CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS309488 Preadvies initiatiefvoorstel Kindvriendelijke Stad

Gemeenteraad 20 oktober 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Gewijzigd initiatiefvoorstel: Kindvriendelijke Stad (GroenLinks) (RIS309488)4.481 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

060

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan: de Gemeenteraad

OCW/10297701 RIS309488 Contactpersoon

Rosa Schinkelshoek Dienst

Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

Stad en Bestuur OCW Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

23 juni 2022

rosa.schinkelshoek@denhaag.nl

Onderwerp

Preadvies initiatiefvoorstel Kindvriendelijke Stad Den Haag

Tijdens de raadsvergadering op 15 juli 2021 is het Initiatiefvoorstel Kindvriendelijke Stad (RIS309488) door toenmalig raadslid Arjen Kapteijns ingediend. In het brede initiatiefvoorstel wordt de focus gelegd op twee onderwerpen: een kindvriendelijke fysieke buitenruimte en de betrokkenheid van kinderen bij het vormgeven van deze buitenruimte. Het college wil de opstellers van het initiatiefvoorstel en in het bijzonder de betrokken kinderen hartelijk danken voor het voorstel. Het college hecht veel waarde aan de betrokkenheid van kinderen en jongeren bij gemeentelijk beleid en plannen. De participatie van kinderen en jongeren wordt al op diverse manieren gestimuleerd en gefaciliteerd maar het initiatiefvoorstel biedt ons de kans om in te zoomen op de participatie binnen de openbare ruimte en deze waar nodig te versterken. Want Den Haag is voor alle Hagenaars, oud én jong, en we maken ons hard om de stad nu en in de toekomst kindvriendelijk te houden. In het initiatiefvoorstel wordt het college opgeroepen om zeventien aanbevelingen op het gebied van de openbare ruimte en kinderparticipatie in uitvoer te brengen en de raad hierover te informeren. Om de beantwoording gestructureerd te houden informeren wij de raad graag langs de vier overkoepelende thema’s (1. straatbeeld van de toekomst, 2. spelen in de stad, 3. veilig op straat en naar school en 4.

kinderen doen, denken en praten mee). Alle zeventien aanbevelingen zullen onder deze thema’s worden toegelicht en waar nodig van preadvies worden voorzien. 1.

Straatbeeld van de toekomst

Den Haag is als stad volop in ontwikkeling. De stad en haar straten zijn continu aan verandering onderhevig. Het is daarbij een uitdaging om rekening te houden met de verschillende belangen in- en functies van de openbare ruimte. We willen namelijk dat de openbare ruimte: ontmoeting stimuleert, bijdraagt aan de gezondheid van mens, plant en dier, veilig en weerbaar is, goed bereikbare bestemmingen heeft en bijdraagt aan een gezonde economie. Het is daarom belangrijk dat bewoners goed betrokken worden bij het ontwerp en de herinrichting van de openbare ruimte. Daar komt gelukkig steeds meer aandacht voor. Ter voorbereiding op de Omgevingswet zijn we als de gemeente al jaren hard bezig om het instrumentarium voor participatie uit te breiden. De Omgevingswet vormt de basis voor een samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving. Het betrekken van bewoners, jong én oud, is een belangrijk onderdeel daarvan. Dit gebeurt op allerlei niveaus, denk aan de ontwikkeling van de Omgevingsvisie 2050 (RIS309993) waarbij jongeren vanaf 12 jaar zijn betrokken middels het theaterproject ‘Wij de stad’ en onze jongste inwoners met kleurplaten mochten meedoen.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

Maar ook op wijkniveau worden kinderen en jongeren betrokken, bijvoorbeeld door middel van de wijkbudgetten, waarbij jongeren vanaf 12 jaar worden uitgenodigd om mee te doen en denken over projecten in de eigen wijk. Aanbeveling 1: Durf als gemeente het straatbeeld te veranderen. Houd bij herontwikkeling van straten rekening met de wensen van kinderen en laat hen meedenken. Onderzoek waar stoepen breder gemaakt kunnen worden, auto’s geweerd kunnen worden en maak zo de straat weer een fijne plek om te spelen. Aanbeveling 15: Neem kinderen mee in de planvorming van (her)inrichtingen voor de openbare weg. Houd rekening met hun zichtlijnen en laat ze meepraten over hun ervaringen en oplossingen. Lopende actie. Met de nieuwe Strategie Mobiliteitstransitie 2022-2040 (RIS310664) en de Kadernota Openbare Ruimte (RIS310884), de nota 'Kiezen voor verkeersveiligheid', verkeersveiligheidsstrategie Den Haag 2030 (RIS305028) kunnen we meer prioriteit geven aan veilig en langzaam verkeer en onze (jongste) voetgangers en fietsers ruim baan geven. Binnen de Kadernota Openbare Ruimte tot 2030 liggen de accenten o.a. op een inclusieve openbare ruimte die ontmoeting en verblijf faciliteert, een openbare ruimte die uitnodigt om te wandelen en uitdaagt tot bewegen en spelen en die een veilige en comfortabele ruimte is voor voetgangers en fietsers.

Zo kunnen we, door bijvoorbeeld kritisch te kijken naar (ver)plaatsing van parkeerplekken en de aanpassing van de maximale snelheid, ervoor zorgen dat de straat veiliger wordt en een fijnere plek om te spelen. Naast de gemeente zelf zijn er verschillende andere partijen actief in (de herontwikkeling van) de openbare ruimte. Om ervoor te zorgen dat ook andere betrokkenen, zoals architecten, aannemers en projectontwikkelaars, zich houden aan de richtlijnen voor ontwerp, uitvoering en beheer, is het Handboek Openbare Ruimte (HOR) ontwikkeld. In het HOR is steeds meer aandacht gekomen voor participatie, ook voor kinderen. Zo is in het HOR het instrument ruimtevragers opgenomen. Dit instrument is voor iedereen die met een project in de openbare project in aanraking komt en helpt om belangen in kaart te brengen en een prioritering te bepalen. Als de wens er is om een stoep breder te maken kan dit andere ruimtevragers mogelijk in de weg zitten. Het is belangrijk dit goed inzichtelijk te maken en zoveel mogelijk te zoeken naar een inrichting die meerdere doelen dient. Te denken valt aan rustpunten die zowel ontmoeting als gezondheid faciliteren of een grasveld dat spelen stimuleert en de effecten van hevige regenval tempert. Het instrument ruimtevragers brengt in beeld wat belangrijk en minder belangrijk is en helpt bij het gesprek met de buurtbewoners en andere belanghebbenden.

Het instrument ruimtevragers zal de komende tijd verder worden ontwikkeld. Aanbeveling 2: Laat kinderen meedenken over de invulling van groen in hun wijk. Nodig ze uit voor een wijkschouw, of stel op een andere manier een participatietraject voor hen op. Laat in de uitkomsten duidelijk zien welke input van de kinderen is meegenomen. Lopende actie. Kinderen denken op allerlei momenten en onderdelen met ons mee als gemeente. Op sommige onderdelen, zoals bij het plannen van een nieuwe speeltuin, is de betrokkenheid van kinderen al een gewoonte. Op andere onderdelen, zoals bij het groen in de wijk, ligt de participatie van onze jongste bewoners nog minder voor de hand. Gelukkig zijn er genoeg voorbeelden te noemen waarbij de input van kinderen is meegenomen. Zo zijn er in diverse wijken projecten uitgevoerd onder de noemer kindvriendelijke wijken. Binnen deze projecten werd er wekelijks met kinderen gekeken naar de opbouw van een wijk en bepaald waar mogelijkheden waren om een wijk nog kindvriendelijker te maken.

2/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

De focus lag hierbij op het creëren van spelaanleidingen, maar er werd ook breder gekeken naar verkeersonveilige situaties en de invulling van groen. Als onderdeel van het wijkbudgetproject werd in de Bloemenbuurt een kleurwedstrijd georganiseerd voor kinderen tot 12 jaar. De input van kinderen wordt ook echt gebruikt. Zo worden er in de Rozenstraat op verzoek van de kinderen een aantal wilgentenenhutten aangelegd in het plantsoen gecombineerd met snipperpaadjes door de heesterbeplanting. Aanbeveling 16: Durf in het CID, de Binckhorst en Den Haag Zuidwest te experimenteren met kinderparticipatie. Stel een plan op waarin de kinderparticipatie vorm krijgt en waarin duidelijk wordt gemaakt hoe en waar de ideeën van kinderen actief opgehaald en meegenomen zullen worden. Bepaal hierna na een uitgebreide evaluatie hoe deze kinderparticipatie een vervolg kan krijgen bij andere (her)ontwikkelingen in de stad. Preadvies: overnemen. Bij de grote (her)ontwikkelingen in de stad wordt de afgelopen jaren al volop geëxperimenteerd met intensieve bewonersparticipatie.

Met behulp van informatiemarkten, gebiedswandelingen, de (wijk)bibliotheek, wijkcafés, chatsessies, digitale enquêtes en stadspanels zijn grote groepen bewoners, bezoekers en andere betrokkenen onderdeel van de herontwikkeling van onze stad.1 Naast de vele incidentele participatiemomenten zijn er ook structurele vertegenwoordigingen, zoals de Partnerraad Zuidwest en het Bincks Beraad waar met bewoners wordt gepraat over de gebiedsontwikkelingen en om te horen wat er leeft, welke wensen er zijn of waar er zorgen zijn. Binnen deze raden zijn verschillende bewoners en belanghebbenden vertegenwoordigd, waaronder ouders van (jonge) kinderen. De vraag hoe mensen het beste betrokken kunnen worden, wordt daar besproken en samen zoeken we telkens naar nieuwe vormen om weer andere mensen met diverse leeftijden en ervaringen te bereiken. De wens voor (meer) kinderparticipatie zal hierin worden meegenomen. In Zuidwest, vanwege de grote uitdagingen én kansen voor onze jonge bewoners, wordt al gewerkt aan een jongerenplatform en met vertegenwoordig vanuit kinderen. Deze video geeft een mooi inzicht in wat kinderen en jongeren in Zuidwest willen behouden en verbeteren. In Zuidwest loopt het project Vreedzame Wijk inmiddels in vier wijken (Bouwlust, Vrederust, Morgenstond en Moerwijk).

Binnen Vreedzame Wijken, afgeleid van het Vreedzame School programma, werken kinderen aan ‘burgerschapscompetenties’. Ze leren hoe je conflicten constructief kunt oplossen. Ze krijgen een stem, mogen meedenken over allerlei zaken en krijgen verantwoordelijkheden. Bovendien leren ze op een positieve en zorgzame manier met elkaar om te gaan en zich verbonden te voelen met de (wijk)gemeenschap. De Vreedzame Wijk kinderwijkraden bestaan uit kinderen uit de groepen 6 en 7 van verschillende basisscholen uit de wijk. De kinderen die deelnemen aan de wijkraad worden gekozen via verkiezingen op scholen. Onder begeleiding van een wijkcoördinator komen de kinderen maandelijks bij elkaar om actuele zaken en problemen te bespreken die zich afspelen in de wijk of op school. Er worden oplossingen bedacht en uitgevoerd door middel van verschillende (wijk)acties. Het project werkt daarnaast met wijkbewoners en -professionals die in contact staan met kinderen zoals sportcoaches, winkeliers, politieagenten, speeltuinbeheerders, maatschappelijk werkers, bibliotheekmedewerkers en ouders. De ontwikkelingen in Zuidwest op het gebied van jeugdparticipatie worden nauw gevolgd en de lessen die daar worden opgedaan kunnen vertaald worden naar kinderparticipatie werkvormen voor andere gebieden.

Daarbij is het wel belangrijk aan te geven dat de samenstelling van gebieden en de behoeften van bewoners bepalen hoe de participatie wordt vormgegeven. 1

Voor de Binckhorst is in 2020 een participatieleidraad (RIS303172) gemaakt als hulpmiddel voor iedereen met plannen in de Binckhorst en die daarvoor met mensen uit de wijk in gesprek wil. In het participatie- en communicatieplan van het CID (RIS303004) is meer te lezen over de participatieprojecten van deze (her)ontwikkeling. In voorbereiding op de Structuurvisie Zuidwest zijn vanaf de zomer 2021 11 bewonersbijeenkomsten georganiseerd in de wijken van Zuidwest.

3/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

Zo zal participatie op de Binckhorst, dat op het moment nog vol in ontwikkeling is en een laag aantal kinderen als bewoners heeft, er anders uitzien dan in Zuidwest. 2. Spelen in de stad De stad is niet alleen een plek waar kinderen wonen, naar school gaan, muziekles hebben of op zaterdag naar de sportvereniging gaan, maar ook de plek waar ze zorgeloos moeten kunnen buitenspelen. Buitenspelen is goed voor beweging, leren omgaan met anderen, creativiteit en ontspanning. Het is essentieel dat er genoeg plekken zijn waar kinderen en jongeren zich kunnen vermaken, waar ze elkaar kunnen ontmoeten en veilig kunnen bewegen. In een toegankelijke stad kunnen kinderen van alle leeftijden, met én zonder beperking, samen spelen bij uitnodigende en uitdagende speelplekken. Het is daarom belangrijk dat de speelplekken in de stad goed worden onderhouden en goed aansluiten bij de behoeften van kinderen en jongeren in de stad. Aanbeveling 4: Houd rekening met de wisselende behoefte en wensen voor speelplaatsen in de stad. Informeer actief en periodiek bij bewoners en gebruikers of een speeltuin nog aan de wensen voldoet of wat er veranderd zou moeten worden. Lopende actie. Eens per vier jaar voeren we als gemeente het speelwensenonderzoek uit om de speelwensen en kansen in Den Haag in beeld te krijgen.

Het laatste onderzoek stamt uit 2018 en dat betekent dat binnenkort het speelwensenonderzoek opnieuw wordt uitgevoerd. De verkregen inzichten worden toegepast bij de (her)inrichting van speelplaatsen en bij het bepalen van beleidsaccenten. Hierdoor kan bijvoorbeeld worden ingespeeld op demografische veranderingen, speeltrends, ontwikkelingen in wijken etc. Naast dit terugkerende onderzoek heeft elk stadsdeel een speelbeheerder. Bij vragen en ideeën omtrent buitenspelen worden de speelbeheerders in de stadsdelen actief benaderd door bewoners van alle leeftijden. De speelbeheerders zijn verantwoordelijk voor goed onderhouden en aantrekkelijke speelplekken voor de kinderen en jongeren in onze stad. Aanbeveling 5: Kies bij nieuw aan te leggen speeltuinen voor duurzame, toekomstbestendige en gezonde materialen. Lopende actie. Wanneer (onderdelen van) speeltuinen worden vervangen, gerepareerd of vernieuwd maken we als gemeente gebruik van raamovereenkomsten die zijn afgesloten met diverse leveranciers. Deze raamovereenkomsten zijn conform de aanbestedingsvereisten. Duurzame eisen (o.a. duurzame en gezonde materialen) maken standaard onderdeel uit van de aanbestedingscriteria. Aanbeveling 6: Ga in overleg met woningcorporaties over speelplekken die niet in gemeentelijk bezit zijn om samen overlast, achterstallig onderhoud en gevaarlijke situaties op te lossen.

Kom tot een gezamenlijk telefoonnummer/meldpunt waar misstanden bij speelplekken kunnen worden aangekaart. Preadvies: niet overnemen. Niet alle speelplekken in de stad zijn in gemeentelijk bezit. Woningcorporaties hebben ook diverse speelplekken in hun bezit en beheer. De gemeente heeft regelmatig overleg met woningbouwcorporaties over diverse thema’s, waaronder speeltuinen en plekken. Wanneer er sprake is van een slecht onderhouden speelplek in het beheer van een woningbouwcorporatie wordt dit aangekaart. Woningcorporaties blijven echter primair verantwoordelijk voor het beheer van hun eigen speelplekken. U bent via de beantwoording schriftelijke vragen Onveilige speeltoestellen (RIS308661) hierover geïnformeerd. Zie ook Reactie college op initiatiefvoorstel Opknapbeurt voor Haagse binnentuinen (RIS307243).

4/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

Aanbeveling 7: Maak een einde aan de verbodsbordjes. Inventariseer als gemeente waar er wel speelbehoefte is, maar waar dit ontmoedigd wordt door bijvoorbeeld bordjes die spelen verbieden. Hanteer vervolgens een actief beleid om, in overleg met omwonenden, deze bordjes te verwijderen en nieuwe plaatsing te voorkomen. Preadvies: niet overnemen. De verbodsbordjes, met teksten als ‘verboden te voetballen’, worden niet door de gemeente geplaatst. Als de bordjes ongewenst zijn in de buurt dan kunnen bewoners bij de betreffende woningbouwcorporatie of VvE terecht. Er zijn ook bewoners die last hebben van het (geluid dat wordt veroorzaakt bij) spelen. Het is daarom van belang om in gesprek te blijven met elkaar. De speelbehoefte wordt in het speelwensenonderzoek in kaart gebracht. Als hieruit blijkt dat er een mismatch tussen behoefte en aanbod is, dan wordt dat meegenomen in de (her)inrichting van speelplekken in de stad. Aanbeveling 8a: Spreek bij Jantje Beton de wens uit om als gemeente mee te doen aan het project voor ‘verloren landjes’ om zo op braakliggende grond tijdelijke speeltuinen te realiseren. Preadvies: overnemen. Deze aanbeveling is opgevolgd. De gemeente heeft goed contact met Jantje Beton, o.a. vanwege de jaarlijkse buitenspeeldag die ook in onze stad wordt georganiseerd.

In maart 2022 heeft een overleg plaatsgevonden met Jantje Beton over de Haagse stadsboerderijen, speelplekken en de betrokkenheid van kinderen en jongeren in Den Haag bij (buiten)speel projecten. Ook is Jantje Beton uitgenodigd om actief mee te doen aan een pilot om een ongebruikte groenstrook in Zuidwest (nabij een sportpark) samen met diverse gemeentelijke specialisten en inwoners beweegvriendelijk in te richten. Aanbeveling 8b: Zoek, bijvoorbeeld via een prijsvraag of wedstrijd, samen met bewoners en gebruikers naar creatieve oplossingen om speelplekken te realiseren op onconventionelere plekken. Lopende actie. De verschillende speelbeheerders maken gebruik van uiteenlopende participatievormen om de bewoners en gebruikers zo goed mogelijk te betrekken bij Haagse speelplekken. De speelbeheerder maakt gebruikt van diens kennis over de wijken en wijkbewoners om het juiste participatie-instrument in te zetten. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan buurtonderzoeken, kinderschouwen en de inzet van e-participatie instrumenten (moodboard, keuzetool, budgetschuif, online enquêtes). De speelbeheerders komen regelmatig bijeen om ervaringen uit te wisselen. De aanbeveling om, bijvoorbeeld via een prijsvraag of een wedstrijd, bewoners te betrekken is meegegeven aan alle speelbeheerders.

Aanbeveling 9: Stimuleer scholen om ‘out of the box’ te denken bij de invulling van hun schoolpleinen, en bied ze middelen (kennis en financiën) om deze creatieve invulling te realiseren. Lopende actie. Om schoolbesturen te ondersteunen en te stimuleren in het realiseren van creatieve en energiebesparende maatregelen biedt de gemeente de subsidieregeling Cofinanciering energie besparende maatregelen en groen-blauwe schoolpleinen aan. Daartoe kunnen schoolbesturen een aanvullende vergoeding van maximaal € 2.000 per schoollocatie aanvragen voor het laten maken van een ontwerp voor een groen-blauw schoolplein. Een groen-blauw schoolplein is gezond en maakt kinderen spelenderwijs bekend en vertrouwd met de natuur. Buitenspelen in de natuur prikkelt de fantasie en maakt kinderen meer creatief in het spelen. De groenblauwe buitenruimte kan ook als lesruimte worden gebruikt. Kinderen worden op deze manier al jong bewust gemaakt van de natuur en het klimaat op een speelse, vanzelfsprekende manier.

5/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

Aanbeveling 10: Bekijk samen met sportverenigingen en scholen of hun terreinen ook buiten de openingstijden van de sportvereniging en lestijden open kunnen worden gesteld voor kinderen en andere buurtbewoners. Lopende actie. Op dit moment zijn er in de stad 7 open sportparken2 verdeeld over 5 stadsdelen. Bij deze sportparken kunnen kinderen en andere buurtbewoners buiten verenigingstijden gebruikmaken van het terrein. Met het openstellen van sportterreinen worden kinderen en buurtbewoners gestimuleerd om meer te bewegen en te sporten en daarnaast kunnen deze plekken ook fungeren als ontmoetingsplek in de wijk. Het openstellen van de sportparken gaat altijd in goed overleg met de vereniging in kwestie en andere betrokkenen, zoals het stadsdeel, scholen, de sportconsulent, buurtbewoners en handhaving. Een open sportpark heeft namelijk ook te maken met meer slijtage van de velden en materialen en een grotere kans op vandalisme. Het is daarom belangrijk dat er met elkaar goede afspraken worden gemaakt en dat openstelling geleidelijk en zorgvuldig wordt opgepakt. Dezelfde afwegingen spelen ook een rol bij het openstellen van schoolterreinen. Scholen kunnen zeker een bredere functie voor de buurt bieden dan alleen onderwijs. Een van de uitgangspunten uit het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2020 – 2030 (RIS304176) is ‘multifunctionaliteit waar mogelijk’.

Schoolgebouwen worden waar mogelijk ontworpen voor multifunctioneel gebruik, waardoor bijvoorbeeld ook mogelijkheden ontstaan voor educatieve, culturele en sportieve (buurt)activiteiten na schooltijd. Participatie van omwonenden, zowel bij de ontwikkeling van nieuwe schoolgebouwen als de doorontwikkeling van bestaande gebouwen en pleinen, wordt gefaciliteerd en gestimuleerd. Uiteindelijk blijft het schoolbestuur verantwoordelijk en kan het besluiten om, als de kaders dit toelaten, tegemoet te komen aan eventuele wensen van omwonenden. Het schoolbestuur is hiertoe niet verplicht. Het schoolbestuur zet zich in om win-win situaties te benutten. 3. Veilig op straat en naar school Verkeersveiligheid is een topprioriteit in Den Haag. Met de Strategie Mobiliteitstransitie 2022-2040 (RIS310664), de Beleidsevaluatie schoolzone(RIS307841) de nota 'Kiezen voor verkeersveiligheid', verkeersveiligheidsstrategie Den Haag 2030 (RIS305028 en het nieuwe uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid 2023 – 2026 (volgt) zetten we vol in op een (verkeers)veilige stad voor iedereen. In woongebieden en straten met gemengd verkeer wordt 30 kilometer per uur de norm. We werken aan veilige fietsroutes door de stad en geven prioriteit aan langzaam, veilig en duurzaam vervoer en stimuleren verkeersveilig gedrag. We zetten fietsers en voetgangers centraal.

Onze jongste fietsers en voetgangers worden daarbij niet vergeten. Per gebied wordt gekeken naar de beste manieren om de mobiliteitstransitie te implementeren. De samenstelling van de wijken en de behoeften van bewoners zijn daarbij medebepalend. De routes naar voorzieningen moeten voor bewoners comfortabel en veilig zijn, zodat kinderen bijvoorbeeld zelfstandig naar de basisschool kunnen lopen. Naast dat we met de (her)inrichting van de stad rekening houden met veiligheid, blijven we aandacht vragen voor veilig verkeersverdrag o.a. door campagnes zoals maakeenpuntvannul en samenwerking met Haagse scholen. Aanbeveling 3: Versnel in Den Haag de trend om 50km-straten te wijzigen naar 30km-straten om zo de veiligheid voor (kinderen in) de wijk te verbeteren.

2

Het gaat om de volgende sportparken: S.V. Wateringse Veld, Korfbal vereniging Die Haghe/ Lu Gia Jen/Fa Fa, V.V. Haagse Hout, H.V.V. Laakkwartier, S.V. Houtwijk, RAS/ODB/Turnhal en De Verademing,

6/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

Preadvies: overnemen. We zijn voornemens om deze aanbeveling op te nemen in het nieuwe uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid 2023 – 2026. Het concept uitvoeringsprogramma wordt rond de zomer 2022 aan de raad aangeboden voor vaststelling. Aanbeveling 11: Creëer een duidelijk juridisch kader voor de maximumsnelheid in schoolzones, en verlaag hierbij die snelheid overal naar 30 km/uur. Preadvies: niet overnemen. Het is bij (verkeers)zones belangrijk dat deze herkenbaar en duidelijk zijn voor alle weggebruikers. Daarbij moet rekening gehouden worden met de nood- en hulpdienst routes en de aanrijtijden bij calamiteiten. Er wordt momenteel een nieuw concept ontwikkeld voor een veiligere schoolomgeving. Deze optie wordt daarbij onderzocht. Hierbij wordt gekeken of aanvulling op het afwegingskader nodig en mogelijk is. Aanbeveling 12: Onderzoek per Haagse school de mogelijkheid voor de implementatie van een Schoolstraat en rapporteer hierover aan de Raad. Preadvies: niet overnemen. Verkeersveiligheid rond scholen is belangrijk en gaat iedereen aan. In september 2019 heeft de gemeente Den Haag in de Abeelstraat bij de Christelijke Montessorischool 'De Abeel' twee weken met succes een pilot met een Schoolstraat uitgevoerd. De straat werd twee keer per dag met een tijdelijk hek afgesloten voor auto’s en overige gemotoriseerd verkeer.

Ouders en kinderen hadden zelf aangegeven in interviews, door enquêtes en een informatieavond dat ze door het autoverkeer en de vele fietsers, de straat chaotisch vinden tijdens de haal- en brengtijden. Na de heropening van de scholen na de eerste Corona lockdown werden er bij 24 scholen een Schoolstraat ingevoerd. Door de straat verkeersvrij te maken konden kinderen zelfstandig of met ouders op 1,5 meter veilige afstand naar school. De Schoolstraten die nu functioneel zijn bestaan bij scholen waar de ouders als vrijwilliger de rol van Schoolstraatcoach vervullen. De inzet van vrijwilligers en/of medewerkers van de school als Schoolstraat-coaches is een voorwaarde voor de praktische uitvoerbaarheid van het verkeersbesluit. U bent hierover geïnformeerd in de commissiebrief ‘Voortzetten schoolstraten met Schoolstraat coaches - eerste verkeersbesluit Van Beverningkstraat’ (RIS307472). Wij zijn nog steeds in afwachting van landelijke regelgeving over schoolstraten en schoolstraatcoaches op basis waarvan de gemeente bevoegd is om vrijwilligers deze verkeersondersteunende maatregel uit te laten voeren. Op korte termijn kan wel met de scholen worden gekeken of vanuit de schoolzone aanpak concrete verkeersveiligheidsverbeteringen kunnen worden afgesproken.

Wanneer de landelijke regelgeving over schoolstraten goed is geborgd, kan met de scholen worden bekeken of de invoering van schoolstraten als aanvulling op de schoolzone maatregelen mogelijk is. Daarbij is het wel belangrijk aan te geven dat het implementeren van schoolstraten op circa 195 locaties van basisscholen onrealistisch is. Aanbeveling 13: Start op een Haagse school een pilot in de stijl van B.O.M., waarbij leerlingen zelf plannen maken voor de implementatie van (on)gewenst verkeersgedrag rondom hun school. Preadvies: niet overnemen. De aanpak van verkeersveiligheid in de schoolomgeving is maatwerk omdat iedere schoolsituatie anders is. Dat is gebleken uit de beleidsevaluatie schoolzone (RIS307841) die in 2020 is uitgevoerd. Leerlingen uit groep 7 en 8 zijn over de verkeerssituatie rond hun school bevraagd. Er zijn verschillende manieren om te werken aan verbetering van de verkeersveiligheid in de schoolomgeving. Het BOM-project is daar een voorbeeld van. Het is aan de school om een methode of interventie te kiezen die bij de school en schoolsituatie past. Leerlingen krijgen daarbij bij voorkeur een actieve rol.

7/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

Daarnaast is het belangrijk dat verkeerseducatie onderdeel is van het curriculum van de school. Op die manier worden leerlingen (en ouders) bewust van (hun) gedrag in het verkeer. Haagse scholen kunnen meedoen aan het programma SCHOOL op SEEF dat via het Regionaal Ondersteuningsbureau Verkeersveiligheid Zuid-Holland wordt aangeboden. Vanuit verkeersveiligheid wordt gewerkt aan een meer integrale aanpak voor een verkeersveilige schoolomgeving. Onderdeel daarvan wordt een keuzemenu met projecten en mogelijkheden voor interventies en verkeerseducatie. Belangrijk is een goede analyse van de schoolsituatie, zodat een geschikt project of activiteit geadviseerd kan worden. Aanbeveling 14: Rust de vuilniswagens van de HMS en andere grote vracht-/bedrijfswagens waar de gemeente direct of indirect de eigenaar van is uit met het Lisa2Alert-systeem, om zo de kans op ongevallen in de dodehoek te verminderen. Lopende actie. De nieuwe (vuilnis)wagens van HMS zijn uitgerust met het Lisa2Alert-systeem. Wanneer er nieuwe wagens worden besteld beschikken deze dus over dit waarschuwingssysteem. Naast de HMS vuilniswagens rijden er ook andere grote wagens en vrachtwagens door de stad. Sinds 2007 moeten vrachtwagens een vooruitkijkspiegel of vooruitkijkcamera hebben. Desondanks gebeuren er nog steeds dodehoek ongelukken. Daarom blijven we aandacht besteden aan dit onderwerp.

Afgelopen februari zijn we om die reden gestart met een campagne waarbij posters door de hele stad zijn opgehangen. Met deze campagne zijn tips gedeeld over hoe fietsers uit de dode hoek kunnen blijven. Deze tips krijgen kinderen ook aangeleerd op school als voorbereiding op het verkeersexamen. 4. Kinderen doen, denken én praten mee Algemene oproep initiatiefvoorstel: De gemeente moet meer oog hebben voor kinderen, ze ook beter betrekken bij de te nemen besluiten en hun leefwereld ook meenemen bij besluiten voor de stad. Preadvies: overnemen. De afgelopen jaren hebben we hard gewerkt aan het opzetten, versterken en uitbreiden van participatiemogelijkheden voor de Haagse jeugd. In de commissiebrief ‘Aandacht voor jeugdperspectief in het gemeentelijk beleid’ (RIS311208) van 11 januari 2022 is het college ingegaan op de diverse manieren waarop Haagse jongeren bij gemeentelijk beleid worden betrokken. In verschillende verbanden en netwerken worden jongeren gehoord en bevraagd om mee te denken met ons. Het bestaande stedelijke instrumentarium is voornamelijk gericht op participatie van jongeren vanaf een jaar of 12, maar er worden ook jongere kinderen betrokken zoals in de diverse kinderraden op wijkniveau. In Den Haag is de Vreedzame Wijk aanpak tot nu toe toegepast in de wijken Kortenbos, Oude Centrum, Vrederust, Schilderswijk Oost, Moerwijk, Morgenstond, Bouwlust en Vrederust.

Hiermee worden kinderen uit groep 6 en 7 actief betrokken bij vraagstukken uit de wijk. Daarnaast worden er ook vanuit onze welzijnspartners kinderwijkraden georganiseerd. In 2021 hebben maar liefst 5 jonge leden uit verschillende Haagse kinderraden een Jeugdlintje ontvangen voor hun bijzondere inzet voor de stad. Zoals ook blijkt uit de voorbeelden die hierboven zijn genoemd, werkt participatie van kinderen op buurtniveau erg goed. Ze zijn expert als het op hun eigen straat, (school)plein of speeltuin aankomt. Participatie op dit niveau blijven we dan ook stimuleren via wijkagenda’s, Vreedzame Wijken, de speelbeheerders en kinderwijkraden. Maar we willen kinderen ook graag uitdagen om met ons mee te denken over grote vragen. In wat voor stad willen kinderen graag opgroeien en hoe kunnen we daar het beste komen? Dit jaar willen we gebruiken om te experimenteren met kinderparticipatie, zowel voor de fysieke buitenruimte als voor andere gemeentelijke opgaven. In het najaar willen wij het eerste Stadslab Kids organiseren, waarbij kinderen vanaf 6 jaar worden uitgenodigd om met ons mee te doen, denken én praten. We zullen hierbij gebruik maken van de bestaande initiatieven in de stad en de lessen uit eerdere kinderparticipatie experimenten meenemen.

8/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/10297701

We hopen u hiermee voldoende geïnf0rmeerd te hebben over de huidige en toekomstige betrokkenheid van kinderen en jongeren bij het vormgeven van de Haagse fysieke buitenruimte. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

9/9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11634461/1