RIS310111 bijlage 1
Tekst van het document
NvU Steenwijklaan
Februari 2022
Ligging Steenwijklaan in Den Haag
2
NVU STEENWIJKLAAN - JANUARI 2021
INHOUD 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding 1.2 Status en doel 1.3 Opgave 1.4 Leeswijzer
5 5 5 6 6
2. SECTORALE KADERS 2.1 Stedenbouw & Planologie 2.2 Wonen 2.3 Maatschappelijke Opvang 2.4 Groen 2.5 Duurzaamheid
8 8 9 10 11 12
3. LOCATIE 3.1 Positie in de stad 3.2 Historie 3.3 Actuele ontwikkelingen en kansen
14 14 15 17
4. RUIMTELIJKE VISIE 4.1 Verbinden 4.2 Soort stedelijk milieu 4.3 Vergroenen 4.4 Verduurzamen
18 18 18 18 18
5. UITGANGSPUNTEN 5.1. Plangebied totaal 5.2 Nieuwbouw 5.3. Randvoorwaardenkaart 5.4. Welstandsbeleid
19 20 21 23 23
6. MILIEU- EN UITVOERINGSASPECTEN 6.1 Mobiliteit en (fiets-)parkeren 6.2 Windklimaat 6.3 Bezonning
25 25 25 25
6.4 6.5 6.6 6.7. 6.8 6.9 6.10
Geluid Luchtkwaliteit Bodem Archeologie Externe Veiligheid Ondergrond (kabels en leidingen) Mer beoordeling
25 26 26 26 26 27 27
7. COMMUNICATIE29 7.1 Informeren omgeving 29 7.2 Overleg omgeving 29 7.3 Planologische procedure 29
8. FINANCIERING EN UITVOERINGSASPECTEN 8.1. Financiële procedures 8.2 Juridische planologische procedure 8.3 Planning en vervolg 8.4 Financiële aspecten
30 30 30 30 30
BIJLAGE32
Luchtfoto plangebied met plangrens Plangebied
4
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
1. INLEIDING 1.1. Aanleiding De betreffende locatie Steenwijklaan 40 ligt in het stadsdeel Escamp, in de wijk Morgenstond in Den Haag Zuidwest. Het betreft een voormalig schoolgebouw aan de Steenwijklaan 40. Dit pand is in gemeentelijk eigendom en wordt nu antikraak verhuurd. Het pand is aangewezen als transformatielocatie. Na sloop van het huidige gebouw en opstallen zal de locatie worden ontwikkeld voor huisvesting van bijzondere doelgroepen (woningbouw). Er worden op dit moment gesprekken gevoerd met woningcorporatie Arcade en het Leger des Heils. De gemeente wil de locatie aanbieden aan Arcade voor de ontwikkeling van ca. 45 huurwoningen in het sociale segment. Tenminste 50% van deze woningen dient Arcade beschikbaar te stellen aan uitstromers uit de intramurale voorzieningen van het Leger des Heils. Taskforce We zien in alle typen zorg en opvang grote groepen cliënten die klaar zijn om uit te stromen, maar dat vanwege een gebrek aan een woning niet kunnen. Dit maakt dat ook de wachtlijsten voor instroom in de maatschappelijke opvang en Beschermd Wonen fors zijn toegenomen. Omdat de woningmarkt (particulier en sociaal) nog krapper is dan een jaar geleden vinden cliënten zonder hulp of maatwerk zelf nauwelijks woningen meer om uit te stromen.
De inschatting, op basis van de vraag naar woningen voor uitstroomkandidaten in het afgelopen jaar en een uitvraag bij zorginstellingen van de woningbehoefte van cliënten uit zorg en opvang, is daarom: • 750-1000 woningen/jaar structureel voor een
breed scala aan cliënten die uit kunnen stromen uit instellingen; • 300 tot 400 woningen incidenteel, om achterstanden in de uitstroom uit maatschappelijke opvang in te halen en daarnaast zorgjongeren, die het extra lastig hebben op de woningmarkt, aan een woning te helpen. Een belangrijke opmerking hierbij is dat bovengenoemde cliënten zich op dit moment grotendeels in Den Haag bevinden, maar dat hun woningbehoefte ook in andere gemeenten opgevangen kan worden. Onder zorgdoelgroepen wordt verstaan cliënten die uitstromen uit een intramurale setting naar een onzelfstandige of zelfstandige woning, waarvoor zij huur betalen en eventuele ondersteuning ambulant ontvangen. Zorginhoudelijk ligt de focus op (jong)volwassenen met lichte verstandelijke beperkingen (LVB), met lichtere GGZ- verslavingen/of forensische problematiek (o.a. deel huidig Beschermd Wonen), met een achtergrond in de (residentiele) jeugdhulp en/of als dakloze. Met een gezamenlijke aanpak vanuit de portefeuillehouders Zorg, Maatschappelijke Opvang en Wonen wordt het woningaanbod voor uitstromers uit zorg en opvang naar zelfstandig wonen uitgebreid ten opzichte van het huidige aantal woningen en daarmee de doorstroom in de keten van zorg en opvang verbeterd.
In het coalitieakkoord ‘Samen voor de stad’ benoemt dit college de urgentie van de groeiende problematiek en wil zij het tekort aan door- en uitstroomplekken oplossen. Het coalitieakkoord noemt hierbij onder andere het realiseren van containerwoningen en flexibele woningen, het ombouwen van tijdelijke locaties en kantoortransformaties. De productie moet ertoe bijdragen dat de mismatch tussen vraag en
aanbod op de woningmarkt wordt aangepakt; dit moet ook ten goede komen aan zorgdoelgroepen. Het college wil afdwingbare afspraken maken met regiogemeenten en Provincie en een beroep doen op het Rijk voor meer middelen. 1.2. Status en doel Volgens het geldende bestemmingsplan Morgenstond heeft de projectlocatie een maatschappelijke bestemming, waarbij het bestaande gebouw is vastgelegd met een bouwvlak. De ontwikkeling voor woningbouw is niet in overeenstemming met het bestemmingsplan. Mede daarom is de voorliggende Nota van Uitgangspunten opgesteld. In deze Nota van Uitgangspunten (NvU) zijn de kaders opgenomen waaraan het plan dient te voldoen om gemeentelijke medewerking te verkrijgen. De NvU wordt vastgesteld door het college van Burgemeester en Wethouders. De doelstelling van deze NvU is als volgt: • Het leggen van de basis van een projectdocument voor de ontwikkeling van ongeveer 45 sociale huurwoningen waarvan tenminste 50% wordt aangeboden aan uitstromers uit instellingen binnen de Maatschappelijke Opvang volgens de doelstellingen van Taskforce Huisvesting Zorgdoelgroepen • Het bieden van een ruimtelijke visie op hoofdlijnen voor de ontwikkeling, waarbij ook aandacht is voor de bredere context • Het bieden van ruimtelijke, functionele, juridisch-planologische kaders en randvoorwaarden voor de ontwikkeling, waarbij ook het gewenste kwaliteitsniveau wordt aangegeven
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
5
1.3. Opgave Bij de ontwikkellocatie Steenwijklaan 40 is bij de voorgestelde invulling gekozen voor een volledig sociaal programma. Uitgangspunt bij het vrijkomen van deze locatie was dat de nieuwbouw een bijdrage levert aan de doelstellingen van de Taskforce Huisvesting Zorgdoelgroepen. Deze Taskforce is heeft tot doel om de wachtlijsten bij zorginstellingen te verkorten, mede door betere uitstroom uit intramurale voorzieningen. Bij de verdere invulling van de locatie wordt uitgegaan van de gemeentelijke ambitie voor verdichten, verduurzamen en vergroenen: • De toevoeging met woningbouw levert een bijdrage aan de Haagse woningbehoefte en de verdichtingsopgave in Den Haag Zuidwest in het bijzonder en behoefte aan maatschappelijke opvang. • Vanuit duurzaamheidsoverwegingen wordt ingezet op circulaire sloop van de school. • Bij de planuitwerking wordt nader invulling gegeven aan het deels vergroenen van de locatie Er is op de nieuwbouwlocatie geen ruimte voor bedrijvigheid of voor maatschappelijke voorzieningen. 1.4 Leeswijzer De Nota van Uitgangspunten bevat 8 hoofdstukken: • Hoofdstuk 1 gaat in op de aanleiding van de ontwikkeling en de beschrijving van het planinitiatief. • Hoofdstuk 2 behandelt sectorale kaders die voor de verdere uitwerking van belang zijn, de financiën, procedures en planning en communicatie
6
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
• Hoofdstuk 3 gaat in op de locatie en ligging in de stad • Hoofdstuk 4 geeft de ruimtelijke visie weer met uitgangspunten bij verschillende thema’s • Hoofdstuk 5 schetst de stedebouwkundige uitgangspunten en de plankaart • Hoofdstuk 6 behandelt de milieu- en uitvoeringsaspecten • Hoofdstuk 7 bevat de uitgevoerde communicatieactiviteiten en vervolgstappen hierbij • Hoofdstuk 8 beschrijft financiële en juridisch planologische procedures en de planning voor de vervolgstappen
Plangebied Uitsnede bestemmingsplan Morgenstond
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
7
2. SECTORALE KADERS 2.1. Stedenbouw & Planologie Structuurvisie 2020 De structuurvisie Den Haag 2020 schetst op hoofdlijnen het ruimtelijke toekomstbeeld voor Den Haag en omgeving. Hierbij wordt onder meer gedacht aan verdichting en transformatie. Het voorliggende plan is passend binnen de gedachte van deze structuurvisie. In 2020 is begonnen met het proces dat moet leiden tot een omgevingsvisie voor Den Haag. Deze omgevingsvisie vervangt de structuurvisie en biedt dan een goede juridisch houdbare basis voor het succesvol uitvoeren van opgaven op het gebied van verstedelijking, klimaatadaptatie en energietransitie. Agenda Ruimte voor de stad De Agenda Ruimte voor de stad (RIS295016, door de raad vastgesteld op 15 december 2016) is het richtinggevend document voor de ruimtelijke ontwikkeling van de stad en als zodanig de ruimtelijke onderlegger voor de nog op te stellen Omgevingsvisie die, wanneer de nieuwe Omgevingswet van kracht wordt, ook voor gemeenten verplicht gesteld is. Voor de Agenda Ruimte voor de Stad zijn vier transitieopgaven van belang: 1. De ontwikkeling naar een nieuwe economie; 2. De vraag om een inclusieve en veerkrachtige samenleving; 3. De roep om slimme stadsontwikkeling; 4. De opgave voor de overheid om in dit proces organiserend vermogen te tonen en ruimte te bieden voor maatschappelijk initiatief.
8
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
Dat vraagt om ruimte voor innovatieve milieus, met ontmoetings- en experimenteerruimte, en aantrekkelijke vestigingsmilieus voor starters, studenten, creatievelingen, kenniswerkers en (stedelijke) gezinnen en ondernemende mensen. Stedelijke ontwikkeling is geen zaak van de gemeente alleen; allerlei partijen spelen daarin een rol. Bij de uitwerking van de agenda zal inhoud worden gegeven aan het “samen stad maken” langs vier "sporen": ruimte bieden aan initiatieven, co-creatie van ruimtelijke plannen, stadsdebat over de toekomst van de stad en de samenwerking met stakeholders. Er is daarmee ook geen “blauwdrukplanning” aan de orde. Met behulp van negen principes voor stedelijke ontwikkeling wordt in de Agenda Ruimte voor de Stad aangegeven hoe de ontwikkelingen gestuurd worden: 1. Kwaliteit van het proces door samen stad te maken en waar mogelijk ruimte bieden aan initiatiefnemers. Daarbij hoort ook experimenteerruimte die belangrijk is voor innovatie en dynamiek in de stad en ruimtelijke keuzen om antwoorden te bieden op de stedelijke en regionale opgaven. 2. Ruimtelijke kwaliteit, zoals groen, cultuurhistorisch erfgoed en de buitenruimte omdat die in belangrijke mate bijdraagt aan een aantrekkelijke leefomgeving en het economisch vestigingsklimaat. 3.
Kwaliteit door integrale samenhang met sociaal-maatschappelijke opgaven, zoals de opgave om sociaaleconomische differentiatie, functiemenging en ruimte voor wijkeconomie te bevorderen in wijken waar dat nodig is gelet op bijvoorbeeld werkeloosheid.
Het belang van veel lopende projecten wordt met deze agenda benadrukt. Goede uitvoering met ook oog voor de tijdelijke situatie vraagt een enorme inzet. Daarnaast zullen op basis van deze agenda nieuwe locaties in ontwikkeling worden gebracht. Het betreft zowel het in ontwikkeling brengen van de zachte planvoorraad als nieuwe locaties op basis van deze agenda. Het tot ontwikkeling brengen van deze locaties zal meer dan voorheen in coproductie gebeuren met de stad. Met de agenda kiest Den Haag voor ‘slim groeien’. Dit is nodig in een stad die volgens de prognoses tot 2040 groeit met zo’n 80.000 nieuwe inwoners, maar geen ruimte heeft voor uitbreiding buiten de bebouwde kom. Door slim te groeien wordt Den Haag aantrekkelijker, leefbaarder en duurzamer. Slim groeien betekent onder andere compacter bouwen in het centrum op goed bereikbare plekken, gecombineerd met meer groen in de buitenruimte functiewijzigingen van leegstaande gebouwen naar andere functies waaronder woningen.
De vijf hoofdopgaven die in de agenda benoemd worden zijn hieronder vertaald in opgaven die op Escamp en/of in het specifiek op de Steenwijklaan en omgeving van toepassing zijn: Ruimte voor de buitenruimte; • Prioriteit geven aan fietsers en voetgangers • Goede verbindingen naar het OV • Openbare ruimte als ontmoetingsruimte maken • Vergroenen van de openbare ruimte: meer verblijfsgroen en hoogwaardig groen • Het herinrichten van de inprikker naar de Steenwijklaan 40 biedt mogelijkheden voor vergroening en herinrichting tot verblijfsruimte.
Ruimte voor energietransitie en klimaatadaptatie; • Het benutten van platte daken en gevels voor zonne-energie installaties • Vergroenen van de buitenruimte • Betere waterafvoer en groene daken om daarmee de kans op wateroverlast en hittestress door klimaatverandering te verminderen
Ruimte voor stedelijk wonen; • Het toevoegen van nieuw bouwvolume passend in de ruimtelijke structuur van het gebied • Het toevoegen van nieuwe woningen die ruimte geeft voor verschillende doelgroepen en inkomensklassen Ruimte voor (nieuwe) economie en toerisme; • Het investeren in ruimtelijke randvoorwaarden voor economische vernieuwing en nieuwe werkgelegenheid • Het beter benutten van leegstaande (vrijkomende) ruimten door het realiseren van nieuwe functies zoals wonen Ruimte voor duurzame mobiliteit; • Het stimuleren van vormen van vervoer die weinig ruimte vragen en duurzaam en gezond zijn: met name lopen, fietsen en OV
2.2 Wonen Op 7 oktober 2020 heeft de raad de Woonagenda 2020-2023 vastgesteld (RIS305711). De Woonagenda 2020-2023 is een actualisatie van de vorige Woonagenda 2019-2023, aangevuld met maatregelen uit het coalitieakkoord 'Samen voor de stad'. Uitgangspunt is dat iedere inwoner fatsoenlijk en betaalbaar kan wonen. Betaalbaar wonen moet haalbaar zijn voor starters, ouderen, studenten én gezinnen. “Haags samen wonen", daar geloven we in. De Woonagenda vormt het actueel woonbeleid van Den Haag en is hiermee een concrete uitwerking van de Woonvisie. Deze woonagenda vervangt de uitvoeringsagenda bij de Woonvisie Den Haag. Belangrijke elementen van de woonagenda zijn: • maatregelen om de realisatie en het behoud van goedkope en middeldure woningen te borgen; • maatregelen om de sociale huurwoningen in Den Haag beter te verdelen; • maatregelen om de leefbaarheid in wijken te beschermen door een rem op de bouw van kleine woningen (kleiner dan 40/50 m²) en het beperken van de mogelijkheid tot bouwkundig splitsen; • maatregelen voor specifieke doelgroepen waaronder onmisbare beroepsgroepen, woonwagenbewoners, zorgdoelgroepen en studenten.
In de woonagenda zijn extra maatregelen beschreven. Den Haag kampt momenteel namelijk met een enorme woningnood. Den Haag groeit de komende jaren met 4.000 tot 5.000 inwoners per jaar. Om te zorgen dat iedereen in onze stad prettig kan wonen zijn dan ook flinke maatregelen nodig voor de Haagse woningmarkt. In de woonagenda zijn deze extra maatregelen beschreven en hieronder worden er een aantal opgesomd: • De jaarlijkse bouwambitie is verhoogd. De norm van 30% sociale woningbouw voor de hele stad groeit hierbij mee en is daarmee een eis bij nieuwbouw; • Er wordt gestreefd naar 20% betaalbare koopwoningen in nieuwbouw. Op beperkte schaal voert de gemeente een actief grondbeleid als dat helpt om de bouw van sociale huur en starterswoningen te ondersteunen.
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
9
• Het verbouwen van een woning tot 2 of meer zelfstandige woningen (bouwkundig splitsen) kan alleen nog in een beperkt aantal gebieden en onder bepaalde voorwaarden. Ook de regels voor kamerbewoning en kamerverhuurders worden strenger. Dit voorkomt negatieve gevolgen voor het karakter en de leefbaarheid van buurten. • Er is in Den Haag een groot tekort aan bepaalde beroepsgroepen zoals leraren, agenten en zorgpersoneel. Daarom experimenteert de gemeente met manieren om deze beroepsgroepen te helpen bij het vinden van huisvesting. Zo maken we het aantrekkelijker om deze beroepen uit te oefenen in Den Haag. • Er komen extra maatregelen voor het huisvesten van specifieke groepen zoals studenten, zorgdoelgroepen, ouderen en arbeidsmigranten. De krapte op de woningmarkt is enorm. De wachttijden voor een sociale huurwoning lopen verder op en het aantal mutaties daalt. Om de uitstroom van zorgdoelgroepen uit een instelling mogelijk te maken is in de woonagenda vastgelegd dat we inzetten op het toevoegen van geclusterde zelfstandige wooneenheden door transformatie of nieuwbouw. Met het voorliggende project wordt hierin voorzien. Bij plannen met eengezinswoningen geldt de verplichting van 30% sociale woningbouw vanaf 30 woningen (totale plan). Bij plannen met meergezinswoningen geldt de verplichting vanaf 80 woningen (totale plan).
Het aantal woningen op de projectlocatie ligt onder dit laatstgenoemde aantal. Ondanks dat is de beleidsmatige inzet om alle woningen in het sociale segment te realiseren. Bij een te eenzijdig aanbod van kleine woningen bestaat het risico dat bewoners hier passanten
10
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
worden zonder binding met de omgeving. Om dit te voorkomen geldt dat maximaal 20% van de woningen een kleine woning mag zijn met een woonoppervlak van maximaal 40m² GBO (CID), 50m² GBO (rest van de stad). Uitzondering hierop is mogelijk voor studentenhuisvesting, zorgwoningen en bijzondere concepten. Hieronder vallen dus ook de woningen in dit project. Ondanks deze uitzondering is de beleidsmatige inzet om zoveel mogelijk woningen te realiseren die groter zijn dan 50 m². De doelgroep is hierbij gebaat. 2.3 Maatschappelijke Opvang Het aantal dak- en thuislozen neemt de laatste jaren toe, mede door bezuinigingen op de zorg en een tekort aan uitstroommogelijkheden uit de Maatschappelijke Opvang (MO). De MO is een tijdelijke voorziening van waaruit mensen door kunnen groeien naar zelfstandigheid. Het gebrek
aan geschikte huisvesting zorgt ervoor dat de MO verstopt zit; er stromen meer mensen in dan dat er uit kunnen stromen. Met het Tien Punten Plan Maatschappelijke Opvang zet de gemeente in op het bieden van voldoende en kwalitatief goede zorg voor dak- en thuislozen. Het gaat onder andere om kleinschalige opvang, preventie, individuele ondersteuningsplannen, permanente opvang voor wie dat nodig heeft en meer woningen voor zorgdoelgroepen, waaronder MO. Daarnaast wordt gewerkt aan het Programma MO ‘Een toekomst begint met een (t)huis’. Uitgangspunten van dit programma zijn een evenredige verspreiding in de stad en regio, recht op huisvesting, draagvlak bij gerelateerde beleidsterreinen, integrale aanpak gemeente(n) en partners en inzet op positieve beeldvorming en draagvlak. Het is belangrijk om uitstroom uit de MO te bevorderen zodat de cliënten zich verder kunnen
maatschappelijke en de economische waarde. Mede op basis van de stadsgesprekken en het online platform zijn deze waarden uitgewerkt in zes thema's: klimaat, biodiversiteit, gezondheid, ontspanning imago en ontwikkeling. Voor Hagenaars voelt het vaak of groen voor nieuwe ontwikkeling moet wijken. Het is de uitdaging om intensivering te combineren met een waardevolle, betekenisvolle, gezonde en goed functionerende groenstructuur. Intensivering van de stad vraagt om intensivering van groen en groenkwaliteit. Naarmate de stad verdicht, neemt de waarde van het groen toe. Omgekeerd zorgt groen ook voor toename van vastgoedwaarde. Deze twee waarden zouden elkaar moeten vinden en versterken. ontwikkelen binnen de maatschappij. Daarnaast zorgt de verstopping binnen de MO voor onnodig veel kosten. Er is met name behoefte aan 1- of 2-kamer woningen, betaalbaar voor iemand met uitkering, waarbij ambulante begeleiding ingezet kan worden. Ook is er behoefte aan woningen voor gezinnen. Er wordt bij voorkeur een mix van mensen met en zonder zorgvraag gecreëerd zodat bewoners elkaar kunnen ondersteunen en elkaar kunnen helpen groeien. Hierbij is het van belang om de kwetsbaarheid van wijken in het oog te houden en buurtbewoners vroeg in het proces te betrekken.
leefkwaliteit in het algemeen en het groen in het bijzonder soms onder druk komen te staan. Omdat Den Haag een aantrekkelijke stad wil blijven voor bewoners, bezoekers en bedrijven, moeten er strategische keuzes worden gemaakt op het gebied van verdichting, vergroening en verduurzaming. De ambitie is een verdere kwalitatieve ontwikkeling van het Haagse groen, waarbij ruimte bestaat voor verandering en initiatief en bij ontwikkelingen groen toekomstbestendig wordt vormgegeven: groen kapitaal als basis voor een goede leefkwaliteit. Het doel is het Haagse groen kwalitatief te ontwikkelen.
2.4 Groen Agenda Groen voor de stad In de Agenda Groen voor de Stad (RIS294705) wordt geconstateerd dat door de toenemende bevolking en het bijbehorende ruimtebeslag de
De stedelijke leefkwaliteit is afhankelijk van gebiedskenmerken als bebouwingsgraad, aanwezigheid van infrastructuur en het gebruik van de ruimte (wonen, werken, recreatie, natuur). Het Haagse Groen moet gezien worden als een vorm van kapitaal met de ecologische, de
Elke (vastgoed)ontwikkeling draagt bij aan de groene kwaliteit van Den Haag. Dit gebeurt op verschillende wijze: op de klassieke wijze door ontwikkeling van parken en straatgroen, door het ontwikkelen en openstellen van groene binnengebieden en daktuinen, als ook het realiseren van geveltuintjes of groene gevels. Ook kunnen investeringen in kwaliteit of gebruikswaarde uitkomst bieden. Stedelijke Groene Hoofdstructuur De Stedelijke Groene Hoofdstructuur van Den Haag bepaalt voor een belangrijk deel het karakter van de stad. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur dient duurzaam in stand gehouden te worden en waar mogelijk versterkt (RIS300506). Het groen heeft vele functies, één daarvan is de functie als stedelijk natuurnetwerk, dat wil zeggen de drager van de stedelijke natuur en verbindingsstructuur voor de omliggende natuur. Deze structuur sluit aan op het Natuurnetwerk Nederland (NNN).
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
11
De Stedelijke Groene Hoofdstructuur bestaat uit kerngebieden (de groengebieden) met daartussen de ecologische verbindingszones. Nota Stadsnatuur In Den Haag zien we de natuur als belangrijk onderdeel van onze stad. Een stad met een vitale stadsnatuur is een gezonde stad. In de Nota Stadsnatuur (RIS305824) zijn handvatten opgenomen waarmee we werken aan een gezond stadsecosysteem met meer biodiversiteit. Een groene stad heeft veel te bieden aan inwoners. Bomen en planten zorgen immers voor verkoeling tijdens warme zomers en bieden een aangename plek voor bewoners om te verblijven. Een groene stad is ook beter toegerust om mee te bewegen op veranderingen in het klimaat, zoals uitschieters in temperaturen en neerslag. Een stad waar veel verschillende planten- en diersoorten zoals vlinders en vogels voorkomen, blijkt positief te zijn voor het welzijn van mensen. Een hoge biodiversiteit zorgt ervoor dat lastige soorten minder kans krijgen en er genoeg natuurlijke vijanden zijn om plaagsoorten in toom te houden. Een belangrijke voorwaarde voor een gezond stadsecosysteem is de aanwezigheid van een uitgebreid netwerk van groengebieden die onderling met elkaar verbonden zijn. De groengebieden zijn de belangrijke kerngebieden voor allerlei planten- en diersoorten. De ecologische verbindingszones zorgen als robuuste brede groenblauwe structuren voor de verbinding van deze gebieden.
Zo kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen en functioneren deze daarnaast ook als belangrijke leefgebieden. In deze nota wordt de nadruk gelegd op een optimale ecologische inrichting door middel van vuistregels
12
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
voor biotopen en -beheer, behoud en de mogelijke uitbreiding van de ecologische verbindingszones. Is extra ruimtebeslag van een niet-ecologische functie onvermijdelijk dan moet de inpasbaarheid hiervan worden onderzocht. Naast het behoud en de ontwikkeling van bovengenoemd netwerk, wordt aandacht besteed aan het rekening houden met leefomstandigheden van planten en dieren bij beheer en inrichting van groen in brede zin. We werken aan een natuurinclusieve stad met een ecologisch gezond stadswatersysteem, het beheersbaar houden van overlastgevende planten en dieren en zetten we in op monitoring van onze stadsnatuur. Natuurinclusief bouwen Het college van B&W wil groen- en natuurinclusief bouwen (NIB) in de stad bevorderen. Het levert een bijdrage aan de instandhouding van soorten, aan de klimaatopgave door vermindering van hittestress en wateroverlast, aan de mogelijkheden voor natuurbeleving in de stad en daarmee samenhangend aan het welzijn en de gezondheid van mensen. Conform het besluit over het Puntensysteem Groen- en Natuurinclusief bouwen (RIS 301953) geldt voor de ontwikkeling van deze locatie dat er 16 punten behaald moeten worden. Deze punten kunnen behaald worden met de maatregelen uit de tabel in bijlage 3. Voor uitleg over de maatregelen zie bijlage C van het rapport: https://denhaag.raadsinformatie.nl/ document/7416644/1/RIS301953_bijlage_het_ rapport.
Aanbevelingen algemeen: • Samenwerking met een ecoloog en/ of landschapsarchitect gedurende het hele
bouw(plan)proces • Zorg voor robuust groen • Raadpleeg Natuurkaart Den Haag • Koppel meerdere doelen mee (wateropvang, hittestress, biodiversiteit, belevingswaarde) • Maak een plan voor meerjarig beheer en onderhoud • Zorg voor borging behoud van het groen bij verkoop pand. 2.5 Duurzaamheid In de recente Kadernota Duurzaamheid Schone Energie in een groene stad (RIS301829) zijn vier thema’s benoemd waarmee gewerkt wordt aan een gezonde, leefbare en toekomstbestendige stad. De vier thema’s zijn: schone energievoorziening, betere leefomgeving, duurzaam stedelijk vervoer en een duurzaam gebruik van grondstoffen. Energietransitie De verschillende planonderdelen zullen klimaatneutraal en zonder aardgas worden opgeleverd. Bij een renovatie is aardgasvrij het uitgangspunt. De ambitie is dat ieder geschikt dak zonnepanelen of zonneboilers krijgt. Leefomgeving Bij de groei van de stad en het veranderende klimaat is de realisatie van een klimaatbestendige, schone en gezonde stad te urgent. Milieu- en klimaatmaatregelen zijn integraal onderdeel van het stedelijk ontwerp en de inrichting van de openbare ruimte. Voor de versterking van het leefklimaat komt er meer ruimte voor groen en water in de stad. Waar mogelijk wordt gekozen
voor natuurlijke beplanting, groene daken, verticaal groen en geveltuintjes. Mobiliteit Door de groei van de stad neemt het aantal verplaatsingen in de stad toe. Er is een ander mobiliteitssysteem nodig met meer openbaar vervoer, fietsen en lopen. Binnen het plangebied zal ingezet worden op adequate voorzieningen fietsers en wandelaars. Grondstoffen Bij de verschillende planonderdelen zal worden zorggedragen voor inpandige afvalopslag . Waar mogelijk zal worden ingezet worden op beperking van de hoeveelheid afval, hergebruik, zo nodig als grondstof voor een nieuw product (reduce, re-use, recycle).
Ligging Steenwijklaan in Den Haag NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
13
Menu
3. LOCATIE
3.1 Positie in de stad Den Haag Zuidwest Het project Steenwijklaan ligt in het stadsdeel Escamp in de wijk Morgenstond. Deze wijk is onderdeel van Den Haag Zuidwest, een grote naoorlogse wederopbouwwijk. Voor Den Haag Zuidwest wordt op dit moment gewerkt aan een integrale Visie op het gebied voor de komende 20 jaar. Een van de thema’s in deze Visie is het gedeeltelijk transformeren van de eenzijdige woningvoorraad. Dit gebeurd onder andere door in het gebied 10.000 nieuwe woningen te realiseren. Deze transformatie biedt kansen de betrokken wijken in Zuidwest te vernieuwen. De verdichting beantwoordt ook aan de blijvende behoefte in Zuidwest aan sociale huurwoningen Voor de wijk Morgenstond, waar de locatie voor dit project ligt, wordt ook gewerkt aan een Gebiedsagenda. Dit is een ontwikkelperspectief voor deze wijk voor de komende 10 jaar. Daarmee
is het een gedetailleerdere uitwerking van de opgaves en ambities die ook in de Visie Zuidwest aan bod komen. In het kader daarvan is onder andere een zonering voor verdichtingslocaties opgesteld op basis van ligging ten opzichte van voorzieningen, openbaar vervoersknooppunten en hoofdwegenstructuur. De locatie ligt volgens deze opzet in een zone waar verdichting wenselijk is. Plangebied Het plangebied wordt aan de noordoostzijde begrensd door een voetpad en een watergang langs de sportvelden van HKV/Ons Eibernest, in het zuidoosten door een woongebouw dat zijn adres heeft aan de Leyweg en in het zuidwesten en noordwesten door bestaande woonbebouwing aan de Leyweg en de Steenwijklaan. De ontsluiting verloopt via een kleine zijweg die uitkomt op de Steenwijklaan. Het oppervlak van de kavel is 2.150m2 Hiervan is 79,5% verhard en bebouwd (zie bijlage 3).
Bevolking Inwoners
Inwoners 34 Morgenstond, aantal
18.305
Klik hier voor cijfers over bevolking voor Den Haag
20.251
2015
2020
DHIC/GDH/DPZ | 2015, 2020
Inwoners naar migratieachtergrond percentage
Inwoners naar lee ijd percentage 34 Morgenstond
29,4
23,5
63,8
12,6
44,3
Den Haag
55,7
22,6
70,6
34 Morgenstond
Den Haag
Nederlands
0
62,7 20
met migratieachtergrond
40 0 t/m 19 jaar
14,6 60
20 t/m 64 jaar
80
100
65 jaar en ouder
DHIC/GDH/DPZ | 2020
DHIC/GDH/DPZ | 2020
Menu
Gemiddelde lee ijd inwoners jaren
Geborenen en overledenen 34 Morgenstond, per 1.000 inwoners
44
20
42
16
40
12
38
8
18
5
4
36
0 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 34 Morgenstond
Den Haag
geborenen
overledenen |
Den Haag
DHIC/GDH/DSO/PSO | 1993 - 2020
DHIC/GDH/DPZ | 2019
Wonen en woningmarkt Woningvoorraad
Woningen (voorlopig maandcijfer) 34 Morgenstond, aantal
10.074 *
Klik hier voor cijfers over wonen voor Den Haag
10.074 *
1 december 2020
1 januari 2021
DHIC/CBS + GDH/DSO | 1 december 2020, 1 januari 2021 | *Schatting
Woningen 34 Morgenstond, aantal
Groei woningvoorraad afgelopen 5 jaar
9.774
9.988 *
2016
2,8%
2021
34 Morgenstond
DHIC/CBS + GDH/DSO | 2016, 2021 | *Schatting
DHIC/CBS + GDH/DSO | 2017
Woningen naar eigendom
Woningen naar type
34 Morgenstond
34 Morgenstond
25,3%
64,3%
9,0%
Den Haag 44,1% 0%
20% koop
sociale huur
31,4% 40%
60%
particuliere huur
23,5% 80%
eigendom nog niet bepaald
DHIC/GDH/GBD (OZB-bestand) | 2020
Gebiedsagenda Morgenstond
14
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
situering projectgebied
Mutaties
10,7%
89,2%
Den Haag
Morgenstond in cijfers
21,9% 100%
0%
76,3% 20%
40% eengezinswoning
60% appartement
80% overige woning
DHIC/GDH/GBD (OZB-bestand) | 2020
100%
3.2 Historie Den Haag Zuidwest Den Haag Zuidwest is opgebouwd op de geomorfologische ondergrond van Den Haag met lange ontginningslijnen parallel aan de kust en dwars daarop verbindingen loodrecht op de kust, die samen de voor Zuidwest kenmerkende gridstructuur vormen. Zuidwest bestaat uit drie verschillende wijken, Moerwijk, Morgenstond en Bouwlust Vredenrust die tussen ca 1950 en 1975 achtereenvolgend gerealiseerd zijn. Binnen deze herkenbare structuur van Zuidwest werd het stedenbouwkundige gedachtengoed van de ‘wijkgedachte’ in de praktijk gebracht: herkenbare woonwijken met een heldere hiërarchie in buurt-, wijk- en stadsdeelvoorzieningen. Naast de wijkgedachte is Den Haag Zuidwest opgezet als een stadswijk met ‘licht, lucht en ruimte’ voor de middenklasse. De nieuwe wijken moesten voldoen aan nieuwe inzichten op het gebied van stedenbouw en volkshuisvesting. De opzet van de woonwijken werd ruimer, opener en groener in vergelijking met vooroorlogse stadsuitbreidingen en ook de woningen zelf waren qua oppervlakte en indeling een stap vooruit binnen de sociale woningvoorrraad. Morgenstond De wijk Morgenstond is gebouwd eind jaren 50 tot medio jaren 60 nadat in grote lijnen het plandeel Moerwijk gereed was. Het is het eerste gedeelte van het stadsdeel Den Haag Zuidwest dat geheel volgens het stedenbouwkundig plan van Dudok is aangelegd.
Morgenstond wordt gekenmerkt door een orthogonale opzet met ruime profielen, veel De karakterisering van de verschillende wijken van Zuidwest NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
15
portiekwoningen van vier lagen en een opvallende ‘tweede structuur’ binnen deze opzet. Deze structuur is herkenbaar aan de singels en monumentale bomenrijen en verbindt een groot aantal voorzieningen binnen Morgenstond met elkaar. Op latere datum is het winkelcentrum Leyweg nog toegevoegd aan het voorzieningenprogramma. Dit is uitgegroeid tot de grootste winkelconcentratie van Den Haag Zuidwest. Het voormalige schoolgebouw ligt aan een kleine zijweg van de Steenwijklaan en is daarmee verbonden aan de singelstructuur van Morgenstond. Na de bouw van Den Haag Zuidwest voltrekt zich een geleidelijke verandering in de wijken. De kinderen van de gezinnen verlaten het ouderlijke huis en daarmee komen de collectieve ruimten er wat verlaten bij te liggen. Door de komst van de auto en telefoon worden afstanden minder belangrijk en treedt schaalvergroting op. De buurt is niet langer de maat der dingen. In de laatste fase trekken ook de bewoners van het eerste uur langzaam weg, vaak naar groeikernen in de omgeving naar eengezinswoningen met tuin. In de goedkope huizen komen Hagenaars met lage inkomens, zoals bewoners uit de stadsvernieuwingswijken en arbeidsmigranten en vinden opnieuw kinderrijke gezinnen onderdak. Vandaag is Den Haag Zuidwest en met name Moerwijk een stadsdeel dat statistisch gezien slechte cijfers kent.
Het aandeel mensen met een laag opleidings- en inkomensniveau, met een uitkering of zonder werk is hoog; het voorzieningenniveau is ondermaats en de reistijden van het openbaar vervoer naar concentraties van stedelijke en regionale werkgelegenheid zijn lang. Uitbreidingsplan Leyweg met analyse van groene binnenstructuur 16
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
Vanaf ongeveer 1990 is begonnen met herstructureren en is de vernieuwing van Morgenstond in gang gezet. Zo zijn een aantal portiekflats vervangen door eengezinswoningen en is het markante Stadsdeelkantoor aan de Leyweg gerealiseerd. Verder is het winkelcentrum Leyweg substantieel uitgebreid. 3.3 Actuele ontwikkelingen en kansen Actuele ontwikkelingen Er spelen diverse ontwikkelingen in Zuidwest die een impuls kunnen geven aan het gebied. Het gebied is in beweging. Op dit moment spelen de volgende ontwikkelingen die van toepassing zijn op het project Steenwijklaan: • Gebiedsvisie Den Haag Zuidwest • Gebiedsagenda Stadshart Leyweg Morgenstond/ Leyweg • Duurzaamheidsbeleid gemeente Den Haag • Vastgestelde Woonagenda • Ruimtelijke verkenning verdichtingsmogelijkheden • Sportvelden Steenwijklaan in overleg met HKV/ Ons Eibernest • Wijkagenda Morgenstond
Sportpark en hoogbouw langs de Erasmusweg
Nieuwbouw aan de Erasmusweg
Verdichtingsstrategie Gebiedsagenda Morgenstond
Stadskantoor aan de Leyweg
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
17
4. RUIMTELIJKE VISIE 4.1 Verbinden Het project maakt deel uit van de vernieuwing van Morgenstond. In de nabijheid van het plan lopen nog een aantal ruimtelijke verkenningen. Gezamenlijk gaan deze projecten zorgen voor meer verwevenheid in het gebied. Langs het project is een ontsluitingsweg gepland die overgaat in een langzaamverkeersverbinding naar de Erasmusweg. In het plan wordt rekening gehouden met een brugverbinding voor langzaam verkeer naar het sportterrein aan de Steenwijklaan en de voorzieningen die daar liggen.
4.2 Verdichten In dit project worden ca. 45 nieuwe sociale huurwoningen aan de woningvoorraad toegevoegd. Met deze toevoeging wordt een bijdrage geleverd aan de Haagse woningbouwopgave en specifiek aan de missie van de Taskforce Zorgdoelgroepen. Dit omdat 50% van de woningen wordt uitgegeven aan uitstromers uit de intramurale voorzieningen van het Leger des Heils. Daarnaast draagt het bij aan de woningopgave doordat in de huidige situatie op dit kavel nog geen woningbouw aanwezig is. Elke nieuw toe te voegen woning draagt dus bij aan het bereiken van de opgave.
bebouwing ligt een parkeerterrein voor 32 auto’s met ruimte voor een aantal bomen. Door een specifieke verharding voor dit parkeerterrein te kiezen kan ook nog verder worden vergroend en verduurzaamd (zie bijlage 8). 4.4 Verduurzamen Er zullen duurzame maatregelen getroffen worden om een kwaliteitssprong mogelijk te maken naar een klimaatneutrale stad in 2040. De gemeente biedt de initiatiefnemer de ruimte om in het deelgebied een eigen invulling te geven aan de duurzaamheidsambitie. Het project is ter advisering voorgelegd aan het Haags Duurzaamheidsteam op 17 december 2019. Op basis van dit advies wordt nu onderzocht of het schoolgebouw circulair kan worden gesloopt. De wens is om materialen die kunnen worden hergebruikt een plek te geven in het ontwerp van de nieuwbouw.
V
G B
Verhouding verhard/groen: Huidige situatie
V B
4.3 Vergroenen De opzet van het project Steenwijklaan betekent een verandering van de verhouding bebouwing en groen op deze locatie. De locatie bestaat nu uit een schoolgebouw van één bouwlaag en een verhard schoolplein. In de nieuwe situatie is een compact bouwvolume met een footprint van 637,5 m2 (zie bijlage 2) voorgesteld grenzend aan een gemeenschappelijk groengebied. Voor de Verhouding verhard/groen: Nieuwe situatie
18
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
G
5. UITGANGSPUNTEN 5.1. Plangebied totaal Het plangebied betreft de locatie van een voormalig schoolgebouw aan de Steenwijklaan. De locatie wordt ontsloten door een kleine zijstraat van de Steenwijklaan die bij de entree van het schoolgebouw overgaat in een voetpad langs de sportvelden. Hiertussen bevinden zich nog een groenstrook en een waterpartij. Het plangebied grenst aan de binnenzijde aan twee binnenterreinen van woongebouwen langs de Leyweg en de Steenwijklaan. Hier is onder andere een kleine speelgelegenheid ingericht. Deze woongebouwen (in eigendom van de corporatie Vestia) bestaan uit vier woonlagen met daaronder een verdiept liggende bergingenlaag. Aan de zuidoostzijde ligt een recent woongebouw dat ook van Vestia is. Tussen dit gebouw en het plangebied ligt nog een stukje bosschage van 1248 m2 dat in de planvorming blijft gehandhaafd.
worden ingericht als verblijfsgebied. Daarnaast dient er rekening te worden gehouden met de bereikbaarheid van hulpdiensten en eventueel ophalen van huisvuil. 5.1.3 Verblijven De zijtak, Steenwijklaan 40, is een doodlopende straat maar heeft wel een belangrijke langzaam verkeersverbinding voor voetgangers in de richting van de Erasmusweg. Bij de inrichting van het verblijfsgebied moet de relatie worden gezocht met het bestaande voetpad richting de Erasmusweg en de Steenwijklaan.
Speeltuin achter het gebouw
5.1.1 Ontsluiting De Steenwijklaan is een erftoegangsweg (woonstraat) en dient zorg te dragen voor de bereikbaarheid van woningen en voorzieningen. De zijtak van de Steenwijklaan is een doodlopende straat en de inrichting daarvan dient aan te sluiten op de reeds heringerichte Steenwijklaan. Dit betekent dat verkeerssituatie van het kruispunt Steenwijklaan niet gewijzigd wordt. 5.1.2 Bereikbaarheid Het bouwplan ligt aan een doodlopende straat. Gelet op de ligging en locatie van gebouw moet er een parkeerterrein (parkeerkoffer) worden gerealiseerd met 2 ontsluitingen op de Steenwijklaan (zijtak). Zo ontstaat er een keermogelijkheid voor voertuigen en kan het overige deel, richting van de Erasmusweg,
Groene zoom en doorlopende straat langs het gebouw
Kavel en plangebied
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
19
5.2. Nieuwbouw De opzet voor de nieuwbouw is het vastleggen van de footprint voor een compact bouwvolume dat verdeeld over 5 woonlagen met een begane grondlaag, ruimte biedt voor het gewenste programma van ca. 45 woonunits van ca. 52,5 m2 (zie bijlage 2). Dit bouwvolume biedt de mogelijkheid om de woningen te groeperen rondom een corridor zodat de plattegrond van het gebouw efficiënt georganiseerd kan worden. Op de begane grond is ruimte voor de ondersteunende functies zoals een entreelobby, een fietsenberging met een directe verbinding naar het fiets/voetpad aan de noordoostzijde van het gebouw, een bergingencluster en ruimte voor een zorgunit en een gemeenschappelijke ruimte die in verbinding staat met het groene binnenterrein aan de zuidwestzijde van het gebouw. Voor het gebouw, zo dicht mogelijk bij de verbinding met de Steenwijklaan om het aantal verkeersbewegingen zoveel mogelijk te beperken ligt een parkeerkoffer voor 32 parkeerplaatsen dat is verbonden met de entree van het gebouw. Op dit parkeerterrein is ruimte voor een aantal bomen en zal nog worden gekeken naar een zo duurzaam en groen mogelijke terreininrichting. Op de 6e laag wordt de mogelijkheid geboden om een setback te realiseren. Deze mogelijkheid is ook opgenomen in de randvoorwaardekaart. Een en ander is verbeeld in een voorbeelduitwerking met schematische plattegronden en doorsnedes.
Dit is een indicatief ontwerp. Deze kan dienen als leidraad voor verdere uitwerking door een ontwikkelende partij.
Indicatief ontwerp - begane grond
20
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
Indicatief ontwerp - woonlagen
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
21
22
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
5.3 Randvoorwaardenkaart De stedenbouwkundige uitgangspunten in dit hoofdstuk zijn weergegeven in de Randvoorwaardenkaart. Op deze Randvoorwaardenkaart zijn de belangrijkste randvoorwaarden voor uitvoering van dit woningbouwproject vastgelegd. Zo is de positie aangegeven waar de footprint van het gebouw moet komen, welke rooilijnen van belang zijn en welke maat de footprint maximaal kan hebben. De gewenste locatie van de entree, de verbinding met de tuin en de situering van de benodigde parkeerplaatsen staan ook aangegeven. Verder is de maximale bouwhoogte vermeld en geeft de kaart de mogelijke locatie voor een langzaam verkeersbrug aan naar de naastgelegen sportvelden. In de illustratie van de Randvoorwaardenkaart staat deze als pijl opgenomen, voor een mogelijke verbinding met het sportpark. De kosten van een dergelijke verbinding zijn niet opgenomen in de haalbaarheidsstudie. Bij een toekomstige herontwikkeling van het sportpark zal bekeken worden of deze verbinding zal worden aangelegd. 5.4 Welstandsbeleid Voor het gehele plangebied Morgenstond zijn voor de gebiedsaanpak ‘spelregels’ opgesteld in overleg met Welstand met daarin architectonische uitgangspunten voor de bouwplannen. Deze spelregels gelden voor alle bovengenoemde onderdelen van deze ontwikkeling. Naast de Randvoorwaardenkaart wordt het ontwerp getoetst aan het vigerende welstandsbeleid.
Gezien hier geen sprake is van specifieke objecten en specifiek benoemde gebieden, wordt er gewerkt met de Algemene criteria (het ABC van welstand). Meer informatie hierover kan gevonden worden in de Welstandsnota Den Haag 2017 (RIS297760 bijlage 1) en Welstandsnota Beschrijving van architectuurstijlen (RIS297760 bijlage 3).
Randvoorwaardenkaart
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
23
3D impressie indicatief ontwerp
24
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
6. MILIEU- EN UITVOERINGSASPECTEN 6.1 Mobiliteit en (fiets-)parkeren Eerder zijn voor de omgeving Steenwijklaan parkeertellingen uitgevoerd. Bij de uitwerking van de verschillende plannen binnen het plangebied wordt voldaan aan de eisen die voortkomen uit het vigerend parkeerbeleid. Bij dit plan Steenwijklaan worden openbaar toegankelijke parkeerplaatsen gerealiseerd om optimaal gebruik te maken van de optie voor dubbelgebruik van parkeerplaatsen. 6.1.2 Parkeren Binnen het plangebied dient voldoende ruimte te worden gereserveerd om de eigen parkeerbehoefte (bewoners en bezoekers) te accommoderen. Toetsingskader voor het bepalen van de parkeerbehoefte zijn de gemeentelijke (fiets) parkeernormen en het toetsingskader RIS 181571 – RIS 291425 – RIS 294386). De parkeerdruk is over de gehele dag hoger dan 90% waardoor een parkeeroplossing bij de locatie noodzakelijk is. De parkeerplaatsen worden openbaar toegankelijk.
hoogte tot 30 meter: specialist beoordeelt of windonderzoek nodig is Dit project valt onder de tweede categorie. De initiatiefnemer dient een deskundig bureau te vragen of windonderzoek nodig is. Het resultaat daarvan dient verwerkt te worden in de ‘goede ruimtelijke onderbouwing’ bij de aanvraag omgevingsvergunning. 6.3 Bezonning In de commissiebrief “Actualisering van de normen ten aanzien van bezonning en windhinder” (RIS 170509) staat aangegeven dat onderzoek is vereist indien sprake is van een bouwhoogte van meer dan 25 meter of als de nieuwbouw ten minste 1½ keer de hoogte heeft van de gemiddelde hoogte van de omgeving. Onderzoek kan worden gevraagd als er sprake is van kleinere hoogten of bij verhogingen van de bestaande
gevelwand (bv. dakopbouwen of extra bouwlagen). Uit de bijgevoegde tekeningen van de bezonning van dit project (zie bijlage) is op te maken dat de bezonning vergeleken met de bestaande situatie niet significant slechter wordt en dat aan de Haagse norm kan worden voldaan. 6.4 Geluid Omdat wonen een geluidgevoelige functie is, is de Wet Geluidhinder (Wgh) van toepassing voor dit project. Ten behoeve van de aanvraag omgevingsvergunning moet een akoestisch onderzoek worden uitgevoerd om te beoordelen of de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden. De bijgevoegde uitsnede uit WebGis geeft een indicatie van de aanwezige geluidniveaus. Als de voorkeurswaarde wordt overschreden kan een hogere grenswaarden worden overwogen.
6.1.3 Inrichting openbare ruimte Het Handboek Openbare Ruimte en de NEN-2443 (parkeren) zijn leidend voor de inrichting van het parkeerterrein en het verblijfsgebied. 6.2 Windklimaat Voor windhinder dient te worden voldaan aan het gestelde in de NEN 8100. In de NEN8100 staat een beslismodel: • Voor gebouwen hoger dan 30 meter: windonderzoek is nodig • Voor beschut gelegen gebouwen, hoogte 15 tot 30 meter: specialist beoordeelt of windonderzoek nodig is • Voor onbeschut gelegen gebouwen,
Geluidscontouren rond de projectlocatie
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
25
Voorwaarde is wel dat voldaan wordt aan het gemeentelijke beleid dat geformuleerd is in het “Beleid hogere grenswaarden Wet geluidhinder, definitief, februari 2010”. 6.5 Luchtkwaliteit Het bouwplan dient te voldoen aan de geldende eisen. Bij de aanvraag omgevingsvergunning dient dit met een berekening (NIBM-tool) aangetoond te worden. 6.6 Bodem Vanaf 1 Maart 2006 geldt de wijziging van Wet bodembescherming (Wbb). Hierbij geldt dat bij het merendeel van de gevallen van bodemverontreiniging, de daadwerkelijke bodemsanering wordt meegenomen in de ontwikkeling dan wel herontwikkeling van plangebied of projectlocatie. De wettelijke doelstelling is functiegericht. De gewijzigde wet houdt rekening met het gebruik van de bodem en de (im-)mobiliteit van de verontreiniging. Op de ontwikkellocatie zal bodemonderzoek plaatsvinden. Ecologie Er dient aangetoond te worden dat de ontwikkeling voldoet aan de regelgeving op het gebied van natuurbescherming. Zowel de gebieds- als soortenbescherming moet hierbij aan de orde komen. Tevens dient aangetoond te worden dat de stikstofdepostie niet meer is dan 0,00 mol/jaar. Bedrijven en milieuzonering De school, het sportcomplex en mogelijk andere functies in de omgeving moeten voldoen aan de VNG-publicatie “Bedrijven en milieuzonering 2009”.
26
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
Uit de VNG-publicatie “Bedrijven en milieuzonering 2009” blijkt dat de grootste richtafstand ten gevolge van een veldsportcomplex met verlichting (SBI2008 931, categorie 3.1) 50 meter bedraagt. Deze afstand is de richtafstand tot een “rustige woonwijk” of een vergelijkbaar omgevingstype zoals “rustig buitengebied”. Onderhavig plangebied ligt in een gemengd gebied. Indien er sprake is van het omgevingstype gemengd gebied kunnen de richtafstanden met één afstandsstap worden verlaagd. Er geldt daarom een richtafstand van 30 meter. Het veldsportcomplex aan de overzijde van de projectlocatie ligt op circa 23 meter. Er moet daarom nader onderzoek op het aspect geluid gedaan worden om aan te tonen dat er na realisatie van de woningen sprake is van een goed woon- en leefklimaat. 6.7 Archeologie De te ontwikkelen locatie is gelegen in een gebied met een archeologische verwachting. Om er zeker van te zijn dat er geen archeologische waarden door de voorgenomen bodemingrepen verstoord zullen worden, is een bureauonderzoek (conform KNA protocol 4002) uitgevoerd. Hieruit blijkt dat voor het plangebied een hoge archeologische verwachting geldt voor het aantreffen van archeologische resten vanaf het neolithicum tot in de nieuwe tijd. Vervolgonderzoek werd dan ook geadviseerd met als doel om de archeologische verwachting te toetsen.
Dit onderzoek is uitgevoerd in de vorm van een Inventariserend Veldonderzoek-overig (conform KNA protocol 4003) in de vorm van een booronderzoek. Het uitgevoerde booronderzoek laat zien dat de bodemopbouw van het plangebied wezenlijk afwijkt van de verwachting zoals die op basis van de geologische kaart gold. De verwachte
strandwal is niet aangetroffen. Wel is in het plangebied een laag met hollandveen aangetroffen met een veraarde top. Op deze laag is vanaf de vroege ijzertijd bewoning mogelijk. Daarom is in het veld besloten om extra karterende boringen te zetten. Deze hebben geen archeologische indicatoren opgeleverd en daarom kan het gebied vrijgegeven worden. Op basis van eerder uitgevoerd, vergelijkbaar onderzoek is een grens vastgesteld op 2 of 2,1 m – NAP als laagste niveau waarop nog bewoning mogelijk kan zijn geweest op veraard veen. Omdat in ongeveer de helft van de boringen het veen zich onder 2,1 m – NAP bevindt, wordt het aantreffen van archeologische resten bijna niet mogelijk geacht. Gezien dit gegeven, de lage verwachting, en het geringe oppervlak van het daadwerkelijk te verstoren deel van de ondergrond, wordt geadviseerd het terrein vrij te geven voor de betreffende ontwikkeling. 6.8 Externe Veiligheid De locatie Steenwijklaan is gelegen buiten het invloedsgebied gasleidingen en LPG-stations alsook buiten het invloedsgebied van het vervoerswegen van gevaarlijke stoffen. Er zijn geen verdere onderzoeken of maatregelen van toepassing. In de ruimtelijke onderbouwing bij de aanvraag omgevingsvergunning moet wel een verantwoording worden opgenomen.
Daarnaast moet worden aangetoond dat aan het gemeentelijke beleid zoals verwoord in de Nota externe veiligheid Den Haag (27 juni 2013, RIS259485 en besluitenlijst, RIS260481, onder E.1) wordt voldaan.
6.9 Ondergrond (kabels en leidingen) Er zullen ingrepen in de bodem plaatsvinden, waardoor er een onderzoek naar kabels en leidingen noodzakelijk is. In dit geval dient een Klic-melding te worden gedaan, om de mogelijke aanwezigheid van kabels en leidingen te inventariseren. 6.10 Mer beoordeling In de ‘goede ruimtelijke onderbouwing’ bij de aanvraag omgevingsvergunning dient ook een beschouwing over het project in relatie tot wetgeving over milieueffectrapportages te worden opgenomen. De drempelwaarde van 2.000 woningen uit het Besluit m.e.r. wordt met dit planvoornemen bij lange na niet gehaald. Dat neemt niet weg dat een vormvrije m.e.r.beoordeling plaats moet vinden aan de hand van drie criteria zoals genoemd in bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r. (2011/92/EU): • de kenmerken van het project • de plaats van het project • de kenmerken van het potentiële effect.
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
27
3D impressie indicatief ontwerp
28
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
7. COMMUNICATIE
7.1 Informeren omgeving Voorafgaand aan vaststelling van de Nota van Uitgangspunten zal de omgeving per brief worden geïnformeerd over het voornemen tot ontwikkelen van deze appartementen in samenwerking met Arcade en het Leger des Heils. Doormiddel van een informatieavond wordt geïnventariseerd waar eventuele pijnpunten zitten en wordt de participatie hierop afgestemd. 7.2 Overleg omgeving Voor de uitvoering van de participatie kan een klankbordgroep worden opgericht. Hierin is de initiatiefnemer verantwoordelijk voor de communicatie en de ontwikkeling van het plan. De gemeente is verantwoordelijk voor de planologische wijziging. Er wordt specifiek gekozen om dit gezamenlijk te doen zodat ook de corporatie en de zorgaanbieder bekend zijn bij de omgeving. In gezamenlijk overleg wordt besloten welke overlegvorm (bijv. een klankbordgroep) het beste kan worden ingezet voor de verdere ontwikkeling van het project. Vooruitlopend op de planontwikkeling en het gesprek met de omgeving zien wij de volgende uitgangspunten: Het gaat om ongeveer 45 woningen Sloop en nieuwbouw is een hard uitgangspunt We gaan in gesprek over de positie van het gebouw, de massa en de mogelijke zon- en windhinder Het is aan de initiatiefnemer om het gesprek aan te gaan over architectuur en materiaalgebruik Bij de inrichting van de openbare ruimte wordt de omgeving geraadpleegd
De zorgpartij zal toelichten welke doelgroep zal doorstromen naar 50% van deze woningen, hoe ervoor gezorgd wordt dat zij geen overlast of gevaar voor de omgeving zullen zijn en waar men terecht kan als er onverhoopt toch vragen zijn Er is een hoge parkeerdruk in de omgeving. We zullen toelichten hoe de planontwikkeling juist een bijdrage kan leveren aan het parkeerprobleem in plaats van de druk nog meer te verhogen 7.3 Planologische procedure Voor de daadwerkelijke verlening van een omgevingsvergunning zal eerst nog een planologische procedure moeten worden doorlopen. Deze procedure kan worden gestart als de ingediende aanvraag omgevingsvergunning aan alle randvoorwaarden en uitgangspunten uit deze NvU voldoet. Binnen deze procedure wordt de aanvraag 6 weken terinzage gelegd. Omwonenden en andere belanghebbenden worden dan in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen. Per 1 Maart 2022 kan de Omgevingswet van kracht zijn. Er zal dan een vergelijkbare procedure doorlopen moeten worden, maar dat zal een andere naam hebben.
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
29
8. FINANCIERING EN UITVOERINGSASPECTEN 8.1. Financiële procedures De haalbaarheidsstudie Steenwijklaan wordt samen met de Nota van Uitgangspunten (NvU) vastgesteld door het college. De NvU gaat vervolgens ter kennisname naar de raad. Aan de raad wordt gevraagd om in te stemmen met het mogen activeren van de planvoorbereidingskosten van het plan Steenwijklaan 40. Na vaststelling van de NvU Steenwijklaan in het tweede kwartaal van 2021 zal naar verwachting in het vierde kwartaal van 2021 het projectdocument inclusief de bijbehorende grondexploitatie worden vastgesteld. 8.2. Juridisch-planologische procedures De beoogde ontwikkeling is in strijd met het bestemmingsplan. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken zijn er verschillende opties. Mogelijk kan voor de locatie de procedure tot afwijking van het bestemmingsplan worden doorlopen. Ook is het mogelijk om een Wabo-aanvraag te faciliteren met een Wabo-vergunningsaanvraag op basis van de kruimelregeling of met een uitgebreide Wabo-procedure. 8.3. Planning en vervolg Na vaststelling van deze Nota van Uitgangspunten kan de planuitwerking voor de nieuwbouw plaatsvinden. Arcade is verantwoordelijk voor de realisatie van de nieuwbouw. De gemeente zal zorgen voor bouwrijpe levering van de uit te geven kavel. 8.4 Financiële aspecten Het perceel aan de Steenwijklaan 40 ligt in stadsdeel Escamp in de wijk Morgenstond.
Doel van de herontwikkeling van de locatie Steenwijklaan is het toevoegen van betaalbare
30
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
woningen bestemd voor cliënten die uitstromen uit intramuraal wonen Maatschappelijke Opvang. Beoogde corporatie is Arcade. Er is bij deze locatie gekozen om Arcade te laten samenwerken met zorgaanbieder Het Leger des Heils. Tenminste 50% van de woningen dient beschikbaar te komen voor uitstromers uit intramurale voorzieningen van Het Leger des Heils. Er is sprake van projectmatige bouw van 1 appartementengebouw aan de Steenwijklaan 40 met 6 bouwlagen. Arcade gaat een appartementengebouw ontwikkelen van ca. 45 woningen in de goedkope tot zeer goedkope huursector, waarbij 23 woningen in de huurcategorie < € 633 per maand vallen en 22 woningen in de categorie < € 752 per maand. Conform het parkeerbeleid zal Arcade 32 parkeerplaatsen op eigen terrein realiseren.
Uitgangspunten Saldo Het saldo van de haalbaarheidsstudie bedraagt € 552.000 nadelig op Netto Contante Waarde (NCW) per 1-1-2021. Het saldo op eindwaarde (EW) bedraagt € 598.000 nadelig per 31-12-2024. Risicoprofiel De impact van het risicoprofiel op de benodigde weerstandscapaciteit is € 20.000 negatief. Zicht op dekking Tekort op NCW inclusief impact weerstandscapaciteit bedraagt € 572.000. Dit tekort kan enerzijds gedekt worden uit een bijdrage OCW van € 150.000, programma 8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid (activiteit
Beschermd wonen) en de in de Retraitenota 2020 opgenomen ‘Groei-met-Groei’-middelen van € 422.000.
Colofon Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie
Februari 2022
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
31
BIJLAGE 1
Aansluiting Steenwijklaan
32
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
Kade
Exploitatiegebied
Exploitatiegebied
Rijloper
BIJLAGE 2
Gebouw (indicatief) Oppervlaktes: Gebouw: oppervlakte appartement: 52,5 m2 45 appartementen: 2.362,5 m2 totaal Footprint gebouw: 637,5 m2
637,5 m2
Fiets(scootmobiel)parkeren: 52,5 m2 Zorgfunctie: 52,5 m2 Tuinopslag: 52,5 m2 Berging: 382,5 m2 Entree: 75 m2 Gebouw: bvo per laag (1-5): 637,5 m2 bvo laag 6: 375,0 m2 bvo totaal: (5x637,5) +375 3.562,5 m2 75 m2
52,5 m2
382,5 m2 52,5 m2
52,5 m2
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
33
BIJLAGE 3
Oppervlaktes
Oppervlaktes: Huidige situatie: Kavel: 2.150 m2 Bebouwing: 39,9 m2 726,9 m2
Huidige situatie:
Bebouwd: Onbebouwd:
766,8 m2 1.383,2 m2
Nieuwe situatie: Binnen kavel Kavel: 2.150 m2 Bebouw: 637,5 m2 Groen: 439 m2 Parkeren: 395 m2 Rijbaan: 371 m2 Trottoir: 253 m2 Trottior (optioneel): 54,5 m2
39,9 m2
726,9 m2
Buiten kavel Parkeren: 5 m2 Rijbaan: 9 m2 Trottoir/shared space: 400 m2 Groen kade: 1.248 m2 Trottior (optioneel): 298 m2
2.150 m2
Overzicht per inrichting Bebouw: 637,5 m2 Groen: 439 m2 Groen kade: 1.248 m2 Rijbaan: 400 m2 Parkeren: 380 m2 Trottoir: 653 m2 Onveranderd: 54,5 m2 Trottior (optioneel): 298 m2 Exploitatiegebied: 4.110 m2
34
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
Nieuwe situatie: 5 m2 9 m2 54,5 m2
400 m2
395 m2 1248 m2
253 m2 371 m2
637,5 m2 439 m2
298 m2
BIJLAGE 4
BTW-kaart:
Openbaar/uitgeefbaar
Nieuwe situatie: Uitgeefbaar: 2.006,5 m2 Groen: 439 m2 Bebouw: 637,5 m2 Parkeren (openbaar toegankelijk): 930 m2 Openbaar: 2.103,5 m2 Exploitatiegebied: 4.110 m2
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
35
BIJLAGE 5
Beeldmateriaal omgeving
36
Groene zoom en doorlopende straat langs het gebouw
Bomencluster tussen de Steenwijklaan 40 en Leyweg 1452
Compositie van laagbouw, middelbouw en hoogbouw
Groene zoom rondom het gebouw met hoogte verschillen
Speeltuin achter het gebouw
Tuin in beheer van Vestia en semi openbare voor de bewoners
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
BIJLAGE 6
Gebied (indicatief)
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
37
BIJLAGE 7
Gebouw ontwerp (indicatief)
38
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
opp in m2 Groen Bebouwd Verhard huidig 1654,0 766,8 1689,2 nieuw 1687,0 637,5 1785,5 V
G B
BIJLAGE 8
verhard/onverhard
V
G B
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022
39
Zon studie
BIJLAGE 9
10uur, 19 februari
15uur, 19 februari 40
NVU STEENWIJKLAAN - FEBRUARI 2022