RIS309597 Beantwoording SV Top600-aanpak voor psychiatrische patiënten
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
28 september 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer De Mos, luidend: 'Top600-aanpak voor psychiatrische patiënten'
OCW/10175647 RIS309597
Het raadslid de heer De Mos heeft op 17 juli 2021 een brief met daarin acht vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met de berichten ‘Ook Top600-aanpak voor psychiatrische patiënten’ (1) en ‘Geweld tegen ggz-medewerkers’ (2)?
Ja, het college is hiermee bekend. De brute aanval op twee ggz-medewerkers in Den Haag raakt collega's in de sector diep. Al jaren knokken ze voor meer aandacht voor het toenemende geweld. Bij zorgvakbond NU'91 stromen de mailtjes binnen van ggz-verpleegkundigen die hun ei kwijt moeten. De zorgvakbond roept al jaren dat het ondanks doortimmerde veiligheidsprotocollen, té vaak (en steeds vaker) misgaat. Uit onderzoek door de belangenbehartiger onder haar leden in 2019 blijkt dat 84 procent van de medewerkers binnen de ggz te maken heeft met agressie. 2.
Deelt het college de mening dat de gemeente en diverse geestelijke gezondheidszorginstellingen (GGZ) beter moeten gaan samenwerken om mensen die ernstig verward zijn beter te helpen?
Op de samenwerking tussen de gemeente en diverse GGZ-instellingen om mensen die ernstig verward zijn te helpen wordt in Den Haag volop ingezet. Deze samenwerking komt onder meer tot uitdrukking in de mede door de gemeente gefinancierde integrale GGZ-wijkteams van Parnassia, ten behoeve van ambulante behandeling van zelfstandig in de wijken wonende mensen met een Ernstige Psychische Aandoening (EPA). Het aanbod van de wijkteams richt zich sinds vorig jaar, naast behandeling vanuit de Zorgverzekeringswet, op de voor herstel en stabiliteit belangrijke aspecten van wonen, dagbesteding, werken, leren, financiën, vrijetijdsbesteding en sociale - en familierelaties vanuit de Wmo. Hiermee komt de waardevolle verbinding tussen het zorgdomein en het sociaal domein tot stand.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10175647
3.
Werkt het college al met een 'rood vlaggetje' in de systemen van de betrokken instanties, zodat mensen die te boek staan als verward en een potentieel gevaar voor de samenleving vormen beter in de gaten gehouden kunnen worden? Graag een toelichting hoe het college dit gaat doen als zo’n systeem er nog niet is of, als zo’n systeem er wél is, hoe het college dit gaat verbeteren gezien de toename van geweld tegen zorgpersoneel.
Het college wil benadrukken dat personen met verward of onbegrepen gedrag en/of een ernstige psychische aandoening zeker niet altijd een gevaar vormen voor zichzelf of hun omgeving. Met de invoering van nieuwe wetgeving rond gedwongen zorg (Wet verplichte ggz, Wet Zorg en Dwang en Wet forensische zorg) zijn de mogelijkheden voor tijdige signalering van problemen en het inzetten van drang en dwang bij het accepteren van zorg verbeterd. Den Haag zet bij risicovol en verward gedrag in op goede en tijdige afstemming tussen de betrokken professionals, zo nodig via het Zorg- en Veiligheidshuis. Op de wijze van registratie in de systemen van ketenpartners heeft de gemeente geen invloed. Dat neemt niet weg dat maatschappelijke veiligheid een belangrijk onderwerp van gesprek is met de betrokken instanties. Recente verbeteringen betreffen de uitstroom van personen vanuit een situatie van klinische opname. In het kader van de Wet verplichte ggz wordt de gemeente voorafgaand aan tussentijdse beëindiging van een maatregel gedwongen zorg geïnformeerd. Op dat moment wordt gekeken of verdere inzet noodzakelijk is. Ten behoeve van een veilige overgang vanuit klinische opname naar de maatschappelijke opvang zijn recent afspraken gemaakt in een Samenwerkingsovereenkomst Informatievoorziening Maatschappelijke Opvang. 4.
Heeft het college gezien de ernst van de situatie de bereidheid om alsnog handen en voeten te geven aan de in 2018 aangenomen Hart voor Den Haag/Groep de Mos motie om te komen tot een Top600- aanpak, waarmee de meest verwarde personen, die gevaarlijk zouden kunnen worden voor zichzelf en hun omgeving, behandeld kunnen gaan worden? (RIS298803)
De genoemde motie is in 2018 omarmd met het opzetten van de Pilot Intensieve aanpak Risicovol en Verward gedrag (RIS299722), in aanvulling op de bestaande Integrale aanpak voor personen met verward gedrag (RIS299305). In januari 2020 bent u geïnformeerd over de voortgang van deze pilot (RIS304367). De pilot, met 115 personen in de aanpak, kent positieve resultaten: een afname van overlastgevend gedrag, meer diagnostiek en daarmee passende hulpverlening, en meer kaders om behandeling te realiseren. In vervolg op deze pilot wordt conform een besluit in het Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid Haaglanden de regionale Intensieve Levensloopaanpak ingericht. Hiermee wordt ingezet op een betere samenwerking met de forensische zorgsector en het bieden van langduriger zorg waar nodig. De stijging van geweldsincidenten heeft volgens betrokkenen onder meer te maken met het personeelstekort in de zorg - medewerkers staan met te weinig man op de vloer - en met het feit dat mensen vaker thuis behandeld worden. Het personeel in de instellingen krijgt alleen nog te maken met de ernstigste gevallen. 5.
Heeft het college de bereidheid om in samenwerking met de diverse geestelijke gezondheidszorginstellingen (GGZ) te komen met een grootschalige wervingscampagne om het broodnodige personeel aan te trekken? Graag een toelichting.
Het personeelstekort in de geestelijke gezondheidszorg is een reëel probleem. De werving van personeel in de GGZ is echter geen gemeentelijke verantwoordelijkheid en het college heeft geen instrumenten om hier verandering in te brengen. Overigens is in dezen ook niet zozeer de wervingscapaciteit als wel de beschikbaarheid van opgeleid personeel problematisch.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10175647
De vakbond vindt dat geweldplegers vaker vervolgd moeten worden. Ook al zijn ze in de war. 6.
Hoe gaat het college zich daar, o.a. binnen de driehoek, hard voor maken? Graag een toelichting.
Het college is niet verantwoordelijk voor incidenten binnen GGZ-instellingen en de strafrechtelijke vervolging van de betreffende geweldplegers; deze bevoegdheid ligt bij het Openbaar Ministerie. Desgevraagd geeft het Openbaar Ministerie aan bij de beoordeling van een strafzaak altijd de omstandigheden van het specifieke geval te wegen. Wanneer de zaak bewijsbaar is, wordt bekeken welke maatregelen en/of bestraffing bijdraagt aan het voorkomen van recidive en recht doet aan het leed van slachtoffer en de maatschappij. Daarbij worden ook de persoonlijke omstandigheden van de verdachte in ogenschouw genomen. Strafzaken waarin de verdachte verward gedrag vertoont, worden op eenzelfde manier beoordeeld als andere strafzaken. De mogelijkheden in het kader van civiele verplichte zorg worden bij de beoordeling betrokken. De vakbond pleit ervoor dat medewerkers anoniem aangifte kunnen doen. “Als ze overal met naam en toenaam staan, maakt dat ze kwetsbaar in hun werk. Het moet mogelijk worden dat de werkgever aangifte doet namens de medewerker.” 7.
Hoe gaat het college zich daar, o.a. binnen de driehoek, hard voor maken? Graag een toelichting
Agressie en geweld tegen werknemers met een publieke taak, zoals GGZ-personeel, is onacceptabel en moet snel en goed worden aangepakt. Het Openbaar Ministerie geeft desgevraagd aan dat de gevraagde mogelijkheden om professionals die aangifte doen van agressie of geweld te beschermen, al bestaan. Aangifte door het slachtoffer of zijn leidinggevende vindt bij voorkeur plaats met domiciliekeuze op het adres van de werkgever. Aangezien de pleger weet wie bij het incident/de bedreiging betrokken waren, is anonimiteit vaak niet te realiseren. Kan dat wél en bestaat gegronde vrees voor ernstige overlast dan kan aangifte anoniem, onder nummer, plaatsvinden. Het Openbaar Ministerie geeft voorrang aan opsporing en vervolging van verdachten. Er wordt een individuele beoordeling op kwetsbaarheid gedaan zodat zo nodig goede beschermingsmaatregelen voor het slachtoffer kunnen worden getroffen. In geweldszaken eist het Openbaar Ministerie bij geweld tegen werknemers met een publieke taak een twee keer zo hoge straf als in andere geweldszaken. 8.
Heeft het college de bereidheid om een 'aanjaagteam' binnen de gemeente aan te stellen dat voor een sluitende aanpak moet zorgen voor verwarde mensen en voor betere samenwerking tussen instanties? Graag een toelichting met een plan van aanpak hiertoe.
Het college acht het in het licht van de bestaande integrale aanpak en recente verbeteringen in de samenwerking niet opportuun om een specifiek ‘aanjaagteam’ ten behoeve van een sluitende aanpak en betere samenwerking aan te stellen. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
(1, 2) Zie bijlage
3/3