.25

3.3

12 maart 2020

Bevindingen instellingsaccountant

Bij de jaarrekeningen van de stichting Clubhuis wordt een controleverklaring verstrekt. De strekking van controleverklaringen van de jaarrekeningen 2016 tot en met 2018 zijn goedkeurend. Er wordt geen geconsolideerde jaarrekening opgesteld voor de 4 stichtingen, dit is niet verplicht volgens de jaarverslaggeving. Wel adviseert de accountant van de stichting Clubhuis om een geconsolideerde jaarrekening voor 2019 op te stellen voor deze 4 stichtingen. Wij onderstrepen deze aanbeveling. Sinds 2017 adviseert de accountant ook over de kwetsbare financiële positie voor het opvangen van eventuele financieel tegenvallers. De accountant adviseert bij de jaarrekeningcontrole 2018 om een plan op te stellen om de financiële positie van de Mussen te verbeteren en de gemeente Den Haag hierbij te betrekken. Anders voorzien ze belangrijke risico’s voor de continuïteit van de mussen op langere termijn. Daarnaast rapporteert de accountant over de oplopende schulden van de stichting clubhuis aan de stichting Pand Hoefkade. De liquiditeit van de stichting Pand Hoefkade kan in gevaar komen, indien de stichting Clubhuis zijn schulden niet kan aflossen. De overige verhuuropbrengsten (2018: € 60.000) van de stichting Pand Hoefkade zijn niet voldoende om de hypotheek mee te kunnen betalen. 3.4

Subsidieverleningen en subsidievaststellingen gemeente Den Haag

We zijn nagegaan of sprake is van bijzonderheden rond het vaststellen van subsidies tot en met 2018, en het verlenen van subsidies voor 2020. Er zijn geen bijzonderheden geconstateerd bij de subsidieverleningen en subsidievaststellingen van de welzijnssubsidie. De subsidie 2018 is door de Gemeente Den Haag op 15 januari 2020 vastgesteld voor een bedrag van €1,2 mln. De subsidie voor 2019 is nog niet vastgesteld door de gemeente Den Haag daar de verantwoordingsstukken uiterlijk 1 mei 2020 bij de gemeente moeten zijn ingediend. Met de beschikking van 31 december 2019 is de subsidie 2020 verleend aan de stichting Clubhuis.

Pagina 14 van 15

GAD/2020.25

12 maart 2020

4 Tenslotte Wij hebben de opdracht uitgevoerd in overeenstemming met de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Dienovereenkomstig zijn wij verplicht te voldoen aan de voor ons geldende gedragsnormen. Deze zijn te raadplegen op de website van de beroepsorganisatie www.nba.nl. Wij wijzen u er nadrukkelijk op dat geen accountantscontrole is uitgevoerd en dat geen beoordelingsonderzoek is verricht. Een en ander impliceert dat aan onze rapportage geen zekerheid met betrekking tot de getrouwheid van dit cijfermateriaal kan worden ontleend, anders dan ter zake van de aspecten zoals door ons onderzocht en waarover dienovereenkomstig door ons in deze rapportage wordt gerapporteerd. We verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en zijn natuurlijk bereid een nadere toelichting te geven. Volledigheidshalve merken we op dat het onderzoek bedrijfsgevoelige informatie bevat en daardoor niet zonder onze nadrukkelijke toestemming (deels) aan derden ter beschikking kan worden gesteld. Indien sprake is van communicatie met de Raad kan dat alleen vertrouwelijk gebeuren. GAD Den Haag, 12 maart 2020

P.E. Fernando MSc RA

Pagina 15 van 15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10744039/1