RIS310354 Beantwoording SV Vervolgvragen Aanleg padelbanen welke (on)mogelijkheden bieden bestemmingsplannen
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
30 november 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Pluimgraaff, luidend: ‘Vervolgvragen aanleg padelbanen: welke (on)mogelijkheden bieden bestemmingsplannen?’
DSB/10208664 RIS310354
Het raadslid de heer Pluimgraaff heeft op 15 oktober 2021 een brief met daarin zes vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Zou het college een reflectie willen geven op de impact van de invoering van de omgevingswet voor de aanleg van padelbanen, de zorgen van omwonenden over geluidsoverlast, en de toekomst van de groeiende sport padel en de ruimtelijke vraagstukken die hiermee samenhangen?
Het uitgangspunt bij de invoering van de Omgevingswet medio 2022 is dat alle bestaande bestemmingsplannen en beheersverordeningen per gemeente straks één omgevingsplan vormen. Tevens zullen de nu geldende geluidsnormen van het landelijke Activiteitenbesluit milieubeheer worden overgenomen in het omgevingsplan. Mocht het wenselijk zijn om de geluidsnormen aan te passen voor een activiteit in het omgevingsplan, dan zal dat eerst worden voorgelegd aan de raad. 2.
In de beantwoording van de schriftelijke vragen geeft het college aan dat de verandering van een tennisbaan in een padelbaan niet automatisch leidt tot meer hinder. Zou het college in kaart willen brengen welke omzettingen wel zorgen voor meer geluidsproductie of hinder, en welke omzettingen niet?
Of een padelbaan leidt tot meer geluidshinder zal afhangen van de omstandigheden per locatie. Bij geluids(hinder) spelen verschillende omstandigheden een rol, zoals afstanden, speeltijden, materiaal van de wanden en geluidswerende voorzieningen, enzovoort. Er zal per locatie (casuïstisch) moeten worden beoordeeld. Voor de activiteit gelden de geluidsnormen van het landelijke Activiteitenbesluit milieubeheer. Indien wordt voldaan aan deze eisen kan er weliswaar enige hinder worden ervaren, maar er is in dat geval geen sprake van een overtreding van de geluidsnormen. 3.
Het college schrijft dat de omstandigheden als de ligging van de banen ten opzichte van woningen van grotere invloed zijn. Zou het college alle type omstandigheden die hierop van invloed zijn op een rij willen zetten?
Bij de (mate van) hinder van geluid zijn de omstandigheden van de geluidsbron, de overdracht en de ontvanger van invloed. Onder punt 2. is indicatief een aantal concrete omstandigheden genoemd. Iedere situatie en locatie verschilt en moet op zichzelf worden beoordeeld.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10208664
4.
De signalen van omwonenden over mogelijke geluidsoverlast worden uiterst serieus genomen, zo schrijft het college. Zou het college willen toelichten op welke wijze het college deze zorgen serieus neemt?
Namens het college is door de Omgevingsdienst Haaglanden naar aanleiding van geluidsklachten en een handhavingsverzoek een geluidsonderzoek uitgevoerd naar de naleving van de geluidsnormen van het Activiteitenbesluit milieubeheer. De Omgevingsdienst Haaglanden neemt namens het college een besluit op het handhavingsverzoek. Slechts indien sprake is van een overtreding zal handhavend worden opgetreden. Bij meldingen voor oprichting/wijziging van activiteiten met padel in de nabijheid van woningen zal de Omgevingsdienst Haaglanden een akoestisch rapport verlangen, waaruit blijkt op welke wijze aan de geluidsnormen van het Activiteitenbesluit milieubeheer wordt voldaan. Het college is erop gericht om overschrijding van de geluidsnormen te voorkomen en waar nodig op te lossen. Als de gemeente grond verhuurt, wordt hierover vooraf een voorwaarde gesteld. Indien een overlastmelding of een verzoek om handhaving in verband met geluidshinder van inrichtingen wordt ingediend, stelt de Omgevingsdienst Haaglanden onderzoek in naar de situatie ter plaatse. Een geluidsmeting maakt vaak deel uit van dit onderzoek. 5.
Bij de twee padelbanen aan de Laan van Poot is recent in opdracht van de gemeente een geluidsonderzoek door de Omgevingsdienst Haaglanden uitgevoerd. De conclusie uit het onderzoek van mei 2021 is dat de grenswaarde voor geluid, die op grond van het Activiteitenbesluit wordt gesteld, niet wordt overschreden. Zou het college willen toelichten wat de gronden zijn om dergelijke onderzoeken wel of niet uit te (laten) voeren?
Indien een overlastmelding of een verzoek om handhaving in verband met geluidshinder van inrichtingen wordt ingediend, stelt de Omgevingsdienst Haaglanden onderzoek in naar de situatie ter plaatse. Een geluidsmeting maakt vaak deel uit van dit onderzoek. 6.
Op welke wijze is het college vanuit Ruimtelijke Ordenings-perspectief in gesprek met inwoners van het Benoordenhout over de ontwikkelingen met padelbanen?
Er wordt momenteel geen nieuw beleid of een nieuw bestemmingsplan opgesteld voor Benoordenhout. Bij aanvragen voor padelbanen worden vragen van omwonenden zo goed mogelijk beantwoord. De aanvragen zelf worden volgens de geldende wet- en regelgeving afgedaan. Als een aanvraag past in het bestemmingsplan en er geen andere weigeringsgronden zijn, moet de omgevingsvergunning worden verleend. Bij een afwijking van het bestemmingsplan en/of grondeigendom van de gemeente kunnen er voorwaarden worden gesteld en kan zo nodig toestemming worden geweigerd. In het kader van de aanvraag in Benoordenhout is dit helder gecommuniceerd aan de betrokken omwonenden. Na ontvangst van alle adviezen bleek de aanvraag voor aanleg van padelbanen op het tennispark WW te passen in het bestemmingsplan en moest dus de omgevingsvergunning worden verleend. Een milieumelding is al ingediend en de geluidssituatie zal nauwlettend worden beoordeeld. Indien een exploitant of eigenaar van een sportcomplex ook padelbanen wil aanleggen, dan moet het bevoegd gezag aan de hand van de geldende wet- en regelgeving, zoals het bestemmingsplan en het Activiteitenbesluit milieubeheer, reactief beoordelen of met de aanleg kan worden ingestemd.
Doordat de gemeente bij een aanvraag die in overeenstemming is met het bestemmingsplan verplicht is om medewerking te verlenen, is er geen mogelijkheid voor de gemeente om zelf te bepalen of al dan niet met het initiatief wordt ingestemd. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2