RIS309850 Voorstel college inzake Programmabegroting 2022-2025 (incl bijstellingen huidige uitvoeringjaar 2021)
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
7 september 2021
BSD/154634 RIS309850
Voorstel van het college inzake Programmabegroting 2022-2025 (incl. bijstellingen huidige uitvoeringjaar 2021) Inleiding Voor u ligt de programmabegroting 2022-2025 van de gemeente Den Haag. De nu voorliggende begroting is onder grote onzekerheid en de dreiging van financieel donkere wolken opgesteld. De eerste schetsten voor deze begroting zijn op 1 juni met de raad gedeeld in de voorjaarsnota (RIS308972). Hieruit bleek een uitdagend beeld. De gemeente voorziet op basis van de huidige inzichten een jaarlijks tekort van ruim € 19 mln. (op een begrotingsomvang van € 2,9 mld.). De uitdaging is gelegen in dit tekort, maar vooral ook in het onzekere beeld in welke mate het tekort zich voordoet. Landelijke ontwikkelingen van de gemeentelijke financiën zijn omvangrijk en onzeker. Een herverdeling van het gemeentefonds per 2023 is in voorbereiding. Volgens het actuele beeld pakt deze sterk nadelig uit voor Den Haag. Anderzijds is de verwachting dat het nieuwe kabinet over de brug komt om gemeenten beter te compenseren voor de taken in het sociaal domein. Ook wordt de opschalingskorting voor het gemeentefonds mogelijk afgeschaft. Nadat het nieuwe kabinet keuzes heeft gemaakt, kan de balans worden opgemaakt hoe de voor- en nadelen per saldo uitpakken voor de gemeente. Voor de verbetering van de financiële positie van de gemeente zijn principiële keuzes nodig.
Deze keuzes behoren toe aan het nieuwe gemeentebestuur die hierin eigen prioriteiten kan stellen. Daarom wordt het voorziene tekort wordt voor de periode t/m 2022 incidenteel opgevangen en invulling vanaf 2023 vindt plaats door de nieuwe coalitie. De nieuwe coalitie kan op basis van de dan bekende informatie over de landelijke ontwikkelingen een afgewogen besluit nemen. Omdat de gemeente wil blijven investeren in de stad, wordt bij deze begroting ook ruimte beschikbaar gemaakt en ingezet voor knelpunten en prioriteiten. Tot slot zijn in deze voorliggende programmabegroting, zoals gebruikelijk, de reguliere begrotingsposten geactualiseerd. Voor een uitgebreide toelichting op de belangrijkste keuzes en actualiteiten met betrekking tot de programmabegroting wordt u naar hoofdstuk 1 van de programmabegroting verwezen. In hoofdstuk 2 van de programmabegroting komen de inhoudelijke speerpunten en financiën per beleidsprogramma aan bod en in hoofdstuk 3 een aantal paragrafen over het weerstandsvermogen, lokale heffingen en andere relevante thema’s. In hoofdstuk 4 wordt de financiële begroting met ondermeer de gemeentelijke inkomsten behandeld.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/154634
Een aantal specifieke onderwerpen komen in dit raadsvoorstel kort aan het licht omdat deze niet volledig in de begroting behandeld worden. Dit betreffen de volgende: 1. Nieuwe, bijgestelde en vervallen reserves; 2. Herstelplan negatieve programmareserve; 3. Meerjaren Investeringsplan 2021-2025; 4. Investeringskrediet onderwijshuisvesting; 5. Meerjarenprognose Grondexploitaties en GRIP Rapportages; 6. Digitale toegankelijkheid P&C documenten 1. Nieuwe, bijgestelde en vervallen reserves Bij het opstellen van de Programmabegroting 2022-2025 zijn diverse reserves verlengd, ingesteld, opgeheven dan wel vrijgevallen. Het overzicht hiervan is opgenomen in bijlage 5 van dit raadsvoorstel. 2. Herstelplan negatieve programmareserve De programmareserve 14 Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening een negatief saldo van € -1,485 per 1-1-2021 (na resultaatbestemming). Volgens de Verordening Financiële Beheer en beleid (artikel 5:7 lid 6) komen de desbetreffende portefeuillehouder(s), namens het college, met een voorstel om deze reserve binnen maximaal twee begrotingsjaren (vanaf het begrotingsjaar waarin het tekort is gerealiseerd) tenminste op nihil te krijgen. Het herstelplan om de negatieve reserve aan te vullen is de volgende: Voor € 0,6 mln. is de reserve aangevuld vanuit het budgettaire kader in de voorliggende begroting.
Voor dit bedrag is de negatieve stand veroorzaakt door vermeende fraude bij Burgerzaken in 2020. Het resterende tekort van € 0,885 mln. heeft op onderdelen raakvlakken met de portefeuilles dienstverlening, stadsdelen, verkeer en buitenruimte. Voor dit tekort wordt dit najaar nadere invulling gegeven zodat de reserve uiterlijk in 2022 sluitend is. 3. Meerjaren Investeringsplan Het totaal van investeringsprojecten van de gemeentelijke begrotingsprogramma’s vormt het Meerjaren Investeringsplan (MIP). Het MIP wordt jaarlijks door de raad vastgesteld als onderdeel van de besluitvorming bij de begroting. Investeringen zijn van dekking voorzien. Over de voortgang van de projecten wordt in verschillende P&C-documenten en projectrapportages gerapporteerd. Jaarlijks wijzigt het MIP naar aanleiding van het gereedkomen van projecten, bijstellingen zoals het verwerken van de uitvoeringsafwijkingen van het voorgaande begrotingsjaar en het beschikbaar stellen van budget voor nieuwe projecten. Deze bijstellingen bestaan allereerst uit financieel neutrale wijzigingen zoals het toevoegen van een nieuwe jaarschijf voor investeringsprogramma’s die structurele dekking kennen, zoals de vervanging van civieltechnische kunstwerken en voor projecten waar baten (huren of heffingen) tegenover staan, zoals investeringen in rioleringen.
Ook worden projecten in het overzicht opgenomen waar besluitvorming over heeft plaatsgevonden. Daarnaast is sprake van financieel niet-neutrale bijstellingen met betrekking tot het MIP, zoals het toevoegen van nieuwe investeringen bij de begroting en investeringen die goedkoper of duurder worden.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/154634
Actualisatie Meerjarig Investeringsplan 2021-2025 Jaarlijks vindt bij de begroting een bijstelling op het MIP plaats. Toelichtingen op de ontwikkelingen op het investeringsprogramma komen aan bod in de verschillende beleidsprogramma’s. Daarnaast worden de hoofdlijnen toegelicht in de inleiding van de programmabegroting (hoofdstuk 1). De volledige MIP tabel is vindbaar als onderdeel van bijlage 3 bij dit raadsvoorstel. 4. Investeringskrediet Onderwijshuisvesting Als onderdeel van de besluitvorming over het Meerjarig investeringsplan (MIP) wordt met dit raadsvoorstel gevraagd om een investeringskrediet van € 33,2 mln. onderwijshuisvestingsplan beschikbaar te stellen. Deze ruimte is hiervoor binnen de begroting gereserveerd. Dit bedrag vormt het plafond voor het (jaarlijkse) programma onderwijshuisvesting waarin investeringen aan specifieke onderwijshuisvesting worden toegewezen. Over de invulling en toekenning van de middelen vindt jaarlijks afzonderlijke besluitvorming plaats tussen de gemeente en de schoolbesturen. Doordat de daadwerkelijk uitvoering van de investeringen soms vertraagt, verschilt het bedrag hier van wat er in het MIP opgenomen wordt (meerjarig komen de bedragen per saldo wel overeen). 5.
Meerjarenprognose Grondexploitaties en GRIP-rapportages Meerjarenprognose Grondexploitaties In de begroting 2022-2025 zijn de actuele ontwikkelingen op grondexploitaties verwerkt en wordt een actueel inzicht geschetst van de meerjarige ontwikkelingen op de grondexploitatieportefeuille en de toereikendheid van het weerstandsvermogen (de reserve grondbedrijf) om risico's op te vangen. Een gedetailleerde onderbouwing van deze ontwikkeling met projectrapportages die ingaan op de ontwikkeling op begroting, bouwprogramma en risico's voor de 24 grootste grondexploitaties wordt gegeven in de Meerjarenprognose Grondexploitaties 2021 (MPG). De MPG wordt, gelijktijdig met de begroting, vastgesteld door het college en wordt ter kennisname aangeboden aan de raad.” GRIP-rapportages In de afgelopen jaren zijn GRIP-rapportages op grote projecten als bijlages bij de jaarrekening en de begroting opgenomen. Tijdens het jaarrekeningonderzoek 2019 (RIS305823) is opgemerkt dat de GRIP-rapportage tijdens de begrotingsbehandeling en vaststelling van de jaarrekening niet expliciet wordt behandeld in de raad. Daarom is de Rekeningencommissie in gesprek gegaan hoe er op structurele wijze aandacht kan worden besteed aan de beheersing van grote projecten (mede) aan de hand van de GRIP-rapportage (RIS307274).
Dit is de aanleiding geweest voor het voorstel ‘Nieuwe GRIP-rapportage’ waar de raad op 14 juli 2021 (RIS309058) mee heeft ingestemd. De nieuwe rapportage geeft meer inzicht in de voortgang en beheersing van grote projecten. Er zijn nieuwe selectiecriteria opgesteld en het rapportageformat is verbeterd. De raad heeft hierbij ook ingestemd om de koppeling van deze rapportage met de P&C-producten los te laten, maar meer aan te sluiten bij de ambtelijke rapportagestructuur om zo actueler te kunnen informeren. Er zit namelijk een te grote periode (meer dan een half jaar) tussen de peildatum van de rapportage en de besluitvorming. De nieuwe rapportages worden op basis van de inzichten uit het tweede en derde kwartaal gepresenteerd en worden afzonderlijk aan de raad aangeboden en vormen niet langer onderdeel van de begroting en jaarrekening. De nieuwe GRIP-rapportage over het tweede kwartaal van 2021 wordt naar verwachting eind oktober 2021 aangeboden aan de raad.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/154634
6. P&C-producten ook digitaal toegankelijk Net als voorgaande jaren wordt op de portal financien.denhaag.nl de Programmabegroting 2022-2025, in een toegankelijke omgeving, digitaal gepubliceerd. Hier zijn alle P&C-producten sinds 2017 te raadplegen. Naast publicatie via de portal wordt ook nog het gedrukte boekwerk (bijlage 1) aangeboden. Besluitvorming Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 7 september 2021, besluit in te stemmen met: I.
de bijgestelde begroting van het huidige uitvoeringsjaar 2021 (bijlage 1);
II.
in te stemmen met voorgestelde werkwijze (paragraaf 1.3 programmabegroting 2022-2025) ten aanzien van de verwerking van financiële implicaties van de coronacrisis voor het jaar 2021;
III.
het vaststellen van de Programmabegroting 2022-2025 (bijlage 2 en 3), in overeenstemming met de voorgelegde ontwerpbegroting 2022-2025, met een meerjarig eindsaldo van € 0,0 mln. na verrekening met de reserves, met in achtneming van het aangenomen amendement PvdD/C* ;
IV.
de budgetten voor 2022-2025 in termen van lasten en baten, dotaties en onttrekkingen, per programma (zoals opgenomen in bijlage 4);
V.
het verlengen, aanpassen, bijstellen, instellen, opheffen en vrijvallen van de reserves (zoals beschreven in bijlage 5);
VI.
het meerjarig investeringsplan 2022-2025 (MIP);
VII. het beschikbaar stellen van een investeringskrediet van € 33,2 mln. onderwijshuisvesting als
onderdeel van het meerjarig investeringsplan; VIII. het aanvaarden van de begroting 2022-2025 als leidraad voor het te voeren beleid.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 5 november 2021. De griffier,
De voorzitter,
* geamendeerd in de raadsvergadering van 5 november 2021
4/4