RIS309901 Beantwoording SV Controle op balkononderhoud
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
23 november 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Pluimgraaff, luidend: ‘Controle op balkononderhoud’
DSO/10182819 RIS309901
Het raadslid de heer Pluimgraaff heeft op 2 september 2021 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Zou het college willen toelichten in hoeverre en op welke manier de gemeente zicht heeft op het onderhoud aan de verschillende soorten balkons die er zijn binnen onze gemeentegrenzen? Zo ja, wat zijn daarvan de bevindingen wat betreft het afgelopen kalenderjaar? Zo nee, welke stappen gaat het college zetten om hier meer zicht of controle op te krijgen?
Onderhoud varieert (van een periodieke verfbeurt tot constructief herstel) en is afhankelijk daarvan vergunningsvrij of vergunningsplichtig. Het college heeft zicht op die gevallen waarin een vergunning wordt aangevraagd. Dit is ook het geval bij planmatige projecten, wijk- of stadsbreed, waarbij een specifiek probleem wordt aangepakt zoals de aanpak van corrosie van stalen uitbrengers van balkons in 2004. Tot slot wordt geacteerd op meldingen. Voldoen balkons niet aan het Bouwbesluit dan volgt een handhavingstraject en wordt de eigenaar aangeschreven. Wanneer geconstateerd wordt dat ook balkons van belendende percelen in slechte staat verkeren worden ook deze aangeschreven. Bij particulier woningbezit ligt de verantwoordelijkheid voor het onderhoud aan balkons bij de eigenaar. Bij Verenigingen van Eigenaren is er sprake van Meerjarenonderhoudsplannen of moet 0,5 procent van WOZ-waarde gereserveerd worden voor het reservefonds. 2.
Zou het college willen toelichten of het klopt dat het een regel van het Rijk is dat een dergelijk meerjarenonderhoudsplan ook een vereiste is voor corporaties?
Het werken met een meerjarenonderhoudsplan is geen vereiste voor corporaties. In praktijk zien we wel dat corporaties meerjarenonderhoudsplannen voor ieder van hun complexen of woningen opstellen. Wanneer een corporatie onderdeel uitmaakt van een Verenigingen van Eigenaren dient de corporatie bij te dragen aan het minimumbedrag voor groot onderhoud dat de VvE jaarlijks dient te sparen. De VvE spaart/reserveert voor groot onderhoud in een reservefonds op basis van 0,5% van de herbouwwaarde, of op basis van een MJOP. De VvE kan ook sparen via alternatieve wijze zoals een bankgarantie. De VvE kan tot slot met 80% meerderheid besluiten niet te sparen via een reservefonds, maar dan moeten alle individuele appartementseigenaars de reparatie direct kunnen betalen wanneer er onderhoud nodig is. Een MJOP is ook in dit geval een mogelijkheid, maar geen vereiste. 3.
Zou het college willen toelichten of er bij particulier woningbezit sprake is van enige vorm van invloed op, of controle van, het extern onderhoud aan balkons, door de gemeente of partners van de gemeente? Zo ja, zou het college dan willen toelichten waar deze controle of invloed uit bestaat?
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10182819
Zie antwoord vraag 1. In geval van geconstateerde gebreken volgt een handhavingstraject en wordt de eigenaar aangeschreven. In geval van grootschalige projecten waarbij vanuit het ministerie een onderzoeksplicht geldt, worden eigenaren verzocht onderzoek uit te voeren en eventuele gebreken te herstellen. 4.
Zou het college willen toelichten of er bij corporaties sprake is van enige vorm van invloed op, of controle van, het extern onderhoud aan balkons, door de gemeente of partners van de gemeente? Zo ja, zou het college dan willen toelichten waar deze controle of invloed uit bestaat?
Zie antwoord vraag 3. 5.
Zou het college willen toelichten of en hoe er geacteerd wordt, door haarzelf of door partners, op resultaten van controles? Zou het college daarbij in het bijzonder willen nagaan en willen reflecteren op hoe en met welke intensiteit geacteerd wordt wanneer balkons of reserveringen niet door de controle komen?
Een controle kan resulteren in een aanschrijving. Het uitgangspunt hierbij is het Bouwbesluit. Wanneer een balkon in een slechte staat van onderhoud verkeert en niet voldoet aan het Bouwbesluit wordt de eigenaar hierop aangeschreven, hetgeen moet leiden tot herstel. Controles vinden plaats op basis van meldingen. Wanneer bij een controle ook andere balkons met gebreken worden waargenomen worden deze ook meegenomen. 6.
Welke toekomstige mogelijkheden ziet het college bij particulier woningbezit tot invloed op, of controle van, het extern onderhoud aan balkons?
Met het vaststellen van het uitvoeringsbeleid ‘Handhaven met Ambitie’ is het mogelijk geworden om capaciteit te richten op bepaalde specifieke problemen of gebieden, ook als die niet gemeld worden. Tot voor kort werd vrijwel alle capaciteit gericht op de afhandeling van meldingen. In de toekomst kan het toezicht en de handhaving, indien daar aanleiding voor is, gericht worden op balkons. Jaarlijks wordt in het Jaarplan VTH omschreven op welke onderwerpen toezicht en handhaving zich gaat richten. 7.
Zou het college willen toelichten hoe de gemeente omgaat met controle op onderhoud van balkons, indien er sprake is van een ‘beschermd stadsgezicht’?
Het college gaat op dezelfde wijze om met balkons in beschermde stadsgezichten als in andere delen van de stad. De aanpak van achterstallig onderhoud richt zich op het behoud van bouwwerken, zowel binnen als buiten beschermde stadsgezichten. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2